Zoekresultaten 14251-14260 van de 48158 resultaten

  • ECLI:NL:TDIVTC:2020:61 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2019/29

    Dierenarts wordt verweten met betrekking tot een hond, die aan nierinsufficiëntie leed, qua onderzoek, diagnostiek en behandeling veterinair onjuist te hebben gehandeld. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2021:14 Raad van Discipline Amsterdam 20-925/A/A

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in alle onderdelen kennelijk ongegrond. De verwijten die klager verweerster maakt komen erop neer dat klager vindt dat de vaststellingsovereenkomst niet wordt nageleefd. Zoals verweerster terecht heeft aangevoerd, is zij geen partij bij de vaststellingsovereenkomst. Zij kan daarom niet tuchtrechtelijk verantwoordelijk worden gehouden voor de door klager gestelde niet- naleving van de vaststellingsovereenkomst. Het valt verweerster voorts niet tuchtrechtelijk te verwijten dat zij namens haar cliente een deurwaarder heeft ingeschakeld om door klager verbeurde dwangsommen te incasseren.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2021:31 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2020.024

    Klacht tegen anesthesioloog. Klaagster is vanwege klachten aan haar rechterknie in 2008 verwezen naar het ziekenhuis waar verweerder als anesthesioloog werkzaam was. Er werd een indicatie voor een electieve operatie gesteld. Tijdens het preoperatief spreekuur is klaagster gezien door verweerder. Deze heeft tijdens het spreekuur telefonisch contact opgenomen met de cardioloog en nog geen akkoord gegeven voor de operatie. De operatie is uiteindelijk, op advies van de cardioloog, uitgesteld. Klager verwijt verweerder – kort gezegd – onvoldoende zorg en slechte dossiervoering. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klaagster.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2021:44 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2020.079

    Klacht tegen internist. Klager heeft zich op verwijzing van de huisarts gemeld bij de SEH. Daar is bloed afgenomen en een afspraak gemaakt voor de polikliniek interne, waarna klager naar huis is gegaan . De volgende dag heeft klager zich opnieuw bij de SEH gemeld. De AIOS (eveneens aangeklaagd) had toen dienst. Na onderzoek heeft zij telefonisch advies ingewonnen van de internist en een neuroloog (eveneens aangeklaagd). Klager kreeg pijnmedicatie en er werd een afspraak gemaakt voor de polikliniek neurologie. Later moest klager geopereerd worden en is bij klager de diagnose syndroom van Lemierre gesteld. Klager verwijt de internist dat hij toen niet de zorg heeft gekregen die hij had mogen verwachten. Volgens klager had hij toen in persoon door de internist en de neuroloog gezien moeten worden. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht kennelijk ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2021:25 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2020.018

    Klacht tegen anesthesioloog. Klaagster is vanwege klachten aan haar rechterknie in 2008 verwezen naar het ziekenhuis waar verweerster als anesthesioloog in opleiding werkzaam was. Er werd een indicatie voor een electieve operatie gesteld. Na preoperatief bloedonderzoek is de operatie vanwege een contra-indicatie uitgesteld. Een half jaar later is het bloed van klaagster weer onderzocht. Door een internist is een ‘expresbrief’ opgesteld en door een collega van verweerster is akkoord gegeven voor de operatie. Bij de operatie was verweerster betrokken als anesthesioloog in opleiding. Klager verwijt verweerster – kort gezegd – dat zij geen goede zorg heeft verleend en haar niet voldoende heeft voorgelicht. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klaagster.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2021:38 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2020.006

    Klacht tegen gynaecoloog. De baby van klagers is anderhalve week na de bevalling overleden. De klacht, bestaande uit 12 onderdelen, gaat onder meer over het medisch handelen, de samenwerking tussen de verschillende gynaecologen, de dossier-, informatie- en geheimhoudingsplicht, de nazorg na de bevalling en de afwikkeling van de melding van de calamiteit. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard en het verzoek om een proceskostenveroordeling afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klagers.

  • ECLI:NL:TDIVTC:2020:62 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2019/73

    Dierenarts wordt verweten bij een klinisch en röntgenologisch onderzoek van een paard en het daarvan opgemaakte keuringsrapport veterinair onjuist c.q. onzorgvuldig te hebben gehandeld. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2021:15 Raad van Discipline Amsterdam 20-966/A/A

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij deels kennelijk ongegrond en deels kennelijk niet-ontvankelijk vanwege het ontbreken van een voldoende rechtstreeks belang. Het valt verweerder niet tuchtrechtelijk te verwijten dat hij klager heeft aangeduid met “de heer S” en “S”. Klager heeft niet onderbouwd dat en waarom het verweerder erom te doen was klager te criminaliseren. Dat verweerder feiten heeft geponeerd waarvan hij wist of redelijkerwijs had kunnen weten dat die onjuist waren, kan de voorzitter op basis van het klachtdossier niet vaststellen. Het is aan de civiele rechter en niet aan de tuchtrechter om te oordelen over het inhoudelijke geschil tussen (onder meer) klager en de cliënte van verweerder.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2021:32 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2020.025

    Klacht tegen orthopedisch chirurg. Bij klaagster is een operatie aan haar rechteronderbeen uitgevoerd waarna zij klachten bleef houden, bestaande uit pijn in haar voet en enkel en irritatie aan haar onderbeen. Tijdens een consult van klaagster bij verweerder naar aanleiding van een door verweerder uitgevoerde schouderoperatie, kwamen ook de klachten aan het been van klaagster ter sprake. Anderhalve maand later is klaagster door verweerder aan haar been geopereerd. Klager verwijt verweerder – kort gezegd – onvoldoende zorg, gebrekkige voorlichting en slechte dossiervoering. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klaagster.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2021:45 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2020.080

    Klacht tegen neuroloog . Klager heeft zich op verwijzing van de huisarts gemeld bij de SEH. Daar is bloed afgenomen en een afspraak gemaakt voor de polikliniek interne, waarna klager naar huis is gegaan . De volgende dag heeft klager zich opnieuw bij de SEH gemeld. De AIOS (eveneens aangeklaagd) had toen dienst. Na onderzoek heeft zij telefonisch advies ingewonnen van een internist (eveneens aangeklaagd) en een neuroloog. Klager kreeg pijnmedicatie en er werd een afspraak gemaakt voor de polikliniek neurologie. Later moest klager geopereerd worden en is bij klager de diagnose syndroom van Lemierre gesteld. Klager verwijt de neuroloog dat hij toen niet de zorg heeft gekregen die hij had mogen verwachten. Volgens klager had hij toen in persoon door de internist en de neuroloog gezien moeten worden. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht kennelijk ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep.