Zoekresultaten 8351-8400 van de 48384 resultaten
-
ECLI:NL:TADRAMS:2023:106 Raad van Discipline Amsterdam 22-769/A/A
- Datum publicatie: 16-06-2023
- Datum uitspraak: 05-06-2023
- ECLI:NL:TADRAMS:2023:106
Raadsbeslissing. Klacht tegen eigen advocaat over de kwaliteit van de dienstverlening ongegrond. Verweerster heeft klager zo goed mogelijk proberen bij te staan en heeft hierin ook zorgvuldig heeft gehandeld. Klager wordt niet gevolgd in zijn zienswijze dat verweerster onvoldoende gehoor heeft gegeven aan de hulpvraag van klager ter zake van het berekenen van de werkelijke schade.
-
ECLI:NL:TACAKN:2023:41 Accountantskamer Zwolle 23/191 Wtra AK
- Datum publicatie: 16-06-2023
- Datum uitspraak: 16-06-2023
- ECLI:NL:TACAKN:2023:41
Gegronde klacht, de maatregel van tijdelijke doorhaling voor de duur van drie maanden is opgelegd. Betrokkene heeft onderzoek gedaan naar en een “Report of factual finding” uitgebracht over financiële transacties van klagers gedurende de periode van februari 2018 tot mei 2022. In het rapport wordt geconcludeerd dat sprake is van onrechtmatige transacties. Volgens klagers is dit rapport niet juist tot stand gekomen. Naar het oordeel van de Accountantskamer is het rapport geen rapport van feitelijke bevindingen, maar een persoonsgericht onderzoek. Betrokkene heeft daarbij ten onrechte geen toepassing gegeven aan het beginsel van hoor en wederhoor, waardoor het rapport geen deugdelijke grondslag heeft. Ook heeft betrokkene met zijn rapport de objectieve waarheidsvinding belemmerd en heeft hij ten onrechte geen oog gehad voor de bedreiging van zijn objectiviteit.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2023:107 Raad van Discipline Amsterdam 22-937/A/A
- Datum publicatie: 16-06-2023
- Datum uitspraak: 05-06-2023
- ECLI:NL:TADRAMS:2023:107
Verzetzaak. Het verzet is ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2023:127 Raad van Discipline 's-Gravenhage 23-236/DH/RO
- Datum publicatie: 16-06-2023
- Datum uitspraak: 07-06-2023
- ECLI:NL:TADRSGR:2023:127
Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat wederpartij in een huurzaak kennelijk ongegrond. Verweerder heeft gehandeld binnen de hem toekomende ruime mate van vrijheid als advocaat van de wederpartij van klager.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2023:108 Raad van Discipline Amsterdam 22-951/A/A
- Datum publicatie: 16-06-2023
- Datum uitspraak: 05-06-2023
- ECLI:NL:TADRAMS:2023:108
Verzetzaak. Verzet ongegrond. De door klager aangevoerde verzetgronden slagen niet. De voorzitter heeft bij de beoordeling de juiste maatstaf toegepast en heeft rekening gehouden met alle relevante feiten en omstandigheden van het geval. Nu het tegendeel niet voldoende is gebleken, moet ervan uitgegaan worden dat klager zijn klacht buiten de termijn van drie jaar heeft ingediend, zonder dat gebleken is van verschoonbare omstandigheden.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2023:109 Raad van Discipline Amsterdam 23-008/A/A
- Datum publicatie: 16-06-2023
- Datum uitspraak: 05-06-2023
- ECLI:NL:TADRAMS:2023:109
Raadsbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij. Klager 1 heeft als 100% aandeelhouder van klager 2 slechts een afgeleid belang bij de klacht over verweerder en dat is onvoldoende voor ontvankelijkheid. Ten tijde van de in Nederland lopende renvooiprocedure was de rechtsgeldigheid van de stukken waarop verweerder zich beriep nog niet aangetast. Het feit dat een Russische rechter later heeft geoordeeld dat de notariële akte niet rechtsgeldig is, betekent niet meteen dat verweerder in de renvooiprocedure die in Nederland gevoerd werd geen beroep op deze akte heeft mogen doen. De procedures in Rusland over de notariële akte zijn pas in 2021, in cassatie, geëindigd. Tot dat moment was de rechtsgeldigheid van de notariële akte niet aangetast en stond het verweerder vrij om deze akte te betrekken bij de behartiging van de belangen van zijn cliënte. Ook het feit dat de rechtbank Amsterdam bij vonnis van 18 mei 2022 heeft geoordeeld dat de vordering die verweerders cliënte in de rangregeling heeft ingediend gefingeerd is, betekent niet meteen dat verweerder in het belang van zijn cliënte geen beroep heeft mogen doen op de notariële akte. De klacht is in alle onderdelen ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2023:125 Raad van Discipline 's-Gravenhage 23-249/DH/RO
- Datum publicatie: 15-06-2023
- Datum uitspraak: 14-06-2023
- ECLI:NL:TADRSGR:2023:125
Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij. Geen sprake van het rechtstreeks benaderen van de wederpartij. Verweerster heeft klagers in haar e-mail geïnformeerd over het contact dat zij zal opnemen met de advocaten in een procedure van klagers tegen hun buren. In die procedure is de cliënte van verweerster geen partij, dus in die zin was de e-mail van verweerster ook niet gericht aan de wederpartij van haar cliënte. Het is verder niet gebleken dat verweerster in haar stukken opzettelijk onwaarheden naar voren heeft gebracht. Verweerster verwoordt in haar stukken het standpunt van haar cliënte en dat heeft zij ook mogen doen in de procedure tussen haar cliënte en klagers op grond van de informatie die zij van haar cliënte heeft gekregen. Tot slot staat het verweerster vrij om in overleg met en in het belang van haar cliënte te besluiten om al dan niet een procedure te starten. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGDKG:2023:26 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/727808 / DW RK 23/3 MK/SM
- Datum publicatie: 15-06-2023
- Datum uitspraak: 02-06-2023
- ECLI:NL:TGDKG:2023:26
Beslissing op verzet. Klaagster beklaagt zich over de inhoud van de brief die ze van de gerechtsdeurwaarder heeft gekregen in haar rol van executeur testamentair van haar overleden broer. De brief van de gerechtsdeurwaarder was erop gestoeld informatie in te winnen bij klaagster. De toon waarop dit is gebeurd komt helder en voldoende zorgvuldig over. De kamer acht de beslissing van de voorzitter dus juist en de door klaagster aangevoerde gronden in verzet geven geen aanleiding de motivering van de beslissing aan te passen.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2023:126 Raad van Discipline 's-Gravenhage 23-287/DH/RO/D
- Datum publicatie: 15-06-2023
- Datum uitspraak: 15-06-2023
- ECLI:NL:TADRSGR:2023:126
Verzoek art. 60ab lid 5 Aw toegewezen.
-
ECLI:NL:TGDKG:2023:27 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/719490 / DW RK 22/251 MK/SM
- Datum publicatie: 15-06-2023
- Datum uitspraak: 02-06-2023
- ECLI:NL:TGDKG:2023:27
Beslissing op verzet. Klager beklaagt zich er onder meer over dat de gerechtsdeurwaarder klager ten onrechte confronteert met schulden van bedrijven die nooit een dienst hebben geleverd op het adres van klager. Het ligt niet op de weg van de tuchtrechter op de inhoudelijke beoordeling van dit geschil in te gaan. Klager had zich met dit verweer moeten wenden tot de gewone rechter. De kamer is het met de beslissing van de voorzitter eens en het verzet dient dan ook ongegrond te worden verklaard.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2023:187 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2022/5163
- Datum publicatie: 13-06-2023
- Datum uitspraak: 13-06-2023
- ECLI:NL:TGZRAMS:2023:187
Gedeeltelijk gegronde klacht tegen een bedrijfsarts. De bedrijfsarts is de supervisor van de arts die klaagster heeft gezien. De klacht bestaat uit 11 onderdelen. Klaagster verwijt de bedrijfsarts kortgezegd dat hij tekort is geschoten in de supervisie van de arts. Het college oordeelt dat bij gebrek aan dossiervoering en toetsbare informatie over de supervisie, de (inhoud van de) gevoerde gesprekken en het bekwaamheidsniveau van de arts, anders dan hetgeen is opgenomen in de Samenwerkingsovereenkomst, de supervisie onvoldoende is geweest. Uit het ten tijde van deze zaak geldende Standpunt van de NVAB, volgt dat supervisie aantoonbaar moet plaatsvinden. Daarvan is in dit geval geen sprake. Klacht gedeeltelijk gegrond. Berisping. Publicatie. Kostenveroordeling.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2023:188 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2022/4923
- Datum publicatie: 13-06-2023
- Datum uitspraak: 13-06-2023
- ECLI:NL:TGZRAMS:2023:188
Kennelijk ongegronde klacht tegen een bedrijfsarts. Klager is van mening dat de bedrijfsarts in strijd heeft gehandeld met wet- en regelgeving, door zich onder directe beïnvloeding van de werkgever niet objectief, zelfstandig en onafhankelijk op te stellen. Het college overweegt dat uit het dossier van klager volgt dat er meerdere (oor)zaken speelden. Het college is van oordeel dat het aankruisen van zowel de optie ‘arbeidsgerelateerd’ als ‘niet arbeidsgerelateerd’ in de gegeven omstandigheden gebruikelijk is. Dat de bedrijfsarts zich daarbij heeft laten leiden of instrueren door de werkgever, is niet gebleken of aannemelijk gemaakt. Verder is het binnen de beroepsgroep gebruikelijk dat bij een aanvankelijke verwachting van relatief kortdurend verzuim, niet (altijd) binnen de termijn van zes weken een Probleemanalyse wordt opgesteld. De bedrijfsarts heeft volgens de Regeling Procesgang eerste en tweede ziektejaar gehandeld, door op het moment dat langdurig verzuim dreigde, direct een Probleemanalyse op te stellen. Ook is het college van oordeel dat niet is gebleken of aannemelijk is gemaakt dat de bedrijfsarts op instructie van de werkgever medische informatie heeft opgevraagd. Klacht in alle onderdelen kennelijk ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TDIVTC:2023:18 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2021/125
- Datum publicatie: 12-06-2023
- Datum uitspraak: 04-04-2023
- ECLI:NL:TDIVTC:2023:18
Dierenarts treft het verwijt bij de euthanasie van een kat in strijd met de bijsluiter het euthanasiemiddel Euthasol 20% per injectie via de buik van de kat (intraperitoneaal) te hebben toegediend. Gegrond, waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRARL:2023:141 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 22-312/AL/MN
- Datum publicatie: 12-06-2023
- Datum uitspraak: 09-01-2023
- ECLI:NL:TADRARL:2023:141
Verzet niet-ontvankelijk. Geen sprake van verschoonbare termijnoverschrijding.
-
ECLI:NL:TADRARL:2023:148 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 23-241/AL/MN
- Datum publicatie: 12-06-2023
- Datum uitspraak: 05-06-2023
- ECLI:NL:TADRARL:2023:148
Voorzittersbeslissing. Verschillende klachten over eigen advocaat. De voorzitter verklaart de klacht in alle onderdelen kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TDIVTC:2023:25 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2022/19
- Datum publicatie: 12-06-2023
- Datum uitspraak: 26-05-2023
- ECLI:NL:TDIVTC:2023:25
Dierenarts wordt verweten dat zij een door klaagster nadien aangekocht veulen ten onrechte heeft goedgekeurd. Klacht stuit af op een gebrek aan toereikend bewijs.
-
ECLI:NL:TACAKN:2023:39 Accountantskamer Zwolle 22/1892 Wtra AK
- Datum publicatie: 12-06-2023
- Datum uitspraak: 12-06-2023
- ECLI:NL:TACAKN:2023:39
Klaagster en betrokkene hebben samengewerkt aan het opzetten van een onderneming. Die samenwerking is ten einde gekomen. Daarna is een civielrechtelijk geschil ontstaan over de terugbetaling van een geldlening en van diverse kosten die betrokkene stelt te hebben gemaakt. In deze zaak klaagt klaagster over misleiding door betrokkene bij het aangaan van de samenwerking. Ook zou betrokkene klaagster onder druk hebben gezet om een meerderheidsbelang in het bedrijf van klaagster aan betrokkene over te dragen. Tot slot vindt klaagster dat betrokkene in het incassotraject verwijtbaar handelt. De Accountantskamer verklaart de klacht ongegrond, omdat klaagster er niet in is geslaagd haar verwijten aan betrokkene voldoende te onderbouwen.
-
ECLI:NL:TDIVTC:2023:19 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2022/8
- Datum publicatie: 12-06-2023
- Datum uitspraak: 04-04-2023
- ECLI:NL:TDIVTC:2023:19
Dierenarts wordt verweten dat hij de hond van klaagster tijdens een consult bij de nek heeft vastgepakt, opgetild en op pijnlijke wijze heen en weer heeft geschud. Klacht stuit af op een gebrek aan voldoende bewijs. Ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2023:142 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 23-100/AL/MN
- Datum publicatie: 12-06-2023
- Datum uitspraak: 17-04-2023
- ECLI:NL:TADRARL:2023:142
Voorzittersbeslissing. Verweerder heeft de vader van klaagster bijgestaan in een huurgeschil. In die tijd was de vader gedetineerd in het buitenland en had zijn vrouw, de moeder van klaagster, gemachtigd om zijn belangen in Nederland te behartigen. Klaagster was de contactpersoon voor verweerder omdat haar moeder de Nederlandse taal niet goed beheerste. Klaagster heeft naar het oordeel van de voorzitter geen eigen rechtstreeks belang bij haar klacht. Zij was niet de cliënte van verweerder. Diens cliënt liet de facturen van verweerder onbetaald. Verweerder mocht de rechter vragen om klaagster en haar moeder in de procedure in vrijwaring op te roepen, maar heeft dat uiteindelijk niet gedaan. Ook langs die weg heeft klaagster geen eigen belang bij de klacht gekregen. Kennelijk niet-ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TDIVTC:2023:26 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2022/7
- Datum publicatie: 12-06-2023
- Datum uitspraak: 26-05-2023
- ECLI:NL:TDIVTC:2023:26
Dierenarts wordt verweten tekort te zijn geschoten in het onderzoek, de diagnosestelling en behandeling van een kat, die bij een later uitgevoerd bloedonderzoek onder meer sterk verhoogde nierwaarden had en is komen te overlijden. Ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2023:143 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 23-103/AL/GLD
- Datum publicatie: 12-06-2023
- Datum uitspraak: 17-04-2023
- ECLI:NL:TADRARL:2023:143
Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij. Verweerder heeft in zijn brief waar klaagster over klaagt geen feiten vermeld waarvan verweerder de onwaarheid kent of redelijkerwijs kan kennen. Van het misleiden van de rechtbank is evenmin sprake. Dat klaagster het niet eens is met het besluit en de toelichting daarop van het college betekent nog niet dat verweerder als advocaat van het college tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TACAKN:2023:40 Accountantskamer Zwolle 22/1951 Wtra AK
- Datum publicatie: 12-06-2023
- Datum uitspraak: 12-06-2023
- ECLI:NL:TACAKN:2023:40
Verwijt dat betrokkene klager onjuist heeft geïnformeerd over de hoogte van zijn recht op middelingsteruggaaf. Volgens klager heeft betrokkene hem voorgehouden dat het middelingsverzoek een belastingvoordeel zou opleveren van € 2.247. De Belastingdienst heeft het verzoek echter afgewezen. De klacht is naar het oordeel van de Accountantskamer ongegrond, omdat betrokkene zich niet expliciet heeft uitgelaten over een recht op middelingsteruggaaf.
-
ECLI:NL:TDIVTC:2023:20 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2022/1
- Datum publicatie: 12-06-2023
- Datum uitspraak: 28-04-2023
- ECLI:NL:TDIVTC:2023:20
Klaagster verwijt de dierenarts dat deze haar hond niet, zoals zou zijn afgesproken, heeft geëuthanaseerd, maar heeft behandeld en doorverkocht. Ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2023:82 Hof van Discipline 's Gravenhage 220122
- Datum publicatie: 12-06-2023
- Datum uitspraak: 26-05-2023
- ECLI:NL:TAHVD:2023:82
Vernietiging beslissing van de raad van discipline door intrekking klacht tegen verweerster.
-
ECLI:NL:TADRARL:2022:403 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 22-312/AL/MN
- Datum publicatie: 12-06-2023
- Datum uitspraak: 04-07-2022
- ECLI:NL:TADRARL:2022:403
Klager heeft in zijn hoedanigheid van executeur in een concrete kwestie klachten ingediend tegen verweerder. Klager is geen (voormalig) cliënt van verweerder en verweerder is ook niet de advocaat van een wederpartij van klager. Omdat niet is niet gebleken dat klager door het door hem in de klachtonderdelen a, b, d en e gestelde handelen van verweerder rechtstreeks in zijn eigen belang is getroffen zijn die klachtonderdelen kennelijk niet-ontvankelijk. Voor het overige is niet gebleken dat verweerder tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld heeft jegens klager en is de klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2023:144 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 23-104/AL/GLD
- Datum publicatie: 12-06-2023
- Datum uitspraak: 17-04-2023
- ECLI:NL:TADRARL:2023:144
Voorzittersbeslissing. Klacht over de (hoogte van de) declaratie van de eigen advocaat. De tuchtrechter beoordeelt geen geschillen over declaraties, maar waakt wel tegen excessief declareren. Of een declaratie als excessief kan worden aangemerkt, hangt af van de omstandigheden van het geval. Van excessief declareren is geen sprake. Klager had redelijkerwijs niet kunnen verwachten dat hij voor het advies van verweerder niets verschuldigd was en dat verweerder hem tot 14 april 2022 gratis zou bijstaan. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TDIVTC:2023:21 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2022/16
- Datum publicatie: 12-06-2023
- Datum uitspraak: 04-04-2023
- ECLI:NL:TDIVTC:2023:21
Dierenarts heeft verwijtbaar gehandeld door met betrekking tot twaalf paarden preventief en zonder veterinaire noodzaak het antibioticum Sulfatrim (REG NL 10351) voor te schrijven c.q. toe te passen. Volgt voorwaardelijke boete van € 2.500 met een proeftijd van twee jaar.
-
ECLI:NL:TDIVTC:2023:15 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2021/120
- Datum publicatie: 12-06-2023
- Datum uitspraak: 04-04-2023
- ECLI:NL:TDIVTC:2023:15
De klacht houdt in dat de dierenarts nalatig heeft gehandeld met betrekking tot een uitgevoerde keizersnede bij een hond en het vervolgens verwijderen van de baarmoeder en met betrekking tot de verleende postoperatieve zorg. Ten dele gegrond. Volgt berisping.
-
ECLI:NL:TADRARL:2023:145 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 23-228/AL/GLD
- Datum publicatie: 12-06-2023
- Datum uitspraak: 30-05-2023
- ECLI:NL:TADRARL:2023:145
Voorzittersbeslissing. Klacht over curator. De voorzitter verklaart de klacht deels niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding en deels kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TDIVTC:2023:22 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2022/2
- Datum publicatie: 12-06-2023
- Datum uitspraak: 28-04-2023
- ECLI:NL:TDIVTC:2023:22
Klachtambtenaarzaak tegen een dierenarts die wordt verweten UDD-gekanaliseerde diergeneesmiddelen, daaronder antibiotica, aan een paardenhouderij te hebben geleverd, zulks in strijd met de wettelijke voorschriften en de zorgvuldige beroepsuitoefening. Gegrond. Volgt voorwaardelijke geldboete van € 1.500 met een proeftijd van 2 jaar.
-
ECLI:NL:TDIVTC:2023:16 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2021/110
- Datum publicatie: 12-06-2023
- Datum uitspraak: 04-04-2023
- ECLI:NL:TDIVTC:2023:16
Op zaterdagavond wordt een zieke kat bij de dierenarts aangeboden met klachten als weinig eetlust, braken en sloomheid. De dierenarts heeft niet tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door als eerste stap een symptomatische behandeling met Cerenia in te stellen en te adviseren om de kat licht verteerbaar voedsel aan te bieden, om eerst te bezien of dit tot verbetering zou leiden. Ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2023:146 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 23-251/AL/NN
- Datum publicatie: 12-06-2023
- Datum uitspraak: 30-05-2023
- ECLI:NL:TADRARL:2023:146
Voorzittersbeslissing. Klagers zijn kennelijk niet-ontvankelijk in hun klacht over het optreden van verweerder in privé (stille vennoot in CV).
-
ECLI:NL:TDIVTC:2023:23 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2022/12
- Datum publicatie: 12-06-2023
- Datum uitspraak: 28-04-2023
- ECLI:NL:TDIVTC:2023:23
Klacht tegen twee dierenartsen. Een van hen wordt verweten met betrekking tot een kat het middel Meloxidyl te hebben voorgeschreven en klaagster niet te hebben gewezen op de bijwerkingen van deze medicatie in de vorm van (acuut) nierfalen. De andere dierenarts wordt verweten geen onderzoek te hebben gedaan naar mogelijk nierfalen. Beide klachten ongegrond.
-
ECLI:NL:TDIVTC:2023:17 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2021/119
- Datum publicatie: 12-06-2023
- Datum uitspraak: 04-04-2023
- ECLI:NL:TDIVTC:2023:17
Dierenarts heeft onzorgvuldig gehandeld door ten behoeve van een rat zonder voorafgaande klinisch onderzoek een antibioticum voor te schrijven. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRARL:2023:147 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 23-242/AL/MN
- Datum publicatie: 12-06-2023
- Datum uitspraak: 05-06-2023
- ECLI:NL:TADRARL:2023:147
Voorzittersbeslissing. De voorzitter verklaart een klacht over het (niet) verstrekken van het dossier aan een voormalige cliënt door een advocaat kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TDIVTC:2023:24 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2022/14
- Datum publicatie: 12-06-2023
- Datum uitspraak: 26-05-2023
- ECLI:NL:TDIVTC:2023:24
Dierenarts wordt verweten tekort te zijn geschoten in de verleende veterinaire (na)zorg aan een hond, die twee operaties heeft ondergaan in verband met heupdysplasie. Ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2023:135 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 23-002/AL/GLD
- Datum publicatie: 09-06-2023
- Datum uitspraak: 06-03-2023
- ECLI:NL:TADRARL:2023:135
Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij met negen onderdelen. De klachtonderdelen zijn feitelijk niet onderbouwd. De voorzitter kan dan ook niet vaststellen of sprake is van tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen van verweerder. Klacht in alle onderdelen kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2023:136 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 22-938/AL/NN
- Datum publicatie: 09-06-2023
- Datum uitspraak: 13-03-2023
- ECLI:NL:TADRARL:2023:136
Voorzittersbeslissing. De voorzitter verklaart de klacht over de deken kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2023:148 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2022/4122
- Datum publicatie: 09-06-2023
- Datum uitspraak: 09-06-2023
- ECLI:NL:TGZRAMS:2023:148
Ongegronde klacht tegen een arts. De arts heeft als gemeentelijk lijkschouwer na een lijkschouwing een verklaring van overlijden afgegeven, omdat hij ervan overtuigd was dat de dood was ingetreden door een natuurlijke oorzaak. Volgens klaagster was sprake van zodanig verdachte omstandigheden dat de arts deze overtuiging niet had mogen krijgen en daarom de verklaring niet had mogen afgeven. Het college overweegt ten aanzien van de ontvankelijkheid dat klaagster gelet op de zeer nauwe vriendschapsband die zij met de overledene had zij, gelet op de afwezigheid van andere, meer aangewezen personen, geacht kan worden de veronderstelde wil van de overledene in het verband van deze klacht te vertegenwoordigen.Voor de inhoudelijke behoordeling heeft het college van de arts de beschikking gekregen over onder andere het schouwverslag, waarbij hij verzocht heeft te bepalen dat het kennisnemen van deze stukken niet zou worden toegestaan aan klaagster (art. 67 lid 3 Wet BIG). De voorzitter heeft dit verzoek gehonoreerd.Het college stelt vast dat de arts bij zijn onderzoek overwegend de in de Richtlijn Lijkschouw van het Forensisch Medisch Genootschap voorgeschreven werkwijze heeft gevolgd. De conclusie van de arts in het schouwverslag dat hij overtuigd is van een natuurlijke doodsoorzaak is begrijpelijk gemotiveerd en voldoende onderbouwd. Wat de vermoedelijke doodsoorzaak betreft overweegt het college dat een schouwarts, als hij ervan overtuigd is dat de dood door een natuurlijke oorzaak is ingetreden, op grond van de uitwendige kenmerken van het lichaam een inschatting moet maken van de meest waarschijnlijke doodsoorzaak. Daar zit naar zijn aard onzekerheid in. Als achteraf sprake blijkt te zijn van een andere oorzaak, dan is het niet per definitie tuchtrechtelijk verwijtbaar dat de schouwarts eerst tot een andere conclusie is gekomen. Dat is alleen het geval als het onderzoek waarop de betreffende conclusie berust onzorgvuldig is geweest of als de conclusie niet op grond van de bevindingen had kunnen worden getrokken. Dat is hier niet het geval. De conclusie is dat de arts niet onzorgvuldig heeft gehandeld door de verklaring van overlijden af te geven. Het college verklaart de klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2023:137 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 23-012/AL/MN
- Datum publicatie: 09-06-2023
- Datum uitspraak: 13-03-2023
- ECLI:NL:TADRARL:2023:137
Voorzittersbeslissing. Verweerder mocht als partijdige belangenbehartiger namens zijn cliente haar standpunten en de alleen voor haar relevante feiten poneren in zijn stukken zoals door hem gedaan. Dat verweerder zich onnodig grievend heeft uitgelaten jegens klaagster en onwaarheden heeft verkondigd, is onvoldoende onderbouwd. Evenmin is uit het vonnis gebleken dat verweerder een te vroege of nodeloze procedure jegens klaagster is gestart. Kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2023:149 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2022/4901
- Datum publicatie: 09-06-2023
- Datum uitspraak: 09-06-2023
- ECLI:NL:TGZRAMS:2023:149
Kennelijk ongegronde klacht tegen een huisarts. Klager verwijt de huisarts dat hij een antipsychoticum (quetiapine) heeft voorgeschreven, terwijl klager een slaapmiddel wilde hebben. Daarbij heeft de huisarts volgens klager geen, of onvoldoende, informatie gegeven over de risico’s van deze medicatie en over eventuele alternatieven. Ook verwijt klager de huisarts dat hij zijn beroepsgeheim heeft geschonden. Het college stelt vast dat de huisarts een herhaalvoorschrift voor quetiapine heeft geaccordeerd. Het college is van oordeel dat het niet onzorgvuldig is geweest dat de huisarts dit heeft gedaan, gelet op de doorverwijzing naar de gespecialiseerde GGZ voor advies over de (slaap)medicatie, het beschreven gedrag van klager, de lage dosering van de voorgeschreven quetiapine en het feit dat er geen sprake was van een allergie of intolerantie voor deze medicatie. Omdat het hier gaat om een herhaalvoorschrift was er geen noodzaak voor de huisarts om contact op te nemen met klager om uitleg en advies te geven over deze medicatie. De huisarts mocht ervan uitgaan dat klager over de risico’s en bijwerkingen van de medicatie was voorgelicht door de zorgverlener die deze medicatie had voorgeschreven. Het college overweegt dat in de stukken geen aanwijzingen te vinden zijn die de stelling van klager dat de huisarts zijn beroepsgeheim heeft geschonden onderbouwen. De klacht is ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2023:138 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 22-991/AL/NN
- Datum publicatie: 09-06-2023
- Datum uitspraak: 13-03-2023
- ECLI:NL:TADRARL:2023:138
Voorzittersbeslissing. Klager klaagt dat verweerder de op de zitting van de raad gemaakte afspraken niet is nagekomen. De voorzitter verklaart deze klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2023:139 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 23-033/AL/MN
- Datum publicatie: 09-06-2023
- Datum uitspraak: 13-03-2023
- ECLI:NL:TADRARL:2023:139
Voorzittersbeslissing. Klacht tegen de advocaat van de wederpartij in een incassozaak kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2023:150 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2022/4902
- Datum publicatie: 09-06-2023
- Datum uitspraak: 09-06-2023
- ECLI:NL:TGZRAMS:2023:150
Kennelijk ongegronde klacht tegen een huisarts. Klager verwijt de huisarts dat zij hem een antipsychoticum heeft voorgeschreven en daarbij geen, of onvoldoende, informatie heeft gegeven over de risico’s van deze medicatie en over eventuele alternatieven. De huisarts bevestigt dat zij off label quetiapine heeft voorgeschreven. De huisarts stelt dat zij dit weloverwogen en in overleg met klager heeft gedaan. Het college overweegt dat over het off-label voorschrijven van quetiapine als slaapmiddel veel artikelen en onderzoeken zijn verschenen, met wisselende uitkomsten. De algemene conclusie is dat quetiapine beter niet off-label gebruikt kan worden als slaapmiddel, gezien de geringe effectiviteit bij zogenoemde primaire slaapstoornissen en de kans op bijwerkingen. De richtlijn ‘Slaapproblemen en slaapmiddelen’ van het NHG raadt daarom het voorschrijven van quetiapine bij slaapproblemen af. Naar het oordeel van het college was bij klager echter geen sprake van een zogeheten primaire slaapstoornis, waar de genoemde richtlijn op ziet. Bij hem was sprake van multiproblematiek, op het gebied van geestelijk en sociaal maatschappelijk functioneren, en het is aannemelijk dat zijn slaapproblemen in ieder geval mede daardoor veroorzaakt worden. Dat de huisarts in afwijking van de richtlijn toch quetiapine heeft voorgeschreven, betekent dan ook niet dat zij per definitie onzorgvuldig heeft gehandeld. In de praktijk van de huisarts wordt quetiapine bovendien veelvuldig voorgeschreven, vanwege de bij haar specifieke patiëntenpopulatie veel voorkomende (post)verslavingsproblematiek. Zij heeft dus ruime ervaring met dit middel. Door de huisarts is goed gemotiveerd waarom zij voor dit off-label voorschrijven van quetiapine aan klager heeft gekozen. Het college kan de redenering en handelwijze van de huisarts in dit geval volgen en is alles afwegend van oordeel dat de huisarts voldoende zorgvuldig heeft gehandeld. De klacht is kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2023:151 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2022/4953
- Datum publicatie: 09-06-2023
- Datum uitspraak: 09-06-2023
- ECLI:NL:TGZRAMS:2023:151
Kennelijk niet-ontvankelijke klacht tegen een huisarts. Klager en verweerster hebben een vriendschappelijke relatie gehad. Kort samengevat verwijt klager verweerster dat zij zich grensoverschrijdend heeft gedragen en haar beroep van huisarts heeft ingezet in de privérelatie van partijen en daarmee heeft misbruikt. Het college oordeelt dat de klacht kennelijk niet-ontvankelijk is. Klager is geen patiënt (geweest) van verweerster en verweerster heeft niet in haar hoedanigheid van huisarts, maar als een vriendin bemoeienis gehad met klager. Tussen partijen is wel gesproken over de mogelijkheid dat klager patiënt zou worden van verweerster, maar uit de feiten blijkt dat zij klager na een paar dagen heeft laten weten daar toch van af te zien en dat klager daarmee heeft ingestemd. Weliswaar heeft verweerster aan klager eenmalig een recept uitgeschreven, maar dit heeft in het licht van hulpverlening in de privésfeer plaatsgevonden en niet in het kader van een geneeskundige behandelingsovereenkomst. Ook zijn de handelingen in de privésfeer waar klager over klaagt niet van zodanige ernst dat zij voor toetsing onder de tweede tuchtnorm in aanmerking komen. Noch is er sprake van handelen dat zijn weerslag heeft op de individuele gezondheidszorg. De klacht is kennelijk niet-ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TADRARL:2023:140 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 23-058/AL/GLD
- Datum publicatie: 09-06-2023
- Datum uitspraak: 27-03-2023
- ECLI:NL:TADRARL:2023:140
Voorzittersbeslissing. Klacht over verweerster is niet verschoonbaar buiten de termijn van artikel 46g Aw ingediend bij de deken en daarom niet-ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TNORARL:2023:30 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/409942 KL RK 22-126
- Datum publicatie: 08-06-2023
- Datum uitspraak: 09-05-2023
- ECLI:NL:TNORARL:2023:30
klacht van het BFT in verband met het niet transparant declareren in een bewindvoeringsdossier, schending van de zorgplicht om een goede urenadministratie te voeren en onzorgvuldig handelen bij de afwikkeling van drie boedeldossiers bestaande uitonvoldoende voortvarend handelen, onvoldoende en gebrekkige communicatie en inhoudelijke onzorgvuldigheden. Klager is in klachtonderdeel II ten aanzien van dossier 3 niet-ontvankelijk op grond van het ne bis in idem-beginsel. De klacht is in al haar overige onderdelen gegrond. Mede in verband met de bijzondere omstandigheden van het geval legt de kamer de notaris de maatregel van schorsing op voor de duur van twee weken.
-
ECLI:NL:TAHVD:2023:80 Hof van Discipline 's Gravenhage 230059
- Datum publicatie: 08-06-2023
- Datum uitspraak: 26-05-2023
- ECLI:NL:TAHVD:2023:80
Samenv. zaak: Verzoekster (= verweerster in oorspronkelijke klachtzaak) komt in hoger beroep tegen een herzieningsbeslissing van de raad. De raad heeft verzoekster n-o verklaard in haar herzieningsverzoeken. Verzoekster had herziening verzocht van twee klachtzaken en een dekenbezwaar, omdat 1 van de advocaatleden van de raad een ernstig auto-ongeluk heeft gehad en verzoekster denkt dat het zeer aannemelijk is dat het advocaatlid de volledige tekst van de raadsbeslissing(en) niet heeft vastgesteld, wat in strijd is met jp van de HR.
-
ECLI:NL:TNORARL:2023:31 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/411148 KL RK 22-143
- Datum publicatie: 08-06-2023
- Datum uitspraak: 10-05-2023
- ECLI:NL:TNORARL:2023:31
Klacht niet ontvankelijk wegens overschrijding van de klachttermijn. Artikel 99 lid 21 Wna.
-
ECLI:NL:TNORARL:2023:32 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/411708 KL RK 22-148
- Datum publicatie: 08-06-2023
- Datum uitspraak: 30-05-2023
- ECLI:NL:TNORARL:2023:32
Vader heeft vijf kinderen. Vader heeft aan drie van zijn vijf kinderen een perceel grond verkocht. Vader is nu klagende partij met zijn andere twee kinderen.Klagers vorderen ontbinding van de koopovereenkomst en teruglevering van de beide verkochte percelen voor de oorspronkelijke koopsom van€ 14.000,- plus genoegdoening. Ter onderbouwing voeren zij aan dat de notaris: geen rekening heeft gehouden met verjaring en juridische erfgrensbepaling; een opstalrecht heeft gevestigd zonder de eigenaar, noch de gebruiker, te raadplegen; partijdig heeft gehandeld ten opzichte van de kopers. De notaris heeft bij de voorbereiding en het passeren van de akte gedragsregels en protocollen om misbruik van kwetsbare ouderen te voorkomen, overtreden. Ook heeft de notaris zijn onderzoeksplicht, zorgplicht en overlegplicht geschonden; in december 2020 een van de andere kinderen (klaagster) heeft geweigerd om de betreffende percelen te kunnen kopen. Ook heeft de notaris klagers er nimmer op gewezen dat een akte van verkrijging erfgrens mogelijk is. Hierdoor is sprake van partijdigheid, onbetrouwbaarheid, nalatigheid en het niet nakomen van de zorgplicht door de notaris.De kamer heeft de klacht op alle onderdelen ongegrond verklaard.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 167
- Pagina: 168
- Pagina: 169
- ...
- Pagina: 968
- Volgende pagina zoekresultaten