Zoekresultaten 9641-9660 van de 48575 resultaten
-
ECLI:NL:TADRSHE:2023:3 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 22-236/DB/OB
- Datum publicatie: 17-01-2023
- Datum uitspraak: 16-01-2023
- ECLI:NL:TADRSHE:2023:3
Raadsbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij. Verweersters sommatiebrieven zijn gesteld in zakelijke bewoordingen en de toonzetting is niet zodanig dat deze de grenzen van de vrijheid van de advocaat van de wederpartij overschrijdt. Klachtonderdeel 1 is ongegrond. Met het verzenden van deze brieven is verweerster gaan optreden tegen klager, hetgeen haar op grond van het bepaalde in gedragsregel 15 niet vrij stond. Klachtonderdeel 2 is gegrond. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TNORARL:2022:52 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/399444 / KL RK 22-16
- Datum publicatie: 17-01-2023
- Datum uitspraak: 29-11-2022
- ECLI:NL:TNORARL:2022:52
de moeder van klaagsters heeft in 2013 een nieuwe relatie gekregen. Zij heeft op 8 februari 2019 een levenstestament laten opstellen waarin zij een algemene volmacht aan klaagsters heeft gegeven. Op 13 januari 2021 heeft de moeder van klaagsters een nieuw levenstestament en testament laten opmaken. De notaris heeft in 2021 voldoende gewaarborgd dat de moeder van klaagsters haar wil op onafhankelijke wijze en zonder beïnvloeding van derden aan de notaris heeft kunnen overbrengen. De notaris was ten tijde van het opmaken en passeren van het (levens-)testament niet op de hoogte van het feit dat de moeder van klaagsters reeds in 2019 was gediagnosticeerd met de ziekte van Alzheimer. De klacht is ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2023:4 Hof van Discipline 's Gravenhage 220128
- Datum publicatie: 17-01-2023
- Datum uitspraak: 13-01-2023
- ECLI:NL:TAHVD:2023:4
Met de raad is het hof van oordeel dat de prijsafspraken die (het Kantoor van) verweerder hanteert niet transparant zijn, althans dat daar niet transparant over gecommuniceerd wordt (klachtonderdeel a) en dat de declaraties en gehanteerde contractuele rente van (het Kantoor van) verweerder excessief zijn (klachtonderdeel b). De raad heeft verweerder de maatregel van voorwaardelijke schorsing in de uitoefening van de praktijk voor de duur van vier weken opgelegd, met een proeftijd van twee jaar en met verkorting van de termijn als bedoeld in artikel 8a lid 3 Advocatenwet tot vijf jaar. Het hof is het met de raad eens dat het opleggen van een voorwaardelijke schorsing geboden is. Het hof weegt hierbij ernstig in het nadeel van verweerder mee dat hij weliswaar erkent dat hij klager in deze bijzondere zaak een te hoog honorarium in rekening heeft gebracht en dat hij te weinig rekening heeft gehouden met het ongewone verloop van de zaak, maar dat dit verweerder er echter niet van heeft weerhouden om tegen het vonnis van de kantonrechter, waarin hem dat honorarium ontzegd wordt, hoger beroep in te stellen. Daardoor boet niet alleen zijn erkenning aan kracht in, maar laat verweerder bovendien zien dat hij de belangen van klager nog steeds niet op waarde schat. Hij dwingt klager immers tot hoge kosten om in hoger beroep verder te procederen voor een vordering waarvan verweerder zelf zegt, dat hij die in de gegeven omstandigheden niet zonder meer redelijk acht. Weliswaar heeft verweerder zich bereid verklaard om af te zien van (een deel van) de vordering indien zijn hoger beroep slaagt, maar die toezegging is te laat en te weinig concreet om in verweerders voordeel mee te wegen. In lijn met de uitgangspunten die het hof hanteert, acht het hof een duur van twee weken voor deze voorwaardelijke schorsing passend. Voor het overige bekrachtigt het hof de beslissing van de raad.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2023:4 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 22-960/DB/ZWB
- Datum publicatie: 17-01-2023
- Datum uitspraak: 16-01-2023
- ECLI:NL:TADRSHE:2023:4
Voorzittersbeslissing. Klacht over eigen advocaat over de kwaliteit van de dienstverlening. Niet gebleken dat verweerder klager onjuist heeft geïnformeerd en voorgelicht, noch dat hij een deal heeft gesloten met de rechter over TBS-voorwaarden. Kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2023:6 Raad van Discipline 's-Gravenhage 22-867/DH/NH
- Datum publicatie: 17-01-2023
- Datum uitspraak: 11-01-2023
- ECLI:NL:TADRSGR:2023:6
Voorzittersbeslissing. Klacht van advocaat tegen advocaat in het familierecht kennelijk ongegrond. In de gegeven omstandigheden is geen sprake van onbetamelijk handelen.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2023:10 Raad van Discipline 's-Gravenhage 22-728/DH/DH
- Datum publicatie: 17-01-2023
- Datum uitspraak: 16-01-2023
- ECLI:NL:TADRSGR:2023:10
Klacht niet-ontvankelijk, want te laat.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2023:5 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 22-526/DB/ZWB
- Datum publicatie: 17-01-2023
- Datum uitspraak: 16-01-2023
- ECLI:NL:TADRSHE:2023:5
Raadsbeslissing. Klacht over eigen advocaat over de kwaliteit van de dienstverlening. Verweerster heeft klager en zijn ex-echtgenote als gemeenschappelijk advocaat bijgestaan in een echtscheidingszaak. Niet is gebleken dat de inhoud en gevolgen van de echtscheiding en de in het convenant gemaakte afspraken in voldoende mate zijn besproken. Ook ontbreekt enige schriftelijke vastlegging van hetgeen is besproken en geadviseerd. Het moet het ervoor worden gehouden dat klager en zijn ex-echtgenote de bedoeling hadden dat de ex-echtgenote afstand zou doen van klagers pensioen, bestaande uit het ouderdoms- en bijzonder nabestaandenpensioen. Omdat die afspraak niet in het convenant is opgenomen is de klacht gegrond. Berisping.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2023:7 Raad van Discipline 's-Gravenhage 22-875/DH/RO
- Datum publicatie: 17-01-2023
- Datum uitspraak: 11-01-2023
- ECLI:NL:TADRSGR:2023:7
Voorzittersbeslissing. Klacht over de kwaliteit van dienstverlening in een strafzaak kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2023:11 Raad van Discipline 's-Gravenhage 22-182/DH/DH
- Datum publicatie: 17-01-2023
- Datum uitspraak: 16-01-2023
- ECLI:NL:TADRSGR:2023:11
Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2023:6 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 22-461/DB/OB
- Datum publicatie: 17-01-2023
- Datum uitspraak: 16-01-2023
- ECLI:NL:TADRSHE:2023:6
Verzet. Klacht tegen advocaat van de wederpartij kennelijk ongegrond. De voorzitter heeft bij de beoordeling van de klacht de juiste maatstaf toegepast en voorts rekening gehouden met alle relevante feiten en omstandigheden van het geval. Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2023:8 Raad van Discipline 's-Gravenhage 22-878/DH/RO
- Datum publicatie: 17-01-2023
- Datum uitspraak: 11-01-2023
- ECLI:NL:TADRSGR:2023:8
Voorzittersbeslissing. Klacht tegen de advocaat in hoedanigheid van werkgever en bestuurslid van een politieke partij in alle onderdelen kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGDKG:2023:1 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/709301/ DW RK 21/493 LV/SM
- Datum publicatie: 16-01-2023
- Datum uitspraak: 02-01-2023
- ECLI:NL:TGDKG:2023:1
Klaagster beklaagt zich er over dat de gerechtsdeurwaarder geen schuldenopgave heeft gestuurd, haar nooit heeft geïnformeerd over het beslag op het inkomen en niet heeft geprobeerd om te komen tot een oplossing. De kamer acht de klacht van klaagster ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2022:363 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 22-734/AL/MN
- Datum publicatie: 16-01-2023
- Datum uitspraak: 28-11-2022
- ECLI:NL:TADRARL:2022:363
Voorzittersbeslissing. Klacht tegen de advocaat van de wederpartij in een familiezaak kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2023:1 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 22-652/DB/OB
- Datum publicatie: 16-01-2023
- Datum uitspraak: 16-01-2023
- ECLI:NL:TADRSHE:2023:1
Raadsbeslissing. Klacht over eigen advocaat. In de incassoprocedure over de openstaande factuur van verweerders kantoor is verweerders kantoor in de gelegenheid gesteld om te reageren op het door klaagster tegen de ingestelde vordering gevoerde verweer. In dat verband stond het verweerder vrij om de door klaagster gestelde feiten te betwisten. Dat verweerder bewust feiten heeft geponeerd waarvan hij de onjuistheid kende, is niet gebleken. Verweerder heeft conform het verzoek van klagers en vanwege de nauwe verwevenheid van klagers belangen met klaagster en de aan klaagster verbonden vennootschappen, de declaratie gericht aan klaagster. Verweerders werkzaamheden zijn ook door klaagster betaald, zodat niet valt in te zien op welke wijze klagers door die wijze van declareren in hun belangen zijn geschaad. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2023:1 Raad van Discipline Amsterdam 22-937/A/A
- Datum publicatie: 16-01-2023
- Datum uitspraak: 09-01-2023
- ECLI:NL:TADRAMS:2023:1
Voorzittersbeslissing; kennelijk niet-ontvankelijk op grond van het ne bis in idem beginsel.
-
ECLI:NL:TADRARL:2023:3 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 22-105/AL/MN
- Datum publicatie: 16-01-2023
- Datum uitspraak: 16-01-2023
- ECLI:NL:TADRARL:2023:3
Omvangrijke klacht over het optreden van verweerder als advocaat van de wederpartij van klaagster in een langlopend familiegeschil. Klaagster is daarin wel ontvankelijk. Voor de overzichtelijkheid heeft de raad de klachten onderverdeeld in 4 hoofdthema's. Kansloze wrakingen? Ja, verweerder heeft naar het oordeel van de raad niet alleen misbruik van het procesrecht gemaakt met zijn kansloze wrakingen, hij heeft dat bovendien op onvoldoende deskundige en op onvoldoende onafhankelijke wijze gedaan. Tijdens procedures buiten procesrechtelijke kaders getreden? Ja, naar het oordeel van de raad heeft verweerder met zijn brieven aan (het bestuur van) gerechtelijke instanties geprobeerd om de procedures met, onder meer, grote hoeveelheden ongebundelde correspondentie te beïnvloeden via overrompeling en door telkens te dreigen met aangiften wat tot vertraging heeft geleid, ten nadele van klaagster. Daarnaast heeft verweerder ten onrechte, zonder gedegen eigen onderzoek, klaagster en de bij de familiezaken betrokkenen beschuldigd van het plegen van strafbare feiten en van het deel uitmaken van een criminele organisatie, thema 3. Verweerder heeft daarnaast - thema 4 - onvoldoende zorgvuldig gehandeld en met zijn optreden de langdurige strijd tussen de ex-partners ernstig laten escaleren. Hij heeft de ongefilterde standpunten van zijn cliënt overgenomen, niet respectvol gehandeld naar alle betrokken partijen en op persoonlijke titel zijn mening gegeven aan de gezinsvoogdijinstelling. Daarnaast heeft hij klaagster van zware mishandeling van de zoon beschuldigd, zonder eigen onderzoek naar de juistheid daarvan, en alle betrokken instanties gepoogd te beïnvloeden door hen daarover ter beschadiging van klaagster te informeren. De overige verwijten zijn ongegrond. Naar het oordeel van de raad heeft verweerder de kernwaarden onafhankelijkheid, deskundigheid en integriteit geschonden. In dit langlopende familiegeschil heeft hij bovendien bij herhaling olie op het vuur gegooid en onvoldoende professionele distantie tot zijn cliënt gehouden. Door (besturen van) gerechtelijke instanties op oneigenlijke wijze onder druk te zetten heeft verweerder daarnaast volstrekt onbetamelijk gehandeld en de beroepsgroep schade toegebracht. Al deze omstandigheden, het omvangrijke tuchtrechtelijke verleden van verweerder en het ontbreken van inzicht in het laakbare van zijn handelen, resulteert in de beslissing van de raad om verweerder van het tableau te schrappen.
-
ECLI:NL:TGDKG:2023:2 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/709272/ DW RK 21/492 LV/SM
- Datum publicatie: 16-01-2023
- Datum uitspraak: 02-01-2023
- ECLI:NL:TGDKG:2023:2
Klacht gegrond. Maatregel: berisping. Indien er voorwaarden aan een betalingsregeling worden verbonden ligt het op de weg van de gerechtsdeurwaarder om de voorwaarden duidelijk vast te leggen.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2023:2 Raad van Discipline Amsterdam 22-536/A/A
- Datum publicatie: 16-01-2023
- Datum uitspraak: 09-01-2023
- ECLI:NL:TADRAMS:2023:2
Ongegrond verzet.
-
ECLI:NL:TGDKG:2023:3 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/722941/ DW RK 22/346 LV/SM
- Datum publicatie: 16-01-2023
- Datum uitspraak: 02-01-2023
- ECLI:NL:TGDKG:2023:3
Beslissing op verzet. Klager beklaagt zich er onder meer over dat de gerechtsdeurwaarder gebruik maakt van onduidelijk briefpapier, enveloppen en drukwerk, zodat klager niet kan zien met wie hij te maken heeft. De kamer is het met de beslissing van de voorzitter eens en het verzet tegen die beslissing dient ongegrond te worden verklaard.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2023:3 Raad van Discipline Amsterdam 22-688/A/A 22-690/A/A
- Datum publicatie: 16-01-2023
- Datum uitspraak: 09-01-2023
- ECLI:NL:TADRAMS:2023:3
Raadsbeslissing; Betreft niet-ontvankelijke klacht wegens het ontbreken van een rechtstreeks eigen belang. Verweerders hebben opgetreden als advocaat van een vennootschap. Klagers zijn geen cliënten van verweerders geweest, maar als (indirect) minderheidsaandeelhouders betrokken. Verweerders zijn partijdig in de behartiging van de belangen van hun cliënte. In die hoedanigheid dienen zij zich alléén te richten naar de belangen van hun cliënte. Verweerders hebben terecht gesteld dat van hen niet kan worden verwacht dat zij tegen de wens van hun cliënte in zouden gaan wanneer een verweer niet past tegenover de minderheid, in dit geval tegenover klagers. De uitspraak van het Hof van Discipline van 31 januari 2022 (ECLI:NL:TAHVD:2022:16) - die een VvE-kwestie betrof - ziet op een andere situatie dan onderhavig geschil. De meerderheidsaandeelhouders werden in onderhavig geschil op het moment dat verweerders werden ingeschakeld voor bijstand geadviseerd door hun eigen advocaat en die relatie is gecontinueerd. Daarnaast liep - anders dan in de uitspraak van het Hof van Discipline - geen andere procedure waarin de minderheidsaandeelhouders en meerderheidsaandeelhouders tegenover elkaar stonden. Klagers hadden zich met hun bezwaren tot de raad van commissarissen moeten wenden. Dat de raad van commissarissen in dit geval vleugellam was, is weliswaar ongunstig voor de positie van klagers binnen de structuur van de vennootschap, maar kan er niet toe leiden dat zij dan toch een belang hebben bij een klacht over verweerders.