Zoekresultaten 9561-9580 van de 48575 resultaten
-
ECLI:NL:TADRSGR:2023:24 Raad van Discipline 's-Gravenhage 22-945/DH/RO
- Datum publicatie: 27-01-2023
- Datum uitspraak: 25-01-2023
- ECLI:NL:TADRSGR:2023:24
Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in een handelsgeschil deels kennelijk niet-ontvankelijk vanwege het ontbreken van rechtstreeks belang. Klacht voor het overige ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2023:10 Raad van Discipline Amsterdam 22-957/A/NH
- Datum publicatie: 27-01-2023
- Datum uitspraak: 23-01-2023
- ECLI:NL:TADRAMS:2023:10
Voorzittersbeslissing; klacht over de advocaat wederpartij in alle onderdelen kennelijk ongegrond. Het is inherent aan verweerders rol als advocaat van de wederpartij zich partijdig jegens klaagster op te stellen; Verweerder is niet gehouden alle e-mails van klaagster te beantwoorden of haar te voorzien van juridisch advies.
-
ECLI:NL:TADRARL:2023:8 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 21-925/AL/NN
- Datum publicatie: 27-01-2023
- Datum uitspraak: 23-01-2023
- ECLI:NL:TADRARL:2023:8
Naar het oordeel van de raad mocht verweerster niet optreden als advocaat van de wederpartij tegen klaagster (een stichting). Verweerster heeft jarenlang als huisadvocaat voor klaagster opgetreden. Zij heeft niet vooraf instemming van klaagster gevraagd om voor de wederpartij op te treden. Verweerster heeft niet voldaan aan de 3e uitzonderingsgrond van gedragsregel 15 lid 3. Wegens het bij verweerster bekende bestaan van bezwaren bij klaagster tegen haar belangenbehartiging van de wederpartij, had verweerster zich moeten terugtrekken. Dat heeft zij niet gedaan, terwijl die bezwaren daartoe wel aanleiding gaven met een schijn van belangenverstrengeling. Ondanks de schending van artikel 46 Aw, gedragsregel 15 en de kernwaarden partijdigheid en vertrouwelijkheid, waarvoor een berisping geïndiceerd zou zijn, legt de raad een waarschuwing op. Niet is komen vast te staan dat verweerster concrete vertrouwelijke informatie over klaagster uit haar tijd als huisadvocaat tegen klaagster heeft gebruikt. Daarnaast heeft verweerster een blanco tuchtrechtelijk verleden.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2023:14 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2022/4261
- Datum publicatie: 27-01-2023
- Datum uitspraak: 27-01-2023
- ECLI:NL:TGZRAMS:2023:14
Kennelijk ongegronde klacht tegen een verpleegkundige. Naar het oordeel van het college mocht de verpleegkundige erop vertrouwen dat klager door het zetten van zijn paraaf op het toestemmingsformulier, toestemming gaf aan de verpleegkundige om een brief te schrijven over het belang van bewindvoering voor klager en aldus informatie over klager te delen. Anders dan waar klager kennelijk van uitgaat, heeft de verpleegkundige ook niet bepaald dat klager een bewindvoerder nodig had. De brief die de verpleegkundige heeft geschreven, diende ertoe om vanuit het perspectief van de verpleegkundige het belang van onderbewindstelling te motiveren en daarmee te ondersteunen. Dat is iets anders dan over bewindvoering bepalen of beslissen. Klacht kennelijk ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2023:31 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2022/4769
- Datum publicatie: 26-01-2023
- Datum uitspraak: 20-01-2023
- ECLI:NL:TGZRZWO:2023:31
Klacht tegen huisarts kennelijk ongegrond. De huisarts heeft terecht geweigerd om medicinale cannabis voor te schrijven. Dat de huisarts klager niet serieus heeft genomen en heeft gediscrimineerd is niet aannemelijk geworden.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2023:15 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2022/1284 Herstelbeslissing
- Datum publicatie: 26-01-2023
- Datum uitspraak: 18-01-2023
- ECLI:NL:TGZCTG:2023:15
Klacht van arts tegen anesthesioloog.De anesthesioloog is door de rechtbank tot deskundige benoemd in een strafzaak tegen een huisarts die wordt vervolgd voor de moord op zijn schoonmoeder en heeft in die strafzaak als deskundige een verklaring afgelegd. Over die strafzaak is in de krant een artikel verschenen met het bericht dat de anesthesioloog op de zitting had verklaard dat de palliatieve sedatie van de schoonmoeder terecht was omdat de schoonmoeder stervende was en dat er sprake was van een natuurlijke dood. Klaagster is arts en docent geneeskunde. Klaagster heeft kennisgenomen van dit krantenartikel en heeft naar aanleiding daarvan een tuchtklacht tegen de anesthesioloog ingediend. Klaagster verwijt de anesthesioloog dat hij in de rechtbank een onzorgvuldige verklaring heeft afgelegd. Klaagster vindt dat zij rechtsreeks belanghebbende is bij de door haar ingediende klacht. Het Regionaal Tuchtcollege heeft klaagster bij voorzittersbeslissing kennelijk niet-ontvankelijk verklaard vanwege onvoldoende rechtstreeks belang van klaagster. Het Centraal Tuchtcollege deelt dat oordeel en verwerpt het beroep.
-
ECLI:NL:TGZREIN:2023:6 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven H2021/3751
- Datum publicatie: 26-01-2023
- Datum uitspraak: 25-01-2023
- ECLI:NL:TGZREIN:2023:6
Een psychotherapeut is een seksuele relatie aangegaan met klaagster, die zij op dat moment behandelde in haar eigen praktijk. Klaagster dient daar een klacht over in. Zij verwijt de psychotherapeut verder dat zij het seksueel grensoverschrijdende gedrag ook na de behandelperiode heeft laten voortduren en vertrouwelijke informatie over andere patiënten met haar heeft gedeeld. De klacht is gegrond. De psychotherapeut had geen seksuele relatie mogen aangaan met een aan haar zorg toevertrouwde patiënte. Ook had zij geen informatie over in elk geval één andere patiënt met klaagster mogen delen. De psychotherapeut heeft hiermee niet professioneel gehandeld en haar beroepsnormen ernstig geschonden. Doorhaling.
-
ECLI:NL:TADRARL:2023:5 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 22-437/AL/MN
- Datum publicatie: 26-01-2023
- Datum uitspraak: 16-01-2023
- ECLI:NL:TADRARL:2023:5
De raad heeft een mondelinge uitspraak tijdens de zitting gedaan en deze beslissing vastgelegd in een proces-verbaal. De klacht is ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZREIN:2023:8 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven H2023/5230
- Datum publicatie: 26-01-2023
- Datum uitspraak: 25-01-2023
- ECLI:NL:TGZREIN:2023:8
Een gz-psycholoog is een seksuele relatie aangegaan met klaagster, die zij op dat moment behandelde in haar eigen praktijk. Klaagster dient daar een klacht over. Zij verwijt de gz-psycholoog verder dat zij het seksueel grensoverschrijdende gedrag ook na de behandelperiode heeft laten voortduren en vertrouwelijke informatie over andere patiënten met haar heeft gedeeld. De klacht is gegrond. De gz-psycholoog had geen seksuele relatie mogen aangaan met een aan haar zorg toevertrouwde patiënte. Ook had zij geen informatie over in elk geval één andere patiënt met klaagster mogen delen. De gz-psycholoog heeft hiermee niet professioneel gehandeld en haar beroepsnormen ernstig geschonden. Doorhaling.
-
ECLI:NL:TADRARL:2023:6 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 22-087/AL/OV
- Datum publicatie: 26-01-2023
- Datum uitspraak: 23-01-2023
- ECLI:NL:TADRARL:2023:6
Klagers zijn met een specifieke boek 2 BW zaak bij verweerder gekomen. Naar het oordeel van de raad heeft verweerder de kernwaarde deskundigheid geschonden. Bij het aannemen van de zaak kon verweerder met zijn basiskennis van boek 2 BW niet overzien of hij de vereiste kwaliteit van de werkzaamheden kon leveren. Doordat hij niet meteen zelf qua kennis over die specifieke materie boven de zaak stond, is verweerder onvoldoende in staat gebleken om de juiste strategie te bepalen èn als ‘dominus litis’ klagers van de door hem gekozen strategie blijvend te overtuigen. Mogelijk is daardoor ook onvrede bij klagers ontstaan wat weer tot een verslechtering van hun onderlinge communicatie heeft geleid en uiteindelijk heeft geleid tot de onttrekking door verweerder. Na de ontstane vertrouwensbreuk met klagers mocht verweerder zich onttrekken en dat heeft hij zorgvuldig gedaan. Gezien de omstandigheid dat klager in zijn communicatie verweerder steeds beledigender en dwingender heeft bejegend, in samenhang met het blanco tuchtrechtelijk verleden van verweerder, volstaat de raad, ondanks de schending van de kernwaarde deskundigheid, met een waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRARL:2023:7 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 22-230/AL/OV
- Datum publicatie: 26-01-2023
- Datum uitspraak: 23-01-2023
- ECLI:NL:TADRARL:2023:7
Verweerder heeft aanvankelijk als gerechtsdeurwaarder, daarna als zelfstandig incassojurist en vervolgens als advocaat voor klager gelden geïnd bij de veroordeelde wederpartij. Verweerder heeft als advocaat niet voldaan aan zijn informatieplicht richting klager. Uit de stukken is niet gebleken dat verweerder vanaf dat moment de voor klager voortgezette incassowerkzaamheden en daarover gemaakte afspraken aan klager heeft bevestigd. Verweerder had dat moeten doen en mocht er niet vanuit gaan dat de oude afspraken (als deurwaarder) met klager stilzwijgend waren verlengd. Daarin stonden een provisieregeling van 10% en een boetebeding bij voortijdige opzegging, wat voor advocaten in principe niet is toegestaan. Juist ook de vele vragen van klager in aanloop naar de beëdiging als advocaat, hadden voor verweerder extra aanleiding moeten zijn om alles duidelijk vast te leggen. Verweerder heeft dat niet schriftelijk gedaan, hetgeen voor zijn risico blijft. De raad is verder van oordeel dat verweerder, vanaf het moment dat hij advocaat is geworden, financieel niet zorgvuldig jegens klager heeft gehandeld door onvoldoende duidelijk met klager te communiceren over de financiële afwikkeling van zijn werkzaamheden. Dat hij dit niet integer heeft gedaan, is de raad niet gebleken. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2023:30 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2022/4694
- Datum publicatie: 26-01-2023
- Datum uitspraak: 20-01-2023
- ECLI:NL:TGZRZWO:2023:30
Klacht tegen een psychiater. Klager is opgenomen in een GGZ-instelling. Hij mocht in 2019 met ontslag onder voorwaarde dat hij Zypadhera (een antipsychoticum) zou gebruiken. Hij is daar een keer zo ziek van geworden dat hij werd opgenomen op de IC van het ziekenhuis. Klager verwijt de psychiater die deze medicatie voorgeschreven heeft dat dit is voorgevallen. Het college acht het niet verwijtbaar dat deze medicatie aan klager is voorgeschreven. Wat bij klager is gebeurd, is dat er een zeldzame complicatie is opgetreden die verband houdt met het gebruik van de medicatie. Dat dit is gebeurd, kan de psychiater niet tuchtrechtelijk worden verweten. De klacht is kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2023:7 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 22-988/DB/OB
- Datum publicatie: 25-01-2023
- Datum uitspraak: 24-01-2023
- ECLI:NL:TADRSHE:2023:7
Advocaat in hoedanigheid van klachtenfunctionaris. Verweerster heeft hoor en wederhoor toegepast en vervolgens haar bevindingen weergegeven. Verweerster is in haar brief van 15 juni 2021 uitvoerig ingegaan op de klacht van klager, op al hetgeen door klager tijdens het gesprek met verweerster ter toelichting op de klacht naar voren is gebracht en op het verweer van mr X. Advocaat heeft vertrouwen in de advocatuur niet geschaad.Hoewel het, zoals de advocaat in haar verweer ook stelt, wellicht verstandiger was geweest om klager ook naar de vFas door te verwijzen, was de keuze van de advocaat om klager enkel naar de deken te verwijzen, gelet op de omstandigheden van de zaak, niet onbegrijpelijk. Het stond klager bovendien vrij om zich ook tot de vFas te wenden, wat hij ook heeft gedaan. Klager is door het handelen van verweerster niet in zijn belangen geschaad.Klacht gedeeltelijk kennelijk ongegrond en gedeeltelijk kennelijk van onvoldoende gewicht.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2023:19 Raad van Discipline 's-Gravenhage 22-678/DH/DH
- Datum publicatie: 25-01-2023
- Datum uitspraak: 23-01-2023
- ECLI:NL:TADRSGR:2023:19
Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2023:10 Hof van Discipline 's Gravenhage 210247
- Datum publicatie: 25-01-2023
- Datum uitspraak: 13-01-2023
- ECLI:NL:TAHVD:2023:10
Klacht van (voormalig) advocaat tegen (voormalig) deken. De raad heeft de klacht van klager in alle drie de onderdelen ongegrond verklaard. Het hof onderschrijft de door de raad aangelegde toetsingsmaatstaf en de overwegingen. Geen van de uitvoerige beroepsgronden, noch de daarop gegeven toelichting, noopt het hof om de overwegingen van de raad voor onjuist te houden.Anders dan de raad oordeelt het hof evenwel dat de conclusie die uit de overwegingen van de raad moet worden getrokken is dat de klachten 1 en 2 gegrond moeten worden verklaard. Het optreden door een deken als belangenbehartiger van een advocaat in een individuele klachtzaak, ook al is die advocaat een voormalig deken, staat op gespannen voet met overige bij de deken belegde rollen in het rechtsbestel, kan daardoor het vertrouwen in de advocatuur schaden en dient daarom te worden vermeden.Deze gegrondverklaring brengt naar het oordeel van het hof echter niet mee dat een maatregel moet worden opgelegd. Het hof sluit de ogen niet voor het feit dat verweerder heeft gehandeld in overeenstemming met hetgeen op het moment van zijn handelen bestendig gebruik was bij lokale dekens. Dat het hof deze praktijk, op basis van voortschrijdend inzicht, eerst alleen als onwenselijk, maar inmiddels als onbetamelijk kwalificeert, hoeft niet ten nadele van verweerder uit te vallen. Gedeeltelijke vernietiging van de beslissing van de raad.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2023:8 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 22-961/DB/LI
- Datum publicatie: 25-01-2023
- Datum uitspraak: 16-01-2023
- ECLI:NL:TADRSHE:2023:8
Voorzittersbeslissing. Klacht tegen advocaat in privé. Van een “voldoende verband met de praktijkuitoefening” is geen sprake omdat de gedragingen verband houden met de in privé hoedanigheid gesloten overeenkomst en het daaruit voortvloeiende geschil. Het enkele feit dat e-mailberichten zijn verzonden vanuit een e-mailaccount van het advocatenkantoor maakt dit niet anders. Ook is niet gebleken van gedragingen die absoluut ongeoorloofd moeten worden geacht en het vertrouwen in de advocatuur ondermijnen. Kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2023:9 Hof van Discipline 's Gravenhage 210356
- Datum publicatie: 25-01-2023
- Datum uitspraak: 13-01-2023
- ECLI:NL:TAHVD:2023:9
Klacht tegen eigen advocaat. Kwaliteit van de dienstverlening. Verkorte bekrachtiging raadsbeslissing. Ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2023:20 Raad van Discipline 's-Gravenhage 22-778/DH/RO/D
- Datum publicatie: 25-01-2023
- Datum uitspraak: 23-01-2023
- ECLI:NL:TADRSGR:2023:20
Ambtshalve voortzetting van zaak 22-369.Verweerder is tekortgeschoten in voortvarende, zakelijke en neutraal geformuleerde communicatie met een andere advocaat over een overgenomen zaak. De gang van zaken was naar het oordeel van de raad zeer oncollegiaal. Daar staat echter tegenover dat de kwestie op 5 september 2022 is uitgesproken tussen verweerder en de oorspronkelijke klager. In deze omstandigheid ziet de raad grond om de klacht gegrond verklaren, maar aan verweerder geen maatregel op te leggen.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2023:9 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 22-962/DB/LI
- Datum publicatie: 25-01-2023
- Datum uitspraak: 16-01-2023
- ECLI:NL:TADRSHE:2023:9
Voorzittersbeslissing. Klacht tegen advocaat in privé. Van een “voldoende verband met de praktijkuitoefening” is geen sprake omdat de gedragingen verband houden met de in privé hoedanigheid gesloten overeenkomst en het daaruit voortvloeiende geschil. Het enkele feit dat e-mailberichten zijn verzonden vanuit een e-mailaccount van het advocatenkantoor maakt dit niet anders. Ook is niet gebleken van gedragingen die absoluut ongeoorloofd moeten worden geacht en het vertrouwen in de advocatuur ondermijnen. Kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2023:21 Raad van Discipline 's-Gravenhage 22-855/DH/RO/D
- Datum publicatie: 25-01-2023
- Datum uitspraak: 23-01-2023
- ECLI:NL:TADRSGR:2023:21
Ambtshalve voortzetting van zaak 22-360.Verweerder heeft een veelheid van fouten gemaakt. Verweerder is ernstig tekort geschoten in zijn bijstand aan mevrouw H en hij heeft haar daarmee mogelijk schade toegebracht. Verweerder heeft de afspraken die hij maakte met mevrouw niet schriftelijk bevestigd en haar niet (tijdig) op de hoogte gehouden van de voortgang van zijn werkzaamheden. Verweerder heeft een contante betaling in ontvangst genomen zonder hiervan melding te maken aan de deken en hij heeft de financiën niet voortvarend afgewikkeld toen de bijstand aan mevrouw H was geëindigd. Verweerder heeft een beroepsfout gemaakt en heeft na ontdekking daarvan niet voortvarend en adequaat gehandeld. Ook heeft verweerder mevrouw H. zonder afspraak thuis bezocht. Naar het oordeel van de raad zijn de kernwaarden deskundigheid en financiële integriteit in het geding. Met zijn handelen heeft verweerder schade toegebracht aan het vertrouwen in de advocatuur. Dat verweerder de zaak met mevrouw H heeft geregeld, verontschuldigt hem niet. Bij het bepalen van de maatregel heeft de raad echter wel rekening gehouden met de met mevrouw H getroffen regeling. De raad legt aan verweerder de maatregel op van een voorwaardelijke schorsing in de uitoefening van de praktijk voor de duur van vier weken.