Zoekresultaten 9081-9100 van de 48558 resultaten
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2023:76 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2022/4498
- Datum publicatie: 30-03-2023
- Datum uitspraak: 24-03-2023
- ECLI:NL:TGZRZWO:2023:76
De klacht gaat over de vraag of het beklaagde als dienstdoende huisarts op de Huisartsen Post tuchtrechtelijk kan worden verweten dat hij niet is overgegaan tot het verlagen dan wel uitschakelen van de morfinepomp bij patiënte toen klager hier om vroeg. Klager wilde dit omdat zijn echtgenote volgens hem door de toediening van de morfine niet meer aanspreekbaar was en er de volgende dag een gesprek met de SCEN-arts zou plaatsvinden. Tijdens dit gesprek moest de echtgenote aanspreekbaar zijn omdat anders de geplande euthanasie de volgende dag niet plaats kon vinden. Beklaagde zag geen medische reden om de morfinepomp acuut te stoppen of te verlagen en heeft geadviseerd de eigen huisarts de volgende dag om 8.00 uur te bellen en de morfinepomp dan uit te schakelen. Dit is gebeurd, maar de patiënte was niet helder genoeg om nog een gesprek met de SCEN-arts te voeren. Er is palliatieve sedatie ingezet. De euthanasie kon dan ook niet worden uitgevoerd de volgende dag, en de patiënte is enige tijd later op diezelfde dag overleden. Het college verklaart de klacht kennelijk ongegrond omdat beklaagde niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2023:5 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2022/12
- Datum publicatie: 30-03-2023
- Datum uitspraak: 20-03-2023
- ECLI:NL:TNORSHE:2023:5
De klacht heeft in de kern betrekking op de door de notaris in 2014 gepasseerde samenlevingsovereenkomst tussen klaagster en erflater. Klaagster verwijt de notaris dat hij heeft nagelaten om haar en erflater te adviseren een verblijvingsbeding in de samenlevingsovereenkomst op te nemen en/of een testament op te stellen. Dit klachtonderdeel is te laat ingediend en wordt daarom niet-ontvankelijk verklaard. Voor zover de klacht inhoudt dat de notaris onjuiste informatie heeft verstrekt in een brief aan de gemachtigde van klaagster en dat de notaris is tekortgeschoten in de communicatie met (de gemachtigde van) klaagster, wordt de klacht gegrond verklaard. Mede gelet op het tuchtrechtelijke verleden van de notaris wordt aan hem de maatregel van een berisping opgelegd, waarbij de kamer aanleiding ziet tot openbaarheid van de opgelegde maatregel als bedoeld in artikel 103 lid 5 Wna.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2023:77 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2022/4718
- Datum publicatie: 30-03-2023
- Datum uitspraak: 24-03-2023
- ECLI:NL:TGZRZWO:2023:77
Klacht over huisarts (optredend als regiearts op de huisartsenpost). De klacht gaat over het tekortschieten van de medische zorgverlening door de huisarts ten opzichte van de overleden broer van klagers. Het college verklaart de klacht deels gegrond en legt de huisarts een waarschuwing op.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2023:78 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2022/4290
- Datum publicatie: 30-03-2023
- Datum uitspraak: 30-03-2023
- ECLI:NL:TGZRZWO:2023:78
De klacht gaat over het handelen van de verloskundige bij de begeleiding van de zwangerschap van klaagster en meer in het bijzonder bij en naar aanleiding van de contacten die klaagster had met de praktijk in verband met het voelen van minder leven. De klacht gaat ook over de zorg nadat het zoontje van klaagster overleden was. Het college komt tot het oordeel dat de klacht over het handelen van de verloskundige gegrond is. Zij is ongemotiveerd afgeweken van de NVOG/KNOV richtlijn “verminderde kindsbewegingen” door klaagster niet zelf te onderzoeken. De verloskundige heeft zich niet gerealiseerd dat klaagster wel degelijk minder leven voelde. Ook had de verloskundige onvoldoende zicht op de ernst van de corona gerelateerde klachten van klaagster. De verloskundige heeft er ten onrechte voor gekozen klaagster niet zelf te bezoeken en te onderzoeken dan wel rechtstreeks door te sturen naar het ziekenhuis. Het college legt een berisping op.
-
ECLI:NL:TDIVBC:2023:5 Veterinair Beroepscollege 's-Gravenhage VB 2022/06
- Datum publicatie: 30-03-2023
- Datum uitspraak: 23-03-2023
- ECLI:NL:TDIVBC:2023:5
Hond. Het Veterinair Beroepscollege is al met al van oordeel dat het beroep van de dierenarts moet worden verworpen. De dierenarts heeft zich tuchtrechtelijk verwijtbaar gedragen met betrekking tot de begeleiding van de dracht van de hond van klagers, de uitvoering van een keizersnede en met betrekking tot de verleende nazorg.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2023:79 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2022/4286
- Datum publicatie: 30-03-2023
- Datum uitspraak: 24-03-2023
- ECLI:NL:TGZRZWO:2023:79
Klacht tegen sociaal psychiatrisch verpleegkundige kennelijk ongegrond. De klacht heeft betrekking op de behandeling van de inmiddels overleden broer van klaagster. Klaagster verwijt de sociaal psychiatrisch verpleegkundige dat hij onzorgvuldig is geweest in het opstellen en naleven van het behandelplan, dat hij niet heeft meegewerkt aan overplaatsing naar een gespecialiseerde afdeling en dat hij het advies van een door klaagster en haar broer geraadpleegde psychiater niet heeft opgevolgd.
-
ECLI:NL:TDIVBC:2023:6 Veterinair Beroepscollege 's-Gravenhage VB 2022/09
- Datum publicatie: 30-03-2023
- Datum uitspraak: 23-03-2023
- ECLI:NL:TDIVBC:2023:6
Paard. Dierenarts wordt verweten bij een paard onvoldoende onderzoek te hebben verricht naar de oorzaak van koliekklachten en dat het paard onnodig is geopereerd. Het Veterinair Beroepscollege is van oordeel dat het Veterinair Tuchtcollege terecht heeft geoordeeld dat de dierenarts niet tekort is geschoten in de veterinaire zorg die hij heeft verleend als bedoeld in artikel 4.2 van de Wet dieren.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2023:80 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2022/4203
- Datum publicatie: 30-03-2023
- Datum uitspraak: 24-03-2023
- ECLI:NL:TGZRZWO:2023:80
De klacht gaat over de vraag of beklaagde (huisarts) tijdens het eerste gesprek over euthanasie op 20 februari 2013, en naar aanleiding van de verklaringen die klaagster daarna aan beklaagde heeft overgelegd, klaagster had moeten informeren dat hij geen euthanasie uitvoert bij dementie. Het college verklaart de klacht deels gegrond zonder oplegging van een maatregel.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2023:75 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2023/5302
- Datum publicatie: 30-03-2023
- Datum uitspraak: 24-03-2023
- ECLI:NL:TGZRZWO:2023:75
Klager verwijt verpleegkundige (zorgmanager) dat hij niet wil tegemoetkomen aan de wens van klager niet meer behandeld te worden door de tandarts die eens per maand op de locatie aanwezig is waar klager verblijft, maar door de tandarts in een andere kliniek. In een eerdere beslissing is overwogen dat beklaagde kon vasthouden aan het uitgangspunt dat klager voor mondzorg naar de tandarts op locatie kon gaan en dat als hij een andere tandarts wilde raadplegen, klager de kosten daarvan zelf zou moeten betalen. Klager heeft niet nader gemotiveerd dat de omstandigheden inmiddels zijn gewijzigd ten opzichte van het handelen waarover al een oordeel is gegeven. Nu geen nieuwe feiten en omstandigheden zijn gesteld die mogelijk zouden kunnen leiden tot een ander oordeel is de voorzitter van oordeel dat de door klager voorgelegde klacht kennelijk ongegrond is.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2023:57 Raad van Discipline 's-Gravenhage 23-045/DH/DH
- Datum publicatie: 29-03-2023
- Datum uitspraak: 29-03-2023
- ECLI:NL:TADRSGR:2023:57
Voorzittersbeslissing. Klacht deels kennelijk niet-ontvankelijk vanwege ne bis in idem: klager heeft deze (soort) verwijten eerder ingediend. De deken heeft toen zijn visie gegeven en klager heeft de mogelijkheid gehad de klacht voor te leggen aan de Raad van Discipline. Hij heeft daar op dat moment vanaf gezien. Met deze nieuwe klacht is naar het oordeel van de voorzitter feitelijk sprake van ne bis in idem. Hoewel formeel misschien geoorloofd, beschouwt de voorzitter dit materieel als misbruik van procesrecht. Klacht voor het overige kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2023:55 Raad van Discipline 's-Gravenhage 23-048/DH/RO
- Datum publicatie: 29-03-2023
- Datum uitspraak: 29-03-2023
- ECLI:NL:TADRSGR:2023:55
Voorzittersbeslissing. Klacht niet-ontvankelijk vanwege termijnoverschrijding.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2023:56 Raad van Discipline 's-Gravenhage 23-047/DH/RO
- Datum publicatie: 29-03-2023
- Datum uitspraak: 29-03-2023
- ECLI:NL:TADRSGR:2023:56
Voorzittersbeslissing. Klacht grotendeels niet-ontvankelijk vanwege termijnoverschrijding en voor het overige kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2023:67 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 22-911/AL/NN/D
- Datum publicatie: 28-03-2023
- Datum uitspraak: 27-03-2023
- ECLI:NL:TADRARL:2023:67
Dekenbezwaar. De kern van het verwijt dat de deken verweerder en medeverweerder maakt, is dat zij de raad van de orde onjuist hebben geïnformeerd over de invulling van de advocaat-stage van verweerder. Dit is relevant voor de wijze waarop het toezicht vanuit de orde wordt ingestoken. De raad verklaart het bezwaar gegrond. Het handelen van verweerder dat tot gegrondverklaring van het bezwaar heeft geleid is ernstig. Een advocaat dient op zijn woord te worden vertrouwd en daarin past niet een handelen of nalaten dat er in de kern op neer komt dat de raad van de orde van advocaten en de deken worden misleid. Het gevolg van zijn handelen of nalaten is geweest dat de orde vooraf onvoldoende waarborgen heeft kunnen stellen voor een juiste praktijkuitoefening en dat er onvoldoende toezicht op de stage is gehouden. Verweerder heeft hiermee niet gehandeld zoals een behoorlijk advocaat betaamt in de zin van artikel 46 Advocatenwet. Verweerder heeft daarmee ook in strijd met de kernwaarde integriteit en de gedragsregels gehandeld. Rekening houdend met alle feiten en omstandigheden acht de raad de oplegging van een schorsing voor de duur van 13 weken passend en geboden.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2023:51 Raad van Discipline 's-Gravenhage 22-633/DH/RO
- Datum publicatie: 28-03-2023
- Datum uitspraak: 27-03-2023
- ECLI:NL:TADRSGR:2023:51
Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2023:79 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2022/4434
- Datum publicatie: 28-03-2023
- Datum uitspraak: 28-03-2023
- ECLI:NL:TGZRAMS:2023:79
Ongegronde klacht tegen een plastisch chirurg. De plastisch chirurg heeft klaagster geopereerd aan haar vinger. Er was sprake van een glomustumor onder het nagelbed. Klaagster is van opvatting dat de plastisch chirurg de operatie niet op juiste wijze heeft voorbereid en uitgevoerd en ook onvoldoende nazorg heeft verleend, waardoor zij onnodig lang pijn heeft gehad. Het college overweegt dat het maken van een MRI voor een verwijdering van een glomustumor niet de standaard is. De glomustumor is een zeer kleine tumor. Op een MRI is deze tumor te zien, maar de beelden zijn niet zodanig gedetailleerd dat op basis daarvan een precieze plaatsbepaling kan plaatsvinden. De plastisch chirurg heeft aangetekend op de vinger waar klaagster de pijn ervaarde en is van daaruit op zoek gegaan naar de tumor. Toen hij op de door klaagster aangegeven plaats de tumor niet heeft kunnen vinden heeft hij de MRI-scans bekeken. De plastisch chirurg heeft de operatie aangepakt op een wijze die binnen de beroepsgroep gebruikelijk is. Hij heeft zich ingespannen om tot een goed resultaat te komen. Hij heeft gedaan wat van hem verwacht mag worden; ook in het natraject. Dat dit medisch handelen niet tot het gewenste resultaat heeft geleid is te betreuren, maar maakt zijn handelen niet onzorgvuldig, onjuist of verwijtbaar. Klacht in alle onderdelen ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TADRARL:2023:68 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 22-947/AL/NN/D
- Datum publicatie: 28-03-2023
- Datum uitspraak: 27-03-2023
- ECLI:NL:TADRARL:2023:68
De kern van het verwijt dat de deken verweerder en medeverweerder maakt, is dat zij de raad van de orde onjuist hebben geïnformeerd over de invulling van de advocaat-stage van de medeverweerder. Het handelen van verweerder dat tot gegrondverklaring van het bezwaar heeft geleid, is ernstig. Een advocaat dient op zijn woord te worden vertrouwd en daarin past niet een handelen of nalaten dat er in de kern op neer komt dat de raad van de orde van advocaten en de deken worden misleid. Het gevolg van zijn handelen of nalaten is geweest dat de orde vooraf onvoldoende waarborgen heeft kunnen stellen voor een juiste praktijkuitoefening en dat er onvoldoende toezicht op de stage is gehouden. Verweerder heeft hiermee niet gehandeld zoals een behoorlijk advocaat betaamt in de zin van artikel 46 Advocatenwet. Verweerder heeft daarmee in strijd met de kernwaarde integriteit en de gedragsregels gehandeld. In het nadeel van verweerder houdt de raad er rekening mee dat hij handelde als patroon en juist in die hoedanigheid een grotere verantwoordelijkheid had dan zijn stagiair. In het voordeel van verweerder wordt rekening gehouden met de omstandigheid dat hij niet eerder door de tuchtrechter is veroordeeld. Verweerder heeft een beroep op zijn persoonlijke omstandigheden gedaan, te weten dat hij als alleenstaande ouder de zorg heeft over zijn minderjarige kinderen die ook afhankelijk zijn van zijn inkomsten. Rekening houdend met alle feiten en omstandigheden acht de raad de oplegging van een schorsing voor de duur van 13 weken passend en geboden.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2023:52 Raad van Discipline 's-Gravenhage 22-543/DH/DH
- Datum publicatie: 28-03-2023
- Datum uitspraak: 27-03-2023
- ECLI:NL:TADRSGR:2023:52
Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2023:80 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2022/3914
- Datum publicatie: 28-03-2023
- Datum uitspraak: 28-03-2023
- ECLI:NL:TGZRAMS:2023:80
Ongegronde klacht tegen een plastisch chirurg. Klager heeft zich na een operatie in verband met een chronische wond op het sacrum en ontslag uit het ziekenhuis gemeld op de spoedeisende hulp. Tussen partijen is in geschil of hij door de plastisch chirurg op de spoedeisende hulp op zorgvuldige en juiste wijze is beoordeeld en behandeld. Het college overweegt dat de plastisch chirurg vanaf het moment dat klager op de spoedeisende hulp door hem is gezien, terecht de regie heeft genomen. Hij heeft de wond van de operatie beoordeeld en voor de andere (mogelijke) problemen collega’s ingeschakeld. De plastisch chirurg heeft in de middag terecht op basis van de gewijzigde omstandigheden onmiddellijk de chirurg de situatie laten beoordelen. Van een doctors delay is dan ook geen sprake. Evenmin is sprake van het ernstig onderschatten van het ziektebeeld. Klacht in alle onderdelen ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TADRARL:2023:69 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 22-822/AL/NN
- Datum publicatie: 28-03-2023
- Datum uitspraak: 27-03-2023
- ECLI:NL:TADRARL:2023:69
Raadsbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij. Verweerster heeft namens haar cliënt het hof een incompleet procesdossier gestuurd en heeft vervolgens gedurende een langere periode niet gereageerd op verzoeken van het hof en de wederpartij om contact op te nemen en om stukken over te leggen. Verweerster heeft daarmee tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld. Gelet op de ernst en de aard van het handelen en nalaten van verweerster, en rekening houdend met het feit dat verweerster niet eerder door de tuchtrechter is veroordeeld, is de oplegging van een waarschuwing passend en geboden.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2023:53 Raad van Discipline 's-Gravenhage 22-541/DH/DH
- Datum publicatie: 28-03-2023
- Datum uitspraak: 27-03-2023
- ECLI:NL:TADRSGR:2023:53
Verzet ongegrond.