Zoekresultaten 9061-9080 van de 48558 resultaten
-
ECLI:NL:TAHVD:2023:35 Hof van Discipline 's Gravenhage 210298
- Datum publicatie: 01-04-2023
- Datum uitspraak: 20-03-2023
- ECLI:NL:TAHVD:2023:35
Klacht over advocaat wederpartij. Verweerder heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door een e-mail aan de rechtbank te sturen zonder een kopie daarvan aan de wederpartij te sturen. Bekrachtiging beslissing raad. Waarschuwing en proceskostenveroordeling.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2023:62 Raad van Discipline Amsterdam 22-859/A/A
- Datum publicatie: 31-03-2023
- Datum uitspraak: 27-03-2023
- ECLI:NL:TADRAMS:2023:62
Klacht tegen advocaat wederpartij. Klaagster stelt dat verweerster als advocaat voor de wederpartij in een procedure tegen klaagster een aantal onjuistheden naar voren heeft gebracht. Zij wordt daarin door de raad niet gevolgd. Klacht is in al haar onderdelen ongegrond.
-
ECLI:NL:TACAKN:2023:26 Accountantskamer Zwolle 22/927 Wtra AK
- Datum publicatie: 31-03-2023
- Datum uitspraak: 31-03-2023
- ECLI:NL:TACAKN:2023:26
Betrokkene heeft in het kader van een procedure over de verdeling van pensioenrechten naar aanleiding van een echtscheiding, op verzoek van de advocaat van een van beide partijen in deze procedure een rapportage opgesteld. Het doel van deze rapportage was om in kaart te brengen of het verrichten van de ondernemingsactiviteiten van de ene echtgenoot in een eenmanszaak voorzienbaar nadelig is geweest voor de B.V. waarin de pensioenverplichting aan de andere echtgenoot was ondergebracht. De klacht is gedeeltelijk gegrond. Betrokkene heeft een eenzijdig rapport opgesteld, met aannames die op zijn minst genomen discutabel zijn, zonder inzicht te verschaffen in (de cijfermatige gevolgen van) mogelijke alternatieven. Betrokkene heeft gehandeld in strijd met de fundamentele beginselen van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid en van objectiviteit. Aan hem wordt de maatregel van tijdelijke doorhaling van de inschrijving voor de duur van één maand opgelegd.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2023:85 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2022/4119
- Datum publicatie: 31-03-2023
- Datum uitspraak: 31-03-2023
- ECLI:NL:TGZRAMS:2023:85
Kennelijk ongegronde klacht tegen een bedrijfsarts, Klager verwijt de bedrijfsarts dat hij geen juiste voorstelling van zaken heeft gegeven in zijn terugkoppeling van het spreekuur; dat hij de informatievoorziening en correspondentie aan klager en zijn werkgever niet gelijktijdig naar deze partijen heeft gestuurd en dat hij een passieve houding heeft aangenomen en een onduidelijk advies heeft verstrekt. De klachtonderdelen betreffende de terugkoppeling van het spreekuur, de informatievoorziening en het gegeven advies lenen zich voor gezamenlijke behandeling. De bedrijfsarts was ten tijde van het spreekuur pas recent gestart als bedrijfsarts. Om te worden ingewerkt was hij die dag als toehoorder aanwezig bij het spreekuur van een collega bedrijfsarts. De bedrijfsarts was dus niet bij klager betrokken als behandelaar. Hij was dan ook niet verantwoordelijk voor het advies en ook niet voor de terugkoppeling daarvan en de correspondentie daarover. Alle klachtonderdelen zijn ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2023:63 Raad van Discipline Amsterdam 22-925/A/NH
- Datum publicatie: 31-03-2023
- Datum uitspraak: 27-03-2023
- ECLI:NL:TADRAMS:2023:63
klacht tegen advocaat wederpartij. Verweerster stond in een familiekwestie de ex-vrouw van klager bij als advocaat. Klager stelt dat verweerster in de procedures waarin zij de ex-vrouw van klager bijstond, ten onrechte het woord ouderverstoting heeft gebruikt en dat verweerster daarmee tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Klager wordt daarin door de raad niet gevolgd.
-
ECLI:NL:TACAKN:2023:27 Accountantskamer Zwolle 22/1684 Wtra AK
- Datum publicatie: 31-03-2023
- Datum uitspraak: 31-03-2023
- ECLI:NL:TACAKN:2023:27
Klaagster heeft € 25.000 aan het kantoor van betrokkene uitgeleend. Betrokkene heeft zich hoofdelijk verbonden tot terugbetaling van die geldlening. Klaagster stelt dat betrokkene haar vertrouwen heeft misbruikt en heeft nagelaten te waarschuwen voor de risico’s die kleven aan de overeenkomst van geldlening. Toen zij de uitgeleende som opeiste, ging betrokkene niet direct tot betaling over. In dat kader klaagt klaagster erover dat betrokkene onprofessioneel heeft gehandeld. De Accountantskamer verklaart de klacht deels niet-ontvankelijk, en deels ongegrond. Betrokkene had een voldoende aanvaardbare reden voor de niet onmiddellijke terugbetaling van de geldlening, zodat hij voldoende professioneel heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2023:86 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2022/4120
- Datum publicatie: 31-03-2023
- Datum uitspraak: 31-03-2023
- ECLI:NL:TGZRAMS:2023:86
Deels gegronde klacht tegen een bedrijfsarts. Klager heeft meerdere klachten. Klager betoogt dat het bericht dat de bedrijfsarts buiten hem om aan de advocaat van zijn werkgever heeft gestuurd, informatie bevat die hij op grond van de geldende richtlijnen niet aan de werkgever had mogen verstrekken. Het college acht dit klachtonderdeel gegrond. De bedrijfsarts had, zoals hij zelf ook min of meer erkent, zich moeten onthouden van verklaringen over het gedrag van klager. Verder verwijt klager de bedrijfsarts dat zijn verslaglegging onjuist/onwaarachtig is. Volgens klager heeft de bedrijfsarts hem tijdens een consult op geen enkele wijze duidelijk gemaakt dat hij weer arbeidsgeschikt werd geacht. Het advies in de tussentijdse evaluatie moge goed door de bedrijfsarts zijn doordacht en, anders dan klager insinueert, ook goed zijn bedoeld en ‘vrijstelling van werk’ inhouden, duidelijk is dat de bedrijfsarts zijn zienswijze in het consult met klager niet goed heeft uitgelegd en / of heeft besproken. Het college acht ook deze klacht gegrond. De overige klachtonderdelen zijn ongegrond. Wat betreft de maatregel, rekent het college de bedrijfsarts in het bijzonder aan dat hij zich tegenover de advocaat van de werkgever op tendentieuze toon over klager heeft uitgelaten. Berisping.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2023:57 Raad van Discipline Amsterdam 23-133/A/A 23-134/A/A
- Datum publicatie: 31-03-2023
- Datum uitspraak: 27-03-2023
- ECLI:NL:TADRAMS:2023:57
Voorzittersbeslissing; Kennelijk ongegronde klacht over de dienstverlening van de eigen advocaat en over de kantoorgenoot die als klachtenfunctionaris de interne klacht en aansprakelijkheidstelling heeft behandeld. Hoewel namens verweerder 1 in eerste instantie abusievelijk aan de rechtbank is verzocht klaagsters zaken gevoegd te behandelen, heeft verweerder 1 dit tijdig gecorrigeerd. Van het feit dat de rechtbank daarop wel heeft besloten de zaken op dezelfde dag en door dezelfde rechter te laten behandelen, valt verweerder 1 geen verwijt te maken. Dit betreft een beslissing van de rechtbank. Ook overigens is niet gebleken dat de dienstverlening van verweerder 1 aan klaagster ondermaats is geweest. Verder is niet gebleken dat verweerder 2 in zijn hoedanigheid van klachtenfunctionaris de bij het kantoor ingediende klachten (aansprakelijkheidstelling) over verweerder 1 op een wijze heeft behandeld dat hij daarmee het vertrouwen in de advocatuur heeft geschaad. Verweerder 2 is met klaagster in gesprek gegaan, waarbij is stilgestaan bij de klachten die klaagster over verweerder 1 had en is er gekeken naar een oplossing voor die klachten. Het is verder niet aan de voorzitter een oordeel te geven over de verdere afhandeling van de civiele aansprakelijkheidstelling. Voor zover klaagster heeft verzocht het kantoor van verweerders te verplichten de in dat kader gestelde afspraken alsnog na te komen, gaat dit eveneens de spankracht van het tuchtrecht te buiten.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2023:64 Raad van Discipline Amsterdam 22-807/A/A
- Datum publicatie: 31-03-2023
- Datum uitspraak: 27-03-2023
- ECLI:NL:TADRAMS:2023:64
Klacht tegen eigen advocaat. Verweerder was op grond van artikel 509c Sv als advocaat van klager aangesteld. Nadat klager in de strafrechtelijke procedure was ontslagen van alle rechtsgevolgen heeft verweerder zonder toestemming van klager een verzoek om schadevergoeding ingediend, alsmede is hij op de mondelinge behandeling van dat verzoek verschenen. Klager stelt dat verweerder daarmee tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Hierin wordt hij door de raad niet gevolgd. De raad is van oordeel dat verweerder voldoende heeft onderbouwd dat hij daarmee in het belang van klager heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2023:58 Raad van Discipline Amsterdam 23-136/A/A
- Datum publicatie: 31-03-2023
- Datum uitspraak: 27-03-2023
- ECLI:NL:TADRAMS:2023:58
Voorzittersbeslissing. Kennelijk niet-ontvankelijk vanwege het ontbreken van een eigen belang voor klaagster in klachtonderdeel a) en klager in klachtonderdeel b). Kennelijk ongegrond nu op grond van de stukken niet wordt onderbouwd dat verweerster bij het doen van de uitspraak (als zij deze uitspraak al zou hebben gedaan) bekend was met de onjuistheid voor klager in klachtonderdeel a) en er ten aanzien van klaagster in klachtonderdeel b) geen sprake is van een schending van gedragsregel 25.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2023:65 Raad van Discipline Amsterdam 22-573/A/NH
- Datum publicatie: 31-03-2023
- Datum uitspraak: 27-03-2023
- ECLI:NL:TADRAMS:2023:65
Verzetzaak. Klaagster stelt dat de beslissing van de voorzitter is gebaseerd op onjuiste en onvolledige feiten. Klaagster wordt daarin niet gevolgd. Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2023:59 Raad van Discipline Amsterdam 23-057/A/A
- Datum publicatie: 31-03-2023
- Datum uitspraak: 27-03-2023
- ECLI:NL:TADRAMS:2023:59
Voorzittersbeslissing: Klacht is in alle onderdelen kennelijk ongegrond. Klachtonderdelen a), b), d) en e) vallen buiten het bestek van de tuchtrechtprocedure. In klachtonderdeel c) is niet gebleken van een schending van gedragsregel 5.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2023:82 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2022/3973
- Datum publicatie: 31-03-2023
- Datum uitspraak: 31-03-2023
- ECLI:NL:TGZRAMS:2023:82
Kennelijk ongegronde klacht tegen een bedrijfsarts. Klager verwijt de bedrijfsarts dat hij zijn beroepsgeheim heeft geschonden door (per e-mail) medische gegevens aan de waarnemend teamleider van klager te verstrekken. Het college constateert dat uit de e-mail niet volgt dat de bedrijfsarts eerder met de werkgever van klager over diens diagnose heeft gesproken. De waarnemend teamleider schrijft immers dat hij via klager zelf op de hoogte is van de diagnose schizofrenie en vraagt aan de bedrijfsarts of dit ook bij hem bekend is. Voor zover klager met zijn klacht bedoeld heeft dat de bedrijfsarts (actief) de diagnose met de werkgever van klager zou hebben gedeeld, is de klacht dan ook ongegrond. Voor zover klager met zijn klacht bedoeld heeft dat de bedrijfsarts in zijn antwoord op de vraag van de waarnemend teamleider te veel informatie heeft gegeven, volgt het college dat niet. De reactie van de bedrijfsarts is neutraal en bevestigt de suggestie van de waarnemend teamleider niet. De bedrijfsarts heeft hiermee dan ook naar het oordeel van het college niet tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld. Klacht kennelijk ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2023:66 Raad van Discipline Amsterdam 22-835/A/A
- Datum publicatie: 31-03-2023
- Datum uitspraak: 27-03-2023
- ECLI:NL:TADRAMS:2023:66
Verzetzaak. Klager is het niet eens met de beslissing van de voorzitter dat hij niet heeft meegedeeld welk relevant stuk in het door verweerder opgestelde beroepschrift ontbrak en dat klager onvoldoende heeft onderbouwd dat verweerder het standpunt van klager onvoldoende naar voren heeft gebracht. Klager wordt daarin niet gevolgd. Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2023:60 Raad van Discipline Amsterdam 23-135/A/A
- Datum publicatie: 31-03-2023
- Datum uitspraak: 27-03-2023
- ECLI:NL:TADRAMS:2023:60
Voorzittersbeslissing; klacht over de dienstverlening door de eigen advocaat. Verweerder heeft niet tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door zijn weigering voor klager een procedure bij de rechtbank op te starten. Verweerder verwachtte dat een procedure bij de rechtbank niet succesvol zou zijn en achtte de procedure niet in het belang van klager. Het zou klager enkel extra kosten opleveren. Verweerder heeft als dominus litis hierin zijn keuze zorgvuldig en in het belang van klager gemaakt.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2023:83 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2022/4327
- Datum publicatie: 31-03-2023
- Datum uitspraak: 31-03-2023
- ECLI:NL:TGZRAMS:2023:83
Kennelijk ongegronde klacht tegen een bedrijfsarts. Klager verwijt de bedrijfsarts onder andere dat hij klager liet doorwerken terwijl klager liet weten dat het slecht met hem ging en dat hij niet klager maar de werkgever van klager heeft geholpen. Naar het oordeel van het college heeft de bedrijfsarts wel degelijk met klager gesproken over het eventueel stoppen met werken. Dat klager dit niet heeft gedaan, ook als dit was ingegeven door angst voor de werkgever zoals klager stelt, kan de bedrijfsarts niet worden verweten. Voor de – niet onderbouwde – stelling van klager dat de bedrijfsarts hem heeft misleid om klagers werkgever te helpen, dan wel dat de bedrijfsarts ‘partij kiest’ voor de werkgever, kan het college in de processtukken geen aanwijzingen vinden. Klacht kennelijk ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2023:67 Raad van Discipline Amsterdam 22-884/A/NH
- Datum publicatie: 31-03-2023
- Datum uitspraak: 27-03-2023
- ECLI:NL:TADRAMS:2023:67
Verzetzaak. Klager stelt dat de voorzitter de beslissing onvoldoende heeft onderbouwd en voor zover het wel is onderbouwd dat die onderbouwing onjuist is. Daarnaast is klager het niet eens met de beslissing van de voorzitter dat alleen de deken kan klagen over een inbreuk op de vrije advocaatkeuze. Klager wordt daarin niet gevolgd. Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2023:61 Raad van Discipline Amsterdam 23-130/A/A
- Datum publicatie: 31-03-2023
- Datum uitspraak: 27-03-2023
- ECLI:NL:TADRAMS:2023:61
Voorzittersbeslissing; Betreft een kennelijk ongegronde klacht over de eigen advocaat. Verweerder heeft zich niet tuchtrechtelijk verwijtbaar jegens klaagster gedragen door haar er op te wijzen dat het feit dat zij samenwoont gevolgen heeft voor het in aanmerking komen voor gefinancierde rechtsbijstand.
-
ECLI:NL:TACAKN:2023:25 Accountantskamer Zwolle 22/1426 Wtra AK 22/1446 Wtra AK
- Datum publicatie: 31-03-2023
- Datum uitspraak: 31-03-2023
- ECLI:NL:TACAKN:2023:25
Klager en betrokkene zijn werkzaam geweest bij dezelfde accountantsorganisatie. Volgens klager heeft betrokkene een onvoorzien verlies in een project afgeboekt op een code van een ander project en heeft betrokkene het afgeboekte verlies in rekening gebracht bij de opdrachtgever. Klacht na zitting ingetrokken, geen algemeen belang.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2023:84 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2022/4117
- Datum publicatie: 31-03-2023
- Datum uitspraak: 31-03-2023
- ECLI:NL:TGZRAMS:2023:84
Ongegronde klacht tegen een bedrijfsarts. Klager verwijt de bedrijfsarts dat hij geen juiste voorstelling van zaken heeft gegeven in zijn terugkoppeling van het spreekuur; dat hij de informatievoorziening en correspondentie aan klager en zijn werkgever niet gelijktijdig naar deze partijen heeft gestuurd en dat hij een passieve houding heeft aangenomen en een onduidelijk advies heeft verstrekt. Het college is van oordeel dat de terugkoppeling zoals de bedrijfsarts deze heeft opgesteld voldoende neutraal is. Wellicht had de bedrijfsarts, mede gelet op zijn bedoeling met de terugkoppeling, beter kunnen volstaan met de mededeling dat het spreekuur niet goed was verlopen en het advies om een nieuw consult bij een andere bedrijfsarts (eventueel van een andere arbodienst) in te plannen, maar de terugkoppeling zoals door de bedrijfsarts verwoord, is niet onzorgvuldig. Dat de werkgever van klager vervolgens tot een loonopschorting is overgegaan kan de bedrijfsarts niet worden aangerekend. De overige klachtonderdelen zijn ook ongegrond.