Zoekresultaten 8221-8240 van de 48550 resultaten

  • ECLI:NL:TAHVD:2023:86 Hof van Discipline 's Gravenhage 210311 210312 210313

    Optreden van drie advocaten als externe onderzoekscommissie op grond van (Nederlandse) klachtenregeling van de opdrachtgever. Klachtenregeling geldt als protocol. Kernwaarde onafhankelijkheid brengt mee dat een advocaat die met zijn opdrachtgever afspreekt dat hij voor die opdrachtgever onafhankelijk onderzoek zal verrichten, in een andere relatie tot zijn opdrachtgever komt te staan dan de klassieke advocaat-cliëntrelatie. Er ontstaat dan eenrelatie met een op zichzelf staand karakter (sui generis), waarin de kernwaarde partijdigheid in beginsel niet meer geldt. Ook de kernwaarde van de vertrouwelijkheid kan niet onverkort op de advocaat-onderzoeker van toepassing zijn, omdat die op gespannen voet staat met de plicht van een advocaat-onderzoeker om objectief en onafhankelijk onderzoek te doen. Artikel 10a betreft dus de rol van de advocaat als raadsman en – zie artikel 10a sub e – vertrouwenspersoon (de klassieke advocaat-cliëntrelatie). Als de advocaat als onderzoeker optreedt, is van die klassieke situatie geen sprake en heeft de kernwaarde van de jegens de cliënt te betrachten vertrouwelijkheid geen doorslaggevende waarde. Dit in tegenstelling tot de onafhankelijkheid, die juist voorop staat. De hoedanigheid van onderzoeker brengt ook mee dat de advocaat zich transparant, integer (objectief), onafhankelijk (zelfstandig), deskundig en zorgvuldig dient te gedragen. Die verplichting heeft hij niet alleen naar de opdrachtgever maar (juist) ook naar alle andere betrokkenen bij het onderzoek en derden. Verweerders hebben in strijd gehandeld met hun onderzoeksprotocol, de Nederlandse klachtenregeling, door (alleen) aan hun opdrachtgever een concept van hun rapportage voor te leggen en tevens door de Engelse (andersluidende) klachtenregeling ten nadele van klaagsters toe te passen en een oordeel te geven over de beschadigde werkrelatie tussen klaagsters en medewerkers in Engeland, waarmee klaagsters geen rekening hebben kunnen houden en waartegen zij zich niet hebben kunnen verweren. Door zich niet (strikt) aan de klachtenregeling te houden hebben verweerders in hun hoedanigheid van externe onderzoekscommissie het vertrouwen in de advocatuur geschaad. Klacht deels gegrond. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TAHVD:2023:121 Hof van Discipline 's Gravenhage 220079

    klacht over eigen advocaat in alimentatiekwestie. Klaagster kwam in beroep tegen ongegrond verklaarde klachtonderdelen. Het hof verklaart die eveneens ongegrond. Verweerster heeft actief haar best gedaan de vertrouwensbreuk te voorkomen. Niet blijkt dat zij die heeft geforceerd of uitgelokt. Verder was het niet aan verweerster om voor de zittingsaantekeningen te zorgen, nu de rechtbank aangaf geen proces-verbaal te verstrekken. Verweerster heeft actief geprobeerd met de griffier de afspraken uit de regiezitting te reconstrueren. Verder geldt dat verweerster weliswaar onvoldoende doortastend is geweest bij de indiening van het wrakingsverzoek, maar dat dit niet zo ernstig is dat het tuchtrechtelijk verwijtbaar is. Ten slotte heeft zij niet haar geheimhoudingsplicht geschonden door de beslissingen uit de zaak van klaagster te delen met de bestuursrechter, Raad voor Rechtsbijstand en de deken. Beroep faalt.

  • ECLI:NL:TAHVD:2023:115 Hof van Discipline 's Gravenhage 220304

    Klacht over advocaat wederpartij in beslagkwestie. Verweerder heeft zich voldoende ingespannen om de processtukken op een juiste manier aan klaagster te betekenen - hij heeft voldaan aan zijn verplichtingen in de zin van het Wetboek op Rechtsvordering. Dat verweerder geen bewijs van ontvangst door klaagster overlegt, doet daar niet aan af. Verder heeft verweerder de stukken toegezonden aan het e-mailadres waarop eerder met haar is gecorrespondeerd en via whatsapp op het nummer dat bekend was bij het kantoor. Het had netjes geweest als hij de bij hem bekende gemachtigde ook had geïnformeerd over de ondernomen stappen, maar is in de onderhavige omstandigheden niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Voor het overige bekrachtigt het hof het oordeel van de raad. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2023:122 Hof van Discipline 's Gravenhage 220068

    Klacht tegen advocaat wederpartij. Anders dan de raad verklaart het hof klager ontvankelijk. De driejaarstermijn op een later tijdstip aangevangen dan door de raad aangenomen. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2023:116 Hof van Discipline 's Gravenhage 220168 220169

    Bekrachtiging beslissing raad. De klacht is niet-ontvankelijk. Geen sprake van schending van ne bis in idem-beginsel. Ook kent het tuchtrecht geen (wettelijke) verplichting op grond waarvan een klager gehouden is zijn klachten tegen een advocaat te concentreren en deze tegelijkertijd in één tuchtprocedure aanhangig te maken. Hoewel het wenselijk is dat een klager zijn klachten zo veel mogelijk bundelt, bestaat daartoe geen verplichting. Dit laat echter onverlet dat in een concreet geval het indienen van een opvolgende klacht in strijd kan komen met de beginselen van een behoorlijk tuchtprocesrecht. Daarvan is in dit geval sprake.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2023:156 Raad van Discipline 's-Gravenhage 23-049/DH/RO

    Raadsbeslissing. Klacht over de eigen advocaat. Termijnoverschrijding instellen rechtsmiddel. Geen opdracht verleend op beroep in te stellen. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2023:123 Hof van Discipline 's Gravenhage 230057

    Beklag ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2023:117 Hof van Discipline 's Gravenhage 220133

    Bekrachtiging beslissing raad. Klacht van een advocaat over een advocaat over een advocaat, met betrekking tot onnodig grievende en onwelwillende uitlatingen. Welwillendheid en vertrouwen moet van beide kanten komen. Geen tuchtrechtelijke verwijtbaarheid, mede gelet op de eigen gedragingen van klager, het feit dat verweerder de hem verweten uitlatingen niet openbaar en niet in een zaak heeft gedaan, en de uitlatingen niet (mede) bestemd waren voor cliënten en/of derden..

  • ECLI:NL:TADRSGR:2023:157 Raad van Discipline 's-Gravenhage 23-003/DH/DH

    Raadsbeslissing. Klacht over de eigen advocaat in een echtscheidingsprocedure. Niet gebleken dat verweerder niet partijdig was. De door verweerder verstuurde opdrachtbevestiging voldoet aan de daaraan te stellen eisen. Klachten over de kwaliteit van de dienstverlening ongegrond. Geen belang bij klacht over het overhandigen van dossiers.

  • ECLI:NL:TAHVD:2023:118 Hof van Discipline 's Gravenhage 220132

    Klacht over advocaat wederpartij in familierechtelijke kwestie. Anders dan de raad overweegt het hof dat verweerder wel degelijk mocht afgaan op de informatie van zijn cliënte dat klager een psychische stoornis had. Daarvoor had hij in dit geval voldoende aanleiding. Nadat de advocaat van klager die uitvoerig heeft betwist, heeft verweerder dit ook niet meer zelfstandig aan de orde gesteld maar enkel nog gereageerd op de advocaat van klager. Van volharding is daarom geen sprake. Vernietiging beslissing raad. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TNORSHE:2023:13 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2023/15 SHE/2023/16

    Klachten van het BFT over het vervullen van de poortwachtersrol niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de driejaarstermijn. De kamer merkt het schriftelijke signaal van de politie aan als dermate serieus dat van het BFT in de gegeven omstandigheden meer voortvarendheid had mogen worden verwacht. Nu tussen de ontvangst van dat signaal en het opvragen van de dossiers bij de notarissen bijna een jaar is verstreken, acht de kamer dit tijdsverloop niet meer redelijk. Dat de daadwerkelijke start van het onderzoek naar de onroerendgoedtransacties volgens het BFT (mede) is vertraagd door de uitbraak van het coronavirus, waardoor het geplande kantoorbezoek niet kon doorgaan en de werkwijze moest worden aangepast, vormt naar het oordeel van de kamer geen voldoende rechtvaardiging voor dit tijdsverloop.

  • ECLI:NL:TAHVD:2023:119 Hof van Discipline 's Gravenhage 220115

    Klacht tegen advocaat wederpartij over bedreiging. Ook in hoger beroep onvoldoende weersproken. Bekrachtiging gegrondverklaring met berisping

  • ECLI:NL:TNORAMS:2023:8 Kamer voor het notariaat Amsterdam 724631 / NT 22-44 724634 / NT 22-45

    Afhandeling dossier was onzorgvuldig. Klacht gegrond. De kamer legt aan de kandidaat-notaris de maatregel van waarschuwing op, omdat hij direct betrokken was bij het dossier. Aan de notaris legt de kamer geen maatregel op. De kamer houdt daarbij rekening met de latere, meer indirecte, betrokkenheid van de notaris en het door hem op de zitting getoonde inzicht dat sprake is geweest van onzorgvuldig handelen.

  • ECLI:NL:TNORAMS:2023:9 Kamer voor het notariaat Amsterdam 726702 / NT 22-54 726703 / NT22-55

    Klacht over de werkwijze van de notarissen, die naar het oordeel onvoldoende voortvarend en behulpzaam zijn geweest. De notarissen hadden klaagster kunnen uitnodigen om een en ander uit te leggen om vervolgens samen tot een oplossing te komen, in plaats van steeds per e-mail te blijven aandringen op het sturen van stukken. Weliswaar is het ook in het belang van klaagster dat de notaris controleert of zij beschikkingsbevoegd is, maar de notaris had tevens oog moeten hebben voor de dubbele lasten die klaagster zou moeten dragen indien de koop niet door zou gaan. Uit de overgelegde e-mailcorrespondentie en hetgeen de notaris daarover ter zitting heeft verklaard, blijkt dat de regie van de aanpak in het dossier (in elk geval in de laatste fase) bij de notaris lag. De notaris heeft in het dossier de kandidaat-notaris (waarvoor hij de verantwoording draagt) aangestuurd om de stukken bij klaagster op te vragen. De kamer legt daarom de notaris de maatregel van waarschuwing op; aan de kandidaat-notaris wordt geen maatregel opgelegd.

  • ECLI:NL:TAHVD:2023:120 Hof van Discipline 's Gravenhage 220091

    Klacht tegen eigen advocaat over de kwaliteit van de dienstverlening in het pensioenrecht. Klaagster heeft weliswaar heel gerichte stellingen ingenomen over welke technisch inhoudelijke punten verweerder aan de orde had moeten stellen in de procedure, maar nog geen begin van een onderbouwing aangeleverd. Bij gebrek aan onderbouwing faalt ook het beroep. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2023:114 Hof van Discipline 's Gravenhage 220124 220126D

    Samenvatting: Klacht en dekenbezwaar over declareren aan klager én via een toevoeging aan de RvR gegrond. Bekrachtiging beslissing raad met verzwaring van de maatregel. Klager is ontvankelijk: in het algemeen heeft een rechtzoekende belang bij de klacht dat er dubbel is gedeclareerd, niet alleen bij hemzelf maar ook op zijn naam bij de RvR. Als verweerder al met klager zou hebben besproken dat klager afstand deed van zijn recht op gefinancierde rechtsbijstand, laat dit de klacht over dubbel declareren onverlet. Vast staat dat verweerder klager declaraties heeft gezonden, dat klager in aanmerking kwam voor een toevoeging en dat verweerder op de toevoeging drie keer extra uren heeft aangevraagd, dat hij de toevoeging heeft gedeclareerd en dat deze is uitbetaald. De stelling van verweerder dat het per ongeluk is gebeurd is ongeloofwaardig. Niet gebleken dat de toevoeging (en de daarop gebaseerde vergoeding) is ingetrokken. Verweerder heeft aldus gehandeld in strijd met gedragsregel 18 lid 2 en artikel 4 lid 2 van het Besluit vergoedingen rechtsbijstand. Door zowel aan klager als aan de RvR te declareren heeft verweerder laakbaar gehandeld en het vertrouwen in zijn functioneren bijna onherstelbaar geschaad. Het hof legt 12 weken schorsing, waarvan zes voorwaardelijk op (raad: vier maanden voorwaardelijk), met behoud van de door de raad opgelegde bijzondere voorwaarden (vergoeding aan klager van de door klager als gevolg van de declaraties geleden schade tot de maximumhoogte van het in artikel 48b lid 1 Advocatenwet genoemde bedrag van € 5000,- door overboeking op klagers bankrekening binnen twee weken en creditering van de aan klager gestuurde declaraties voor het totaal gefactureerde bedrag, dus ook boven het bedrag van € 5000,-).

  • ECLI:NL:TADRSHE:2023:90 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 23-459/DB/ZWB

    Klacht over de advocaat van wederpartij. Verweerder mocht de houding van de gemachtigde van klaagster meewegen in de welwillendheid om mee te werken aan een later uitstelverzoek van de zijde van klager. Verweerder heeft bovendien zijn excuses aangeboden. Niet gebleken dat verweerder bewust onjuiste informatie heeft gegeven.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2023:91 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 23-467/DB/ZWB

    Klacht kennelijk ongegrond. Het stond verweerder vrij de wederpartij van klager bij te staan. Niet vast te stellen is dat verweerder betaald is uit geld dat is verworven door oplichting.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2023:92 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 23-426/DB/LI

    Klacht kennelijk ongegrond. Niet gebleken dat verweerder tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.

  • ECLI:NL:TAHVD:2023:111 Hof van Discipline 's Gravenhage 220255D

    Bekrachtiging beslissing raad. Niet voldaan aan herhaalde verzoeken tot het doen van CCV-opgave 2021 en evenmin aan verzoeken tot aanleveren van financiële kengetallen over 2020 (en vergelijkende cijfers over 2019). Berisping en voorwaardelijke boete van € 2.500,- die verschuldigd is als verweerder binnen vier weken aan de deken de gevraagde informatie heeft verstrekt.