Zoekresultaten 7741-7760 van de 48540 resultaten
-
ECLI:NL:TAHVD:2023:183 Hof van Discipline 's Gravenhage 220328
- Datum publicatie: 01-11-2023
- Datum uitspraak: 27-10-2023
- ECLI:NL:TAHVD:2023:183
Klacht over eigen advocaat. Verweerder heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door de opdracht incl overeengekomen uurtarief niet schriftelijk vast te leggen en ook andere belangrijke informatie en afspraken niet vast te leggen. De raad had daarbij de klacht dat verweerder hoorbaar over klagers had geroddeld en klagers te beledigen gegrond verklaard,. Dit verklaart het hof ongegrond omdat verweerder dat in beroep voldoende gemotiveerd heeft betwist. Berisping.
-
ECLI:NL:TAHVD:2023:184 Hof van Discipline 's Gravenhage 220320
- Datum publicatie: 01-11-2023
- Datum uitspraak: 27-11-2023
- ECLI:NL:TAHVD:2023:184
Vernietiging beslissing raad. Gegrondverklaring beide klachtonderdelen. Verweerder heeft op zijn minst genomen het risico aanvaard dat de rechter ter zitting zou (kunnen) worden misleid. Door de overeenkomst bovendien te paraferen en deze te voorzien van zijn kantoorstempel onder de handtekening en door de opmerking waarbij verweerder heeft doen voorkomen dat klager bij hem op kantoor is geweest ter zitting na betwisting niet terstond in te trekken, heeft verweerder zich niet gedragen zoals een advocaat betaamt. Hof legt zwaardere maatregel op dan de raad. Verder houdt het hof ten nadele van verweerder in enige mate rekening met zijn tuchtrechtelijke verleden. Voorwaardelijke schorsing 2 weken met proeftijd van 2 jaren en proceskostenveroordeling.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2023:241 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam a2023/5455
- Datum publicatie: 31-10-2023
- Datum uitspraak: 31-10-2023
- ECLI:NL:TGZRAMS:2023:241
Kennelijk ongegronde klacht tegen een psychiater. Klaagster verwijt de psychiater dat hij niet op juiste wijze met een rechterlijke machtiging is omgegaan en haar niet op juiste wijze heeft behandeld. Daarnaast verwijt zij de psychiater dat medicijnen hebben geleid tot een grote gewichtstoename en dat zij onnodig vaak in de separeercel heeft moeten verblijven. Naar het oordeel van het college is de gemaakte keuze voor een depot met de onderhavige omvang er één die gelet op de geestelijke gezondheidssituatie van klaagster zonder meer voor de hand lag. De psychiater heeft onderkend dat deze behandeling kon leiden tot een gewichtstoename bij klaagster. Dit heeft hij meegewogen en hij heeft klaagster hierover geïnformeerd. Uit het dossier van klaagster volgt dat de psychiater bovengemiddelde aandacht voor klaagster heeft gehad. Niet is gebleken dat de psychiater bij het feitelijk overbrengen van klaagster naar de separeercel betrokken is geweest. Klacht kennelijk ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2023:199 Raad van Discipline Amsterdam 23-218/A/NH
- Datum publicatie: 31-10-2023
- Datum uitspraak: 23-10-2023
- ECLI:NL:TADRAMS:2023:199
Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2023:256 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 23-315/AL/MN
- Datum publicatie: 31-10-2023
- Datum uitspraak: 09-10-2023
- ECLI:NL:TADRARL:2023:256
Klaagster is niet-ontvankelijk in de meeste verwijten over de kwaliteit van de dienstverlening van haar toenmalige (inmiddels ex) advocaat omdat deze door haar buiten de wettelijke driejaarstermijn zijn ingediend. Het enige wel ontvankelijke verwijt is ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2023:179 Hof van Discipline 's Gravenhage 230094
- Datum publicatie: 31-10-2023
- Datum uitspraak: 27-10-2023
- ECLI:NL:TAHVD:2023:179
Klacht tegen advocaat die op grond van artikel 509c Sv is aangewezen ongegrond. Bekrachtiging beslissing raad.
-
ECLI:NL:TADRARL:2023:257 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 23-376/AL/MN
- Datum publicatie: 31-10-2023
- Datum uitspraak: 04-09-2023
- ECLI:NL:TADRARL:2023:257
Voorzittersbeslissing. De voorzitter verklaart een klacht over de advocaat van de wederpartij kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2023:144 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2023/1834
- Datum publicatie: 31-10-2023
- Datum uitspraak: 30-10-2023
- ECLI:NL:TGZCTG:2023:144
Klacht tegen een oogarts. Klager heeft zich met visusklachten in 2019 voor het eerst gewend tot de kliniek waar de oogarts werkzaam is. Daar is een staaroperatie aan het rechteroog afgesproken, welke afspraak later door klager is afgezegd. Begin september 2021 is klager opnieuw in de kliniek gezien wegens slechter zien, met name van het rechteroog. Bij onderzoek werd beiderzijds naast een visusafwijking ook staar vastgesteld. Klager heeft in oktober 2021 een staaroperatie aan het rechteroog ondergaan en in november 2021 aan het linkeroog. De oogarts heeft beide operaties uitgevoerd. Klager verwijt de oogarts dat hij bij de eerste operatie geen acht heeft geslagen op de medicatielijst en hem een verkeerd medicijn heeft voorgeschreven, waardoor klager ’s nachts een neusbloeding heeft gekregen. Daardoor is hij bijna gestikt. Verder heeft de oogarts volgens klager bij de tweede operatie een verkeerde lens geplaatst. Die lens functioneert niet, omdat die geen cilinder heeft, ondanks dat in het oog een cilindrische afwijking was vastgesteld. Klager heeft klachten van trilling en wazig zien, en slechter zicht dan voor de operatie. Het Regionaal Tuchtcollege acht de klacht kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager tegen deze beslissing.
-
ECLI:NL:TAHVD:2023:180 Hof van Discipline 's Gravenhage 230080
- Datum publicatie: 31-10-2023
- Datum uitspraak: 27-10-2023
- ECLI:NL:TAHVD:2023:180
Klacht over eigen advocaat in letselschadezaak. Verweerder was onbereikbaar voor klager en heeft klager onvoldoende op de hoogte gehouden van de stand van zaken in het dossier. Het hof heeft een andere reikwijdte van de klachtomschrijving vastgesteld dan de raad. Verweerder heeft in het verleden al meerdere maatregelen opgelegd gekregen voor slechte bereikbaarheid voor de cliënt en gebrekkige informatieverstrekking. Verweerder beseft blijkbaar niet dat het voor adequate en op de cliënt toegespitste rechtsbijstand van fundamenteel belang is goed en frequent te communiceren. Verder wordt maatregel verlicht om de maatregel zodat die in lijn is met de maatregeloplegging in vergelijkbare zaken. Schorsing 6 weken, waarvan 3 voorwaardelijk.
-
ECLI:NL:TADRARL:2023:258 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 23-394/AL/MN
- Datum publicatie: 31-10-2023
- Datum uitspraak: 04-09-2023
- ECLI:NL:TADRARL:2023:258
Voorzittersbeslissing. De voorzitter verklaart een klacht over de advocaat van de wederpartij kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2023:238 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2022/5221
- Datum publicatie: 31-10-2023
- Datum uitspraak: 31-10-2023
- ECLI:NL:TGZRAMS:2023:238
Kennelijk ongegronde klacht tegen een physician assistant. Klaagster verwijt de physician assistant een gedwongen opname (en dat zij voor gek is verklaard), fixatie ondanks haar fracturen en toediening van dwangmedicatie. Het college overweegt dat de physician assistant niet over de gedwongen opname heeft beslist. Klaagster werd gedwongen opgenomen vanwege haar tijdelijke verwardheid die voortkwam uit een kwetsbaar brein, wat werd veroorzaakt door een aantal fysieke aandoeningen. Dit betekent dat haar brein door ziekte tijdelijk ontregeld was en dat zij daarvoor psychiatrische hulp nodig had. Door die verwardheid stond zij daarvoor op dat moment niet open. Dit wil niet zeggen dat zij daarmee voor gek is verklaard. Het college kan begrijpen dat klaagster, ondanks haar verwondingen, is gefixeerd om haar weglopen te verhinderen en de veiligheid te garanderen. De psysician assistant was het eens met de maatregelen maar heeft de beslissing daartoe niet genomen. Het college is van oordeel dat het toedienen van dwangmedicatie gerechtvaardigd was vanwege het gevaar van complicaties van de fixatie. Klacht kennelijk ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2023:145 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2023/1845
- Datum publicatie: 31-10-2023
- Datum uitspraak: 30-10-2023
- ECLI:NL:TGZCTG:2023:145
Klacht tegen een oogarts. Begin oktober 2021 heeft klaagster in het kader van haar regulierebehandeling door een collega van de oogarts een injectie in haar oog gekregen. De oogarts heeft klaagster halverwege oktober 2021 gezien in verband met klachten die zij had met betrekking tot vlekken in haar gezichtsveld. Klaagster is ontevreden over dit consult. Klaagster verwijt de oogarts ten eerste het ontstaan van een oogontsteking door een injectie met een besmette naald en ten tweede dat hij klaagster niet serieus heeft genomen: zij kon pas halverwege oktober 2021 bij hem terecht, hij adviseerde haar paracetamol te nemen tegen de onhoudbare pijn, vond het niet nodig om actie te ondernemen op de klacht dat klaagster niks meer zag en heeft anders dan hij beweert geen OCT-scan gemaakt. Het Regionaal Tuchtcollege acht de klacht kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klaagster tegen deze beslissing.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2023:195 Raad van Discipline Amsterdam 23-391/A/A
- Datum publicatie: 31-10-2023
- Datum uitspraak: 23-10-2023
- ECLI:NL:TADRAMS:2023:195
Raadsbeslissing; klacht over de advocaat van de wederpartij deels gegrond. Verweerder blijft bij herhaling onbegrijpelijke en wisselende standpunten innemen en kan zijn standpunten niet van een deugdelijke onderbouwing voorzien. Ook kon verweerder een juridische basisvraag ter zitting niet beantwoorden. Hiermee heeft verweerder naar het oordeel van de raad de kernwaarde deskundigheid geschonden. Daarbij is de handelswijze van verweerder ook onvoldoende doelmatig is geweest. Klachtonderdelen a) en b) zijn gegrond. Klachtonderdeel c) is ongegrond. Het meermaals aansprakelijk stellen van klagers door verweerder is niet fraai, maar klagers hadden er ook voor kunnen kiezen om deze vermeende aansprakelijkheidsstellingen terzijde te schuiven. Aan verweerder wordt de maatregel van een waarschuwing opgelegd.
-
ECLI:NL:TAHVD:2023:181 Hof van Discipline 's Gravenhage 230069D
- Datum publicatie: 31-10-2023
- Datum uitspraak: 27-10-2023
- ECLI:NL:TAHVD:2023:181
Dekenbezwaar. Verweerder is het niet eens met het handelen van de deken en de wijze waarop zij onderzoek doet naar zijn praktijk. Hij stelt dat bij derden aan de kaak en ziet zichzelf als klokkenluider. Verweerder gaat daarbij alle grenzen voorbij. Verweerder stuurt dreigende berichten naar de deken met daarbij derden in cc zoals haar kantoorgenoten van het advocatenkantoor en hij dreigt alle advocaten uit haar arrondissement en de pers bij hun geschil te betrekken. Verweerder ondermijnt hierdoor de toezichthoudende functie van de deken en is er enkel op gericht de deken te schaden. Verweerder laat zich daarbij niet corrigeren door toezichthouders of tuchtrechters, waardoor hij zichzelf buiten de beroepsgroep heeft geplaatst. Desgevraagd geeft verweerder aan dat hij zijn kruistocht tegen de deken niet zal staken. Bekrachtiging beslissing raad. Schrapping.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2023:239 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2022/5222
- Datum publicatie: 31-10-2023
- Datum uitspraak: 31-10-2023
- ECLI:NL:TGZRAMS:2023:239
Kennelijk ongegronde klacht tegen een neuroloog. Klaagster verwijt de neuroloog een gedwongen opname (en dat zij voor gek is verklaard), fixatie ondanks haar fracturen en toediening van dwangmedicatie. Het college overweegt dat de neuroloog op afstand was betrokken bij de zorg voor klaagster, als supervisor van de physician assistant. De neuroloog kon zich vinden in het besluit tot gedwongen opname, maar was niet bij de besluitvorming betrokken. Klaagster werd gedwongen opgenomen vanwege haar tijdelijke verwardheid die voortkwam uit een kwetsbaar brein, wat werd veroorzaakt door een aantal fysieke aandoeningen. Dit betekent dat haar brein door ziekte tijdelijk ontregeld was en dat zij daarvoor psychiatrische hulp nodig had. Door die verwardheid stond zij daarvoor op dat moment niet open. Dit wil niet zeggen dat zij daarmee voor gek is verklaard. Het college kan het begrijpen dat klaagster, ondanks haar verwondingen, is gefixeerd om haar het weglopen te verhinderen en de veiligheid te garanderen. Het toedienen van dwangmedicatie was gerechtvaardigd vanwege het gevaar van complicaties van de fixatie. Opgemerkt wordt dat de neuroloog het wel eens was met de maatregelen maar dat hij de beslissingen daartoe niet heeft genomen. Aangezien het college van oordeel is dat beide maatregelen gerechtvaardigd waren, kan de neuroloog – ook als eindverantwoordelijke – hiervan geen tuchtrechtelijk verwijt worden gemaakt. Klacht kennelijk ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2023:146 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2023/1864
- Datum publicatie: 31-10-2023
- Datum uitspraak: 30-10-2023
- ECLI:NL:TGZCTG:2023:146
Klacht tegen tandarts. Het gaat om de plaatsing van een brug door de tandarts bij klaagster. Volgens klaagster heeft de tandarts schade toegebracht met de boor aan haar kaakbot (klachtonderdeel 1). Daarnaast meent klaagster dat de zorg rondom de plaatsing van de brug tekort is geschoten (2), dat het dossier niet compleet is (3) en dat niet op de juiste wijze is gefactureerd (4). Het Regionaal Tuchtcollege verklaart klachtonderdeel 1 ongegrond, de klachtonderdelen 2, 3 en 4 gegrond en legt aan de tandarts de maatregel van waarschuwing op. Het Centraal Tuchtcollege oordeelt dat alleen klachtonderdeel 2 gegrond is, omdat van de tandarts meer inspanning verwacht had mogen worden om de brug te plaatsen. De maatregel van waarschuwing blijft in stand.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2023:196 Raad van Discipline Amsterdam 23-267/A/A
- Datum publicatie: 31-10-2023
- Datum uitspraak: 23-10-2023
- ECLI:NL:TADRAMS:2023:196
Raadsbeslissing; De klacht is ongegrond. Van schending van gedragsregel 22 is geen sprake.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2023:197 Raad van Discipline Amsterdam 23-273/A/A
- Datum publicatie: 31-10-2023
- Datum uitspraak: 23-10-2023
- ECLI:NL:TADRAMS:2023:197
Raadsbeslissing; Ongegronde klacht over de dienstverlening van de eigen advocaat in een cassatieprocedure. Verweerster heeft haar cassatieadvies niet op een verwijtbaar laat moment afgegeven en het valt haar niet aan te rekenen dat klagers cassatieberoep niet-ontvankelijk is verklaard, vanwege het niet indienen van een cassatieschriftuur. Hoewel het cassatieadvies maar kort voor het verlopen van de cassatietermijn is gegeven, heeft verweerster genoegzaam onderbouwd dat het verkrijgen van een second opinion, zo mogelijk gevolgd door het tijdig indienen van een cassatieschriftuur, zeker nog redelijkerwijs mogelijk was geweest. Verweerster heeft zich in dat verband ook nog ingespannen klager te helpen bij het vinden van een andere advocaat voor het geven van een second opinion. Ook valt verweerster niet te verwijten dat zij geen uitstel heeft willen vragen bij de Hoge Raad voor het indienen van het cassatieschriftuur. Omdat verweerster zelf, na bestudering van de zaak van klager, een negatief cassatieadvies had uitgebracht, was het naar het oordeel van de raad begrijpelijk dat verweerster het standpunt innam dat zij niet op goede gronden kon overgaan tot het vragen van uitstel.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2023:20 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2022/48
- Datum publicatie: 31-10-2023
- Datum uitspraak: 16-10-2023
- ECLI:NL:TNORSHE:2023:20
Bij de totstandkoming van de notariële geldleningsovereenkomst tussen klaagster en haar ex-partner is de notaris verwijtbaar tekortgeschoten in zijn zorg-, informatie-/Belehrungs- en onderzoeksplicht jegens klaagster. Er was onvoldoende waarborg aanwezig om mogelijk ongewenste beïnvloeding en mogelijk misbruik van juridische onkunde en feitelijk overwicht door de ex-partner tegen te gaan. Aan de notaris is de maatregel van waarschuwing opgelegd.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2023:240 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2023/5300
- Datum publicatie: 31-10-2023
- Datum uitspraak: 31-10-2023
- ECLI:NL:TGZRAMS:2023:240
Kennelijk ongegronde klacht tegen een psychiater. Klaagster verwijt de psychiater dat hij betrokken was bij een – in haar ogen – ten onrechte aangevraagde zorgmachtiging. Ook zou hij ten onrechte haar vrijwillige opname van een week niet hebben verlengd. De psychiater heeft aangevoerd dat de stukken met betrekking tot aanvraag van de zorgmachtiging op geen enkele wijze blijk geven van enige betrokkenheid van zijn kant. Het college onderschrijft dit. De psychiater heeft verder uiteengezet dat hij als geneesheer-directeur klaagsters bezwaar tegen het ontslag ongegrond heeft verklaard. Het betrof een time-out van één week, die niet werd verlengd vanwege het groepsontwrichtende en onhandelbare gedrag van klaagster. Het college ziet geen reden om aan de zorgvuldigheid van het besluit van de psychiater te twijfelen. Klacht kennelijk ongegrond verklaard.