Zoekresultaten 2761-2780 van de 48384 resultaten

  • ECLI:NL:TAHVD:2025:188 Hof van Discipline 's Gravenhage 250195

    Beklag artikel 13 advocatenwet ongegrond. De deken heeft zich terecht op het standpunt gesteld dat voor de procedure die klager wil voeren verplichte procesvertegenwoordiging door een advocaat niet noodzakelijk is. De verplichting voor de deken om op grond van artikel 13 Advocatenwet een advocaat aan te wijzen geldt alleen voor personen die een advocaat zoeken voor een procedure waarbij een advocaat verplicht is of voor een procedure waarin zij uitsluitend door een advocaat kunnen worden bijgestaan.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2025:110 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/7999

    Klacht tegen een arts (in opleiding tot bedrijfsarts) kennelijk ongegrond. Klaagster kwam meerdere keren op consult bij verweerster in verband met verzuimbegeleiding. Na de eerste afspraak constateerde verweerster dat er sprake was van een verstoorde arbeidsrelatie tussen klaagster en haar werkgever, en geen medische beperking in het kader van de Wet Verbetering Poortwachter (WVP). Vervolgens stelde verweerster vast dat er wel een medische beperking was. Bij het laatste consult concludeerde verweerster dat de klachten van klaagster niet meer als medische beperking konden worden aangemerkt. Klaagster verwijt de arts onder andere dat zij onvoldoende informatie had het advies te komen, een verkeerde diagnose heeft gesteld, onjuiste rapportages heeft opgesteld en haar onheus heeft bejegend. Het college oordeelt dat er geen sprake is van tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen, zo zijn de keuzes van de arts navolgbaar en van onjuiste verslaglegging is niet gebleken.

  • ECLI:NL:TAHVD:2025:184 Hof van Discipline 's Gravenhage 250231

    Beklag artikel 13 lid 1 Advocatenwet ongegrond. De deken heeft het verzoek om aanwijzing van een advocaat afgewezen, aan de beslissing is ten grondslag gelegd dat de procedure die klaagster wil voeren geen redelijke kans van slagen heeft. Uit wat klaagster heeft aangevoerd, blijkt niet dat de klachtencommissie op onzorgvuldige wijze tot haar advies is gekomen. Het hof deelt het standpunt van de deken dat zij dit advies, en de uitkomst ervan, mocht meewegen in haar beslissing. Met betrekking tot de schadevordering die klaagster wenst in te dienen bij de rechter, staat onvoldoende vast welk bedrag klaagster wil vorderen en op welke gronden.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2025:111 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8280

    Klager, verblijvende in een forensische psychiatrisch centrum, klaagt tegen een psychiater omdat hij het oneens is met de combinatie van medicatie die hem onder dwang wordt toegediend.Het college komt tot het oordeel dat de klacht kennelijk ongegrond is. Er was geen aanleiding om de dwangbehandeling te heroverwegen

  • ECLI:NL:TAHVD:2025:185 Hof van Discipline 's Gravenhage 250225

    Beklag artikel 13 advocatenwet ongegrond. Klager heeft bij de deken verzocht om aanwijzing van een advocaat voor een aansprakelijkheidsprocedure. De deken heeft aan de afwijzende beslissing ten grondslag gelegd dat de door klager gewenste procedure geen redelijke kans van slagen heeft. Het hof onderschrijft het standpunt van de deken dat er geen sprake was van handelen of nalaten van mr. [X] dat schade voor klager heeft veroorzaakt. Van belang is dat mr. [X] in een uitgebreid advies duidelijk heeft aangegeven waarom cassatie naar zijn mening geen redelijke kans van slagen had. Terecht heeft de deken erop gewezen dat na het -negatieve- cassatieadvies de rechtsbijstand waarvoor de toevoeging was verleend, is geëindigd.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2025:112 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8146

    Klaagster verwijt de huisarts het niet dan wel te laat, en deels onleesbaar, verstrekken van het medisch dossier van de overleden moeder van klaagster (hierna: patiënte), ondanks het daarover vermelde in haar levenstestament. Klaagster vindt verder dat het dossier niet volledig is en verwijt de huisarts dat door de huisarts niet is gereageerd op het verzoek wijzigingen in het medisch dossier van moeder aan te brengen. De huisarts erkent dat zij het dossier te laat heeft verstrekt en niet heeft gereageerd op het wijzigingsverzoek van klaagster. De huisarts betwist dat het dossier onvolledig is. Het college komt tot het oordeel dat de huisarts tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld en legt de maatregel van een waarschuwing op.

  • ECLI:NL:TAHVD:2025:186 Hof van Discipline 's Gravenhage 250317

    Klacht over de deken wordt niet verwezen. De deken diende alleen onderzoek te doen naar de klacht over een deken van een ander arrondissement en niet naar de onderliggende klacht. Klager klaagt er dan ook ten onrechte over dat de deken weigert onafhankelijk onderzoek te doen naar zijn onderliggende klacht. Misbruik van klachtrecht, omdat klager over de deken soortgelijke klachten indient als eerder over de andere deken, die betrekking hebben op het onderzoek naar de onderliggende klacht. Daarnaast is het klachtrecht niet bedoeld om te klagen over een dekenvisie of standpunt. De klacht dient dan te worden doorgestuurd naar de raad van discipline voor verdere beoordeling en afdoening.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2025:113 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8148

    Klaagster verwijt de huisarts dat in het medisch dossier van klaagsters overleden moeder door de huisarts gemaakte foto’s zouden ontbreken, dan wel zijn verwijderd. Het college komt tot het oordeel dat de klacht kennelijk ongegrond is

  • ECLI:NL:TGDKG:2025:98 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/758722 / DW RK 24/375 MK/WdJ

    De vordering betreft het tanken zonder te betalen. Het had op de weg van de gerechtsdeurwaarder gelegen om de concrete en voor de gerechtsdeurwaarder (deels) toetsbare bezwaren van klager direct voor te leggen aan de opdrachtgever. Klacht gegrond, maatregel van waarschuwing opgelegd.

  • ECLI:NL:TGDKG:2025:99 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/759826 / DW RK 24/399 MK/WdJ

    Dagvaarding op oud adres betekend, met als gevolg dat er verstekvonnis is gewezen. Klacht gegrond, maatregel van berisping opgelegd en veroordeling in proceskosten.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2025:108 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7321

    Klager klaagt erover dat een apotheker van een online-apotheek zonder uitleg met hem of overleg met een arts heeft vervangen door een ander medicijn en over het niet of onvoldoende verstrekken van zijn medisch dossier. Het college oordeelde dat de klacht kennelijk ongegrond is. De apotheker is namelijk niet de eindverantwoordelijke voor de communicatie over de medicijnverstrekking (dat is de gevestigd apotheker), en de patiënt had geen huisarts waarmee overleg mogelijk was. Het college overweegt daarbij wel dat een apotheker een client over een merkwissel dient te informeren. De apotheek heeft het medicatieoverzicht toegestuurd. Dat volstond. Een recept maakt geen deel uit van het medisch dossier van de apotheek. Klager heeft daarbij niet duidelijk gemaakt dat hij ook het originele recept wilde, dat bleek pas later, na het indienen van de klacht.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2025:135 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 24-958/DB/LI

    Raadsbeslissing. Klacht tegen eigen (voormalig) advocaat over schending van de geheimhoudingsplicht. De raad komt tot de conclusie dat niet is gebleken dat klager tegen het delen van informatie met de media en R desgevraagd geen bezwaren had. Daarmee is niet voldaan aan de cumulatieve voorwaarden van gedragsregel 3 lid 3. Verweerder heeft vertrouwelijke informatie gedeeld, terwijl niet is gebleken dat het delen van die vertrouwelijke informatie van zwaarwegend belang was voor klagers zaak. Verweerder heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld doordat hij in strijd heeft gehandeld met de kernwaarde vertrouwelijkheid in de zin van artikel 10a lid 1 aanhef en sub e Advocatenwet jo. artikel 11a van de Advocatenwet en de op hem rustende geheimhoudingsplicht zoals vastgelegd in gedragsregel 3. Voorwaardelijke schorsing van twee weken.

  • ECLI:NL:TAHVD:2025:183 Hof van Discipline 's Gravenhage 250237

    Beklag artikel 13 advocatenwet ongegrond. Klaagster wenst aanwijzing van een advocaat om cassatieberoep in te stellen tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 1 juli 2025. Op de dag voordat de cassatietermijn verstreek, op 8 juli 2025, heeft klaagster aan de deken om aanwijzing van een advocaat verzocht. Dit verzoek is afgewezen omdat de termijn om een advocaat aan te wijzen te kort was. De termijn om cassatie in te stellen zou verstrijken op 9 juli 2025 en de deken kon geen advocaat vinden die dezelfde dag een rechtsmiddel zou kunnen aanwenden. Dit betekent dat klaagsters doel – een rechtsmiddel instellen – niet meer kon worden bereikt, zodat aanwijzing van een advocaat voor dat doel zinloos was geworden.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2025:136 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-347/DB/OB

    Raadsbeslissing. Klacht tegen de eigen voormalig advocaat. Niet gebleken van excessief declareren. Het verwijt dat verweersters werkzaamheden feitelijk niets hebben opgeleverd, mist voorts feitelijke grondslag. De raad acht voorstelbaar dat klager teleurgesteld is over het feit dat de in de arbeidszaak aan hem toegewezen vergoedingen volledig moeten worden aangewend voor de voldoening van de advocaatkosten, maar dit is een rechtstreeks gevolg van de tussen klager en verweerster gemaakte tariefafspraak. Die tariefafspraak is niet ontoelaatbaar. De klacht dat verweerster zich als toehoorder tijdens de mondelinge behandeling in de tussen klager en zijn (voormalig) werkgever aanhangige appelprocedure ongepast heeft gedragen door gedurende de gehele zitting te lachen is ongegrond omdat deze feitelijke grondslag mist. Verweerster kan niet tuchtrechtelijk worden verweten dat zij klager van 21 - 23 september 2022 persoonlijk heeft benaderd omdat zij toen niet wist dat klager door een advocaat werd bijgestaanm. Van het feit dat verweerster de deurwaarder heeft verzocht om aan klager een dagvaarding te betekenen kan haar naar het oordeel van de raad evenmin een tuchtrechtelijk verwijt worden gemaakt, nu de wet voorschrijft dat een civiele (dagvaardings-)procedure aanhangig wordt gemaakt door een bij deurwaardersexploit betekende dagvaarding. De klacht dat verweerster klager op 15 juli 2024 wederom via Whatsapp, per post en per e-mail heeft benaderd, waarbij zij de e-mail “en passant” cc naar klagers advocaat heeft verstuurd, is wel gegrond. Anders dan verweerster heeft betoogd is gedragsregel 25 hier van toepassing, omdat de incassoprocedure, waarin verweerster blijkens het voorblad van het vonnis zichzelf en haar kantoor als advocaat heeft vertegenwoordigd, zo nauw samenhangt met verweersters beroepsuitoefening dat het advocatentuchtrecht in volle omvang van toepassing is. Het stond verweerster niet vrij om klager rechtstreeks aan te schrijven, nu zij had kunnen volstaan met verzending van een brief of e-mail aan klagers advocaat. Naar het oordeel van de raad valt, bij gebreke van een nadere onderbouwing, die niet is gegeven, namelijk niet in te zien dat het beoogde rechtsgevolg niet zou kunnen worden bereikt door de brief of e-mail enkel aan klagers advocaat te zenden. Verweerster heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door in strijd met gedragsregel 25 te handelen. Deels gegrond. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TGDKG:2025:100 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/758724 / DW RK 24/376 MK/WdJ

    Klaagster is veroordeeld tot het betalen van een hoofdsom ad € 0,47, proceskosten ad € 224,15. Er kan de gerechtsdeurwaarder geen tuchtrechtelijk verwijt worden gemaakt door de titel te executeren. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TGDKG:2025:95 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/755039 / DW RK 24/280 MK/WdJ

    Er is niet op alle e-mailberichten van klaagster gereageerd. In dit geval heeft klaagster het, gelet op de hoeveelheid berichten die zij aan de gerechtsdeurwaarders heeft gestuurd, over zichzelf afgeroepen dat niet op al haar berichten is gereageerd. Dit klachtonderdeel is gegrond, zonder oplegging van een maatregel. Klacht is voor het overige ongegrond; niet gebleken is dat de privacy van klaagster is geschonden, voor het overige is de klacht niet onderbouwd.

  • ECLI:NL:TGDKG:2025:96 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/753120 / DW RK 24/241 MK/WdJ

    De gerechtsdeurwaarder heeft ten onrechte de netto bijtelling van de leaseauto van klager in de berekening van de beslagvrije voet betrokken. Verder is niet (tijdig) op e-mailberichten van klager gereageerd. Klacht gegrond, maatregel van berisping opgelegd en veroordeling in proceskosten.

  • ECLI:NL:TGDKG:2025:97 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/750414 / DW RK 24/186 MK/WdJ

    De gerechtsdeurwaarder heeft niet tuchtrechtelijk laakbaar gehandeld bij het opmaken van de akte van constatering. Ook is niet gebleken dat de gerechtsdeurwaarder bewust een gesloten filiaal is binnengetreden. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2025:133 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-559/DB/ZWB

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij. Het verwijt dat verweerder zich in een documentaire lasterlijk en smadelijk over klager heeft uitgelaten en onwaarheden heeft verkondigd is op grond van artikel 46g Advocatenwet niet-ontvankelijk. De klacht dat verweerder zich intimiderend en dreigend jegens klager heeft gedragen is kennelijk ongegrond. De klacht dat verweerders brief aan klager verkeerd was geadresseerd mist feitelijke grondslag en is dus eveneens kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2025:213 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 24-897/AL/MN

    De voorzitter heeft op een onderdeel van de klacht geen beslissing genomen. Verzet gegrond. Klachtonderdeel gegrond. De rest van de klacht is ongegrond. Waarschuwing.