ECLI:NL:TGDKG:2026:46 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/774049 / DW RK 25/294 KM/WdJ
| ECLI: | ECLI:NL:TGDKG:2026:46 |
|---|---|
| Datum uitspraak: | 29-04-2026 |
| Datum publicatie: | 29-04-2026 |
| Zaaknummer(s): | C/13/774049 / DW RK 25/294 KM/WdJ |
| Onderwerp: | Andere werkzaamheden (art. 20 Gdw) |
| Beslissingen: | |
| Inhoudsindicatie: | Beslissing op verzet niet-ontvankelijk, want niet tijdig ingediend. |
KAMER VOOR GERECHTSDEURWAARDERS TE AMSTERDAM
Beslissing van 29 april 2026 zoals bedoeld in artikel 39, vierde lid, van de Gerechtsdeurwaarderswet inzake de beslissing van 15 juli 2025 met zaaknummer C/13/767119 / DW RK 25/112 en het daartegen ingestelde verzet met zaaknummer C/13/774049 / DW RK 25/294 KM/WdJ ingesteld door:
[ ],
wonende te [ ],
klager,
tegen:
[ ],
gerechtsdeurwaarder te [ ],
beklaagde,
gemachtigde: [ ].
1. Ontstaan en verloop van de procedure
Bij e-mail met bijlagen, ingekomen op 2 april 2025, heeft klager een klacht ingediend tegen (het kantoor van) beklaagde, hierna: de gerechtsdeurwaarder. Klager heeft zijn klacht aangevuld bij e-mail, ingekomen op 1 mei 2025. Bij verweerschrift met bijlage, ingekomen op 28 mei 2025, heeft de gerechtsdeurwaarder op de klacht gereageerd. Bij beslissing van 15 juli 2025 heeft de voorzitter de klacht als kennelijk ongegrond afgewezen. Een afschrift van de beslissing van de voorzitter is bij brief van diezelfde datum aan klager toegezonden. Bij e-mail, ingekomen op
7 augustus 2025, heeft klager verzet ingesteld tegen de beslissing van de voorzitter. Het verzetschrift is behandeld ter openbare terechtzitting van 18 maart 2025 alwaar de gemachtigde van de gerechtsdeurwaarder is verschenen. Klager is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet ter zitting verschenen. De uitspraak is bepaald op
29 april 2026.
2. De ontvankelijkheid van het verzet
2.1 Het verzet dient op grond van de wet[1] te worden ingediend binnen veertien dagen na verzending van de brief met de beslissing van de voorzitter. De beslissing is verzonden op 15 juli 2025. De termijn voor het indienen van verzet startte daarmee op 16 juli 2025 en eindigde op 29 juli 2025. Klager heeft verzet ingesteld bij e-mail van 7 augustus 2025, dus na afloop van de termijn van veertien dagen. Niet is gebleken van omstandigheden die deze termijnoverschrijding verschoonbaar maken. Klager kan dan ook niet in zijn verzet worden ontvangen.
2.2 Op grond van het voorgaande wordt beslist als volgt.
BESLISSING:
De Kamer voor Gerechtsdeurwaarders:
- verklaart het verzet niet-ontvankelijk.
Aldus gegeven door mr. A.K. Mireku, plaatsvervangend-voorzitter, mr. B. Brokkaar en mr. A.W. Veth, leden en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 29 april 2026, in tegenwoordigheid van de secretaris.
Tegen deze beslissing staat op grond van het bepaalde in artikel 39, lid 4 van de Gerechtsdeurwaarderswet geen rechtsmiddel open.
[1] Artikel 39 lid 2 Gerechtsdeurwaarderswet