ECLI:NL:TGDKG:2026:38 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/773857 / DW RK 25/287 BB/WdJ
| ECLI: | ECLI:NL:TGDKG:2026:38 |
|---|---|
| Datum uitspraak: | 01-04-2026 |
| Datum publicatie: | 07-04-2026 |
| Zaaknummer(s): | C/13/773857 / DW RK 25/287 BB/WdJ |
| Onderwerp: |
|
| Beslissingen: | |
| Inhoudsindicatie: | Klager beklaagt zich met name over de exploot- en betekeningskosten en het niet reageren om informatie en het niet reageren op zijn betalingsvoorstel. Klacht ongegrond. |
KAMER VOOR GERECHTSDEURWAARDERS TE AMSTERDAM
Beslissing van 1 april 2026 zoals bedoeld in artikel 43 van de Gerechtsdeurwaarderswet inzake de klacht met nummer C/13/773857 / DW RK 25/287 BB/WdJ ingesteld door:
[ ],
wonende te [ ],
klager,
tegen:
[ ],
toegevoegd gerechtsdeurwaarder te [ ],
beklaagde,
gemachtigde: [ ].
1. Ontstaan en loop van de procedure
Bij e-mail met bijlagen, ingekomen op 6 augustus 2025, heeft klager een klacht ingediend tegen beklaagde, hierna: de gerechtsdeurwaarder. Bij verweerschrift met bijlagen, ingekomen op 29 oktober 2025, heeft de gerechtsdeurwaarder op de klacht gereageerd. De klacht is behandeld ter openbare terechtzitting van 18 februari 2026 alwaar klager en de gemachtigde van de gerechtsdeurwaarder zijn verschenen. De uitspraak is bepaald op 1 april 2026.
2. De feiten
Uitgegaan wordt van de volgende feiten en omstandigheden:
- De gerechtsdeurwaarder is sinds 30 september 2024 belast met de executie van een ten laste van klager gewezen vonnis van 12 september 2007. Hiervan is klager bij brief van 10 oktober 2024 geïnformeerd.
- Bij brief van 19 november 2024 is klager verzocht de openstaande vordering te voldoen.
- Op 2 april 2025 is aan klager een opgave van de restantvordering verstrekt met daarbij een betaallink.
- Bij e-mail van 26 mei 2025 heeft klager verzocht om informatie.
- Bij e-mail van 3 juni 2025 is klager verwezen naar alle eerder gevoerde correspondentie ten aanzien van het dossier van klager en is klager in de gelegenheid gesteld een betalingsregeling te treffen.
- Bij e-mail van 5 juni 2025 heeft klager verzocht om een kopie van zijn dossier.
- Op 31 juli 2025 is executoriaal derdenbeslag gelegd onder [ ] ten laste van klager.
- Bij exploot van 6 augustus 2025 heeft de gerechtsdeurwaarder het proces-verbaal van het gelegde beslag aan klager betekend.
- Bij e-mail van 6 augustus 2025 is aan klager uitgelegd waar de vordering op ziet. Hierbij is tevens aangegeven dat de gerechtsdeurwaarder de onderliggende factuur niet in het dossier heeft, maar dat het vonnis van
12 september 2007 leidend is.
- Bij e-mail van 6 augustus 2025 heeft klager een klacht bij het gerechtsdeurwaarderskantoor ingediend, vanwege het niet naleven van zijn AVG-verzoek van 5 juni 2025.
- Bij e-mail van 13 augustus 2025 heeft klager onder meer een betalingsregeling van € 50,- per maand voorgesteld.
- Hierop heeft de gerechtsdeurwaarder bij e-mail van 20 augustus 2025 gereageerd.
- Bij e-mail van 21 augustus 2025 is toegelicht waarom niet op de e-mail van klager van 5 juni 2025 is gereageerd en is aangegeven dat later die week zal worden gereageerd op de klacht van klager van 6 augustus 2025.
- Bij separate e-mail van 21 augustus 2025 is een overzicht van de gegevens die over klager zijn opgeslagen aan klager verstrekt.
3. De klacht
Klager beklaagt zich er samengevat over dat de gerechtsdeurwaarder:
a: exploot- en betekeningskosten in rekening heeft gebracht terwijl de hoofdsom reeds meermalen is voldaan;
b: niet heeft voldaan aan het verzoek van klager om de onderliggende factuur en een volledig dossier aan klager te sturen en tevens geen waarschuwing heeft gestuurd in de tien maanden voorafgaand aan het opleggen van extra kosten of maatregelen zoals beslag;
c: niet heeft gereageerd op het inzageverzoek van klager van artikel 15 AVG;
d: geen navraag heeft gedaan bij voorgangers om de volledige betalingsgeschiedenis en afspraken boven tafel te krijgen;
e: het betalingsvoorstel van klager in 2024 heeft genegeerd;
f: loonbeslag heeft gelegd zonder te reageren op het betalingsvoorstel van klager en zonder recente betalingscontrole en zonder voorafgaande waarschuwing;
g: hem desgevraagd niet kon informeren over de formele klachtenprocedure of klachtenreglement;
h: hem geen volledig overzicht heeft verstrekt van de herkomst en overdrachten van de vordering sinds 2007.
4. Het verweer van de gerechtsdeurwaarder
De gerechtsdeurwaarder heeft de klacht gemotiveerd weersproken. Voor zover van belang wordt hierna op dat verweer ingegaan.
5. De beoordeling van de klacht
5.1 Gerechtsdeurwaarders zijn op grond van artikel 34 van de Gerechtsdeurwaar ders wet (Gdw) aan tuchtrechtspraak onderworpen voor handelen of nalaten in strijd met deze wet, de Wet Kwaliteit Incassodienstverlening of in strijd met wat een behoorlijk gerechtsdeurwaarder betaamt. In deze beslissing wordt beoordeeld of de handelwijze van de gerechtsdeurwaarder een tuchtrechtelijk verwijtbare gedraging in de zin van artikel 34 Gdw oplevert.
5.2 Ten aanzien van de opmerking van klager ter zitting dat de gemachtigde van de gerechtsdeurwaarder ook lid is van de kamer, overweegt de kamer dat dit op de behandeling van de klacht van klager geen invloed heeft. De kamer wijst erop dat de gemachtigde van de gerechtsdeurwaarder op geen enkele wijze bij het beoordelen van deze klacht is betrokken.
5.3 Ten aanzien van klachtonderdeel a overweegt de kamer dat deze niet nader door klager onderbouwde stelling onvoldoende is om tuchtrechtelijk laakbaar handelen door de gerechtsdeurwaarder vast te stellen. Dit klachtonderdeel wordt als ongegrond afgewezen.
5.4 Ten aanzien van klachtonderdelen b en h overweegt de kamer het volgende. Klager is bij brief van 10 oktober 2024 geïnformeerd dat [ ] de vordering op klager heeft overgenomen van [b]. Hierbij is klager verwezen naar de website om het volledige dossier in te kunnen zien, de vordering te betalen en een regeling te treffen. Vervolgens is klager bij brief van 19 november 2024 verzocht de vordering te voldoen om verdere executiekosten te voorkomen. Klager is verder nog bij e-mails van 2 april 2025 en 3 juni 2025 geïnformeerd over de vordering en klager is in de gelegenheid gesteld een betalingsregeling te treffen. Klachtonderdelen b en h kunnen gelet op voorgaande niet slagen.
5.5 Ten aanzien van klachtonderdeel c overweegt de kamer dat klager bij e-mail van 5 juni 2025 op basis van de AVG[1] heeft verzocht om een kopie van zijn dossier. De gerechtsdeurwaarder heeft toegelicht dat het verzoek van klager niet als AVG verzoek is gezien en behandeld. Aangezien al meerdere keren diverse stukken en inloggegevens aan klager waren verstrekt, is het verzoek van klager van 5 juni 2025 in eerste instantie ter kennisgeving aangenomen. De kamer overweegt dat de gerechtsdeurwaarder weliswaar niet (tijdig) heeft gereageerd op dit AVG verzoek van klager, maar dat de gerechtsdeurwaarder wel al meerdere malen alle gegevens waarover hij beschikt met betrekking tot de vordering aan klager heeft verstrekt. Verder is ter zitting naar voren gekomen dat het klager bij zijn AVG verzoek opnieuw ging om informatie over zijn vordering. Tegen die achtergrond kan de gerechtsdeurwaarder geen tuchtrechtelijk verwijt worden gemaakt van het feit dat niet tijdig en expliciet op het AVG verzoek van klager is gereageerd.
5.6 Ten aanzien van klachtonderdeel d stelt de gerechtsdeurwaarder dat bij de overname van het dossier van klager het volledige dossier is overgenomen. Niet aannemelijk is gemaakt dan wel met stukken onderbouwd dat daarbij niet de volledige betalingsgeschiedenis en afspraken die met klager gemaakt zijn zaten. Nu een tuchtrechtelijk verwijt niet kan worden vastgesteld, wordt dit klachtonderdeel als ongegrond afgewezen.
5.7 Ten aanzien van klachtonderdelen e en f ontkent de gerechtsdeurwaarder dat in 2024 een betalingsvoorstel is ontvangen van klager. Voor zover [b] niet op een dergelijk voorstel van klager heeft gereageerd, kan dit niet aan [b] worden verweten. Uit de door de gerechtsdeurwaarder overgelegde producties blijkt dat klager pas bij e-mail van 13 augustus 2025 een betalingsvoorstel bij [a] heeft gedaan. Dat is na het gelegde beslag op het inkomen van klager op 31 juli 2024. Er kan de gerechtsdeurwaarder dan ook geen tuchtrechtelijk verwijt worden gemaakt op klachtonderdelen e en f.
5.8 Ten aanzien van klachtonderdeel g overweegt de kamer dat klager niet aannemelijk heeft gemaakt dan wel met stukken heeft onderbouwd dat hij heeft verzocht om informatie over een formele klachtenprocedure of klachtenreglement. Overigens blijkt uit de overgelegde producties dat klager op 6 augustus 2025 een klacht bij het gerechtsdeurwaarderskantoor heeft ingediend. Dit klachtonderdeel stuit hierop af.
5.9 Op grond van het voorgaande wordt beslist als volgt.
BESLISSING
De Kamer voor Gerechtsdeurwaarders:
- verklaart de klacht ongegrond.
Aldus gegeven door mr. B. Brokkaar, plaatsvervangend-voorzitter, mr. A.K. Mireku en mr. H.A. Roos, leden en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 1 april 2026, in tegenwoordigheid van de secretaris.
Tegen deze beslissing kan binnen dertig dagen na dagtekening van verzending van het afschrift van de beslissing, hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Amsterdam, Postbus 1312, 1000 BH Amsterdam.
[1] Algemene Verordening Gegevensbescherming