ECLI:NL:TGDKG:2026:3 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/752315 / DW RK 24/228 EdV/WdJ
| ECLI: | ECLI:NL:TGDKG:2026:3 |
|---|---|
| Datum uitspraak: | 12-01-2026 |
| Datum publicatie: | 12-01-2026 |
| Zaaknummer(s): | C/13/752315 / DW RK 24/228 EdV/WdJ |
| Onderwerp: | Andere werkzaamheden (art. 20 Gdw) |
| Beslissingen: | |
| Inhoudsindicatie: | De gerechtsdeurwaarder heeft niet gereageerd op de e-mail van klager van 4 april 2024 met betrekking tot dossiernummer 1702691. Klager heeft het, gelet op de hoeveelheid identieke e-mailberichten die hij op 4 april 2024 aan de gerechtsdeurwaarder heeft verzonden, over zichzelf afgeroepen dat verwarring is ontstaan bij de gerechtsdeurwaarder waardoor niet op alle e-mailberichten van klager van die datum is gereageerd. De kamer volstaat met de constatering dat de klacht gegrond is. |
KAMER VOOR GERECHTSDEURWAARDERS TE AMSTERDAM
Beslissing van 12 januari 2026 zoals bedoeld in artikel 43 van de Gerechtsdeurwaarderswet inzake de klacht met nummer C/13/752315 / DW RK 24/228 EdV/WdJ ingesteld door:
[ ]
wonende te [ ],
klager,
tegen:
[ ],
gerechtsdeurwaarder te [ ],
beklaagde.
1. Ontstaan en loop van de procedure
Bij e-mail, ingekomen op 14 juni 2024, heeft klager een klacht ingediend tegen (het kantoor van) beklaagde, hierna: de gerechtsdeurwaarder. Bij verweerschrift met bijlagen, ingekomen op 16 augustus 2024, heeft de gerechtsdeurwaarder op de klacht gereageerd. Bij e-mail met bijlagen, ingekomen op 31 augustus 2025, heeft klager zijn klacht aangevuld. De klacht is behandeld ter openbare terechtzitting van
3 november 2025 alwaar klager en de gerechtsdeurwaarder zijn verschenen. De uitspraak is bepaald op 12 januari 2026.
2. De feiten
Uitgegaan wordt van de volgende feiten en omstandigheden:
- De gerechtsdeurwaarder heeft meerdere dossiers van klager in behandeling gehad.
- Bij e-mail van 4 april 2024 heeft klager de gerechtsdeurwaarder verzocht om informatie met betrekking tot dossiernummer 1702691.
- Hierop is bij e-mail van 16 augustus 2024 gereageerd.
3. De klacht
Klager beklaagt zich er samengevat over dat de gerechtsdeurwaarder niet heeft gereageerd op zijn e-mail van 4 april 2024 betreffende dossiernummer 1702691.
4. Het verweer van de gerechtsdeurwaarder
De gerechtsdeurwaarder heeft erkend dat niet (tijdig) is gereageerd op de e-mail van klager van 4 april 2024.
5. De beoordeling van de klacht
5.1 Op grond van het bepaalde in artikel 34 van de Gerechtsdeurwaarderswet zijn gerechtsdeurwaarders onderworpen aan tuchtrechtspraak ter zake van enig handelen of nalaten in strijd met die wet of in strijd met hetgeen een behoorlijk handelend gerechtsdeurwaarder betaamt. Klachten kunnen niet worden gericht tegen een gerechtsdeurwaarderskantoor. In het verweer heeft bovengenoemde gerechtsdeurwaarder zich opgeworpen als beklaagde. Hiermee is in de aanhef van de beslissing rekening gehouden. Ter beoordeling staat of er sprake is van tuchtrechtelijk laakbaar handelen in de zin van artikel 34 van de Gerechtsdeurwaarderswet.
5.2 De kamer stelt voorop dat van een gerechtsdeurwaarder mag worden verwacht dat hij e-mails met betrekking tot een bij hem in behandeling zijnde incasso binnen een redelijke termijn, te weten rond twee weken, beantwoordt. De gerechtsdeurwaarder heeft erkend dat niet is gereageerd op de e-mail van klager van 4 april 2024 met betrekking tot dossiernummer 1702691. De klacht is dan ook terecht voorgesteld.
5.3 De kamer is van oordeel dat in dit geval kan worden volstaan met de constatering dat de klacht gegrond is. De kamer betrekt hierbij dat klager op 4 april 2024 zeven identieke e-mailberichten aan de gerechtsdeurwaarder heeft verzonden met betrekking tot verschillende dossiers. De gerechtsdeurwaarder heeft één e-mail in behandeling genomen (dossiernummer 1403763) en beantwoord op 29 mei 2024. De kamer overweegt dat het begrijpelijk is dat de gerechtsdeurwaarder in de veronderstelling verkeerde dat hij daarmee op alle e-mailberichten van klager had gereageerd, nu de tekst van de e-mails identiek is en de e-mails op dezelfde dag zijn verzonden. Klager heeft ook niet bij de gerechtsdeurwaarder geïnformeerd waarom maar op één e-mailbericht een reactie is gekomen. Klager heeft het, gelet op de hoeveelheid identieke e-mailberichten die hij aan de gerechtsdeurwaarder heeft gestuurd, over zichzelf afgeroepen dat verwarring is ontstaan bij de gerechtsdeurwaarder waardoor niet op al zijn e-mailberichten is gereageerd. Er bestaat bij die stand van zaken geen aanleiding een maatregel op te leggen.
5.4 Op grond van artikel 37 lid 7 van de Gerechtsdeurwaarderswet bepaalt de kamer dat de gerechtsdeurwaarder aan klager het betaalde griffierecht vergoedt.
5.5 Op grond van het voorgaande wordt beslist als volgt.
BESLISSING
De Kamer voor Gerechtsdeurwaarders:
- verklaart de klacht gegrond;
- bepaalt dat de gerechtsdeurwaarder aan klager het betaalde griffierecht ad
€ 50 vergoedt, nadat de beslissing onherroepelijk is geworden.
Aldus gegeven door mr. A.E. de Vos, plaatsvervangend-voorzitter, mr. B. Brokkaar en M.F.J. Pijnenburg, leden en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
12 januari 2026, in tegenwoordigheid van de secretaris.
Tegen deze beslissing kan binnen dertig dagen na dagtekening van verzending van het afschrift van de beslissing, hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Amsterdam, Postbus 1312, 1000 BH Amsterdam.