We werken hard aan het herstel van de stabiliteit van tuchtrecht.overheid.nl. Excuus voor het ongemak.

ECLI:NL:TADRSHE:2026:70 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 26-376/DB/ZWB

ECLI: ECLI:NL:TADRSHE:2026:70
Datum uitspraak: 09-06-2026
Datum publicatie: 09-06-2026
Zaaknummer(s): 26-376/DB/ZWB
Onderwerp: Wat een behoorlijk advocaat betaamt t.o. de wederpartij, subonderwerp: Vrijheid van handelen
Beslissingen: Voorzittersbeslissing
Inhoudsindicatie: Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij. Verweerder heeft in het belang van zijn cliënt ervoor willen zorgen dat klaagsters boek zo snel mogelijk uit de verkoop werd gehaald. Hij mocht daartoe zowel de auteur, uitgeverij als verkooppunten gelijktijdig aanschrijven. Het sommeren van de verkooppunten om het boek uit de verkoop te halen had een redelijk doel. Niet kan worden ingezien waarom verweerder klaagsters privacy heeft geschaad. Klacht kennelijk ongegrond.

Beslissing van de voorzitter van de Raad van Discipline in het ressort ’s-Hertogenbosch
van 9 juni 2026

in de zaak 26-376/DB/ZWB


naar aanleiding van de klacht van:

klaagster


over:

verweerder

De plaatsvervangend voorzitter van de raad van discipline (hierna ook: de voorzitter) heeft kennisgenomen van de brief van de deken van de Orde van Advocaten in het arrondissement Zeeland-West-Brabant (hierna: de deken) van 29 april 2026 met kenmerk K25-107 en van de op de inventaris genoemde bijlagen 1 tot en met 13. Ook heeft de voorzitter kennisgenomen van de aanvullende stukken van verweerder van 1 mei 2026 en van klaagster van 12 mei 2026.

1 FEITEN

Voor de beoordeling van de klacht gaat de voorzitter, gelet op het klachtdossier, uit van de volgende feiten.

1.1 Klaagster heeft een uitgeverij. Zij heeft een boek geschreven en uitgegeven met de titel ‘[titel]. De cliënt van verweerder, de heer [RB], heeft zich herkend in het personage uit het boek met de naam ‘[R]. Op 14 november 2025 heeft verweerder klaagster per brief gesommeerd om uiterlijk 18 november 2025 het boek uit de handel te halen en (een voorschot op) een schadevergoeding te betalen. Verweerder heeft daarbij opgemerkt ook de verkooppunten van het boek aan te schrijven.

1.2 Diezelfde dag heeft verweerder de verkooppunten en uitgeverij ook aangeschreven, waarbij hij een kopie van zijn brief aan klaagster als bijlage heeft bijgevoegd.

1.3 Klaagster heeft diezelfde dag gereageerd geen gehoor te geven aan de sommatie en dat verweerder een door hem aangekondigd kort geding mag starten. De verkooppunten hebben het boek wel uit de verkoop gehaald.

1.4 Op 15 november 2025 heeft klaagster bij de deken een klacht ingediend over verweerder.

2 KLACHT

2.1 De klacht houdt, zakelijk weergegeven, in dat verweerder tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld als bedoeld in artikel 46 Advocatenwet. Klaagster verwijt verweerder het volgende.

a) Verweerder heeft klaagster en de verkooppunten op dezelfde dag aangeschreven, waardoor klaagster niet de kans heeft gehad om aan de sommatie tegemoet te komen voordat verweerder zich tot de verkooppunten wendde;

b) Verweerder heeft klaagster in een negatief daglicht gezet en haar privacy geschonden door zijn brief aan klaagster bij te voegen in de brief aan de verkooppunten;

c) Verweerder heeft zich in zijn brief aan de verkooppunten ongepast, intimiderend en onnodig dreigend uitgelaten.

3 VERWEER

3.1 Verweerder heeft tegen de klacht verweer gevoerd. De voorzitter zal hierna, waar nodig, op het verweer ingaan.

4 BEOORDELING

Ontvankelijkheid

4.1 Alleen de persoon of de rechtspersoon die door het handelen of nalaten van een advocaat direct in zijn belang wordt of kan worden getroffen, heeft het recht om hierover een klacht in te dienen. Als verkooppunten de brief van verweerder klachtwaardig vonden, zoals hem in klachtonderdeel c) wordt verweten, dan was het aan deze verkooppunten om daarover een klacht in te dienen. Klaagster heeft daar geen eigen, rechtstreeks betrokken belang bij. Dat klaagsters boek naar aanleiding van de brief uit de verkoop is gehaald en zij daardoor inkomsten misloopt, levert hoogstens een afgeleid belang op. De voorzitter zal haar daarom kennelijk niet-ontvankelijk verklaren in klachtonderdeel c).

Toetsingskader

4.2 Deze zaak betreft een klacht over de advocaat van de wederpartij. Voor alle advocaten geldt dat zij partijdig zijn en in principe alleen de belangen van hun eigen cliënt hoeven te behartigen. Zij hebben veel vrijheid om te doen wat in het belang van hun cliënt nodig is, maar die vrijheid is wel begrensd. Advocaten mogen de belangen van de wederpartij niet onnodig of op een ontoelaatbare manier schaden. Zij mogen zich bijvoorbeeld niet onnodig kwetsend uitlaten over de wederpartij. Ook mogen advocaten niet bewust onjuiste informatie verschaffen. Daarbij geldt dat advocaten er in beginsel van mogen uitgaan dat de informatie die zij van hun cliënt hebben gekregen juist is. Slechts in uitzonderingsgevallen zijn advocaten gehouden de juistheid van die informatie te controleren. Tot slot hoeven advocaten in het algemeen niet af te wegen of het voordeel dat zij voor hun cliënt willen bereiken, opweegt tegen het nadeel dat zij aan de wederpartij toebrengen.

Beoordeling

4.3 Verweerder heeft er in het belang van zijn cliënt voor willen zorgen dat het boek zo snel mogelijk uit de verkoop werd gehaald, omdat zijn cliënt meende dat de publicatie onrechtmatig was ten opzichte van hem. Hij mocht het daartoe noodzakelijk achten om zowel de auteur, uitgever als de verkooppunten gelijktijdig aan te schrijven. Het sommeren van de verkooppunten om het boek uit de verkoop te halen had daarmee een redelijk doel. Dat verweerder zijn brief aan klaagster daarin had bijgevoegd als bijlage is ook niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Verweerder heeft ervoor mogen kiezen om die brief bij te voegen, ter onderbouwing van het standpunt dat de publicatie onrechtmatig zou zijn. Niet gebleken is dat verweerder zich daarin (onnodig) kwetsend heeft uitgelaten over klaagster. De brief is zakelijk van aard en is gericht op de inhoud van het boek, niet op de persoon van klaagster. De naam van klaagster wordt daarin enkel genoemd als auteur van het boek. Niet kan worden ingezien waarom verweerder daarmee klaagsters privacy heeft geschaad, die het boek onder haar eigen naam in de verkoop had bij deze verkooppunten. Klachtonderdelen a) en b) zijn kennelijk ongegrond.

BESLISSING

De voorzitter:

- verklaart klachtonderdelen a) en b), met toepassing van artikel 46j van de Advocatenwet, kennelijk ongegrond;

- verklaart klachtonderdeel c), met toepassing van artikel 46j van de Advocatenwet, kennelijk niet-ontvankelijk.

Aldus beslist door mr. V.E.J. Noelmans, plaatsvervangend voorzitter, bijgestaan door mr. M.A.A. Traousis als griffier en uitgesproken in het openbaar op 9 juni 2026.

Griffier                                                            Voorzitter

Verzonden op: 9 juni 2026