ECLI:NL:TGZRZWO:2025:95 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2024/7702

ECLI: ECLI:NL:TGZRZWO:2025:95
Datum uitspraak: 31-07-2025
Datum publicatie: 01-08-2025
Zaaknummer(s): Z2024/7702
Onderwerp: Onjuiste behandeling/verkeerde diagnose
Beslissingen: Ongegrond, kennelijk ongegrond
Inhoudsindicatie: Klacht tegen plastisch chirurg over het uitvoeren van een onjuiste operatie dan wel het niet in acht nemen van de vereiste nauwkeurigheid bij de uitvoering van de operatie, alsmede het verlenen van onvoldoende nazorg. Klacht kennelijk ongegrond.

                         REGIONAAL TUCHTCOLLEGE VOOR DE GEZONDHEIDSZORG ZWOLLE

Beslissing in raadkamer van 31 juli 2025 op de klacht van:

A,

wonende in B,

klaagster,

gemachtigde: C, werkzaam te D,

tegen

E,

plastisch chirurg,

destijds werkzaam in F,

verweerder, hierna ook: de plastisch chirurg,

gemachtigde: mr. M.F. Mooibroek, advocaat te Utrecht,

en

G,

gevestigd te F.

1.     De zaak in het kort

1.1     Klaagster, de patiënt, verwijt de plastisch chirurg dat deze een onjuiste operatie heeft uitgevoerd of de operatie niet zorgvuldig heeft uitgevoerd. Ook wordt geklaagd over de nazorg van de plastisch chirurg aan klaagster. Klaagster heeft dezelfde klacht geformuleerd richting het ziekenhuis waar de plastisch chirurg werkzaam is.
 

1.2     Het college komt tot het oordeel dat klaagster niet-ontvankelijk is in de klacht tegen het ziekenhuis en de klacht tegen de plastisch chirurg kennelijk ongegrond is. ‘Kennelijk’ betekent dat het niet nodig is om nog vragen aan de partijen te stellen en dat duidelijk is dat de klacht niet gegrond kan worden verklaard. Hierna licht het college toe hoe het tot deze beslissing is gekomen.
 

2.     De procedure

2.1     Het college heeft de volgende stukken ontvangen:

  • het klaagschrift, ontvangen op 8 oktober 2024, door het Regionaal Tuchtcollege te ’s-Hertogenbosch en doorgestuurd naar het Regionaal Tuchtcollege te Zwolle, waar de klacht op 7 november 2024 is ontvangen;
  • het e-mailbericht namens klaagster van 9 december 2024;
  • het e-mailbericht namens klaagster van 18 december 2024;
  • het e-mailbericht namens klaagster van 2 januari 2025;
  • het e-mailbericht namens klaagster van 21 januari 2025;
  • het e-mailbericht namens klaagster van 27 januari 2025;
  • het e-mailbericht namens klaagster van 30 januari 2025;
  • het e-mailbericht namens klaagster van 19 februari 2025;
  • het e-mailbericht namens klaagster van 3 maart 2025;
  • het verweerschrift met de bijlagen;
  • het proces-verbaal van het mondelinge vooronderzoek, gehouden op 24 april 2025, met bijlagen;
  • de brief van de gemachtigde van de plastisch chirurg, binnengekomen op 5 juni 2025.

2.2     Het college heeft de klacht in raadkamer behandeld. Dit betekent dat het college de zaak beoordeeld heeft op basis van de stukken, zonder dat de partijen daarbij aanwezig waren. 
 

3.     De feiten

3.1     Klaagster, geboren in 1991, is in verband met klachten aan haar hand bij H te F (hierna: de kliniek) gekomen. Verweerder is werkzaam als plastisch chirurg bij de kliniek en verbonden aan het G  te F (hierna: het ziekenhuis).
 

3.2     Op 21 maart 2023 wendde klaagster zich, na verwijzing door de huisarts, tot de kliniek. Zij werd gezien door een collega van de plastisch chirurg. In het dossier staat over dit consult vermeld (alle citaten zijn overgenomen inclusief eventuele type- en taalfouten):

Hulpvraag:
Ik heb pijn linkerhand (ongeveer 6 maanden). Ik denk dat ik heb ganglion op hand, maar ik precis weet niet welk diagnose klopt is. Ik nodig consulatatie welk optie behandeling is beste, omdat latste maanden kan ik niks zwaar neemt op dit hand, ik steeds gebruik breeze. Anamnese:
Aangedane zijde: Links
Duur van de klachten (maanden): 6
Zwelling dorsum handrug, gaat niet weg. Reeds HT = brace. Klachten persisteren. Pijn trekt richting MCP-3.
Lichamelijk onderzoek:
Zwelling CMC 2-3, wat weke delen zwelling daaroverheen.
RTS:-
CTS:-
TVS:-
Aanvullend onderzoek:
X pols en hand links: milde carpal bossing
Diagnose:
Carpal boss: Links
Beleid:
De verschillende conservatieve (therapie, spalk en/of injectie) en operatieve behandelmogelijkheden zijn besproken. Gezien geen effect van handtherapie en brace zal patient behandeld worden door middel van: Corticosteroïde injectie. Er zal over 2 maanden een controle plaatsvinden.
Informatievoorziening:
Met patiënt(e)zijn uitvoerig de volgende zaken besproken:
- De indicatie van de behandeling en de alternatieven van behandeling, met name conservatieve behandeling of niet behandelen en de gevolgen daarvan.
- Algemene complicaties zoals infectie, stijfheid en allergische reactie die na afloop van een injectie kunnen optreden.

3.3     Op 22 mei 2023 is het eerste contact met de plastisch chirurg geweest. Navolgende aantekening werd gemaakt in het medisch dossier:

Anamnese: Het gaat niet zo goed, injectie heeft wel 10 a 20% geholpen. Kan nog niet zwaar tillen of fietsen. Als ik niks doe dan geen pijnklachten.
Lichamelijk onderzoek: Milde zwelling dorsaal op linker pols, drukpijnlijk. Ook pijn dorsaal verloop EDC 3.
Beleid: Echografie voor verdere diagnostiek. Carpal boss? Andere zwelling?

3.4     Op 26 juni 2023 heeft klaagster de plastisch chirurg weer bezocht. Daarbij uitte klaagster dezelfde klachten, het bewegen van de vingers bleef pijnlijk. De plastisch chirurg constateerde bij lichamelijk onderzoek dat de pijnklachten meer vanuit Dig 3 leken te komen dan vanuit de pols. De pols was ook pijnlijk, maar minder. De plastisch chirurg vroeg zich af of sprake kon zijn van TVS Dig 3. Als beleid werd afgesproken om eerst een echografisch onderzoek te doen en daarna verder beleid te bepalen. Een corticosteroïde injectie had op dat moment geen meerwaarde.

3.5     Op 21 augustus 2023 vond een volgend consult plaats. Daarvan werd navolgende aantekening gemaakt:

Anamnese:
echt pijn thv carpal boss. minder klachten dig 3 maar diffuus kalchten alle vinger, niet 100% te verwachten, want zeker niet alle klachten zullen komen van de carpal boss. snapt beperkingen en risico’s goed.
50% heel tevreden, 50% niet zo.
Beleid:
In overleg met patiënt(e) is besloten de klachten operatief te verhelpen.
Met patiënt(e) zijn uitvoerig de volgende zaken besproken:
- De indicatie van de operatie
- De alternatieven van behandeling, met name conservatieve behandeling of niet behandelen en de gevolgen daarvan
- Algemene complicaties zoals infectie, bloeding, dystrofie en allergische reactie.
- Specifieke ingreep gerelateerde complicaties, bijvoorbeeld: stijfheid, verminderde functie, littekenvorming en of adhesies van pezen, en/of zenuwletsel.
- Patiënt(e) realiseert zich dan andere onvoorziene complicaties kunnen ontstaan en dat er geen resultaatsgarantie mogelijk is.
- Verwachting arbeidsongeschiktheidsduur en advies over werkhervatting en taken als autorijden, sport etc.
- Postoperatieve pijn en pijnstilling

3.6     Op 20 september 2023 is klaagster door de plastisch chirurg geopereerd. Daarvan werd navolgende aantekening gemaakt:

top plexus dsa
aftekenen carpal boss
Dwarse incisie sparen RSN takken. vrijleggen carpal boss en afbeitelen. we vallen nu in een cysteuze holte in de basis van MC 3 dit wordt uitgekrabd, niet dermate groot dat er een pspongiosa plastiek moet. ik denk dat dit de oorzaak van de pijn was. CMC 3 ziet er prima uit. geen evidente artrose geen os styoloid.
hemostase en sluiten in lagen .
DV.

3.7     Op 9 november 2023 is klaagster bij de plastisch chirurg in het ziekenhuis geweest. Daarvan maakte de plastisch chirurg navolgende aantekening:

Anamnese
nu hier na operatie door mij in [naam kliniek, RTG], maken zich zorgen en hebben hier afspraak gemaakt. nog pijn in operatie gebied na carpal boss operatie 5-6 weken geleden.
Lichamelijk onderzoek
Normaal aspect, absoluut geen infect, iets zwelling maar in mijn ogen niet buitenproportioneel nog de te verwachten pijn.
Aanvullend onderzoek
X ziet er goed uit, geen carpal bossing meer.
Beleid
normaal beloop, zo door, verdere afspraken in [naam kliniek, RTG]

Uit het radiologieverslag van diezelfde dag volgt dat sprake is van “normale stand  polsgewricht. Normale botstructuren, gave contouren. Geen ossale carpal boss.

3.8     Op 18 december 2023 vond een nacontrole plaats waarvan de plastisch chirurg navolgende aantekening maakte:

Anamnese:
3 maanden na excisie carpal boss. Ik heb nog heel veel pijn, wel ander soort dan voor de operatie, de oefeningen gaan goed maar ik blijf klachten houden.
Lichamelijk onderzoek:
Mobiliteit is goed, zie overdracht handtherapeut.
Beleid:
Controle over 2-3 maanden, indien het goed gaat belt ze die af.

3.9     Op 11 maart 2024 vond een volgend consult plaats. Daarvan is navolgende aantekening gemaakt:

Anamnese:
Gaat nog altijd niet goed. Heeft nog pijn bij het doen van lichte activiteiten. Met name een draaibeweging vanuit de pols is pijnlijk. Kan ook nog niet afsteunen op de hand.
Lichamelijk onderzoek:
Mobiliteit nog wat beperkt. met name AROM. PF/DF:70/61
PROM volledig, maar pijnlijk.
Litteken goed soepel
NRPS: 4/10 gemiddeld.
Diagnose:
6 mnd herstel na excisie Carpal boss links.
Beleid:
MRI pols, daarna retour.”

3.10     Op 8 mei 2024 was er weer een consult van klaagster bij de plastisch chirurg.
Daarvan maakte verweerder navolgende aantekening:
“Anamnese
Houdt klachten, Op MRI afwijking in MC 3 basis; lijkt haemangioom old, lijkt niet post operatie (maak kan wel, in mijn ogen). Radioloog denk dat het een aparte entiteit is.
Beleid:
Opnieuw opereren, ik dat dat de eerste operatie dus niet de goede was, maar wel raar dat zij wel echt een carpal boss had en dat ook de pijn leek.
Excisie en PA, maar ook risico dat ook deze operatie geen enkel effect gaat hebben, zeker als de afwijking tot op basis van de posatoperatiueve veranderingen blijkt te zijn.
In overleg met patiënt(e) is besloten de klachten operatief te verhelpen.
Met patiënt(e) zijn uitvoerig de volgende zaken besproken:
De indicatie van operatie
De alternatieven van behandeling, met name conservatieve behandeling of niet behandelen en de gevolgen daarvan
Algemene complicaties zoals infectie, bloeding dystrofie en allergische reactie.
Specifieke ingreep gerelateerde complicaties, bijvoorbeeld: stijfheid, verminderde functie, littekenvorming en of adhesies van pezen, en/of zenuwletsel.
Patiënt(e) realiseert zich dat andere onvoorziene complicaties kunnen ontstaan en dat er geen resultaatsgarantie mogelijk is.
Verwachting arbeidsongeschiktheidsduur en advies over werkhervatting en taken als
autorijden, sport etc.
Post-opera tieve pijn en pijnstïlling”

3.11     Op 6 november 2024 maakte de plastisch chirurg navolgende aantekening in het dossier:

nav gesprek tussen advocaat en jurist [afkorting ziekenhuis, RTG]:
patiente wil heel graag dat ik nog een keer naar de hand kijk.
gebeld met mevrouw; die wilde niet met mij praten en verzocht mij te bellen met haar advocaat. een dag later advocaat gesproken; hij wil graag met mevrouw een keer langskomen om de hand te laten zien en te kijken wat er nog gedaan kan worden aan haar klachten want het gaat niet goed met haar.
patiente is altijd welkom en de advocaat mag van mij natuurlijk ook mee. Dit is wel alleen bezoek om het medische probleem te bekijken en eventueel advies te geven. we gaan geen juridisch gesprek over schuld en betaling hebben. Dat moet in een andere setting, advocaat heeft gezegd dat dit ook absoluut niet de bedoeling is om alleen medisch te kijken. nog gevraagd of zij niet liever naar iemand anders wil.  dit is (nu) niet het geval.

3.12     Op 20 november 2024 was er een afspraak van klaagster met de plastisch chirurg. De plastisch chirurg maakte navolgende aantekening op die dag:

Er zou een gesprek zijn met mevrouw waar haar advocaat bij mocht zijn.

tegen de afspraak in komt nu alleen de advocaat. ik heb hem verteld dat dit expliciet niet de afspraak was.

wel met hem gesproken; hij wil dat er iemand naar haar hand kijkt en stelt dat niemand daar toe bereid is. Ik heb hem proberen uit te leggen dat er een verschil, is tussen een medische zorgvraag waarmee je in nederland naar iedere behandelaar toe kan gaan en een medische keuring. Als zij een second opinion wil kan ik dat voor haar regelen of kan ze dat via de huisarts regelen. Dit staat los van de aansprakelijkheids verzekering van [naam verzekering, RTG] of het [afkorting ziekenhuis, RTG]. mevrouw wordt gewoon gezien door een andere handchirurg en die gaat kijken of hij/zij mevrouw iets te bieden heeft en stuurt uiteindelijk via een DBC een rekening naar haar zorgverzekeraar. Dit staat haar altijd vrij en hoeft niemand van te voren een akkoord voor te geven. Een keuring is iets anders; dit is een afspraak waar gekeken wordt wat er gebeurd is en wat iemand nog kan en hierbij wordt soms ook een oordeel gegeven over de vorige behandeling en de altijd over de mate van disability. Dit is wel een juridische zaak met ook een heel andere vorm van verslaglegging. Dit is ook wel duur en wordt nooit vanuit haar zorgverzekering betaald. Als ze dit willen zullen ze dit zelf moeten betalen of een verzekering (UWV of schadeverzekering van mevrouw zelf) om dit te betalen. Als zij stellen dat er iets fout is gedaan zullen ze zelf moeten komen met bewijzen wat er dan fout is. Ik heb niet het idee dat meneer dit helemaal begrijpt, want hij blijft stellen dat niemand haar wil zien omdat er allemaal advocaten zijn die moeilijk doen.

ik heb aangeboden dat ik bijv [naam arts, RTG] in het [afkorting ziekenhuis, RTG] kan vragen om mevrouw op te roepen, maar dan krijgt hij dus niet zelf een oproep. maar wordt mevrouw zelf opgeroepen. Dit zegt hij dat wenselijk is en zal ik proberen te regelen.

Ik heb nog kort geschetst hoe het in mijn ogen zit: mevrouw komt bij mij met pijn in haar hand en wijst op een duidelijke zwelling op de plek van de pijn. Hier is een duidelijke carpal boss. Dit is een afwijking die met een operatie behandeld kan worden, maar de resultaten van die behandeling kunnen heel wisselend zijn en ook onvoorspelbaar. daarom is ook eerst geprobeerd om het conservatief te behandelen. Omdat de pijnklachten bleven is met mevrouw en haar partner besloten tot een operatie. Hierbij is expliciet besproken dat het resultaat in 50% beter is en in 50% niet echt. (deze percentages liggen natuurlijk wat gunstiger, maar een matig resultaat is zeker niet zeldzaam). Na de operatie hield mevrouw pijnklachten.
Zij heeft toen op eigen initiatief het [naam ziekenhuis, RTG] gebeld of ik haar kon zien omdat ze zich zorgen maakte, ze kon toen niet op binnnen een paar dagen in de [naam kliniek, RTG] terecht. Mijn secretaresse heeft toen een afspraak voor haar gemaakt in het [naam ziekenhuis, RTG] omdat mevrouw zich zoveel zorgen maakte. Ik heb haar toen gezien in het [naam ziekenhuis, RTG] (dit was mij niet bekend tot ik haar in de wachtkamer zag) mevrouw was blij mij te zien en ik heb de wond bekeken en een rontgen foto gemaakt waarbij alles er uitzag zoals het er normaal uit ziet. Daarna heb ik afgesproken haar voortaan weer in de [naam kliniek, RTG] te zien, want daar is ook de operatie gedaan. Mevrouw bleef pijnhouden en uiteindelijk heb ik een MRI laten maken (dit is absoluut niet een normale work up bij mensen met een carpal boss en is dus heel normaal dat dit niet eerder is gedaan). Daarbij wordt een vasculaire afwijking in metacarpale 3 gezien. Dit is superzeldzaam en ik kan maar 1 vermelding ooit vinden op pubmed. Waarbij het ook nog eens niet zeker is of deze afwijking wel haar pijnklachten veroorzaakt, na overleg heb ik haar aangeboden om deze afwijking te verwijderen maar dan zonder dat ik garanties kan geven dat ze dan wel van haar pijn af is. patiente heeft later (zonder dat ik daar van op de hoogte was) geweigerd het informed consent te tekenen en is daarom uiteindelijk nooit bij ons geopereerd. Het verwijt dat wij haar dwingen iets te tekenen wat zij niet wil is in mijn ogen een heel raar verwijt, meestal is het verwijt dat mensen niet goed worden voorgelicht, maar deze dame weigert te tekenen dat ze is voorgelicht. dat wij dan niet opereren kan ze ons in mijn ogen niet verwijten. patiente is hierna niet meer door andere artsen gezien of behandeld. Volgens haar advocaat ziet de hand er niet uit en dreigt zij beide handen te verliezen. Maar daar kan ik nu niets over zeggen, want zij is dus niet meegekomen. (tegen de afspraak ik, maar meneer zegt (lachend) ja maar dat hadden jullie er van gemaakt; terwijl ik dat expliciet telefonisch met hem heb afgesproken en dit ook nog eens per mail is bevestigd.

Ik heb er uiteindelijk niet voor gekozen om meneer onverrichterzake naar huis te sturen. en dit is het verslag van zijn bezoek.

Hij gaf aan het fijn te vinden om te zien wat voor vlees hij in de kuip heeft en mijn visie op het medische proces.

ik probeer een second opinion voor mevrouw te regelen. maar dan laat ik niet ook hem oproepen, mijn collega roept alleen mevrouw op en zij moet dan zelf eventueel regelen dat hij wel of niet mee kan. Ik denk wel dat de advocaat echt begaan is met de hand van mevrouw, maar hij blijft niet begrijpen dat een bezoek aan een dokter met klachten van een hand niet van te voren hoeft te worden goedgekeurd door de schade verzekering van [naam verzekering, RTG].”

3.13     Op 24 november 2024 stuurde de plastisch chirurg klaagster een brief met navolgende inhoud:

Op verzoek van uw advocaat hadden wij recent een afspraak om naar de problemen van uw hand te kijken. In dit geval mocht uw advocaat erbij zijn.

Het verbaasde mij zeer dat alleen uw advocaat op deze afspraak kwam.

Hij gaf aan dat u graag een second opinion zou willen om te kijken of iemand u kan helpen met de pijnklachten in uw hand.

Dit wil ik uiteraard voor u organiseren. Ik kan me echter ook voorstellen dat u liever naar iemand toe gaat die niet door mij wordt geregeld. In dat geval kunt u zelf via uw huisarts een verwijzing vragen naar een andere dokter.

Mocht u wel willen dat ik een verwijzing maak voor een second opinion, dan verzoek ik u om even contact met ons opnemen om dit door te geven.

Gelet op de genoemde gang van zaken waarbij een afspraak was gemaakt ten behoeve van u, maar waarbij u niet verscheen doch tegen de afspraak enkel uw advocaat, vernemen wij graag persoonlijk van u (niet van uw advocaat) wat u hierin wilt.
 

3.14     Op 3 februari 2025 heeft de plastisch chirurg de aantekeningen in het dossier van klaagster als volgt aangevuld:

extra notitie dd 3 2 25; iom de advocaat van equipe besloten om eerst mevrouw zelf te vragen wat zij wil. Haar jurist heeft eerst gesteld dat zij gebeld wil worden; dit bleek niet zo te zijn. daarna stelde hij dat mevrouw door mij gezien wilde worden; dit was ook niet zo. Nu stelt hij dat mevrouw wil dat ik voor haar een second opinion regel (dit stelde hij tijdens dit bezoek zonder met mevrouw te overleggen).

Wij hebben twijfels of dit is wat patiente wil, of niet. Er gaat een mail en een brief naar patiente zelf met het verzoek om aan te geven of ze behoefte heeft aan een second opinion. mocht haar antwoord hierop ja zijn zal ik dat regelen.”

4.     De klacht en de reactie van de plastisch chirurg

4.1     Klaagster verwijt de plastisch chirurg dat hij:

  1. een onjuiste operatie heeft uitgevoerd dan wel niet de vereiste nauwkeurigheid heeft betracht bij de uitvoering van de operatie;
  2. na de operatie niet de vereiste zorg heeft besteed aan klaagster toen bleek dat er iets niet goed was gegaan;
  3. geen enkele manier de benodigde nazorg heeft verleend aan klaagster en zich onttrokken heeft aan zijn verantwoordelijkheden (door op vakantie te gaan);
  4. niet door heeft wat voor schade hij aan klaagster toebrengt door haar te ontvangen na de operatie en na gehoord te hebben waarvoor klaagster nog een keer langskwam, namelijk een second opinion, glashard durfde te stellen dat alles er goed uitzag;
  5. geen of te weinig aandacht heeft voor de heftige pijnen die klaagster tot nu toe heeft geleden en wellicht nog moet lijden waardoor zij niet meer kan werken.

Klaagster heeft daarnaast een klacht richting het ziekenhuis geformuleerd over de afhandeling van een bij het ziekenhuis ingediende klacht.
 

4.2     De plastisch chirurg heeft het college verzocht de verwijten deels buiten beschouwing te laten, voor zover gericht tegen het ziekenhuis, en de klacht voor het overige ongegrond te verklaren.
 

4.3     Het college gaat hieronder verder in op de standpunten van partijen.

5.     De overwegingen van het college

De criteria voor de beoordeling
5.1     De vraag is of de plastisch chirurg de zorg heeft verleend die van hem verwacht mocht worden. De norm daarvoor is een redelijk bekwame en redelijk handelende plastisch chirurg. Bij de beoordeling wordt rekening gehouden met de voor de plastisch chirurg geldende beroepsnormen en andere professionele standaarden. Dat een zorgverlener beter anders had kunnen handelen is niet altijd genoeg voor een tuchtrechtelijk verwijt.
Verder geldt het uitgangspunt dat zorgverleners alleen tuchtrechtelijk verantwoordelijk zijn voor hun eigen handelen.

De beoordeling
5.2     Klaagster heeft naast verwijten jegens de plastisch chirurg ook verwijten richting het ziekenhuis geformuleerd. Het college verklaart klaagster niet-ontvankelijk in de door haar geformuleerde klacht jegens het ziekenhuis. Uit artikel 47 van de iVet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG) volgt dat degene die in het BIG-register ingeschreven staat is onderworpen aan tuchtrechtspraak. Ziekenhuizen staan niet in het BIG-register en
daar kan dus niet over geklaagd worden bij het tuchtcollege.


5.3     Het college oordeelt dat de plastisch chirurg niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Hierna legt het college uit hoe tot dat oordeel is gekomen.

Klachtonderdeel a) een onjuiste operatie uitgevoerd dan wel niet de vereiste nauwkeurigheid betracht bij de uitvoering van de operatie

5.4     Het college overweegt dat de plastisch chirurg de klachten van klaagster op 22 roei 2023, 26 juni 2023 en 21 augustus 2023 heeft uitgevraagd, lichamelijk onderzoek heeft gedaan en aanvullend onderzoek heeft laten verrichten. Zo heeft de plastisch chirurg zowel röntgenonderzoek als echografisch onderzoek laten doen. Het college is van oordeel dat de plastisch chirurg op basis van hetgeen uit die onderzoeken bleek een geindiceerde operatie heeft voorgesteld die paste bij de klachten van klaagster. De operatie is op 20 september 2023 uitgevoerd door de plastisch chirurg. Op basis van het operatieverslag en de overige stukken blijkt dat de plastisch chirurg de operatie ook lege artis heeft uitgevoerd.
Dat de plastïsch chirurg op 8 mei 2024 in het dossier noteerde: “ik denk dat de eerste operatie dus niet de goede was” kan niet leiden tot een ander oordeel. Deze aantekening is met de kennis en wetenschap van achteraf opgetekend en op basis van een MRI-scan die enkele maanden na de operatie heeft plaatsgevonden. Uit deze MRI bleek een mogelijke
vasculaire malformatie die voor de operatie niet gezien werd, omdat deze niet zichtbaar is op een röntgenfoto. De plastisch chirurg heeft voorafgaande aan de operatie een röntgenfoto gemaakt. Dit is een standaardonderzoek en geëigend onderzoek voor de diagnostiek van een carpal boss. Daarmee heeft de plastische chirurg de juiste operatie voorgesteld en deze operatie verricht op adequate wijze.
Klaagster heeft bij vooronderzoek nog gesteld dat verweerder niet heeft verteld dat in 50% van de gevallen een gewenst resultaat werd behaald. Dat wordt door de plastisch chirurg betwist. Het college gaat in beginsel uit van het medisch dossier, tenzij aannemelijk wordt gemaakt dat daarin onjuistheden staan vermeld. In het medisch dossier is op
21 augustus 2023 genoteerd dat de algemene complicaties zoals infectie, bloeding, dystrofie en allergische reactie is besproken, alsmede is genoteerd: “snapt beperkingen en risico’s goed 50% heel tevreden en 50% niet zo.”
De enkele stelling van klaagster leidt niet tot twijfel aan de juistheid van het medisch dossier.
Dit klachtonderdeel is kennelijk ongegrond.


Klachtonderdeel b) na de operatie niet de vereiste zorg besteed aan patiënte toen bleek dat er iets niet goed was gegaan en c) op geen enkele manier de benodigde nazorg verleend aan klaagster en zich onttrokken aan zijn verantwoordelijkheden (door op vakantie te gaan)
5.5     Het college leidt uit de stukken af dat de plastisch chirurg klaagster postoperatief vier maal heeft gezien, namelijk op 9 november 2023, 18 december 2023, 11 maart 2024 en 8 mei 2024. Dat er iets niet goed zou zijn gegaan is een conclusie van klaagster die niet klopt. Zoals onder 5.4 al is geoordeeld blijkt uit de stukken dat de operatie lege artis is
verricht. De plastisch chirurg heeft klaagster ook in het ziekenhuis waar hij werkzaam is gezien en gesproken toen zij ongerust was na de operatie en haar voor vervolgafspraken naar de kliniek verwezen. De plastisch chirurg heeft in het ziekenhuis op 9 november 2023 daarbij wederom een röntgenfoto laten maken waarbij sprake was van normale
botstructuren en gave contouren. De plastisch chirurg heeft kiaagster daarna nog twee keer gesproken. Daarbij zijn de mogelijke vervolgbehandelingen aan klaagster meegedeeld en is zij geïnformeerd over de mogelijke gevolgen van een tweede operatie, waarvoor klaagster geen informed consent wenste te tekenen. Een tweede operatie heeft niet plaatsgevonden.

De plastisch chirurg heeft na de aanhoudende klachten na de eerste operatie een MRI laten verrichten. Na het indienen van een klacht bij het ziekenhuis heeft de plastisch chirurg klaagster uitgenodigd voor gesprek en is, toen alleen de gemachtigde van klaagster op deze afspraak verscheen, ingegaan op de klachten. Ook heeft de plastisch chirurg na het indienen van een tuchtklacht zich nog bereid verklaard een second opinion voor klaagster te willen regelen. In het dossier is geen eerder verzoek voor een second opinion vermeld. Dat de plastisch chirurg zich aan zijn  verantwoordelijkheid heeft onttrokken na de operatie blijkt, gelet op het voorgaande, niet uit het dossier. Het college is van oordeel dat de plastisch chirurg adequate nazorg heeft verleend.
Deze klachtonderdelen zijn kennelijk ongegrond.


Klachtonderdeel d) niet door hebben wat voor schade hij aan klaagster toebrengt door haar te ontvangen na de operatie en na gehoord te hebben waarvoor klaagster nog een keer langskwam, namelijk een second opinion, glashard durfde te stellen dat alles er goed uitzag en klachtonderdeel e) geen of te weinig aandacht voor de heftige pijnen die klaagster tot nu toe heeft geleden en Nellicht nog moet lijden

5.6     Uit de stukken blijkt, naar oordeel van het college, dat de pijnklachten van klaagster wel serieus zijn genomen door de plastisch chirurg. In verband met de (aanhoudende) pijnklachten heeft de plastisch chirurg zowel voor als na de operatie aanvullend onderzoek laten verrichten om de mogelijke oorzaak van de aanhoudende pijnklachten te achterhalen. Dat klaagster na de operatie nog steeds pijnklachten had en heeft is de plastisch chirurg niet
tuchtrechtelijk te verwijten nu geen sprake is van een resultaatsverplichting. Daarbij merkt het college op dat de kans op blijvende pijnklachten door de plastisch chirurg is benoemd voorafgaande aan de operatie. De plastisch chirurg heeft, na eerst een conservatieve behandeling, in gezamenlijkheid met klaagster het besluit tot een operatie genomen. De plastisch chirurg heeft klaagster om de pijnklachten na de operatie zo mogelijk te verminderen een tweede operatie aangeboden. Ook is de schade, die klaagster ervaart, de plastisch chirurg niet tuchtrechtelijk te verviijten. De operatie is immers lege artis uitgevoerd en uit de in november 2023 gemaakte röntgenfoto bleek sprake van normale botstructuren
en gave contouren. Wat betreft de stelling namens klaagster dat de linkerhand van klaagster na de operatie “er niet uit zag” merkt het college op dat daar, in tegenstelling tot hetgeen in het klaagschrift is vermeld, geen foto’s van zijn overgelegd. Uit het dossier blijkt niet van een abnormaal herstelverloop van de operatiewonden. Van een vraagstelling voor een second opinion blijkt niet uit het dossier, Overigens heeft de plastisch chirurg zich overigens na het indienen van de tuchtklacht en ook tijdens het mondeling vooronderzoek herhaaldelijk bereid verklaard daaraan mee te werken. Voor zover klaagster heeft beoogd de financiële schade aan de orde te stellen overweegt het college dat daarvoor geen ruimte is in een tuchtrechtelijke procedure.
Ook deze klachtonderdelen zijn kennelijk ongegrond.


Slotsom
Uit de overwegingen hiervoor volgt dat klaagster niet-ontvankelijk is in haar klacht tegen het ziekenhuis en voor het overige alle onderdelen van de klacht kennelijk ongegrond zijn.

6.     De beslissing

Het college:

-verklaart klaagster kennelijk niet-ontvankelijk in haar klacht, voor zover gericht tegen het ziekenhuis;

-verklaart de klacht, voor zover klaagster daarin ontvankelijk is, in al haar onderdelen kennelijk ongegrond.
 

Deze beslissing is gegeven op 31 juli 2025 door M.J.C. Dijkstra voorzitter, N.A.S. Posch en T.S. Oei, leden-beroepsgenoten, bijgestaan door J.W. Sijnstra-Meijer, secretaris.

secretaris                                                                                           voorzitter


 


Tegen deze beslissing kan in de volgende gevallen schriftelijk beroep worden ingesteld bij het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg:

  1. Heeft u de klacht ingediend? Dan kunt u in beroep als
  • het college u of uw klacht geheel of gedeeltelijk niet-ontvankelijk heeft verklaard, of
  • als de klacht geheel of gedeeltelijk ongegrond is verklaard.

Bij een gedeeltelijke niet-ontvankelijkverklaring of een gedeeltelijke ongegrondverklaring kan uw beroep alleen betrekking hebben op dat deel van de beslissing.

  1. Is de klacht tegen u gericht? Dan kunt u altijd in beroep.
  1. Ook de inspecteur van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd kan beroep instellen.


U moet het beroepschrift richten aan het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg, maar opsturen naar de secretaris van het Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg te Zwolle. Daar moet het zijn ontvangen binnen zes weken nadat de beslissing aan u is verstuurd.
 

Als u beroep instelt, moet u € 50,- griffierecht betalen aan het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg. U ontvangt hierover bericht. Als u geheel of gedeeltelijk in het gelijk wordt gesteld, wordt het griffierecht aan u terugbetaald.