ECLI:NL:TGZRAMS:2025:220 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2024/7789
| ECLI: | ECLI:NL:TGZRAMS:2025:220 |
|---|---|
| Datum uitspraak: | 02-09-2025 |
| Datum publicatie: | 02-09-2025 |
| Zaaknummer(s): | A2024/7789 |
| Onderwerp: | Onjuiste behandeling/verkeerde diagnose |
| Beslissingen: | Niet-ontvankelijk |
| Inhoudsindicatie: | Klager is kennelijk niet-ontvankelijk in zijn klacht tegen een huisarts. Er is een periodevan meer dan tien jaren verstreken sinds het gestelde handelen (of nalaten) is geschied. Het college bespreekt daarom de klacht niet verder inhoudelijk en beslist dat klager niet-ontvankelijk is. |
A2024/7789
REGIONAAL TUCHTCOLLEGE VOOR DE GEZONDHEIDSZORG AMSTERDAM
Beslissing in raadkamer van 2 september 2025 op de klacht van:
A,
wonende te B, klager,
tegen
C,
destijds huisarts,
destijds werkzaam te B, verweerder, hierna ook: de huisarts,
gemachtigde: mr. T.A.M. van Oosterhout, werkzaam te Utrecht.
1. Waar gaat de zaak over?
1.1 Klager verbleef van 2013 tot 2017 in het verpleeghuis D, locatie E, en was
onder behandeling
van de huisarts. De huisarts heeft in 2014 voorgesteld haloperidol toe te dienen
voor de wanen van
klager. Dit heeft klager geweigerd. Naar aanleiding van lichamelijke klachten die
klager begin 2015
kreeg, stelt hij dat hij in 2014 tegen zijn wil haloperidol toegediend heeft gekregen.
1.2 Het college komt tot het oordeel dat klager kennelijk niet-ontvankelijk is.
Hierna vermeldt
het college eerst hoe de procedure is verlopen. Daarna licht het college de beslissing
toe.
2. De procedure
2.1 Het college heeft de volgende stukken ontvangen:
- het klaagschrift met de bijlagen, ontvangen op 28 oktober 2024;
- het aanvullende klaagschrift met de bijlagen, ontvangen op 29 januari 2025;
- het verweerschrift;
- de brief van 2 mei 2025 van klager, ingekomen op 8 mei 2025;
- het aanvullende verweerschrift, ingekomen op 20 mei 2025;
- het proces-verbaal van het mondelinge vooronderzoek, gehouden op 25 juni 2025,
met aangehecht
een bijlage, ontvangen van de huisarts.
2.2 Het college heeft de klacht in raadkamer behandeld. Dit betekent dat het college
de
zaak beoordeeld heeft op basis van de stukken, zonder dat de partijen daarbij aanwezig
waren.
3. De klacht en de reactie van de huisarts
3.1 Volgens klager heeft de huisarts onzorgvuldig gehandeld door klager uit het
niets en tegen
zijn wil haloperidol voor te schrijven en toe te dienen voor zijn wanen. Klager
heeft dit
geweigerd, maar kreeg begin 2015 wel lichamelijke klachten waarvan klager denkt
dat deze het gevolg
zijn van het toch toedienen van het antipsychoticum.
3.2 De huisarts heeft het college verzocht klager niet-ontvankelijk te verklaren,
omdat de klacht
volgens de huisarts verjaard is. Voor het geval het college de klacht wel inhoudelijk
gaat
beoordelen, heeft de huisarts het college verzocht de klacht ongegrond te verklaren.
3.3 Het college gaat hierna verder in op de standpunten van partijen.
4. De overwegingen van het college
Ontvankelijkheid
4.1 De huisarts heeft naar voren gebracht dat klager niet-ontvankelijk is in de
klacht, omdat de
klacht verjaard is. De klacht van klager is ontvangen op 28 oktober 2024. Uit de
bijlagen die zijn
overgelegd door de huisarts is gebleken dat het handelen waarover wordt geklaagd,
het
voorschrijven/toedienen van haloperidol, heeft plaatsgevonden begin oktober (10
oktober) 2014.
4.2 Het klaagschrift is na meer dan tien jaren bij het college ingediend. Er is
dus een periode
van meer dan tien jaren verstreken sinds het gestelde handelen (of nalaten) is geschied.
In het
tuchtrecht voor de gezondheidszorg geldt een termijn van tien jaar om te klagen
over het handelen
of nalaten van een zorgverlener. Deze termijn begint te lopen op de dag nadat dit
handelen heeft
plaatsgevonden of – als sprake is van nalaten – had moeten plaatsvinden. Na het
verstrijken van
deze tienjaarstermijn kan een klacht niet meer inhoudelijk worden beoordeeld. Dit
is een harde
regel, waarvan ook niet kan worden afgeweken als de klager goede redenen had om
de klacht zo laat
in te dienen. De achtergrond van deze regel is dat het na meer dan tien jaar moeilijk
is om nog
vast te stellen wat er precies is gebeurd. Ook vindt de wetgever het niet redelijk
dat een
zorgverlener meer dan tien jaar later nog kan worden berecht voor een volgens een
klager gemaakte
fout.
Slotsom
4.3 Het college zal de klacht daarom niet verder inhoudelijk bespreken en beslissen
dat klager
niet-ontvankelijk is.
5. De beslissing
Klager is kennelijk niet-ontvankelijk in zijn klacht.
Deze beslissing is gegeven op 2 september 2025 door E.A. Messer, voorzitter, J.C.J.
Dute,
lid-jurist, V.M. Schijf, G.J. Dogterom en M.C. Wolfs-Smits, leden-beroepsgenoten,
bijgestaan
door T.C. Brand, secretaris.