ECLI:NL:TGZCTG:2025:194 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2850

ECLI: ECLI:NL:TGZCTG:2025:194
Datum uitspraak: 26-11-2025
Datum publicatie: 26-11-2025
Zaaknummer(s): C2025/2850
Onderwerp: Onjuiste behandeling/verkeerde diagnose
Beslissingen:
Inhoudsindicatie: De zaak is aangehouden.

C E N T R A A L T U C H T C O L L E G E
voor de Gezondheidszorg


Beslissing in de zaak onder nummer C2025/2850 van:
A., wonende te B., appellant, klager in eerste aanleg,
hierna: klager,

tegen

E., werkzaam te D., verweerder in beide instanties, hierna: de orthopedisch chirurg, gemachtigde: mr. V.C.A.A.V. Daniƫls, werkzaam te Utrecht.

1. Verloop van de procedure
1.1 Klager heeft op 15 juni 2025 per e-mail beroep ingesteld tegen de beslissing van het Regionaal Tuchtcollege te Amsterdam van 25 april 2025 met nummer A2024/7475).
1.2 Het Centraal Tuchtcollege dient allereerst te beoordelen of klager tijdig beroep heeft ingesteld van de beslissing van het Regionaal Tuchtcollege.
In artikel 73 lid 1 van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG) is de termijn voor het indienen van het beroepschrift gegeven. Die termijn is binnen zes weken na de verzending van het afschrift van de beslissing van het Regionaal Tuchtcollege.
1.3 Bij brief van 23 juli 2025 heeft het Centraal Tuchtcollege klager bericht dat het beroepschrift na het verstrijken van de beroepstermijn is binnengekomen. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de beslissing namelijk op 28 april 2025 aan klager verzonden, zodat de beroepstermijn liep tot en met 9 juni 2025. Het Centraal Tuchtcollege heeft klager in de gelegenheid gesteld om uit te leggen waarom het beroepschrift na het verstrijken van de beroepstermijn is binnengekomen.
1.4 Klager heeft op 13 augustus 2025 van deze gelegenheid gebruik gemaakt. Klager heeft aangevoerd dat gebleken is dat de beslissing op 28 april 2025 niet per aangetekende post aan hem is verzonden. Het Regionaal Tuchtcollege heeft klager bij brief van 7 mei 2025 bevestigd dat dit een vergissing was en dat de verzending per gewone post heeft geleid tot vertraging.
1.5 Na telefonisch contact tussen klager en het Regionaal Tuchtcollege is de beslissing op 6 mei 2025 digitaal aan klager ter beschikking gesteld. Diezelfde dag is de beslissing per aangetekende brief aan klager verzonden. Deze brief is door klager op 10 mei 2025 ontvangen.
1.6 Het Centraal Tuchtcollege is van oordeel dat bij deze stand van zaken de beroepstermijn niet op 28 april 2025 is gaan lopen, maar op 6 mei 2025. Pas vanaf 6 mei 2025 heeft klager feitelijk van de beslissing van het Regionaal Tuchtcollege kennis kunnen nemen. Uitgaande van de situatie dat de beroepstermijn op 6 mei 2025 is gaan lopen, heeft klager tijdig beroep ingediend, omdat de beroepstermijn in deze situatie loopt tot en met 17 juni 2025.
1.7 Het voorgaande leidt tot het oordeel dat klager ontvankelijk is in zijn beroep en dat het beroep van klager inhoudelijk zal worden behandeld.

2. Beslissing
Het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg: verstaat dat klager het beroep tijdig heeft ingesteld; stelt de orthopedagogisch chirurg in de gelegenheid om uiterlijk 23 december 2025 een verweerschrift in beroep in te dienen; houdt iedere verdere beslissing aan.

Deze beslissing is genomen door C.H.M. van Altena, voorzitter, R.A. Boon en A.R.O. Mooy, leden-juristen, en M.M. van der Eb en A. Schaafsma, leden-beroepsgenoten, bijgestaan door
M. van Esveld, secretaris.

Uitgesproken ter openbare zitting van 26 november 2025.
Voorzitter w.g. Secretaris w.g.