ECLI:NL:TGDKG:2025:98 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/758722 / DW RK 24/375 MK/WdJ

ECLI: ECLI:NL:TGDKG:2025:98
Datum uitspraak: 29-09-2025
Datum publicatie: 01-10-2025
Zaaknummer(s): C/13/758722 / DW RK 24/375 MK/WdJ
Onderwerp: Andere werkzaamheden (art. 20 Gdw)
Beslissingen:
Inhoudsindicatie: De vordering betreft het tanken zonder te betalen. Het had op de weg van de gerechtsdeurwaarder gelegen om de concrete en voor de gerechtsdeurwaarder (deels) toetsbare bezwaren van klager direct voor te leggen aan de opdrachtgever. Klacht gegrond, maatregel van waarschuwing opgelegd.

KAMER VOOR GERECHTSDEURWAARDERS TE AMSTERDAM

Beslissing van 29 september 2025 zoals bedoeld in artikel 43 van de Gerechtsdeurwaarderswet inzake de klacht met nummer C/13/758722 / DW RK 24/375 MK/WdJ ingesteld door:

[  ],

wonende te [  ],

klager,

tegen:

[  ],

gerechtsdeurwaarder te [  ],

beklaagde,

gemachtigde: [  ].

1. Ontstaan en loop van de procedure

Bij klachtenformulier met bijlagen, ingekomen op 29 oktober 2024, heeft klager een klacht ingediend tegen (een medewerker van het kantoor van) de

gerechtsdeurwaarder. Bij verweerschrift met bijlagen, ingekomen op 20 december 2024, heeft de gerechtsdeurwaarder gereageerd. De klacht is behandeld ter openbare terechtzitting van 18 augustus 2025 alwaar klager en de gemachtigde van de gerechtsdeurwaarder (met twee collega’s) zijn verschenen. De uitspraak is bepaald op 29 september 2025.

2. De feiten

Uitgegaan wordt van de volgende feiten en omstandigheden:

-           De gerechtsdeurwaarder is belast geweest met een vordering van [  ] te Breda op klager.

-           Bij brief van 16 oktober 2024 is klager verzocht de vordering te voldoen.

-           Bij e-mail van 24 oktober 2024 heeft de gerechtsdeurwaarder klager desgevraagd het dossier toegestuurd.

-           Hierop heeft klager bij e-mail van 24 oktober 2024 bezwaar gemaakt tegen de vordering.

-           Bij e-mail van 25 oktober 2024 is klager geïnformeerd dat de gerechtsdeurwaarder heeft gehandeld conform het protocol Tanken Zonder Betalen en dat klager als kentekeneigenaar aansprakelijk is voor de onbetaalde tankbeurt.

-           Bij e-mail van 26 oktober 2024 heeft klager zijn bezwaren opnieuw kenbaar gemaakt en heeft hij meegedeeld dat hij niet zal overgaan tot betaling.

-           Bij e-mail van 31 oktober 2024 heeft de gerechtsdeurwaarder klager bericht dat de bezwaren van klager zijn voorgelegd aan de opdrachtgever en dat de opdrachtgever heeft geconcludeerd dat een fout was gemaakt. In de

e-mail is namens de opdrachtgever excuses aangeboden en is klager medegedeeld dat hij de vordering niet hoeft te voldoen.

3. De klacht

Klager beklaagt zich er samengevat over dat de gerechtsdeurwaarder de vordering heeft doorgezet zonder controle van de uit het kentekenregister van de RDW verkregen gegevens, waaruit duidelijk volgt dat er geen grond is voor de vordering.

4. Het verweer van de gerechtsdeurwaarder

De gerechtsdeurwaarder heeft de klacht gemotiveerd weersproken. Voor zover van belang wordt hierna op dat verweer ingegaan.

5. De beoordeling van de klacht

5.1 Op grond van het bepaalde in artikel 34 van de Gerechtsdeurwaarderswet zijn gerechtsdeurwaarders onderworpen aan tuchtrechtspraak ter zake van enig handelen of nalaten in strijd met die wet of in strijd met hetgeen een behoorlijk handelend gerechtsdeurwaarder betaamt. Klachten kunnen niet worden gericht tegen medewerkers van een gerechtsdeurwaarderskantoor of een medewerker van dat kantoor. In het verweer heeft bovengenoemde gerechtsdeurwaarder zich opgeworpen als beklaagde. Hiermee is in de aanhef van de beslissing rekening gehouden. Ter beoordeling staat of er sprake is van tuchtrechtelijk laakbaar handelen in de zin van artikel 34 van de Gerechtsdeurwaarderswet.

5.2 Een gerechtsdeurwaarder is in beginsel gehouden een opdracht marginaal te toetsen. De gerechtsdeurwaarder mag bij het innen van een vordering uitgaan van de juistheid van de informatie die hij van de opdrachtgever ontvangt. Na ontvangst van een drietal foto’s, een getuigenverklaring en een kassabon heeft de gerechtsdeurwaarder het register van de RDW geraadpleegd. Hieruit volgde dat klager de kentekenhouder is van de auto met het kenteken zoals dat door de opdrachtgever was meegedeeld. Klager heeft na ontvangst van zijn dossier bezwaar gemaakt tegen de vordering en gesteld dat het kenteken op de foto’s niet te lezen is, en dat het niet om zijn auto kon gaan. Klager heeft aan de gerechtsdeurwaarder kenbaar gemaakt dat zijn auto een ander type is en een andere kleur heeft dan op de foto’s te zien is. Klager heeft de gerechtsdeurwaarder verder geïnformeerd dat hij die dag op zijn werk in Amsterdam was en niet op de betreffende locatie kon zijn geweest. Gelet op de concrete en voor de gerechtsdeurwaarder (deels) toetsbare bezwaren van klager, had het op de weg van de gerechtsdeurwaarder gelegen om deze direct voor te leggen aan de opdrachtgever. In plaats daarvan heeft de gerechtsdeurwaarder zich er in eerste instantie ten onrechte op beroepen dat gehandeld werd volgens het protocol Tanken Zonder Betalen en volhard in de aansprakelijkstelling van klager als kentekenhouder. Dat is niet zoals een gerechtsdeurwaarder behoort te handelen.

5.3 De kamer verklaart de klacht gelet op voorgaande gegrond en acht de maatregel van waarschuwing in dit geval passend en geboden. De kamer betrekt hierbij dat de gerechtsdeurwaarder het tweede bezwaar van klager wel naar de opdrachtgever heeft doorgestuurd, waarop de opdrachtgever van de gerechtsdeurwaarder de vordering heeft ingetrokken en excuses heeft gemaakt. Bij die stand van zaken ziet de kamer geen aanleiding om de gerechtsdeurwaarder te veroordelen in de kosten van de procedure die betrekking hebben op de behandeling van de klacht door de kamer. Omdat de klacht gegrond is, dient de gerechtsdeurwaarder wel aan klager het betaalde griffierecht te vergoeden, alsmede de door klager gemaakte (forfaitair vast te stellen) kosten.

5.4 Op grond van het voorgaande wordt beslist als volgt.

BESLISSING

De Kamer voor Gerechtsdeurwaarders:

  • verklaart de klacht gegrond;
  • legt aan de gerechtsdeurwaarder de maatregel van waarschuwing op;
  • veroordeelt de gerechtsdeurwaarder in de proceskosten van klager, begroot op
    € 50 te betalen nadat de beslissing onherroepelijk is geworden;
  • bepaalt dat de gerechtsdeurwaarder aan klager het betaalde griffierecht

ad € 50 vergoedt, nadat de beslissing onherroepelijk is geworden.

Aldus gegeven door mr. M.L.S. Kalff, voorzitter, mr. B. Brokkaar en

M.F.J. Pijnenburg, leden en uitgesproken ter openbare terechtzitting van

29 september 2025, in tegenwoordigheid van de secretaris.

Tegen deze beslissing kan binnen dertig dagen na dagtekening van verzending van het afschrift van de beslissing, hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Amsterdam, Postbus 1312, 1000 BH Amsterdam.