ECLI:NL:TGDKG:2025:68 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/749726 / DW RK 24/170 EdV/RH
| ECLI: | ECLI:NL:TGDKG:2025:68 |
|---|---|
| Datum uitspraak: | 27-06-2025 |
| Datum publicatie: | 29-07-2025 |
| Zaaknummer(s): | C/13/749726 / DW RK 24/170 EdV/RH |
| Onderwerp: | Ambtshandelingen (art. 2 Gdw) |
| Beslissingen: | |
| Inhoudsindicatie: | De gerechtsdeurwaarder heeft klager aangemeld bij de gemeente in het kader van vroegsignalering problematische schulden. De kamer overweegt dat de gerechtsdeurwaarder conform zijn wettelijke verplichting klager heeft aangemeld bij de gemeente aangezien het dossier aan de daarvoor geldende criteria voldeed. Hoewel die melding in de zaak van klager gelet op de specifieke omstandigheden wellicht niet noodzakelijk was, is deze melding niet tuchtrechtelijk laakbaar. |
KAMER VOOR GERECHTSDEURWAARDERS TE AMSTERDAM
Beslissing van 27 juni 2025 zoals bedoeld in artikel 43 van de Gerechtsdeurwaarderswet inzake de klacht met nummer C/13/749726 / DW RK 24/170 EdV/RH ingesteld door:
[..],
wonende te [..],
klager,
tegen:
[..],
gerechtsdeurwaarder te [..],
beklaagde.
Ontstaan en loop van de procedure
Bij brief met bijlagen, ingekomen op 23 april 2024, heeft klager een klacht ingediend tegen het kantoor van de gerechtsdeurwaarder. Bij verweerschrift, ingekomen op
4 juni 2024, heeft de gerechtsdeurwaarder op de klacht gereageerd.
De klacht is behandeld ter openbare terechtzitting van 2 mei 2025 waar klager en de gerechtsdeurwaarder zijn verschenen. De uitspraak is bepaald op 27 juni 2025.
1. De feiten
Uitgegaan wordt van de volgende feiten en omstandigheden:
- bij brief van 24 november 2023 heeft de gerechtsdeurwaarder klager verzocht de achterstallige huur over de maanden september, oktober en november 2023 te voldoen;
- bij brief van 11 januari 2024 heeft de gerechtsdeurwaarder klager gesommeerd tot betaling van de openstaande vordering over te gaan, teneinde dagvaarden te voorkomen;
- bij brief van 15 januari 2024 heeft klager de gerechtsdeurwaarder laten weten dat hij voldoende gegronde redenen heeft om niet tot betaling van de vordering over gaan;
- hierop heeft de gerechtsdeurwaarder klager er bij brief van 24 januari 2024 op gewezen dat de opdrachtgever bij zijn standpunt blijft en dat, indien de vordering niet binnen drie werkdagen is voldaan, zal worden overgegaan tot dagvaarden;
- op 12 februari 2024 heeft de gerechtsdeurwaarder melding gedaan bij de gemeente [..] in verband met vroegsignalering schuldhulpverlening;
- bij brieven van 12 februari 2024 en 8 maart 2024 is klager voor de laatste keer in de gelegenheid gesteld de openstaande vordering te voldoen;
- bij brief van 28 maart 2024 heeft de gerechtsdeurwaarder klager geïnformeerd dat de opdrachtgever akkoord gaat dat klager de openstaande vordering alsnog op het kantoor van de opdrachtgever voldoet. Tevens is aangegeven dat de opdrachtgever afziet van de gevorderde rente en klager ten aanzien van de incassokosten tegemoet komt door zelf 50% voor zijn rekening te nemen.
2. De klacht
Klager beklaagt zich samengevat over het volgende:
a: Het is niet aan klager te wijten dat er huurachterstand is ontstaan. De verhuurder heeft klager schriftelijk laten weten dat maandelijkse contante betaling van de huur mogelijk is, maar op het moment dat klager de huur contant wilde betalen, werd dit niet geaccepteerd. Klager is ten onrechte als wanbetaler behandeld.
b: De gerechtsdeurwaarder heeft door intimidatie getracht klager de huur over te laten maken, met onrechtmatige verhoging van incassokosten en rente.
c: De gerechtsdeurwaarder heeft laten weten dat klager de huurachterstand contant kan betalen en heeft de vordering alsnog met gecompenseerde incassokosten verhoogd.
d: De gerechtsdeurwaarder heeft klager volkomen onterecht aangemeld bij de gemeente [..] als iemand die zijn rekeningen niet kan voldoen.
3. Het verweer van de gerechtsdeurwaarder
De gerechtsdeurwaarder heeft de klacht gemotiveerd weersproken. Voor zover van belang wordt hierna op dat verweer ingegaan.
4. De beoordeling van de klacht
4.1 Op grond van het bepaalde in artikel 34 van de Gerechtsdeurwaarderswet zijn gerechtsdeurwaarders onderworpen aan tuchtrechtspraak ter zake van enig handelen of nalaten in strijd met die wet of in strijd met hetgeen een behoorlijk handelend gerechtsdeurwaarder betaamt. Klachten kunnen niet worden gericht tegen een gerechtsdeurwaarderskantoor. In het verweer heeft bovengenoemde gerechtsdeurwaarder zich opgeworpen als beklaagde. Hiermee is in de aanhef van de beslissing rekening gehouden. Ter beoordeling staat of er sprake is van tuchtrechtelijk laakbaar handelen in de zin van artikel 34 van de Gerechtsdeurwaarderswet.
4.2 Naar het oordeel van de kamer kan de gerechtsdeurwaarder niet worden verweten dat hij klager als wanbetaler heeft behandeld. Het verwijt van klager betreft eerder de opdrachtgever van de gerechtsdeurwaarder. Die heeft de zaak van klager aangebracht bij de gerechtsdeurwaarder en deze opdracht gegeven de huurpenningen te innen, ondanks het feit dat klager had meegedeeld dat hij de huur via contante betalingen wilde voldoen. Klachtonderdeel a is ongegrond.
4.3 Ten aanzien van klachtonderdelen b en c overweegt de kamer dat de gerechtsdeurwaarder niet tuchtrechtelijk laakbaar heeft gehandeld door klager meermalen in de gelegenheid te stellen de vordering in de minnelijke fase te voldoen. De gerechtsdeurwaarder heeft de brieven aan klager verzonden teneinde hoge kosten van een procedure te voorkomen. Dit soort brieven bevat termijnstellingen zodat, wanneer een reactie uitblijft, de behandeling van de zaak kan worden voortgezet. Dat de vordering is verhoogd met incassokosten en rente is de gewone gang van zaken en niet tuchtrechtelijk laakbaar. Overigens blijkt uit het verweerschrift dat de opdrachtgever uiteindelijk heeft afgezien van de gevorderde rente en dat hij de incassokosten voor zijn rekening heeft genomen. Deze klachtonderdelen zijn eveneens ongegrond.
4.4 Ten aanzien van klachtonderdeel d stelt de kamer vast dat de gerechtsdeurwaarder in de brief van 24 november 2023 aan klager heeft laten weten dat de verhuurder samenwerkt met schuldhulpverlening van de gemeente en dat een medewerker van de afdeling schuldhulpverlening contact zal opnemen. Voorts is in die brief meegedeeld dat, indien klager daartegen bezwaar heeft, hij binnen zeven dagen bezwaar kan maken bij de gerechtsdeurwaarder. Klager heeft hierop niet gereageerd en daarom is hij op 12 februari 2024 aangemeld bij de gemeente [..] in het kader van de zogenaamde vroegsignalering. Ter zitting heeft de gerechtsdeurwaarder nog toegelicht dat deze melding van belang is indien tot dagvaarden wordt overgegaan. De melding was echter al verzonden, waarna bleek dat de betalingsachterstand niet veroorzaakt werd door het hebben van problematische schulden. De kamer overweegt dat de gerechtsdeurwaarder conform zijn wettelijke verplichting klager heeft aangemeld bij de gemeente [..] aangezien het dossier aan de daarvoor geldende criteria voldeed. Ofschoon die melding in de zaak van klager gelet op de specifieke omstandigheden wellicht niet noodzakelijk was, is deze melding niet tuchtrechtelijk laakbaar. Klachtonderdeel d is daarom ook ongegrond.
4.5 Op grond van het voorgaande wordt beslist als volgt.
BESLISSING
De kamer voor gerechtsdeurwaarders:
- verklaart de klacht ongegrond.
Aldus gegeven door mr. A.E. de Vos, plaatsvervangend-voorzitter, mr. M.C.M. Hamer en mr. H.A. Roos, leden, uitgesproken ter openbare terechtzitting van 27 juni 2025, in tegenwoordigheid van de secretaris.
Tegen deze beslissing kan binnen dertig dagen na dagtekening van verzending van het afschrift van de beslissing, hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Amsterdam, Postbus 1312, 1000 BH Amsterdam.