ECLI:NL:TGZRSGR:2021:15 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2020-116b

ECLI: ECLI:NL:TGZRSGR:2021:15
Datum uitspraak: 19-01-2021
Datum publicatie: 19-01-2021
Zaaknummer(s): 2020-116b
Onderwerp: Onjuiste behandeling/verkeerde diagnose
Beslissingen:
Inhoudsindicatie: Kennelijk ongegronde klacht tegen een psychiater. Klager verwijt beklaagde dat er meer urinecontroles zijn afgenomen dan het afgesproken aantal van twaalf per jaar. Het College stelt vast dat er – zoals klager heeft aangegeven – in totaal veertien urinecontroles hebben plaatsgevonden over periode van 16 maanden. Het College is van oordeel dat er niet meer dan twaalf urinecontroles in een jaar tijd zijn afgenomen. Klacht kennelijk ongegrond verklaard.  

Het Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg te Den Haag heeft de volgende beslissing gegeven inzake de klacht van:

A ,

verblijvend te B,

klager,

tegen:

C, psychiater,

werkzaam te B,

beklaagde,

gemachtigde: mr. J.C.C. Leemans, werkzaam te Amsterdam.

1.                  Het verloop van de procedure

1.1              Het verloop van de procedure blijkt uit:

-      het klaagschrift met bijlagen, ontvangen op 12 augustus 2020;

-      de twee aanvullende klaagschriften met bijlagen, ontvangen op 26 augustus 2020;

-      het verweerschrift;

-      het proces-verbaal van het mondelinge vooronderzoek, gehouden op 2 december 2020;

1.2              Het College heeft de klacht op 8 december 2020 in raadkamer behandeld.  

2.                  De feiten

2.1              Klager, geboren in 1972, is in 2007 strafrechtelijk veroordeeld tot een gevangenisstraf en TBS. Vanaf 11 februari 2019 verblijft klager op de long-stay afdeling van de Langdurige Forensisch Psychiatrische Zorg (LFPZ) van D te B.

2.2              Beklaagde is sinds 11 februari 2019 als onderdeel van het multidisciplinair team betrokken bij de behandeling van klager en verantwoordelijk voor de medisch psychiatrische zorgverlening.

2.3              Uit het behandelplan van 5 juli 2019 tijdens het verblijf van klager binnen de LFPZ volgt:

Er zijn geen individuele afspraken/beleid aangaande alcohol/drugsgebruik. Dit is niet toegestaan.

Het algemene drugsprotocol bij afname urinecontrole wordt gevolgd. Een individueel plan hiervoor is u aangeboden, maar heeft u afgewezen daar u geen uitzonderingspositie wilt hebben. Er zijn uiteindelijk op uw verzoek echter twee aanpassingen gedaan in het algemene protocol op uw verzoek, namelijk:

-      Door de nachtdienst zal een A4-papier, zoals door u aangeleverd, in de nacht voorafgaand aan de geplande urinecontrole voor het luik op de deur worden gehangen. U heeft deze wens, omdat u anders al getoiletteerd heeft en geen urine meer kunt aanleveren.

-      Bij het niet kunnen leveren van urine wordt de persoon in kwestie in het algemene protocol gesepareerd tot aan urinelevering. Daar voor u de separeer cel veel emoties oproept, is de afspraak gemaakt dat u de tijd tot u urine kunt afgeven in de Special Care Unit (SCU) op de afdeling [..] kunt afwachten. Indien deze bezet is en er geen lege kamers op [../..] aanwezig zijn, is er geen andere optie dan tijdelijke plaatsing in de separeer cel. Hier bent u van op de hoogte en bent u mee akkoord gegaan.

Urinecontroles zullen 12x per jaar en op indicatie worden afgenomen .”.

2.4              Daarnaast staat in het protocol ‘UC beleid’ van D onder meer - voor zover van belang voor de beoordeling - opgenomen: “Als preventieve controle op het gebruik [van gedragsbeïnvloedende middelen, aldus het College] worden at random urinecontroles (UC’s) uitgevoerd. Daarnaast kan bij vermoeden van gebruik van niet toegestane gedragsbeïnvloedende middelen ad hoc worden besloten tot het uitvoeren van een UC. (…) Het voorgaande laat onverlet dat medewerkers op basis van observatie van gedrag te allen tijde kunnen besluiten tot beperkingen/ interventies, zoals het laten afnemen van een (extra) UC door B&C.”.

2.5              Het behandelplan van 1 mei 2020 is op het punt van de urinecontroles ongewijzigd gebleven, behalve voor zover het de specificatie betreft dat urinecontroles twaalf keer per jaar en op indicatie worden afgenomen.

2.6              Uit de stukken zoals overgelegd door klager volgt dat er urinecontroles zijn afgenomen op de volgende data: 18 april, 21 mei, 25 juni, 16 juli, 13 augustus, 10 september, 10 oktober, 7 november, 14 november en 1 december 2019 en 25 januari, 10 maart, 3 augustus en 23 augustus 2020.

3.                  De klacht

Klager verwijt beklaagde, samengevat en zakelijk weergegeven, dat er meer urinecontroles zijn afgenomen dan het afgesproken aantal van twaalf per jaar, voornamelijk gelet op de controles die zijn gedaan op 3 en 23 augustus 2020.

4.                  Het standpunt van beklaagde

De beklaagde heeft de klacht en de daaraan ten grondslag gelegde stellingen bestreden. Voor zover nodig wordt daarop hieronder ingegaan.

5.                  De beoordeling

5.1              Beklaagde heeft toegelicht dat zij niet expliciet bij de behandeling van klager betrokken is geweest, omdat hij geen psychofarmaca kreeg. Zij heeft wel de uitslagen van de urinecontroles beoordeeld, maar is verder niet betrokken geweest bij het behandelplan hieromtrent. Beklaagde heeft verder toegelicht dat het aantal urinecontroles van twaalf per jaar in het systeem voor 2020 ongewijzigd zijn gebleven. Zij heeft weersproken dat klager meer dan twaalf urinecontroles in een jaar tijd heeft moeten ondergaan.

5.2              Het College stelt vast dat er – zoals klager heeft aangegeven – in totaal veertien urinecontroles hebben plaatsgevonden over de periode van 18 april 2019 tot en met 23 augustus 2020. Deze controles hebben dus betrekking op een periode van 16 maanden. In de periode van 18 april 2019 tot 18 april 2020 hebben er twaalf controles plaatsgevonden. En over de periode van 13 augustus 2019 tot 23 augustus 2020 zijn er tien controles afgenomen. Het College is van oordeel dat er niet meer dan twaalf urinecontroles in een jaar tijd zijn afgenomen. Daarbij merkt het College op dat uit het behandelplan en het algemene protocol van D ten aanzien van urinecontroles volgt dat op willekeurige momenten (extra) controles kunnen worden gedaan. Het was wellicht duidelijker geweest als de afspraak over het aantal controles in het behandelplan van 1 mei 2020 was herbevestigd, maar dat laat onverlet dat het algemene protocol, waarnaar het behandelplan verwijst, de urinecontroles toestaat. De klacht is dan ook ongegrond.

5.3              Om bovenstaande redenen zal het College beslissen dat de klacht kennelijk ongegrond is.

6.                  De beslissing

Het College:

- verklaart de klacht kennelijk ongegrond.

Deze beslissing is gegeven op 19 januari 2021 door Y.J. Wijnnobel-van Erp, voorzitter,

A.M. van Hemert en F.M.J. Bruggeman, leden-beroepsgenoten, bijgestaan door R.C. Kruit, secretaris.

voorzitter                                                                                           secretaris

Tegen deze beslissing kan in de volgende gevallen schriftelijk beroep worden ingesteld bij het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg:

a.       Heeft u de klacht ingediend? Dan kunt u in beroep als

- het college u of uw klacht geheel of gedeeltelijk niet-ontvankelijk heeft verklaard of

- als de klacht geheel of gedeeltelijk ongegrond is verklaard.

Bij een gedeeltelijke niet-ontvankelijkverklaring of een gedeeltelijke ongegrondverklaring kan uw beroep alleen betrekking hebben op dat deel van de beslissing.

b.      Is de klacht tegen u gericht? Dan kunt u altijd in beroep.

c.       Ook de inspecteur van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd kan beroep instellen.

U moet het beroepschrift richten aan het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg, maar opsturen naar de secretaris van het Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg te Den Haag. Daar moet het zijn ontvangen binnen zes weken nadat de beslissing aan u is verstuurd.

Als u beroep instelt, moet u € 50,- griffierecht betalen aan het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg. U ontvangt hierover bericht. Als u geheel of gedeeltelijk in het gelijk wordt gesteld, wordt het griffierecht aan u terugbetaald.