Overheid.nl

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Terug naar zoekresultaten

ECLI:
ECLI:NL:TGDKG:2015:67
Datum uitspraak:
09-06-2015
Datum publicatie:
26-06-2015
Zaaknummer(s):
GDW586.2014
Onderwerp:
Ambtshandelingen (art. 2 Gdw)
Beslissingen:
Een berisping
Inhoudsindicatie:
 Ten onrechte aanzeggen ontruiming. De gerechtsdeurwaarder heeft erkend dat hij ten onrechte de ontruiming van de woning heeft aangezegd. De kamer overweegt dat het betekenen van een vonnis tot de kerntaken van een gerechtsdeurwaarder behoort en het bij exploot aanzeggen van een ontruiming zonder dat daar een titel voor is, een ernstige fout is. De gerechtsdeurwaarder had de inhoud en strekking van het exploot van betekening en het bevel beter moeten controleren. Hij draagt daarvoor de verantwoordelijkheid. Klacht gegrond, maatregel van berisping opgelegd.

 

KAMER VOOR GERECHTSDEURWAARDERS TE AMSTERDAM

 

Beslissing van 9 juni 2015 zoals bedoeld in artikel 43 van de Gerechtsdeurwaarderswet inzake de klacht met nummer 586.2014 ingesteld door:

 

[     ],

wonende te [     ],

klaagster,

 

tegen:

 

[     ],

toegevoegd kandidaat-gerechtsdeurwaarder te [     ],

beklaagde.

 

Ontstaan en loop van de procedure

-           Bij brief met bijlagen, ingekomen op 14 augustus 2014, heeft klager een klacht ingediend tegen beklaagde, hierna: de gerechtsdeurwaarder.

-           Bij verweerschrift, ingekomen op 16 september 2014, heeft de gerechtsdeurwaarder op de klacht gereageerd.

-           De klacht is behandeld ter openbare terechtzitting van 28 april 2015 alwaar de gerechtsdeurwaarder is verschenen.  Van deze behandeling is afzonderlijk proces-verbaal opgemaakt.

-           De uitspraak is bepaald op 9 juni 2015.

 

1. De feiten

Uitgegaan wordt van de volgende feiten en omstandigheden:

 

a:         Op 7 juli 2014 is een verstekvonnis ten laste van klaagster gewezen.

b:         Op 31 juli 2014 heeft de gerechtsdeurwaarder het verstekvonnis aan klaagster betekend met gelijktijdig bevel om aan de inhoud te voldoen, met daarbij de aanzegging dat indien tijdige voldoening achterwege zou blijven de woning op 1 september 2014 ontruimd zou worden.

c:         Op 31 juli 2014 heeft klaagster telefonisch contact met de gerechtsdeurwaarder opgenomen en medegedeeld dat zij nooit kennis had genomen van de openstaande vordering.

d:         Op 1 augustus 2014 heeft het Juridisch Loket namens klaagster telefonisch contact met de gerechtsdeurwaarder opgenomen. Tijdens dit gesprek heeft de gerechtsdeurwaarder medegedeeld dat de ontruiming ten onrechte was aangezegd en heeft hij zijn verontschuldigingen aangeboden.

e:         Op 18 augustus 2014 heeft de gerechtsdeurwaarder een nieuw exploot onder intrekking en buiten effectstelling van het oude exploot aan klaagster betekend.

 

2. De klacht

Klaagster beklaagt zich er in hoofdzaak over dat de gerechtsdeurwaarder ten onrechte de ontruiming van haar woning heeft aangezegd.

 

3. Het verweer van de gerechtsdeurwaarder

De gerechtsdeurwaarder heeft de klacht erkend.

 

4. De beoordeling van de klacht

4.1 Op grond van het bepaalde in artikel 34 van de Gerechtsdeurwaarderswet zijn gerechtsdeurwaarders en kandidaat-gerechtsdeurwaarders onderworpen aan tuchtrechtspraak ter zake van enig handelen of nalaten in strijd met die wet of in strijd met hetgeen een behoorlijk handelend gerechtsdeurwaarder betaamt. Ter beoordeling staat of sprake is van tuchtrechtelijk laakbaar handelen in de zin van artikel 34 van de Gerechtsdeurwaarderswet.

 

4.2 De gerechtsdeurwaarder heeft erkend dat hij een vonnis aan klaagster heeft betekend en dat hij in het exploot van betekening en bevel ten onrechte de ontruiming van de door haar gehuurde woning heeft aangezegd. Het door de gerechtsdeurwaarder betekende vonnis strekt hier immers niet toe. Het betekenen van een vonnis behoort tot de kerntaken van een gerechtsdeurwaarder en het bij exploot aanzeggen van een ontruiming zonder dat daar een titel voor is, is een ernstige fout. De gerechtsdeurwaarder had de inhoud en strekking van het exploot van betekening en het bevel beter moeten controleren. Hij draagt daarvoor de verantwoordelijkheid.

 

4.3Op grond van het voorgaande wordt beslist als volgt.

 

BESLISSING

 

De Kamer voor Gerechtsdeurwaarders:

 

-       verklaart de klacht gegrond;

-       legt aan de gerechtsdeurwaarder de maatregel van berisping op.

 

Aldus gegeven door mr. C.W. Inden, voorzitter, en mr. M.S.F. Voskens en M.W. de Ruijter, leden, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 9 juni 2015, in tegenwoordigheid van de secretaris.

 

 

 

 

 

Tegen deze beslissing kan binnen dertig dagen na dagtekening van verzending van het afschrift van de beslissing hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Amsterdam, Postbus 1312, 1000 BH Amsterdam.

Meer informatie

Acties

Meta gegevens