Overheid.nl

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Terug naar overzicht

ECLI:
ECLI:NL:TNORARL:2020:2
Datum uitspraak:
15-01-2020
Datum publicatie:
04-02-2020
Zaaknummer(s):
C/05/358560 KL RK 19-115
Onderwerp:
Overig
Beslissingen:
Klacht ongegrond
Inhoudsindicatie:
1.     Volgens klagers heeft de notaris nagelaten de Stichting uit te schrijven als enig aandeelhouder in het Handelsregister bij de Kamer van Koophandel. Naar het oordeel van de kameris niet gebleken dat de notaris verantwoordelijk was voor de uitschrijving in het Handelregister. Daarom is dit klachtonderdeel ongegrond verklaard.2.     Gezien het verweer van de notaris - welk verweer niet dan wel onvoldoende door klagers is bestreden - acht de kamer het begrijpelijk dat de notaris niet meer op de vragen van klagers heeft gereageerd. Dit klachtonderdeel is daarom ongegrond verklaard. 

KAMER VOOR HET NOTARIAAT IN HET RESSORT ARNHEM-LEEUWARDEN

 



 

 

Kenmerk:        C/05/358560 KL RK 19-115

 

beslissing van de kamer voor het notariaat

 

op de klacht van:

 

[Naam klager 1.],

gevestigd te [vestigingsplaats],

gemachtigde: [naam gemachtigde],

klager 1,

 

en

 

[Naam klager 2.],

gevestigd te [vestigingsplaats],

gemachtigde: [naam gemachtigde],

klager 2,

 

tegen

 

[Naam notaris],

notaris te [vestigingsplaats].

 

Partijen worden hierna respectievelijk klagers en de notaris genoemd.

 

 

1.         Het verloop van de procedure

 

1.1       Het verloop van de procedure blijkt uit:

-          de klacht, met bijlagen, van 1 september 2019;

-          het verweer met bijlagen van de notaris van 15 oktober 2019;

-          het faxbericht van klagers van 9 december 2019.

 

1.2       De klachtzaak is ter zitting van 11 december 2019 behandeld, waarbij de notaris is verschenen. De gemachtigde van klagers heeft zich in verband met familieomstandigheden afgemeld.

 

 

2.         De feiten

 

2.1       In 2014 was Stichting [naam van de stichting] (hierna te noemen: de Stichting) enig aandeelhouder van [naam van de B.V.) (hierna te noemen: de B.V.). In 2014 heeft de B.V. 25000 aandelen uitgegeven aan [naam van de B.V.] (hierna te noemen: de Vennootschap). De notaris heeft de akte van uitgifte gepasseerd.  

 

2.2       Het kantoor [naam van het notariskantoor]  (hierna te noemen: Notariskantoor X.) is betrokken geweest bij de oprichting van de B.V. Eind juli 2019 heeft de B.V. het aandeelhoudersregister opgevraagd bij Notariskantoor X.  Notariskantoor X. heeft het aandeelhoudersregister toen aan klagers verstrekt.

 

2.3       Op 24 juli 2019 heeft de Kamer van Koophandel de B.V. bericht dat zij een opgave van een wijziging heeft ingeschreven in het Handelsregister. De wijziging betrof de uittreding van de Stichting als enig aandeelhouder in de B.V. met ingang van 23 oktober 2014.

 

2.4       Op 1 augustus 2019 hebben klagers bij e-mailbericht de notaris verzocht om een nadere uitleg over het bericht van de Kamer van Koophandel van 24 juli 2019. Omdat een antwoord van de notaris uitbleef hebben klagers de notaris op 9 augustus 2019 een reminder gestuurd. Vervolgens heeft een medewerker van de notaris klagers op 13 augustus 2019 bericht dat de notaris wegens vakantie tot 26 augustus 2019 afwezig is.

 

2.5       Op 9 augustus 2019 bericht de heer [achternaam] (hierna te noemen: de heer Z.) - die werkzaam is bij Notariskantoor X. - de gemachtigde van klagers als volgt: “…… Bij de uitgifte van aandelen in 2014 ben ik niet betrokken geweest, dit is op kantoor van collega notaris [naam] (lees: de notaris) gebeurd, waarom destijds niet de enig aandeelhouder is uitgeschreven is mij niet bekend”

 

2.6       Notaris [naam van de betrokken notaris] - notaris bij Notariskantoor X. - heeft de notaris op 15 oktober 2019 als volgt bericht: “Hierbij bevestig ik dat Notariskantoor X. in voorkomende gevallen, waarbij Notariskantoor X. de akte heeft voorbereid en jij de akte hebt gepasseerd, de verdere administratieve handelingen zou verzorgen”.

 

 

3.         De klacht en het verweer

 

3.1       De klacht valt uiteen in de volgende onderdelen:

 

Klachtonderdeel 1

 

De notaris heeft geen inschrijving van de wijziging inzake het enig aandeelhouderschap in het Handelsregister bij de Kamer van Koophandel gedaan.

 

Klachtonderdeel 2

 

De notaris reageert niet op brieven en e-mails van klagers. De notaris laat vragen van klagers een maand onbeantwoord.

 

3.2       Op het verweer van de notaris zal de kamer hierna, voor zover het verweer van belang is voor de beoordeling, nader ingaan.

 

 

4.         De beoordeling

 

4.1       Ingevolge artikel 93 lid 1 van de Wet op het notarisambt (hierna: Wna) zijn notarissen, toegevoegd notarissen en kandidaat-notarissen aan het tuchtrecht onderworpen ter zake van handelen of nalaten in strijd met hetzij enige bij of krachtens deze wet gegeven bepaling, hetzij met de zorg die zij behoren te betrachten ten opzichte van degenen te wier behoeve zij optreden en ter zake van handelen of nalaten dat een behoorlijk notaris, toegevoegd notaris of kandidaat-notaris niet betaamt. De kamer dient derhalve te onderzoeken of de handelwijze van de notaris een verwijtbare gedraging in de zin van dit artikel oplevert.

 

Klachtonderdeel 1

 

4.2       Volgens klagers heeft de notaris nagelaten de Stichting in 2014 uit te schrijven als enig aandeelhouder in het Handelsregister bij de Kamer van Koophandel.

 

4.2.1    Volgens de notaris was niet hij maar Notariskantoor X. verantwoordelijk voor de mutaties in het Handelsregister bij de Kamer van Koophandel. Daarom valt hem op dit punt niets tuchtrechtelijks te verwijten.

 

4.2.2    De kamer overweegt als volgt. Volgens de e-mail van Notariskantoor X. aan de notaris van 15 oktober 2019 heeft Notariskantoor X. de akte uitgifte aandelen voorbereid. Verder was Notariskantoor X. verantwoordelijk voor de verdere administratieve handelingen. De notaris heeft slechts de akte gepasseerd, omdat een notaris van Notariskantoor X. partij was bij de rechtshandeling. Gezien deze e-mail acht de kamer het aannemelijk dat niet de notaris maar Notariskantoor X. verantwoordelijk was voor de uitschrijving van de Stichting als enig aandeelhouder in het Handelsregister. Waarbij de kamer heeft meegewogen dat uit de e-mail van de heer Z. van 9 augustus 2019 - die door klagers als productie is overgelegd - niet blijkt dat de notaris verantwoordelijk was voor de uitschrijving in het Handelregister. Uit de e-mail volgt slechts dat de heer Z. niet bij de uitgifte van de aandelen betrokken is geweest en dat bij hem niet bekend is waarom destijds de Stichting niet als enig aandeelhouder is uitgeschreven. De kamer meent overigens dat dit het geval is omdat de Vennootschap als aandeelhouder is toegetreden en de Stichting dus geen enig aandeelhouder meer is.

 

Op grond hiervan komt de kamer tot het oordeel dat de notaris niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Dit klachtonderdeel zal daarom ongegrond worden verklaard.

 

Klachtonderdeel 2

 

4.3.      Volgens klagers reageert de notaris niet dan wel onvoldoende op de door klagers aan de notaris gestelde vragen.

 

4.3.1    Volgens de notaris heeft hij naar aanleiding van de e-mail van klagers aan hem van 1 augustus 2019 op 2 augustus 2019 contact gehad met Notariskantoor X. omdat dit kantoor de mutaties in het Handelsregister zou verzorgen. Omdat Notariskantoor X. ook een e-mail van gelijke strekking van klagers had ontvangen, is toen afgesproken dat Notariskantoor X. de e-mail van klagers zou beantwoorden. Daarom heeft de notaris - zo stelt hij - aan het rappel van klagers geen bijzondere aandacht geschonken. De notaris is er van uitgegaan dat Notariskantoor X. de vragen van klagers inmiddels had beantwoord.

 

4.3.2    De kamer overweegt als volgt. Gezien het verweer van de notaris - welk verweer niet dan wel onvoldoende door klagers is bestreden - acht de kamer het begrijpelijk dat de notaris niet meer op de vragen van klagers heeft gereageerd. Notariskantoor X. was immers verantwoordelijk voor de mutaties in het Handelsregister en verder heeft de notaris met Notariskantoor X. afgesproken dat zij de vragen van klagers zouden beantwoorden. Dit klachtonderdeel zal daarom dan ook ongegrond worden verklaard.

 

Wel wenst de kamer nog als volgt op te merken. Tijdens de zitting heeft de notaris verklaard dat hij niet weet of klagers inmiddels van Notariskantoor X. antwoord op hun vragen hebben gekregen. Naar het oordeel van de kamer had het op de weg van de notaris gelegen om te controleren of de vragen van klagers inmiddels waren beantwoord. Klagers hadden immers dezelfde vragen die zij aan Notariskantoor X. hadden gesteld, ook aan de notaris voorgelegd. De kamer verzoekt de notaris dan ook alsnog contact met Notariskantoor X. op te nemen, hierover navraag te doen en de uitkomst aan klagers mede te delen.

 

5.         De beslissing

 

De kamer voor het notariaat in het ressort Arnhem-Leeuwarden:

 

-verklaart de klacht van klagers op alle klachtonderdelen ongegrond.

 

Deze beslissing is gegeven door mr. M.J.C. van Leeuwen, voorzitter,  mr. D.E.M.J. Eggels,  en mr. F. Drost, leden, en in tegenwoordigheid van mr. B.H. Holshof, secretaris, door de voorzitter in het openbaar uitgesproken op 15 januari 2020.

 

 

De secretaris

 

De voorzitter

 

 

 

 

Tegen deze beslissing van de kamer voor het notariaat kunnen partijen binnen dertig dagen na de datum van verzending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Amsterdam, Postbus 1312, 1000 BH Amsterdam.

 

 

 

 

 

 

Meer informatie

Acties

Meta gegevens