Aankondigingen over uw buurt

Zoals bouwplannen en verkeersmaatregelen.

Dienstverlening

Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies.

Beleid & regelgeving

Officiële publicaties van de overheid.

Contactgegevens overheden

Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.

ECLI:NL:TGDKG:2020:38 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/667449 / DW RK 19/281

ECLI: ECLI:NL:TGDKG:2020:38
Datum uitspraak: 17-04-2020
Datum publicatie: 28-04-2020
Zaaknummer(s): C/13/667449 / DW RK 19/281
Onderwerp: Ambtshandelingen (art. 2 Gdw)
Beslissingen:
Inhoudsindicatie:   Klacht ongegrond. Klaagster beklaagt zich erover dat de dagvaarding niet op de juiste wijze aan haar adres is betekend, nu de gerechtsdeurwaarder de dagvaarding buiten heeft achtergelaten. Bij afwezigheid van de geëxploiteerde, in samenhang met de onmogelijkheid om gebruik te maken van de (te kleine) brievenbus, dient de gerechtsdeurwaarder de best mogelijke manier te zoeken om de dagvaarding niettemin op de juiste plaats te bezorgen. De gekozen methode was naar het oordeel van de kamer in de gegeven omstandigheden juist.

KAMER VOOR GERECHTSDEURWAARDERS TE AMSTERDAM

Beslissing van 17 april 2020 zoals bedoeld in artikel 43 van de Gerechtsdeurwaarderswet inzake de klacht met nummer C/13/667449 / DW RK 19/281 MdV/SM ingesteld door:

[   ],

wonende te [   ],

klaagster,

tegen:

mr. [   ],

gerechtsdeurwaarder te Apeldoorn,

beklaagde.

Ontstaan en verloop van de procedure

Bij klachtenformulier met bijlagen ingekomen op 4 juni 2019 heeft klaagster een klacht ingediend tegen beklaagde, hierna de gerechtsdeurwaarders. Bij e-mail met bijlagen ingekomen op 17 juli 2019 heeft de gerechtsdeurwaarder een verweerschrift ingediend. Het verweerschrift is op 17 juli 2019 aan klaagster toegezonden. De klacht is behandeld ter openbare terechtzitting van 6 maart 2020 alwaar de gerechtsdeurwaarder is verschenen. Klaagster is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet ter zitting verschenen. Van de behandeling ter zitting zijn aantekeningen gemaakt. De uitspraak is bepaald op 17 april 2020.

1. De feiten

Uitgegaan wordt van de volgende feiten en omstandigheden:

-        De gerechtsdeurwaarder heeft voor een opdrachtgever een dagvaarding betekend aan klaagster. Het betrof een dagvaarding bestaande uit 575 pagina’s.

-        Omdat door de gerechtsdeurwaarder niemand thuis werd aangetroffen aan wie hij het afschrift kon laten, heeft hij het afschrift ex artikel 47 lid 1 van het Wetboek van burgerlijke rechtsvordering (hierna: Rv) achtergelaten door deze achter een kast onder de carport van de woning van klaagster te deponeren. Daarbij heeft hij een brief tussen de voordeur geschoven waarin verwezen werd naar de achtergelaten dagvaarding.

-        Bij e-mail van 15 mei 2019 heeft klaagster bij de gerechtsdeurwaarder geklaagd over de wijze waarop de dagvaarding aan haar is betekend.

-        Bij e-mail van 16 mei 2019 heeft gerechtsdeurwaarder op deze klacht gereageerd.

2. De klacht

Klaagster verwijt de gerechtsdeurwaarder - zakelijk weergegeven – dat hij een dagvaarding niet op de juiste wijze aan haar adres heeft achtergelaten. Klaagster voert daartoe aan dat zij op het moment dat de dagvaarding werd betekend niet thuis was wegens vakantie. De gerechtsdeurwaarder heeft de dagvaarding met bijgaande stukken vervolgens bij het oud papier gelegd. Dat is niet bepaald een plek waar klaagster vertrouwelijke informatie zou achterlaten, al helemaal niet nu de Algemene Verordening Gegevensbescherming is ingegaan. Klaagster had verwacht dat de gerechtsdeurwaarder desnoods op een later tijdstip terug had kunnen komen om het gehele pakket aan haar persoonlijk te overhandigen. Volgens klaagster heeft de gerechtsdeurwaarder zich er gemakkelijk vanaf gemaakt door de documenten te deponeren op een plaats die vanaf de openbare weg zichtbaar en eenvoudig toegankelijk is voor een ieder.

3. Het verweer van de gerechtsdeurwaarder

De gerechtsdeurwaarder heeft de klacht gemotiveerd weersproken. Voor zover van belang wordt hierna op dat verweer ingegaan.

4. De beoordeling van de klacht

4.1 Op grond van het bepaalde in artikel 34 van de Gerechtsdeurwaarderswet zijn de gerechtsdeurwaarder, waarnemend gerechtsdeurwaarder, toegevoegd gerechtsdeurwaarder, kandidaat-gerechtsdeurwaarder en degene die is toegevoegd in het kader van de stageverplichting bij de in artikel 25, eerste lid, bedoelde opleiding, aan tuchtrechtspraak onderworpen ter zake van enig handelen of nalaten in strijd met enige bij of krachtens deze wet gegeven bepaling en ter zake van enig handelen of nalaten dat een behoorlijk gerechtsdeurwaarder, waarnemend gerechtsdeurwaarder, toegevoegd gerechtsdeurwaarder of kandidaat-gerechtsdeurwaarder niet betaamt.

4.2 In het geval de gerechtsdeurwaarder een afschrift (van het exploot van dagvaarding) niet kan achterlaten aan de in artikel 46 lid 1 van het Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering (Rv) bedoelde personen, vanwege bijvoorbeeld een vakantie, laat hij een afschrift aan de woonplaats achter in een gesloten envelop. Als de situatie dat toelaat zal de gerechtsdeurwaarder de gesloten envelop achterlaten in de brievenbus aan het adres van degene voor wie de ambtelijke stukken bestemd zijn. Indien dit feitelijk onmogelijk is, en daarvan kan sprake zijn als een brievenbus afwezig is of onbruikbaar vanwege het (te kleine) formaat, dan kan de gerechtsdeurwaarder de stukken per post laten bezorgen. Als een brievenbus ontbreekt of te klein is betekent dit echter een verschuiving van het probleem. De postbesteller zou bij de afwezigheid van klaagster (mogelijk vanwege dezelfde vakantie) zich ook geconfronteerd zien met een te kleine brievenbus, met alle (vertragende) gevolgen van dien.

4.3 Door het exploot achter te laten in gesloten envelop heeft de gerechtsdeurwaarder gevolg gegeven aan het bepaalde in artikel 47 lid 1 Rv. Uit de producties (en de aanvulling daarop ter zitting) komt voldoende naar voren dat de gerechtsdeurwaarder genoeg zorg heeft betracht door ervoor te zorgen dat (i) derden niet eenvoudig bij de  stukken konden komen en (ii) dat klaagster bekend kon raken met het exploot. Niet gebleken is van enig tuchtrechtelijk laakbaar handelen van de gerechtsdeurwaarder.

4.4 Klaagster heeft nog aangevoerd dat de gerechtsdeurwaarder op een later moment terug had kunnen komen, wanneer klaagster mogelijk wel thuis was geweest. De kamer kan klaagster hierin niet volgen. Een gerechtsdeurwaarder is geen pakketbezorger; hij betekent ambtelijke stukken. Een dagvaarding is aan wettelijke termijnen gebonden. Als de te dagvaarden persoon niet thuis is, geen geschikte brievenbus bezit en geen maatregelen heeft genomen om tijdens afwezigheid eventuele stukken of post in ontvangst te (laten) nemen, kan de gerechtsdeurwaarder niet later nog eens terugkomen. Hij moet dan de best mogelijke manier zoeken om de dagvaarding niettemin op de juiste plaats te bezorgen. De gekozen methode was naar het oordeel van de kamer in de gegeven omstandigheden juist. Daar kan nog aan worden toegevoegd dat de dagvaarding klaagster bovendien heeft bereikt zodat de gekozen methode ook nog effectief is gebleken.

4.5 Hetgeen door klaagster wordt aangevoerd ten aanzien van de AVG is niet nader onderbouwd. Gesteld noch gebleken is dat derden kennis hebben genomen van de gegevens.

4.6 Op grond van het voorgaande wordt beslist als volgt.

BESLISSING

De Kamer voor Gerechtsdeurwaarders:

-       verklaart de klacht ongegrond.

Aldus gegeven door mr. W.M. de Vries, voorzitter, en mr. I.M. Nusselder en M.J.C. van Leeuwen, leden en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 17 april 2020, in tegenwoordigheid van de secretaris.

Tegen deze beslissing kan binnen dertig dagen na dagtekening van verzending van het afschrift van de beslissing, hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Amsterdam, Postbus 1312, 1000 BH Amsterdam.