ECLI:NL:TNORARL:2015:35 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden AL/2015/66
| ECLI: | ECLI:NL:TNORARL:2015:35 |
|---|---|
| Datum uitspraak: | 20-08-2015 |
| Datum publicatie: | 22-10-2015 |
| Zaaknummer(s): | AL/2015/66 |
| Onderwerp: |
|
| Beslissingen: | Klacht ongegrond |
| Inhoudsindicatie: | Betrokkene hoefde de formulering niet te begrijpen, maar het moest voor de notaris wel duidelijk zijn dat betrokkene zelf zijn wil kon bepalen. Met betrekking tot dit laatste is de kamer van oordeel dat de notaris afdoende heeft toegelicht waarom hij niet twijfelde aan de wilsbekwaamheid van betrokkene. |
KAMER VOOR HET NOTARIAAT IN HET RESSORT ARNHEM-LEEUWARDEN
Kenmerk: AL/2015/66
Beslissing van de kamer voor het notariaat op de klacht van
[A] wonende te [E],
tegen
[B], notaris te [C],
gemachtigde: mr. R.V.H. Jonker, advocaat te Amsterdam,
Partijen worden hierna klager en notaris genoemd.
1. Het verloop van de procedure
1.1 Het verloop van de procedure blijkt uit
- de klacht, met bijlagen, van 1 mei 2015
- het verweer van de notaris van 27 mei 2015.
1.2 De klachtzaak is ter zitting van 15 juli 2015 behandeld. Klager is in persoon verschenen. De notaris is eveneens in persoon verschenen tezamen met zijn gemachtigde.
2. De feiten
2.1 De heer [D] (hierna: [D]), geboren op 11 december 1938, is een broer van klager. [D] is alleenstaand en heeft geen kinderen.
2.2 [D] is laaggeletterd en heeft een groot deel van zijn leven gewerkt op een boerderij. [D] had daar kost en inwoning. Na zijn vertrek heeft een civiele procedure over niet betaald loon er toe geleid dat [D] in het bezit is gekomen van een perceel grond.
2.3 Na telefonisch en schriftelijk overleg heeft [D] de notaris op 7 februari 2014 bezocht voor een bespreking over een op te stellen machtiging en een testament. De daarna opgestelde akten (een algemene machtiging en een testament) zijn op 20 februari 2014 door de notaris gepasseerd. De algemene machtiging geeft bevoegdheden aan de boekhouder van [D].
2.4 Omstreeks oktober/november 2014 is gebleken van bij [D] bestaande dementie. Dat heeft geleid tot opname op een gesloten afdeling in het ziekenhuis in januari 2015. Daarna is [D] overplaatst naar de gesloten afdeling van een verzorgingstehuis.
3. De standpunten
3.1 Klager verwijt de notaris dat hij zijn medewerking heeft verleend aan de akten van 20 februari 2014. Klager geeft aan dat [D] laaggeletterd is en een laag IQ heeft. Het is klager niet duidelijk of er wel ontwerpen zijn verzonden en naar wie die zijn gestuurd. Volgens klager heeft de notaris in strijd met het “Stappenplan Beoordeling Wilsbekwaamheid” gehandeld. Klager stelt dat er ten tijde van het passeren voldoende indicatoren waren om aan te nemen dat testateur niet wils-en handelingsbekwaam was. Volgens klager had de notaris tenminste een psychiater of een geriater moeten raadplegen. Door dit na te laten is onzorgvuldig en aldus in strijd met het bepaalde in artikel 17 Wet op het notarisambt (Wna) gehandeld. Het tweede klachtonderdeel is dat de notaris klachtwaardig heeft gehandeld nu de voorbespreking op instigatie van de boekhouder van [D] heeft plaatsgevonden, welke boekhouder de gemachtigde en de begunstigde is. Volgens klager had de notaris moeten vragen of er iemand uit de familie als gemachtigde zou kunnen optreden.
3.2 Op het verweer van de notaris zal de kamer hierna, voor zover het verweer van belang is voor de beoordeling, nader ingaan.
4. De beoordeling
4.1 Ingevolge artikel 93 lid 1 Wna zijn notarissen aan het tuchtrecht onderworpen ter zake van handelen of nalaten in strijd met hetzij enige bij of krachtens deze wet gegeven bepaling, hetzij met de zorg die zij behoren te betrachten ten opzichte van degenen te wier behoeve zij optreden en ter zake van handelen of nalaten dat een behoorlijk notaris niet betaamt. De kamer dient derhalve te onderzoeken of de handelwijze van de notaris een verwijtbare gedraging in de zin van dit artikel oplevert.
4.2 In artikel 99 lid 1 Wna is, voor zover hier van belang, bepaald dat klachten kunnen worden ingediend door een ieder met enig redelijk belang. Ter zitting heeft klager desgevraagd in dit verband onder meer opgemerkt dat [D] zijn broer is en dat [D] alleenstaand is en geen kinderen heeft. Deze situatie levert in beginsel een wettelijk belang op voor familie. Om die reden is de kamer van oordeel dat klager belanghebbende is in de zin van de wet. Klager is daarom ontvankelijk in zijn klacht.
4.3 Met betrekking tot het standpunt van klager dat de notaris met het passeren van de akten op 20 februari 2014 niet zorgvuldig heeft gehandeld omdat [D] toen niet wilsbekwaam en niet handelingsbekwaam zou zijn geweest overweegt de kamer als volgt.
4.4 Nu door klager niet gesteld is en ook anderszins niet gebleken is van een over [D] ingesteld bewind of van onder curatele stelling, passeert de kamer de stelling van klager dat moet worden aangenomen dat [D] handelingsonbekwaam was.
4.5 Met betrekking tot de door klager gestelde wilsonbekwaamheid van [D] stelt de kamer voorop dat de aangevoerde feiten en omstandigheden niet zonder meer het vermoeden rechtvaardigen dat daarvan in februari 2014 sprake was. Dat [D] laaggeletterd is en, zoals klager stelt, een laag IQ heeft houdt niet vanzelf in dat [D] in februari 2014 wilsonbekwaam was. Dat geldt ook voor de kennelijk in oktober of november 2014 geconstateerde dementie en de gevolgde opname op gesloten afdelingen.
4.6 De kamer acht voorts met betrekking tot de wilsbekwaamheid het volgende van belang. Nog daargelaten dat geen sprake is van een geopend testament, is in ieder geval een algemene machtiging opgemaakt. Dat is op zich niet ongebruikelijk voor een alleenstaande en het is aan de persoon zelf om te bepalen aan wie hij zijn zaken toevertrouwt. Het was aan de notaris om dit juridisch correct te formuleren conform de wens van [D]. [D] hoefde de formulering niet te begrijpen, maar het moest voor de notaris wel duidelijk zijn dat [D] zelf zijn wil kon bepalen. Met betrekking tot dit laatste is de kamer van oordeel dat de notaris afdoende heeft toegelicht waarom hij niet twijfelde aan de wilsbekwaamheid van [D] op dat moment. Daarbij is niet gebleken dat de notaris zich kritischer of meer terughoudend had moeten opstellen. Integendeel, de notaris heeft onbetwist toegelicht dat hij [D] al meer dan 20 jaar kende. Dat hij hem incidenteel bij anderen persoonlijk ontmoette en dat het hem bekend was dat [D] een eenvoudige man was. Dat nam niet weg dat [D] duidelijk wist wat hij wilde en dat was niet complex van aard. Daarnaast heeft de notaris toegelicht dat [D] volstrekt helder was in zijn wensen, dat verschillende verhoudingen aan de orde zijn gekomen en dat ook andere onderwerpen zijn besproken. Ook acht de kamer van belang dat de notaris heeft toegelicht dat hij [D] in februari 2014 twee keer heeft gesproken, beide keren zonder aanwezigheid van andere personen. [D] kwam zonder begeleiding naar het kantoor van de notaris, ook woonde hij nog zelfstandig en er was geen sprake van bewind.
4.7 Op grond van het voorgaande bestaat er naar het oordeel van de kamer geen aanleiding om te twijfelen aan de verklaring van de notaris dat er geen indicatie was dat [D] in februari 2014 wilsonbekwaam was. Ook hoefde de notaris niet over te gaan tot het raadplegen van derden.
4.8 Het voorgaande brengt met zich dat aan de vraag of de notaris met [D] had moeten bespreken of iemand uit de familie als gemachtigde zou kunnen optreden niet wordt toegekomen. Nog daargelaten dat dit mogelijk wel aan de orde is geweest, is van belang dat de notaris de stukken conform de wil van de betrokkene dient op te maken tenzij die betrokkene niet wilsbekwaam is. Daarover is geoordeeld dat niet is gebleken dat daarvan sprake was ten tijde van het opmaken van de akten.
4.9 Gelet op het voorgaande zal de kamer de klacht ongegrond verklaren en wordt als volgt beslist.
5. De beslissing
De kamer voor het notariaat in het ressort Arnhem-Leeuwarden;
- verklaart de klacht ongegrond.
Deze beslissing is gegeven door mr. L.A. van Son, voorzitter, mrs. J.G.T.M. Castrop, I.C.J.I.M. van Dorp, T.K. Lekkerkerker en H. Quispel, leden, en in tegenwoordigheid van G.J. Doeleman, secretaris, door de voorzitter in het openbaar uitgesproken op 20 augustus 2015.
De secretaris, De voorzitter,
Tegen deze beslissing van de kamer voor het notariaat kunnen partijen binnen dertig dagen na de datum van verzending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Amsterdam.
Postadres, postbus 1312, 1000 BH Amsterdam.