ECLI:NL:TNORARL:2015:26 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden AL/2015/15

ECLI: ECLI:NL:TNORARL:2015:26
Datum uitspraak: 03-07-2015
Datum publicatie: 13-08-2015
Zaaknummer(s): AL/2015/15
Onderwerp: Personen- en Familierecht
Beslissingen: Klacht gegrond zonder maatregel
Inhoudsindicatie: De kamer acht het onzorgvuldig van de oud-notaris dat hij in het geheel niet heeft gereageerd op brieven van klager. De geconstateerde onzorgvuldigheid rechtvaardigt de maatregel van waarschuwing. Gelet echter op het feit dat de oud-notaris niet meer als notaris, kandidaat-notaris of toegevoegd notaris werkzaam is, ziet zij daarvan af en volstaat met het gegrond verklaren van de klacht zonder oplegging van een maatregel.

KAMER VOOR HET NOTARIAAT IN HET RESSORT ARNHEM-LEEUWARDEN

Kenmerk: AL/2015/15

Beslissing van de Kamer voor het notariaat in het ressort Arnhem-Leeuwarden op de klacht van

[…],

wonende te […],

klager,

tegen

[…],

oud-notaris te […],

gemachtigde: M.F. Borgdorff, Raadgevend bureau Borgdorff te Rotterdam.

Partijen zullen verder als ‘klager’ en ‘de oud-notaris’ worden aangeduid.

1. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

-        de brief met bijlagen van klager van 12 januari 2015, waarin de klacht tegen de oud-notaris is neergelegd;

-        het e-mailbericht van 13 maart 2015 van de gemachtigde van de notaris;

-        de brief van klager van 23 maart 2015;

-        het e-mailbericht met bijlagen van de gemachtigde van klager van 31 maart 2015;

-        de brief met bijlagen van klager van 19 mei 2015;

-        de mondelinge behandeling van de klacht op 3 juni 2015, waarbij zijn verschenen klager en de gemachtigde van de notaris. Tijdens de mondelinge behandeling heeft klager overhandigd de brief van de gemachtigde van de notaris van 14 januari 2015 en de brieven van klager aan de gemachtigde van de notaris van 15 januari 2015 en 2 februari 2015.

2. De feiten

2.1 Gelet op hetgeen klager en de oud-notaris over en weer hebben aangevoerd en op basis van de daarbij overgelegde stukken en de behandeling ter zitting, gaat de kamer uit van de volgende feiten.

2.2 Klager heeft op 25 september 2014 een aangetekende brief aan de oud-notaris gezonden. Hij heeft bij brieven van 5 november 2014 en 9 december 2014 herinneringen aan de notaris gezonden. De oud-notaris heeft op deze drie brieven niet gereageerd.

2.3 De oud-notaris is gedefungeerd op 29 juli 2014, waarna hij op 30 juli 2014 de hoedanigheid van kandidaat-notaris als bedoeld in artikel 30a, eerste lid van de Wet op het notarisambt (hierna: Wna) heeft verkregen. In die hoedanigheid heeft hij tot en met 31 december 2015 als vacaturewaarnemer waargenomen op zijn eigen kantoor.

Op 1 januari 2015 heeft hij zijn kantoor gesloten.

Sinds 1 maart 2015 is hij niet meer kandidaat-notaris ex artikel 30a, Wna.

Inmiddels is zijn protocol toegewezen aan mevrouw mr. […], notaris te […].

3. De klacht en het verweer

3.1 Klager heeft tijdens de mondelinge behandeling bevestigd dat zijn klacht luidt dat de oud-notaris op geen enkele manier heeft gereageerd op de drie brieven van klager in de periode van 25 september tot 9 december 2014.

3.2 De gemachtigde van de oud-notaris heeft gemotiveerd verweer gevoerd. De Kamer zal daarop hierna, voor zover het verweer van belang is voor de beoordeling, nader ingaan.

4. De beoordeling van de klacht

4.1 Ingevolge artikel 93, eerste lid, van de Wna zijn notarissen, toegevoegd notarissen en kandidaat-notarissen aan tuchtrechtspraak onderworpen ter zake van handelen of nalaten in strijd met hetzij enige bij of krachtens deze wet gegeven bepaling, hetzij met de zorg die zij als notaris, toegevoegd notaris of kandidaat-notaris behoren te betrachten ten opzichte van degenen te wier behoeve zij optreden en ter zake van handelen of nalaten dat een behoorlijk notaris, toegevoegd notaris of kandidaat-notaris niet betaamt.

De kamer zal de klacht aan de hand van deze maatstaf beoordelen.

4.2 De klacht heeft betrekking op het handelen of nalaten van de oud-notaris in de periode van september 2014 tot en met december 2014. De kamer is ambtshalve gebleken dat de oud-notaris in deze periode werkzaam was als kandidaat-notaris ex artikel 30a Wna. Dit betekent dat zijn handelen of nalaten ingevolge artikel 93, tweede lid, Wna aan de tuchtrechtspraak onderworpen is.

4.3 De klacht dient gegrond te worden verklaard.

Niet weersproken is dat de oud-notaris de drie brieven van klager niet heeft beantwoord. De kamer acht het onzorgvuldig van de oud-notaris dat hij in het geheel niet heeft gereageerd op brieven van klager.

De geconstateerde onzorgvuldigheid rechtvaardigt de maatregel van waarschuwing. Gelet echter op het feit dat de oud-notaris niet meer als notaris, kandidaat-notaris of toegevoegd notaris werkzaam is, ziet zij daarvan af en volstaat met het gegrond verklaren van de klacht zonder oplegging van een maatregel.

4.4 Ten overvloede merkt de kamer nog het volgende op. Zij heeft begrepen dat klager opheffing wenst van een beslag dat door de heer […] is gelegd op een bij de notaris in depot gehouden geldbedrag. De kamer wijst klager erop dat opvolgend notaris mr. […] niet voor opheffing van het beslag kan zorgdragen. Klager wordt aangeraden zich hiervoor tot een advocaat te wenden.

5. De beslissing

De Kamer voor het notariaat

verklaart de klacht gegrond;

legt de oud-notaris geen maatregel op.

Deze beslissing is gegeven door mr. M.L.J.C. van Emden, voorzitter, mrs. I.C.J.I.M. van Dorp, W.J. Hordijk, D.E.M.J. Eggels en F. Drost, leden en in tegenwoordigheid van mr. W.E. Markus-Burger, secretaris, in het openbaar uitgesproken en getekend door

mr. M.J. Blaisse, voorzitter, op 3 juli 2015.

De secretaris                                                                           De voorzitter

_____________

Tegen deze beslissing van de kamer voor het notariaat kunnen partijen binnen dertig dagen na de datum van verzending van deze uitspraak hoger beroep instellen bij het gerechtshof te Amsterdam.

Postadres, postbus 1312, 1000 BH Amsterdam.