ECLI:NL:TNORARL:2015:19 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden AL/2014/167
| ECLI: | ECLI:NL:TNORARL:2015:19 |
|---|---|
| Datum uitspraak: | 02-06-2015 |
| Datum publicatie: | 04-08-2015 |
| Zaaknummer(s): | AL/2014/167 |
| Onderwerp: |
|
| Beslissingen: | Klacht ongegrond |
| Inhoudsindicatie: | De notaris heeft onder meer geadviseerd inzake de afkoop van het vruchtgebruik. Daarbij speelden niet alleen de belangen van klager. De notaris heeft gehandeld met in achtneming van de rechten en plichten en de wensen van zowel klager als die van de erven. |
KAMER VOOR HET NOTARIAAT IN HET RESSORT ARNHEM-LEEUWARDEN
Kenmerk: AL/2014/167
Beslissing van de kamer voor het notariaat op de klacht van
[A],
wonende te […]
verblijf houdende te […]
gemachtigde: mr. R.J. Neijenhof, advocaat te Amsterdam,
tegen
mr. [B],
notaris te […].
Partijen worden hierna klager en notaris genoemd.
1. Het verloop van de procedure
1.1 Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de klacht, met bijlagen, van 17 december 2014;
- een brief van de notaris, met bijlagen, van 20 februari 2015.
1.2 De klachtzaak is ter zitting van 17 april 2015 behandeld. Klager is in persoon verschenen tezamen met zijn gemachtigde en [C]. De notaris is eveneens in persoon verschenen.
2. De feiten
2.1 Gelet op hetgeen klager en de notaris over en weer hebben aangevoerd en op basis van de daarbij overgelegde stukken en de behandeling ter zitting, gaat de kamer uit van de volgende feiten.
2.2 Op 31 augustus 2013 is [D] (hierna: erflater) overleden. Erflater heeft bij akte van 20 januari 1998, verleden voor notaris mr. [E], over zijn nalatenschap beschikt. In het testament zijn vijf broers en zusters (hierna: de erven) tot erfgenaam benoemd. Daarnaast is het levenslang vruchtgebruik van de nalatenschap gelegateerd aan klager. Bovendien is klager benoemd tot executeur.
2.3 Klager is eigenaar van de woning aan de […] te […]. De achter die woning gelegen woning, met het adres […] te […] (hierna: de woning), was in het bezit van erflater.
2.4 Klager heeft zijn benoeming tot executeur aanvaard. Klager heeft advies ingewonnen bij zijn accountant over de afwikkeling het testament. Klager heeft daarover op 19 september 2013 een bespreking gevoerd met de notaris.
2.5 Bij brief van 30 september 2013 heeft de notaris de erven geïnformeerd over zijn positie en de erven uitgenodigd voor een gesprek.
2.6 Bij brief van 30 september 2013 heeft de notaris klager onder meer geschreven: “[…] U gaf als wens te kennen bij het gesprek met de erven niet aanwezig te willen zijn en de nalatenschap liefst spoedig in contanten af te wikkelen onder overname van alle bezittingen en afkoop van het vruchtgebruik. Ik zal dat met de erven overleggen. Mocht u van gedachten veranderen dan verneem ik zulks graag van u.”
2.7 Na een bespreking met de erven op 10 oktober 2013 schrijft de notaris bij brief van diezelfde datum aan één van de erfgenamen, die vanwege ziekte niet bij de bespreking aanwezig kon zijn, het volgende: “[…] De heer [A] heeft te kennen gegeven de nalatenschap liefst in contanten af te wikkelen. Dat wil zeggen dat hij een renteloze schuld aan u als erven krijgt en dat, nadat die schuld is vastgesteld, hij voorstelt het vruchtgebruik af te kopen. Het alternatief zou zijn dat zijn erven later met u, of uw nabestaanden, moeten afrekenen. […]”
2.8 Bij brief van 10 oktober 2013 stuurt de notaris klager een kopie van de naar de erfgename gezonden brief van 10 oktober 2013. Daarbij wijst de notaris klager op de omstandigheid dat voor hem de afkoopsom van het vruchtgebruik in 2014, vanaf zijn 75e verjaardag, hoger wordt.
2.9 Bij brieven van 19 december 2013 heeft de notaris klager en de erven een concept akte van levering van de woning en inboedel toegezonden. De akte is voor de notaris verleden op 30 december 2013.
2.10 Tot de nalatenschap van erflater behoorde ook de reservering in zijn besloten vennootschap [F]. Klager heeft daarover op 6 maart 2014 gesproken met één van de erfgenamen. De notaris heeft klager met een e-mail van 7 maart 2014 daarover meegedeeld: “ […] Ik denk dat je het besluit tot liquidatie niet zelf mag nemen. De erven zijn eigenaar en jij bent slechts vruchtgebruiker. Formeel gaat het dus als volgt: 1. Waardevaststelling 2. Overname tegen de waarde (maar alleen de bloot-eigendom betalen net zoals bij het huisje) 3. Daarna liquidatie [..]”
2.11 Bij brief van 29 april 2014 heeft de notaris de erven geïnformeerd over de aangifte voor erfbelasting, de liquidatie van [F] en over de (afkoop-)waarde van het levenslang vruchtgebruik van klager.
2.12 Bij brief van 2 mei 2014 heeft de notaris klager geïnformeerd over de erfbelasting en de stand van zaken. Daarbij is aan klager meegedeeld: “[…] Op bijgaand overzicht ben ik gemakshalve ervan uitgegaan dat jij de hele nalatenschap overneemt tegen betaling van de schulden en van hetgeen aan de erven in bloot eigendom toekomt. […] De Schuld Eigen Woning ad € 155.974,52 verrekent zich met de aan jou geleverde woning OBW 5a.”.
2.13 Op vragen en opmerkingen van klager heeft de notaris met een e-mail van 18 juli 2014 gereageerd. Daarin is onder meer uitgelegd dat het vruchtgebruik is afgekocht van de erven, dat daarbij de wettelijke vastgestelde percentages zijn gehanteerd, dat de erven geen rente verschuldigd zijn en dat de eindbalans kan worden opgemaakt zodra de belastingen zijn betaald, is afgerekend met de erven en resterende kosten zijn betaald.
2.14 Bij brief van 8 augustus 2014 heeft de gemachtigde van klager de notaris gevraagd het dossier inzake de nalatenschap aan hem over te dragen en het saldo van de nalatenschap over te boeken naar zijn derdengeldenrekening.
2.15 In een e-mail van 13 augustus 2014 heeft de notaris de gemachtigde van klager meegedeeld dat de onder hem berustende gelden niet langer tot de nalatenschap behoren, maar dat sprake is van een onverdeeldheid tussen de erven en klager. De verdeling daarvan kan worden bepaald zodra de aanslag erfbelasting definitief is geworden. Daarnaast is meegedeeld dat het een notaris niet vrij staat om een dossier over te dragen. Hooguit kan een kopie worden verstrekt indien alle belanghebbenden daarmee instemmen.
2.16 In augustus en september 2014 hebben de notaris en de gemachtigde van klager telefonisch en bij e-mail gesproken over het volgende: de notaris zal een overzicht verstrekken van de boedelafwikkeling, de notaris verricht geen verdere werkzaamheden en de notaris verstrekt (nadere) informatie over de aanslag erfbelasting.
2.17 Op 22 september 2014 stuurt de notaris het gevraagde overzicht naar de gemachtigde van klager en naar de erven. Daarbij geeft de notaris aan dat hij zal wachten op de ontbrekende gegevens van klager en de verdere instructie van klager.
2.18 Met een e-mail van woensdag 24 september 2014 stelt de gemachtigde van klager 17 vragen aan de notaris die betrekking hebben op de gemaakte keuzes, verstrekte informatie en de werkwijze. Namens klager wordt aangegeven dat de notaris de aan deze vragen bestede uren niet kan declareren en dat van hem verwacht wordt dat hij vóór maandag 29 september 2014 antwoordt.
2.19 Met een e-mail van 29 september 2014 is de notaris kort, in grote lijnen, ingegaan op het verzoek van klager. Namens klager is daarop gereageerd bij (fax)brief van 15 oktober 2014. Door de notaris is gereageerd bij e-mail van 15 oktober 2014.
3. De standpunten
3.1 Klager stelt zich op het standpunt dat de notaris verwijtbaar heeft gehandeld inzake de afwikkeling van de nalatenschap en de daarmee samenhangende levering van de woning en afkoop van het vruchtgebruik. De klacht is door klager als volgt samengevat:
- De notaris heeft niet of onvoldoende schriftelijk met klager gecommuniceerd. Klager heeft geen uitleg of toelichting ontvangen;
- Klager heeft onvoldoende inhoudelijk antwoord gekregen op gestelde vragen;
- De notaris heeft afwikkelingshandelingen verricht zonder instemming of opdracht van klager als executeur;
- De notaris heeft na een poging tot bemiddeling geen enkele poging ondernomen om hetgeen mis is gegaan te herstellen.
In de vervolgens in de klachtbrief geformuleerde 70 punten, zijn feiten vermeld en zijn concrete verwijten genoemd. Deze houden in dat de notaris klager niet voldoende heeft duidelijk gemaakt waarom de keuze werd gemaakt de nalatenschap in contanten af te wikkelen en het vruchtgebruik af te kopen. Ter zitting is daarover opgemerkt dat bij de advisering geen rekening is gehouden met de bevoegdheid tot interen. Ook had de notaris er voor moeten zorgen dat de zuivere nalatenschap zou zijn vastgesteld na de verkoop van eigendommen. Pas daarna zou dan bezien kunnen worden of afkoop van vruchtgebruik nodig was. Volgens klager heeft de notaris gekozen voor een onjuiste volgorde van afwikkelen.
3.2 Op het verweer van de notaris zal de kamer hierna, voor zover het verweer van belang is voor de beoordeling, nader ingaan.
4. De beoordeling
4.1 Ingevolge artikel 93, eerste lid, van de Wet op het notarisambt (Wna) zijn notarissen, toegevoegd notarissen en kandidaat-notarissen aan tuchtrechtspraak onderworpen ter zake van handelen of nalaten in strijd met hetzij enige bij of krachtens deze wet gegeven bepaling, hetzij met de zorg die zij als notaris, toegevoegd notaris of kandidaat-notaris behoren te betrachten ten opzichte van degenen te wier behoeve zij optreden en ter zake van handelen of nalaten dat een behoorlijk notaris, toegevoegd notaris of kandidaat-notaris niet betaamt.
4.2 De kamer zal de klacht aan de hand van voornoemde maatstaf beoordelen en overweegt als volgt.
4.3 De door klager genoemde feiten en de verwijten die hij de notaris maakt zijn ter zitting toegelicht. Daarbij is gesteld dat bij een andere volgorde van werken klager op andere latere momenten nog had kunnen kiezen voor een andere, voor klager gunstigere, afhandeling. Zo is in dat verband de bevoegdheid tot interen tijdens vruchtgebruik genoemd en ook de wijze waarop het bedrag van de zuivere nalatenschap is vastgesteld. Uit het standpunt van klager blijkt dat de notaris wordt verweten dat hij geen andere keuzes heeft gemaakt of in ieder geval klager niet de mogelijkheid van het maken van andere keuzes heeft voor gehouden.
4.4 De door klager voorgestane werkwijze zou weliswaar financieel gunstiger voor klager kunnen zijn, echter onmiskenbaar zou dat dan financieel ongunstiger zijn geweest voor de erven. Met name met betrekking tot dit laatste is de kamer van oordeel dat klager de rol van de notaris miskent. De notaris spreekt van door klager verkregen conflicterende adviezen. De kamer volgt de notaris daarin voor zover daarmee bedoeld is dat de notaris niet meegaat in de aan klager gegeven adviezen, omdat deze adviezen enkel de belangen van klager op het oog hebben. De notaris diende te werken en te adviseren met in achtneming van de rechten en plichten en de wensen van zowel klager als die van de erven.
4.5 Met betrekking tot de communicatie over de verschillende mogelijkheden en gevolgde werkwijze acht de kamer van belang dat de notaris in september 2013 heeft gesproken met klager en hem daarna bij brief van 30 september 2013 heeft geïnformeerd over de te volgen route. In bedoelde brief is de kern van de afgesproken werkwijze en afhandeling weergegeven. Gesteld noch gebleken is dat klager in die tijd heeft gereageerd op de overduidelijke samenvattende mededeling aan klager dat hij in contanten wil afwikkelen onder overname van alle bezittingen en afkoop van het vruchtgebruik. Ook de latere advisering van de notaris volgt die lijn, waarbij klager nog is gewezen op verhoging van het percentage dat geldt voor het afkopen van vruchtgebruik vanaf 75-jarige leeftijd. Naar het oordeel van de kamer heeft de notaris daarmee vanuit de juiste professionele werkwijze en advisering rekening gehouden met de omstandigheid dat bij de door klager voorgestane afhandeling ook medewerking en instemming van de erven vereist was. Immers, niet alleen lag de voorgestelde werkwijze in de lijn van het testament van erflater en de door klager geformuleerde wensen, maar ook diende de notaris er rekening mee te houden dat klager weliswaar als executeur kon beslissen tot verkoop van de woning, maar als vruchtgebruiker stond het hem niet vrij dat te doen. Hoewel de notaris er wellicht beter aan had gedaan om de verschillende mogelijke routes schriftelijk te vast te leggen in de brieven aan klager, is de kamer van oordeel dat met hetgeen in die tijd wel schriftelijk is weergegeven voldoende duidelijk naar klager is gecommuniceerd wat was afgesproken en zou worden uitgewerkt. Bovendien heeft de notaris gemotiveerd betwist dat klager nadien geen informatie meer zou zijn verstrekt. Zo heeft de notaris onbetwist melding gemaakt van momenten waarop klager bij de notaris is binnengelopen met vragen en opmerkingen en ook dat hij vanwege de drukke decemberpost, de stukken in december persoonlijk bij klager heeft bezorgd. Ook ter zake van de overige door de notaris gemaakte keuzes is de kamer niet gebleken van klachtwaardig handelen.
4.6 Gelet op het voorgaande zal de kamer de klacht over de communicatie en de werkwijze van de notaris ongegrond verklaren.
4.7 Voor zover klager van mening is dat hij onvoldoende antwoord heeft gekregen op gestelde vragen volgt de kamer klager niet. De notaris heeft daar waar nodig uitleg gegeven over het hoe en waarom van de gevolgde werkwijze. Dat klager later wellicht een andere keuze had willen maken, brengt niet met zich dat de notaris niet afdoende heeft gereageerd. Dit onderdeel van de klacht wordt derhalve ongegrond verklaard.
4.8 De stelling van klager dat de notaris afwikkelingshandelingen heeft verricht zonder instemming of opdracht van klager is naar het oordeel van de kamer niet afdoende onderbouwd. Van akten of stukken (bijvoorbeeld ter zake van de erfbelasting) waar een van klager vereiste handtekening ontbreekt is niet gebleken. Voor het overige geldt ook hier dat de notaris onbetwist heeft verduidelijkt welke gesprekken er met klager zijn geweest en wanneer bepaalde stukken klager zijn toegezonden of overhandigd. De kamer zal daarom ook dit onderdeel van de klacht ongegrond verklaren.
4.9 Met betrekking tot de klacht van klager dat de notaris heeft nagelaten te herstellen wat er mis is gegaan volgt de kamer klager niet. Nog daargelaten dat dit onderdeel vrij ruim geformuleerd is, is de kamer van oordeel dat n u de overige klachten tegen de notaris geen doel treffen, reeds om die reden een feitelijke grondslag voor deze klacht ontbreekt.
4.10 Gelet op het voorgaande wordt als volgt beslist.
5. De beslissing
De kamer voor het notariaat in het ressort Arnhem-Leeuwarden;
- verklaart de klacht in al haar onderdelen ongegrond.
Deze beslissing is gegeven door mr. D.T. Boks, voorzitter, mrs. J.T.J. Heijstek, H.J. Hettema, V. Oostra en M.E. van Rossum, leden, en in tegenwoordigheid van G.J. Doeleman, secretaris, door de voorzitter in het openbaar uitgesproken op 2 juni 2015.
De secretaris, De voorzitter,
Tegen deze beslissing van de kamer voor het notariaat kunnen partijen binnen dertig dagen na de datum van verzending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Amsterdam.
Postadres, postbus 1312, 1000 BH Amsterdam.