ECLI:NL:TGZRSHE:2026:148 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025-9329
| ECLI: | ECLI:NL:TGZRSHE:2026:148 |
|---|---|
| Datum uitspraak: | 19-08-2026 |
| Datum publicatie: | 19-08-2026 |
| Zaaknummer(s): | H2025-9329 |
| Onderwerp: | Onzorgvuldige dossiervorming |
| Beslissingen: | Ongegrond, kennelijk ongegrond |
| Inhoudsindicatie: | Kennelijk ongegronde klacht tegen huisarts. De dochter van klagers had KNO-klachten. Klagers verwijten de huisarts onvoldoende dossier te hebben uitgevoerd door de klachten van de dochter en de gevolgen daarvan voor de dochter onvoldoende te noteren en door niet in het medisch dossier van dochter te noteren op welke wijze de huisarts de AIOS superviseerde. Ook verwijten klagers de huisarts een delay in de diagnostiek en in de verwijdering van de keelamandelen door de diagnose tonsillitis te missen. Tenslotte wordt de huisarts verweten de afwikkeling van de aansprakelijkstelling te hebben vertraagd. |
REGIONAAL TUCHTCOLLEGE VOOR DE GEZONDHEIDSZORG TE ’s-HERTOGENBOSCH
Beslissing van 19 augustus 2026 op de klacht van:
[A],
wonende in [B], klager,
gemachtigde mr. J.W. Janssens, werkzaam in Houten, en
[C],
wonende in [B], klaagster,
gemachtigde mr. J.W. Janssens, werkzaam in Houten, tegen:
[D],
huisarts,
werkzaam in Driebergen-Rijsenburg, verweerster, hierna ook: huisarts,
gemachtigde mr. A.F. Maatje, werkzaam in Amsterdam.
1. De zaak in het kort
1.1 De dochter van klagers (geboren in 2016) had KNO-klachten. Klagers verwijten
de huisarts dat
zij de diagnose acute middenoorontsteking en tonsillitis bij hun dochter meermaals
heeft gemist,
waardoor de keelamandelen pas in een laat stadium zijn verwijderd. Daarnaast verwijten
klagers de
huisarts dat zij niet heeft voldaan aan haar dossierplicht en de afwikkeling van
de
aansprakelijkstelling heeft vertraagd.
1.2 Het college komt tot het oordeel dat de klacht kennelijk ongegrond is. ‘Kennelijk’
betekent
dat het niet nodig is om nog vragen aan de partijen te stellen en dat duidelijk
is dat de klacht
niet gegrond kan worden verklaard. Hierna licht het college toe hoe het tot deze
beslissing is
gekomen.
2. De procedure
2.1 Het dossier bevat de volgende stukken:
- het klaagschrift met bijlagen, ontvangen op 27 november 2025;
- het verweerschrift met bijlagen, ontvangen op 2 maart 2026;
- de brief met bijlagen van de gemachtigde van klagers, ontvangen op 14 april
2026 waarvan
producties 4 en 5 zijn toegevoegd aan het procesdossier;
- de brief met bijlagen van de gemachtigde van verweerster, ontvangen op 11 mei
2026;
- het proces-verbaal van het mondeling vooronderzoek, gehouden op 21 mei 2026.
2.2 Het college heeft de klacht in raadkamer behandeld. Dit betekent dat het college
de zaak
beoordeeld heeft op basis van de stukken zonder dat de partijen daarbij aanwezig
waren.
3. De feiten
3.1 De dochter van klagers (hierna: patiëntje of patiënte) is geboren op 9 februari
2016. Op 16
september 2020 bezocht klaagster met patiëntje een collega van verweerster in de
huisartsenpraktijk
van verweerster. De collega van verweerster vermeldt hierover in het medisch dossier
(alle citaten
voor zover van belang en letterlijk weergegeven):
“S (…) nieuwe huisarts (…) E Uitschrijven
S (…) Sinds 2,5 dag niet lekker, voelde warm aan, lijkt koorts te hebben gehad
de afgelopen dagen
(niet gemeten). Vanmorgen geen duidelijk koorts meer. Drinkt goed, weinig trek in
eten. Last van
rechter oor afgelopen dagen.
Sinds kort naar groep 1, “wil niet ziek zijn” toch maar thuis gebleven. Snel moe
nu. Krijgt pcm zo
nodig. Altijd goed gezond, vrijwel nooit ziek.
Geen buisjes, geen eerdere oorproblemen. Hoesten- verkoudheid-. Buikpijn-. Geen
diarree, dagelijks
normale brijige ontlasting. Geen mictieklachten. Geen zieken in omgeving. Kennis
heeft kindje
verloren aan oorontsteking met encefalitis. HV: kan het kwaad (gezien ervaring van
kennis)?
O Niet verkouden, niet acuut ziek. (…) voelt niet warm aan. Geen afstaand oor,
geen tekenen van
mastoïditis.
AD: Rood trommelvlies, iets bomberend. Geen buisjes of perforatie. Externe gehoorgang
rustig
aspect, geen otorroe.
AS: parelgrijs trommelvlies, normale lichtreflex, rustig aspect.
E OMA rechts
P Uitleg oorontsteking en verwacht beloop pcm en zo nodig ibuprofen ter pijnstilling
Indien aanhoudend klachten, zieker of koorts >3 dagen retour SU”
3.2 Op 23 april 2021 bezoekt patiëntje met klagers nogmaals de huisartsenpraktijk.
De AIOS,
collega van verweerster, heeft hierover in het medisch dossier genoteerd:
“S Op Rode SU. Nu 3wk wat verkouden, ging vorige week weer beter en weer naar school,
sinds 2-3dg
weer niet lekker, koorts sinds gister (38-39gr) en frequent hoesten en neusverkouden.
Met name 's
nachts hoesten. Hangerig. Wel alert, ging vorige week nog naar school. Eten/drinken
vrij goed. Geen
andere klachten, verder goed gezond. Krijgt pcm zn, soms zoutoplossing neusspray.
Groep 1, veel
zieken in klas. Vorige week COVID negatief.
Hoofdpijn- HV; ab kuur?
O (…), niet dyspnoeisch. T39.1
Cor. S1S2, $, snelle regulaire pols Pulm. VAG en bdz, geen bijgeluiden
Keel: tonsillen gr II-, uvula mediaan, geen evident wit beslag, wat rode pharynxwand
Neusverkouden+
E Virale BLWI
P Uitleg klachten/beloop. Nu geen alarmsymptomen, geen reden tot AB (koorts nu
dag 2). Algemene
adviezen mee. Advies standaard PCM rectaal spiegel + zoutoplossing neusspray. Alarmsymptomen
en
vangnet mee. Co bij aanhoudend klachten/zieker/alarm. Voor nu gerustgesteld.”
3.3 Op 6 mei 2021 benaderde klaagster de huisartsenpraktijk telefonisch over patiëntje.
De collega
van verweerster noteerde hierover:
“S (…) ziek geweest de afgelopen periode, regelmatig koorts gehad. Dit is nu allemaal
weer beter
maar blijft zo nu en dan nog wat klagen over buikpijn laag in de onderbuik. Lijkt
geen pijn te
hebben bij het plassen, niet ziek, geen koorts. (…)
E Buikpijn
P Morgenochtend ochtendurine inleveren, indien vandaag verslechtering contact.
Bij UO schoon, eventueel op SU morgen? (…)”
3.4 Op 25 juni 2021 werd telefonisch contact gezocht met de praktijk waarna patiëntje
dezelfde
dag op consult kwam. De collega van verweerster noteerde het volgende hierover:
“S ontzettend oorpijn, huilend van de pijn. deze week verkouden en koorts gehad.
negatief op COVID
getest bij GGD. Nu geen koorts. Moeder wil graag check voor weekend.
O nu nog lichte pijn (pcm thuis gehad). T36.7 minimale roodheid re oor, links
gb
E Virale BLWI
P uitleg, alg adv, pcm tegen de pijn, bij toename pijn en/of zieker worden/koorts
opnieuw
contact”
3.5 Op 19 juli 2021, het eerste consult dat verweerster hield met patiëntje en (één
van) klagers,
heeft verweerster patiëntje verwezen naar de kinderarts op verzoek van klagers voor
buikklachten.
3.6 Op 25 november 2021 was er nogmaals telefonisch contact over patiëntje met de
huisartsenpraktijk van verweerster. De collega van verweerster noteerde hierover:
“S Sinds vannacht oorpijn, verkoudheid en hoesten al een week. Is niet getest (want
kinderen uit
de klas ook negatief getest). Geen koorts. Willen met name de oren bekeken hebben.
E Oorpijn
P Uitleg, gezien de afwezigheid van koorts: voor nu geen aanleiding tot beoordelen.
Daarnaast
moet ze dan eerst getest worden. Starten met neusspray en PCM. Bij koorts: contact”
3.7 Op 14 februari 2022 werd aan de huisartsenpraktijk van verweerster gemeld dat
patiëntje
positief getest was op COVID-19.
3.8 Op 1 november 2022, bijna een jaar na het laatste bezoek over de bovenste luchtweginfectie,
bezocht patiëntje de AIOS, collega van verweerster. De AIOS noteerde hierover:
“S 2,5 week aan het hoesten. COVID negatief. Geen koorts, ook niet gehad, niet
ziek. Met name
slijm hoesten. Wit van kleur. Niet neusverkouden. Wel wat hese stem maar moeder
herkent dat als
normaal. Hoestbuien in de nacht 2x, van het weekend daarbij een keer tot overgeven
aan toe. Vader
is cardioloog, hij had opgezocht dat het mogelijk mycoplasma zou zijn en dat ze
azitromycine zou
moeten krijgen. Moeder vindt dat het nu wel lang genoeg heeft geduurd.
O Niet ziek meisje, zit vrolijk te spelen en te dansen.
Pulm: VAG bdz, geen bijgeluiden, li=re
In oro: iets rode keel, geen vergrote tonsillen.
E Hoesten
P Uitleg over beloop van hoesten, kan wel tot 6wk aanhouden wat nog normaal is.
Geen koorts en
niet ziek daardoor verdenking op longontsteking laag en geen reden tot starten antibioticum.
U Algemeen lichamelijk onderzoek (…) TEMP:36.6°C”
3.9 Op 2 december 2022 bezocht klager verweerster vanwege eigen klachten. Zij heeft
hierover het
volgende genoteerd:
“S vader op SU: geeft aan dat hij haar [patiëntje] azithromycine heeft gegeven
en dat het nu beter
gaat; heeft nog af en toe hoestbuien, niet meer met braken erbij. Consult [college:
van 1 november
2022] voelde niet goed: moeder voelde zich te kijk gezet en niet serieus genomen.
Geeft aan dat ze
zelf al eerst afwachten en niet zomaar komen. Als het dan als een neusverkoudheid
afgedaan wordt en
gerelateerd (…) aan het niet bezoeken van een KDV voelt als belerend. Heeft zelf
sterke verdenking
dat het toch Kinkhoest is geweest.
E Hoesten
P Ik koppel het terug”
3.10 Op 8 december 2022 nam klager telefonisch contact op met verweerster over patiëntje.
Zij
heeft hierover het volgende genoteerd:
“S (…) sinds 1,5 dag 40 gr koorts, keelpijn, hoofdpijn. Alert, plast wel, eet weinig.
Hangerig. Niet nekstijf, geen vlekjes. PCM 500 mg (30 kg): T 38,5.
In vriendenkring is jongen (…) 6 overleden aan meningo-encephalitis (Zelfde verschijnselen):
geeft
ongerustheid
E koorts
P laagdrempelig op SU gezien zorgen ivm sterfgeval in omgeving”
3.11 Op 9 december 2022 vond er een combinatie consult over patiëntje plaats waarbij
zowel de AIOS
als verweerster deelnamen. De AIOS heeft hierover genoteerd:
“O LAB
E Tonsillitis
S Sinds di/wo ziek. Koorts loopt steeds op tot 40,4. Hoesten +, keelpijn+. Geen
oorpijn. Wel wat
hoofdpijn gehad, nu niet meer. Neusverkouden. Eten gaat niet echt. Drinken gaat
wel goed. Geen
buikklachten. Niet sinds babytijd al vaak ziek, pas vanaf naar basisschool gaan.
HV: wat is er nu
aan de hand. Is er onderliggend een oorzaak waarom ze zo vaak ziek is?
O Geen nekstijfheid.
In oro: fors ontstoken tonsil ADS: sanata TV rustig
Pulm: VAG bdz, geen bijgeluiden, li=re E Tonsillitis
P CRP 52, starten feniticiline 3dd 250 mg 7 dg (…)
U Algemeen lichamelijk onderzoek (…) TEMP:38,9°C”
3.12 Op 19 december 2022 heeft verweerster het volgende over patiëntje genoteerd:
“S controle na AB. Is nu koortsvrij. (24 u na start kuur). Moeder wil graag controle;
zou
amandelen verwijderen zin hebben?
O keel rustig; ADS normaal luchthoudend; geen open mond AH E Tonsillitis
P uitleg; tonsillectomie kan helpen, maar tijd moet het leren: bij min 2 forse
keel infecties/jr
waarvoor AB nodig is icm andere verschijnselen (snurken, slecht eten, gedragsproblemen)”
3.13 Op 27 januari 2023 voerden klager en verweerster overleg over patiëntje. Zij
heeft hier over
genoteerd:
“S (…) heeft weer een viraal infect gehad met schoolverzuim. Is nu weer opgeknapt.
Wil het even
meedelen
E Virale BLWI (…)”
3.14 Over het consult van 30 januari 2023 over patiëntje heeft verweerster genoteerd:
"S Recidiverende infecties oren/keel vanaf sept’22 4-5x verzuimd van school.
Bijna elk weekend koorts. ene keer oorpijn, dan weer neusverkouden. Mist veel op
school, leidt tot
faalangst (is perfectionist). (…) Speelt nu al paar jaar. Heeft veel impact op sociaal
emotionele
aspect. Slaapt dan bij moeder in bed, kan niet naar feestjes, mist veel op school
(…) ed.
O tonsillen niet vergroot; open mond AH. ADS normale TV’n E recidiverende LWI
P op verzoek ouders naar KNO arts Afspraak ‘verwijsafspraak’ gemaakt bij KNO-heelkunde
(…) Reden:
KNO-aandoeningen kind
C Uitgaand (...)
S weer/voortdurend hoesten O longen: rhonchi basaal
E hoesten
P op Proef ICS; evaluatie 4 wkn. Bij goed effect doorgaan 3 mnd, dan afbouwen
(…)”
Na dit consult wordt dezelfde dag genoteerd door een collega van verweerster:
“S Moeder belt: KNO-arts [ziekenhuis A] duurt te lang (zo'n 6 weken). (…)
[ziekenhuis B] kan ze morgen terecht.
E recidiverende LWI
P Verwijzing omgezet naar [ziekenhuis B]”
De verwijzing van verweerster aan de KNO-arts luidt als volgt:
“(…) recidiverende KNO infecties, met impact op sociaal-emotioneel functioneren.
Graag uw advies: indicatie ATE?
Ivm hoesten ben ik gestart met flixotide aerosol (…) Procedure voorstel Overname
behandeling
Verder van belang Vader is cardioloog”
3.15 Op 31 januari 2023 is het volgende genoteerd door een collega van verweerster
over patiëntje:
“E recidiverende LWI
C KNO [ziekenhuis B]: Op opnamelijst voor ATE en buisjes ADS”
3.16 Dezelfde dag, op 31 januari 2023 bezoekt patiëntje de KNO-arts, die het volgende
heeft
genoteerd:
“(…) Anamnese (…)
Op en af ziek. Hoge koorts, neusverkouden, keelpijn, oorpijn. Het houdt niet op.
Kuur Broxil en
Amoxiciline werkten maar kort. Willen erg graag dat er wat gaat gebeuren. [Patiëntje]
geeft aan
niet goed te horen.
Lichamelijk onderzoek (…)
Keel: onrustige tonsillen met beslag, vieze post nasal drip RA: snotneus
ADS: OME, AS bomberend.
Tympanogram: vlak Conclusie (…)
Recidiverende bovenste luchtweginfecties. OME. Beleid (…)
Patiëntje werd op de opnamelijst geplaatst voor een adenotonsilllectomie en buisjes
ADS. Een
afwachtend beleid werd besproken doch niet voor gekozen. (…) Controle 1 jaar na
operatie, zn
eerder. (…)”
3.17 Op 9 februari 2023 vond de eerste operatie plaats. Hierbij werden buisjes geplaatst
en de
neusamandel verwijderd. De KNO-arts noteerde hierover:
“(…) Verrichting:
Bij bovengenoemde patiënte hebben wij een adenotonsillectomie verricht. Tevens hebben
wij
trommelvliesbuisjes beiderzijds geplaatst.
Bevindingen:
OME ADS, groot adenoid.
Bij vastpakken tonsillen bdz vallen deze uit elkaar, rest bdz. Hopelijk is dit voldoende,
anders
herTE geïntubeerd tzt.
Advies:
Postoperatief advies werd meegegeven. Sofradex bij loopoor.
Controle:
Moeder belt voor inplannen HC 6wkn. Controle TVB 12 mnd.”
3.18 Op 10 februari 2023 is door de collega van verweerster over patiëntje genoteerd:
“S Advies: Sofradex bij loopoor. HC 6wkn. Controle TVB 12 mnd. E recidiverende
LWI
C [ziekenhuis B] KNO: Adenotonsillectomie + trommelvliesbuisjes BDZ”
3.19 Op 1 maart 2023 werd patiëntje voor een tweede keer geopereerd, nu aan de
keel amandelen.
Over deze operatie is in het medisch dossier genoteerd:
“(…) Operatie-indicatie:
Recidiverende tonsillitiden. Verrichting:
Klassieke tonsillectomie na eerdere ATE sluder met resttonsillen bdz en blijvende
infectie. (…)
Verslag:
(…) Medianiseren rechter tonsil met veel debris (…)
Uitpellen van de tonsil uit zijn nis met behulp van raspatorium, zeer vergroeid
met de tonsil nis
(…)
Dezelfde procedure geschiedt ook aan de linker zijde. Tevens ontstoken adenoid verwijderd
met
debris pitten (…) Patiënt(e) in goede conditie naar de recovery.
Poliafspraak over 6 weken zo nodig.”
3.20 Op 2 maart 2023 heeft een collega van verweerster genoteerd over patiëntje:
“E recidiverende LWI
C [ziekenhuis B] KNO Klassieke tonsillectomie na eerdere ATE sluder met resttonsillen
bdz en
blijvende infectie”
3.21 Op 7 maart 2023 heeft een collega van verweerster genoteerd in het medisch dossier
van
patiëntje:
“S Moeder vraagt of ik de inhoud van de verwijzing wil mailen naar haar, vindt
het vervelend dat
dit niet inzichtelijk is. Wil weten wat er gestuurd wordt naar het ziekenhuis.
E recidiverende LWI
P Inhoud brief beveiligd gemaild.”
3.22 Op 21 maart 2023 heeft een collega van verweerster het volgende genoteerd over
patiëntje:
“E recidiverende LWI
P (…) kinderarts [ziekenhuis B]: rec KNO infecties. DD mogelijk bij IgA deficientie”
Op 21 maart 2023 noteerde de kinderarts over patiëntje het volgende:
“(…) Anamnese
Komt met moeder. (…)
Hulpvraag: waarom is [patiëntje] zo gevoelig voor infecties; zo vaak?
Al vanaf 4-jarige leeftijd heel vaak ziek. Afgelopen half jaar heel veel KNO infecties
waarvoor
geopereerd.
Laatste operatie(rest van keelamandelen verwijderd) 1-3, operatie daarvoor 9-2.
Afgelopen week weer
voor het eerst naar school na laatste operatie (halve dagen) Nu weer sinds 4 dagen
ziek; koorts,
snotterig, darmkrampen. (…)
Conclusie
(…) rec KNO infecties. DD mogelijk bij IgA deficientie
Nu geen beeld van erngstige onderliggende afweerproblematiek. (…) Beleid
VBB, leuko diff, IgGAM
Uitleg: wrschl combinatie van KNO problematiek (hopelijk nu beter na OK, maar daar
is tijd voor
nodig) icm veel virussen in omloop na corona periode.
TC 3 weken”
3.23 Op 24 maart 2023 heeft verweerster genoteerd over patiëntje:
“E Influenza
C Kind [ziekenhuis B] Influenza met hoog CRP wv pragmatisch ABx”
3.24 Op 31 maart 2023 heeft verweerster het volgende genoteerd:
“S Gesprek met ouders: hebben geen vertrouwen meer in mij als huisarts, vanwege
terughoudendheid
in doorsturen naar KNO arts.
Hierdoor is veel schade ontstaan, zowel fysiek, emotioneel en in ontwikkeling op
school. Heeft tot
veel stress en verdriet in gezin geleid. Besproken dat ik dit betreur en mijn excuses
hiervoor
aanbied.
E recidiverende LWI (…)”
3.25 Op 21 juni 2023 is er namens klagers een aansprakelijkstelling gestuurd aan
de
huisartsenpraktijk. Op 6 juli 2023 bevestigde de aansprakelijkheidsverzekeraar aan
klagers de
ontvangst van het dossier. Vervolgens vond overleg plaats over de reikwijdte van
de afgegeven
medische machtiging. Na een oordeel van een juridisch deskundige over de reikwijdte
van de medische
machtiging, heeft verweerster de benodigde medische informatie voor de beoordeling
van de
aansprakelijkstelling aangeleverd. Nadat de medisch adviseur van de verzekeraar
de zaak inhoudelijk
heeft beoordeeld, heeft de door de verzekeraar in de arm genomen schaderegelaar
bij brief van 7
juni 2024 de aansprakelijkheid van de huisartsenpraktijk afgewezen.
3.26 Bij brief van 2 augustus 2024 heeft de gemachtigde van klagers de schaderegelaar
aangemaand
om voor 28 augustus 2024 de aansprakelijkheid te erkennen. Bij brief van 22 november
2024 is ook
namens verweerster en de AIOS de aansprakelijkheid afgewezen.
4. De klacht en de reactie van verweerster
4.1 Klagers verwijten verweerster dat zij bij de zorg van patiëntje:
a) niet voldeed aan de op haar rustende dossierplicht.
1. zij heeft de langdurige ernstige klachten van patiëntje niet genoteerd in het
medisch dossier
van patiëntje;
2. zij heeft niet genoteerd wat de gevolgen waren van de klachten van en voor patiëntje;
3. zij heeft niet genoteerd op welke wijze zij haar supervisie op de AIOS uitwerkte;
b) een delay in de diagnostiek en een delay bij de verwijdering van de keelamandelen
heeft
veroorzaakt doordat zij:
1. in de periode van 16 september 2020 tot en met 30 januari 2023 de diagnose acute
middenoorontsteking heeft gemist; en
2. op 25 juni 2021, 25 november 2021, 9 december 2022 en op 30 januari 2023 de diagnose
tonsillitis
heeft gemist.
c) de afwikkeling van de aansprakelijkstelling na 21 juni 2023 heeft vertraagd.
4.2 Verweerster heeft het college verzocht om de klachten af te wijzen als onbewezen
of kennelijk
ongegrond.
4.3 Het college gaat hieronder verder, voor zover nodig, in op de standpunten van partijen.
5. De overwegingen van het college
De criteria voor de beoordeling
5.1 De vraag is of de huisarts de zorg heeft verleend die van haar verwacht mocht
worden. De norm
daarvoor is een redelijk bekwame en redelijk handelende huisarts. Bij de beoordeling
wordt rekening
gehouden met de voor de huisarts geldende beroepsnormen en andere professionele
standaarden. Dat
een zorgverlener beter anders had kunnen handelen, is niet altijd genoeg voor een
tuchtrechtelijk
verwijt. Verder geldt het uitgangspunt dat zorgverleners alleen tuchtrechtelijk
verantwoordelijk
zijn voor hun eigen handelen.
5.2 Het college oordeelt dat de huisarts niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft
gehandeld. Zij
heeft de op haar rustende dossierplicht niet geschonden, geen diagnose gemist en
de afwikkeling van
de aansprakelijkstelling niet vertraagd.
Klachtonderdeel a) niet voldoen aan de op haar rustende dossierplicht
5.3 Klagers verwijten verweerster, samengevat, dat zij niet in het dossier heeft
genoteerd dat
steeds wanneer zij kwamen met patiëntje zij al lange tijd ernstige klachten had
en welke impact dit
had op patiëntje. Ook heeft zij niet genoteerd op welke wijze zij haar supervisie
op de AIOS
uitwerkte.
5.4 Het college stelt voorop dat verweerster alleen verantwoordelijk kan worden
gehouden voor
hetgeen zij al dan niet heeft genoteerd over de consulten en telefonische contacten
waarbij zij
zelf betrokken was. Voor zover er sprake van is dat collega’s van verweerster in
de praktijk en de
AIOS onvoldoende zouden hebben genoteerd in het dossier van patiëntje kan haar daarvan
geen verwijt
worden gemaakt. Naast het consult op 19 juli 2021 waarop verweerster patiëntje naar
de kinderarts
verwees wegens buikklachten, was verweerster betrokken bij de consulten dan wel
telefonische
contacten op 2, 8, 9 en 19 december 2022 en 27 en 30 januari 2023. Naar het oordeel
van het college
heeft verweerster in het dossier van patiëntje voldoende genoteerd over de ernst
van de klachten en
de impact hiervan op patiëntje. Zij benoemt op 2 december 2022 dat klagers zich
niet serieus
genomen voelen in hun grote ongerustheid. Daarnaast schrijft zij op 30 januari 2023
over hoe vaak
er sprake is van infecties van oren en keel, het schoolverzuim en dat patiëntje
daardoor veel mist,
de impact op het sociaal emotionele aspect van patiëntje, dat er sprake is van faalangst
en dat het
al een paar jaar speelt.
5.5 De AIOS die ook betrokken is geweest bij de behandeling van patiëntje betreft
een derdejaars
huisarts in opleiding. Op verweerster rust geen verplichting om haar wijze van supervisie
te
noteren in het dossier van patiëntje. Een derdejaars huisarts in opleiding is immers
dusdanig
vergevorderd in de opleiding dat deze zelfstandig werkt. In het kader van de opleiding
van de AIOS
rust op verweerster wel een verplichting tot het documenteren van de supervisie,
maar dit hoort thuis in het portfolio van de AIOS.
5.6 Het college oordeelt dat verweerster wat betreft klachtonderdeel a) niet tuchtrechtelijk
verwijtbaar heeft gehandeld. Dit klachtonderdeel is kennelijk ongegrond.
Klachtonderdeel b) delay in diagnostiek en verwijdering keelamandelen
5.7 Klagers verwijten verweerster, kort samengevat, dat zij meermaals zowel de
diagnose acute
middenoorontsteking als de diagnose tonsillitis heeft gemist, waardoor het verwijderen
van de
keelamandelen vertraagd heeft plaatsgevonden.
5.8 Het college herhaalt het uitgangspunt dat verweerster alleen verantwoordelijk
kan worden
gehouden voor haar eigen handelen. Verweerster is vanaf begin december 2022 betrokken
geweest bij
de behandeling van de KNO-klachten van patiëntje. In de periode daaraan voorafgaand
is patiëntje
gezien door de collega van verweerster dan wel de AIOS. Na het telefonisch contact
op 8 december
2022 is patiëntje op 9 december 2022 op consult geweest bij verweerster en de AIOS
samen. Op dat
moment is de diagnose tonsillitis gesteld en is er antibiotica voorgeschreven. Bij
de controle op
19 december 2022 was de koorts gezakt en de keel rustig. De diagnose tonsillitis
is wel daarbij
genoteerd. Verweerster heeft toen met klaagster het verwijderen van de amandelen
besproken en
daarbij aangegeven dat dit zou kunnen worden overwogen indien patiëntje twee keer
per jaar een
forse keelinfectie doormaakte waarvoor antibiotica nodig was in combinatie met andere
verschijnselen zoals snurken, slecht eten of gedragsproblemen. Dit is in overeenstemming
met de
Standaard Acute Keelpijn van het Nederlands Huisartsen Genootschap. Het eerstvolgende
consult
hierover vond plaats op 30 januari 2023. Verweerster heeft patiëntje op dat moment
doorverwezen
naar de KNO-arts omdat er sprake was van recidiverende luchtweginfecties. Naar het
oordeel van het
college heeft verweerster de diagnose tonsillitis op 9 december 2022 en 19 december
2022 dan ook
niet gemist. Verweerster heeft patiëntje daarna op 30 januari 2023 doorverwezen
naar de KNO-arts,
zodat ook niet kan worden gesproken van vertraging in het verwijderen van de keelamandelen
van
patiëntje als gevolg van het handelen van verweerster. In zoverre is dit klachtonderdeel
kennelijk
ongegrond.
5.9 Ten aanzien van de klacht van klagers dat verweerster de diagnose acute middenoorontsteking
zou hebben gemist, merkt het college het volgende op. Uit het dossier van patiëntje
en uit de
verslaglegging van 31 januari 2023 van de KNO-arts blijkt niet dat er sprake zou
zijn geweest van
acute middenoorontsteking. De KNO-arts benoemt op 31 januari 2023 en 9 februari
2023 dat er sprake
is van vocht achter het trommelvlies (OME), maar spreekt niet over een acute middenoorontsteking.
5.10 Het college oordeelt dat niet is gebleken dat verweerster de diagnose tonsillitis
heeft
gemist en dat er geen aanwijzingen zijn dat bij patiëntje sprake was van acute middenoorontsteking.
De verwijzing naar de KNO-arts vond eind januari 2023 plaats en de KNO-arts noteerde:
“een
afwachtend beleid werd besproken doch niet voor gekozen’.
Voorgaande maakt dat ook niet kan worden gesproken van een vertraging in de verwijdering
van de
keelamandelen. Verweerster kan ten aanzien van klachtonderdeel b) dan ook geen tuchtrechtelijk
verwijt worden gemaakt. Dit klachtonderdeel is voor het overige ook kennelijk ongegrond.
Klachtonderdeel c) afwikkeling van de aansprakelijkstelling vertraagd
5.11 Na de aansprakelijkstelling door klagers op 21 juni 2023 heeft verweerster
haar
aansprakelijkheidsverzekeraar ingeschakeld. Tussen de medisch adviseurs ontstond
discussie over de
reikwijdte van de medische machtiging en namens de verzekeraar en haar verzekerde
is op 7 juni 2024
een standpunt ingenomen.
5.12 Klagers verwijten verweerster dat het bijna een jaar heeft geduurd voordat de
verzekeraar een
standpunt in nam. Verweerster stelt zich op het standpunt dat zij direct na de
aansprakelijkstelling een melding heeft gedaan bij de verzekeraar. Zij voert aan
dat zij niet
verantwoordelijk kan worden gehouden voor het handelen van anderen.
5.13 Nogmaals stelt het college voorop dat verweerster alleen verantwoordelijk kan
worden gehouden
voor haar eigen handelen. Na ontvangst van de aansprakelijkstelling heeft verweerster
deze kort
daarna doorgestuurd naar de aansprakelijkheidsverzekeraar. De omstandigheid dat
vervolgens
discussie is ontstaan over de reikwijdte van de afgegeven medische machtiging is
niet het gevolg
van handelen of nalaten van verweerster. Dat geldt ook voor het feit dat er daarna
meerdere maanden
zijn verstreken voordat de verzekeraar een standpunt innam. Het college is van oordeel
dat
verweerster ook ten aanzien van klachtonderdeel c) geen tuchtrechtelijk verwijt
kan worden gemaakt.
Dit klachtonderdeel is ook kennelijk ongegrond.
Slotsom
5.14 Uit de overwegingen hiervoor volgt dat alle onderdelen van de klacht kennelijk
ongegrond
zijn.
6. De beslissing
Het college:
- verklaart de klacht in al haar onderdelen kennelijk ongegrond.
Deze beslissing is gegeven op 19 augustus 2026 door T.N.E. Meyboom, voorzitter, E.
Jansen en
B.C.A.M. van Casteren-van Gils, leden-beroepsgenoten, bijgestaan door
F.A.C. Bergervoet, secretaris en in het openbaar uitgesproken door
K.A.J.C.M. van den Berg Jeths-van Meerwijk op 19 augustus 2026.