ECLI:NL:TGZRAMS:2026:223 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2026/10113
| ECLI: | ECLI:NL:TGZRAMS:2026:223 |
|---|---|
| Datum uitspraak: | 16-09-2026 |
| Datum publicatie: | 01-10-2026 |
| Zaaknummer(s): | A2026/10113 |
| Onderwerp: | Overige klachten |
| Beslissingen: | Niet-ontvankelijk |
| Inhoudsindicatie: | Voorzittersbeslissing. Het klaagschrift voldoet niet aan de daaraan in de wet gestelde eisen (artikel 65 lid 2 van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg in verbinding met artikel 4 lid 1 van het Tuchtrechtbesluit BIG). Daarom is klaagster kennelijk niet-ontvankelijk in de klacht. |
A2026/10113
REGIONAAL TUCHTCOLLEGE VOOR DE GEZONDHEIDSZORG AMSTERDAM
Voorzittersbeslissing van 16 september 2026 naar aanleiding van de klacht van:
A,
wonende in B, klager,
tegen
C,
huisarts,
destijds werkzaam in B,
verweerder, hierna ook: de huisarts.
1. De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het klaagschrift met bijlagen, ontvangen op 21 mei 2026;
- de brief van de secretaris van 1 juli 2026 en de herinneringen die door de secretaris
zijn
verstuurd op 21 juli 2026 en op 3 augustus 2026.
2. De overwegingen
2.1 De voorzitter moet beoordelen of klaagster in haar klacht kan worden ontvangen.
De voorzitter
is van oordeel dat klaagster kennelijk niet-ontvankelijk is in de klacht. ‘Kennelijk’
betekent dat
het niet nodig is om nog vragen aan de partijen te stellen en dat duidelijk is dat
de klacht niet
inhoudelijk behoeft te worden besproken. Hiervoor is het volgende van belang.
2.2 Een klaagschrift moet voldoen aan een aantal krachtens de wet gestelde eisen.
In het
klaagschrift wordt verweerder verweten dat hij medisch noodzakelijke zorg (een herhaalrecept
van
fentanyl) en een verwijzing naar een specialist weigert. Het klaagschrift is (mede)
gericht aan de
Nederlandse Zorgautoriteit (NZa).
2.3 Bij brief van 1 juli 2026 heeft de secretaris klaagster gevraagd om meer informatie,
onder
meer wat precies de klacht is over de huisarts, wat er is gebeurd en wanneer dit
is gebeurd.
Daarnaast is gevraagd of de bedoeling van klaagster is om deze klacht aanhangig
te maken bij de
NZa. Een reactie van klaagster op deze brief is uitgebleven, ondanks meermaals schriftelijk
rappelleren vanuit het tuchtcollege.
2.4 Het klaagschrift voldoet daarmee niet aan de daaraan in de wet gestelde eisen
(artikel 65 lid 2 van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg in
verbinding
met artikel 4 lid 1 van het Tuchtrechtbesluit BIG). Daarom is klaagster kennelijk
niet-ontvankelijk
in de klacht. De voorzitter maakt klaagster erop attent dat zij alsnog een klacht
bij het college
kan indienen, waarbij het van belang is dat het klaagschrift voldoet aan de wettelijke
eisen.
3. De beslissing
Klaagster is kennelijk niet-ontvankelijk in de klacht.
Deze beslissing is gegeven op 16 september 2026 door Geert Lycklama à Nijeholt, voorzitter,
bijgestaan door M.A. Valé, secretaris.