ECLI:NL:TGDKG:2026:72 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/774059 / DW RK 25/295 BB/SM

ECLI: ECLI:NL:TGDKG:2026:72
Datum uitspraak: 29-07-2026
Datum publicatie: 05-08-2026
Zaaknummer(s): C/13/774059 / DW RK 25/295 BB/SM
Onderwerp: Ambtshandelingen (art. 2 Gdw)
Beslissingen:
Inhoudsindicatie: Beslissing op verzet. Niet ontvankelijk. Overschrijding verzettermijn.

KAMER VOOR GERECHTSDEURWAARDERS TE AMSTERDAM

Beslissing van 29 juli 2026 zoals bedoeld in artikel 39, vierde lid, van de Gerechtsdeurwaarderswet inzake de beslissing van 15 juli 2025 met zaaknummer C/13/767121 DW RK 25/113 RH/WdJ en het daartegen ingestelde verzet met zaaknummer C/13/774059 / DW RK 25/295 BB/SM ingesteld door:

[   ],

wonende te [   ],

klager,

tegen:

[   ],

gerechtsdeurwaarder te [   ],

beklaagde,

gemachtigde: [   ].

1. Ontstaan en verloop van de procedure

Bij klachtenformulier met bijlagen, ingekomen op 2 april 2025, heeft klager een klacht ingediend tegen (een medewerker van het kantoor van) beklaagde, hierna: de gerechtsdeurwaarder. Bij verweerschrift met bijlagen, ingekomen op 14 mei 2025, heeft de gerechtsdeurwaarder op de klacht gereageerd. Bij beslissing van 15 juli 2025 heeft de voorzitter de klacht als kennelijk ongegrond afgewezen. Een afschrift van de beslissing van de voorzitter is bij brief van diezelfde datum aan klager toegezonden. Bij brief, ingekomen op 5 augustus 2025, heeft klager verzet ingesteld tegen de beslissing van de voorzitter. Het verzetschrift is behandeld ter openbare terechtzitting van 17 juni 2026 alwaar de gemachtigde van de gerechtsdeurwaarder is verschenen. Klager is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet ter zitting verschenen. De uitspraak is bepaald op 29 juli 2026.

2. De ontvankelijkheid van het verzet

2.1 Het verzet dient op grond van de wet te worden ingediend binnen veertien dagen na verzending van de brief met de beslissing van de voorzitter. De beslissing is verzonden op 15 juli 2025. De termijn is daarmee ingegaan op 16 juli 2025 en geƫindigd op 29 juli 2025. Het verzet is ingekomen op 5 augustus 2025 en is daarmee te laat ingediend. Nu niet is gebleken van omstandigheden die de termijnoverschrijding verschoonbaar maken, is klager niet-ontvankelijk in zijn verzet.

2.2 Op grond van het voorgaande wordt beslist als volgt.

BESLISSING:

De Kamer voor Gerechtsdeurwaarders:

  • verklaart het verzet niet-ontvankelijk.

Aldus gegeven door mr. B. Brokkaar, plaatsvervangend-voorzitter, mr. M.L.S. Kalff en mr. O.J. Boeder, leden en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 29 juli 2026, in tegenwoordigheid van de secretaris.

Tegen deze beslissing staat op grond van het bepaalde in artikel 39, lid 4 van de Gerechtsdeurwaarderswet geen rechtsmiddel open.