ECLI:NL:TAHVD:2026:277 Hof van Discipline 's Gravenhage 250161
| ECLI: | ECLI:NL:TAHVD:2026:277 |
|---|---|
| Datum uitspraak: | 28-08-2026 |
| Datum publicatie: | 31-08-2026 |
| Zaaknummer(s): | 250161 |
| Onderwerp: |
|
| Beslissingen: | Overige (tussen)beslissingen |
| Inhoudsindicatie: | Het betreft een klacht tegen de eigen advocaat. De Raad van Discipline heeft de klacht ongegrond verklaard. Klaagster is in beroep gekomen. Het Hof van Discipline vernietigt de beslissing van de raad. Verweerster heeft onzorgvuldig gehandeld jegens klaagster door haar niet te waarschuwen voor een belangrijke termijn die zou verstrijken en heeft haar belangen hiermee onvoldoende zorgvuldig behartigd. Maatregel beripsping. |
HERSTELBESLISSING
van 28 augustus 2026
in de zaak 250161
naar aanleiding van het hoger beroep van:
klaagster
gemachtigde: mr. G.F.M.G. Heutink
tegen:
verweerster
1 DE BESLISSING WAARVAN HERSTEL
Het Hof van Discipline (hierna: het hof) verwijst naar zijn beslissing van 17 augustus 2026 met zaaknummer 250161. In deze beslissing is het bedrag van de proceskostenveroordeling onjuist vermeld.
2 HET HERSTEL
Het hof stelt, daarop gewezen door mr. Heutink, vast dat in de beslissing van 17 augustus 2026 sprake is van kennelijke fout (te weten een onjuist bedrag aan proceskosten in overweging 10.6) die zich voor eenvoudig herstel leent.
Uit overweging 9.2 volgt dat het bedrag aan proceskosten voor klaagster € 1.100,- bedraagt. Dit bedrag is opgebouwd uit:
a) € 50,- kosten van klaagster (forfaitair);
b) € 1.050,- [€ 525,- per punt] kosten voor rechtsbijstand van klaagster;
In overweging 10.6 heeft het hof verweerster veroordeeld tot betaling van de kosten in de procedure bij het hof van € 1.050,- aan klaagster.
Het hof zal overweging 10.6 wijzigen in
“veroordeelt verweerster tot betaling van de kosten in de procedure bij het hof van € 1.100,- aan klaagster, op de manier en binnen de termijn zoals hiervóór bepaald;”
3 BESLISSING
Het Hof van Discipline:
herstelt de beslissing van 17 augustus 2026 van het Hof van Discipline met zaaknummer 250161 in die zin dat in die beslissing overweging 10.6 wordt gewijzigd in:
10.6 veroordeelt verweerster tot betaling van de kosten in de procedure bij het hof van € 1.100,- aan klaagster, op de manier en binnen de termijn zoals hiervóór bepaald;
Deze beslissing is genomen door mr., C.H. van Breevoort – de Bruin voorzitter, mrs. M.F. Baaij en J.A. Huijgen, leden, in tegenwoordigheid van M.H.A. Uri, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 28 augustus 2026 .
griffier voorzitter
De beslissing is verzonden op 28 augustus 2026 .