Zoekresultaten 1-50 van de 187 resultaten
-
ECLI:NL:TGZCTG:2022:200 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2022/1285
- Datum publicatie: 07-12-2022
- Datum uitspraak: 07-12-2022
- ECLI:NL:TGZCTG:2022:200
Klacht tegen oogarts. Na een staaroperatie viel de gezichtsscherpte in het linkeroog tegen en had klaagster pijn- en irritatieklachten aan dat oog. Tijdens het controleconsult vond de TOA geen afwijkingen. De zoon van klaagster, zelf oogarts, heeft met instemming van de TOA zelf het oog bekeken en gaf aan cellen in het oog te zien. De TOA heeft deze bevindingen vervolgens met de behandelend oogarts besproken. De behandelend oogarts heeft niet zelf het oog van klaagster bekeken. De conclusie van de behandelend oogarts was dat het postoperatieve beleid en het druppelschema moesten worden afgemaakt. Klaagster verwijt de oogarts dat hij haar onheus heeft bejegend door haar niet zelf te onderzoeken, zijn eigen verantwoordelijkheid heeft miskend door af te gaan op de onderzoeksresultaten van de TOA, een onjuiste diagnose heeft gesteld en een verkeerde behandeling heeft ingezet en onvoldoende notities in het dossier heeft gemaakt. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard. Het beroep van klaagster slaagt deels. Het Centraal Tuchtcollege oordeelt dat de oogarts tuchtrechtelijk verweten kan worden dat hij niet zelf het oog van klaagster is komen onderzoeken en dat hij daarbij de slechte verstandhouding met de zoon van klaagster een rol heeft laten spelen. Het Centraal Tuchtcollege verklaart de klacht op dit deel gegrond zonder oplegging van een maatregel.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2024:117 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2023/5775
- Datum publicatie: 30-10-2024
- Datum uitspraak: 30-10-2024
- ECLI:NL:TGZRSHE:2024:117
“Klacht tegen een orthodontist. De minderjarige dochter (geboren in september 2007) van klaagster is van 15 augustus 2018 tot 15 september 2020 door verweerder behandeld vanwege o.a. niet goed op elkaar passende tanden. Verweerder heeft een buitenboordbeugel geplaatst gecombineerd met vaste apparatuur. De behandeling is daarna overgedragen aan een andere orthodontist. Klaagster klaagt erover dat verweerder te vroeg is begonnen met de behandeling en te weinig resultaat heeft behaald. Ter onderbouwing heeft zij verwezen naar een verslag over de behandeling van de opvolgend behandelaar. Het college komt tot het oordeel dat klaagster ontvankelijk is in haar klacht, omdat niet is gebleken dat er misbruik van recht is gemaakt. Na inhoudelijke beoordeling oordeelt het college dat verweerder niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld, zodat de klacht ongegrond is.”
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2024:118 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2023/5773
- Datum publicatie: 30-10-2024
- Datum uitspraak: 30-10-2024
- ECLI:NL:TGZRSHE:2024:118
“Klacht tegen een orthodontist. De minderjarige zoon (geboren in januari 2009) van klaagster is van 18 mei 2020 tot 16 september 2020 door verweerder behandeld vanwege o.a. niet goed aansluitende tanden, een overbeet en ruimtegebrek. Verweerder is gestart met een buitenboordbeugel gecombineerd met vaste apparatuur. De behandeling is daarna overgedragen aan een andere orthodontist. Klaagster klaagt erover dat verweerder te vroeg is begonnen met de behandeling en te weinig resultaat heeft behaald. Ter onderbouwing heeft zij verwezen naar een verslag over de behandeling van de opvolgend behandelaar. Het college komt tot het oordeel dat klaagster ontvankelijk is in haar klacht, omdat niet is gebleken dat er misbruik van recht is gemaakt. Na inhoudelijke beoordeling oordeelt het college dat verweerder niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld, zodat de klacht ongegrond is.”
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2024:119 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2023/5445
- Datum publicatie: 30-10-2024
- Datum uitspraak: 30-10-2024
- ECLI:NL:TGZRSHE:2024:119
“Klacht tegen een orthodontist. Klaagster is twee jaar bij verweerder onder behandeling geweest vanwege o.a. een dubbele kruisbeet. Daarna is de behandeling voortgezet door opvolgende behandelaars. Klaagster verwijt verweerder dat hij haar niet goed heeft behandeld, omdat er een chirurgische ingreep nodig was in plaats van de uitgevoerde behandeling, hij op haar herhaalde klachten over erge pijn en geen beet hebben niet heeft geacteerd en de behandeling in totaal vierenhalf jaar heeft geduurd. Ter onderbouwing heeft klaagster verwezen naar een verslag over de behandeling van haar vierde behandelaar.Het college komt tot het oordeel dat klaagster ontvankelijk is in haar klacht, omdat niet is gebleken dat er misbruik van recht is gemaakt. Na inhoudelijke beoordeling oordeelt het college dat verweerder niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld, zodat de klacht ongegrond is.”
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:1 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3148
- Datum publicatie: 11-01-2022
- Datum uitspraak: 07-01-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:1
Klacht tegen tandarts over onder meer tekortschietende paradontale behandeling en vervalsing van het patiëntendossier door achteraf aantekeningen toe te voegen. Tevens klacht dat klager zonder geldige reden uit de praktijk is uitgeschreven. Het college overweegt dat uit het dossier blijkt dat beklaagde oog heeft gehad voor tandvleesproblematiek. Het college acht het hoogste ongelukkig dat beklaagde achteraf aantekeningen aan het dossier heeft toegevoegd, maar gaat uit van onhandigheid, niet van boos opzet. Op basis van het dossier is aannemelijk dat klager zelf de behandelrelatie heeft beëindigd naar aanleiding van een hoogopgelopen geschil over de betalingstermijn van een rekening. Klachten ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:10 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/0070
- Datum publicatie: 24-01-2022
- Datum uitspraak: 20-01-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:10
Klacht tegen bedrijfsarts betreft met name de verzuimbegeleiding de informatie uitwisseling met een behandelaar en de bejegening. De klacht is ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:100 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3677
- Datum publicatie: 18-07-2022
- Datum uitspraak: 15-07-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:100
Klager is de vader van de, ten tijde van de indiening van de klacht, 17-jarige zoon. Klager heeft aangegeven dat de zoon niet op de hoogte was van de inhoud van de klacht, dat hij de inhoud van de klacht niet heeft gelezen en erg beïnvloedbaar is. Eveneens is de zoon niet ter zitting verschenen. Uit artikel 7:447 lid 3 van het Burgerlijk Wetboek vloeit voort dat de minderjarige patiënt die de leeftijd van 16 jaar heeft bereikt, zelf bevoegd is een klacht in te dienen. Hiermee is de bevoegdheid van de wettelijk vertegenwoordiger van de minderjarige om als zodanig te klagen, vervallen. Nu eveneens niet is gebleken dat klager als gemachtigde van de zoon is opgetreden, omdat de zoon niet op de hoogte was van de inhoud van de klacht en het college bovendien niet is gebleken dat de zoon zelf klachten had over het optreden van beklaagde kan klager niet als rechtstreeks belanghebbende, noch als gemachtigde van de zoon worden beschouwd. Op grond hiervan verklaart het college klager niet-ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:101 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3457
- Datum publicatie: 18-07-2022
- Datum uitspraak: 15-07-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:101
Klager, geboren in 1985, neemt op zondag (18 juli 2021) telefonisch contact op met de huisartsenpost vanwege pijn in de linkerarm en een drukkend gevoel op de borst. Hij geeft aan de telefoniste aan dat hij rookt en dat zijn vader hartpatiënt is en dat hij het aan hem voorgeschreven medicijn Crestor sinds lange tijd niet meer gebruikt. Klager wordt binnen een uur op de huisartsenpost gezien door beklaagde. Tijdens dit consult geeft klager desgevraagd aan dat hij geen last meer heeft van een drukkend gevoel op zijn borst, benauwdheid of hartkloppingen. Beklaagde heeft klager vervolgens een anamnese afgenomen en lichamelijk onderzoek verricht. Op basis hiervan heeft beklaagde, mede gelet op de relatief jonge leeftijd van klager, de klachten geduid als laterale epicondylitis (tennisarm).Omdat beklaagde had begrepen dat klager geen eigen huisarts had heeft ze hem geadviseerd om de volgende dag via de Dagwaarneming een huisarts te zoeken in verband met zijn voorgeschiedenis en het feit dat hij rookt. Deze huisarts zou dan eveneens het medicijn Crestor weer kunnen voorschrijven.Op dinsdag 20 juli 2021 is klager naar zijn eigen huisarts gegaan die hij wel bleek te hebben. Er is onderzoek verricht en naar aanleiding van de uitslagen van deze onderzoeken is klager op donderdag 22 juli 2021 met spoed in het ziekenhuis opgenomen. Er is een stent geplaatst in de linker kransslagader.Klager verwijt beklaagde dat zij zijn klachten niet serieus heeft genomen, een verkeerde diagnose heeft gesteld, het medicijn Crestor niet heeft voorgeschreven en hem niet direct heeft doorverwezen naar de cardioloog. Het college verklaart de klacht in al haar onderdelen ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:102 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2022/3823
- Datum publicatie: 18-07-2022
- Datum uitspraak: 15-07-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:102
Klacht tegen verzekeringsarts kennelijk ongegrond. Beklaagde heeft toetsing/beoordeling in kader van Ziektewet voldoende inzichtelijk gemaakt en situatie klager voldoende onderzocht.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:103 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3668
- Datum publicatie: 18-07-2022
- Datum uitspraak: 15-07-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:103
Klacht tegen tandarts. Klaagster heeft door de aangeklaagde tandarts een paar facings laten zetten waar klaagster ontevreden over was. Zij vond de kleur niet mooi. De facings zijn vervangen waarbij de geprepareerde tanden niet goed schoongemaakt zijn en er geen nieuwe afdrukken zijn gemaakt. De nieuwe facings pasten daardoor niet naadloos, met als gevolg dat er op de behandelde elementen nog een streep tand zichtbaar was met cementresten erop. Ook had klaagsters pijnklachten als gevolg van de niet juist geplaatste facings. Klaagster heeft zich bij een nieuwe tandartsenpraktijk laten inschrijven waar een en ander is hersteld. Klaagster verwijt de tandarts dat hij de facings niet goed heeft geplaatst. Dat verwijt verklaart het college gegrond. De overige verwijten, onder andere dat het behandeldossier onvolledig zou zijn en valse aantekeningen zou bevatten en dat de assistente van de praktijk zich negatief zou hebben uitgelaten over de nieuwe tandartsenpraktijk, zijn ongegrond. De tandarts krijgt voor het gegronde deel van de klacht een waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:104 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3647
- Datum publicatie: 18-07-2022
- Datum uitspraak: 15-07-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:104
Klaagster en haar ex-partner zijn verwikkeld in een lastige echtscheidingsprocedure. De ex-partner wordt begeleid door de POG-GGZ verpleegkundige, werkzaam in de praktijk van beklaagde. Er hebben bemiddelingsgesprekken plaatsgevonden tussen de POH-GGZ verpleegkundige, klaagster en de ex-partner van klaagster. Naar aanleiding van deze gesprekken geeft de POH-GGZ verpleegkundige aan dat zij een melding gaat doen bij Veilig Thuis. De POH-GGZ verpleegkundige heeft de melding vervolgens online gedaan. Vanwege een hectische dag in de huisartsenpraktijk en de aankomende vakantie van de POH-GGZ verpleegkundige heeft beklaagde de melding niet gezien. Ook klaagster zelf was niet op de hoogte van de inhoud van de melding.Klaagster wordt op de hoogte gesteld van de inhoud van de melding door de inhoud hiervan op te vragen bij Veilig Thuis. Omdat er naar haar mening irrelevante, onjuiste medische en persoonlijke informatie is gedeeld met Veilig Thuis stelt klaagster dat beklaagde tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Het college verklaart de klacht gegrond en legt beklaagde een waarschuwing op.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:105 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3511
- Datum publicatie: 21-07-2022
- Datum uitspraak: 19-07-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:105
Klacht tegen ambulanceverpleegkundige. Beklaagde heeft klaagster onderzocht na een 112-melding van klaagsters zoon dat zij onwel was geworden. Klaagster verwijt beklaagde een onjuiste en/of onzorgvuldige behandeling, onzorgvuldig onderzoek, een onjuiste diagnose en het ten onrechte niet meenemen en/of doorverwijzen. Naar het oordeel van het college waren er op het moment van onderzoek door beklaagde geen symptomen op basis waarvan nader onderzoek was aangewezen. Beklaagde kan dan ook niet worden verweten dat zijn onderzoek onzorgvuldig is geweest. Ook van een onjuiste diagnose is naar het oordeel van het college geen sprake. Beklaagde heeft kunnen komen tot de door hem gestelde werkhypothese van lichte hvs. Hij heeft daarom ook geen aanleiding hoeven zien om klaagster mee te nemen en/of door te verwijzen. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:106 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2022/3949
- Datum publicatie: 17-08-2022
- Datum uitspraak: 08-08-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:106
Klacht tegen arts/sociaal medisch adviseur. Beklaagde heeft op verzoek van de notaris – met het oog op het opmaken van een levenstestament en volmacht - klaagster bezocht en een medische verklaring opgesteld. Deze houdt onder meer in dat klaagster “ten aanzien van het opstellen van de akte” niet in staat is haar wensen naar behoren te bepalen en de reikwijdte van haar beslissingen te overzien. Klaagster, vertegenwoordigd door haar echtgenoot, meent o.m. dat beklaagde ondeskundig heeft gehandeld, op basis van voorinformatie van de notaris heeft toegewerkt naar een bepaalde uitkomst en dat de eindconclusie geen nuance kent in de bekwaamheid van klaagster.Het tuchtcollege acht de klacht kennelijk ongegrond. Geen aanwijzingen dat beklaagde deskundigheid miste. De verklaring is voldoende gemotiveerd. Dat klaagster bepaalde andere zaken nog wel kan overzien, betekent niet dat de conclusie van beklaagde onjuist is. Van sturende voorinformatie van de notaris is niet gebleken.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:107 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle G2021/23
- Datum publicatie: 17-08-2022
- Datum uitspraak: 08-08-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:107
Klacht tegen chirurg. Klaagster is met een gebroken ruggenwervel opgenomen geweest in het ziekenhuis waar beklaagde werkt. Na een paar dagen opname en conservatief beleid bleek dat er toch een operatie nodig was vanwege een complicatie. Klaagster verwijt (onder anderen) beklaagde dat zij in diverse opzichten tekort is geschoten jegens klaagster tijdens de opname waardoor het onnodig lang heeft geduurd voordat de complicatie werd ontdekt met alle gevolgen van dien. Het college deelt de verwijten niet en verklaart de klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:108 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle G2021/22
- Datum publicatie: 17-08-2022
- Datum uitspraak: 08-08-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:108
Klacht tegen aios chirurgie. Klaagster is met een gebroken ruggenwervel opgenomen geweest in het ziekenhuis waar beklaagde werkt. Na een paar dagen opname en conservatief beleid bleek dat er toch een operatie nodig was vanwege een complicatie. Klaagster verwijt (onder anderen) beklaagde dat hij in diverse opzichten tekort is geschoten jegens klaagster tijdens de opname waardoor het onnodig lang heeft geduurd voordat de complicatie werd ontdekt met alle gevolgen van dien. Het college deelt de verwijten niet en verklaart de klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:109 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle G2021/20
- Datum publicatie: 17-08-2022
- Datum uitspraak: 08-08-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:109
Klacht tegen anios chirurgie. Klaagster is met een gebroken ruggenwervel opgenomen geweest in het ziekenhuis waar beklaagde werkt. Na een paar dagen opname en conservatief beleid bleek dat er toch een operatie nodig was vanwege een complicatie. Klaagster verwijt (onder anderen) beklaagde dat zij in diverse opzichten tekort is geschoten jegens klaagster tijdens de opname waardoor het onnodig lang heeft geduurd voordat de complicatie werd ontdekt met alle gevolgen van dien. Het college deelt de verwijten niet en verklaart de klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:11 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3161
- Datum publicatie: 24-01-2022
- Datum uitspraak: 20-01-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:11
Klacht tegen fysiotherapeut. Klaagster diende vanaf 2021 zelf de facturen voor haar behandelingen te voldoen, omdat de fysiotherapeut geen overeenkomst meer had met haar zorgverzekeraar. Toen zij haar eerste factuur niet op tijd had betaald, zegde de fysiotherapeut de eerstvolgende behandeling af. Toen klaagster hierover een klacht indiende bij de beroepsvereniging, wilde de fysiotherapeut niet meer met haar in gesprek gaan hierover en beëindigde hij eenzijdig de behandelrelatie. Dit deed hij zonder ervoor te zorgen dat klaagster bij een andere fysiotherapeut terecht kon. Deze gang van zaken verwijt zij de fysiotherapeut. Het college is het eens met klaagster en verklaart de klacht gegrond. De fysiotherapeut krijgt een waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:110 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle G2021/19
- Datum publicatie: 17-08-2022
- Datum uitspraak: 08-08-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:110
Klacht tegen chirurg. Klaagster is met een gebroken ruggenwervel opgenomen geweest in het ziekenhuis waar beklaagde werkt. Na een paar dagen opname en conservatief beleid bleek dat er toch een operatie nodig was vanwege een complicatie. Klaagster verwijt (onder anderen) beklaagde dat hij in diverse opzichten tekortgeschoten is jegens klaagster tijdens de opname waardoor het onnodig lang heeft geduurd voordat de complicatie werd ontdekt met alle gevolgen van dien. Het college deelt de verwijten niet en verklaart de klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:111 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle G2021/18
- Datum publicatie: 17-08-2022
- Datum uitspraak: 08-08-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:111
Klacht tegen chirurg. Klaagster is met een gebroken ruggenwervel opgenomen geweest in het ziekenhuis waar beklaagde werkt. Na een paar dagen opname en conservatief beleid bleek dat er toch een operatie nodig was vanwege een complicatie. Beklaagde was tot aan de operatie de hoofdbehandelaar van klaagster. Klaagster verwijt (onder anderen) beklaagde dat hij in diverse opzichten tekortgeschoten is jegens klaagster tijdens de opname, waardoor het onnodig lang heeft geduurd voordat de complicatie werd ontdekt met alle gevolgen van dien. Zo was er volgens klaagster geen sprake van ‘informed consent’ ten aanzien van het conservatieve beleid en was de verslaglegging hier en daar gebrekkig. Deze twee verwijten deelt het college en worden beklaagde als hoofdbehandelaar aangerekend. De overige verwijten deelt het college niet. De klacht is dus gedeeltelijk gegrond. Beklaagde krijgt hiervoor een waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:112 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle G2020/17
- Datum publicatie: 17-08-2022
- Datum uitspraak: 08-08-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:112
Klacht tegen anios urologie. Klaagster is met een gebroken ruggenwervel opgenomen geweest in het ziekenhuis waar beklaagde werkt. Na een paar dagen opname en conservatief beleid bleek dat er toch een operatie nodig was vanwege een complicatie. Klaagster verwijt (onder anderen) beklaagde dat zij in diverse opzichten tekortgeschoten is jegens klaagster tijdens de opname, waardoor klaagster het onnodig lang heeft geduurd voordat de complicatie werd ontdekt met alle gevolgen van dien. Het college deelt de verwijten niet en verklaart de klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:113 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3455
- Datum publicatie: 25-08-2022
- Datum uitspraak: 19-08-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:113
Klacht naar aanleiding van een door beklaagde bij klager uitgevoerde neuscorrectie waarbij – achteraf gezien – te veel weefsel is verwijderd. Niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Het risico hierop is namelijk inherent aan een neuscorrectie waarbij pas achteraf – na de genezing – blijkt of het gewenste (subjectieve) resultaat is behaald. Beklaagde heeft voldoende onderbouwd dat de neuscorrectie op een zorgvuldige wijze is uitgevoerd conform de geldende medische standaard. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:114 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3520
- Datum publicatie: 25-08-2022
- Datum uitspraak: 22-08-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:114
Klacht tegen radioloog, inhoudende dat beklaagde een onjuiste diagnose heeft gesteld. Het college is van oordeel dat op grond van een conventioneel röntgenonderzoek kraakbeenverlies niet vastgesteld kan worden. Het verwijt van klaagster dat 50% van het kraakbeen was verdwenen en dat beklaagde dit op basis van de röntgenfoto had moeten waarnemen kan dus ook niet slagen. Van een onjuiste diagnose is geen sprake. De klacht is kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:115 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/0050
- Datum publicatie: 25-08-2022
- Datum uitspraak: 22-08-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:115
Klacht tegen GZ-psycholoog kennelijk ongegrond. Klager kwam in aanmerking voor resocialisatie, maar is na signalen die op mogelijke risico’s duidden, weer teruggeplaatst van de resocialisatie afdeling naar de behandelafdeling. Het college kan zich voorstellen dat dit voor klager teleurstellend is geweest. Daar staat tegenover dat het de taak van een behandelaar - zoals beklaagde – is om gebleken risico’s die in de weg staan aan resocialisatie bespreekbaar te maken, om cliënten inzicht daarin te bieden en om deze handvatten te geven om met risico’s om te gaan.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:116 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/0051
- Datum publicatie: 25-08-2022
- Datum uitspraak: 22-08-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:116
Klacht tegen GZ-psycholoog kennelijk ongegrond. Klager kwam in aanmerking voor resocialisatie, maar is na signalen die op mogelijke risico’s duidden, weer teruggeplaatst van de resocialisatie afdeling naar de behandelafdeling. Dat de terugplaatsing het gevolg is van een verwijtbaar falende behandeling kan het college aan de hand van de feiten en het dossier niet vaststellen. Het college ziet daarin geen grond voor de door klager gemaakte verwijten.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:117 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle z2021/3627
- Datum publicatie: 05-09-2022
- Datum uitspraak: 29-08-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:117
Klacht tegen huisarts. Klaagster verwijt de huisarts dat deze zich heeft laten chanteren en misbruik heeft gemaakt van het vertrouwen van klaagster. Ook zou de huisarts aangifte hebben gedaan bij de politie en geknoeid hebben met de medicatie van klaagster. Ten aanzien van de vier klachtonderdelen oordeelt het college dat de verwijten niet door klaagster worden onderbouwd en dat de juistheid daarvan evenmin uit het medisch dossier volgt. De klacht is in zijn geheel kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:118 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2022-4066
- Datum publicatie: 08-09-2022
- Datum uitspraak: 02-09-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:118
Klacht tegen dermatoloog kennelijk ongegrond. Beklaagde heeft een juiste behandeling ingezet en de controleafspraken gemaakt zoals in de geldende richtlijn stond. Er was geen reden om klager eerder te verwijzen.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:119 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2022/4067
- Datum publicatie: 08-09-2022
- Datum uitspraak: 02-09-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:119
Klacht tegen dermatoloog kennelijk ongegrond. Beklaagde is niet direct betrokken geweest bij de zorg aan klager. De verantwoordelijkheid als voorzitter van een vakgroep gaat niet zo ver dat een beslissing van een arts om iemand niet te verwijzen door beklaagde op eigen initiatief nog een keer had moeten worden beoordeeld.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:12 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3055
- Datum publicatie: 24-01-2022
- Datum uitspraak: 20-01-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:12
Klacht tegen huisarts. Beklaagde betwist bij de in het geding zijnde behandeling betrokken te zijn geweest. Het college kan op grond van dossier noch anderszins vaststellen dat dit wel het geval is gewest. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:120 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3475
- Datum publicatie: 09-09-2022
- Datum uitspraak: 08-09-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:120
Klacht tegen klinisch psycholoog. Beklaagde zou onvoldoende adequaat hebben gehandeld ten aanzien van het verlengen van het verblijf van klager in gemeentelijke crisisopvang. Tevens zou hij niet adequaat hebben gereageerd op e-mail waarin klager meldde dat hij duizenden euro’s had vergokt. Hierdoor is geen passende oplossing geboden voor het acute gokprobleem en heeft klager veel geld verloren. Het college oordeelt dat beklaagde niet verantwoordelijk was voor het regelen en eventueel verlengen van de tijdelijke crisisopvang. Wat betreft het ontstane gokgedrag van klager oordeelt het college dat beklaagde adequaat heeft gehandeld door de woonbegeleiding weer op orde te krijgen. Klachten ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:121 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3608
- Datum publicatie: 03-10-2022
- Datum uitspraak: 30-09-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:121
Klacht tegen een huisarts, inhoudende dat de huisarts onjuiste informatie heeft verstrekt aan de Raad voor de kinderbescherming, de richtlijnen van de KNMG heeft overschreden, klaagster onheus heeft bejegend en geen afschrift van het medisch dossier aan klaagster heeft doen toekomen. Het college oordeelt dat van ongeoorloofde feitelijke kwalificaties of ongeoorloofde uitspraken geen sprake is. Ook is er naar het oordeel van het college geen sprake van een schending van de KNMG-richtlijnen en kan het college niet beoordelen of de huisarts klaagster onheus heeft bejegend. De huisarts heeft met betrekking tot klachtonderdeel 4 adequaat gehandeld. De klacht is kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:122 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3486
- Datum publicatie: 03-10-2022
- Datum uitspraak: 30-09-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:122
Klacht tegen psycholoog. Klager verblijft op een behandelafdeling in een tbs-kliniek. Beklaagde is als regiebehandelaar (bij de kliniek aangeduid als: behandelcoördinator) betrokken bij de behandeling van klager. Klager klaagt onder meer over de afdeling waar hij verblijft, de gestelde diagnose, zijn therapie, het gebrek aan een (passend) behandeldoel en de medicatie. Klacht deels kennelijk niet-ontvankelijk en deels kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:123 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3485
- Datum publicatie: 03-10-2022
- Datum uitspraak: 30-09-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:123
Klacht tegen psychiater. Beklaagde is de behandelend psychiater op de behandelafdeling van de tbs-kliniek waar klager verblijft. Klager klaagt onder meer over de afdeling waar hij verblijft, de gestelde diagnose, zijn therapie, het gebrek aan een (passend) behandeldoel en de medicatie. Klacht deels kennelijk niet-ontvankelijk en deels kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:124 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2022/3788
- Datum publicatie: 03-10-2022
- Datum uitspraak: 03-10-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:124
Klacht tegen huisarts. Klaagster is twee maal met buikklachten bij beklaagde geweest. Beklaagde heeft urineonderzoek, bloedonderzoek en een echografie onderbuik aangevraagd. Er kwamen geen afwijkingen aan het licht. Na enkele weken waren de klachten verminderd en werd besloten tot afwachtend beleid. Bij het tweede consult had klaagster last van de maag en van misselijkheid. Tijdens het tweede consult bleek dat klaagster drie weken ibuprofen had gebruikt. Toen adviseerde beklaagde daarmee te stoppen. Maanden nadien kwam patiënte bij een collega-huisarts op de praktijk met een toegenomen buikomvang. Na onderzoek werd de diagnose peritonitis carcinomatosis gesteld, uitgaande van het ovarium. Klaagster meent dat beklaagde niet zorgvuldig heeft gehandeld. Dit zou klaagster een aanzienlijke tijd hebben gescheeld. Haar kansen op genezing zouden beter zijn geweest. Het college oordeelt echter dat de beklaagde adequaat onderzoek heeft ingesteld en geen alarmsignalen heeft gemist. Het uiteindelijke verloop van klaagsters gezondheidstoestand bewijst niet dat beklaagde fout heeft gehandeld. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:125 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3841
- Datum publicatie: 03-10-2022
- Datum uitspraak: 23-09-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:125
Klacht tegen psychiatrisch verpleegkundige. Klaagster verwijt de verpleegkundige dat hij haar bij beide schouders heeft vastgepakt, terwijl zij hem al meerdere keren had gezegd dat zij zijn – goedbedoelde – aanrakingen niet op prijs stelde. Verschillende lezing van de feiten. Het college constateert dat slechts kan worden vastgesteld dat dat beklaagde klaagster kort en met goede bedoelingen heeft aangeraakt toen zij overstuur was. Dit is niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:126 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3703
- Datum publicatie: 03-10-2022
- Datum uitspraak: 23-09-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:126
Klacht tegen coördinerend wijkverpleegkundige. De thuiszorginstelling waarvoor beklaagde werkzaam is, heeft de zorg aan klager stopgezet wegens een langdurig verstoorde cliënt-zorgrelatie. Klager verwijt beklaagde dat hij door haar toedoen eenzijdig uit zorg is gezet. Volgens klager heeft beklaagde hem valselijk beschuldigd van bedreiging van zorgmedewerkers. Hij verwijt beklaagde dat zij niet heeft gezorgd voor continuering van de zorg en dat zij niet aan haar wettelijke zorgplicht heeft voldaan. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:127 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3701
- Datum publicatie: 03-10-2022
- Datum uitspraak: 23-09-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:127
Klacht tegen verpleegkundige/manager wijkverpleging. De thuiszorginstelling waarvoor beklaagde werkzaam is, heeft de zorg aan klager stopgezet wegens een langdurig verstoorde cliënt-zorgrelatie. Klager verwijt beklaagde dat hij door haar toedoen eenzijdig uit zorg is gezet. Volgens klager heeft beklaagde hem valselijk beschuldigd van bedreiging van zorgmedewerkers. Hij verwijt beklaagde dat zij niet heeft gezorgd voor continuering van de zorg en dat zij niet aan haar wettelijke zorgplicht heeft voldaan. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:128 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2022/4924
- Datum publicatie: 11-10-2022
- Datum uitspraak: 10-10-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:128
Klacht tegen (destijds) tandarts, inhoudende dat hij misbruik heeft gemaakt van de omstandigheden om toestemming te krijgen tot het afstaan van de gouden kroon en hij deze zich onrechtmatig heeft toegeëigend. Het college oordeelt dat niet objectief kan worden vastgesteld dat beklaagde al of niet toestemming heeft gevraagd om de kroon aan een goed doel te besteden. Voorts blijkt nergens uit dat beklaagde de kroon zich onrechtmatig heeft toegeëigend. De klacht is kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:129 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3760
- Datum publicatie: 11-10-2022
- Datum uitspraak: 10-10-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:129
Klacht tegen (destijds) kaakchirurg in opleiding, inhoudende dat hij misbruik heeft gemaakt van de omstandigheden om toestemming te krijgen tot het afstaan van de gouden kroon en hij deze zich onrechtmatig heeft toegeëigend. Het college oordeelt dat niet objectief kan worden vastgesteld dat beklaagde al of niet toestemming heeft gevraagd om de kroon aan een goed doel te besteden. Voorts blijkt nergens uit dat beklaagde de kroon zich onrechtmatig heeft toegeëigend. De klacht is kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:13 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3268
- Datum publicatie: 24-01-2022
- Datum uitspraak: 20-01-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:13
Klacht tegen huisarts. Beklaagde betwist bij de in het geding zijnde behandeling betrokken te zijn geweest. Het college kan op grond van dossier noch anderszins vaststellen dat dit wel het geval is gewest. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:130 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/0005-Z2021/2231
- Datum publicatie: 11-10-2022
- Datum uitspraak: 10-10-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:130
Klacht tegen psychiater ongegrond. De klacht gaat over een rapportage waar de psychiater aan meegewerkt heeft. Klager is onderzocht en wilde niet meewerken. Er is een rapportage uitgebracht. Klager vindt dat de rapportage niet goed is opgesteld en de psychiater daarbij niet volgens de richtlijnen heeft gehandeld. Het college verklaart de klacht ongegrond. De psychiater heeft zorgvuldig gehandeld tijdens het onderzoek en de rapportage voldoet wel aan de eisen die daaraan worden gesteld.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:131 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2022/4190
- Datum publicatie: 11-10-2022
- Datum uitspraak: 10-10-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:131
Klacht tegen tandarts over onzorgvuldige voorbereiding en uitvoering van een behandeling (beetverhoging door het aanbrengen van zeven meervlaksvullingen), onvoldoende informatieverstrekking, gebrek aan medewerking bij bemiddelingsprocedure KNMT en onjuiste declaratie. Het college acht de klachtonderdelen over de voorbereiding en uitvoering van de behandeling, informatieverstrekking en declaratie gegrond en legt een berisping op.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:132 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 177/2020-Z2021/2227
- Datum publicatie: 11-10-2022
- Datum uitspraak: 10-10-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:132
Klacht tegen GZ-psycholoog ongegrond. De klacht gaat over een rapportage waar de GZ-psycholoog aan meegewerkt heeft. Klager is onderzocht en wilde daar niet aan meewerken. Er is een rapportage uitgebracht. Klager vindt dat de rapportage niet goed is opgesteld en de GZ-psycholoog daarbij niet volgens de richtlijnen heeft gehandeld. Het college verklaart de klacht ongegrond. De GZ-psycholoog heeft zorgvuldig gehandeld tijden
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:133 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2022/4234
- Datum publicatie: 03-10-2022
- Datum uitspraak: 30-09-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:133
Klacht tegen huisarts. Klager, bekend met onder meer een bipolaire stoornis, is in de jaren 2013 en 2014 behandeld door de aangeklaagde huisarts. Hij verwijt de huisarts onder andere – kort samengevat – dat hij klager niet op tijd heeft doorverwezen naar een medisch specialist, niet op tijd de juiste medicatie heeft voorgeschreven, klager onheus heeft bejegend tijdens een of meer spreekuurcontacten en klager onnodig vaak liet langskomen. Het college ziet geen aanknopingspunten voor de verwijten in het dossier en verklaart de klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:134 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3409
- Datum publicatie: 18-10-2022
- Datum uitspraak: 18-10-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:134
Klacht tegen huisarts m.b.t. nalatig handelen en laks omgaan met achteraf gebleken ernstige situatie. Huisarts had dienst op de hap. Patiënt is overleden. Huisarts heeft gehandeld conform de NHG-standaard ‘Duizeligheid’ en heeft belafspraak gemaakt voor de volgende dag. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:135 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2022/3837
- Datum publicatie: 18-10-2022
- Datum uitspraak: 18-10-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:135
Klacht tegen huisarts. Huisarts ziet kind van twee met oorontsteking. Na onderzoek bespreekt de huisarts met de ouders dat nut antibioticum op dat moment twijfelachtig was omdat het beeld van de oren verbeterde. Ouders akkoord met afwachtend beleid. De huisarts spreekt af dat ouders bij aanhoudende koorts morgen opnieuw contact opnemen voor antibioticum. De alarmsignalen zijn besproken. De volgende dag melden de ouders zich weer. Het kind wordt naar het ziekenhuis verwezen. Bij opname wordt een Hb gehalte geconstateerd van 2.0. Ouders klagen dat de huisarts de dag ervoor alarmsignalen heeft gemist. Het college oordeelt dat de huisarts het kind goed heeft onderzocht, overeenkomstig de NHG-richtlijn Kinderen met koorts. Er zijn geen feitelijke aanwijzingen dat de huisarts alarmsignalen over het hoofd heeft gezien. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:136 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3705
- Datum publicatie: 27-10-2022
- Datum uitspraak: 25-10-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:136
Beklaagde heeft bij klaagster een kies verwijderd. Door een collega van beklaagde is vervolgens een implantaat geplaatst. Bij de beoordeling van het implantaat wordt een deukje in het tandvlees geconstateerd en de collega van beklaagde heeft aangegeven dat dit kon worden verholpen door de Roll-methode techniek. Klaagster heeft toestemming voor deze operatie gegeven. Tijdens de behandeling, die werd uitgevoerd door beklaagde, bleek dat het weefsel te dun was voor de beoogde Roll-methode en werd een palatinale graft uitgevoerd. Klaagster verwijt beklaagde dat zij de kies heeft verwijderd zonder diagnose, het implantaat niet correct heeft geplaatst, de operatie waarbij een palatinale graft werd uitgevoerd heeft uitgevoerd zonder “informed consent” en dat zij deze operatie ook niet correct heeft uitgevoerd. Klachten ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:137 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3704
- Datum publicatie: 27-10-2022
- Datum uitspraak: 25-10-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:137
Beklaagde heeft een implantaat geplaatst na verwijdering van een kies door een collega van beklaagde. Na de operatie wordt het implantaat beoordeeld door beklaagde en wordt een deukje in het tandvlees geconstateerd. Beklaagde heeft aangegeven dat dit kon worden verholpen door middel van een operatie waar gebruik zou worden gemaakt van de Roll-methode techniek. Klaagster heeft toestemming voor deze operatie gegeven. Tijdens de behandeling, die werd uitgevoerd door een collega van beklaagde, bleek dat het weefsel te dun was voor de beoogde Roll-methode en werd een palatinale graft uitgevoerd.Klaagster verwijt beklaagde dat het implantaat niet correct is geplaatst, dat geen sprake was van informed consent voor het gewijzigde plan van aanpak en dat de operatie waarbij het deukje in het tandvlees zou worden verholpen niet correct is uitgevoerd. Klachten ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:138 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3656
- Datum publicatie: 27-10-2022
- Datum uitspraak: 25-10-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:138
Klacht tegen een tandarts. Klaagster is een aantal jaren patiënt geweest bij de tandarts en verwijt hem – kort samengevat – dat hij onvoldoende röntgenfoto’s heeft gemaakt, waardoor hij te laat gaatjes constateerde. Ook zou de tandarts ten onrechte solo-foto’s hebben gemaakt in plaats van bitewings, een wortelkanaalbehandeling onvoldoende hebben voorbereid, te weinig aandacht hebben besteed aan klaagsters tandvlees en pijnklachten aan een element onvoldoende hebben onderzocht. Voorts heeft de tandarts volgens klaagster haar ten onrechte niet verwezen naar een endodontoloog, heeft zijn echtgenote kaagster onheus bejegend en heeft de tandarts het medisch dossier vermoedelijk achteraf aangepast. Het college ziet geen aanknopingspunten voor de verwijten en verklaart de klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:139 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3586
- Datum publicatie: 27-10-2022
- Datum uitspraak: 25-10-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:139
Klacht tegen tandarts. Klager verwijt beklaagde dat hij geen goede zorg heeft geboden en klager aan zijn lot heeft overgelaten. Klager is met tandvleesklachten bij beklaagde geweest, maar deze is niet in staat de werkelijke oorzaak daarvan te achterhalen. Klager is verwezen naar een mondhygiënist en naar de kaakchirurg, waarbij aan hem adviezen zijn gegeven en iets is voorgeschreven om ontstekingen tegen te gaan, maar er is geen juiste diagnose gesteld. Het probleem is niet opgelost. Klager wenst te worden onderzocht door een arts die is gelieerd aan het tuchtcollege. De verwijten die klager beklaagde maakt kunnen niet worden vastgesteld. Niet is gebleken dat beklaagde klager geen goede zorg heeft geboden of aan zijn lot heeft overgelaten. Aan klagers wens te worden onderzocht door een arts die is gelieerd aan het tuchtcollege, kan het college niet voldoen, nu dit niet de wettelijke taak van het tuchtcollege is. Klacht als geheel kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:14 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 207/2020
- Datum publicatie: 31-01-2022
- Datum uitspraak: 26-01-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:14
Klager verwijt beklaagde onzorgvuldig handelen en het op onjuiste wijze plaatsen van een stand. Ook zou beklaagde niet de zorg hebben verleend zoals dat van een zorgvuldig handelend cardioloog verwacht mag worden. Het college oordeelt dat van onzorgvuldig handelen geen sprake is, nu het niet kan uitmaken of er een persoonsverwisseling heeft plaatsgevonden. Het college acht de handelwijze van beklaagde met betrekking tot het plaatsen van een stand verdedigbaar, daar beklaagde onderzoek heeft verricht naar klager. Klager gaf geen blijk van enige contra-indicatie en dit volgende ook niet uit de verwijsbrief van het verwijzend ziekenhuis. De behandeling via de lies is eveneens ongecompliceerd verlopen en klager heeft het ziekenhuis in goede conditie verlaten. Op grond daarvan bestaan er geen feiten of omstandigheden waaruit onzorgvuldig handelen van beklaagde zou blijken. Beklaagde heeft voorts gehandeld zoals van een redelijk en bekwame cardioloog verwacht mag worden. Klacht ongegrond.
- Pagina: 1
- Pagina: 2
- ...
- Pagina: 4
- Volgende pagina zoekresultaten