Zoekresultaten 51-100 van de 46800 resultaten

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2012:YE0045 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV 0812

    In periode 3 van 2010 en in periode 2 van 2011 geen of te weinig bloedmonsters laten onderzoeken op vesiculaire varkensziekte en ziekte van Aujeszky. Vanaf september 2009 wordt door het PVV nauwgezet de hand gehouden aan de monitoringsplicht voor vesiculaire varkensziekte (SVD) en de Ziekte van Aujeszky (ZvA). De exportbelangen voor de Nederlandse varkenshouderij en de daarvan afgeleide belangen voor de binnenlandse markt zijn zeer groot. Daarom dient correcte naleving van de monitoringsplicht plaats te vinden. Op basis daarvan komt het Tuchtgerecht tot een hoge standaard boete, van € 1.000 per geconstateerde overtreding. De geldboete wordt in deze zaak deels voorwaardelijk opgelegd.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2012:YE0044 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV0512

    Twee maal als B-bedrijf aan meer dan zes D-bedrijven varkens afvoeren binnen een periode van zes weken en eenmaal als B-bedrijf leveren aan een ander dan het F-bedrijf waarmee het bedrijf een vaste relatie heeft. Door varkens aan- of af te voeren in strijd met de voorschriften van de verordening is risico van verspreiding van besmettelijke dierziekten vergroot. Daarmee is een gevaar voor de hele varkenssector in Nederland ontstaan. Het feit dat betrokkene niet wist dat hij ontheffing kon vragen bij het Productschap doet niet af aan het feit dat betrokkene verantwoordelijk is voor de bedrijfsvoering op zijn onderneming en de regelgeving dus dient te kennen. Er wordt een geldboete opgelegd, deels voorwaardelijk.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2012:YE0043 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV0412

    Drie keer als B-bedrijf aan meer dan zes D-bedrijven varkens afvoeren binnen een periode van zes weken, en één keer zonder aangevraagd transportdocument afvoeren van varkens. De problemen ontstonden doordat er in het najaar van 2011 problemen waren met de afzet van de biggen. Betrokkene wist niet dat men in dat soort gevallen contact konden opnemen met het Productschap voor een ontheffing. Aan betrokkenen wordt een geldboete opgelegd. Het Tuchtgerecht houdt bij het bepalen van de hoogte van de boete rekening met de relatief geringe omvang van het bedrijf (330 zeugen), met de bijzondere situatie van betrokkene en met de maatregelen die betrokkene al heeft genomen om herhaling in de toekomst te voorkomen.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2012:YE0042 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV0312

    Het als B-bedrijf twee keer ongeoorloofd afvoeren van varkens naar een ander B-bedrijf. Het lijkt in deze zaak te gaan om een administratieve fout bij het bedrijf van bestemming. Dat is overgeschakeld naar vleesvarkens. Daarbij is de statuswijziging van B naar D te laat geregeld. Na de brief van het Productschap heeft betrokkene direct actie ondernomen en is de status van het bedrijf van bestemming alsnog gewijzigd. De diergezondheidsrisico’s bij de ongeoorloofde leveringen zijn beperkt gebleven. Mede gelet daarop legt het Tuchtgerecht voor beide overtredingen eenmaal de standaard sanctie op met een groter voorwaardelijk deel dan gebruikelijk.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2012:YE0041 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV0212

    Twee keer als B-bedrijf aan meer dan zes D-bedrijven varkens afvoeren binnen een periode van zes weken, alsmede als B-bedrijf aan meer dan twaalf D-bedrijven afvoeren in een periode van vier maanden. De overtredingen waren het gevolg van de beperkte afvoermogelijkheden door de verminderde vraag op de markt, in de startfase nadat de klant was overgenomen van een andere handelaar. Over de oplossing die betrokkene heeft gekozen – de keuze voor een extra afvoeradres – oordeelt het Tuchtgerecht dat in plaats van deze afweging te maken, betrokkene contact had kunnen opnemen met het Productschap voor de mogelijkheden van een tijdelijke ontheffing. Dat heeft hij nagelaten. Het probleem lijkt nu te zijn opgelost door het werken met een vaste afnemer. Het Tuchtgerecht legt de standaard sanctie op, deels voorwaardelijk.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2012:YE0040 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV0112

    Twee keer als D-bedrijf aanvoeren van varkens van meer dan zes bedrijven binnen een periode van zestien weken. Een leverancier vroeg om hulp, zijn stallen waren vol en hij zat omhoog met een partij biggen. Het Tuchtgerecht oordeelt dat, hoezeer het ook sympathiek is om een ander te helpen, dit niet gepaard mag gaan met gezondheidsrisico’s voor dieren en daarmee voor de gehele sector. Het verweer dat de partij biggen van 19 december 2010 maar kort op het bedrijf is geweest, houdt geen stand; het gaat om de contactmomenten, in dit geval het aantal aanvoeren binnen 16 weken, waarbij het grootste risico wordt gelopen juist op het moment dat er nieuwe varkens binnenkomen. De duur van de aanhoudperiode speelt geen rol. Het Tuchtgerecht legt de standaard sanctie op, deels voorwaardelijk.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2012:YE0038 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV1011

    Iedere be- of verwerker van kalveren, en iedere ondernemer die kalveren houdt, behoort te voldoen aan de onderzoeksplicht inzake kritische stoffen. De afnemer van kalveren behoort zekerheid te kunnen inwinnen (via inzage) aangaande de monitoring kritische stoffen bij de hem geleverde dieren. Het niet naleven van de verordening, in casu de monitoring, kan leiden tot imagoschade in Nederland en in andere afzetlanden of in het uiterste geval tot het op de markt brengen van vlees met kritische stoffen. Daarom is een hoge standaardboete op zijn plaats. Betrokkene stelt dat hij niet onder de verordening valt omdat hij geen kalveren houdt omdat hij zijn jonge runderen na de leeftijd van 8 maanden niet mag leveren als kalfsvlees. Het Tuchtgerecht oordeelt dat uit de tekst of uit de toelichting bij de verordening nergens blijkt dat de monitoringsplicht uitsluitend zou zien op runderen met een leeftijd van één tot acht maanden. Aangenomen mag worden dat het Productschap zich met de verordening heeft gericht tot alle ondernemers in de gehele kalfsvleesproductiesector met dieren tot twaalf maanden. Ook betrokkene valt dus gewoon onder de werking van de Verordening. Betrokkene heeft tevens aangevoerd dat hij geen gebruik wenst te maken van SKV omdat hij meent dat SKV geen onafhankelijke controle-organisatie is en het door het productschap geboden alternatief geen soelaas biedt of duurder is. Het Tuchtgerecht is van oordeel dat betrokkene geen feiten en omstandigheden heeft aangevoerd waaruit blijkt dat SKV niet aan de maatstaf van onafhankelijkheid voldoet. Betrokkene heeft ondernemerskeuze door welke controle-organisatie hij wil laten monitoren. Of hij zich daarbij laat leiden door de tariefstelling van de controle-organisatie, of door andere aspecten is niet relevant. Het Tuchtgerecht treedt niet in de tariefstelling van de monitoring. Geconstateerd is dat in 2010 en in 2011 kalveren zijn afgevoerd van de twee bedrijven van betrokkene zonder dat deze waren onderzocht op afwezigheid van kritische stoffen. Het Tuchtgerecht legt voor de gecombineerde feiten een geldboete op; gelet op het feit dat de ondernemer duidelijkheid wenste over enkele voor hem onduidelijke aspecten van de verordening en overige omstandigheden van het geval, geheel voorwaardelijk.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2012:YE0037 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV0911

    Betrokkene werd verweten in twee van de drie periodes in 2010 geen dan wel onvoldoende bloedmonsters ten behoeve van SVD en ZvA te hebben genomen. In zijn brief gedateerd 22 december 2011 geeft het Productschap aan dat bij het nader in ogenschouw nemen van de feiten is gebleken dat door betrokkene zowel in 2010 als in 2011 het totale aantal vereiste bloedmonsters is genomen c.q. onderzocht. Het Productschap verzoekt de zaak te beëindigen, het Tuchtgerecht spreekt betrokkene vrij.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2012:1 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV0612

    Het Tuchtgerecht heeft op 18 juni 2012 een tussenuitspraak gedaan en duidelijkheid verzocht over welk bedrijf verantwoordelijk gehouden moet worden voor de verweten gedragingen. Op 19 juli 2012 heeft het Productschap een brief met nadere informatie aan het Tuchtgerecht gezonden. Een afschrift van deze brief is aan betrokkene gezonden en aan hem is vier weken de tijd gegeven om te reageren op de bevindingen van het Productschap. Betrokkene heeft van deze mogelijkheid geen gebruik gemaakt. Het Tuchtgerecht heeft op 6 september 2012 uitspraak gedaan. De zaak betreft het ongeoorloofd als D-bedrijf varkens afgevoerd naar andere varkenshouderijbedrijven, en het vervoeren van varkens zonder dat een aanvraag voor een transportdocument was ingediend. Tevens het ongeoorloofd afvoeren van varkens als B-bedrijf naar een ander varkenshouderijbedrijf. Het betreft vier afzonderlijke overtredingen. Het verweer van betrokkene dat niet het ene bedrijf op zijn naam maar een ander ten tijde van de overtredingen verantwoordelijk was voor de exploitatie, treft naar oordeel van het Tuchtgerecht geen doel. De UBN-houder is verantwoordelijk en dat was op dat moment betrokkene, zijnde de B.V. waarvan blijkens de informatie van het Productschap het UBN nog steeds gekoppeld is aan die B.V. op de betreffende locatie. Ondernemer dient zelf eventuele wijzigingen in eigendom en/of tenaamstelling bekend te maken bij de Dienst Regelingen en bij het Productschap. De reden daarvoor is onder meer dat het bij uitbraken van dierziekten snel duidelijk moet zijn welke varkens waar zitten en wie er als verantwoordelijke moet worden aangesproken.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2011:YE0039 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV1411

    Twee keer in strijd met de VVL als D-bedrijf varkens afgevoerd. Het overgaan van de D- naar de B-status is in dit geval bijzonder onduidelijk verlopen. Dit had te maken met het ontbreken van het huisnummer. Betrokkenen hebben zeven maal telefonisch contact gezocht met het Productschap, wat wordt gestaafd door een overzicht telefooncontacten. Van het Productschap had een meer proactieve houding verwacht mogen worden. Rekening houdend met de bijzondere omstandigheden van het geval, met het feit dat de verhuizing nu op orde is en met het feit dat het bedrijf nu de B-status heeft, legt het Tuchtgerecht de geldboete geheel voorwaardelijk op.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2011:YE0036 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV1311

    B-bedrijf heeft vaker dan eenmaal binnen twaalf maanden van adres voor de aanvoer van vrouwelijke varkens gewisseld, twee maal. Betrokkene voert aan niet bekend te zijn geweest met de verplichting om het wisselen van aanvoeradres te melden. Het Tuchtgerecht oordeelt dat de ondernemer verantwoordelijk is voor de juiste naleving van de verordening, ook als de aanvoer van biggen wordt geregeld door een handelaar. De Nederlandse leverancier had nog geen gelten op leeftijd, dus heeft betrokkene tussendoor een keer rechtstreeks uit Denemarken betrokken. Het Tuchtgerecht oordeelt dat elke aanvoer op het bedrijf meetelt. Ook bij invoer uit buitenland is er een risico. De verordening stelt dat het niet verboden is om varkens vanuit het buitenland te importeren. Maar die import telt wél mee in het aantal contactmomenten. En daarbij geldt dus dat een B-bedrijf één maal per 12 maanden van aanvoerbedrijf mag wisselen. Tenslotte verwijt het Tuchtgerecht betrokkene dat hij de waarschuwingsbrief van het Productschap niet gezien zou hebben. Zo’n brief moet alarmbellen laten rinkelen, maar toch is er daarna op 29 juli toch weer een transport gekomen. Geldboete, deels voorwaardelijk.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2011:YE0035 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV1211

    Betreft het twee keer als D-bedrijf aanvoeren van varkens van meer dan zes bedrijven binnen een periode van zestien weken. Beide keren was dit echter van hetzelfde bedrijf, dus er is sprake van één overtreding. Door varkens aan- of af te voeren in strijd met de voorschriften van de verordening is risico van verspreiding van besmettelijke dierziekten vergroot. Daarmee is een gevaar voor de hele varkenssector in Nederland ontstaan. Door het te laat melden van de levering van 24 juni heeft betrokkene nagelaten om tijdig aan zijn meldplicht te voldoen. Daar zat 17 dagen tussen en dat wordt hem aangerekend, het moet binnen 3 werkdagen. Nu kon het Productschap pas na de melding zien wat er aangevoerd was, maar die waarschuwing bereikte betrokkene pas na de levering van 5 juli. Die laatste aanvoer had dus niet hoeven en mogen plaatsvinden. Het Tuchtgerecht tilt daar zwaar aan. Betrokkene stelt verder dat de “balk” op het transportdocument niet duidelijk staat. Het Tuchtgerecht oordeelt echter dat deze "balk" alleen de mededeling is, dat áls het transport doorgang vindt, er dan een overtreding plaats vindt. Het is louter een constatering, geen waarschuwing. Betrokkene dient de werkprocessen binnen zijn bedrijf zodanig vorm en inhoud te geven dat correcte naleving van de verordening steeds mogelijk is. Nu krijgt hij de papieren pas bij het lossen en laat ze vervolgens ook nog even in de stal liggen. Zo neemt betrokkene het risico dat een ongeoorloofd transport kan plaats vinden. Geldboete, deels voorwaardelijk.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2011:YE0034 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV1111

    Betreft het drie keer als B-bedrijf aan meer dan zes D-bedrijven afvoeren van varkens binnen een periode van zes weken. De tweede en derde levering vonden plaats naar hetzelfde bedrijf en tellen dus samen als één overtreding. Volgens artikel 13 van de verordening mogen B-bedrijven in een periode van zes weken naar ten hoogste zes D-bedrijven varkens afvoeren, of in een periode van vier maanden naar ten hoogste twaalf D-bedrijven. Ter zitting heeft betrokkene aangevoerd dat hij de "balk" op het transportdocument niet heeft gezien. Hij legt die bonnen gewoon bij de boekhouding en vindt de “balk” onduidelijk. Hij gaf tevens aan dat de brief van het Productschap kwam toen het kwaad al was geschied en verklaarde tenslotte dat hij klem zat omdat hij zijn vaste mester kwijtraakte. Op dat moment lag de stal vol met beren en in een moeilijke markt moest hij de dieren verkopen. Waar hij kon heeft betrokkene toen de biggen verkocht, hij moest ze kwijt. Het Tuchtgerecht verwerpt alle punten. Door de transportdocumenten ongezien op te bergen in de administratie neemt betrokkene het risico dat een ongeoorloofd transport kan plaats vinden. Hij dient de werkprocessen binnen zijn bedrijf zodanig vorm en inhoud te geven dat correcte naleving van de verordening steeds mogelijk is. De brief van het Productschap kwam na het transport van 27 juli en op de dag van het transport van 28 juli, maar ook daarna is er op 2 augustus 2011 nog een transport geweest. Tot slot begrijpt het Tuchtgerecht de moeilijkheden met teveel dieren op stal, maar betrokkene had daartoe contact kunnen opnemen met het Productschap. Er zijn mogelijkheden tot ontheffing in speciale omstandigheden. Er wordt een geldboete opgelegd, deels voorwaardelijk.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2011:YE0033 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV 0811

    Zaak betreft het twee maal nalaten van bloedmonstername ten behoeve van onderzoek naar vesiculaire varkensziekte en de Ziekte van Aujeszky in de periodes mei tot en met augustus 2010 en september tot en met december 2010; twee overtredingen van artikel 2, lid 2 van de Verordening monitoring vesiculaire varkensziekte (PVV) 2009. Vanaf september 2009 wordt door het PVV nauwgezet de hand gehouden aan de monitoringsplicht voor vesiculaire varkensziekte en de Ziekte van Aujeszky. In diverse publicaties van het PVV alsmede in de vakbladen is diverse malen aangegeven dat het PVV prioriteit zal geven aan de controle op de naleving van de desbetreffende verordeningen. Vanaf begin 2010 is het PVV handhavend gaan optreden. Voor zowel SVD als ZvA geldt dat de fase van de verplichte vaccinatie is gevolgd door de status van officieel ziektevrij zijn. Thans geldt een verbod op het houden van varkens die niet vrij zijn van SVD of drager zijn van het ZvA-virus, dan wel gevaccineerd zijn tegen deze ziekten. Voor het buitenland dient Nederland zichtbaar te kunnen maken dat het de status van ziekte-vrij zijn, verdient. Zonder monitoring kan de officiële ziekte-vrij status niet worden verkregen en behouden. De verboden worden daarom ondersteund door een verplichting tot monitoring naar de aanwezigheid van voormelde dierziekten. De exportbelangen voor de Nederlandse varkenshouderij en de daarvan afgeleide belangen voor de binnenlandse markt zijn dermate groot dat correcte naleving van de monitoringsplicht plaats dient te vinden. Op basis van voormelde overwegingen komt het Tuchtgerecht in beginsel tot een hoge standaard boete van € 1.000 per geconstateerde overtreding. De monitoringsplicht rust op de varkenshouder. Betrokkene toont zich hiervan bewust. Het lijkt erop dat de overtredingen mede het gevolg zijn van een communicatieprobleem bij de slachterij, die deels buiten de macht van betrokkene ligt, maar die hem wel wordt aangerekend. Betrokkene heeft zich deze les aangetrokken. Het Tuchtgerecht houdt hier in de strafmaat rekening mee, evenals met het feit dat betrokkene een bedrijf heeft van relatief kleine omvang en dat aan betrokkene niet eerder een tuchtrechtelijke maatregel is opgelegd.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2011:YE0032 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV0711

    Zaak betreft het nalaten van bloedmonstername ten behoeve van onderzoek naar vesiculaire varkensziekte (SVD) en de Ziekte van Aujeszky ZvA) in de periodes mei tot en met augustus 2010 en september tot en met december 2010. Vanaf september 2009 wordt door het PVV nauwgezet de hand gehouden aan de monitoringsplicht voor vesiculaire varkensziekte en de Ziekte van Aujeszky. In diverse publicaties van het PVV alsmede in de vakbladen is diverse malen aangegeven dat het PVV prioriteit zal geven aan de controle op de naleving van de desbetreffende verordeningen. Vanaf begin 2010 is het PVV handhavend gaan optreden. Voor zowel SVD als ZvA geldt dat de fase van de verplichte vaccinatie is gevolgd door de status van officieel ziektevrij zijn. Thans geldt een verbod op het houden van varkens die niet vrij zijn van SVD of drager zijn van het ZvA-virus, dan wel gevaccineerd zijn tegen deze ziekten. Voor het buitenland dient Nederland zichtbaar te kunnen maken dat het de status van ziekte-vrij zijn, verdient. Zonder monitoring kan de officiële ziekte-vrij status niet worden verkregen en behouden. De verboden worden daarom ondersteund door een verplichting tot monitoring naar de aanwezigheid van voormelde dierziekten. De exportbelangen voor de Nederlandse varkenshouderij en de daarvan afgeleide belangen voor de binnenlandse markt zijn dermate groot dat correcte naleving van de monitoringsplicht plaats dient te vinden. Op basis van voormelde overwegingen komt het Tuchtgerecht in beginsel tot een hoge standaard boete van € 1.000 per geconstateerde overtreding. Betrokkene heeft, zo is ter zitting komen vast te staan, twee overtredingen begaan. Sanctie: een geldboete, rekening houdend met het feit dat betrokkene een bedrijf heeft van geringe omvang en deels voorwaardelijk omdat aan betrokkene niet eerder een tuchtrechtelijke maatregel is opgelegd.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2011:YE0031 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV0611

    Het negen keer als B-bedrijf aan meer dan zes D-bedrijven afvoeren van varkens binnen een periode van zes weken en aan meer dan twaalf D-bedrijven in vier maanden. De eerste zeven overtredingen zijn begaan vóór ontvangst van de waarschuwingsbrief van het PVV en worden niet aan betrokkene toegerekend. De overtredingen begaan op 8 en 15 oktober 2010 worden betrokkene wel aangerekend. Die waren het gevolg van de handelwijze van de handelaar die destijds de afvoer van de varkens voor betrokkene regelde. Dat doet niet af aan de verantwoordelijkheid van betrokkene zelf. Door echter naar aanleiding daarvan een andere handelaar in de arm te nemen, heeft betrokkene zich naar het oordeel van het Tuchtgerecht een zorgvuldig handelend ondernemer getoond en wordt de sanctie grotendeels voorwaardelijk opgelegd.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2011:YE0030 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV0511

    B-bedrijf heeft twee keer aan meer dan zes D-bedrijven varkens afgevoerd binnen een periode van zes weken. Alleen de overtreding begaan ná een waarschuwingsbrief van het PVV wordt betrokkene door het Tuchtgerecht aangerekend. Ter zitting heeft betrokkene aangevoerd dat hij de "balk" op het transportdocument in een (te) laat stadium constateerde, namelijk eerst nadat de biggen geladen waren en dat het niet doenlijk is om de biggen dan nog "terug" te halen. Betrokkene heeft toegelicht dat hij in de stal wacht op de komst van de transporteur en, zodra de transportwagen gearriveerd is, de af te leveren biggen, vanuit een voorsorteerruimte, het voertuig indrijft, zonder hulp van derden. Eerst daarna ontvangt betrokkene van de chauffeur het transportdocument. Het Tuchtgerecht is van oordeel dat betrokkene met de geschetste handelswijze het risico neemt dat een ongeoorloofd transport zal plaats vinden. Betrokkene dient de werkprocessen binnen zijn bedrijf zodanig vorm en inhoud te geven dat correcte naleving van de verordening steeds mogelijk is.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2011:YE0029 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV0411

    Betrokkene leverde drie keer biggen van het ene B-bedrijf aan het andere B-bedrijf. Daarbij was geen sprake van één van de uitzonderingssituaties van de artikelen 10 en 13 van de Verordening. Beide bedrijven waren van betrokkene en inmiddels heeft een daarvan een D-status, zodat aflevering aan dat bedrijf sindsdien is toegestaan. De overtredingen vonden plaats in de overgangsperiode. De twee overtredingen begaan ná de waarschuwingsbrief van het PVV worden door het Tuchtgerecht aan betrokkene toegerekend. Aangezien de leveringen binnen het bedrijf van betrokkene plaatsvonden, zijn de diergezondheidsrisico’s bij de ongeoorloofde leveringen beperkt gebleven. Sanctie mede daarom grotendeels voorwaardelijk.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2011:YE0028 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV0311

    Vast is komen te staan dat door het B-bedrijf zes keer aan meer dan zes D-bedrijven varkens zijn afgevoerd binnen een periode van zes weken. De waarschuwingsbrief van het PVV is verstuurd nadat de eerste vijf overtredingen waren begaan; deze overtredingen rekent het Tuchtgerecht betrokkene daarom niet aan. De zesde overtreding is zes weken na de brief begaan en deze wordt betrokkene wel aangerekend. Ten aanzien van het verwijt dat betrokkene varkens heeft afgeleverd, zonder dat dit is gemeld bij het meldingsbureau en zonder een transportdocument te hebben aangevraagd, spreekt het Tuchtgerecht betrokkene vrij. Ter zitting werd vastgesteld dat het een niet gereden transport betrof.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2011:YE0027 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV0211

    Door specifieke regels met betrekking tot de aan- en afvoer van varkens wordt het risico van verspreiding van besmettelijke dierziekten in Nederland zoveel mogelijk beperkt. Afhankelijk van de veterinaire waarborgen heeft het varkenshouderijbedrijf een status, en daarmee een beperkt aantal aan- en afvoermogelijkheden. Varkenshouderij heeft twee keer als B-bedrijf aan meer dan zes D-bedrijven varkens afgevoerd binnen een periode van zes weken en als D-bedrijf aan meer dan twaalf D-bedrijven varkens afgevoerd in een periode van vier maanden. Door varkens aan- of af te voeren in strijd met de Verordening Varkensleveringen is het risico van verspreiding van besmettelijke dierziekten vergroot. Daarmee is een gevaar voor de hele varkenssector in Nederland ontstaan. Betrokkene had in de onderhavige gevallen, waarin de stal te vol raakte en afvoer noodzakelijk werd, contact met het PVV op kunnen nemen om de mogelijkheden van een tijdelijke ontheffing te bespreken. Dat heeft hij nagelaten.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2011:YE0026 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV0111

    Betrokkene is niet op de terechtzitting verschenen; zaak is bij verstek behandeld. Door specifieke regels met betrekking tot de aan- en afvoer van varkens wordt het risico van verspreiding van besmettelijke dierziekten in Nederland zoveel mogelijk beperkt. Afhankelijk van de veterinaire waarborgen heeft het varkenshouderijbedrijf een status, en daarmee een beperkt aantal aan- en afvoermogelijkheden. Varkenshouderij met B-status heeft aan meer dan zes D-bedrijven varkens afgevoerd binnen een periode van zes weken. Door varkens aan- of af te voeren in strijd met de Verordening Varkensleveringen is risico van verspreiding van besmettelijke dierziekten vergroot. Daarmee is een gevaar voor de hele varkenssector in Nederland ontstaan.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2010:YE0025 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV0610

    Varkensvermeerderingsbedrijf is door schaalvergroting in de problemen geraakt bij de afzet van varkens aan afmestbedrijven, en overtreedt daardoor de Verordening varkensleveringen (PVV) 2007. Deels voorwaardelijke geldboete.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2010:YE0024 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV2110

    B-bedrijf levert varkens aan ander B-bedrijf. Dat is in strijd met de Verordening varkensleveringen (PVV) 2007.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2010:YE0023 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV2010

    De UBN-houder, in casu betrokkene, is de normadressaat van de verordening. Een eventuele fout op het kantoor van de handelaar moet worden toegerekend aan de UBN-houder. De UBN-houder blijft onder alle omstandigheden verantwoordelijk voor de juiste naleving van de in de Verordening voorgeschreven contactstructuur.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2010:YE0022 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV1910

    De UBN-houder, in casu betrokkene, is de normadressaat van de verordening. Een eventuele fout op het kantoor van de handelaar moet worden toegerekend aan de UBN-houder. De UBN-houder blijft onder alle omstandigheden verantwoordelijk voor de juiste naleving van de in de Verordening voorgeschreven contactstructuur.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2010:YE0021 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV1810

    Twee overtredingen van de Verordening varkensleveringen (PVV) 2007 hebben plaats gevonden voorafgaand aan de waarschuwingsbrief van het PVV. Daarom geheel voorwaardelijke geldboete.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2010:YE0020 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV1710

    Het handelen door de handelaar komt voor rekening van betrokkene, ook al was hij daarvan niet op de hoogte. De beide overtredingen zijn in het onderhavige geval wel het gevolg van één verkeerde veronderstelling, namelijk dat de varkens nog niet waren afgevoerd.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2010:YE0019 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV1610

    Het aantal bedrijfslocaties, UBN’s, waaraan geleverd wordt, is bepalend voor het aantal contacten. Als varkens aan vier UBN’s worden geleverd, dan worden in het kader van de verordening vier leveringen geteld. De overtredingen zijn het gevolg van een inregelprobleem, waarbij bleek dat één afnemer meerdere UBN’s had.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2010:YE0018 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV1510

    Relatief klein B-bedrijf heeft afzetproblemen, omdat hij afhankelijk is van aanbod andere bedrijven in omgeving voor transporten. Afzetmogelijkheden en transportkosten hebben met ondernemersbeslissingen te maken. De factoren, die een bepaalde locatiekeuze voor het bedrijf teweeg brachten, kunnen aan verandering onderhevig zijn en behoren tot het ondernemersrisico.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2010:YE0017 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV1410

    B-bedrijf overschrijdt maximaal aantal varkensleveringen. De capaciteit van de vaste afnemer werd te beperkt door vertraging bij de nieuwbouw. Betrokkene is meer biggen gaan exporteren nadat bleek dat strijdig met de verordening varkens werden afgevoerd.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2010:YE0016 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV1310

    De afvoer van varkens wordt geregeld door de handelaar van betrokkene. Het handelen van de handelaar, met betrekking tot de afvoer van varkens komt evenwel voor rekening van betrokkene.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2010:YE0015 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV1210

    De aanvoer van biggen wordt geregeld door een handelaar. Deze handelt uit naam van betrokkene. Als de handelaar, al of niet tegen de afspraken met betrokkene in, in strijd handelt met de verordening, komt dat voor rekening van betrokkene.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2010:YE0014 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV1110

    De aanvoer van biggen wordt geregeld door een handelaar. Deze handelt uit naam van betrokkene. Als de handelaar, al of niet tegen de afspraken met betrokkene in, handelt in strijd met de verordening, komt dat voor rekening van betrokkene.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2010:YE0013 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV1010

    B-bedrijf wisselt van varkenshandelaar en komt in de problemen bij de afzet van varkens. Vier keer in strijd met de Verordening varkensleveringen (PVV) 2007 varkens afgeleverd. Een "inregelprobleem".

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2010:YE0012 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV0910

    Betrokkene heeft zijn vermeerderingsbedrijf uitgebreid en kreeg daardoor te maken met een capaciteitsprobleem bij zijn afnemers. Een "inregelprobleem" door onvoldoende voorbereiding op bedrijfsuitbreiding. Deels voorwaardelijke geldboete.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2010:YE0011 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV0810

    B-bedrijf heeft toegestane aantal afvoeren overschreden. In totaal zijn negen overtredingen begaan. Bij bedrijfsuitbreiding dient van te voeren een inventarisatie van de afzetmogelijkheden te worden gemaakt.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2010:YE0010 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV0210

    Overschrijding aanvoermogelijkheden op een B-bedrijf. Deels voorwaardelijke geldboete.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2010:YE0009 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV0310

    Ongeoorloofde afvoer van varkens van een A-bedrijf naar een C-bedrijf dat niet tot de cluster hoorde, waarnaar afvoer van varkens was toegestaan. Betrokkene had een tijdelijke ontheffing voor afvoer naar een ander C-bedrijf, maar liet twee transporten uitvoeren buiten de periode waarvoor de ontheffing was afgegeven.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2010:YE0008 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV0410

    Door statuswijziging varkenshouderij van A- naar B-status ontstaat een afvoerprobleem: in totaal vinden 18 ongeoorloofde afvoeren van varkens plaats. Geldboete.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2010:YE0007 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV0510

    Varkenstransport wordt door handelaar uitgevoerd, niet door varkenshouder. Varkenshouder krijgt de transportdocumenten eerst te zien als het transport al gereden is. Als het transport in strijd met de Verordening varkensleveringen (PVV) 2007 is uitgevoerd, komt dat voor rekening van de varkenshouder.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2010:YE0006 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV0710

    Ongeoorloofde afvoer varkens van een B-bedrijf. De varkensleveringen van het bedrijf van betrokkene worden door een handelaar uitgevoerd. De overtredingen worden betrokkene aangerekend.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2010:YE0005 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV0110

    Overschrijding maximaal aantal aanvoeradressen van varkens op een D-bedrijf. Drie overtredingen, waarvan twee nadat het Productschap Vee en Vlees een waarschuwingsbrief aan betrokkene had gestuurd ter zake van overtreding van de Verordening varkensleveringen. Twee geldboetes.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2010:YE0004 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer KHV0210

    Relatief kleine slachterij met gemiddeld meer dan 75 slachtingen per week onttrekt zich zonder legitieme reden herhaaldelijk aan de classificatieplicht van slachtrunderen, in verband met de hoge kosten. Ter zitting is niet gebleken dat het voor betrokkene onmogelijk was om door middel van actief beleid onder de grens van 75 slachtingen per week te komen, waarbij de vrijstelling van de classificatieplicht van toepassing is. Geldboete.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2010:YE0003 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer KHV0110

    Relatief kleine slachterij met gemiddeld meer dan 75 slachtingen per week onttrekt zich zonder legitieme reden herhaaldelijk aan de classificatieplicht van slachtrunderen, in verband met de hoge kosten. Europese regelgeving maakt geen onderscheid tussen gezond vee, wrak vee, huisslachtingen en klasse 4-runderen. In alle gevallen bestaat de classificatieplicht.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2008:YE0002 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer KHV0108

    De classificatie van geslachte runderen is niet uitgevoerd door een classificateur van een door het bestuur van het PVV aangewezen classificatieorganisatie. Geen goede werkverhouding tussen classificateur en betrokkene. Classificatie is door de slachter zelf uitgevoerd. Veroordeling wegens weigeren medewerking te verlenen aan classificateur, en onjuist uitgevoerde classificatie: geldboete.

  • ECLI:NL:TSCTS:2025:6 Tuchtcollege voor de Scheepvaart Amsterdam 2025-06 (2025.V5-CONFIDENCE)

    Op 17 mei 2025 voer het schip bij daglicht vanaf de Noordzee door het zeegat van Terschelling het zeehavengebied Den Helder–Harlingen–Terschelling binnen. De wind kwam uit het noorden en was kracht 4 tot 5 Bft. Met een maximale diepgang van drie meter en een sterk opkomend tij was het schip op weg naar Harlingen. Betrokkene stond alleen op de brug. Er was geen loods aan boord. Vanaf de Vliestroom draaide betrokkene bakboord uit de Blauwe Slenk in. Door de sterke stroming in combinatie met de noordenwind is het schip over de scheidingston BS 3/IN 2 heengevaren en vervolgens een stukje verderop aan de grond gelopen. Betrokkene is voor het schip in bezit van een “Tijdelijke PEC Kleine zeeschepen” (Pilotage Exemption Certificate) voor genoemd zeehavengebied.

  • ECLI:NL:TSCTS:2025:5 Tuchtcollege voor de Scheepvaart Amsterdam 2025-05 (2025.V4-VB SEAL)

    Op zondagnacht, 23 februari 2025, voer de havensleepboot VB Seal vanuit het Beerkanaal langs de “groene” kant richting de “Maas 5” boei. Het was mistig en de snelheid van de VB Seal was ongeveer 5,5 knopen over de grond. Het plan was om bij de “Maas 5” boei te wachten. Nabij de “Maas 5” boei is een gebruikelijke plaats voor havenslepers om te wachten op binnenkomende schepen. De VB Seal zou samen met een andere sleepboot (VB Schelde) het binnenkomende containerschip Maersk Iowa assisteren. Voor de Maersk Iowa uit voer de olietanker Gulholmen in ballast, zij was bestemd voor de 7e Petroleumhaven.Nabij de “Maas 5” boei haalde de betrokkene de vaart van de VB Seal eraf. De vaart over de grond nam af tot ongeveer 1,5 knoop terwijl de VB Seal wat bakboord uit kwam. Vervolgens kwam deVB Seal achteruit de noord in met een toenemende snelheid tot 2,9 knopen over de grond. Om 01.49 uur lokale tijd werd de VB Seal aan stuurboord voor geraakt door de Gulholmen. Al snel was duidelijk dat de VB Seal water maakte. De betrokkene heeft haar toen aan de oostzijde van de Ertskade op het stenen talud gezet, om zinken te voorkomen. Andere sleep- en havendienstboten schoten te hulp en brachten bergingspompen aan boord van de VB Seal. Door de dieseldampen van de eigen pomp, die binnen stond te draaien, werden bemanningsleden onwel.

  • ECLI:NL:TSCTS:2025:4 Tuchtcollege voor de Scheepvaart Amsterdam 2025-04 (2025.V3-EEMS WARRIOR)

    Op 18 december 2024 was de sleepboot Eems Warrior als losse boot op weg van Eemshaven naar ’s-Gravendeel. Daar zou zij een ponton ophalen. De kapitein kwam vóór het passeren van de pieren bij Hoek van Holland in de stuurhut en nam de wacht over van de chief officer, die in de stuurhut bleef. De vaart was 9 knopen. Er was geen loods aan boord, het was als losse boot en vanwege de lengte van de Eems Warrior niet verplicht om een loods aan boord te hebben. Voordat de Eems Warrior uit VTS-sector Maassluis voer, tussen Maassluis en de Botlek, verliet de kapitein de stuurhut om naar het toilet te gaan. De chief officer had nu de wacht en hij draaide een paar minuten later van het Scheur de Oude Maas op. Al snel passeerde hij daar de gesloten Botlekbrug waarbij de mast van de Eems Warrior de onderkant van die brug raakte. Een paar minuten later gebeurde hetzelfde, nu bij de gesloten Spijkenisserbrug, terwijl de kapitein intussen weer in de stuurhut was. De betrokkene heeft voor deze reis het voyage plan opgesteld.

  • ECLI:NL:TSCTS:2025:3 Tuchtcollege voor de Scheepvaart Amsterdam 2025-03 (2025.V2-EEMS WARRIOR)

    Op 18 december 2024 was de sleepboot Eems Warrior als losse boot op weg van Eemshaven naar ’s-Gravendeel. Daar zou zij een ponton ophalen. De betrokkene had de zeewacht tijdens het aanlopen van de Maasmond. De kapitein kwam vóór het passeren van de pieren bij Hoek van Holland in de stuurhut en nam de wacht over van de betrokkene, die in de stuurhut bleef. De vaart was 9 knopen. Er was geen loods aan boord, het was als losse boot en vanwege de lengte van de Eems Warrior niet verplicht om een loods aan boord te hebben. Voordat de Eems Warrior uit VTS-sector Maassluis voer, tussen Maassluis en de Botlek, verliet de kapitein de stuurhut om naar het toilet te gaan. De betrokkene had nu de wacht en hij draaide een paar minuten later van het Scheur de Oude Maas op. Al snel passeerde hij daar de gesloten Botlekbrug waarbij de mast van de Eems Warrior de onderkant van die brug raakte. Een paar minuten later gebeurde hetzelfde, nu bij de gesloten Spijkenisserbrug, terwijl de kapitein intussen weer in de stuurhut was.

  • ECLI:NL:TSCTS:2025:2 Tuchtcollege voor de Scheepvaart Amsterdam 2025-02 (2025.V1-EEMS WARRIOR)

    Op 18 december 2024 was de sleepboot Eems Warrior als losse boot op weg van Eemshaven naar ’s-Gravendeel. Daar zou zij een ponton ophalen. De betrokkene kwam vóór het passeren van de pieren bij Hoek van Holland in de stuurhut en nam de wacht over van de chief officer, die in de stuurhut bleef. De vaart was 9 knopen. Er was geen loods aan boord, het was als losse boot en vanwege de lengte van de Eems Warrior niet verplicht om een loods aan boord te hebben. Voordat de Eems Warrior uit VTS-sector Maassluis voer, tussen Maasluis en de Botlek, verliet betrokkene de stuurhut om naar het toilet te gaan. De chief officer had nu de wacht en hij draaide een paar minuten later van het Scheur de Oude Maas op. Al snel passeerde hij daar de gesloten Botlekbrug waarbij de mast van de Eems Warrior de onderkant van die brug raakte. Een paar minuten later gebeurde hetzelfde, nu bij de gesloten Spijkenisserbrug, terwijl de betrokkene intussen weer in de stuurhut was.