Zoekresultaten 46451-46500 van de 46595 resultaten
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:20 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-546/AL/MN
- Datum publicatie: 20-01-2026
- Datum uitspraak: 19-01-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:20
Raadbeslissing. Klacht over advocaat wederpartij en over verweerder in hoedanigheid van bemiddelaar. Verweerder diende een partijdig belang en kon daarom niet tegelijkertijd optreden als onpartijdig bemiddelaar in het familieconflict. Hij had klager duidelijk moeten laten weten dat hij handelde als belangenbehartiger van zijn cliënt en had klager om die reden moeten adviseren een eigen belangenbehartiger in de arm te nemen. Verweerder heeft zijn onafhankelijkheid in de zin van artikel 2 Advocatenwet hiermee in gevaar gebracht. Klacht deels gegrond. Berisping.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2026:9 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-841/DB/OB
- Datum publicatie: 20-01-2026
- Datum uitspraak: 20-01-2026
- ECLI:NL:TADRSHE:2026:9
Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in beide onderdelen kennelijk ongegrond. Niet gebleken dat verweerder klagers valselijk heeft beschuldigd van bedreiging en zich denigrerend jegens klagers heeft uitgelaten, noch dat hij in strijd heeft gehandeld met gedragsregel 5.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:21 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-600/AL/MN
- Datum publicatie: 20-01-2026
- Datum uitspraak: 19-01-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:21
Klager heeft een appartement gehuurd van een commanditaire vennootschap. Verweerder is (mede)bestuurder van de stichting die de CV bestuurt. De CV heeft een beheerder die namens de verhuurder optrad richting klager als huurder. De aan verweerder verweten gedragingen zien op op het optreden van verweerder in hoedanigheid van bestuurder als genoemd en zijn optreden namens de beheerder. vast staat dat de verhuurder vanaf het begin in het geschil met klager door verschillende advocaten is bijgestaan; niet door verweerder. Verweerder is als gemachtigde namens de verhuurder bij zittingen geweest of heeft namens de verhuurder/ beheerder met (de advocaat van) klager gecorrespondeerd. Deze handelingen van verweerder hebben plaatsgevonden in de privésfeer en tussen die handelingen en de praktijkuitoefening van verweerder bestaat naar het oordeel van de raad geen verband. De inhoud van een e-mail van verweerder die hij vanaf zijn privé e-mailadres rechtstreeks aan klager heeft gestuurd, is naar het oordeel van de raad onvoldoende om tot de conclusie te komen dat er voldoende verband bestaat tussen deze privé-gedraging en de praktijkvoering van verweerder. De raad toetst het handelen van verweerder aan de (beperkte) maatstaf of de gedraging van verweerder in het licht van zijn beroepsuitoefening absoluut ongeoorloofd moet worden geacht en of daarmee het vertrouwen in de advocatuur is geschaad. Daarvan is de raad niet gebleken. Tussen klager en de verhuurder is een geschil over de verrekening ontstaan na opzegging van de huurovereenkomst. Een vergelijk bleek niet mogelijk. De verhuurder heeft daarna een bedrag aan klager betaald. Het lag op de weg van klager om daarover zo nodig een gerechtelijk oordeel te vragen. Uit de stukken is bovendien niet gebleken dat verweerder niet integer heeft gehandeld door zelf gedane toezeggingen of gerechtelijke uitspraken namens de verhuurder niet na te komen. De raad stelt verder vast dat sprake is van tegengestelde standpunten tussen klager en de verhuurder over (de terugbetaling van) de borgsom. Daarover zal een civielrechtelijk oordeel moeten worden gegeven. Verweerder heeft daarbij niet absoluut ongeoorloofd gehandeld. Verweerder heeft 2 e-mails aan klager rechtstreeks gestuurd. Een e-mail was als gemachtigde van de beheerder en stond hem vrij. De andere e-mail mocht verweerder naar het oordeel van de raad als partij - als bestuurder van de CV - aan klager sturen. De vraag die vervolgens voorligt is of verweerder zich daarvan had moeten onthouden. Alhoewel de scherpe toonzetting in die e-mail van verweerder niet de schoonheidsprijs verdient, verweerder heeft dat tijdens de zitting van de raad ook ingezien, wordt de inhoud daarvan door de raad niet als absoluut ongeoorloofd gekwalificeerd. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:20 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8358
- Datum publicatie: 20-01-2026
- Datum uitspraak: 20-01-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:20
Kennelijk ongegronde klacht tegen een keel-, neus- en oorarts. Het college komt tot de conclusie dat de KNO-arts de juiste diagnostische stappen ten aanzien van de klachten van klaagster heeft genomen. Het is verder niet gebleken dat de KNO-arts de behandeling van klaagster niet had mogen afsluiten; de KNO-arts heeft meerdere onderzoeken uitgevoerd en de oorzaak van de klachten is niet gevonden. Het college heeft er verder geen enkel aanknopingspunt voor gevonden dat de KNO-arts aan klaagster zorg zou hebben geweigerd of dat klaagster door de KNO-arts het ziekenhuis zou zijn uitgezet. Hoewel het college de verwarring van klaagster ten aanzien van de facturen begrijpt aangezien de facturen niet geheel lijken te corresponderen met de data van de consulten, kan de KNO-arts hier niet persoonlijk verantwoordelijk voor worden gehouden.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:21 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8767
- Datum publicatie: 20-01-2026
- Datum uitspraak: 20-01-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:21
Voorzittersbeslissing. De kern van de klacht is dat uit diverse internetbronnen zou blijken dat verweerster misleidende informatie verspreidt over de e-sigaret, waardoor zij bijdraagt aan een onjuist en onterecht schadelijk beeld van dit alternatief voor roken. Klacht is onvolledig, niet voldoende onderbouwd. De klacht gaat om uitspraken op verschillende websites en filmpjes, maar deze filmpjes zijn niet bijgevoegd en de hyperlinks zijn niet te achterhalen. Door de filmbestanden, URL’s of geprinte versie van de websites niet bij te voegen kan het college de uitspraken niet beoordelen. Klager kennelijk niet-ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:16 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-768/AL/MN
- Datum publicatie: 20-01-2026
- Datum uitspraak: 19-01-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:16
De voorzitter verklaart een klacht over de advocaat van de wederpartij kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:17 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-043/AL/NN
- Datum publicatie: 20-01-2026
- Datum uitspraak: 19-01-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:17
Ongegrond verzet.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:18 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-284/AL/MN 25-285/AL/MN
- Datum publicatie: 20-01-2026
- Datum uitspraak: 19-01-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:18
Ongegrond verzet.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:19 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-514/AL/MN
- Datum publicatie: 20-01-2026
- Datum uitspraak: 19-01-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:19
Klacht over de advocaat van de wederpartij van klaagster. Naar het oordeel van de voorzitter mocht verweerder zonder nader onderzoek afgaan op de van zijn cliënt ontvangen feitelijke informatie zoals hij dat in het verweerschrift heeft verwerkt en tijdens de zitting heeft genoemd. Daarnaast kon en mocht verweerder uitgaan van de juistheid van de (medische) informatie over klaagster en haar dochter aangezien dat volgde uit het verzoekschrift met bijlagen zoals dat namens klaagster is ingediend. Klaagster heeft via haar advocaat tegen de vermeende onjuistheden en feiten verweer kunnen voeren en kon zelf ook relevante stukken indienen. Ook overigens van tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen door verweerder niet gebleken. Kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:18 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8228
- Datum publicatie: 20-01-2026
- Datum uitspraak: 20-01-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:18
Kennelijk ongegronde klacht tegen een verpleegkundige. Klager heeft in 2016 onder invloed van een psychose zijn echtgenote gedood. Hij verwijt de verpleegkundige dat hij en een collega (tegen wie klager ook een klacht heeft ingediend, zaaksnummer A2025/8314) de situatie van klager bij een huisbezoek enkele dagen voor deze gebeurtenis niet goed hebben ingeschat en hem niet de juiste hulp hebben geboden. Het college overweegt dat de verpleegkundige correct heeft gehandeld. Dat de verpleegkundige bij klager een paranoïde psychose vaststelde betekent nog niet dat er zich bij klager op dat moment een acute noodsituatie voordeed waarvoor onmiddellijk maatregelen nodig zouden zijn.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:15 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7767
- Datum publicatie: 21-01-2026
- Datum uitspraak: 21-01-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:15
Kennelijk ongegronde klacht tegen psychiater. In verband met een gedwongen opname klaagt patiënte over schending van privacy wetgeving en een onterechte opname. Psychiater handelde in overeenstemming met de wettelijke bepalingen en gemaakte afspraken. De verplichte zorg voldeed aan de criteria van subsidiariteit, proportionaliteit, doelmatigheid en veiligheid.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:10 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-317/DH/DH
- Datum publicatie: 21-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:10
Raadsbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij. Verwijt is rauwelijks dagvaarden. Daarvan is geen sprake, omdat verweerder eerder al had aangekondigd tot dagvaarden over te zullen gaan. Door verweersters handelwijze is klaagster niet in haar belangen geschaad. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:9 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-303/DH/DH
- Datum publicatie: 21-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:9
Raadsbeslissing. Klacht over de eigen advocaat in een letselschadekwestie. Verweerster heeft het dossier voldoende voortvarend behandeld en heeft steeds teruggekoppeld wat de behandelaar van de verzekeraar haar beloofde. Klacht in alle onderdelen ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:17 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-463/DH/DH
- Datum publicatie: 21-01-2026
- Datum uitspraak: 19-01-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:17
Raadsbeslissing. Klacht van advocaat over advocaat. Schending van gedragsregels 21 en 25. Verweerder heeft een brief rechtstreeks aan de cliënten van klager gestuurd, terwijl zij werden bijgestaan door klager. Hij heeft bovendien geen afschrift van de brief aan klager gestuurd. Verweerder heeft klager bovendien geen afschrift van zijn verzoek om doorhaling verzocht. Hoewel verweerder heeft erkend dat een en ander niet goed is gegaan, had hij de gemaakte fouten concreter kunnen erkennen en ook moeten corrigeren. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:16 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7934
- Datum publicatie: 21-01-2026
- Datum uitspraak: 21-01-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:16
Kennelijk ongegronde klacht tegen psychiater. Rijgeschiktheidskeuring in verband met leeftijd van 75 jaar. Psychiater adviseert CBR om klager ongeschikt te verklaren vanwege alcoholmisbruik. Klager klaagt over onzorgvuldig en ondeskundig onderzoek. Richtlijn alcoholmisbruik in het kader van rijgeschiktheidskeuringen. Laboratoriumwaarden CDT en GGT. Regeling eisen geschiktheid 2000. Onderzoek is volgens de voorgeschreven werkwijze uitgevoerd.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:11 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-252/DH/DH
- Datum publicatie: 21-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:11
Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:18 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-487/DH/DH
- Datum publicatie: 21-01-2026
- Datum uitspraak: 19-01-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:18
Verzet niet-ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:17 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8071
- Datum publicatie: 21-01-2026
- Datum uitspraak: 21-01-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:17
Klager klaagt erover dat zijn vader vanwege zijn geloof geen volledige sedatie wilde, maar dat de huisarts van de huisartsenpost een te hoge dosis midazolam voorschreef waarna vader langdurig bewusteloos was. Ook kreeg vader methadon en dexamethason toegediend, waarna hij overleed. Het tuchtcollege oordeelt dat voorgeschreven dosis midazolam (7,5 mg) passend is bij de situatie namelijk om onrust te verminderen en niet om het overlijden te versnellen. De medicatie werd bovendien pas later toegediend conform het beleid van de eigen huisarts en was ten tijde van het overlijden, een dag later, uitgewerkt. De huisarts was niet betrokken bij de latere toediening van methadon en dexamethason. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:12 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-344/DH/DH
- Datum publicatie: 21-01-2026
- Datum uitspraak: 19-01-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:12
Raadbeslissing. Klacht over de eigen advocaat. De raad is niet gebleken dat verweerster op het punt van communicatie, informatie en kwaliteit tekort is geschoten. Verweerster heeft bij het beëindigen van haar werkzaamheden onvoldoende oog gehad voor de belangen van klaagster. Verweerster heeft zich onttrokken met een kort bericht, zonder klaagster te informeren over wat er op korte termijn moest gebeuren. Verweerster had zich bovendien niet op deze termijn voor de zitting nog mogen onttrekken dan wel meer voortvarendheid dienen te betrachten in de overdracht. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:19 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-495/DH/RO
- Datum publicatie: 21-01-2026
- Datum uitspraak: 19-01-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:19
Raadsbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in een kort geding over door klager gedane uitlatingen. Niet gebleken is dat verweerder vertrouwelijke informatie heeft ingebracht die hij niet had mogen inbrengen. De raad kan gezien de beperkte context niet vaststellen dat verweerder zich onnodig grievend heeft uitgelaten. Een e-mailbericht is bij vergissing niet bij klager terechtgekomen. De raad kan niet vaststellen dat deze enkele vergissing tuchtrechtelijk verwijtbaar is. Klacht in alle onderdelen ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:13 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-352/DH/DH
- Datum publicatie: 21-01-2026
- Datum uitspraak: 19-01-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:13
Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:20 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-817/DH/DH
- Datum publicatie: 21-01-2026
- Datum uitspraak: 21-01-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:20
Voorzittersbeslissing. Verweerster heeft in een procedure, waarbij klager geen partij is, een vonnis ingebracht waarin zijn naam wordt vermeld. Verwijt is dat verweerster daarmee klagers privacy heeft geschonden. Hoewel klager wel een eigen belang heeft bij de klacht, is niet duidelijk welke gedragsregel daarmee zou zijn overtreden. Ook is niet gebleken dat klager in enig belang is geschaad. Kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:14 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-359/DH/RO
- Datum publicatie: 21-01-2026
- Datum uitspraak: 19-01-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:14
Raadsbeslissing. Verweerder is T, een kwetsbare, hoogbejaarde man, gaan bijstaan, zonder zich ervan te vergewissen dat T wilsbekwaam was en in staat was verweerder een opdracht te verstrekken. Diverse omstandigheden maakten dat verweerder alle reden had om aan de wilsbekwaamheid te twijfelen en daarnaar eerst onderzoek te doen. Dat heeft verweerder niet gedaan. Verweerder heeft vervolgens diverse fouten gemaakt. De opdracht blijft onduidelijk, omdat hierover niets is vastgelegd. Verweerder heeft T bovendien op betalende basis bijgestaan, terwijl T (vanwege de rechterlijke machtiging) in aanmerking kwam voor gefinancierde rechtsbijstand. Des te wranger is dat verweerder in zes en een halve maand tijd ruim € 53.000,- heeft gedeclareerd, terwijl niet blijkt welke werkzaamheden zijn verricht en of die noodzakelijk of van enig nut waren. Sprake van exorbitant en excessief declareren. Handelen in strijd met diverse gedragsrels en in strijd met de kernwaarden deskundigheid en (financiële) integriteit. Verweerder al meer dan 50 jaar advocaat en geen tuchtrechtelijk verleden. De raad rekent het verweerder ernstig aan dat hij op deze wijze met een kwetsbare, hoogbejaarde man is omgegaan die niet of onvoldoende in staat was zijn wil te bepalen. Schrapping.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:21 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-820/DH/DH
- Datum publicatie: 21-01-2026
- Datum uitspraak: 21-01-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:21
Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij. Niet gebleken dat verweerder bewust onjuiste informatie heeft verstrekt. De rechtbank heeft al over het geschil tussen partijen geoordeeld en de klachtprocedure is niet bedoeld om de discussie tussen partijen te heropenen. Niet gebleken dat verweerder op enigerlei wijze misbruik heeft gemaakt van de positie van de zaakvoerder van klaagster. Klacht in beide onderdelen kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:7 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-305/DH/DH
- Datum publicatie: 21-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:7
Raadsbeslissing. Klacht in een letselschadekwestie over de eigen advocaat c.q. de medewerker die onder verantwoordelijkheid van die advocaat valt. Niet blijkt dat er onvoldoende met klaagster is gecommuniceerd of dat afspraken zijn geschonden. Geen sprake van excessief declareren. Op verzoek is een gespecificeerde declaratie aan klaagster gestuurd. Klacht on alle onderdelen ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:15 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-393/DH/DH
- Datum publicatie: 21-01-2026
- Datum uitspraak: 19-01-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:15
Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:15 Hof van Discipline 's Gravenhage 250450
- Datum publicatie: 21-01-2026
- Datum uitspraak: 21-01-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:15
Beklag artikel 13 ongegrond. Het hof is van oordeel dat de deken haar stelling dat de procedure die klager wil voeren geen redelijke kans van slagen heeft, voldoende heeft onderbouwd. Terecht heeft de deken gewezen op de vele (kanton)procedures die al zijn gevoerd waarin klager in het ongelijk is gesteld. Het standpunt van de deken dat dit is meegewogen bij de conclusie dat er geen reële kans op succes aanwezig is in de hoger beroepsprocedure die klager wil voeren, is niet onbegrijpelijk of onjuist. Het door klager zelf opgestelde beroepschrift brengt daarin geen verandering. Terecht heeft de deken zich op het standpunt gesteld dat artikel 13 Advocatenwet niet is bedoeld om kansloze of onredelijke procedures te voeren. Ook heeft de deken terecht gewezen op de proceskostenveroordeling in de beschikking van de kantonrechter. Het hof is dan ook van oordeel dat de deken tot de conclusie heeft mogen komen dat, gelet op de inhoud van de beschikking van de kantonrechter een beroep daartegen geen redelijke kans van slagen heeft.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:22 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-822/DH/DH
- Datum publicatie: 21-01-2026
- Datum uitspraak: 21-01-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:22
Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat wederpartij in een familiezaak. Niet gebleken dat sprake is van onjuiste of onnodig grievende uitlatingen. Evenmin gebleken van een agressieve of escalerende strategie. Verweerster is voldoende duidelijk geweest over de bij haar dagvaarding overgelegde producties. Van traineren of niet reageren op redelijke verzoeken door verweerster is niet gebleken. Klacht in alle onderdelen kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:8 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-269/DH/RO 25-271/DH/RO
- Datum publicatie: 21-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:8
Raadsbeslissing. Klacht over het optreden van de eigen advocaat in een voorlopig getuigenverhoor. Niet blijkt dat verweerder onvoldoende partijdig is geweest. Klagers waren het eens met het verzoek zoals dat is ingediend en verweerder heeft onweersproken gesteld dat er geen redenen warden de uitgezette processtrategie te wijzigen. Er is regelmatig en uitvoerig contact geweest tussen klagers en verweerder. Klacht in alle onderdelen ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:16 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-423/DH/RO
- Datum publicatie: 21-01-2026
- Datum uitspraak: 19-01-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:16
Raadsbeslissing. Klacht over de eigen advocaat in een strafzaak. De klacht over verweerders inhoudelijke bijstand is ongegrond. Klacht over financiële afspraak gegrond. Verweerder heeft een financiële afspraak met klager gemaakt die in strijd is met de Voda. Hij heeft klager daarmee bovendien onder druk gezet: klager had verweerder al betaald en klager moest akkoord gaan met deze aanvullende afspraak, anders zou verweerder klager niet bijstaan. Verweerders handelen is in strijd met de kernwaarde (financiële) integriteit. Verweerder heeft ter zitting erkend dat hij deze afspraak niet had mogen maken. Tuchtrechtelijk verleden. Berisping.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:16 Hof van Discipline 's Gravenhage 260005
- Datum publicatie: 22-01-2026
- Datum uitspraak: 22-01-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:16
Klacht over deken niet verwezen. De klachten hebben betrekking op het dekenbezwaar en horen in het debat daarover thuis. Klager moet eerst de procedure bij de tuchtrechter doorlopen om daarover het oordeel van de tuchtrechter te verkrijgen. Klager kan niet buiten die procedure om separaat zijn klachten over verweerder in een aparte procedure aanhangig maken.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:10 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8496
- Datum publicatie: 22-01-2026
- Datum uitspraak: 16-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:10
Klacht tegen een fysiotherapeut gedeeltelijk gegrond. Klaagster kwam wegens nek-, schouder- en rugklachten bij de fysiotherapeut. Zij verwijt de fysiotherapeut grensoverschrijdend gedrag, door haar tijdens de twee behandelingen te betasten en ongepaste vragen te stellen. De fysiotherapeut ontkent dat hij klaagster tijdens de behandelrelatie op een niet professionele manier heeft aangeraakt. Hij erkent wel dat de gesprekken tijdens de behandelingen te intiem waren. Het college oordeelt dat de fysiotherapeut geen onprofessionele gesprekken had mogen hebben met klaagster. Dat de fysiotherapeut zich met zijn handelingen ook seksueel grensoverschrijdend naar klaagster toe heeft gedragen, kan het college niet vaststellen. Als maatregel legt het college een berisping op.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:11 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8335
- Datum publicatie: 22-01-2026
- Datum uitspraak: 16-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:11
Klacht tegen een arts kennelijk ongegrond. Klager is door verweerster gezien in het kader van een arbeidsmedische keuring. Klager maakt verweerster meerdere verwijten over onder meer het verrichte onderzoek, de informatieverstrekking en het door haar opgestelde verslag. Het college oordeelt dat de arts zorgvuldig onderzoek heeft verricht en niet gehouden was de door klager genoemde kwalen in het verslag op te nemen.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:12 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8430
- Datum publicatie: 22-01-2026
- Datum uitspraak: 16-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:12
Gegronde klacht tegen fysiotherapeut. Klaagster verwijt de fysiotherapeut dat hij zijn beroepsgeheim en het informed consent heeft geschonden. Verder verwijt klaagster de fysiotherapeut dat hij haar medisch dossier per onbeveiligde e-mail heeft verzonden. Het college oordeelt dat de fysiotherapeut onvoldoende zorgvuldig gehandeld heeft. Daar tegenover staat dat het college ervan overtuigd is dat de fysiotherapeut zich heeft ingespannen om klaagster goede zorg te leveren en gedurende de behandelperiode steeds voor klaagster heeft klaargestaan. Maatregel: waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:22 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8731
- Datum publicatie: 22-01-2026
- Datum uitspraak: 22-01-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:22
Kennelijk ongegronde klacht tegen een huisarts. Klager verwijt de huisarts dat zij op discriminatoire gronden klager heeft geweigerd in te schrijven in haar huisartsenpraktijk. Daarnaast heeft zij zonder toestemming van klager het dossier van klager van een andere huisartsenpraktijk ontvangen. Het college heeft geen redenen om aan te nemen dat er sprake is van een afwijzing op discriminatoire gronden. Het college is verder van oordeel dat de huisarts op het moment van de digitale overdracht van het dossier, niet hoefde na te gaan of klager hier toestemming voor had gegeven. Er was voor de huisarts geen reden om te twijfelen aan de toestemming voor de gegevensoverdracht.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:13 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle z2025/8533
- Datum publicatie: 22-01-2026
- Datum uitspraak: 16-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:13
Klacht over schenden van het beroepsgeheim en de privacy tegen een verloskundige deels gegrond. Maatregel: waarschuwing. Klaagster plaatste na de zwangerschapsbegeleiding online een recensie over de praktijk en het handelen van de verloskundige. De verloskundige reageerde door middel van een openbare reactie en deelde daarbij ook medisch inhoudelijke informatie van klaagster. Het college oordeelt dat de verloskundige haar geheimhoudingsplicht heeft geschonden en onbevoegd informatie heeft opgevraagd. De klachtonderdelen over schending van de privacy door het opnemen van een telefoongesprek en het delen van gegevens in het kader van een overdracht zijn ongegrond. De verloskundige was onervaren, heeft uiteindelijk spijt betuigd en verbetermaatregelen genomen.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:9 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8064
- Datum publicatie: 22-01-2026
- Datum uitspraak: 16-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:9
Klacht tegen een verloskundige kennelijk ongegrond. De verloskundige is betrokken geweest bij de bevalling van klaagster en heeft daarbij ook een vaginaal toucher uitgevoerd. Klaagster verwijt de verloskundige dat zij dit vaginaal toucher heeft gedaan zonder een daaraan voorafgaand gegeven voldoende informed consent van klaagster. Ook verwijt klaagster de verloskundige een onvoldoende rapportage in het partusverslag en van een na de bevalling gevoerd afsluitend gesprek. Het college oordeelt dat klaagster in voldoende mate was geïnformeerd en toestemming heeft gegeven voor het vaginaal toucher. Daarnaast heeft de verloskundige alles genoteerd wat zij moest noteren in de verslagen.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:23 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2024/7792
- Datum publicatie: 22-01-2026
- Datum uitspraak: 22-01-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:23
Ongegronde klacht tegen een huisarts. Klaagster, een jonge vrouw met borstkanker in de voorgeschiedenis, presenteert zich met rugklachten bij de huisarts. Na onderzoek stelt de huisarts haar gerust en raadt haar fysiotherapie aan. Enkele maanden later worden bij haar meerdere botmetastasen vastgesteld. Klaagster verwijt de huisarts onder meer dat hij haar klachten niet serieus heeft genomen en haar niet tijdig heeft doorverwezen. Volgens de NHG-richtlijn Aspecifieke lagerugpijn komt lage rugpijn frequent voor en is er daarbij in de overgrote meerderheid geen specifieke lichamelijke oorzaak aanwijsbaar. Bij het ontstaan van een chronisch beloop kunnen psychologische en sociale factoren een rol spelen. Daarvoor heeft de huisarts oog gehad en in die zin heeft hij gehandeld conform de richtlijn. Hoewel naar het oordeel van het college een tweesporenbeleid de voorkeur had verdiend (aandacht voor zowel de lichamelijke als de psychosociale kant), is het college van oordeel dat de huisarts niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:14 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8660
- Datum publicatie: 22-01-2026
- Datum uitspraak: 16-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:14
Klacht tegen een arts. Klaagster is in verband met een beoordeling op grond van de Ziektewet door de arts op het spreekuur gezien. Klaagster verwijt de arts, samengevat, een onbehoorlijke/onheuse bejegening en onprofessioneel handelen tijdens deze beoordeling. Het college oordeelt dat de arts tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft opgetreden bij de wijze waarop hij verslag deed van zijn onderzoek. De klacht is deels gegrond en het college legt de maatregel van een waarschuwing op.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:24 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8732
- Datum publicatie: 22-01-2026
- Datum uitspraak: 22-01-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:24
Kennelijk ongegronde klacht tegen een huisarts. Klager was patiënt in de praktijk van de huisarts en klaagt onder andere over het overdragen van zijn dossier aan een andere praktijk, zonder zijn toestemming, hetgeen de huisarts erkent. Het college oordeelt dat het onzorgvuldig is geweest dat het dossier van klager zonder zijn toestemming is overgedragen. De huisarts is niet persoonlijk betrokken geweest bij de uitschrijving en de overdracht, maar zij is als praktijkhouder wel eindverantwoordelijk. Het college begrijpt verder dat deze onterechte uitschrijving een incident is geweest, een eenmalige vergissing van een assistente. Er is lering getrokken uit het incident en de werkwijze is geëvalueerd. Het college acht deze maatregelen adequaat. Om die reden is het college van oordeel dat er onvoldoende grond is voor een tuchtrechtelijk verwijt.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:15 Raad van Discipline Amsterdam 25-848/A/NH
- Datum publicatie: 23-01-2026
- Datum uitspraak: 19-01-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:15
Voorzittersbeslissing; klaagster heeft geen rechtstreeks belang bij haar verwijten dat verweerster optreedt voor twee partijen die onderling een tegenstrijdig belang zouden hebben en dat verweerster onvoldoende onafhankelijk van haar cliënten zou optreden. In zoverre is de klacht kennelijk niet-ontvankelijk. Voor het overige is de klacht kennelijk ongegrond. Verweerster heeft namens haar cliënten een redelijk doel nagestreefd. Van misbruik van recht is niet gebleken. Het feit dat de aanhangig gemaakte procedures kosten veroorzaken voor klaagster is inherent aan het recht dat iedereen heeft om een procedure aanhangig te maken en levert geen tuchtrechtelijk verwijt op.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:25 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8537
- Datum publicatie: 23-01-2026
- Datum uitspraak: 22-01-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:25
Kennelijk ongegronde klacht tegen een huisarts. Klagers zijn respectievelijk echtgenoot en nicht van patiënte. Patiënte is op 84-jarige leeftijd aan de gevolgen van kanker overleden. Klagers vinden dat de huisarts patiënte passende medische zorg heeft onthouden en in de laatste fase van haar leven te weinig steun en aandacht heeft gegeven. Het college overweegt dat tussen het moment van diagnose en het overlijden van patiënte - een ruim jaar later - er zeker 30 contactmomenten zijn geweest, telefonisch, met een consult of visite. Niet duidelijk is waar en op welk moment patiënte passende zorg is onthouden. Evenmin blijkt uit het dossier dat de huisarts patiënte in de laatste fase van haar leven te weinig aandacht en steun zou hebben gegeven. Uit het dossier spreekt eerder een grote betrokkenheid van de huisarts bij de patiënte en een proactieve houding.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:17 Hof van Discipline 's Gravenhage 250102
- Datum publicatie: 23-01-2026
- Datum uitspraak: 23-01-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:17
Klacht over het optreden van de advocaat wederpartij in een familierechtelijk geschil. Klaagster verwijt verweerster dat zij in processtukken willens en wetens onware mededelingen heeft gedaan over klaagster, dat verweerster zich onnodig grievend en neerbuigend over klaagster heeft uitgelaten en dat verweerster zonder toestemming beeldschermafdrukken met persoonlijke informatie heeft gedeeld met derden. Dit heeft volgens klaagster geleid tot onnodige polarisatie tussen haar en haar ex-echtgenoot. De raad van discipline heeft deze klachten ongegrond verklaard. De klacht dat verweerster rechtstreeks contact heeft opgenomen door een e-mail aan klaagster (cc) te sturen, is wel gegrond verklaard. De raad heeft hiervoor evenwel geen maatregel opgelegd. Het Hof van Discipline bekrachtigt het oordeel van de raad ten aanzien van de klachtonderdelen die de raad ongegrond heeft verklaard.
-
ECLI:NL:TACAKN:2026:3 Accountantskamer Zwolle 25/818 Wtra AK
- Datum publicatie: 23-01-2026
- Datum uitspraak: 23-01-2026
- ECLI:NL:TACAKN:2026:3
Klacht van de NBA naar aanleiding van een kantoortoetsing waarin de toetsers een B-oordeel hebben voorgesteld maar de Raad voor Toezicht tot een C-oordeel is gekomen en tot indiening van een tuchtklacht heeft besloten. De Accountantskamer is van oordeel dat het kwaliteitssysteem in opzet wel voldeed, maar niet in werking omdat betrokkene niet had vastgesteld dat de jaarrekening inmiddels gecontroleerd diende te worden en een samenstellingsverklaring heeft afgegeven bij een jaarrekening met tekortkomingen. De Accountantskamer overweegt bij de bepaling van de maatregel onder meer dat indien de Raad voor Toezicht niet van het voorstel van de toetsers was afgeweken, betrokkene een verbeterplan had mogen indienen en tegen hem geen tuchtklacht zou zijn ingediend en volstaat met een berisping.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:16 Raad van Discipline Amsterdam 25-874/A/DH/W
- Datum publicatie: 23-01-2026
- Datum uitspraak: 19-01-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:16
Wraking kennelijk ongegrond. De beide wrakingsgronden - zowel de voor de behandeling van de zaak gereserveerde tijd als de weigering van de nagezonden stukken - verband houden met processuele beslissingen op basis van het Landelijk Procesreglement voor klachten bij de raden van discipline.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:26 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8593
- Datum publicatie: 23-01-2026
- Datum uitspraak: 22-01-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:26
Kennelijk ongegronde klacht tegen een huisarts. Klaagster verwijt de huisarts dat zij ondanks meerdere verzoeken het medisch dossier van haar minderjarige dochter niet van de huisarts heeft ontvangen. Het college oordeelt dat het beter was geweest als het dossier direct naar klaagster zou zijn gestuurd nadat duidelijk werd dat klaagster niet op een gesprek zou komen en dat het niet de schoonheidsprijs verdient dat het verzoek van klaagster in de vergetelheid is geraakt. Maar het college oordeelt dat het van zorgvuldigheid getuigt dat de huisarts direct op het verzoek van klaagster heeft gereageerd door haar – gelet op de blijkbaar complexe huiselijke situatie, verschillende misverstanden en klaagsters recente onvrede over de verleende zorg – voor een gesprek uit te nodigen, en haar uiteindelijk het dossier onder vermelding van uitgebreide excuses en uitleg op te sturen. De klacht is hiermee kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:10 Raad van Discipline Amsterdam 25-529/A/A
- Datum publicatie: 23-01-2026
- Datum uitspraak: 19-01-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:10
Raadsbeslissing. Klacht over de kwaliteit van dienstverlening van de eigen advocaat is ongegrond. Dat binnen de praktijkgroep sprake zou zijn van een financiële verwevenheid tussen verweerster en mr. G wordt door klaagster niet onderbouwd en door verweerster betwist. Het enkele bestaan van een gezamenlijk postadres en secretariaat is hiervoor naar het oordeel van de raad onvoldoende. Van een door verweerster en mr. G gedeeld financieel belang of winstoogmerk is de raad ook overigens niet gebleken. Voor zover klaagster verweerster verwijt dat zij zich schuldig heeft gemaakt aan belangenverstrengeling in de zin van gedragsregel 15, overweegt de raad dat hiervan alleen sprake kan zijn als verweerster de wederpartij, de man, op enig moment als advocaat zou hebben bijgestaan, en dat is hier niet aan de orde. Het is de raad niet gebleken dat verweerster onvoldoende transparantie richting klaagster heeft betracht of dat de kwaliteit van dienstverlening van verweerster op enige andere wijze onder de maat is geweest. De klacht is daarom ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:18 Hof van Discipline 's Gravenhage 250100
- Datum publicatie: 23-01-2026
- Datum uitspraak: 23-01-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:18
Klacht over de kwaliteit van dienstverlening van eigen advocaat is door de raad van discipline gedeeltelijk gegrond verklaard zonder oplegging van een maatregel. Klaagster verwijt verweerder in hoger beroep nog dat hij in de beroepsprocedure tegen de aan klaagster opgelegde zorgmachtiging heeft nagelaten te laten onderzoeken of het gedrag van klaagster als gevolg van haar psychische stoornis tot ernstig nadeel heeft geleid. Het Hof van Discipline is van oordeel dat het beroep geen doel treft.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:27 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8436
- Datum publicatie: 23-01-2026
- Datum uitspraak: 22-01-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:27
Kennelijk ongegronde klacht tegen een huisarts. Na terugkeer van vakantie in het buitenland krijgt klaagster ernstige buikklachten. Klaagster verwijt de huisarts onder meer dat zij niet de juiste diagnose heeft gesteld en niet adequaat heeft gehandeld naar aanleiding van haar klachten. Het college overweegt dat klaagster in een periode van ruim een half jaar meerdere malen is beoordeeld door verweerster en collega’s van verweerster. Er is op meerdere momenten aanvullend (specialistisch) onderzoek gedaan, wat blijkens het medisch dossier geen verdere aanknopingspunten gaf. De enkele omstandigheid dat later een Helicobacter pylori-bacterie infectie is vastgesteld, maakt niet dat verweerster tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Zij had klaagster al eerder op deze bacterie laten testen en de uitslag was toen negatief. Verweerster had naar het oordeel van het college geen redenen om te twijfelen aan de juistheid van het testresultaat. De klacht is in al haar onderdelen kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:11 Raad van Discipline Amsterdam 25-608/A/A
- Datum publicatie: 23-01-2026
- Datum uitspraak: 19-01-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:11
Raadsbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij is in alle klachtonderdelen ongegrond. Verweerder en mr. H hebben (uitvoerig) met elkaar gecorrespondeerd over de uitvoering van het vonnis en de hieruit voortvloeiende verdeling van de nalatenschap. Blijkens de mailwisseling hebben zij met elkaar geprobeerd om de verdeling van de roerende zaken en de nog aan elkaar te betalen saldi in goede banen te leiden. Dat dit uiteindelijk niet is gelukt omdat klaagster en de cliënte van verweerder geen overeenstemming konden vinden, kan verweerder niet worden verweten. Blijkens de overgelegde e-mailcorrespondentie is van het door verweerder actief belemmeren van de uitvoering van een vonnis in ieder geval geen sprake. Op grond van de inhoud van het klachtdossier kan evenmin worden vastgesteld dat verweerder niet of onvoldoende in staat is geweest om het vonnis op een duidelijke manier aan zijn cliënte uit te leggen. Dat de cliënte van verweerder en verweerder zich niet konden vinden in de wijze waarop klaagster en haar advocaat het vonnis lazen, kan verweerder niet tuchtrechtelijk worden verweten. Het stond de cliënte van verweerder -en daarmee verweerder- op grond van het voorgaande vrij om het vonnis te laten executeren. Verweerder en zijn cliënte waren van mening dat klaagster niet voldeed aan het vonnis en zij hebben dit meermaals aan klaagster en haar advocaat laten weten. Van misbruik van recht door verweerder is daarom geen sprake.