Zoekresultaten 2851-2900 van de 2991 resultaten
-
ECLI:NL:TNORSHE:2021:25 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2020/77
- Datum publicatie: 08-11-2021
- Datum uitspraak: 20-09-2021
- ECLI:NL:TNORSHE:2021:25
De notaris heeft moeder (eigenaar van 12 percelen landbouwgrond) begeleid bij estate planning ten behoeve van haar drie zoons. De gronden waren verpacht aan één van hen. Een andere zoon (klager) verwijt de notaris dat een (mogelijk verontreinigd) perceel dat hij graag had willen verkrijgen, uiteindelijk buiten de verdeling is gehouden en dat de notaris zich niet heeft gehouden aan de wensen van moeder. Ook verwijt klager de notaris dat zij de pachtende zoon heeft bevoordeeld, dat zij klager onder tijdsdruk heeft gezet waardoor hij geen weloverwogen beslissing heeft kunnen nemen, dat zij niet correct met hem heeft gecommuniceerd en dat zij de privacy van moeder heeft geschonden. Klacht ten aanzien van privacyschending niet-ontvankelijk bij gebrek aan een redelijk belang, overige klachtonderdelen ongegrond. Dat de notaris in de gegeven omstandigheden heeft voorgesteld om het perceel, mede met het oog op de door moeder gewenste belastingbesparing, niet over te dragen acht de kamer (zeker) niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Gelet op de mogelijke fiscale consequenties en indachtig de toezegging van de pachtende broer dat geen indeplaatsstelling zou worden gevorderd, acht de kamer het verdedigbaar dat de notaris in de akte van verdeling geen clausule heeft opgenomen over het einde van de pachtovereenkomst. Dat de notaris moeder erop heeft gewezen dat haar testament als gevolg van de schenking van de gronden mogelijk zou moeten worden aangepast om onduidelijkheden in de toekomst te voorkomen, geeft naar het oordeel van de kamer evenmin blijk van partijdigheid en getuigt eerder van de benodigde zorgvuldigheid bij de uitvoering van de wensen van moeder.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2021:26 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/6
- Datum publicatie: 11-01-2022
- Datum uitspraak: 15-11-2021
- ECLI:NL:TNORSHE:2021:26
De klacht gaat over de handelwijze van de notaris (als executeur) in verband met de afwikkeling van erflaatsters nalatenschap. Klager is echter geen cliënt van de notaris. Hij is evenmin erfgenaam, legitimaris, legataris of schuldeiser in erflaatsters nalatenschap. De kamer acht een rechtstreeks belang bij de klacht daarom niet aanwezig. Het feit dat klager de echtgenoot is van één van erflaatsters erfgenamen, met wie hij naar eigen zeggen in gemeenschap van goederen is gehuwd, brengt evenmin met zich dat hij een indirect of afgeleid (financieel) belang heeft bij de klacht. Hierbij speelt een rol dat erflaatster in haar testament een “privé-(uitsluitings)-clausule” heeft opgenomen, op grond waarvan (kort gezegd) al hetgeen uit haar nalatenschap wordt verkregen, niet zal vallen in enige gemeenschap van goederen. De kamer is daarom van oordeel dat klager geen redelijk belang heeft bij de klacht. Hij wordt niet-ontvankelijk verklaard in de klacht.Hoewel de kamer vanwege de niet-ontvankelijkheid van klager op formele gronden niet aan een inhoudelijke beoordeling van de klacht kan toekomen, heeft de kamer - ter voorkoming van een nieuwe klachtzaak - hieraan toch enige overwegingen besteed.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2021:27 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/13
- Datum publicatie: 11-01-2022
- Datum uitspraak: 15-11-2021
- ECLI:NL:TNORSHE:2021:27
Klagers verwijten de notaris dat hij onvoldoende zorgvuldigheid heeft betracht bij de beoordeling van de wilsbekwaamheid en onafhankelijke wilsvorming van erflaatster bij het opmaken van haar laatste testament. Verder verwijten klagers de notaris dat het totaalbedrag van de twee declaraties met betrekking tot het testament onredelijk hoog is en dat de notaris in zijn hoedanigheid van executeur/ afwikkelingsbewindvoerder in erflaatsters nalatenschap onzorgvuldig heeft gehandeld.De kamer heeft de klacht niet-ontvankelijk verklaard voor zover deze ziet op het verzoek om “een creditnota op de wanprestaties” van de notaris. De klacht is voor het overige ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2021:28 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/22
- Datum publicatie: 11-01-2022
- Datum uitspraak: 15-11-2021
- ECLI:NL:TNORSHE:2021:28
De kern van de klacht gaat over de handelwijze van de notaris in verband met de totstandkoming van de Groninger akte. De kamer is van oordeel dat de notaris met zijn handelwijze zijn kerntaken als notaris heeft veronachtzaamd. Notariële kernwaarden als ‘onafhankelijkheid’, ‘onpartijdigheid’ en ‘zorgvuldigheid’ zijn door de notaris geschonden. Bij de totstandkoming van de Groninger akte heeft de notaris niet aan zijn zorg-, voorlichtings- en onderzoeksplicht voldaan. De notaris heeft op verschillende vlakken onzorgvuldig gehandeld en bovendien de belangen van klaagster veronachtzaamd. De notaris heeft namelijk de indruk gewekt dat hij aan de kant van de verkoper stond en daarmee heeft hij de schijn van partijdigheid opgeroepen.De kamer heeft de klacht deels gegrond verklaard en aan de notaris de maatregel van berisping opgelegd.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2021:29 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/3
- Datum publicatie: 12-01-2022
- Datum uitspraak: 18-10-2021
- ECLI:NL:TNORSHE:2021:29
Beslag op derdengeldenrekening. Klaagster heeft in het verleden conservatoir beslag gelegd op de derdengeldenrekening van de voorganger van de notaris. Daarna hebben klaagster en de beslagene in Nederland en België diverse procedures tegen elkaar gevoerd, waarbij de notaris niet betrokken is geweest. Klaagster heeft de notaris opdracht gegeven om op grond van een arrest van een gerechtshof in Nederland (de juridische verhouding tussen klaagster en de beslagene was uitermate gecompliceerd) tot uitbetaling van de beslagen gelden over te gaan. Daarna hebben zowel klaagster als de beslagene executoriaal derdenbeslag doen leggen onder de notaris en is zij door beiden onder dreiging van tuchtklachten/rechtsmaatregelen onder druk gezet om wel of juist niet tot uitbetaling over te gaan. De kamer stelt voorop dat de klacht enkel ziet op het handelen/nalaten van de notaris als derde-beslagene en oordeelt dat het niet op de weg van een derde-beslagene, die tevens notaris is, ligt om klaagster als beslaglegger te adviseren over het innen van haar vordering op de beslagene. De kamer oordeelt dat de notaris ook verder voldoende voortvarend en zorgvuldig heeft gehandeld. Ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2021:3 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2020/36 en 37
- Datum publicatie: 25-03-2021
- Datum uitspraak: 22-02-2021
- ECLI:NL:TNORSHE:2021:3
Klaagster verwijt de notarissen dat zij met een beroep op hun geheimhoudingsplicht weigeren om inzage te verlenen in de aantekeningen die zijn gemaakt bij het opmaken/passeren van erflaters testament. De kamer heeft de klachten ongegrond verklaard. Op grond van artikel 22 lid 1 Wna is een notaris in beginsel verplicht tot geheimhouding van alle informatie waarvan hij/zij uit hoofde van zijn/haar werkzaamheden als zodanig kennis neemt. De vraag hoe ver de geheimhoudingsplicht van een notaris zich uitstrekt, wordt in beginsel door de betrokken notaris zelf beantwoord. Immers, alleen de notaris kan precies beoordelen of bepaalde gegevens onder zijn verschoningsrecht vallen. De (tucht)rechter moet het beroep van de notaris op diens verschoningsrecht aanvaarden zolang hij aan redelijke twijfel onderhevig acht of verstrekking van de gevraagde gegevens zou kunnen geschieden zonder dat (tegenover klaagster) geopenbaard wordt wat verborgen dient te blijven. De kamer heeft geen aanleiding om te veronderstellen dat notaris 1 - die als kandidaat-notaris betrokken was bij het opmaken van het testament en later het protocol van de oud-notaris heeft overgenomen en ook met betrekking tot hetgeen vóór zijn ambtsperiode werd toevertrouwd en aan de bij zijn protocol behorende archieven werd toegevoegd een geheimhoudingsplicht heeft - zich in de gegeven omstandigheden ten onrechte op zijn geheimhoudingsplicht jegens klaagster beroept. Ten aanzien van notaris 2 overweegt de kamer dat de opgevraagde aantekeningen niet tot haar protocol behoren en dat zij reeds hierom niet bevoegd is klaagster inzage te verlenen in de aantekeningen en/of kopieën van deze aantekeningen aan klaagster te verstrekken.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2021:30 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/ 61 en 71
- Datum publicatie: 18-01-2022
- Datum uitspraak: 09-11-2021
- ECLI:NL:TNORSHE:2021:30
Bekrachtiging ordemaatregel ex 106 lid 5 Wna tot opschorting van de toevoeging van de toegevoegd notaris en ontzegging van de bevoegdheid om waar te nemen. Betrokkene heeft jarenlang op grote schaal onbevoegd de inloggegevens van twee oud-collega’s gebruikt om uit eigen nieuwsgierigheid en op verzoek van derden inzage te doen in het online zakelijke portaal van het kadaster. Daardoor heeft hij niet alleen aanzienlijke financiële schade toegebracht aan zijn oud-werkgever maar ook de privacy van derden – en daarmee het vertrouwen dat rechtzoekenden in het notariaat moeten kunnen stellen – in ernstige mate geschaad. Nu betrokkene in al die jaren klaarblijkelijk niet zelf tot het inzicht is gekomen dat hij het vertrouwen in het notariaat en in zijn eigen beroepsuitoefening door zijn handelwijze zou (kunnen) schaden, terwijl het strafrechtelijke en tuchtrechtelijke onderzoek nog niet is afgerond, is de kamer er vooralsnog niet van overtuigd dat het ernstige gevaar voor benadeling van derden is geweken.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2021:31 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2020/25 en 35
- Datum publicatie: 18-01-2022
- Datum uitspraak: 06-12-2021
- ECLI:NL:TNORSHE:2021:31
Executoriale verkoop van de helft van een berging. Klagers hadden jarenlang de rechter berging in gebruik en hun buren de linker berging, als kort voor de executoriale verkoop in opdracht van de hypotheekbank van de buren blijkt dat het Kadaster beide bergingen “andersom” heeft vernummerd. Na aanvankelijke schorsing van de executie heeft de bank de notaris opdracht gegeven deze te hervatten. De kamer oordeelt dat het niet vanzelfsprekend op de weg van de notaris, die (enkel) optrad als veilingnotaris, lag om voor hervatting van de executie een regeling te treffen om de juridische situatie door middel van een akte van dwaling of ruilovereenkomst in overeenstemming te brengen met de feitelijke situatie. Dat de notaris zijn medewerking heeft verleend aan de eigendomsoverdracht van de rechter berging aan de veilingkopers, acht de kamer niet klachtwaardig. Evenmin klachtwaardig dat hij zich nadien – na kort geding vonnis – bij gebrek aan een andersluidend declaratoir vonnis op het standpunt is blijven stellen dat de rechter berging in eigendom was overgedragen aan de veilingkopers. Enkele klachtonderdelen en verzoeken niet-ontvankelijk, klacht voor het overige ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2021:32 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/74
- Datum publicatie: 18-01-2022
- Datum uitspraak: 20-12-2021
- ECLI:NL:TNORSHE:2021:32
Verzet ongegrond. Ten overvloede overweegt de kamer dat het de bedoeling is dat klagers zich in hun processtukken beperken tot een zakelijke weergave van het handelen en/of nalaten van de notaris waarover wordt geklaagd. De kamer constateert dat klaagster in de afgelopen jaren meerdere klachten heeft ingediend waarbij zij zich regelmatig (zeer) beledigend heeft uitgelaten over degenen die volgens haar een verwerpelijke rol hebben gespeeld bij de verdeling van de woning die voorheen mede aan haar eigendom toebehoorde. De kamer is van oordeel dat klaagster zich in haar verzetschrift zo beledigend en onnodig grievend heeft uitgelaten over (onder meer) de beklaagde notaris dat zij daarmee de betamelijkheidsgrens heeft overschreden. Daarom zal de kamer soortgelijke respectloze processtukken van klaagster in het vervolg niet meer in behandeling nemen.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2021:33 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/79
- Datum publicatie: 18-01-2022
- Datum uitspraak: 20-12-2021
- ECLI:NL:TNORSHE:2021:33
Benoeming zware waarnemer van protocol van ontslagen notaris nadat de ontslagen notaris haar protocol als kandidaat-notaris 30a Wna een jaar lang zelf heeft waargenomen. I.v.m. uitspraak gerechtshof Amsterdam van 17-11-2020 (ECLI:NL:GHAMS:2020:3001) overweegt de kamer dat de termijn gedurende welke het redelijk kan worden geacht dat de praktijk nog voor rekening en risico van een ontslagen notaris wordt voortgezet in beginsel maximaal één jaar bedraagt. Nu zich echter kennelijk nog niemand heeft aangediend om het protocol over te nemen, acht de kamer het niet in het belang van rechtzoekenden als na 1 januari 2022 niet in de waarneming van het protocol zou worden voorzien en dit protocol zou gaan “zweven”. Daarom ziet de kamer zich in de gegeven omstandigheden, niettegenstaande de uitgangspunten die het gerechtshof in de genoemde beslissing heeft geformuleerd, bij wijze van uitzondering genoodzaakt om mr. [Y] per 1 januari 2022 te benoemden tot zware waarnemer van dit protocol totdat dit door een andere notaris zal worden overgenomen.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2021:34 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/20
- Datum publicatie: 01-02-2022
- Datum uitspraak: 20-12-2021
- ECLI:NL:TNORSHE:2021:34
Klagers verwijten de notaris dat hij onvoldoende zorgvuldigheid heeft betracht bij de beoordeling van de wilsbekwaamheid van vader toen hij op 28 november 2019 zijn testament passeerde. Ook heeft de notaris volgens klagers onvoldoende gewaarborgd dat vader zijn wil op onafhankelijke wijze - zonder beïnvloeding van de partner - aan de notaris heeft kunnen overbrengen.Hoewel klagers niet rechtstreeks betrokken zijn geweest bij de handelwijze van de notaris, is de kamer van oordeel dat zij als kinderen en versterferfgenamen van vader een redelijk belang hebben bij hun klacht. Dat vader thans nog in leven is en zijn testament in theorie nog kan wijzigen, maakt dit niet anders. De klacht ziet immers op de wijze van totstandkoming van het testament en niet op de inhoud daarvan (vgl. gerechtshof Amsterdam 16 april 2019, ECLI:NL:GHAMS:2019:1383). De kamer heeft de klacht vervolgens ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2021:4 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2019/53
- Datum publicatie: 01-04-2021
- Datum uitspraak: 15-03-2021
- ECLI:NL:TNORSHE:2021:4
Klaagster verwijt de notaris dat zij onvoldoende zorgvuldigheid heeft betracht bij de beoordeling van de wilsbekwaamheid van vader toen zij zijn testament passeerde. Ook heeft de notaris volgens klaagster onvoldoende gewaarborgd dat vader zijn wil op onafhankelijke wijze - zonder beïnvloeding van derden - aan de notaris heeft kunnen overbrengen. Naar het oordeel van de kamer kon en mocht de notaris concluderen dat vader wilsbekwaam was om bij testament over zijn nalatenschap te beschikken. Daarbij neemt de kamer mede in aanmerking dat de notaris zich overeenkomstig de aanbeveling uit het Stappenplan bij haar uiteindelijke besluitvorming over de wilsbekwaamheid van vader tijdens het passeren van het testament bij hem thuis heeft laten bijstaan door twee getuigen. De notaris heeft naar het oordeel van de kamer eveneens een voldoende zorgvuldige invulling gegeven aan haar taak om te waken voor een vrije en onafhankelijke wilsvorming van vader. Dat de notaris niet op enig moment afzonderlijk met vader de relevante aspecten van zijn testament heeft besproken, maar steeds in het bijzijn van zijn echtgenote, is naar het oordeel van de kamer in de gegeven omstandigheden verantwoord geweest. De klacht wordt ongegrond verklaard
-
ECLI:NL:TNORSHE:2021:5 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2020/51
- Datum publicatie: 01-04-2021
- Datum uitspraak: 15-03-2021
- ECLI:NL:TNORSHE:2021:5
De kamer begrijpt dat klagers de oud-notaris verwijten dat hij in zijn hoedanigheid van bewindvoerder over het vermogen van oma onzorgvuldig heeft gehandeld. Naar het oordeel van de kamer is niet voldoende gebleken dat klager bevoegd is om namens klaagster op te treden. De klacht van klaagster wordt reeds hierom niet-ontvankelijk verklaard. Hoewel klager niet rechtstreeks betrokken is geweest bij de handelwijze van de oud-notaris, is de kamer van oordeel dat hij als kleinkind en erfgenaam van oma een indirect/afgeleid belang heeft. In deze zaak heeft de oud-notaris gehandeld in hoedanigheid van bewindvoerder. Naar het oordeel van de kamer houden de gedragingen van een bewindvoerder voldoende verband met zijn voormalige hoedanigheid als notaris, zodat de oud-notaris zich tot de datum van zijn defungeren ook voor zijn handelen als bewindvoerder tuchtrechtelijk moet verantwoorden. Over de periode daarna tot aan het overlijden van oma is de oud-notaris tuchtrechtelijk niet aansprakelijk, omdat hij toen geen notaris meer was. Klager stelt slechts in algemene zin dat de oud-notaris onzorgvuldig heeft gehandeld. Hij heeft nagelaten zijn algemene stellingen voldoende te concretiseren en toe te lichten. Weliswaar heeft klager een enorme hoeveelheid bijlagen overgelegd, maar hij heeft de relevantie van de inhoud van deze bijlagen in het kader van deze tuchtklacht niet, althans onvoldoende geduid. Klager heeft geen aanknopingspunten aangereikt om tot het oordeel te kunnen komen dat de oud-notaris als bewindvoerder tot zijn defungeren tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. De klacht van klager wordt daarom ongegrond verklaard. Bij dit oordeel heeft de kamer betrokken dat door klager onweersproken is gelaten dat alle door de oud-notaris ingediende rekeningen en verantwoordingen (tot zijn defungeren) steeds door de kantonrechter zijn goedgekeurd
-
ECLI:NL:TNORSHE:2021:6 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2020/46
- Datum publicatie: 21-04-2021
- Datum uitspraak: 12-04-2021
- ECLI:NL:TNORSHE:2021:6
Afwikkeling eenvoudige nalatenschap waarover tussen erfgenamen geen onenigheid bestaat. De notaris is vanaf het overlijden van erflaatster medio 2007 betrokken geweest bij haar nalatenschap en medio 2012 benoemd als vereffenaar daarvan. Ruim 13 jaren later en b ijna 1,5 jaar na zijn toezegging bij de mondelinge behandeling van de eerste tuchtklacht over zijn handelwijze in deze nalatenschap en al zijn toezeggingen nadien, heeft de notaris de nalatenschap echter nog altijd niet afgewikkeld. Inmiddels zijn al meerdere erfgenamen overleden die hun aandeel in de nalatenschap nooit hebben mogen ontvangen. De notaris heeft pas na 13 jaren concrete informatie gegeven aan de erfgenamen over de omvang en samenstelling van de nalatenschap en de daarna opgestelde “boedelbeschrijving achteraf” beschouwt de kamer als een blamage. De notaris wekt de indruk van gemakzucht en slordigheid, mede door fouten en inconsequenties in zijn (proces)stukken, terwijl hij er mede door zijn (proces)houding n og altijd geen blijk van geeft dat hij zich er daadwerkelijk van bewust is dat hij als notaris en uit hoofde van zijn benoeming als vereffenaar gehouden is de belangen van de erfgenamen met de grootst mogelijke zorgvuldigheid te behartigen en dat hij daarbij in de gegeven omstandigheden voldoende voortvarend moet handelen. Hierdoor heeft de notaris het vertrouwen dat rechtzoekenden in het notariaat moeten kunnen stellen in ernstige mate beschadigd, terwijl hij de belangen van klager bovendien niet met de grootst mogelijke zorgvuldigheid heeft behartigd. Zorgvuldigheid is één van de kernwaarden van het notariaat. De kamer rekent dit de notaris zeer ernstig aan, vooral ook omdat de tuchtrechter eerder tuchtmaatregelen aan hem heeft opgelegd. Deze maatregelen hebben gezien het in de beslissing beschreven en beoordeelde handelen en nalaten van de notaris niet geleid tot de daarmee beoogde gedragsverandering. In deze zaak heeft de notaris naar het oordeel van de kamer wederom een hoge mate van desinteresse tentoongespreid. Dat de notaris in de periode tussen de beslissing op de eerste klacht over de nalatenschap en de indiening van deze tweede klacht zelfs niet de moeite heeft genomen om te reageren op de berichten van klager, heeft de kamer geschokt. Daarom is de kamer van oordeel dat het ter bescherming van het maatschappelijk vertrouwen in de zorgvuldige vervulling van het notarisambt noodzakelijk is de tuchtmaatregel van ontzetting uit het ambt op te leggen. Proc eskostenveroordeling.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2021:7 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2020/40
- Datum publicatie: 30-04-2021
- Datum uitspraak: 12-04-2021
- ECLI:NL:TNORSHE:2021:7
De notaris heeft een stamrecht-B.V. ontbonden op basis van de enkele mededeling van de (inmiddels overleden) enig aandeelhouder dat de stamrechten waren uitgekeerd. Daarna volgt een forse belastingaanslag. Daargelaten of erflater daadwerkelijk heeft meegedeeld dat de stamrechten volledig waren uitgekeerd, is de kamer van oordeel dat de notaris verder had moeten doorvragen en/of nader onderzoek had moeten doen om erflater in de gegeven omstandigheden juist en volledig te kunnen informeren over de fiscale gevolgen van de beoogde ontbinding. Door geen (voldoende) invulling te geven aan zijn onderzoek- en Belehrungspflicht, heeft de notaris notariële kernwaarden geschonden. Dat de notaris bovendien niet heeft gereageerd op de (zes) herhaalde verzoeken van erflater en zijn advocaat om contact op te nemen over de kwestie vindt de kamer uitermate verwerpelijk. Door niets van zich te laten horen, heeft hij erflater maandenlang - tot zijn overlijden - in het ongewisse gelaten. Van een behoorlijk handelend notaris mag worden verwacht dat hij, als hij ontdekt dat hij (mogelijk) een fout heeft gemaakt, alles in het werk stelt om deze fout te herstellen dan wel, indien herstel niet mogelijk blijkt, te zorgen voor een passende vergoeding van de schade die een benadeelde (cliënt) door zijn handelwijze heeft geleden. Dit geldt eens te meer nu de notaris er ten tijde van de ontbinding van de B.V. al van op de hoogte was dat erflater ongeneeslijk ziek was, terwijl erflater hem kort nadat hij bekend was geworden met de negatieve fiscale gevolgen heeft laten weten dat hij nog maar kort te leven had en dat hij de ontstane situatie voor zijn overlijden afdoende geregeld wilde hebben. Ook dit nalaten rekent de kamer de notaris ernstig aan. Berisping en proceskostenveroordeling
-
ECLI:NL:TNORSHE:2021:8 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2020/42
- Datum publicatie: 30-04-2021
- Datum uitspraak: 15-03-2021
- ECLI:NL:TNORSHE:2021:8
Klacht van zus over (met name) beoordeling van de wilsbekwaamheid van haar broer door de notaris bij het opmaken van zijn levenstestament. Kamer verklaart klacht niet-ontvankelijk omdat zus niet als belanghebbende kan worden aangemerkt. Bij de mondelinge behandeling heeft zus ook naar voren gebracht dat het van “redelijk en algemeen belang” is om kwetsbare mensen met bijvoorbeeld de diagnose alzheimer in de toekomst te behoeden voor de situatie waarin haar broer is komen te verkeren. De kamer is echter van oordeel dat de kring van belanghebbenden niet zo ruim is dat iedereen in het kader van het algemeen belang van de bescherming van de rechtszekerheid en het vertrouwen in het notariaat een klacht tegen een notaris kan indienen.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2021:9 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2020/72 en 73
- Datum publicatie: 17-05-2021
- Datum uitspraak: 19-04-2021
- ECLI:NL:TNORSHE:2021:9
Klager verwijt de notaris en de kandidaat-notaris dat zij onzorgvuldig, afhankelijk en partijdig hebben gehandeld bij de overdracht van de woning en de garages, die in eigendom toebehoorden aan klager en zijn ex-echtgenote. De meeste klachtonderdelen worden niet-ontvankelijk verklaard, omdat deze (ruim) na het verstrijken van de vervaltermijn van drie jaren (artikel 99 lid 21 Wna) bij de kamer zijn ingediend. Eén klachtonderdeel, dat betrekking heeft op de uitbetaling van de onder de notaris gedeponeerde tegoeden, wordt ongegrond verklaard
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:1 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/23
- Datum publicatie: 12-01-2022
- Datum uitspraak: 03-01-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:1
Wijziging volmachten van vader en moeder. Ook bij een minder ingrijpende rechtshandeling moet de notaris nagaan of de betrokken cliënt wilsbekwaam is. In de gegeven omstandigheden, waarbij een 82-jarige vrouw die volgens haar echtgenoot “communicatief enigszins beperkt is”, die het woord volledig laat voeren door haar echtgenoot en die haar volmacht volgens haar echtgenoot zo zou willen wijzigen dat het risico bestond dat door onenigheid tussen de kinderen een onwerkbare situatie zou ontstaan (die de notaris eerder uitdrukkelijk had ontraden) is de kamer van oordeel dat de notaris geen genoegen had mogen nemen met enkel een instemmende reactie van moeder op zijn gesloten (suggestieve) vraag. Klacht ten aanzien van moeder gegrond. Waarschuwing en proceskostenveroordeling. Verder ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:10 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/41
- Datum publicatie: 05-04-2022
- Datum uitspraak: 21-03-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:10
Het draait in deze zaak om de vraag of door de kandidaat-notaris via de nota van afrekening ten onrechte bepaalde kosten in mindering zijn gebracht op de verkoopopbrengst en om de vraag of bepaalde kosten via de nota van afrekening verrekend hadden moeten worden. Daarnaast is het de vraag of de kandidaat-notaris is tekortgeschoten in de communicatie jegens klager.De kamer verklaart de klacht ongegrond. De kamer komt namelijk tot de conclusie dat de nota van afrekening onder verantwoordelijkheid van de notaris is opgemaakt. De notaris is uiteindelijk ook overgegaan tot uitbetaling van de verkoopopbrengst. De kandidaat-notaris is hiervoor niet verantwoordelijk.Verder constateert de kamer dat de kandidaat-notaris de e-mails van klager steeds (inhoudelijk) heeft beantwoord. Voor zover klager behoefte had aan een nadere toelichting, had het op zijn weg gelegen om de kandidaat-notaris hiervan op de hoogte te brengen. Uit de overgelegde stukken blijkt niet dat klager dit heeft gedaan. Hier komt bij dat de notaris de communicatie van de kandidaat-notaris met klager op enig moment heeft overgenomen. De kandidaat-notaris valt dan ook geen tuchtrechtelijk verwijt te maken.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:11 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/68
- Datum publicatie: 05-04-2022
- Datum uitspraak: 21-03-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:11
De klacht gaat - samengevat - over de wijze waarop de notaris zijn werkzaamheden als executeur van de nalatenschap van de heer [A] heeft verricht. De voorzitter van de kamer heeft geoordeeld dat deze klacht, die klager namens de overleden heer [A] heeft ingediend, terwijl de klacht bovendien betrekking heeft op het handelen van de notaris ná diens overlijden, kennelijk niet-ontvankelijk is. De kamer heeft het verzet van klager tegen deze beslissing van de voorzitter ongegrond verklaard.Eerst tijdens de mondelinge behandeling van het verzet heeft klager meegedeeld dat hij de klacht mede namens zichzelf heeft ingediend. Voor zover dat het geval is, sluit de kamer zich aan bij het oordeel van de voorzitter dat de klacht ook dan kennelijk niet-ontvankelijk is.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:12 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/69
- Datum publicatie: 05-04-2022
- Datum uitspraak: 21-03-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:12
Klager heeft een klacht tegen de kandidaat-notaris ingediend. De voorzitter van de kamer heeft geoordeeld dat deze klacht, die klager namens de overleden heer [A] heeft ingediend, terwijl de klacht bovendien betrekking heeft op het handelen van de notaris ná diens overlijden, kennelijk niet-ontvankelijk is. De kamer heeft het verzet van klager tegen deze beslissing van de voorzitter ongegrond verklaard.Eerst tijdens de mondelinge behandeling van het verzet heeft klager meegedeeld dat hij de klacht mede namens zichzelf heeft ingediend. Voor zover dat het geval is, sluit de kamer zich aan bij het oordeel van de voorzitter dat de klacht ook dan kennelijk niet-ontvankelijk is.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:13 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/38
- Datum publicatie: 05-04-2022
- Datum uitspraak: 21-03-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:13
De klacht gaat over de handelwijze van de notaris in haar hoedanigheid van executeur in de nalatenschap van klaagsters vader. Aangezien klaagster en de andere deelgenoten het niet eens konden worden over de verkoop van een bosperceel en de verdeling van erflaters nalatenschap, heeft de rechtbank in 2017 beslist dat voor het geval klaagster binnen twee weken na betekening van het betreffende vonnis niet haar volledige en onvoorwaardelijke medewerking aan de verkoop en/of levering van het bosperceel zou verlenen, het vonnis in de plaats treedt van de onderhandse akte tot opdrachtverlening aan de makelaar en de onderhandse akte tot verkoop van het bosperceel, alsmede van de notariële akte tot levering van het perceel. In 2019 heeft de notaris in haar hoedanigheid van executeur het bosperceel verkocht aan een derde. Aan een andere notaris (notaris C) is opdracht gegeven om de levering van het bosperceel te verzorgen. De levering heeft op 11 november 2019 plaatsgevonden.Vast staat dat betekening van het vonnis aan klaagster niet heeft plaatsgevonden.Met hetgeen de notaris heeft erkend staat eveneens vast dat zij niet heeft onderzocht of de voorwaarde waaronder het vonnis in de plaats mocht treden voor klaagsters medewerking in vervulling was gegaan, toen zij als executeur tot verkoop van het bosperceel overging. Evenmin staat ter discussie dat de communicatie tussen notaris C en de deelgenoten liep via de notaris in haar hoedanigheid van (professioneel) executeur in erflaters nalatenschap. De notaris heeft bij e-mail aan (de medewerkster van) notaris C meegedeeld dat klaagster geen volmacht had getekend en het vonnis dus in de plaats treedt van de medewerking van klaagster.Als gevolg van de handelwijze van de notaris is klaagster ten onrechte niet bij de verkoop en het passeren van de akte van levering van het bosperceel betrokken. Niet in geschil is dat klaagster pas naderhand (namelijk in december 2020) bekend is geworden met de verkoop en de levering. Door klaagster volledig buiten de verkoop en levering van het bosperceel te houden, heeft de notaris het klaagster onmogelijk gemaakt zich tijdig te laten informeren en voorlichten over de onderliggende koopakte, de inhoud van de akte van levering en de aan de deelgenoten in rekening gebrachte kosten. De klacht wordt in zoverre gegrond verklaard en aan de notaris wordt de maatregel van berisping opgelegd. De klacht wordt niet-ontvankelijk verklaard voor zover deze ziet op het verzoek van klaagster om de notaris op te dragen over te gaan tot afgifte van het complete dossier aan klaagster. De klacht wordt voor het overige ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:14 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/39
- Datum publicatie: 05-04-2022
- Datum uitspraak: 21-03-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:14
De klacht heeft betrekking op de door de notaris in 2019 gepasseerde akte van levering ten aanzien van een bosperceel, waarbij een vonnis in de plaats is getreden van de medewerking van klaagster. Genoemd vonnis was op dat moment nog niet betekend aan klaagster.Volgens de kamer rust op een notaris een zwaarwegende zorgplicht om te onderzoeken of is voldaan aan de in de wet gestelde vereisten voor het intreden van de rechtsgevolgen die worden beoogd met de in een akte opgenomen rechtshandelingen. Zo dient een notaris bij het verlijden van een akte strekkende tot overdracht van registergoederen in ieder geval te onderzoeken wie bevoegd is/zijn om over het registergoed te beschikken. Niet ter discussie staat dat klaagster en anderen gezamenlijk bevoegd waren om over het bosperceel te beschikken. In beginsel was dus voor de levering van het bosperceel de medewerking van ieder van hen vereist. In dit geval had de rechtbank in 2017 beslist dat voor het geval klaagster binnen twee weken na betekening van het vonnis niet haar volledige en onvoorwaardelijke medewerking aan de verkoop en/of levering van het bosperceel zou verlenen, het vonnis in de plaats treedt van de onderhandse akte tot opdrachtverlening aan de makelaar en de onderhandse akte tot verkoop van het bosperceel, alsmede van de notariële akte tot levering van het perceel. Uit het dictum van dat vonnis volgt duidelijk dat betekening van het vonnis aan klaagster noodzakelijk was. Dat brengt mee dat de notaris - alvorens het vonnis te gebruiken in plaats van de medewerking van klaagster - diende te onderzoeken of betekening van het vonnis aan klaagster had plaatsgevonden. Vast staat dat de notaris dit onderzoek niet heeft gedaan. Hij heeft verklaard dat hij enkel is afgegaan op de e-mail van een andere notaris waarin die notaris had meegedeeld dat het vonnis in de plaats treedt van de medewerking van klaagster. De kamer verklaart de klacht daarom gegrond, maar ziet in de omstandigheden van het geval geen reden om een maatregel op te leggen. De klacht wordt niet-ontvankelijk verklaard voor zover deze ziet op het verzoek om de notaris op te dragen over te gaan tot afgifte van het complete dossier aan klaagster.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:15 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/42
- Datum publicatie: 26-04-2022
- Datum uitspraak: 21-03-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:15
Klacht niet-ontvankelijk wegens verstrijken vervaltermijn.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:16 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/47
- Datum publicatie: 26-04-2022
- Datum uitspraak: 21-03-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:16
Tweede klacht van klager tegen notaris over o.a. uitbetaling van depotgelden en onjuiste declaratie. De notaris heeft erkend dat haar declaratie fouten bevatte en dat de door haar aanvankelijk gestelde voorwaarde voordat zij tot uitbetaling van de depotgelden kon overgaan, geen beletsel had behoren te vormen voor uitbetaling van die gelden aan klager. Klacht in zoverre gegrond. Mede omdat de kamer n.a.v. de eerste klacht over hetzelfde dossier een waarschuwing aan de notaris had opgelegd, had van de notaris verwacht mogen worden dat zij dit dossier voldoende alert en voortvarend zou afhandelen. Nu zij de belangen van klager (wederom) niet met de vereiste zorgvuldigheid heeft behartigd, legt de kamer opnieuw een waarschuwing op met een proceskostenveroordeling.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:17 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/58
- Datum publicatie: 26-04-2022
- Datum uitspraak: 21-03-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:17
Klaagster is mede-erfgename van de nalatenschap van haar vader. Het had op de weg van de notaris gelegen haar (in ieder geval) uiterlijk na afgifte van de verklaring van erfrecht zonder verder uitstel te informeren over haar rechtspositie als mede-erfgename. De notaris en de onder zijn regie werkzame medewerkster hebben notariële kernwaarden zoals onafhankelijkheid, onpartijdigheid en zorgvuldigheid geschonden, waardoor de belangen van klaagster zijn veronachtzaamd en bij haar de indruk heeft kunnen ontstaan dat de notaris met name rekening heeft gehouden met de belangen van haar zus en/of moeder. Berisping en proceskostenveroordeling
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:18 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/28
- Datum publicatie: 28-04-2022
- Datum uitspraak: 25-04-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:18
Notaris heeft mede gehandeld in hoedanigheid van bestuurder van de STAK van een familiebedrijf. Nadien is hij ook notariële werkzaamheden voor klaagster (weduwe van de grondlegger van dat bedrijf en medebestuurder van de STAK) blijven verrichten i.v.m. de verdeling van de ontbonden huwelijksgemeenschap en de nalatenschap, waarvan de certificaten van de holding deel uitmaakten. In verband met de nauwe verwevenheid van de belangen van (de holding van) het familiebedrijf en de STAK en klaagster oordeelt de kamer dat de notaris in beginsel ook tuchtrechtelijk aan te spreken is op de werkzaamheden die hij in zijn hoedanigheid van bestuurder van de STAK heeft verricht. Groot deel van de klachten niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de klachttermijn. Kamer oordeelt dat de notaris zijn notariële geheimhoudingsplicht heeft geschonden door de ontwerpakte van verdeling ook aan andere medebestuurders van de STAK toe te sturen en door op een vergadering van de STAK mededelingen te doen over de motieven van de grondlegger om zijn aandelen te certificeren. Door zitting te nemen in het bestuur van de STAK en tegelijkertijd notariële werkzaamheden te (blijven) verrichten ten behoeve van klaagster, is de notaris met “een dubbele pet op” gaan handelen. In die situatie had hij er, gelet op het zwaarwegende maatschappelijke belang van de notariële geheimhoudingsplicht, eens te meer op bedacht moeten zijn in welke hoedanigheid hij bepaalde werkzaamheden verrichtte. Schending kernwaarde waarop de wettelijke en maatschappelijke vertrouwenspositie van het notariaat zijn gefundeerd. Berisping en proceskostenveroordeling.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:19 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/48 en 49
- Datum publicatie: 19-05-2022
- Datum uitspraak: 16-05-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:19
De klachten gaan over verschillende notariële werkzaamheden die de oud-notaris en de notaris voor (de familie van) klaagster hebben verricht. Gelet op het klaagschrift, de overgelegde stukken en het feit dat de oud-notaris is gedefungeerd heeft de kamer begrepen dat de klachtonderdelen 1 tot en met 4 tegen de oud-notaris zijn gericht en dat de klachtonderdelen 5 tot en met 11 tegen de notaris zijn gericht. Uit het klaagschrift volgt dat klachtonderdeel 12 tegen beide notarissen is gericht. De kamer is van oordeel dat een aantal klachtonderdelen te laat is ingediend en daarom niet-ontvankelijk is. De overige klachtonderdelen zijn ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:2 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/27
- Datum publicatie: 18-01-2022
- Datum uitspraak: 03-01-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:2
Klacht tegen veilingnotaris over lage opbrengst executoriale (internet)veiling kantoorgebouw. Kamer stelt voorop dat het een feit van algemene bekendheid is dat de op executoriale veilingen gerealiseerde opbrengst van onroerende zaken (ver) onder de marktwaarde kan liggen. Niet klachtwaardig dat veilingnotaris startbedrag van afslagveiling niet op hoger bedrag heeft bepaald. Hij heeft voldoende moeite gedaan om een zo hoog mogelijke verkoopopbrengst te realiseren. Ondanks verwarrende mededeling in proces-verbaal van veiling van platformnotaris heeft veilingnotaris gezorgd voor eigendomsoverdracht aan de juiste bieder. Klager heeft diverse handgeschreven (moeilijk leesbare) faxberichten aan veilingnotaris gestuurd. Herhaald verzoek van veilingnotaris om voortaan berichten met getypte tekst of duidelijke blokletters te sturen, niet onredelijk. Notaris heeft naar behoren met klager gecommuniceerd. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:20 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/81 en 82
- Datum publicatie: 20-06-2022
- Datum uitspraak: 13-06-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:20
Klacht tegen oud-notaris en notaris. Notaris passeert in 2021 een akte van rectificatie omdat klager door oud-notaris in 2007 ten onrechte als schuldenaar is opgenomen in een hypotheekakte. Klacht tegen oud-notaris m.b.t. inhoud van die hypotheekakte niet-ontvankelijk wegens verstrijken van de klachttermijn. Oud-notaris heeft niet gereageerd op herhaalde aansprakelijkstelling door klager. Voor zover de oud-notaris ervan is uitgegaan dat de notaris daarop (mede) namens hem zou reageren, had het op zijn weg gelegen zich ervan te vergewissen dat de notaris en/of de verzekeraar dat ook daadwerkelijk zou(den) doen en zo nodig te bevorderen dat dit alsnog zou gebeuren en/of zelf contact op te nemen met de gemachtigde van klager om erop te wijzen dat de notaris en/of de verzekeraar mede namens hem zou(den) reageren. Ingevolge art. 15 Vbg 2011 ligt het weliswaar op de weg van de notaris zorg te dragen voor een deugdelijke verzekering van het risico van zijn eigen beroepsaansprakelijkheid en dat van zijn protocolvoorganger (de oud-notaris), maar naar het oordeel van de kamer ontslaat dit de oud-notaris in de in de beslissing omschreven omstandigheden niet van zijn verantwoordelijkheid voor een deugdelijke afhandeling van een aansprakelijkstelling. Waarschuwing en proceskostenveroordeling. Klacht tegen notaris ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:21 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/60
- Datum publicatie: 20-06-2022
- Datum uitspraak: 13-06-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:21
Klager verwijt de kandidaat-notaris in de kern dat hij de levering van het aandeel van mevrouw J in het perceel grond aan klager niet voortvarend afhandelt. De kamer is van oordeel dat de kandidaat-notaris zorgvuldig handelt door niet mee te werken aan de levering van het aan mevrouw J toekomende aandeel in het perceel grond aan klager, zolang klager en mevrouw J geen overeenstemming hebben over de omvang van dit aandeel of de civiele rechter daarover geen onherroepelijke of uitvoerbaar bij voorraad verklaarde uitspraak heeft gedaan. Het betreffende klachtonderdeel wordt daarom ongegrond verklaard. Hetzelfde geldt voor het klachtonderdeel dat betrekking heeft op de levering van het aandeel van een andere gerechtigde in het perceel grond aan klager. Ook het verwijt dat het niet of pas op lange termijn lukt om een afspraak te maken met de kandidaat-notaris wordt ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:22 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2022/25 en SHE/2022/15
- Datum publicatie: 20-06-2022
- Datum uitspraak: 13-06-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:22
De door klaagster ingediende klacht ziet op het handelen van de notaris in 2011/2012 met betrekking tot het opstarten van een veiling van de aan klaagster in eigendom toebehorende registergoederen. De voorzitter van de kamer heeft geoordeeld dat, voor zover de klacht is gericht tegen anderen dan de notaris, klaagster kennelijk niet-ontvankelijk is in haar klacht en dat, voor zover de klacht is gericht tegen de notaris, de klacht te laat is ingediend en daarom eveneens kennelijk niet-ontvankelijk is.De kamer verenigt zich met het oordeel van de voorzitter en de daaraan ten grondslag liggende motivering. Het verzet van klaagster tegen de beslissing van de voorzitter wordt ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:23 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2022/3
- Datum publicatie: 05-07-2022
- Datum uitspraak: 27-06-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:23
Klachten over (door)levering van scheepscasco’s, die daarna niet worden afgebouwd. Bank weigert uitbetaling van nakomingsgaranties (Performance Bonds) aan klaagster omdat de notaris een deel van de betalingstermijn aan een derde heeft uitbetaald, terwijl in de garanties is bepaald dat deze termijn volledig moet worden overgemaakt naar de rekening van verkoper bij de bank. Dat de notaris geen kennis heeft genomen van de inhoud van die garanties acht de kamer in de gegeven omstandigheden in strijd met zijn zwaarwegende zorgplicht ten opzichte van klaagster, die aanzienlijke bedragen aan hem had toevertrouwd. Het verweer van de notaris dat hij niet gehouden was de garanties inhoudelijk te controleren omdat hij ten behoeve van deze twee professionele partijen enkel als “instrumenterend” notaris optrad tegen een beperkt honorarium wordt verworpen, waarbij wordt aangetekend dat de (geringe) hoogte van het bedongen honorarium geen rechtvaardiging kan vormen voor het niet voldoen aan de notariële (zorg)plicht(en). Gegrond. Klachten over onvoldoende onderzoek naar aankomsttitels en teboekstelling van casco niet-ontvankelijk wegens overschrijding klachttermijn. Klacht over niet tijdige doorhaling van hypotheekrecht van onvoldoende gewicht. Klacht over wijze waarop de notaris heeft gereageerd op de klachten en de aansprakelijkstelling ongegrond. Afwijzing van verzoek tot gelasten van vooronderzoek ex 99a Wna. Waarschuwing en proceskostenveroordeling.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:24 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/78
- Datum publicatie: 05-07-2022
- Datum uitspraak: 27-06-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:24
Klager verwijt de oud-notaris dat hij heeft nagelaten om klager voorafgaande aan het passeren van de akte van levering te informeren over het ten behoeve van klager op de woning rustende voorkeursrecht.De kamer is van oordeel dat de klacht te laat is ingediend en daarom niet-ontvankelijk is. De kamer komt daarmee niet toe aan de inhoudelijke beoordeling van het door klager aan het adres van de oud-notaris gemaakte verwijt.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:25 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2022/9
- Datum publicatie: 05-07-2022
- Datum uitspraak: 27-06-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:25
Klager verwijt de notaris in de kern dat hij de verklaring van erfrecht in de nalatenschap van de neef niet voortvarend opmaakt. Naar het oordeel van de kamer heeft de notaris echter voldoende toegelicht en onderbouwd dat de opdracht complex en tijdrovend is. De notaris had (en heeft) tijd nodig om de voor het opmaken van de verklaring van erfrecht benodigde informatie te verkrijgen, die te verifiëren en te verwerken. Naar het oordeel van de kamer is onvoldoende aannemelijk geworden dat de notaris dat onvoldoende voortvarendheid heeft aangepakt. Daar komt bij dat de notaris zijn werkzaamheden per augustus 2021 heeft opgeschort, omdat klager één declaratie van maart 2021 en de latere declaratie van 28 juni 2021 onbetaald heeft gelaten en hij geen voorschot heeft voldaan. Klager heeft niet weersproken dat de notaris hem meerdere malen herinneringen heeft gestuurd en dat hij de notaris herhaaldelijk heeft toegezegd de openstaande declaraties te zullen voldoen. De kamer is van oordeel dat de notaris zijn werkzaamheden in augustus 2021 in redelijkheid mocht opschorten. De klacht wordt op dit punt ongegrond verklaard.Voor zover de klacht betrekking heeft op het ontbreken van urenregistraties bij twee declaraties wordt de klacht niet-ontvankelijk verklaard. Voor het overige wordt de klacht ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:26 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/9
- Datum publicatie: 21-07-2022
- Datum uitspraak: 18-07-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:26
De klacht gaat over de voorbereidende werkzaamheden met betrekking tot de splitsing in appartementsrechten van een registergoed. Klagers verwijten de notaris dat zij de splitsing niet voortvarend afhandelt, dat de splitsingstekening steeds moest worden aangepast en dat zij is tekortgeschoten in de communicatie jegens klagers.De kamer heeft de klacht ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:27 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/54
- Datum publicatie: 22-08-2022
- Datum uitspraak: 22-08-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:27
Tweede klacht van klager tegen (inmiddels uit het ambt ontzette) oud-notaris over handelwijze rond verbetering van akte van levering en uitblijven van herstel van eerder gemaakte fouten. Dat geen afschrift van het proces-verbaal van verbetering aan klager is gestuurd, is tuchtrechtelijk verwijtbaar. Klacht verder deels niet-ontvankelijk wegens ne bis in idem en overigens ongegrond. Geldboete van € 100,00 en proceskostenveroordeling.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:28 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2022/27
- Datum publicatie: 22-09-2022
- Datum uitspraak: 19-09-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:28
De klacht gaat - samengevat - over de wijze waarop de notaris zijn werkzaamheden als executeur van de nalatenschap van de heer [A] heeft verricht. De voorzitter van de kamer heeft geoordeeld dat deze klacht, met precies dezelfde verwijten als een voorgaande klacht (waarop al onherroepelijk is beslist) kennelijk niet-ontvankelijk is. De kamer volgt de voorzitter in zijn oordeel dat het ne-bis-in-idem-beginsel ertoe leidt dat deze klacht kennelijk niet-ontvankelijk is en heeft het verzet van klager tegen de beslissing van de voorzitter daarom ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:29 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2022/10
- Datum publicatie: 22-09-2022
- Datum uitspraak: 19-09-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:29
Het BFT verwijt mr. X (een voormalig toegevoegd notaris) dat hij op grote schaal onrechtmatige kadastrale inzages heeft gedaan en als gevolg daarvan de (financiële) belangen van een oud-werkgever en van derden heeft geschaad. Volgens het BFT heeft mr. X in strijd gehandeld met artikel 17 Wna en artikel 2 Verordening beroeps- en gedragsregels 2011 en daarmee het vertrouwen in het notariaat en zijn eigen beroepsuitoefening geschaad.De kamer heeft de klacht gegrond verklaard. Een notaris, kandidaat-notaris of toegevoegd notaris mag de registers van het kadaster via een zakelijk portaal alleen raadplegen, indien dit noodzakelijk is voor de uitoefening van het notarisambt. Het feit dat mr. [X] op grote schaal ten onrechte de inloggegevens van oud-collega’s heeft gebruikt om het online zakelijk portaal van het kadaster te raadplegen voor niet-zakelijke doeleinden op kosten van een oud-werkgever, raakt in ernstige mate het vertrouwen dat de maatschappij in een notaris moet kunnen stellen. Daarbij neemt de kamer in aanmerking dat het gaat om langdurig tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen (bijna zes jaar lang), waardoor mr. [X] niet alleen het aanzien van het ambt heeft geschaad, maar ook financiële schade heeft toegebracht aan zijn oud-werkgever én de privacy van derden heeft geschaad.In alle in de beslissing genoemde omstandigheden ziet de kamer aanleiding om niet de zwaarste maatregelen op te leggen (een ontzegging van de bevoegdheid om waar te nemen voor onbepaalde duur en een ontzegging van de bevoegdheid om als toegevoegd notaris op te treden voor onbepaalde duur), maar te volstaan met een ontzegging van de bevoegdheid om waar te nemen voor de duur van vijf jaar en een ontzegging van de bevoegdheid om als toegevoegd notaris op te treden voor de duur van vijf jaar.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:3 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/36
- Datum publicatie: 18-01-2022
- Datum uitspraak: 03-01-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:3
Klacht over huwelijkse voorwaarden uit 2012. De van oorsprong Spaanstalige klaagster, die destijds een inburgeringscursus volgde, is in persoon aanwezig geweest bij het passeren van de akte en heeft deze zelf ondertekend, zonder dat daarbij een tolk aanwezig was. Enkele jaren eerder was wel een tolk aanwezig geweest bij passeren van een samenlevingscontract. In 2021 klaagt zij over de Belehrung bij de huwelijkse voorwaarden. De kamer oordeelt dat zij bij het passeren van de akte daadwerkelijk bekend is geworden met/redelijkerwijs kennis heeft kunnen nemen van de handelwijze van de notaris waar zij over klaagt. Hoezeer het ook te betreuren is als klaagster zich door het gestelde nalaten van de notaris wellicht niet voldoende bewust is geweest van de mogelijke gevolgen van de huwelijkse voorwaarden, is de kamer - mede gelet op de ratio van de driejaarstermijn - van oordeel dat deze vervaltermijn is gaan lopen op 30 augustus 2012. Klacht niet-ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:30 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2022/4
- Datum publicatie: 22-09-2022
- Datum uitspraak: 19-09-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:30
Niet tijdige afgifte van het legaat van een geldsom aan klager. De notaris, die door erflaatster als executeur was benoemd, heeft het legaat pas bijna een jaar na het overlijden van erflaatster uitgekeerd, terwijl erflaatster had bepaald dat dit binnen 6 maanden moest gebeuren. Hoewel er door omstandigheden die buiten de invloedssfeer van een executeur liggen vertraging kan ontstaan bij de afgifte van een legaat, is de kamer van oordeel dat de vertraging in deze zaak in belangrijke mate samenhangt met het handelen/nalaten van de notaris, waarbij de kamer mede in aanmerking neemt dat zij klager in het ongewisse heeft gelaten over de stand van zaken. Daardoor heeft de notaris het vertrouwen van klager in het notariaat geschonden. Klacht gedeeltelijk gegrond, waarschuwing met openbaarheid van de opgelegde maatregel en proceskostenveroordeling.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:31 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2022/5 en 6
- Datum publicatie: 22-09-2022
- Datum uitspraak: 19-09-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:31
Poortwachtersfunctie notaris en kandidaat-notaris bij aandelenoverdrachten in 2017, 2018 en 2019. BFT heeft klachten ingediend n.a.v. mededelingen van de Belastingdienst: beroep op niet-ontvankelijkheid verworpen. Klachten over schending onderzoeksplicht, overtreding verplichting tot (verscherpt) cliëntenonderzoek, schending plicht tot dienstweigering en overtreding meldingsplicht gegrond. In 2019 is een akte van aandelenoverdracht gepasseerd voor een koopsom van € 1,00, terwijl zulke overdrachten voor een symbolisch bedrag van € 1,00 al vanaf 2014 met zoveel woorden werden genoemd als praktijkvoorbeeld van een ongebruikelijke transactie. Bovendien had de betrokken onderneming een negatief eigen vermogen, was sprake van spoed bij het passeren van de akte, kwamen de aandelen met terugwerkende kracht voor rekening en risico van een Bulgaarse koper, die werd bijgestaan door een tolk omdat hij de Nederlandse taal (waarin de akte was opgesteld) niet beheerste, terwijl voorafgaand aan het passeren van de akte niet deze koper maar een derde als bestuurder stond ingeschreven bij het Handelsregister. Dat zelfs die transactie geen aanleiding heeft gevormd om “de alarmbellen te doen afgaan”, nader onderzoek te verrichten, dienst op te schorten/te weigeren en melding te maken van een voorgenomen ongebruikelijke transactie bevestigt de kamer in haar oordeel dat de notarissen – niettegenstaande het feit dat zij nog geen twee weken daarvoor hun werkzaamheden ten behoeve van twee tussenpersonen hadden beëindigd omdat naar hun zeggen notariskantoren in verband met verscherpte regelgeving meer inhoudelijk moesten rechercheren en zij in verband met die werkzaamheden al een melding hadden gedaan bij FIU-Nederland – zich destijds onvoldoende bewust waren van de (zorgvuldigheids)eisen die op grond van de Wna en de Wwft aan hen werden gesteld. Waarschuwing en kostenveroordeling.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:32 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/85 en 86
- Datum publicatie: 20-10-2022
- Datum uitspraak: 17-10-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:32
Klager heeft mede namens klaagster klachten ingediend tegen de kandidaat-notaris en de notaris. De kamer heeft de klachten van klaagster niet-ontvankelijk verklaard, omdat niet is gebleken dat klager bevoegd was om namens klaagster op te treden. De klachten van klager zijn niet-ontvankelijk verklaard voor zover deze zijn gericht tegen het samenwerkingsverband waar de kandidaat-notaris en de notaris aan verbonden zijn. En de klachten van klager zijn niet-ontvankelijk verklaard voor zover deze zien op het verzoek om (schade)vergoeding.De klachten van klager gaan in de kern over de in 2016 door de kandidaat-notaris, als waarnemer van de notaris, gepasseerde akte van hypotheek en akte van geldlening. Het in de akte van hypotheek door de moeder van klager gevestigde hypotheekrecht strekt tot zekerheid voor verhaal van vorderingen van vijf broers en zussen van klager op moeder.De kamer is van oordeel dat de notaris geen tuchtrechtelijk verwijt kan worden gemaakt, aangezien de waarnemend kandidaat‑notaris niet onder de verantwoordelijkheid van de waargenomen notaris heeft gehandeld. De klacht tegen de notaris is daarom voor het overige ongegrond verklaard. Tegen de achtergrond van de Novitaris-maatstaf heeft de kamer geoordeeld dat niet valt in te zien dat de kandidaat-notaris niet had mogen meewerken aan het passeren van de akte van hypotheek en de akte van geldlening. In het bijzonder is niet komen vast te staan dat de kandidaat-notaris bewust heeft meegewerkt aan paulianeus handelen. De klacht tegen de kandidaat is daarom eveneens ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:33 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2022/16
- Datum publicatie: 03-11-2022
- Datum uitspraak: 29-08-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:33
Klacht over (met name) weigering van de notaris tot wijziging van de wijze van indexering van een erfpachtcanon, die door zijn ambtsvoorganger was vastgelegd in een akte uit 1998. De voorzitter heeft de klacht terstond afgewezen omdat deze naar zijn oordeel kennelijk ongegrond is. De kamer heeft het verzet tegen die voorzittersbeslissing ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:34 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2020/53, 54 en 55
- Datum publicatie: 03-11-2022
- Datum uitspraak: 17-10-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:34
Verzet tegen gecombineerde voorzittersbeslissing, waarbij de zevende en achtste tuchtklacht die klager tegen de notaris heeft ingediend zijn afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid en ongegrondheid en waarbij de negende tuchtklacht tegen de notaris buiten behandeling is gesteld wegens misbruik van klachtrecht. De kamer verklaart het verzet tegen de beslissing van de voorzitter op de achtste en negende tuchtklacht ongegrond en verklaart het verzet tegen de buitenbehandelingstelling van de negende tuchtklacht niet-ontvankelijk. Geen overschrijding van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 EVRM waarbinnen op de klachten had moeten worden beslist. Nu de – door het procedeergedrag van klager veroorzaakte – verwijzing van de behandeling van de twee door klager ingediende wrakingsverzoeken naar een andere kamer voor het notariaat er in overwegende mate toe heeft geleid dat de behandeling van deze verzetprocedures is vertraagd, is de kamer van oordeel dat deze vertraging voor rekening van klager behoort te blijven.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:35 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/77
- Datum publicatie: 01-12-2022
- Datum uitspraak: 21-11-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:35
Projectnotaris bij nieuwbouwplan heeft 26 akten gepasseerd waarbij percelen aan klagers (kopers) zijn geleverd. De notaris heeft niet (voldoende) onderzocht of klagers ten tijde van de levering over een afbouwgarantiecertificaat beschikten, terwijl het ontbreken daarvan als ontbindende voorwaarde was opgenomen in de aannemingsovereenkomsten en daarbij eveneens was bepaald dat ontbinding van de aannemingsovereenkomst eveneens zal leiden tot ontbinding van de koopovereenkomst. Bovendien heeft de notaris nagelaten de klagers die ten tijde van de levering niet over zo’n certificaat beschikten, te informeren over de rechtsgevolgen van het ontbreken daarvan, kort gezegd dat zij niet aan de levering hoefden mee te werken zolang zij geen certificaat hadden ontvangen. De kamer rekent het de notaris ernstig aan dat hij zijn zorgplicht en zijn daaruit voortvloeiende onderzoeks- en informatieplicht heeft geschonden, waardoor hij het vertrouwen van klagers in het notariaat heeft geschonden. Daarbij komt dat de notaris zich er op enig moment kennelijk wel bewust van was dat de certificaten niet aanwezig waren, maar dat hij vervolgens gelden in depot is gaan houden zonder daarvoor de juiste juridische weg te bewandelen. Schorsing van twee weken en proceskostenveroordeling. Klacht overigens ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:36 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2022/18
- Datum publicatie: 19-12-2022
- Datum uitspraak: 12-12-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:36
De klacht van klager gaat in de kern over de vraag of de notaris erflaatsters erfgenamen en opvolgers ten onrechte heeft geadviseerd om erflaatsters nalatenschap te verwerpen. De klacht speelt tegen de achtergrond van de discussie over het al dan niet civielrechtelijke bestaan van de door erflaatster tijdens leven gedane schenkingen op papier. Deze discussie dient echter niet plaats te vinden in onderhavige tuchtprocedure. De beantwoording van de vraag of de schenkingen op papier zijn vervallen, is voorbehouden aan de civiele rechter. De kamer heeft onvoldoende reden om tot het oordeel te komen dat de notaris tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. De klacht (die voor een deel ook betrekking heeft op de communicatie) is ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:37 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2022/2
- Datum publicatie: 19-12-2022
- Datum uitspraak: 12-12-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:37
Klager verwijt de notaris dat hij onzorgvuldig heeft gehandeld door hem en zijn echtgenote te verplichten om door middel van een volmacht aan een kantoormedewerker mee te werken aan de levering van de woning. De kamer heeft de klacht gegrond verklaard zonder oplegging van een maatregel. Vast staat dat Nederland zich vanaf 19 december 2021 in de uitzonderlijke situatie van een harde lockdown bevond. In de van oudsher voor het notariaat drukke decembermaand kreeg de notaris te maken met aangescherpte coronamaatregelen en adviezen van de overheid, die moesten worden geïmplementeerd in het coronabeleid van zijn notariskantoor. Deze omstandigheid brengt naar het oordeel van de kamer met zich dat - hoewel de notaris is doorgeschoten in zijn coronabeleid door te bepalen dat klager en zijn echtgenote niet samen met de koper bij het passeren van de akte van levering aanwezig mochten zijn - met de vaststelling van de gegrondheid van de klacht kan worden volstaan en aan de notaris geen maatregel behoeft te worden opgelegd. Hierbij speelt in het voordeel van de notaris mee dat hij uiteindelijk er toch voor heeft gezorgd dat klager de passeerafspraak via een livestream heeft kunnen volgen.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:38 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2022/21 en 22
- Datum publicatie: 22-12-2022
- Datum uitspraak: 05-12-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:38
Klager en zijn ex-echtgenote hebben een depotovereenkomst met de notaris gesloten. Nadien heeft de advocaat van de ex-echtgenote namens zijn cliënte en (de advocaat van) klager een aanvullend/afwijkend bericht op de depotovereenkomst aan de notaris gestuurd. De toegevoegd notaris heeft de ontvangst van dit bericht aan de advocaten van klager en de ex-echtgenote bevestigd en ingestemd met aanpassing van de depotovereenkomst. Klager verwijt de toegevoegd notaris en de notaris dat zij onduidelijkheden in het aanvullende/afwijkende bericht niet hebben gesignaleerd. Hij verwijt ze ook dat ze niet tot uitbetaling van het depot zijn overgegaan. Daarnaast heeft klager aan de kamer verzocht zich inhoudelijk uit te laten over de uitleg van de depotovereenkomst en het genoemde aanvullende/afwijkende bericht.Aangezien het eerste klachtonderdeel betrekking heeft op het handelen van de toegevoegd notaris en de notaris destijds afwezig was, is de kamer van oordeel dat de notaris geen tuchtrechtelijk verwijt kan worden gemaakt. Klachtonderdeel 1 tegen de notaris is daarom ongegrond verklaard.De kamer is van oordeel dat de toegevoegd notaris wel een tuchtrechtelijk verwijt te maken valt. De depotovereenkomst is gesloten tussen drie partijen: klager, zijn ex-echtgenote en de notaris. Door te bevestigen gevolg te zullen geven aan de gewenste aanvulling/wijziging van de depotovereenkomst aan de zijde van klager en zijn ex-echtgenote, heeft de toegevoegd notaris namens de notaris ingestemd met aanpassing van de depotovereenkomst. De toegevoegd notaris had, alvorens in te stemmen met de wijziging van de depotovereenkomst, moeten toetsen of het - gelet op de aangepaste tekst - voor hem en daarmee alle partijen duidelijk was - wanneer er tot uitbetaling van de depotgelden diende te worden overgegaan. Dit heeft de toegevoegd notaris nagelaten waardoor discussie heeft kunnen ontstaan tussen partijen over de inhoud van de voorwaarden voor uitbetaling van de depotgelden. Aan de toegevoegd notaris is de maatregel van waarschuwing opgelegd. Klachtonderdeel 2 en de overige verzoeken zijn niet-ontvankelijk verklaard, omdat de Wna niet in de mogelijkheid voorziet een inhoudelijk oordeel te geven over de uitleg van de (aangepaste) depotovereenkomst.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:39 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2022/24
- Datum publicatie: 22-12-2022
- Datum uitspraak: 12-12-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:39
Klaagster verwijt de notaris dat hij een hypotheekakte voor een niet-bestaande schuld heeft verleden en dat de daarop volgende royementsakte valselijk is opgesteld. Volgens klaagster heeft de notaris zich schuldig gemaakt aan valsheid in geschrifte, hypotheekfraude, ontduiken van belastingen en/of misleiding van de belastingdienst, de kortgedingrechter, klaagster en haar man.De kamer heeft de klacht ongegrond verklaard. Dat de hypotheekakte valselijk is opgemaakt is niet gebleken. Voor de royementsakte geldt hetzelfde. De notaris heeft niet tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld.