Zoekresultaten 2921-2940 van de 2983 resultaten

  • ECLI:NL:TNOKAMS:2008:YC0067 Kamer van toezicht Amsterdam 382036 / NT 07- 38 Pee

    De notaris wordt verweten dat hij eigenhandig twee geheel nieuwe bepalingen in de allonge heeft opgenomen. Gelet op de duur van de bijeenkomst ten kantore van de notaris, alsmede het feit dat de tekst van de allonge in ieder geval één keer is aangepast, is niet aannemelijk dat over de inhoud van de allonge in het geheel niet is gesproken. Het is evenwel de vraag of de notaris de consequenties van de allonge voldoende duidelijk heeft gemaakt. Mogelijk heeft de notaris tijdens de bijeenkomst de risico’s onvoldoende in – wat klager noemt – gewone mensentaal duidelijk gemaakt. Aan de andere kant is niet gebleken dat klager meer dan de gebruikelijke zorg behoeft.

  • ECLI:NL:TNOKAMS:2008:YC0074 Kamer van toezicht Amsterdam 370724 / NT 07-12 Pee

    De slotsom van het voorgaande is dat de notaris hoe dan ook de gelden aan klaagster dient uit te keren. Dat hij zekerheidshalve een pas op de plaats heeft gemaakt is echter te begrijpen, omdat klaagster aan de notaris tegenstrijdige berichten heeft doen uitgaan over het al dan niet bestaan van een depotovereenkomst, waardoor de notaris in onzekerheid kwam te verkeren.

  • ECLI:NL:TNOKSGR:2007:YC0059 Kamer van toezicht 's-Gravenhage 07-12 en 07-17

    De tuchtnorm In algemene zin rust de wettelijke norm, vastgelegd in artikel 98 van de Wet op het notarisambt, zowel op notarissen als op kandidaat­-notarissen. Van beide categorieën mag de naleving van wettelijke regels of de in dit artikel beschreven zorg voor degenen voor wie zij optreden worden verwacht. Derden die met een notariskantoor te maken hebben, moeten erop kunnen rekenen dat de notaris[sen] en eventuele kandidaat­-notarissen zich aan de op hen rustende verplichtingen houden. Dit geldt ook voor het publieke element dat in deze algemene norm is verdisconteerd. Dit is in bijzondere mate het geval als een kandidaat-notaris optreedt als waarnemer van een notaris, maar is daartoe niet beperkt. De hier kort aangeduide externe omstandigheden – de zorg tegenover cliënten én de algemene verantwoordelijkheid voor een goed functionerend notariaat – zijn bepalend. Voor de gelding van de norm doet de interne, mogelijk afhankelijke, positie van een kandidaat-notaris niet ter zake. Wel kan er reden zijn om, bij overtreding van de norm, daarmee rekening te houden bij de beantwoording van de vraag of een sanctie passend is, en zo ja, welke. De transacties in het algemeen De kandidaat­-notaris is in ernstige mate in gebreke gebleven bij de uitoefening van haar werkzaamheden ter ondersteuning en als waarnemer van de notaris. De maatregel De Kamer acht, gezien de aard en de ernst van voormelde handelwijze van de kandidaat­-notaris en haar eigen verantwoordelijkheid in deze, de maatregel van ontzegging van de waarnemingsbevoegdheid voor de duur van twee weken passend. Zij heeft daartoe overwogen dat de ernst en het aantal van de schendingen van de aangehaalde tuchtnorm op zichzelf bezien een zwaardere maatregel rechtvaardigen. Van kandidaat-notarissen mag worden verwacht dat zij de op hen rustende wettelijke norm in acht nemen. Dit is te sterker het geval als de betrokkene - zoals zich ook bij de kandidaat-notaris in enkele van de behandelde gevallen heeft voorgedaan - optreedt als waarnemer van een notaris en daarmee ook extern een zelfstandige rol vervult. Tegenover al dergelijke aspecten staan echter ook bijzonderheden in deze zaak die zich verzetten tegen oplegging van een zwaardere maatregel. De Kamer heeft in dit opzicht sterk rekening gehouden met de onervarenheid van de kandidaat-notaris en haar [afhankelijke] positie op dit kantoor.

  • ECLI:NL:TNOKSGR:2008:YC0060 Kamer van toezicht 's-Gravenhage 07-11, 07-16, 07-22, 08-01

    De rol van de notaris bij de overdracht van onroerende zaken De notaris neemt in het algemeen een sleutelpositie in bij de handel in onroerend goed en daarmee ook bij het tegengaan van malafide onroerendgoedtransacties. De notaris is in dit verband verplicht om bij onroerendgoedtransacties de identiteit van zijn cliënten volgens de voorschriften van de Wid nauwkeurig te controleren, vast te stellen en deze identiteitgegevens op toegankelijke wijze vast te leggen in het dossier van de transactie. De bij een transactie verkregen informatie die in verband met de door de Minister van Justitie aangewezen indicatoren wijzen op een door de Wet Mot bedoelde ongebruikelijke transactie dient hij te melden bij het door de Wet Mot aangewezen Meldpunt Ongebruikelijke Transacties, de Financial Intelligence­Unit Nederland [FIU-NL], te Zoetermeer. Van de notaris wordt verwacht dat hij zich bewust is van deze sleutelrol en daarnaar handelt. De transacties in het algemeen In de behandelde zaken komt de Kamer tot het oordeel dat de notaris in ernstige mate is tekortgeschoten in zijn uitoefening van het ambt van notaris. Dit uit zich onder meer in het meermalen niet door de notaris hebben voldaan aan de voor het notariaat geldende voorschriften, alsmede aan zijn zorgplicht voor een adequate organisatie van zijn kantoor - mede gelet op de gebrekkige dossiervoering - en ten slotte in het niet in eigen hand hebben kunnen houden van de regie van zijn personeel. Uit het door een notaris gehouden dossier moet kunnen blijken welke stappen hij volgens wettelijke voorschriften heeft genomen in de uitvoering van zijn ambtelijke werkzaamheden, opdat te allen tijde op eenvoudige wijze zijn rechten en verplichtingen kunnen worden gekend. De door de Kamer behandelde dossiers getuigen echter van het tegendeel. Van een notaris wordt voorts verwacht dat hij de organisatie van zijn kantoor in overeenstemming brengt en houdt met de eisen van het ambt. Hij is en blijft hiervoor verantwoordelijk, tenzij er sprake is van overmacht. Het laatste is echter gebleken, noch aannemelijk gemaakt. De Kamer gaat ook voorbij aan het verweer van de notaris van onbekendheid met de recente wetgeving, met name de Wid en de Wet Mot. Van een notaris wordt verwacht dat hij op de hoogte is van de voor het ambt geldende regelgeving en zich op de hoogte houdt en blijft houden van wetswijzigingen die van belang zijn voor het uitoefenen van zijn ambt. De maatregel Ingevolge artikel 98 lid 4 Wna blijven notarissen die niet meer als zodanig werkzaam zijn aan tuchtrechtspraak onderworpen ter zake van handelen of nalaten gedurende de tijd dat zij als zodanig werkzaam waren. Ook aan hen kunnen derhalve de in artikel 103 Wna genoemde maatregelen worden opgelegd. Dit is slechts anders indien het een maatregel betreft die zich uit zijn aard er niet voor leent om alsnog te worden opgelegd, te weten de maatregel van schorsing in de uitoefening van het ambt of van ontzetting uit het ambt. De ernst en het aantal van de vastgestelde schendingen van de aangehaalde tuchtnorm zijn dermate zwaarwegend, dat zij op zichzelf bezien een zwaardere maatregel rechtvaardigen dan die van waarschuwing of berisping - namelijk van schorsing in de uitoefening van het ambt of van ontzetting uit het ambt - , ware het niet dat de notaris inmiddels is gedefungeerd. Gelet op zijn huidige hoedanigheid van oud-notaris komt de Kamer daarom niet toe aan een toemeting van één van de maatregelen in de zwaarste categorie genoemd in artikel 103 Wna. De Kamer zal daarom de maatregel van berisping aan de oud-notaris opleggen, als de zwaarste maatregel die in deze voor de Kamer als tuchtrechtelijk college nog resteert.

  • ECLI:NL:TNOKSGR:2008:YC0054 Kamer van toezicht 's-Gravenhage 07-35, 07-36, 07-37, 07-38

    Ongebruikelijke ABC-transactie. De notarissen zijn in meerdere dossiers onnauwkeurig en slordig te werk gegaan en hebben zich nonchalant en gemakzuchtig getoond ten opzichte van de geldende regelgeving. Beiden zijn in één geval niet voldoende alert geweest voor het gevaar van inschakeling van een stroman, en ook hebben zij zich elk in één geval de belangen van een derde onvoldoende aangetrokken.

  • ECLI:NL:TNOKSGR:2007:YC0055 Kamer van toezicht 's-Gravenhage 07-35, 07-36, 07-37, 07-38

    Verklaart het BFT ontvankelijk in zijn klachten en zet de behandeling voort.

  • ECLI:NL:TNOKAMS:2008:YC0061 Kamer van toezicht Amsterdam 390620 / NT 08-5 AB

    Verplichting van een notaris om een afschrift van het laatste testament te verstrekken aan de persoon die door de erflater als versterferfgenaam is onterfd.

  • ECLI:NL:TNOKROE:2006:YC0052 Kamer van toezicht Roermond Kl 7/2005

    De notaris niet heeft voldaan aan zijn wettelijk verplichting tot tijdige en volledige indiening van de jaarstukken 2004.

  • ECLI:NL:TNOKROE:2005:YC0053 Kamer van toezicht Roermond KL 3/2005

    De klachttermijn van artikel 99 lid 12 Wna is een vervaltermijn. Tenzij de wet anders bepaalt, kan een vervaltermijn niet worden gestuit.

  • ECLI:NL:TNOKROE:2006:YC0051 Kamer van toezicht Roermond KL 2/2005

    De notaris heeft de klagers onvoldoende geïnformeerd en aldus niet de zorg betracht die hij ten opzichte van de klagers behoorde te betrachten. De notaris heeft de klagers onvoldoende gelegenheid gegeven om zowel van de concept-akte als van de concept-afrekening kennis te nemen.

  • ECLI:NL:TNOKROE:2007:YC0049 Kamer van toezicht Roermond KL 14/2006

    De klacht betreft onzorgvuldig handelen, onjuiste en onvoldoende informatie verstrekken en niet op klachten reageren door de notaris.

  • ECLI:NL:TNOKROE:2006:YC0043 Kamer van toezicht Roermond KL 7/2006

    De notaris had niet voorbij mogen gaan aan een bewering van een erfgenaam, maar deze tijdig moeten verifiëren. Voor het overige is niet gebleken dat de notaris jegens de klager onzorgvuldig of onbetamelijk heeft gehandeld.

  • ECLI:NL:TNOKROE:2005:YC0050 Kamer van toezicht Roermond KL 1/2005

    Als de notaris de klaagster de informatie heeft gegeven die hij haar kon en mocht geven en de klaagster blijft doorgaan met het stellen van vragen, dan is het niet ongeoorloofd dat de notaris de klaagster wijst op het feit dat hij haar de tijd die hij besteedt aan de herhaalde beantwoording van die vragen, in de toekomst in rekening brengt. Een concept-testament speelt geen rol bij de vererving van een nalatenschap; vererving vindt immers slechts plaats bij versterf of - als hiervan is afgeweken - bij een testament. De standpunten van partijen zijn over de bejegening zijn verschillend. In zo´n geval zijn er onvoldoende aanwijzingen dat de notaris de klaagster onheus heeft bejegend.

  • ECLI:NL:TNOKROE:2006:YC0044 Kamer van toezicht Roermond KL 8/2006

    De notaris heeft niet op een voortvarende wijze de zorgen bij de klager over de inwerkingtreding van een boetebeding als de overdracht niet tijdig aan de gemeente was gemeld, weggenomen dan wel - in geval van twijfel wellicht ten overvloede - de overdracht overeenkomstig de met de klager gemaakte afspraak bij de gemeente gemeld. De notaris heeft de aan hem betaalde overdrachtsbelasting niet tijdig aan de belastingdienst afgedragen. De notaris heeft niet gereageerd op de aangetekende brieven van de klager.

  • ECLI:NL:TNOKROE:2006:YC0039 Kamer van toezicht Roermond KL 2/2006

    Een poging van de notaris om in een geschil tussen erfgenamen te bemiddelen is niet klachtwaardig. Het opvragen van bank- en giroafschriften hoort niet tot de taak van een notaris, die een boedel moet beschrijven. Als erin een nalatenschap niets meer te vereffenen valt, hoeft de notaris niet te wijzen op de mogelijkheid van een vereffenaar. Het is niet de taak van de boedelnotaris om zelf informatie over de nalatenschap aan te dragen; in eerste instantie is dit een taak van de erven.

  • ECLI:NL:TNOKROE:2007:YC0045 Kamer van toezicht Roermond KL 9/2006

    De notaris heeft op de door de klager gestelde vragen genoegzaam antwoord gegeven. Indien dat antwoord voor de klager niet duidelijk was had hij de notaris om een toelichting moeten vragen, hetgeen de klager achterwege heeft gelaten.

  • ECLI:NL:TNOKROE:2006:YC0046 Kamer van toezicht Roermond KL 10/2006

    De notaris heeft bij de berekening van de successierechten de methodiek toegepast als vermeld in de in de beslissing aangehaalde ministeriële resolutie. Of de notaris bij die verdeling onjuist heeft gehandeld, kan de kamer niet beoordelen. De klaagsters hebben eindverdeling niet overgelegd en ook niet concreet aangegeven waarin dat onjuiste handelen van de notaris heeft bestaan. Indien de kamer veronderstellenderwijs aanneemt dat de notaris bij die verdeling de hiervoor genoemde methodiek heeft toegepast dan heeft hij niet onjuist gehandeld.

  • ECLI:NL:TNOKROE:2006:YC0040 Kamer van toezicht Roermond Kl 3/2006

    De notaris is voorbijgegaan aan de bepalingen van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, die voorschrijven hoe er moet worden gehandeld bij een zogenaamd cumulatief derdenbeslag, waarbij niet bij voorbaat vaststond dat alle beslagleggers uit de door de notaris te betalen geldsommen konden worden voldaan.

  • ECLI:NL:TNOKROE:2007:YC0047 Kamer van toezicht Roermond KL 11/2006

    Onvoldoende bewijs voorhanden is dat de notaris tijdens de mondelinge behandeling van een eerdere klacht in strijd met de waarheid heeft verklaard. De volmacht en de onderhandse akte tezamen noch afzonderlijk, waren toereikend om met behulp daarvan schenkingsakten tot stand te brengen. In rekening brengen van een eerdere maatregel.

  • ECLI:NL:TNOKROE:2006:YC0041 Kamer van toezicht Roermond KL 4/2006

    Een notaris heeft een eigen verantwoordelijkheid en dient dan ook niet af te gaan op het standpunt van derden, maar op zijn eigen kennis en wetenschap en zonodig dient hij - zelfstandig - een onderzoek in te stellen. De notarissen hebben een (onjuiste) verwijzing in de akte van 28 november 2000 naar een vaststellingsovereenkomst van juli 1999 opgenomen, dit terwijl is uitgegaan van de tweede vaststellingsovereenkomst van 20/21 november 2000. Vooropgesteld dient te worden dat het aan de verkoper is om te bepalen aan wie en op welke rekening de notaris de koopsom van de verkochte zaak dient te storten. Een onvoorwaardelijke toezegging van de bank dat de gelden waren overgemaakt op de derdengeldrekening van de notarissen, is onvoldoende om over te gaan tot het doen passeren van de akte. Het is de notaris niet toegestaan gelden door te betalen die zij nog niet hebben ontvangen. De notarissen hebben bij de levering van het woonhuis aan de gemeente begin 2001 de koopsom niet of nauwelijks geverifieerd