Zoekresultaten 1571-1580 van de 1638 resultaten

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2026:38 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8813

    Klacht tegen een psychiater kennelijk ongegrond. Klager werd verwezen naar de specialistische GGZ vanwege een hoge dosering medicatie bij ADHD en een verslavingsverleden. De psychiater werd betrokken bij het voorschrijven van zijn medicatie en besloot, samen met de betrokken verpleegkundig specialist, de medicatie af te bouwen. Klager verwijt de psychiater, samengevat, het onverantwoord afbouwen van de medicatie zonder overleg met klager, het fouten maken in correspondentie en negeren van het recht op een second opinion. Het college is van oordeel dat de psychiater zorgvuldig heeft gehandeld.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2026:39 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8291 en Z2025/8292

    Ongegronde klacht tegen een psychiater/psychotherapeut. Klager was vanwege een depressieve stoornis onder behandeling bij de organisatie waar verweerder werkte. Verweerder was bij de behandeling betrokken. Klager verwijt verweerder onder meer dat niet werd ingegrepen bij tekenen van suïcidaliteit, gemaakte afspraken niet werden nagekomen en dat de begeleiding tijdens het ECT-traject onvoldoende was.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2026:4 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8194

    Klacht tegen een neuroloog kennelijk ongegrond. Verweerster heeft in haar hoedanigheid van neuroloog de situatie van klaagsters moeder beoordeeld. Patiënte heeft in het buitenland een herseninfarct gehad en werd daarna overgeplaatst naar een ziekenhuis in Nederland. Daar verslechterde haar situatie. Patiënte is in het ziekenhuis overleden. De klacht heeft betrekking op het handelen van verweerster voorafgaand aan het overlijden van patiënte.Klacht tegen een neuroloog kennelijk ongegrond. Verweerster heeft in haar hoedanigheid van neuroloog de situatie van klaagsters moeder beoordeeld. Patiënte heeft in het buitenland een herseninfarct gehad en werd daarna overgeplaatst naar een ziekenhuis in Nederland. Daar verslechterde haar situatie. Patiënte is in het ziekenhuis overleden. De klacht heeft betrekking op het handelen van verweerster voorafgaand aan het overlijden van patiënte.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2026:40 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8293

    Ongegronde klacht tegen een gz-psycholoog over de behandeling van klager. Klager was vanwege een depressieve stoornis onder behandeling bij de organisatie waar verweerder werkte. Verweerder was als regiebehandelaar bij de behandeling betrokken. Klager verwijt verweerder onder meer dat niet werd ingegrepen bij tekenen van suïcidaliteit, gemaakte afspraken niet werden nagekomen en dat de begeleiding tijdens het ECT-traject onvoldoende was.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2026:41 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8743

    Klacht van de IGJ tegen een anesthesioloog-intensivist. De IGJ verwijt de anesthesioloog dat hij in strijd met de Geneesmiddelenwet enoximon in de thuissituatie heeft voorgeschreven terwijl het daar niet voor is geregistreerd. Ook heeft de anesthesioloog volgens de IGJ daarbij de zorgvuldigheidseisen niet in acht genomen door niet (vooraf) te overleggen met de huisarts van de patiënte en haar onvoldoende te monitoren tijdens het gebruik van het middel. Het college komt tot het oordeel dat de anesthesioloog tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld en de klacht gegrond is. Het college legt de anesthesioloog de maatregel van doorhaling in het BIG-register met onmiddellijke ingang op.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2026:42 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8458

    Klacht tegen een arts in een abortuskliniek. Klaagster heeft een intakegesprek gehad met de arts en aansluitend heeft zij een abortus ondergaan. Klaagster verwijt de arts onder meer dat zij een verkeerde inschatting heeft gemaakt van haar mentale toestand en dat er niet is gesproken over mogelijke alternatieven. Het college komt tot het oordeel dat de klacht ongegrond is.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2026:43 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8459

    Klacht tegen een verpleegkundige van een abortuskliniek. Klaagster heeft een intakegesprek gehad met een arts en aansluitend heeft zij een abortus ondergaan. De verpleegkundige heeft klaagster ook gezien voorafgaand aan de ingreep. Klaagster verwijt de verpleegkundige onder meer dat zij een verkeerde inschatting heeft gemaakt van haar mentale toestand en dat er niet is gesproken over mogelijke alternatieven. Het college komt tot het oordeel dat de klacht ongegrond is.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2026:44 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8441

    Klacht tegen een arts/medisch coördinator van een abortuskliniek. Klaagster heeft een intakegesprek gehad met een andere arts en aansluitend heeft zij een abortus ondergaan. Klaagster verwijt de medisch coördinator dat het dossier onvolledig en onbetrouwbaar is en dat de abortuskliniek niet voldeed aan de wettelijke eisen die gelden voor het mogen uitvoeren van abortussen bij een zwangerschapsduur van meer dan dertien weken. Het college komt tot het oordeel dat de klacht ongegrond is.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2026:45 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8237

    Klacht tegen orthopedisch chirurg kennelijk ongegrond. De orthopedisch chirurg heeft tweemaal een heupoperatie bij klaagster uitgevoerd. Klaagster verwijt de orthopedisch chirurg, samengevat, nalatigheid in medisch handelen en het leveren van inadequate (na)zorg. Daarnaast is volgens klaagster sprake geweest van tekortkomingen in de communicatie. Het college oordeelt dat de orthopedisch chirurg niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2026:46 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8746

    (kennelijk) ongegronde klacht van een klager tegen een orthopedisch chirurg die bij klager wegens progressief stenoserend vaatlijden een broekprothese plaatste. In verband met aanhoudende klachten na de operatie werd klager gezien in een ander ziekenhuis, waar wordt gedacht aan een neurologische oorzaak als mogelijke verklaring voor de klachten. De verwijten gaan over diagnosestelling, informed consent en nazorg.