Zoekresultaten 1351-1400 van de 1453 resultaten
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2025:82 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8332
- Datum publicatie: 15-07-2025
- Datum uitspraak: 11-07-2025
- ECLI:NL:TGZRZWO:2025:82
Klager verwijt de GZ-psycholoog dat de dagrapportages, die zijn opgemaakt door de leden van de groepsobservatie tijdens het verblijf van klager in de inrichting in 2015, ten onrechte zijn vernietigd. De voorzitter komt tot het oordeel dat klager ontvankelijk is, maar de klacht kennelijk ongegrond is. De dagrapportages zijn terecht vernietigd en verweerder heeft niet tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2025:83 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2024/7764
- Datum publicatie: 23-07-2025
- Datum uitspraak: 22-07-2025
- ECLI:NL:TGZRZWO:2025:83
Klacht tegen een psychiater gegrond. Maatregel: berisping. De klacht gaat over een door verweerder opgesteld keuringsrapport rijgeschiktheid van klager, waarin werd geconcludeerd dat klager niet rijgeschikt was. Klager was het daar niet mee eens en liet een onafhankelijke herkeuring doen, daaruit kwam naar voren dat er geen beperkingen waren. Het college oordeelt dat verweerder in het rapport op onvoldoende inzichtelijke en consistente wijze uiteen heeft gezet op welke gronden de conclusies van het rapport steunen. Verweerder heeft in dit geval op meerdere onderdelen onvoldoende blijk gegeven van de vereiste vakkundigheid en zorgvuldigheid, niet alleen bij het afnemen van het onderzoek maar ook bij het opstellen van de rapportage. Gelet op de opstelling van verweerder in de aan deze procedure voorafgaande correspondentie tussen hem en klager en ook in de procedure voor het tuchtcollege heeft verweerder weinig zelfinzicht en -reflectie getoond, berisping daarom passend en geboden.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2025:84 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8321
- Datum publicatie: 23-07-2025
- Datum uitspraak: 22-07-2025
- ECLI:NL:TGZRZWO:2025:84
Voorzittersbeslissing kennelijk niet-ontvankelijk. Klacht van nabestaande van patiënt tegen – niet bij de behandeling betrokken – bestuurder/leidinggevende, tevens arts.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2025:85 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8322
- Datum publicatie: 23-07-2025
- Datum uitspraak: 22-07-2025
- ECLI:NL:TGZRZWO:2025:85
Voorzittersbeslissing kennelijk niet-ontvankelijk. Klacht van nabestaande van patiënt tegen – niet bij de behandeling betrokken – bestuurder/leidinggevende, tevens arts.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2025:86 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8329
- Datum publicatie: 23-07-2025
- Datum uitspraak: 22-07-2025
- ECLI:NL:TGZRZWO:2025:86
Voorzittersbeslissing kennelijk ongegrond. Klacht van nabestaande van patiënt tegen een aios over het niet (laten) doen van een melding.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2025:87 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2024/7747
- Datum publicatie: 25-07-2025
- Datum uitspraak: 23-07-2025
- ECLI:NL:TGZRZWO:2025:87
Klacht tegen een huisarts. Klaagster kwam bij de huisarts in verband met obstipatie, bloed bij de ontlasting en buikpijn. De huisarts onderzocht en behandelde klaagster van 18 tot 28 december 2023 als waarnemend huisarts. Enkele maanden later bleek dat klaagster een rectumcarcinoom had. Klaagster verwijt de huisarts dat zij haar te laat heeft doorverwezen naar een specialist. Het college is van oordeel dat de huisarts in eerste instantie uit heeft kunnen gaan van meer onschuldige aandoeningen, en daarvoor behandeling kunnen inzetten en het effect daarvan afwachten en verklaart de klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2025:88 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2024/7748
- Datum publicatie: 25-07-2025
- Datum uitspraak: 23-07-2025
- ECLI:NL:TGZRZWO:2025:88
Klacht tegen een huisarts. Klaagster kwam bij de huisarts in verband met obstipatie, bloed bij de ontlasting en buikpijn. De huisarts onderzocht en behandelde klaagster voor deze klachten vanaf januari 2024. Enkele maanden later bleek dat klaagster een rectumcarcinoom had. Klaagster verwijt de huisarts dat zij haar te laat heeft doorverwezen naar een specialist. Het college is van oordeel dat niet is gebleken dat de handelswijze van de huisarts voor vertraging in de verwijzing heeft gezorgd en verklaart de klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2025:89 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8057
- Datum publicatie: 29-07-2025
- Datum uitspraak: 25-07-2025
- ECLI:NL:TGZRZWO:2025:89
Klacht tegen een psychiater kennelijk ongegrond. Klager verwijt verweerder dat hij onterecht aripiprazol (Abilify) heeft voorgeschreven en dat hij onterecht een verlenging van de zorgmachtiging heeft aangevraagd. Het college stelt vast, gelet op de psychotische problematiek van klager, dat verweerder gegronde redenen had om hem antipsychotica voor te schrijven. Voor de bijwerkingen was aandacht. Ten aanzien van het tweede klachtonderdeel constateert het college dat verweerder niet betrokken was bij de voorbereiding voor de verlenging van de zorgmachtiging. Niet tuchtrechtelijk verwijtbaar.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2025:9 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2024/7526
- Datum publicatie: 20-01-2025
- Datum uitspraak: 17-01-2025
- ECLI:NL:TGZRZWO:2025:9
Klacht tegen radioloog. Klager is vanwege rugklachten naar het ziekenhuis verwezen voor röntgenfoto’s. De foto’s zijn door de radioloog beoordeeld en door hem is hierover gerapporteerd. De klacht heeft betrekking op het onderzoek door de radioloog en de verslaglegging. Het college komt tot het oordeel dat de klacht kennelijk ongegrond is.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2025:90 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8059
- Datum publicatie: 30-07-2025
- Datum uitspraak: 25-07-2025
- ECLI:NL:TGZRZWO:2025:90
Klacht tegen een psychiater kennelijk ongegrond. Klager verwijt verweerder dat hij onterecht aripiprazol (Abilify) heeft voorgeschreven en dat hij onterecht een verlenging van de zorgmachtiging heeft aangevraagd. Het college stelt vast, gelet op de psychotische problematiek van klager, dat de collega-psychiater gegronde redenen had om hem antipsychotica voor te schrijven en verweerder hiermee terecht door is gegaan. Voor de bijwerkingen was aandacht. Verder oordeelt het college dat verweerder in het door hem opgestelde zorgplan volgens de Wvggz, zorgvuldig was opgesteld en op voldoende grond de procedure in gang heeft kunnen zetten voor het aanvragen van een verlenging van de zorgmachtiging.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2025:91 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8239
- Datum publicatie: 30-07-2025
- Datum uitspraak: 29-07-2025
- ECLI:NL:TGZRZWO:2025:91
Voorzittersbeslissing. Klacht tegen psychiater kennelijk ongegrond. Volgens klager heeft de psychiater, tegen de afspraak in, gegevens van klager naar het CBR gestuurd. Ook voelt hij zich raciaal behandeld door de psychiater. De verwijten missen feitelijke grondslag.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2025:92 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2024/7901
- Datum publicatie: 30-07-2025
- Datum uitspraak: 29-07-2025
- ECLI:NL:TGZRZWO:2025:92
Klacht tegen een orthopedisch chirurg kennelijk ongegrond. Verweerder heeft klager geopereerd in verband met vernauwing van het wervelkanaal (lumbale stenose). Ruim twee weken later vond er een heroperatie plaats door verweerder en een andere wervelkolomchirurg. Beide operaties verliepen aanvankelijk ongecompliceerd. Klager verwijt verweerder, samengevat, dat hij te lang moest wachten voordat hij geopereerd werd, dat er onvoldoende met hem is gecommuniceerd en dat zijn verzoeken om een MRI en CT-scan niet spoedig genoeg zijn gehonoreerd waardoor er veel problemen zijn ontstaan na de operaties. Ook het operatieverslag van een latere operatie in een ander ziekenhuis zou verweerder ten onrechte niet of te laat gelezen hebben.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2025:93 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2024/7648
- Datum publicatie: 30-07-2025
- Datum uitspraak: 29-07-2025
- ECLI:NL:TGZRZWO:2025:93
Klacht tegen een huisarts. Klager nam telefonisch contact op met de huisarts vanwege pijnklachten en een bult op zijn schouder. De huisarts ging, naar later bleek ten onrechte, uit van een slijmbeursontsteking. Enkele weken later bleek dat klager een ontsteking aan zijn hartklep had. Klager verwijt de huisarts, samengevat, dat zij hem ten onrechte geen fysiek consult heeft aangeboden en onvoldoende naar hem heeft geluisterd. Hierdoor is volgens klager een verkeerde diagnose gesteld. Het college is van oordeel dat de huisarts zich tijdens het telefonisch consult onvoldoende bewust was van de beperkingen die een telefonisch consult met zich meebrengt en legt de maatregel van een waarschuwing op.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2025:94 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2024/7755
- Datum publicatie: 30-07-2025
- Datum uitspraak: 29-07-2025
- ECLI:NL:TGZRZWO:2025:94
Klacht tegen verpleegkundige over rapport/advies in het kader van een Wmo-aanvraag. Het college oordeelt dat de klacht gedeeltelijk gegrond is omdat de verpleegkundige onzorgvuldig heeft gehandeld bij het tot stand komen van het rapport. Het college legt een waarschuwing op.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2025:95 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2024/7702
- Datum publicatie: 01-08-2025
- Datum uitspraak: 31-07-2025
- ECLI:NL:TGZRZWO:2025:95
Klacht tegen plastisch chirurg over het uitvoeren van een onjuiste operatie dan wel het niet in acht nemen van de vereiste nauwkeurigheid bij de uitvoering van de operatie, alsmede het verlenen van onvoldoende nazorg. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2025:96 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8140
- Datum publicatie: 08-08-2025
- Datum uitspraak: 01-08-2025
- ECLI:NL:TGZRZWO:2025:96
De verpleegkundige werkte op een zorgboerderij waar hij tevens vennoot was. De IGJ kreeg een melding van de politie wegens grensoverschrijdend gedrag en geweld jegens cliënten door de verpleegkundige. Naar aanleiding daarvan heeft de IGJ onderzoek gedaan. Daarna heeft de IGJ een klacht tegen de verpleegkundige ingediend wegens overschrijding van de professionele grenzen door meermaals fysiek en verbaal geweld te gebruiken in de zorgrelatie jegens meerdere cliënten. De verpleegkundige heeft geen inhoudelijk verweer gevoerd. Het college:- verklaart de klacht gegrond; - beveelt de doorhaling van de inschrijving van de verpleegkundige in het register dan wel ontzegt de verpleegkundige, voor het geval hij op het moment van onherroepelijk worden van deze beslissing niet is ingeschreven in het register, het recht om weer in dit register te worden ingeschreven; - legt daarnaast een algeheel verbod op tot het beroepsmatig handelen op het gebied van de individuele gezondheidszorg en bepaalt dat dit verbod onmiddellijk van kracht wordt.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2025:97 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2024/7679
- Datum publicatie: 05-08-2025
- Datum uitspraak: 01-08-2025
- ECLI:NL:TGZRZWO:2025:97
Klacht tegen intensivist kennelijk ongegrond. Het betreft een klacht van nabestaanden van een patiënt die met COVID-19 ARDS was opgenomen op de intensive care. Na verschillende complicaties is de toestand van patiënt steeds verder verslechterd. Uiteindelijk is geconstateerd dat er geen verdere behandelmogelijkheden waren en is de behandeling van patiënt gestaakt. De klacht heeft betrekking op het staken van de behandeling.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2025:98 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/7975
- Datum publicatie: 28-08-2025
- Datum uitspraak: 26-08-2025
- ECLI:NL:TGZRZWO:2025:98
Klacht tegen een huisarts kennelijk ongegrond. De moeder van klaagster (patiënte) was onder behandeling bij de huisarts. Patiënte was bekend met onder andere diabetes en een hoge bloeddruk. Klaagster verwijt de huisarts, samengevat, dat hij onvoldoende adequaat heeft gereageerd op de klachten van patiënte en haar onvoldoende zorg heeft verleend, waardoor zij uiteindelijk een hersenbloeding heeft gekregen. Het college oordeelt dat de huisarts de zorg heeft verleend die van hem verwacht mocht worden
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2025:99 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8175
- Datum publicatie: 18-09-2025
- Datum uitspraak: 15-09-2025
- ECLI:NL:TGZRZWO:2025:99
Klacht tegen oncologisch chirurg kennelijk ongegrond. Klager is door de huisarts naar de internist verwezen vanwege een zwelling op zijn borstbeen. Nadat deze onderzoek had verricht en haar bevindingen met klager had besproken, heeft de internist klager op zijn verzoek verwezen naar een expertisecentrum van een ander ziekenhuis. Hier heeft de oncologisch chirurg klager gezien en onderzoek verricht. Klager maakt de oncologisch chirurg uiteenlopende verwijten over onder meer het door haar verrichte onderzoek en haar bevindingen.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:1 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8531
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 06-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:1
Klacht tegen een gz-psycholoog. Klaagster was in behandeling bij een therapeut. Verweerster was op dat moment de supervisor van deze therapeut. Nadat de therapeut vanwege ziekte uitviel, kwam klaagster in behandeling bij verweerster. In augustus 2024 werd de behandelrelatie tussen verweerster en klaagster beëindigd. Klaagster startte later opnieuw een behandeltraject bij de therapeut en informeerde verweerster hierover. Verweerster nam vervolgens contact op met de therapeut, waarop de therapeut de behandeling kort daarna beëindigde. Klaagster verwijt verweerster, samengevat, dat zij ten onrechte vertrouwelijke informatie heeft gedeeld, onvoldoende transparant was bij het begin van haar behandeling en onprofessioneel heeft gehandeld bij de klachtafhandeling. Het college oordeelt dat de meeste klachtonderdelen voortvloeien uit de rolvermenging die verweerster heeft laten ontstaan, verklaart de klacht grotendeels gegrond en legt de maatregel van een berisping op.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:10 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8496
- Datum publicatie: 22-01-2026
- Datum uitspraak: 16-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:10
Klacht tegen een fysiotherapeut gedeeltelijk gegrond. Klaagster kwam wegens nek-, schouder- en rugklachten bij de fysiotherapeut. Zij verwijt de fysiotherapeut grensoverschrijdend gedrag, door haar tijdens de twee behandelingen te betasten en ongepaste vragen te stellen. De fysiotherapeut ontkent dat hij klaagster tijdens de behandelrelatie op een niet professionele manier heeft aangeraakt. Hij erkent wel dat de gesprekken tijdens de behandelingen te intiem waren. Het college oordeelt dat de fysiotherapeut geen onprofessionele gesprekken had mogen hebben met klaagster. Dat de fysiotherapeut zich met zijn handelingen ook seksueel grensoverschrijdend naar klaagster toe heeft gedragen, kan het college niet vaststellen. Als maatregel legt het college een berisping op.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:11 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8335
- Datum publicatie: 22-01-2026
- Datum uitspraak: 16-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:11
Klacht tegen een arts kennelijk ongegrond. Klager is door verweerster gezien in het kader van een arbeidsmedische keuring. Klager maakt verweerster meerdere verwijten over onder meer het verrichte onderzoek, de informatieverstrekking en het door haar opgestelde verslag. Het college oordeelt dat de arts zorgvuldig onderzoek heeft verricht en niet gehouden was de door klager genoemde kwalen in het verslag op te nemen.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:12 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8430
- Datum publicatie: 22-01-2026
- Datum uitspraak: 16-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:12
Gegronde klacht tegen fysiotherapeut. Klaagster verwijt de fysiotherapeut dat hij zijn beroepsgeheim en het informed consent heeft geschonden. Verder verwijt klaagster de fysiotherapeut dat hij haar medisch dossier per onbeveiligde e-mail heeft verzonden. Het college oordeelt dat de fysiotherapeut onvoldoende zorgvuldig gehandeld heeft. Daar tegenover staat dat het college ervan overtuigd is dat de fysiotherapeut zich heeft ingespannen om klaagster goede zorg te leveren en gedurende de behandelperiode steeds voor klaagster heeft klaargestaan. Maatregel: waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:13 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle z2025/8533
- Datum publicatie: 22-01-2026
- Datum uitspraak: 16-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:13
Klacht over schenden van het beroepsgeheim en de privacy tegen een verloskundige deels gegrond. Maatregel: waarschuwing. Klaagster plaatste na de zwangerschapsbegeleiding online een recensie over de praktijk en het handelen van de verloskundige. De verloskundige reageerde door middel van een openbare reactie en deelde daarbij ook medisch inhoudelijke informatie van klaagster. Het college oordeelt dat de verloskundige haar geheimhoudingsplicht heeft geschonden en onbevoegd informatie heeft opgevraagd. De klachtonderdelen over schending van de privacy door het opnemen van een telefoongesprek en het delen van gegevens in het kader van een overdracht zijn ongegrond. De verloskundige was onervaren, heeft uiteindelijk spijt betuigd en verbetermaatregelen genomen.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:14 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8660
- Datum publicatie: 22-01-2026
- Datum uitspraak: 16-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:14
Klacht tegen een arts. Klaagster is in verband met een beoordeling op grond van de Ziektewet door de arts op het spreekuur gezien. Klaagster verwijt de arts, samengevat, een onbehoorlijke/onheuse bejegening en onprofessioneel handelen tijdens deze beoordeling. Het college oordeelt dat de arts tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft opgetreden bij de wijze waarop hij verslag deed van zijn onderzoek. De klacht is deels gegrond en het college legt de maatregel van een waarschuwing op.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:15 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8903
- Datum publicatie: 29-01-2026
- Datum uitspraak: 26-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:15
Klacht tegen een orthopedisch chirurg kennelijk ongegrond. Klaagster kwam bij de orthopedisch chirurg vanwege pijnklachten aan haar heupen. De orthopedisch chirurg heeft klaagster geopereerd. Klaagster verwijt de orthopedisch chirurg, samengevat, dat hij geweigerd heeft haar te helpen nadat zij een afgekneld gevoel had aan haar linkerbeen na de operatie en dat hij onvoldoende zorg heeft verleend. Het college oordeelt dat de orthopedisch chirurg niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:16 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8328
- Datum publicatie: 29-01-2026
- Datum uitspraak: 23-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:16
Door nabestaande ingediende klacht tegen een anesthesioloog-intensivist over de zorg aan een patiënte die is overleden aan de gevolgen van een pancreatitis (alvleesklierontsteking) na een ERCP-procedure. De intensivist is betrokken geweest bij de zorg aan patiënte op de IC. Klacht gaat over het afzien van een CT-scan. Het college verklaart de klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:17 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8327
- Datum publicatie: 29-01-2026
- Datum uitspraak: 23-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:17
Door nabestaande ingediende klacht tegen een arts over de zorg na het overlijden van patiënte aan de gevolgen van een pancreatitis (alvleesklierontsteking) na een ERCP-procedure. De klacht gaat over de door de arts gedane lijkschouwing, het door haar gedane onderzoek en de door haar afgegeven verklaring van natuurlijke dood. Het college verklaart de klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:18 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8326
- Datum publicatie: 29-01-2026
- Datum uitspraak: 23-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:18
Door nabestaande ingediende klacht tegen een arts over de zorg aan een patiënte die is overleden aan de gevolgen van een pancreatitis (alvleesklierontsteking) na een ERCP-procedure. De arts heeft patiënte beoordeeld op de verpleegafdeling in de avond na de procedure en geconcludeerd dat sprake was van een acute alvleesklierontsteking. Klacht gaat over verslaglegging en overleg met de achterwacht. Het college verklaart de klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:19 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8325
- Datum publicatie: 29-01-2026
- Datum uitspraak: 23-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:19
Door nabestaande ingediende klacht tegen een MDL-arts over de zorg aan een patiënte die is overleden aan de gevolgen van een pancreatitis (alvleesklierontsteking) na een ERCP-procedure. Klacht gaat over de vraag of de MDL-aarts, die op verzoek van een collega mee heeft gekeken bij de procedure, ook verslag had moeten doen van zijn bevindingen.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:2 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8192
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 09-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:2
Klacht tegen een anesthesioloog kennelijk ongegrond. Verweerder heeft in zijn hoedanigheid van anesthesioloog de situatie van klaagsters moeder beoordeeld. Patiënte heeft in het buitenland een herseninfarct gehad en werd daarna overgeplaatst naar een ziekenhuis in Nederland. Daar verslechterde haar situatie. Patiënte is in het ziekenhuis overleden. De klacht heeft betrekking op het handelen van verweerder voorafgaand aan het overlijden van patiënte.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:20 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8324
- Datum publicatie: 29-01-2026
- Datum uitspraak: 23-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:20
Door nabestaande ingediende klacht tegen een MDL-arts over de zorg aan een patiënte die is overleden aan de gevolgen van een pancreatitis (alvleesklierontsteking) na een door de MDL-arts uitgevoerde ERCP-procedure. Klacht gaat – onder meer - over de vraag of had moeten worden afgezien van een ERCP-procedure en over verslaglegging en nazorg. Het college verklaart de klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:21 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8323
- Datum publicatie: 29-01-2026
- Datum uitspraak: 23-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:21
Door nabestaande ingediende klacht tegen een arts over de zorg aan een patiënte die is overleden aan de gevolgen van een pancreatitis (alvleesklierontsteking) na een ERCP-procedure. Klacht gaat over de indicatiestelling voor de ERCP-procedure en het informeren van patiënte. Het college verklaart de klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:22 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8603
- Datum publicatie: 29-01-2026
- Datum uitspraak: 23-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:22
Deels gegronde klacht tegen een bedrijfsarts die heimelijk geluidsopnamen heeft gemaakt van consulten van een patiënt en die daarna weigert aan de patiënt te geven. Tevens gegronde klacht over het zich onttrekken aan toetsing door het tuchtcollege en weigering om zich toetsbaar op te stellen. Gezien eerdere tuchtrechtelijke veroordelingen wordt een schorsing voor de duur van een jaar opgelegd, maar voorwaardelijk onder stringente voorwaarden, gericht op persoonlijke en professionele ontwikkeling, in de omgang met cliënten en in conflictsituaties of geschillen.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:23 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2024/7873
- Datum publicatie: 29-01-2026
- Datum uitspraak: 27-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:23
Klacht tegen arts werkzaam bij een abortuskliniek ongegrond. Verweerder heeft bij klaagster een abortus uitgevoerd bij een prille zwangerschap. Hij heeft klaagster het risico voorgehouden dat de ingreep vanwege de korte zwangerschapsduur zou mislukken en haar geadviseerd de ingreep later te laten plaatsvinden. Klaagster heeft de ingreep toch dezelfde dag laten uitvoeren en nadien bleek dat een tweede ingreep noodzakelijk. De klachten over voorlichting, voldoende tijd nemen voor klaagster zijn ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:24 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2024/7874
- Datum publicatie: 29-01-2026
- Datum uitspraak: 27-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:24
Klacht tegen arts werkzaam bij een abortuskliniek. Nadat een collega arts bij klaagster een abortus had uitgevoerd bij een prille zwangerschap, bleek een tweede ingreep noodzakelijk. De collega had bij de nacontrole een vitale zwangerschap (hartactie) waargenomen. De noodzakelijke tweede ingreep werd voor een week later bij verweerder ingepland. Voorafgaand aan de geplande ingreep nam verweerder met een uitwendige echo geen hartactie waar en presenteerde klaagster de mogelijkheid van een tweede ingreep af te zien en het natuurlijk verloop van een spontane miskraam af te wachten. Hiervoor koos klaagster. Een dag later werd door de verloskundige wel hartactie waargenomen. Klaagster heeft daarop besloten de zwangerschap uit te dragen. Klacht over de communicatie gegrond verklaard, te weten de communicatie over klaagster met een derde zonder toestemming van klaagster, de wijze van e-mailen (via een privé e-mailadres) en het uitblijven van een poging tot contact met klaagster zelf. Ook de klacht over het vaststellen dat er geen hartactie was is gegrond. Vanwege de hartactie die een week ervoor was waargenomen was de bevinding onverwacht en de mogelijkheid een spontane miskraam af te wachten zonder nader onderzoek via een was nader onderzoek via een vaginale echoscopie onvoldoende zorgvuldig. De overige klachten over informatievoorziening en het beperken van de keuzevrijheid van klaagster zijn ongegrond. Maatregel berisping vanwege de verschillende tekortkomingen tezamen.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:25 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8576
- Datum publicatie: 29-01-2026
- Datum uitspraak: 27-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:25
Klacht tegen gynaecoloog deels gegrond. Klaagster was bij verweerder onder behandeling voor secundaire amenorroe. Hij schreef dit toe aan intensief sporten door klaagster en adviseerde om drie keer per jaar een onttrekkingsbloeding op te wekken. Bij bloedonderzoek werd een afwijkende waarde oestrogeen bepaald, maar verweerder heeft niet de waarde, maar “geen bijzonderheden” genoteerd. Klaagster stelt dat verweerder haar had moeten waarschuwen over de kans op verminderde vruchtbaarheid en dat zij door het nalaten van verweerder later dan noodzakelijk is gediagnostiseerd met ernstige osteoporose. Deze klachten zijn ongegrond. Verweerder heeft in 2019 gedaan wat toen van hem verwacht mocht mogen worden, omdat de verwachte waarschuwing toen nog geen standaard was. De klacht over de onjuiste kwalificatie van het bloedonderzoek is wel gegrond verklaard, omdat de geconstateerde waarde wel een bijzonderheid betrof. Het verwijt is van gering gewicht, verweerder is onmiddellijk volledig open en transparant geweest en heeft lering getrokken. Omdat een maatregel daarmee geen redelijk doel dient legt het college geen maatregel op.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:26 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8471
- Datum publicatie: 05-02-2026
- Datum uitspraak: 30-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:26
Klacht tegen een sportarts kennelijk ongegrond. Klaagster werd in 2024 door haar huisarts verwezen naar het ziekenhuis in verband met aanhoudende knieklachten. Daar werd zij gezien door de sportarts. Hierna werd beleid afgesproken en volgden nog twee telefonische consulten. Klaagster is niet tevreden over de behandeling die zij heeft gekregen en verwijt de sportarts dat zij op verschillende punten onzorgvuldig heeft gehandeld. Afgaande op de verslaglegging heeft het college geen aanleiding te twijfelen aan de door de sportarts gevolgde handelswijze en haar beoordeling. Ook is niet gebleken dat er in de (online) verslaglegging tuchtrechtelijk verwijtbaar fouten zijn gemaakt of zaken onvolledig zijn weergegeven.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:27 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8131
- Datum publicatie: 12-02-2026
- Datum uitspraak: 06-02-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:27
Klacht tegen een psychiater. Klager is op vijftienjarige leeftijd na een crisissituatie in behandeling gekomen bij een instelling voor jeugd-ggz. Gedurende de behandeling van klager is de psychiater als regiebehandelaar betrokken geraakt. Klager verwijt de psychiater onder meer het niet tijdig voor het bereiken van de achttienjarige leeftijd verwijzen van klager naar een ggz-instelling voor volwassenen. Het college komt tot het oordeel dat de klacht gedeeltelijk gegrond is en legt aan verweerder een waarschuwing op.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:28 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8210
- Datum publicatie: 12-02-2026
- Datum uitspraak: 06-02-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:28
Klacht tegen huisarts. Verweerster is huisarts van de ex-partner en het dochtertje van klager. De klacht heeft onder meer betrekking op een door de huisarts aan de ex-partner afgegeven schriftelijke verklaring waarin gesproken wordt over angst- en paniekklachten bij de ex-partner in verband met agressie/geweld in een eerdere relatie. Het college verklaart de klacht deels gegrond en bepaalt dat aan verweerster geen maatregel wordt opgelegd.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:29 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8628
- Datum publicatie: 24-02-2026
- Datum uitspraak: 20-02-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:29
Klager is door de huisarts gezien in verband met een plek op zijn knie. De huisarts heeft de diagnose verruca seborroica (ouderdomswratje) gesteld en het plekje weggekrabd. Een aantal maanden later heeft de huisarts besloten een excisie te doen en het weefsel op te sturen. Nadien bleek dat sprake was van een melanoom. Klager maakt de huisarts onder meer verwijten over de gestelde diagnose, het wegkrabben en het niet opsturen van weefsel voor nader onderzoek. De huisarts heeft aangevoerd dat hij het betreurt dat achteraf sprake was van een melanoom maar dat hij op basis van de kennis die hij op dat moment had zorgvuldig heeft gehandeld. Het college komt tot het oordeel dat de klacht kennelijk ongegrond is.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:3 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8193
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 09-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:3
Klacht tegen een neuroloog kennelijk ongegrond. Verweerster heeft in haar hoedanigheid van neuroloog de situatie van klaagsters moeder beoordeeld. Patiënte heeft in het buitenland een herseninfarct gehad en werd daarna overgeplaatst naar een ziekenhuis in Nederland. Daar verslechterde haar situatie. Patiënte is in het ziekenhuis overleden. De klacht heeft betrekking op het handelen van verweerster voorafgaand aan het overlijden van patiënte.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:30 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8675
- Datum publicatie: 24-02-2026
- Datum uitspraak: 20-02-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:30
Klacht tegen een verpleegkundige kennelijk ongegrond. De verpleegkundige werkte bij een bemoeizorg-team. Naar aanleiding van een melding dat er veel overlast was door en van klaagster werd besloten een huisbezoek bij klaagster af te leggen. De verpleegkundige ging met een wijkcoach naar de woning van klaagster. Klaagster verwijt de verpleegkundige, samengevat, dat hij onzorgvuldig heeft gehandeld bij dit bezoek. Het college oordeelt dat de verpleegkundige niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:31 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8801
- Datum publicatie: 24-02-2026
- Datum uitspraak: 20-02-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:31
Klacht tegen een bedrijfsarts ongegrond. Als superviserend bedrijfsarts van de arbo-arts begeleidde zij klager in het kader van de verzuimbegeleiding. Er vond een (video)consult plaats met klager. Volgens Klager waren onder andere de uitleg en informatieverstrekking over de rol van de arbo-arts en de bedrijfsarts als supervisor niet in orde. Op basis van het dossier en hetgeen ter zitting is besproken acht het college het aannemelijk dat de rollen van de arbo-arts en de bedrijfsarts aan het begin van het consult zijn uitgelegd. Het college kan niet vaststellen dat de arbo-arts zich als bedrijfsarts heeft voorgedaan. Daarnaast staat in de rapportage vermeld dat de bedrijfsarts de supervisor is. Hoewel het beter geweest als de supervisieconstructie van tevoren expliciet was aangekondigd en in het medisch dossier was genoteerd levert dat geen tuchtrechtelijk verwijt op. De bedrijfsarts heeft zorgvuldig gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:32 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8993
- Datum publicatie: 24-02-2026
- Datum uitspraak: 20-02-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:32
Klacht tegen een verzekeringsarts. Klaagster wordt door de voorzitter (kennelijk) niet-ontvankelijk verklaard omdat zij al eerder en klacht tegen de verzekeringsarts heeft ingediend en de nieuwe klacht in de kern op hetzelfde neerkomt. De door klaagster genoemde feiten en omstandigheden zijn in de vorige procedure meegewogen.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:33 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8426
- Datum publicatie: 24-02-2026
- Datum uitspraak: 20-02-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:33
Klacht tegen verpleegkundige. De (coördinerend) verpleegkundige heeft een verklaring opgesteld over een bezoek van klager aan de woonzorglocatie waar zijn moeder verbleef, en dit verslag aan de mentor verstrekt. Klager verwijt de verpleegkundige dat zij onzorgvuldig heeft gehandeld bij het opstellen van het verslag en het beroepsgeheim heeft geschonden. De klacht ten aanzien van de zorgvuldigheid bij het opstellen van het verslag is gegrond. De verpleegkundige had deze verklaring niet zelf moeten opstellen en ondertekenen. Ook maakt de verpleegkundige onvoldoende onderscheid tussen waarnemingen van anderen en haar (beperkte) eigen waarnemingen en is het verslag onvoldoende objectief geformuleerd. Het klachtonderdeel dat ziet op schending van het beroepsgeheim is ongegrond. Het college legt een waarschuwing op.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:34 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8747
- Datum publicatie: 25-02-2026
- Datum uitspraak: 24-02-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:34
Klacht tegen huisarts. Klagers hebben zich tot (de praktijk van) de huisarts gewend in verband met toegenomen gedragsproblemen bij hun minderjarige zoon en met het verzoek om herhaling van een in het buitenland voorgeschreven antipsychoticum aan hun zoon. Klagers maken de huisarts uiteenlopende verwijten over onder meer de wijze waarop zij heeft gehandeld naar aanleiding van de hulpvraag voor hun zoon, haar dossiervoering, communicatie, klachtafhandeling en een door haar gedane melding bij Veilig Thuis. Het college verklaart de klacht in alle onderdelen kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:35 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2024/7961
- Datum publicatie: 25-02-2026
- Datum uitspraak: 24-02-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:35
Klacht tegen een bedrijfsarts gedeeltelijk gegrond. Maatregel: berisping met bekendmaking in het BIG-register. De klacht gaat over een bedrijfsarts die klaagster heeft begeleid in het kader van ziekteverzuim. Klaagster maakt de bedrijfsarts verschillende verwijten over een consult en het naar aanleiding daarvan door hem opgestelde advies. Zo vindt klaagster onder meer dat het advies onzorgvuldig tot stand is gekomen, zij onheus is bejegend, de dossiervoering onvoldoende is en onjuistheden bevat, en dat het stappenplan voor een second opinion en de richtlijnen niet zijn gevolgd. Het college overweegt dat de bedrijfsarts tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld door onvoldoende diagnostiek te verrichten, een onzorgvuldig advies aan de werkgever uit te brengen, zich niet in te zetten voor het realiseren van de gevraagde second opinion en de richtlijnen van de NVAB niet of onvoldoende te volgen.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:36 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8625
- Datum publicatie: 12-03-2026
- Datum uitspraak: 03-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:36
Klacht tegen een tandarts kennelijk ongegrond. Klager verbleef in de PI en bezocht een paar keer de tandarts. Hij verwijt de tandarts, samengevat, ernstige en aanhoudende nalatigheid in de tandheelkundige zorg. Verzoeken om hulp zouden zijn afgewezen met als argument dat klager deze zorg buiten de PI moest organiseren. Het college is van oordeel dat de tandarts niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:37 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8812
- Datum publicatie: 12-03-2026
- Datum uitspraak: 06-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:37
Klacht tegen een verpleegkundig specialist kennelijk ongegrond. Klager werd verwezen naar de specialistische GGZ vanwege een hoge dosering medicatie bij ADHD en een verslavingsverleden. De verpleegkundig specialist werd vanaf april 2025 zijn regiebehandelaar en besloot, samen met de betrokken psychiater, de medicatie af te bouwen. Klager verwijt de verpleegkundig specialist, samengevat, het onvoldoende voeren van regie en onverantwoord en zonder overleg afbouwen van de medicatie. Het college is van oordeel dat de verpleegkundig specialist niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.