Zoekresultaten 121-130 van de 1722 resultaten
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:73 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025-8714
- Datum publicatie: 22-04-2026
- Datum uitspraak: 22-04-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:73
Kennelijk ongegronde klacht tegen huisarts. Klager is terecht verwezen naar GGZ. Het college heeft niet kunnen vaststellen dat de huisarts niet goed heeft geluisterd naar klager of zaken niet goed heeft uitgelegd. Ook is niet gebleken dat de huisarts informatie heeft achtergehouden en niet alle mogelijkheden heeft besproken met klager.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:74 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8319
- Datum publicatie: 22-04-2026
- Datum uitspraak: 22-04-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:74
Kennelijk ongegronde klacht tegen huisarts. Huisarts was niet gehouden om wederhoor toe te passen na consult met partner van klager en niet gebleken dat er onjuiste informatie is opgenomen in dossier van partner van klager. Gezien acute situatie met betrekking tot veiligheid van partner en minderjarige kinderen van klager is onthouden van informatie die in verband gebracht zou kunnen worden met hun verblijfplaats niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Niet gebleken dat de huisarts heeft geadviseerd om klager onjuiste informatie te verstrekken. De huisarts is alleen verantwoordelijk voor persoonlijk handelen, onjuiste informatie in dossiernotitie is haar niet aan te rekenen. De huisarts heeft zich ingezet voor de belangen van de kinderen conform de geldende richtlijnen en gecommuniceerd met klager zoals een goede huisarts betaamt. Verwijt dat huisarts geen oog heeft gehad voor impact van handelen kan niet slagen, aangezien het tuchtrecht niet gaat over de (mogelijke) gevolgen van handelen.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:75 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7667
- Datum publicatie: 22-04-2026
- Datum uitspraak: 22-04-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:75
Klacht tegen huisarts ongegrond. Partner en minderjarige kinderen van klager verbleven op geheime locatie. De huisarts was, onder de gegevens omstandigheden, niet verplicht om klager te informeren over verrichtingen (van niet ingrijpende aard) bij zijn minderjarige kinderen. Verrichtingen zijn bovendien niet door de huisarts zelf verricht. Verzoeken van klager om inzage in de medisch dossiers van kinderen zijn niet genegeerd. Communicatie had beter gekund, maar niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. De huisarts heeft klager wel serieus genomen en een adequate oplossing geboden. Publicatie.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:71 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8427
- Datum publicatie: 22-04-2026
- Datum uitspraak: 22-04-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:71
Klacht tegen orthopedisch chirurg kennelijk niet-ontvankelijk (ne bis in idem). Klaagster klaagt over hetzelfde feitencomplex als waarover het college in 2024 al onherroepelijk heeft beslist (ontbreken van gegevens in het medisch dossier).
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:94 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9332
- Datum publicatie: 22-04-2026
- Datum uitspraak: 22-04-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:94
Voorzittersbeslissing. Klager is kennelijk niet-ontvankelijk in de klacht.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:60 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8607
- Datum publicatie: 21-04-2026
- Datum uitspraak: 20-04-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:60
Klacht tegen tandarts over verkeerde plaatsing van een brug en over het geven van onvoldoende informatie voorafgaand aan de behandeling.Het college oordeelt dat het plaatsen van de brug volgens de regelen der kunst is geschied. Het college oordeelt verder dat het de verantwoordelijkheid is van verweerder om een goed dossier bij te houden. Nu patiënte stelt dat zij onvoldoende geïnformeerd is over de behandeling en in het dossier hierover niets is genoteerd, komt dit voor rekening en risico van verweerder. In zoverre is de klacht over het verstrekken van onvoldoende informatie gegrond. Het college legt een waarschuwing op.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:82 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8738
- Datum publicatie: 17-04-2026
- Datum uitspraak: 17-04-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:82
Gegronde klacht van operatie-assistente tegen plastisch chirurg. Klaagster verwijt de plastisch chirurg dat hij tijdens een operatie tegen haar is uitgevaren en haar daarbij ezel heeft genoemd. Tweede tuchtnorm van toepassing. De uitingen zijn niet alleen gedaan tegen de achtergrond van de arts-patiëntrelatie, maar hebben ook direct invloed op de (sociale) veiligheid van de werkomgeving waarbinnen deze zorg wordt verleend. Geen rechtvaardiging voor het gedrag van de plastisch chirurg. De plastisch chirurg is als operateur ook verantwoordelijk voor een veilige werksfeer. Een veilig werkklimaat is essentieel voor een goede patiëntenzorg. Het college heeft niet de overtuiging gekregen dat de plastisch chirurg in staat is tot een grondige reflectie op zijn gedrag. Berisping met publicatie opgelegd.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:58 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/9196
- Datum publicatie: 17-04-2026
- Datum uitspraak: 17-04-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:58
Gegronde klacht tegen een fysiotherapeut. Klager is de IGJ. De fysiotherapeut heeft zich schuldig gemaakt aan seksueel grensoverschrijdend gedrag, door tijdens een consult meerdere seksueel getinte opmerkingen tegen een patiënte te maken. De vastgestelde gedraging is op zichzelf al een ernstige tekortkoming in het handelen van de fysiotherapeut. Wat het handelen van de fysiotherapeut echter des te kwalijker maakt en wat het college – met de inspectie – extra zorgen baart, is de opstelling van de fysiotherapeut tijdens het onderzoek door de inspectie alsmede zijn houding in deze tuchtprocedure. Het college legt aan de fysiotherapeut een voorwaardelijke schorsing op voor de duur van een jaar.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:59 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8744
- Datum publicatie: 17-04-2026
- Datum uitspraak: 17-04-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:59
Kennelijk ongegronde klacht tegen een huisarts. Klaagster verwijt de huisarts discriminatie, onprofessioneel handelen en nalatigheid. Het college is van oordeel dat een precieze reconstructie van de gesprekken/consulten niet mogelijk is en niet kan worden vastgesteld wat er is gezegd. Ook blijft onduidelijk in hoeverre de herkomst van klaagster in deze situatie een relevant onderwerp was en op welke wijze het is besproken. Duidelijk is wel dat klaagster het refereren aan haar herkomst als kwetsend en discriminerend heeft ervaren. Hiervoor heeft de huisarts zich geëxcuseerd en aangegeven hiervan te hebben geleerd. Daarnaast is van nalatig handelen geen sprake. De huisarts heeft klaagster doorverwezen, telkens te woord gestaan en van advies voorzien, ook omtrent andere zorgvragen.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:82 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2024/2656
- Datum publicatie: 16-04-2026
- Datum uitspraak: 16-04-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:82
.