Zoekresultaten 1-20 van de 14838 resultaten
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:114 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/9315
- Datum publicatie: 21-07-2026
- Datum uitspraak: 17-07-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:114
Klacht van patiënt tegen radioloog kennelijk ongegrond. Verwijt dat de radioloog een MRI-scan van de prostaat van klager in 2017 niet zorgvuldig heeft beoordeeld. De radioloog heeft aangevoerd dat hij de beelden zorgvuldig heeft beoordeeld waarbij de kans op klinische prostaatkanker onwaarschijnlijk was, aan de hand van PI-RADS versie 2 (uit 2015).
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:180 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9292
- Datum publicatie: 21-07-2026
- Datum uitspraak: 21-07-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:180
Ongegronde klacht tegen een anesthesioloog. De anesthesioloog was betrokken bij de anesthesie tijdens de totale heup prothese operatie van klaagster. Klaagster kreeg een ruggenrpik en aansluitend sedatie met propofol. Het is niet gebleken dat vooraf is gesproken over een minimale of lagere dosering, zoals klaagster stelt. Er zijn geen aanknopingspunten voor het verwijt dat klaagster een te hoge dosering sedatie is toegediend of anderszins onzorgvuldig handelen. Klacht ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:115 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/9492
- Datum publicatie: 21-07-2026
- Datum uitspraak: 17-07-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:115
Klacht tegen een tandarts kennelijk ongegrond. Klaagster bezocht de tandarts diverse keren in verband met pijnklachten. Uiteindelijk moest er een kies verwijderd worden. Klaagster verwijt de tandarts, samengevat, nalatigheid, onvoldoende informatieverstrekking en het niet serieus nemen van de klachten van klaagster. Het college oordeelt dat de tandarts klaagster voldoende heeft voorgelicht en niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:181 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8540
- Datum publicatie: 21-07-2026
- Datum uitspraak: 21-07-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:181
Deels gegronde klacht tegen een anesthesioloog. Klaagster is door de anesthesioloog behandeld voor chronische pijnklachten bij long-covid. Er is door de anesthesioloog geen medisch dossier overgelegd, waardoor niet kan worden vastgesteld dat de anesthesioloog een (nadere) anamnese heeft verricht. Verder ontbreekt ook elke rapportage over de behandeling van klaagster, waardoor niet kan worden vastgesteld dat sprake was van adequate monitoring, ook voor wat betreft de wijze van toediening van medicatie is adequate monitoring aangewezen. Klacht deels gegrond, berisping met publicatie.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:177 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8701
- Datum publicatie: 17-07-2026
- Datum uitspraak: 17-07-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:177
Ongegronde klacht tegen een verpleegkundig specialist. Klaagster verwijt de verpleegkundig specialist onder meer dat zij geweigerd heeft om haar te verwijzen voor nader onderzoek naar autisme. Het college acht het gezien de bevindingen verdedigbaar dat verweerster de nadruk legde op de behandeling van trauma. Uit de e-mails van klaagster leek ook te volgen dat zij dit begreep. Wel was het beter geweest als verweerster nog de tijd had genomen om de verwijzing duidelijk door te spreken met klaagster, maar dit is onvoldoende voor een tuchtrechtelijk verwijt. Ook de andere klachtonderdelen zijn ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:178 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2026/9633
- Datum publicatie: 17-07-2026
- Datum uitspraak: 17-07-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:178
Deels gegronde klacht tegen een verpleegkundige. De IGJ verwijt de verpleegkundige in strijd te hebben gehandeld met de door haar te verlenen zorg door zonder collegiaal overleg en zonder dat dit was voorgeschreven een van huis meegebrachte keelspray (die over de datum was) te geven aan een cliënt. Ook verwijt de IGJ de verpleegkundige zonder overleg met een arts en in afwijking van het medicatiebeleid een hogere dosering medicatie aan een cliënt toe te dienen en dit op onjuiste wijze af te tekenen. De klacht is deels gegrond. Het college is van oordeel dat de verpleegkundige door zonder overleg met een arts of collega’s haar eigen koers te varen, niet in het belang van de aan haar zorg toevertrouwde cliënten heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:179 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2026/9606
- Datum publicatie: 17-07-2026
- Datum uitspraak: 17-07-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:179
Kennelijk ongegronde klacht tegen een verpleegkundig specialist. Klaagster was na ontslag uit het ziekenhuis na een wortelblokkade voor rug- en beenklachten nog voor nazorg opgenomen. Daar verergerden de klachten aan haar been. Het verwijt aan de verpleegkundig specialist is dat zij geen adequate zorg heeft verleend toen klaagster ook last kreeg van uitvalsverschijnselen. Het college oordeelt dat gebleken is dat de verpleegkundig specialist niet op de hoogte was van de verslechterde gezondheidssituatie van klaagster, maar dat dit niet aan de verpleegkundig specialist te wijten is. Kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:153 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2926
- Datum publicatie: 15-07-2026
- Datum uitspraak: 15-07-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:153
Klager is gediagnosticeerd met Morgellons disease door een collega-dermatoloog van de dermatoloog. De dermatoloog heeft in 2015 een artikel gepubliceerd op huidziekten.nl over Morgellons disease. In dit artikel wordt de ziekte beschreven en verwezen naar een aantal (inter)nationale bronnen. Klager verwijt de dermatoloog dat hij zich in dit artikel beledigend heeft uitgelaten naar patiënten met Morgellons disease. Ook verwijt hij de dermatoloog dat hij niet heeft gereageerd op uitnodigingen van klager om met hem over zijn opvattingen over het artikel in discussie te treden. Het Regionaal Tuchtcollege heeft beslist dat klager kennelijk niet-ontvankelijk is in de klacht. Het Centraal Tuchtcollege komt tot hetzelfde eindoordeel, omdat klager niet als rechtstreeks belanghebbende kan worden aangemerkt. Het beroep van klager wordt verworpen.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:126 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/9434
- Datum publicatie: 15-07-2026
- Datum uitspraak: 15-07-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:126
Klacht tegen een psychiater. Gegrond. De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd verwijt de psychiater dat zij kort na het beëindigen van een professionele relatie met een cliënt een intensieve persoonlijke en seksuele relatie is aangegaan, zonder een passende afkoelingsperiode in acht te nemen. Het college oordeelt dat de psychiater de professionele grenzen ernstig heeft overschreden. Zij is een intensieve persoonlijke en seksuele relatie met een cliënt aangegaan, zeer kort na het professionele contact, en heeft dit enige tijd te laten bestaan. Het college weegt bij het opleggen van een maatregel mee dat de psychiater onvoldoende reflectie heeft getoond, haar handelen niet tijdig heeft besproken binnen haar intervisiegroep en zich niet toetsbaar heeft opgesteld in de procedure door niet ter zitting te verschijnen. Omdat de psychiater zich inmiddels uit het BIG-register heeft uitgeschreven, ontzegt het college haar het recht om opnieuw in het BIG-register te worden ingeschreven. Mocht zij ten tijde van de uitspraak opnieuw zijn ingeschreven, dan wordt haar inschrijving doorgehaald.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:174 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8913
- Datum publicatie: 15-07-2026
- Datum uitspraak: 15-07-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:174
Gedeeltelijk gegronde klacht tegen een fysiotherapeut. Het zoontje van klager was onder behandeling bij de kliniek waar de fysiotherapeut werkzaam is. Tussen de ouders was sprake van een relationeel conflict. De fysiotherapeut heeft een emailbericht aan de ex-partner van klager gestuurd over de gevolgen voor de gezondheid van het zoontje van een door klager voorgenomen reis, waarna de rechter klagers verzoek om die reis te maken heeft afgewezen. De fysiotherapeut had zich moeten realiseren dat sprake was van een ernstig relationeel conflict. Bovendien was er sprake van een behandelrelatie en had de fysiotherapeut zich sowieso dienen te onthouden van het delen van dergelijke opvattingen. Tot slot heeft de fysiotherapeut zich buiten haar deskundigheidsgebied begeven. De overige klachtonderdelen, over het verstrekken van informatie aan Veilig Thuis en bejegening tijdens een consult, zijn ongegrond. Klacht gedeeltelijk gegrond, waarschuwing opgelegd.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:127 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/9081
- Datum publicatie: 15-07-2026
- Datum uitspraak: 15-07-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:127
Klacht tegen psychiater deels kennelijk niet-ontvankelijk en deels kennelijk ongegrond. Klaagster verwijt de psychiater onder meer dat zij zonder toestemming bijzondere persoonsgegevens van klaagster en haar familieleden heeft verwerkt, privacygevoelige en niet-relevante informatie in een psychiatrisch expertiserapport heeft opgenomen, onjuiste en subjectieve interpretaties heeft weergegeven en niet heeft gehandeld overeenkomstig de professionele standaard. Het college oordeelt dat klachten over de rechtmatigheid van de verwerking van persoonsgegevens en de naleving van de AVG niet tot de bevoegdheid van het tuchtcollege behoren, zodat klaagster in die klachtonderdelen niet-ontvankelijk is. Voor het overige oordeelt het college dat de psychiater de relevante informatie mocht betrekken bij haar beoordeling, dat het aan haar deskundigheid is om de relevantie van die informatie vast te stellen en dat het rapport voldoet aan de daaraan te stellen eisen. Niet is gebleken dat de opgenomen informatie onjuist, subjectief of irrelevant was of dat de psychiater buiten de grenzen van een redelijk bekwame beroepsuitoefening heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:175 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9458
- Datum publicatie: 15-07-2026
- Datum uitspraak: 15-07-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:175
Grotendeels gegronde klacht tegen een fysiotherapeut. Klaagster was naar de fysiotherapeut verwezen in verband met radiculaire klachten aan haar rechterbeen. Na afloop van het behandeltraject is bij klaagster een diagnose spinaal meningeoom gesteld. Het valt de fysiotherapeut te verwijten dat hij zonder een duidelijke diagnose en behandelplan klaagster is gaan behandelen en de behandeling in een complexe situatie voor het overgrote deel door stagiaires heeft laten uitvoeren die hij onvoldoende heeft gesuperviseerd. De fysiotherapeut had meer regie moeten voeren. Hij had in ieder geval de behandeling moeten overnemen toen bleek dat de klachten verergerden en hij had klaagster vervolgens moeten terugverwijzen naar de huisarts. Ook was de verslaglegging onzorgvuldig en heeft de fysiotherapeut nagelaten het medisch dossier digitaal aan klaagster te verstrekken. Berisping opgelegd.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:176 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9119
- Datum publicatie: 15-07-2026
- Datum uitspraak: 15-07-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:176
Kennelijk ongegronde klacht tegen een huisarts. Klaagster heeft een hartinfarct gehad. Zij verwijt de huisarts dat in de periode daaraan voorafgaand onvoldoende onderzoek is verricht naar de aanhoudende klachten van klaagster, waardoor er te laat een diagnose (essentiële trombocytose) is gesteld. Het college oordeelt dat de huisarts gelet op de toen beschikbare informatie de juiste vervolgonderzoeken heeft ingezet.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:111 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8719
- Datum publicatie: 15-07-2026
- Datum uitspraak: 10-07-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:111
Klacht tegen een tandarts. Klaagster bezocht in januari 2024 de tandarts vanwege cariës in element 35. Ruim een jaar later bleek dat de destijds geplaatste vulling eruit was. Klaagster werd in maart 2025 behandeld door de mondhygiënist en er werd een vulling geplaatst (1 vlaks composiet). Klaagster bleef klachten houden en verwijt de tandarts, samengevat, dat de mondhygiënist dit niet zonder supervisie had mogen doen en dat zij onheus bejegend is door de tandarts. Het college oordeelt dat tandarts er geen blijk had gegeven dat hij op de hoogte was van de beperkingen die gelden ten aanzien van de bevoegdheid van de mondhygiënist bij het zelfstandig vullen van cariës en legt de maatregel van een berisping op.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:112 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8869
- Datum publicatie: 15-07-2026
- Datum uitspraak: 12-07-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:112
Ouders klagen mede namens hun minderjarige zoon tegen een verpleegkundige die betrokken was bij een intake en vervolggesprekken over hun zoon. Verwijten over bewoordingen in het dossier, bewoordingen die bij het informatie delen met een basisschool en bejegeningsklacht. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:151 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/3091
- Datum publicatie: 15-07-2026
- Datum uitspraak: 15-07-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:151
Klacht tegen een internist. Klaagster is gedurende ruim een jaar in verband met een afwijkend bloedbeeld bij de internist in behandeling geweest. Het vinden van de oorzaak van het afwijkende bloedbeeld bleek een complexe zoektocht. Klaagster verwijt de internist dat zij gedurende de behandeling op een groot aantal punten onzorgvuldig heeft gehandeld. Het Regionaal Tuchtcollege acht alle klachten ongegrond, met uitzondering van klachtonderdeel b over een voorschrijffout. Aan de internist wordt geen maatregel opgelegd. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klaagster tegen de ongegrondverklaring van de verschillende klachtonderdelen.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:124 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2026/9534
- Datum publicatie: 15-07-2026
- Datum uitspraak: 15-07-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:124
Gegronde klacht van IGJ tegen verpleegkundige. Seksueel grensoverschrijdend gedrag jegens patiënt. Maatregel: verbod tot wederinschrijving in het BIG-register voor de duur van zes maanden. Publicatie.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:113 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/9073
- Datum publicatie: 15-07-2026
- Datum uitspraak: 10-07-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:113
Klacht tegen een tandarts. Deze tandarts was betrokken bij de zorg aan klaagster. Klaagster had implantaten gekregen en zij verwijt de tandarts – kort gezegd - onheuse bejegening en dat hij ten onrechte niet ingreep toen de behandeling van zijn collega ontoereikend bleek. Het college is van oordeel dat de tandarts niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld en verklaart de klacht ongegrond
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:152 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2925
- Datum publicatie: 15-07-2026
- Datum uitspraak: 15-07-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:152
Klager kwam op het spreekuur van de polikliniek psychodermatologie van het AMC. Klager stelt zich op het standpunt dat door de dermatoloog een onjuiste diagnose is gesteld, er geen gedegen onderzoek is verricht en dat hij is weggezet als een fantast met parasieten- en infestatiewanen. Het Regionaal Tuchtcollege heeft beslist dat de klacht in al haar onderdelen kennelijk ongegrond is. Het Centraal Tuchtcollege komt tot hetzelfde oordeel en verwerpt het beroep van klager.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:125 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/9214
- Datum publicatie: 15-07-2026
- Datum uitspraak: 15-07-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:125
Klacht tegen een psychiater. Gegrond. De psychiater wordt verweten dat hij na afloop van een behandelrelatie uit eigen beweging contact heeft gezocht met een voormalig patiënte (klaagster), met haar een persoonlijke en vervolgens seksuele relatie is aangegaan en haar heeft verzocht dit contact geheim te houden. Het college oordeelt dat de psychiater ernstig tekort is geschoten in de zorgvuldigheid die van hem als hulpverlener mocht worden verwacht. Gezien de aard, duur en intensiteit van de eerdere behandelrelatie, de ernstige en langdurige psychiatrische problematiek van klaagster en haar kwetsbare positie, had de psychiater zich moeten onthouden van niet-professioneel contact. De psychiater heeft de afhankelijkheidsrelatie en de ongelijkwaardige positie onvoldoende onderkend en zijn eigen behoeften laten prevaleren boven die van klaagster. Het college rekent de psychiater bovendien aan dat hij onvoldoende inzicht en diepgaande reflectie heeft getoond op de achtergronden van zijn handelen en het risico op herhaling. Gelet op de aard, ernst, duur en omvang van het grensoverschrijdende gedrag legt het college de maatregel van doorhaling van de inschrijving in het BIG-register op.
- Pagina: 1
- Pagina: 2
- ...
- Pagina: 742
- Volgende pagina zoekresultaten