Zoekresultaten 1-50 van de 14552 resultaten
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:9 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8064
- Datum publicatie: 22-01-2026
- Datum uitspraak: 16-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:9
Klacht tegen een verloskundige kennelijk ongegrond. De verloskundige is betrokken geweest bij de bevalling van klaagster en heeft daarbij ook een vaginaal toucher uitgevoerd. Klaagster verwijt de verloskundige dat zij dit vaginaal toucher heeft gedaan zonder een daaraan voorafgaand gegeven voldoende informed consent van klaagster. Ook verwijt klaagster de verloskundige een onvoldoende rapportage in het partusverslag en van een na de bevalling gevoerd afsluitend gesprek. Het college oordeelt dat klaagster in voldoende mate was geïnformeerd en toestemming heeft gegeven voor het vaginaal toucher. Daarnaast heeft de verloskundige alles genoteerd wat zij moest noteren in de verslagen.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:8 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8285
- Datum publicatie: 15-01-2026
- Datum uitspraak: 13-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:8
Klacht tegen tandarts kennelijk ongegrond. Klager is door de tandarts op consult gezien in verband met een recent afgebroken voortand. Klager verwijt de tandarts dat weigering van zorgverlening tijdens dit consult en het niet op de juiste wijze doorverwijzen naar een andere tandarts.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:7 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8197
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 09-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:7
Klacht tegen een arts kennelijk ongegrond. Verweerster heeft in haar hoedanigheid van anios (zaalarts) de situatie van klaagsters moeder beoordeeld. Patiënte heeft in het buitenland een herseninfarct gehad en werd daarna overgeplaatst naar een ziekenhuis in Nederland. Daar verslechterde haar situatie. Patiënte is in het ziekenhuis overleden. De klacht heeft betrekking op het handelen van verweerster voorafgaand aan het overlijden van patiënte.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:6 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8196
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 09-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:6
Klacht tegen een neuroloog kennelijk ongegrond. Verweerster heeft in haar hoedanigheid van neuroloog de situatie van klaagsters moeder beoordeeld. Patiënte heeft in het buitenland een herseninfarct gehad en werd daarna overgeplaatst naar een ziekenhuis in Nederland. Daar verslechterde haar situatie. Patiënte is in het ziekenhuis overleden. De klacht heeft betrekking op het handelen van verweerster voorafgaand aan het overlijden van patiënte.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:57 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8339
- Datum publicatie: 10-04-2026
- Datum uitspraak: 10-04-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:57
Ongegronde klacht tegen bedrijfsarts. De bedrijfsarts was betrokken bij klager in het kader van zijn verzuimbegeleiding. Klager verwijt de bedrijfsarts dat hij onvoldoende zorgvuldig heeft gehandeld bij zijn begeleiding, vooringenomen was en zijn recht op een second opinion onvoldoende heeft gefaciliteerd. Niet gebleken is dat de bedrijfsarts niet onafhankelijk handelde en/of vooringenomen was. De bedrijfsarts heeft zorgvuldig gehandeld, adequaat onderzoek gedaan en desgevraagd het verzoek tot second opinion gehonoreerd toen dit aan de orde was.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:56 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8974
- Datum publicatie: 07-04-2026
- Datum uitspraak: 07-04-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:56
Kennelijk ongegronde klacht van een patiënt tegen een tandarts. Klacht gaat over het – volgens klager – onjuiste gebruik van declaratiecode H35 (moeizaam trekken tand of kies met behulp van chirurgie) en onwaarheden in het patiëntendossier van klager.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:55 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8220
- Datum publicatie: 07-04-2026
- Datum uitspraak: 07-04-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:55
Klacht tegen een verpleegkundige. De verpleegkundige is verpleegkundig expert hiv in het ziekenhuis. Klager heeft al geruime tijd een hiv-infectie en verwijt de verpleegkundige, samengevat, het ten onrechte weigeren van medicatie en bloedonderzoek en het instellen van een toegangsverbod en het doen van melding bij justitie. Het college is van oordeel dat de verpleegkundige de zorg heeft verleend die van haar verwacht mocht worden.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:54 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8219
- Datum publicatie: 07-04-2026
- Datum uitspraak: 07-04-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:54
Klacht tegen een internist kennelijk ongegrond. Klager was vanwege een hiv-infectie onder behandeling bij de internist. De behandelrelatie verslechterde, totdat klager uiteindelijk de toegang tot het ziekenhuis werd ontzegd. Klager verwijt de internist, samengevat, dat zij weigerde medicatie voor te schrijven en dat zij hem onvoldoende heeft geïnformeerd over het beëindigen van de behandelingsovereenkomst en onvoldoende tijdig heeft doorverwezen. Het college is van oordeel dat de internist niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld en dat het in het belang van goede zorgverlening is dat klager zich laat monitoren.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:53 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8217
- Datum publicatie: 07-04-2026
- Datum uitspraak: 07-04-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:53
Klacht tegen een huisarts kennelijk ongegrond. Klager ontving via de huisartsenpraktijk van verweerder zijn hiv-medicatie. Het ziekenhuis was verantwoordelijk voor de medische controles en behandeling van de hiv-infectie. Toen uit de informatie van de behandelend specialist bleek dat klager zich aan de ziekenhuiscontroles onttrok, besloot de huisarts de medicatie niet langer voor te schrijven en verwees klager naar de specialist voor controle en hiv-medicatie. Klager verwijt de huisarts dat hij plotseling en onrechte weigerde deze vervolgmedicatie te verstrekken. Het college oordeelt dat de huisarts geen tuchtrechtelijk verwijt gemaakt kan worden.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:52 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8921
- Datum publicatie: 27-03-2026
- Datum uitspraak: 27-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:52
Klacht van patiënte tegen huisarts kennelijk ongegrond. Klaagster verwijt de huisarts dat hij een onjuiste diagnose heeft gesteld bij klaagster en haar geen medicamenteuze behandeling heeft gegeven voor langdurige klachten na COVID.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:51 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/9032
- Datum publicatie: 27-03-2026
- Datum uitspraak: 27-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:51
Voorzittersbeslissing, deels kennelijk niet-ontvankelijk, deels kennelijk ongegrond verklaarde klacht van een nabestaande tegen een lid van de Raad van Bestuur van een ziekenhuis. Patiënte was op de afdeling SEH van het ziekenhuis gezien en naar huis gestuurd met een (spoed)doorverwijzing naar de poli vaatchirurgie. Patiënte is de volgende dag overleden. Na intern onderzoek werd een calamiteitenmelding gedaan bij de IGJ. De verwijten gaan onder meer over communicatie, nazorg, informatieverstrekking en (het moment van) de calamiteitenmelding.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:50 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8662
- Datum publicatie: 27-03-2026
- Datum uitspraak: 27-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:50
Klacht tegen een bedrijfs- en verzekeringsarts kennelijk ongegrond. Klager is sinds 2012 arbeidsongeschikt voor zijn werk. Klager startte later een civiele procedure tegen (de verzekeraar van) zijn werkgever. In het kader van deze procedure stelde verweerder een medisch advies op. Klager verwijt verweerder, samengevat, dat dit advies onzorgvuldig tot stand is gekomen. Het college is van oordeel dat verweerder niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld en dat het rapport zorgvuldig tot stand is gekomen.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:5 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8195
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 09-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:5
Klacht tegen een arts kennelijk ongegrond. Verweerster heeft in haar hoedanigheid van anios (zaalarts) de situatie van klaagsters moeder beoordeeld. Patiënte heeft in het buitenland een herseninfarct gehad en werd daarna overgeplaatst naar een ziekenhuis in Nederland. Daar verslechterde haar situatie. Patiënte is in het ziekenhuis overleden. De klacht heeft betrekking op het handelen van verweerster voorafgaand aan het overlijden van patiënte.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:49 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8924
- Datum publicatie: 20-03-2026
- Datum uitspraak: 20-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:49
Klacht tegen een tandarts. Klaagster is behandeld door de tandarts vanwege pijnklachten en cariës. Klaagster verwijt de tandarts, samengevat, dat hij onzorgvuldig heeft gehandeld en haar onvoldoende heeft geïnformeerd over de behandeling. Ook verwijt klaagster de tandarts onvoldoende dossiervoering en onheuse bejegening. Het college komt tot het oordeel dat de klacht gedeeltelijk gegrond is en legt de maatregel van een berisping op, omdat de tandarts op een aantal gebieden niet heeft voldaan aan de professionele standaard.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:48 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8032
- Datum publicatie: 20-03-2026
- Datum uitspraak: 20-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:48
Klacht tegen een tandarts. Klager had begin 2016 zijn eerste consult bij de orthodontist ter voorbereiding op een orthodontische behandeling. In maart 2020 werd bij hem vaste apparatuur geplaatst. In augustus 2022 plaatste de orthodontist een orthoimplantaat en in augustus 2024 bezocht klager voor het laatst de praktijk van de orthodontist voor een controleafspraak. Klager verwijt de orthodontist, samengevat, onvoldoende regievoering en gebrek in de communicatie. Het college komt tot het oordeel dat de klacht gedeeltelijk gegrond is en legt de maatregel van een berisping op.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:47 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8181
- Datum publicatie: 24-03-2026
- Datum uitspraak: 24-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:47
Ongegronde klacht tegen een (vaat)chirurg. Bij klager werd door middel van een endovasculaire operatie een stent geplaatst vanwege een aneurysma van de buikslagader. Na de operatie bleek dat sprake was van spinale ischemie, leidend tot een (incomplete) dwarslaesie. Klager verwijt de chirurg onder meer dat zij onvoldoende rekening heeft gehouden met zijn familiaire voorgeschiedenis en dat hij onvoldoende is geïnformeerd over het risico op spinale ischemie/dwarslaesie.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:46 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8746
- Datum publicatie: 24-03-2026
- Datum uitspraak: 24-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:46
(kennelijk) ongegronde klacht van een klager tegen een orthopedisch chirurg die bij klager wegens progressief stenoserend vaatlijden een broekprothese plaatste. In verband met aanhoudende klachten na de operatie werd klager gezien in een ander ziekenhuis, waar wordt gedacht aan een neurologische oorzaak als mogelijke verklaring voor de klachten. De verwijten gaan over diagnosestelling, informed consent en nazorg.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:45 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8237
- Datum publicatie: 24-03-2026
- Datum uitspraak: 24-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:45
Klacht tegen orthopedisch chirurg kennelijk ongegrond. De orthopedisch chirurg heeft tweemaal een heupoperatie bij klaagster uitgevoerd. Klaagster verwijt de orthopedisch chirurg, samengevat, nalatigheid in medisch handelen en het leveren van inadequate (na)zorg. Daarnaast is volgens klaagster sprake geweest van tekortkomingen in de communicatie. Het college oordeelt dat de orthopedisch chirurg niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:44 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8441
- Datum publicatie: 17-03-2026
- Datum uitspraak: 17-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:44
Klacht tegen een arts/medisch coördinator van een abortuskliniek. Klaagster heeft een intakegesprek gehad met een andere arts en aansluitend heeft zij een abortus ondergaan. Klaagster verwijt de medisch coördinator dat het dossier onvolledig en onbetrouwbaar is en dat de abortuskliniek niet voldeed aan de wettelijke eisen die gelden voor het mogen uitvoeren van abortussen bij een zwangerschapsduur van meer dan dertien weken. Het college komt tot het oordeel dat de klacht ongegrond is.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:43 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8459
- Datum publicatie: 17-03-2026
- Datum uitspraak: 17-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:43
Klacht tegen een verpleegkundige van een abortuskliniek. Klaagster heeft een intakegesprek gehad met een arts en aansluitend heeft zij een abortus ondergaan. De verpleegkundige heeft klaagster ook gezien voorafgaand aan de ingreep. Klaagster verwijt de verpleegkundige onder meer dat zij een verkeerde inschatting heeft gemaakt van haar mentale toestand en dat er niet is gesproken over mogelijke alternatieven. Het college komt tot het oordeel dat de klacht ongegrond is.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:42 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8458
- Datum publicatie: 17-03-2026
- Datum uitspraak: 17-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:42
Klacht tegen een arts in een abortuskliniek. Klaagster heeft een intakegesprek gehad met de arts en aansluitend heeft zij een abortus ondergaan. Klaagster verwijt de arts onder meer dat zij een verkeerde inschatting heeft gemaakt van haar mentale toestand en dat er niet is gesproken over mogelijke alternatieven. Het college komt tot het oordeel dat de klacht ongegrond is.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:41 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8743
- Datum publicatie: 13-03-2026
- Datum uitspraak: 12-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:41
Klacht van de IGJ tegen een anesthesioloog-intensivist. De IGJ verwijt de anesthesioloog dat hij in strijd met de Geneesmiddelenwet enoximon in de thuissituatie heeft voorgeschreven terwijl het daar niet voor is geregistreerd. Ook heeft de anesthesioloog volgens de IGJ daarbij de zorgvuldigheidseisen niet in acht genomen door niet (vooraf) te overleggen met de huisarts van de patiënte en haar onvoldoende te monitoren tijdens het gebruik van het middel. Het college komt tot het oordeel dat de anesthesioloog tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld en de klacht gegrond is. Het college legt de anesthesioloog de maatregel van doorhaling in het BIG-register met onmiddellijke ingang op.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:40 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8293
- Datum publicatie: 12-03-2026
- Datum uitspraak: 10-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:40
Ongegronde klacht tegen een gz-psycholoog over de behandeling van klager. Klager was vanwege een depressieve stoornis onder behandeling bij de organisatie waar verweerder werkte. Verweerder was als regiebehandelaar bij de behandeling betrokken. Klager verwijt verweerder onder meer dat niet werd ingegrepen bij tekenen van suïcidaliteit, gemaakte afspraken niet werden nagekomen en dat de begeleiding tijdens het ECT-traject onvoldoende was.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:4 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8194
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 09-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:4
Klacht tegen een neuroloog kennelijk ongegrond. Verweerster heeft in haar hoedanigheid van neuroloog de situatie van klaagsters moeder beoordeeld. Patiënte heeft in het buitenland een herseninfarct gehad en werd daarna overgeplaatst naar een ziekenhuis in Nederland. Daar verslechterde haar situatie. Patiënte is in het ziekenhuis overleden. De klacht heeft betrekking op het handelen van verweerster voorafgaand aan het overlijden van patiënte.Klacht tegen een neuroloog kennelijk ongegrond. Verweerster heeft in haar hoedanigheid van neuroloog de situatie van klaagsters moeder beoordeeld. Patiënte heeft in het buitenland een herseninfarct gehad en werd daarna overgeplaatst naar een ziekenhuis in Nederland. Daar verslechterde haar situatie. Patiënte is in het ziekenhuis overleden. De klacht heeft betrekking op het handelen van verweerster voorafgaand aan het overlijden van patiënte.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:39 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8291 en Z2025/8292
- Datum publicatie: 12-03-2026
- Datum uitspraak: 10-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:39
Ongegronde klacht tegen een psychiater/psychotherapeut. Klager was vanwege een depressieve stoornis onder behandeling bij de organisatie waar verweerder werkte. Verweerder was bij de behandeling betrokken. Klager verwijt verweerder onder meer dat niet werd ingegrepen bij tekenen van suïcidaliteit, gemaakte afspraken niet werden nagekomen en dat de begeleiding tijdens het ECT-traject onvoldoende was.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:38 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8813
- Datum publicatie: 12-03-2026
- Datum uitspraak: 06-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:38
Klacht tegen een psychiater kennelijk ongegrond. Klager werd verwezen naar de specialistische GGZ vanwege een hoge dosering medicatie bij ADHD en een verslavingsverleden. De psychiater werd betrokken bij het voorschrijven van zijn medicatie en besloot, samen met de betrokken verpleegkundig specialist, de medicatie af te bouwen. Klager verwijt de psychiater, samengevat, het onverantwoord afbouwen van de medicatie zonder overleg met klager, het fouten maken in correspondentie en negeren van het recht op een second opinion. Het college is van oordeel dat de psychiater zorgvuldig heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:37 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8812
- Datum publicatie: 12-03-2026
- Datum uitspraak: 06-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:37
Klacht tegen een verpleegkundig specialist kennelijk ongegrond. Klager werd verwezen naar de specialistische GGZ vanwege een hoge dosering medicatie bij ADHD en een verslavingsverleden. De verpleegkundig specialist werd vanaf april 2025 zijn regiebehandelaar en besloot, samen met de betrokken psychiater, de medicatie af te bouwen. Klager verwijt de verpleegkundig specialist, samengevat, het onvoldoende voeren van regie en onverantwoord en zonder overleg afbouwen van de medicatie. Het college is van oordeel dat de verpleegkundig specialist niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:36 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8625
- Datum publicatie: 12-03-2026
- Datum uitspraak: 03-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:36
Klacht tegen een tandarts kennelijk ongegrond. Klager verbleef in de PI en bezocht een paar keer de tandarts. Hij verwijt de tandarts, samengevat, ernstige en aanhoudende nalatigheid in de tandheelkundige zorg. Verzoeken om hulp zouden zijn afgewezen met als argument dat klager deze zorg buiten de PI moest organiseren. Het college is van oordeel dat de tandarts niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:35 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2024/7961
- Datum publicatie: 25-02-2026
- Datum uitspraak: 24-02-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:35
Klacht tegen een bedrijfsarts gedeeltelijk gegrond. Maatregel: berisping met bekendmaking in het BIG-register. De klacht gaat over een bedrijfsarts die klaagster heeft begeleid in het kader van ziekteverzuim. Klaagster maakt de bedrijfsarts verschillende verwijten over een consult en het naar aanleiding daarvan door hem opgestelde advies. Zo vindt klaagster onder meer dat het advies onzorgvuldig tot stand is gekomen, zij onheus is bejegend, de dossiervoering onvoldoende is en onjuistheden bevat, en dat het stappenplan voor een second opinion en de richtlijnen niet zijn gevolgd. Het college overweegt dat de bedrijfsarts tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld door onvoldoende diagnostiek te verrichten, een onzorgvuldig advies aan de werkgever uit te brengen, zich niet in te zetten voor het realiseren van de gevraagde second opinion en de richtlijnen van de NVAB niet of onvoldoende te volgen.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:34 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8747
- Datum publicatie: 25-02-2026
- Datum uitspraak: 24-02-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:34
Klacht tegen huisarts. Klagers hebben zich tot (de praktijk van) de huisarts gewend in verband met toegenomen gedragsproblemen bij hun minderjarige zoon en met het verzoek om herhaling van een in het buitenland voorgeschreven antipsychoticum aan hun zoon. Klagers maken de huisarts uiteenlopende verwijten over onder meer de wijze waarop zij heeft gehandeld naar aanleiding van de hulpvraag voor hun zoon, haar dossiervoering, communicatie, klachtafhandeling en een door haar gedane melding bij Veilig Thuis. Het college verklaart de klacht in alle onderdelen kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:33 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8426
- Datum publicatie: 24-02-2026
- Datum uitspraak: 20-02-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:33
Klacht tegen verpleegkundige. De (coördinerend) verpleegkundige heeft een verklaring opgesteld over een bezoek van klager aan de woonzorglocatie waar zijn moeder verbleef, en dit verslag aan de mentor verstrekt. Klager verwijt de verpleegkundige dat zij onzorgvuldig heeft gehandeld bij het opstellen van het verslag en het beroepsgeheim heeft geschonden. De klacht ten aanzien van de zorgvuldigheid bij het opstellen van het verslag is gegrond. De verpleegkundige had deze verklaring niet zelf moeten opstellen en ondertekenen. Ook maakt de verpleegkundige onvoldoende onderscheid tussen waarnemingen van anderen en haar (beperkte) eigen waarnemingen en is het verslag onvoldoende objectief geformuleerd. Het klachtonderdeel dat ziet op schending van het beroepsgeheim is ongegrond. Het college legt een waarschuwing op.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:32 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8993
- Datum publicatie: 24-02-2026
- Datum uitspraak: 20-02-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:32
Klacht tegen een verzekeringsarts. Klaagster wordt door de voorzitter (kennelijk) niet-ontvankelijk verklaard omdat zij al eerder en klacht tegen de verzekeringsarts heeft ingediend en de nieuwe klacht in de kern op hetzelfde neerkomt. De door klaagster genoemde feiten en omstandigheden zijn in de vorige procedure meegewogen.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:31 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8801
- Datum publicatie: 24-02-2026
- Datum uitspraak: 20-02-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:31
Klacht tegen een bedrijfsarts ongegrond. Als superviserend bedrijfsarts van de arbo-arts begeleidde zij klager in het kader van de verzuimbegeleiding. Er vond een (video)consult plaats met klager. Volgens Klager waren onder andere de uitleg en informatieverstrekking over de rol van de arbo-arts en de bedrijfsarts als supervisor niet in orde. Op basis van het dossier en hetgeen ter zitting is besproken acht het college het aannemelijk dat de rollen van de arbo-arts en de bedrijfsarts aan het begin van het consult zijn uitgelegd. Het college kan niet vaststellen dat de arbo-arts zich als bedrijfsarts heeft voorgedaan. Daarnaast staat in de rapportage vermeld dat de bedrijfsarts de supervisor is. Hoewel het beter geweest als de supervisieconstructie van tevoren expliciet was aangekondigd en in het medisch dossier was genoteerd levert dat geen tuchtrechtelijk verwijt op. De bedrijfsarts heeft zorgvuldig gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:30 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8675
- Datum publicatie: 24-02-2026
- Datum uitspraak: 20-02-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:30
Klacht tegen een verpleegkundige kennelijk ongegrond. De verpleegkundige werkte bij een bemoeizorg-team. Naar aanleiding van een melding dat er veel overlast was door en van klaagster werd besloten een huisbezoek bij klaagster af te leggen. De verpleegkundige ging met een wijkcoach naar de woning van klaagster. Klaagster verwijt de verpleegkundige, samengevat, dat hij onzorgvuldig heeft gehandeld bij dit bezoek. Het college oordeelt dat de verpleegkundige niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:3 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8193
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 09-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:3
Klacht tegen een neuroloog kennelijk ongegrond. Verweerster heeft in haar hoedanigheid van neuroloog de situatie van klaagsters moeder beoordeeld. Patiënte heeft in het buitenland een herseninfarct gehad en werd daarna overgeplaatst naar een ziekenhuis in Nederland. Daar verslechterde haar situatie. Patiënte is in het ziekenhuis overleden. De klacht heeft betrekking op het handelen van verweerster voorafgaand aan het overlijden van patiënte.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:29 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8628
- Datum publicatie: 24-02-2026
- Datum uitspraak: 20-02-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:29
Klager is door de huisarts gezien in verband met een plek op zijn knie. De huisarts heeft de diagnose verruca seborroica (ouderdomswratje) gesteld en het plekje weggekrabd. Een aantal maanden later heeft de huisarts besloten een excisie te doen en het weefsel op te sturen. Nadien bleek dat sprake was van een melanoom. Klager maakt de huisarts onder meer verwijten over de gestelde diagnose, het wegkrabben en het niet opsturen van weefsel voor nader onderzoek. De huisarts heeft aangevoerd dat hij het betreurt dat achteraf sprake was van een melanoom maar dat hij op basis van de kennis die hij op dat moment had zorgvuldig heeft gehandeld. Het college komt tot het oordeel dat de klacht kennelijk ongegrond is.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:28 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8210
- Datum publicatie: 12-02-2026
- Datum uitspraak: 06-02-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:28
Klacht tegen huisarts. Verweerster is huisarts van de ex-partner en het dochtertje van klager. De klacht heeft onder meer betrekking op een door de huisarts aan de ex-partner afgegeven schriftelijke verklaring waarin gesproken wordt over angst- en paniekklachten bij de ex-partner in verband met agressie/geweld in een eerdere relatie. Het college verklaart de klacht deels gegrond en bepaalt dat aan verweerster geen maatregel wordt opgelegd.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:27 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8131
- Datum publicatie: 12-02-2026
- Datum uitspraak: 06-02-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:27
Klacht tegen een psychiater. Klager is op vijftienjarige leeftijd na een crisissituatie in behandeling gekomen bij een instelling voor jeugd-ggz. Gedurende de behandeling van klager is de psychiater als regiebehandelaar betrokken geraakt. Klager verwijt de psychiater onder meer het niet tijdig voor het bereiken van de achttienjarige leeftijd verwijzen van klager naar een ggz-instelling voor volwassenen. Het college komt tot het oordeel dat de klacht gedeeltelijk gegrond is en legt aan verweerder een waarschuwing op.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:26 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8471
- Datum publicatie: 05-02-2026
- Datum uitspraak: 30-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:26
Klacht tegen een sportarts kennelijk ongegrond. Klaagster werd in 2024 door haar huisarts verwezen naar het ziekenhuis in verband met aanhoudende knieklachten. Daar werd zij gezien door de sportarts. Hierna werd beleid afgesproken en volgden nog twee telefonische consulten. Klaagster is niet tevreden over de behandeling die zij heeft gekregen en verwijt de sportarts dat zij op verschillende punten onzorgvuldig heeft gehandeld. Afgaande op de verslaglegging heeft het college geen aanleiding te twijfelen aan de door de sportarts gevolgde handelswijze en haar beoordeling. Ook is niet gebleken dat er in de (online) verslaglegging tuchtrechtelijk verwijtbaar fouten zijn gemaakt of zaken onvolledig zijn weergegeven.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:25 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8576
- Datum publicatie: 29-01-2026
- Datum uitspraak: 27-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:25
Klacht tegen gynaecoloog deels gegrond. Klaagster was bij verweerder onder behandeling voor secundaire amenorroe. Hij schreef dit toe aan intensief sporten door klaagster en adviseerde om drie keer per jaar een onttrekkingsbloeding op te wekken. Bij bloedonderzoek werd een afwijkende waarde oestrogeen bepaald, maar verweerder heeft niet de waarde, maar “geen bijzonderheden” genoteerd. Klaagster stelt dat verweerder haar had moeten waarschuwen over de kans op verminderde vruchtbaarheid en dat zij door het nalaten van verweerder later dan noodzakelijk is gediagnostiseerd met ernstige osteoporose. Deze klachten zijn ongegrond. Verweerder heeft in 2019 gedaan wat toen van hem verwacht mocht mogen worden, omdat de verwachte waarschuwing toen nog geen standaard was. De klacht over de onjuiste kwalificatie van het bloedonderzoek is wel gegrond verklaard, omdat de geconstateerde waarde wel een bijzonderheid betrof. Het verwijt is van gering gewicht, verweerder is onmiddellijk volledig open en transparant geweest en heeft lering getrokken. Omdat een maatregel daarmee geen redelijk doel dient legt het college geen maatregel op.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:24 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2024/7874
- Datum publicatie: 29-01-2026
- Datum uitspraak: 27-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:24
Klacht tegen arts werkzaam bij een abortuskliniek. Nadat een collega arts bij klaagster een abortus had uitgevoerd bij een prille zwangerschap, bleek een tweede ingreep noodzakelijk. De collega had bij de nacontrole een vitale zwangerschap (hartactie) waargenomen. De noodzakelijke tweede ingreep werd voor een week later bij verweerder ingepland. Voorafgaand aan de geplande ingreep nam verweerder met een uitwendige echo geen hartactie waar en presenteerde klaagster de mogelijkheid van een tweede ingreep af te zien en het natuurlijk verloop van een spontane miskraam af te wachten. Hiervoor koos klaagster. Een dag later werd door de verloskundige wel hartactie waargenomen. Klaagster heeft daarop besloten de zwangerschap uit te dragen. Klacht over de communicatie gegrond verklaard, te weten de communicatie over klaagster met een derde zonder toestemming van klaagster, de wijze van e-mailen (via een privé e-mailadres) en het uitblijven van een poging tot contact met klaagster zelf. Ook de klacht over het vaststellen dat er geen hartactie was is gegrond. Vanwege de hartactie die een week ervoor was waargenomen was de bevinding onverwacht en de mogelijkheid een spontane miskraam af te wachten zonder nader onderzoek via een was nader onderzoek via een vaginale echoscopie onvoldoende zorgvuldig. De overige klachten over informatievoorziening en het beperken van de keuzevrijheid van klaagster zijn ongegrond. Maatregel berisping vanwege de verschillende tekortkomingen tezamen.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:23 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2024/7873
- Datum publicatie: 29-01-2026
- Datum uitspraak: 27-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:23
Klacht tegen arts werkzaam bij een abortuskliniek ongegrond. Verweerder heeft bij klaagster een abortus uitgevoerd bij een prille zwangerschap. Hij heeft klaagster het risico voorgehouden dat de ingreep vanwege de korte zwangerschapsduur zou mislukken en haar geadviseerd de ingreep later te laten plaatsvinden. Klaagster heeft de ingreep toch dezelfde dag laten uitvoeren en nadien bleek dat een tweede ingreep noodzakelijk. De klachten over voorlichting, voldoende tijd nemen voor klaagster zijn ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:22 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8603
- Datum publicatie: 29-01-2026
- Datum uitspraak: 23-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:22
Deels gegronde klacht tegen een bedrijfsarts die heimelijk geluidsopnamen heeft gemaakt van consulten van een patiënt en die daarna weigert aan de patiënt te geven. Tevens gegronde klacht over het zich onttrekken aan toetsing door het tuchtcollege en weigering om zich toetsbaar op te stellen. Gezien eerdere tuchtrechtelijke veroordelingen wordt een schorsing voor de duur van een jaar opgelegd, maar voorwaardelijk onder stringente voorwaarden, gericht op persoonlijke en professionele ontwikkeling, in de omgang met cliënten en in conflictsituaties of geschillen.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:21 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8323
- Datum publicatie: 29-01-2026
- Datum uitspraak: 23-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:21
Door nabestaande ingediende klacht tegen een arts over de zorg aan een patiënte die is overleden aan de gevolgen van een pancreatitis (alvleesklierontsteking) na een ERCP-procedure. Klacht gaat over de indicatiestelling voor de ERCP-procedure en het informeren van patiënte. Het college verklaart de klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:20 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8324
- Datum publicatie: 29-01-2026
- Datum uitspraak: 23-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:20
Door nabestaande ingediende klacht tegen een MDL-arts over de zorg aan een patiënte die is overleden aan de gevolgen van een pancreatitis (alvleesklierontsteking) na een door de MDL-arts uitgevoerde ERCP-procedure. Klacht gaat – onder meer - over de vraag of had moeten worden afgezien van een ERCP-procedure en over verslaglegging en nazorg. Het college verklaart de klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:2 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8192
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 09-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:2
Klacht tegen een anesthesioloog kennelijk ongegrond. Verweerder heeft in zijn hoedanigheid van anesthesioloog de situatie van klaagsters moeder beoordeeld. Patiënte heeft in het buitenland een herseninfarct gehad en werd daarna overgeplaatst naar een ziekenhuis in Nederland. Daar verslechterde haar situatie. Patiënte is in het ziekenhuis overleden. De klacht heeft betrekking op het handelen van verweerder voorafgaand aan het overlijden van patiënte.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:19 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8325
- Datum publicatie: 29-01-2026
- Datum uitspraak: 23-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:19
Door nabestaande ingediende klacht tegen een MDL-arts over de zorg aan een patiënte die is overleden aan de gevolgen van een pancreatitis (alvleesklierontsteking) na een ERCP-procedure. Klacht gaat over de vraag of de MDL-aarts, die op verzoek van een collega mee heeft gekeken bij de procedure, ook verslag had moeten doen van zijn bevindingen.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:18 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8326
- Datum publicatie: 29-01-2026
- Datum uitspraak: 23-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:18
Door nabestaande ingediende klacht tegen een arts over de zorg aan een patiënte die is overleden aan de gevolgen van een pancreatitis (alvleesklierontsteking) na een ERCP-procedure. De arts heeft patiënte beoordeeld op de verpleegafdeling in de avond na de procedure en geconcludeerd dat sprake was van een acute alvleesklierontsteking. Klacht gaat over verslaglegging en overleg met de achterwacht. Het college verklaart de klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:17 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8327
- Datum publicatie: 29-01-2026
- Datum uitspraak: 23-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:17
Door nabestaande ingediende klacht tegen een arts over de zorg na het overlijden van patiënte aan de gevolgen van een pancreatitis (alvleesklierontsteking) na een ERCP-procedure. De klacht gaat over de door de arts gedane lijkschouwing, het door haar gedane onderzoek en de door haar afgegeven verklaring van natuurlijke dood. Het college verklaart de klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:16 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8328
- Datum publicatie: 29-01-2026
- Datum uitspraak: 23-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:16
Door nabestaande ingediende klacht tegen een anesthesioloog-intensivist over de zorg aan een patiënte die is overleden aan de gevolgen van een pancreatitis (alvleesklierontsteking) na een ERCP-procedure. De intensivist is betrokken geweest bij de zorg aan patiënte op de IC. Klacht gaat over het afzien van een CT-scan. Het college verklaart de klacht kennelijk ongegrond.
- Pagina: 1
- Pagina: 2
- ...
- Pagina: 292
- Volgende pagina zoekresultaten