Zoekresultaten 1-20 van de 103 resultaten

  • ECLI:NL:TDIVBC:2025:1 Veterinair Beroepscollege 's-Gravenhage VB 2024/04 VB 2024/05

    Beroep van diereigenaar tegen een uitspraak van het Veterinair Tuchtcollege op een klacht tegen twee dierenartsen. De zaak heeft betrekking op de kat van appellante, die was opgenomen en behandeld voor nierproblemen. De kat is uiteindelijk, vanwege een verslechterde gezondheidstoestand en een slechte prognose, geëuthanaseerd. De klachten gaan onder meer over de uitgevoerde behandeling en de dossiervoering. Het Veterinair Tuchtcollege heeft de klacht van appellante tegen de ene dierenarts ongegrond verklaard en tegen de andere dierenarts deels gegrond. Het Veterinair Beroepscollege verwerpt de beroepen.

  • ECLI:NL:TDIVBC:2025:10 Veterinair Beroepscollege 's-Gravenhage VBC 2025/03

    Beroep van dierverloskundige tegen een uitspraak van het Veterinair Tuchtcollege op een door de klachtambtenaar ingediende klacht. Het verwijt betreft het onbevoegd uitvoeren van bepaalde diergeneeskundige handelingen (uitvoeren keizersneden bij runderen en de toediening/afgifte van bepaalde medicijnen). Het Veterinair Tuchtcollege heeft de klacht gegrond verklaard en aan de dierverloskundige een voorwaardelijke schorsing opgelegd voor de duur van één jaar met een proeftijd van drie jaar.

  • ECLI:NL:TDIVBC:2025:11 Veterinair Beroepscollege 's-Gravenhage VBC 2025/09

    Beroep van een diereigenaar tegen een uitspraak van het Veterinair Tuchtcollege op een klacht tegen een dierenarts. De klacht heeft betrekking op de kat van appellante, die door de dierenarts is geëuthanaseerd. In eerste aanleg heeft appellante de dierenarts onder meer verweten de euthanasie zonder haar toestemming en op onjuiste wijze te hebben uitgevoerd. De klacht is door het Veterinair Tuchtcollege deels gegrond verklaard en daarvoor is aan de dierenarts een waarschuwing opgelegd. De klacht is ongegrond verklaard wat betreft het zonder toestemming uitvoeren van de euthanasie. Tegen dit gedeelte van de uitspraak richt het beroep van appellante zich.

  • ECLI:NL:TDIVBC:2025:2 Veterinair Beroepscollege 's-Gravenhage VB 2024/07

    Beroep van diereigenaar tegen een uitspraak van het Veterinair Tuchtcollege. De klacht is gericht tegen een dierenarts en gaat over het uitvoeren van een gebitsbehandeling bij de hond van appellante. Aanvankelijk betrof het een gebitsreiniging en uiteindelijk zijn 19 elementen verwijderd. Kort na de behandeling is de hond, vanwege een verslechterde gezondheidstoestand, geëuthanaseerd. De verwijten zien op het handelen voor, tijdens en na de behandeling van de hond. De klacht is in eerste aanleg ongegrond verklaard. In beroep komt het Veterinair Beroepscollege tot het oordeel dat het Veterinair Tuchtcollege de klacht – voor zover appellante daarvan in beroep komt – ten onrechte ongegrond heeft verklaard. Naar het oordeel van het Veterinair Beroepscollege heeft de dierenarts verwijtbaar gehandeld. Dit betreft de informatieverstrekking over de behandeling, de wijze waarop de diagnose tot stand is gekomen en de behandeling zelf is uitgevoerd, de nazorg en de dossiervoering. Het beroep is gegrond en aan de dierenarts wordt de maatregel van berisping opgelegd.

  • ECLI:NL:TDIVBC:2025:3 Veterinair Beroepscollege 's-Gravenhage VB 2024/09 VB 2024/10 VB 2024/11

    Beroep van diereigenaar tegen een uitspraak van het Veterinair Tuchtcollege op een klacht tegen drie dierenartsen. De zaak heeft betrekking op het paard van appellante, dat is geopereerd aan het linker voorbeen. De klachten tegen de dierenartsen gaan onder meer over de uitgevoerde ingreep en het recovery- en nazorgtraject. Het Veterinair Tuchtcollege heeft de klachten van appellante tegen alle drie de dierenartsen ongegrond verklaard.Het Veterinair Beroepscollege verwerpt het beroep.

  • ECLI:NL:TDIVBC:2025:4 Veterinair Beroepscollege 's-Gravenhage VB 2024/13

    Beroep van diereigenaar tegen een uitspraak van het Veterinair Tuchtcollege op een klacht tegen een dierenarts. De zaak heeft betrekking op de kat van appellante. Appellante is met haar kat naar het dierenziekenhuis gegaan waar de dierenarts werkzaam is, nadat de kat 24 uur niet had gegeten en gedronken en last had van diarree. De kat is vervolgens opgenomen geweest en er hebben verschillende onderzoeken en behandelingen door de dierenarts plaatsgevonden. Tijdens de opname verslechterde de situatie van de kat en is de kat uiteindelijk overleden. Appellante maakte de dierenarts onder meer verwijten over het niet doorsturen naar een ander dierenziekenhuis, de behandeling en de dossiervoering. De klacht is door het Veterinair Tuchtcollege deels gegrond verklaard en voor het overige ongegrond. Voor zover de klacht ongegrond is verklaard, komt appellante daarvan in beroep.Het Veterinair Beroepscollege verwerpt het beroep.

  • ECLI:NL:TDIVBC:2025:5 Veterinair Beroepscollege 's-Gravenhage VB 2024/16

    Beroep van diereigenaar tegen een uitspraak van het Veterinair Tuchtcollege op een klacht tegen een dierenarts. De klacht gaat over de veterinaire zorg die de dierenarts heeft verleend aan een drachtige rund waarvan de vrucht niet meer leefde. Volgens appellant is de dierenarts tekort geschoten in zijn veterinaire zorg door geen keizersnede uit te voeren bij het rund, waardoor het rund onnodig lang heeft geleden en uiteindelijk geslacht moest worden. Beroep van diereigenaar tegen een uitspraak van het Veterinair Tuchtcollege op een klacht tegen een dierenarts. De klacht gaat over de veterinaire zorg die de dierenarts heeft verleend aan een drachtige rund waarvan de vrucht niet meer leefde. Volgens appellant is de dierenarts tekort geschoten in zijn veterinaire zorg door geen keizersnede uit te voeren bij het rund, waardoor het rund onnodig lang heeft geleden en uiteindelijk geslacht moest worden. De klacht is in eerste aanleg ongegrond verklaard.Het Veterinair Beroepscollege verwerpt het beroep.

  • ECLI:NL:TDIVBC:2025:6 Veterinair Beroepscollege 's-Gravenhage VB 2024/15

    Beroep van klachtambtenaar tegen een uitspraak van het Veterinair Tuchtcollege op een klacht tegen een dierenarts. Het verwijt betreft nalatigheid bij het opstellen van een noodslachtverklaring van een rund. Het Veterinair Tuchtcollege heeft de klacht van de klachtambtenaar gegrond verklaard en aan de dierenarts de maatregel van een onvoorwaardelijke geldboete van € 500,- en een voorwaardelijke geldboete van € 500,- opgelegd. Het beroep heeft betrekking op een deel van de motivering en op de hoogte van de maatregel.

  • ECLI:NL:TDIVBC:2025:7 Veterinair Beroepscollege 's-Gravenhage VBC 2025/02

    Beroep van een stichting tegen een uitspraak van het Veterinair Tuchtcollege op een klacht tegen een dierenarts. De zaak heeft betrekking op de controle door de dierenarts van een populatie grote grazers in een Natura 2000-gebied. De stichting maakt de dierenarts hierover verschillende verwijten. Het Veterinair Tuchtcollege heeft de klacht in eerste aanleg ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TDIVBC:2025:8 Veterinair Beroepscollege 's-Gravenhage VBC 2025/01 VBC 2025/05

    Beroep van diereigenaar tegen een uitspraak van het Veterinair Tuchtcollege op een klacht tegen twee dierenartsen. De zaken hebben betrekking op de behandeling van de kat van appellante, die uiteindelijk is geëuthanaseerd. Appellante verwijt de dierenartsen onder meer dat zij bij haar op deze euthanasie hebben aangedrongen. Het Veterinair Tuchtcollege heeft beide klachten in eerste aanleg ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TDIVBC:2025:9 Veterinair Beroepscollege 's-Gravenhage VBC 2025/04

    Beroep van diereigenaar tegen een uitspraak van het Veterinair Tuchtcollege op een klacht tegen een dierenarts. De zaak heeft betrekking op een operatie van de hond van appellante. Appellante maakt de dierenarts verwijten over de uitvoering van de operatie en de verleende nazorg. Het Veterinair Tuchtcollege heeft de klacht in eerste aanleg ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TDIVBC:2026:1 Veterinair Beroepscollege 's-Gravenhage VBC 2025/06

    Klacht van een diereigenaar tegen een dierenarts over de behandeling van een paard (uitvoering keizersnede bij een paard, waarna het paard haar been heeft gebroken en moest worden geëuthanaseerd). Klacht is in eerste aanleg ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TDIVBC:2026:2 Veterinair Beroepscollege 's-Gravenhage VBC 2025/07

    Klacht van de klachtambtenaar tegen een dierenarts over het niet administreren van het toedienen van een diergeneesmiddel met een wachttijd voor vlees aan een rund. De klacht is in eerste aanleg gegrond verklaard zonder oplegging van een maatregel. Het beroep van de klachtambtenaar ziet op het feit dat geen maatregel is opgelegd.

  • ECLI:NL:TDIVBC:2026:3 Veterinair Beroepscollege 's-Gravenhage VBC 2025/10

    Klacht tegen een dierenarts over het euthanaseren van twee inbeslaggenomen honden. Klager is door het VTC n-o verklaard omdat hij niet klachtgerechtigd was omdat hij afstand van de honden had gedaan. De zoon van klager heeft beroep aangetekend.

  • ECLI:NL:TDIVBC:2026:4 Veterinair Beroepscollege 's-Gravenhage VBC 2025/08

    Klacht van de klachtambtenaar tegen een dierenarts over het afleveren van antibiotica in de vorm van 'droogzetters’ aan een rundveehouder, ondanks dat hij volgens de klachtambtenaar had moeten en kunnen weten dat de rundveehouder zijn dieren niet alleen curatief maar ook preventief daarmee droogzette, zodat niet aan de voorwaarden voor het afleveren en inzetten van antibiotica was voldaan. De klacht is in eerste aanleg ongegrond verklaard. De klachtambtenaar heeft beroep ingesteld. Het Veterinair Beroepscollege verwerpt het beroep.

  • ECLI:NL:TDIVBC:2026:5 Veterinair Beroepscollege 's-Gravenhage VBC 2025/11

    klacht van een diereigenaar tegen een dierenarts over de behandeling van een kat, die uiteindelijk is overleden. De klacht is in eerste aanleg ongegrond verklaard. Klaagster komt in beroep.

  • ECLI:NL:TDIVBC:2026:6 Veterinair Beroepscollege 's-Gravenhage VBC 2025/12

    klacht van een diereigenaar tegen een dierenarts over de behandeling van een hond. De klacht is in eerste aanleg ongegrond verklaard, klaagster komt in beroep.

  • ECLI:NL:TDIVBC:2026:7 Veterinair Beroepscollege 's-Gravenhage VBC 2026/07 VBC 2026/08

    Klachten van een diereigenaar tegen twee dierenartsen over de behandeling van een hond. Klaagster kwam met de hond in de praktijk van de dierenartsen, waar geconstateerd werd dat de hond er zeer slecht aan toe was. De dierenartsen hebben in de omstandigheden aanleiding gezien de politie in te schakelen. De hond is vervolgens met toestemming van de officier van justitie in beslag genomen en hierna geëuthanaseerd. Klaagster maakt de dierenartsen verwijten over de diagnosestelling, het inschakelen van de politie en het weigeren van een second opinion. De klachten zijn in eerste aanleg ongegrond verklaard, klaagster heeft beroep ingesteld. Het Veterinair Beroepscollege ziet op basis van het onderzoek in beroep geen aanleiding om tot een andere beoordeling te komen dan het Veterinair Tuchtcollege en neemt de overwegingen van het Veterinair Tuchtcollege die hebben geleid tot de ongegrondverklaring van de klachten over. De beroepen worden verworpen.

  • ECLI:NL:TDIVBC:2026:8 Veterinair Beroepscollege 's-Gravenhage VBC 2026/09 VBC 2026/10

    Klachten van een diereigenaar tegen twee dierenartsen over de behandeling van een hond. Bij de hond was een aantal maanden eerder een kwaadaardige tumor geconstateerd, waarvoor behandeling was ingezet. Klager heeft zich tot een dierenziekenhuis gewend toen de hond niet wilde lopen en eten, had gebraakt en koorts had. Omdat de toestand van de hond verslechterde en klager aanvullend onderzoek wilde, is de hond doorverwezen naar de kliniek van de dierenartsen, waar de hond is opgenomen. Hier verslechterde de toestand van de hond verder, waarna de hond uiteindelijk met toestemming van klager is geëuthanaseerd. Klager maakt de dierenartsen verwijten over hun onderzoek, diagnosestelling en behandeling. De klachten zijn in eerste aanleg ongegrond verklaard, klager heeft beroep ingesteld. Het Veterinair Beroepscollege concludeert dat de dierenartsen aan hun zorgplicht hebben voldaan en dat van tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen niet is gebleken. De beroepen worden verworpen.

  • ECLI:NL:TDIVTC:2025:1 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2023/11 2023/12 2023/13 2023/14

    Hond. Beklaagden wordt allen verweten dat zij nalatig hebben gehandeld door klaagster niet tijdig voor een consult op de praktijk langs te laten komen met haar oudere drachtige hond, maar in plaats daarvan haar telkens te hebben afgewimpeld met adviezen, wat ertoe heeft geleid dat op een andere praktijk moest worden overgegaan tot een keizersnede en bleek dat alle pups waren overleden en de geïnfecteerde baarmoeder van de hond moest worden verwijderd. [ 2023/11+12+13 ongegrond ][ 2023/14 gegrond ; waarschuwing ]