Zoekresultaten 61-70 van de 1662 resultaten
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:96 Hof van Discipline 's Gravenhage 250207
- Datum publicatie: 03-04-2026
- Datum uitspraak: 03-04-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:96
Verwijt aan advocaat van de wederpartij dat hij zich onnodig grievend over klager heeft uitgelaten. De raad heeft de klacht gegrond verklaard met waarschuwing opgelegd. Het hof volstaat met een gegrondverklaring zonder oplegging van een maatregel. Verweerder heeft de onjuistheid gecorrigeerd (het ging om belaging en niet om mishandeling) en de vermelding had een functioneel karakter.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:63 Raad van Discipline Amsterdam 25-767/A/A 25-769/A/A
- Datum publicatie: 03-04-2026
- Datum uitspraak: 23-03-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:63
Raadsbeslissing; over en weer ingediende klachten met betrekking tot handelen van verweerders als oud-collega's in een geschil over beëindigingsafspraken en de financiële afwikkeling van een aansluitingsovereenkomst. Het gaat om een geschil van civielrechtelijke aard dat zo nodig ter beoordeling aan de civiele rechter dient te worden voorgelegd. De tuchtrechter gaat niet over dergelijke geschillen, tenzij kan worden vastgesteld dat verweerders met hun handelen het vertrouwen in de advocatuur hebben geschaad. Daarvan is de raad niet gebleken. De klachten zijn ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:76 Raad van Discipline Amsterdam 26-112/A/A
- Datum publicatie: 03-04-2026
- Datum uitspraak: 30-03-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:76
Voorzittersbeslissing over de advocaat van de wederpartij van klaagster. Naar het oordeel van de voorzitter mocht verweerder als partijdig advocaat in opdracht van zijn cliënte de procedure starten zoals hij heeft gedaan. Dat sprake is van een schijnprocedure is niet vast te stellen. Verweerder mocht afgaan op de van zijn cliënt verkregen informatie zonder nader onderzoek. Deels kennelijk ongegrond, deels kennelijk niet-ontvankelijk wegens ontbreken van een eigen belang.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:70 Raad van Discipline Amsterdam 26-104/A/DH
- Datum publicatie: 03-04-2026
- Datum uitspraak: 23-03-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:70
Voorzittersbeslissing; klacht is kennelijk niet-ontvankelijk. De klacht heeft net als de vorige klacht betrekking op hetzelfde feitencomplex: de door klager gewenste bijstand van verweerster. Niet gebleken is dat klager zijn verwijten niet eerder al in de vorige klachtprocedure naar voren had kunnen brengen. Gelet hierop staan de beginselen van een behoorlijk tuchtprocesrecht aan een inhoudelijke beoordeling van deze klacht in de weg.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:97 Hof van Discipline 's Gravenhage 250191
- Datum publicatie: 03-04-2026
- Datum uitspraak: 03-04-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:97
Klager heeft een klacht ingediend tegen zijn eigen advocaat in een familiekwestie over de kwaliteit van de geleverde bijstand. De raad van discipline heeft deze klacht ongegrond verklaard en nieuwe klachten buiten beschouwing gelaten. Het Hof van Discipline bekrachtigt de beslissing.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:64 Raad van Discipline Amsterdam 26-113/A/A
- Datum publicatie: 03-04-2026
- Datum uitspraak: 30-03-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:64
Voorzittersbeslissing over de advocaat van de wederpartij van klager in een familierechtelijk geschil. Klacht is deels niet-ontvankelijk wegens te laat klagen, deels kennelijk niet-ontvankelijk omdat klager daarbij geen belang heeft, voor het overige kennelijk ongegrond. Naar het oordeel van de voorzitter is niet vast te stellen dat verweerder nodeloos en niet doelmatig heeft geprocedeerd. Verweerder mocht afgaan op de door zijn cliënte verstrekte informatie zonder nader onderzoek. Geen (wets)regel verplichtte verweerder om aan de gemachtigde van klager de contactgegevens van zijn cliënte te verstrekken.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:71 Raad van Discipline Amsterdam 26-095/A/A
- Datum publicatie: 03-04-2026
- Datum uitspraak: 23-03-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:71
Voorzittersbeslissing; klacht over de kwaliteit van dienstverlening in een strafzaak. Niet gebleken is dat verweerder onvoldoende moeite of tijd in de zaak van klager heeft willen steken of anderszins tekortgeschoten is in zijn dienstverlening aan klager. De klacht is kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:98 Hof van Discipline 's Gravenhage 250188
- Datum publicatie: 03-04-2026
- Datum uitspraak: 03-04-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:98
Wederzijds appel. Klager verwijt zijn advocaat dat hij de belangen van klager in meerdere opzichten niet correct heeft behartigd, waarmee hij alle kernwaarden van artikel 10a Advocatenwet heeft geschonden. De raad heeft één klachtonderdeel deels gegrond verklaard (met berisping), namelijk voor zover verweerder klager niet heeft geïnformeerd dat het budget van de rechtsbijstandsverzekeraar was overschreden. Het hof vernietigt dit deel van de beslissing, omdat de raad bij de beoordeling buiten de klacht is getreden. Voor het overige volgt bekrachtiging, waarmee de klacht in alle onderdelen ongegrond is.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:65 Raad van Discipline Amsterdam 26-134/A/A
- Datum publicatie: 03-04-2026
- Datum uitspraak: 30-03-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:65
Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij kennelijk ongegrond. De voorzitter is van oordeel dat niet is gebleken dat verweerster feiten heeft gesteld waarvan zij de onjuistheid kende of behoorde te kennen, noch dat verweerster zich onnodig grievend over klaagster heeft uitgelaten.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:92 Hof van Discipline 's Gravenhage 260068
- Datum publicatie: 02-04-2026
- Datum uitspraak: 02-04-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:92
Afwijzing van verzoek tot verwijzing op grond van artikel 46c lid 5 Advocatenwet. De klacht van klaagster heeft betrekking op het dekenaal onderzoek dat verweerster heeft uitgevoerd in een nieuwe (derde) klacht die klaagster over mr. V heeft ingediend. Een klacht over een deken is geen middel om de inhoud van een dekenvisie op een klacht over een andere advocaat ter discussie te stellen. Klaagster kan de klacht over mr. V, na betaling van het griffierecht, voorleggen aan de raad van discipline en laten beoordelen door de tuchtrechter. Binnen de kaders van die procedure kan klaagster naar voren brengen op welke punten de visie van verweerster (in haar hoedanigheid van deken) volgens klaagster niet deugt en dat de tuchtrechter tot een andere conclusie zou moeten komen dan verweerster. Daarom zal de voorzitter de klacht over verweerster niet verwijzen.