Zoekresultaten 1151-1200 van de 2269 resultaten
-
ECLI:NL:TADRSHE:2025:115 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-210/DB/ZWB
- Datum publicatie: 05-08-2025
- Datum uitspraak: 04-08-2025
- ECLI:NL:TADRSHE:2025:115
Raadsbeslissing. Vast staat dat verweerder in een periode van drie maanden veertien brieven (per post en/of per e-mail) aan klaagster heeft gestuurd. De frequentie, de inhoud en de toonzetting van verweerders correspondentie aan klaagster zijn naar het oordeel van de raad zodanig dreigend van aard, dat de raad goed voorstelbaar acht dat klaagster verweerders correspondentie als intimiderend heeft ervaren. In de brieven van 25 mei 2024 tot en met 25 juli 2024 heeft verweerder klaagster aangeschreven als op te roepen getuige. Of en in hoeverre het handelen van verweerder in strijd komt met het bepaalde in gedragsregel 22 ligt niet ter beoordeling voor, nu klaagster niet over schending van gedragsregel 22 heeft geklaagd. Hoe dan ook past het een advocaat evenwel niet om een potentiële getuige zo onder druk te zetten. Gezien de inhoud van de e-mails van 25 en 30 juli 2024 is klaagster vanaf eind juli 2024 in de verhouding tot verweerder niet meer (alleen) een potentieel op te roepen getuige, maar is zij in de visie van verweerder kennelijk (ook) wederpartij van verweerders cliënten geworden. Verweerder heeft klaagster, nadat hij haar herhaaldelijk een getuigenverhoor in het vooruitzicht had gesteld, in diverse e-mailberichten duidelijk gemaakt dat hij op verschillende vlakken tegen haar zou (kunnen) gaan optreden en welke nadelige consequenties de kwestie voor haar zou (kunnen) hebben. Naar het oordeel van de raad heeft verweerder daarmee de grenzen van de aan hem, in zijn hoedanigheid van advocaat van de wederpartij toekomende vrijheid, overschreden. Gegrond. Berisping.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2025:116 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-051/DB/LI
- Datum publicatie: 05-08-2025
- Datum uitspraak: 04-08-2025
- ECLI:NL:TADRSHE:2025:116
Verzetbeslissing. De voorzitter heeft bij de beoordeling van de klacht de juiste maatstaf toegepast en voorts rekening gehouden met alle relevante feiten en omstandigheden van het geval. Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2025:112 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-332/DB/ZWB
- Datum publicatie: 05-08-2025
- Datum uitspraak: 05-08-2025
- ECLI:NL:TADRSHE:2025:112
Klacht kennelijk niet-ontvankelijk vanwege misbruik van recht.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2025:113 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-087/DB/OB
- Datum publicatie: 05-08-2025
- Datum uitspraak: 04-08-2025
- ECLI:NL:TADRSHE:2025:113
Raadsbeslissing. Klacht over uitlatingen van verweerder op LinkedIn. De raad is van oordeel dat uit de overgelegde stukken niet blijkt dat in het gewraakte LinkedIn-bericht feiten worden gesteld waarvan verweerder wist of behoorde te weten dat deze onjuist waren. Verweerder is daarnaast niet gehouden tot het noemen van de naam van de cliënt die hem heeft benaderd, omdat hij met het prijsgeven van die naam in strijd zou handelen met de op hem rustende geheimhoudingsplicht. Ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:156 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-370/DH/DH
- Datum publicatie: 01-08-2025
- Datum uitspraak: 30-07-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:156
Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in een kort geding kennelijk ongegrond. Verweerder heeft gedragsrechtelijk correct gehandeld door zijn bericht aan de rechtbank in kopie aan mr. J (en niet aan klager) te sturen. Het is niet duidelijk geworden waaruit de schending van klagers privacy zou bestaan. Dat klager verstoken is gebleven van informatie, is niet gebleken.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2025:130 Raad van Discipline Amsterdam 24-888/A/NH
- Datum publicatie: 01-08-2025
- Datum uitspraak: 28-07-2025
- ECLI:NL:TADRAMS:2025:130
Raadsbeslissing. Klacht van advocaat over een advocaat van de wederpartij. Klachtonderdeel a) gaat over onnodig grievende uitlatingen richting de deken, richting het gerechtshof en richting kantoorgenoten van klager. De uitlatingen van verweerder tegenover het gerechtshof en de kantoorgenoten van klager overschrijden het betamelijke. Het klachtonderdeel is in zoverre gegrond. De uitlatingen van verweerder tegenover de deken waren in de context van het gevoerde debat toelaatbaar en het klachtonderdeel is in zoverre ongegrond. In klachtonderdeel b) wordt verweerder verweten dat hij zich tot het gerechtshof heeft gewend nadat arrest was gewezen en zonder daarvan afschrift te sturen aan klager. De raad oordeelt dat verweerder tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Verweerder had klager, als advocaat van de wederpartij, moeten informeren over zijn verzoeken aan het hof zodat klager ook de kans had gekregen om hierop te reageren. Verweerder heeft onvoldoende blijk gegeven van een betamelijke en professionele beroepsuitoefening. Verweerder toont weinig professionele distantie van zijn cliënten en lijkt zich (daardoor) van een onprofessionele toon te bedienen. De raad acht oplegging van en berisping in dit geval passend en geboden.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:150 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-079/DH/RO
- Datum publicatie: 01-08-2025
- Datum uitspraak: 28-07-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:150
Raadsbeslissing. Klacht tegen patroon over beroepsfout van de stagiair (niet inschrijving van de echtscheidingsbeschikking in de registers van de burgerlijke stand). Onder de gegevens omstandigheden houdt de raad verweerster gedragsrechtelijk verantwoordelijk voor de beroepsfout van haar stagiair. Klacht voor het overige ongegrond. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:144 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-813/DH/DH
- Datum publicatie: 01-08-2025
- Datum uitspraak: 21-07-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:144
Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2025:131 Raad van Discipline Amsterdam 25-077/A/NH
- Datum publicatie: 01-08-2025
- Datum uitspraak: 28-07-2025
- ECLI:NL:TADRAMS:2025:131
Ongegrond verzet.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:151 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-845/DH/DH
- Datum publicatie: 01-08-2025
- Datum uitspraak: 28-07-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:151
Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:145 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-016/DH/RO
- Datum publicatie: 01-08-2025
- Datum uitspraak: 21-07-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:145
Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2025:132 Raad van Discipline Amsterdam 25-208/A/A
- Datum publicatie: 01-08-2025
- Datum uitspraak: 28-07-2025
- ECLI:NL:TADRAMS:2025:132
Raadsbeslissing; ongegronde klacht over de advocaat wederpartij. Verweerster heeft de belangen van haar cliënte behartigd zoals het een behoorlijk advocaat betaamt, zonder de belangen van klager onevenredig te schaden. Zij was niet verplicht om in te gaan op het voorstel van klager om een regeling te treffen. Hoewel een regeling in der minne de voorkeur heeft (gedragsregel 5), betreft dit geen absolute verplichting, maar staat dit ter vrije beoordeling van de advocaat en de cliënt. Ook geen schending van gedragsregel 8; verweerster mocht uitgaan van de juistheid van de informatie die haar cliënte haar had verstrekt.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:152 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-846/DH/DH
- Datum publicatie: 01-08-2025
- Datum uitspraak: 28-07-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:152
Verzet deels gegrond, vanwege onjuiste maatstaf. Klacht alsnog niet-ontvankelijk. Verzet voor het overige ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:146 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-345/DH/DH
- Datum publicatie: 01-08-2025
- Datum uitspraak: 23-07-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:146
Voorzittersbeslissing. Klacht over de cassatieadvocaat in alle onderdelen kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2025:133 Raad van Discipline Amsterdam 25-128/A/A
- Datum publicatie: 01-08-2025
- Datum uitspraak: 28-07-2025
- ECLI:NL:TADRAMS:2025:133
Raadsbeslissing; gegronde klacht over de advocaat wederpartij. Verweerster heeft zich in strijd met gedragsregel 21 lid 3 zonder toestemming van klaagster(s advocaat) tot het hof gewend. Ondank de gegrondverklaring heeft de raad aanleiding gezien geen maatregel op te leggen. Verweerster heeft haar bericht direct nadat de advocaat van klaagster haar hierop had gewezen ingetrokken en niet gebleken is dat klaagster benadeeld is door het bericht. Het hof heeft de e-mail niet betrokken in het arrest.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:153 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-304/DH/DH
- Datum publicatie: 01-08-2025
- Datum uitspraak: 30-07-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:153
Voorzittersbeslissing. Verweerder heeft in zijn hoedanigheid van klachtenfunctionaris het vertrouwen in de advocatuur niet geschaad. Verweerder is tot een oordeel gekomen op basis van hoor en wederhoor en kennisname van het dossier. Verweerder heeft voldaan aan wat van hem kon worden verwacht bij het doen van onderzoek en mocht zich daartoe beperken. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:147 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-350/DH/DH
- Datum publicatie: 01-08-2025
- Datum uitspraak: 23-07-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:147
Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in een echtscheidingszaak. Klacht deels kennelijk niet-ontvankelijk vanwege ne bis in idem. Klacht voor het overige kennelijk ongegrond, want niet/nauwelijks onderbouwd met bewijsstukken.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2025:134 Raad van Discipline Amsterdam 24-923/A/A
- Datum publicatie: 01-08-2025
- Datum uitspraak: 28-07-2025
- ECLI:NL:TADRAMS:2025:134
Raadsbeslissing; ongegronde klacht over de advocaat wederpartij. Verweerder is bij de behandeling van de zaak binnen de grenzen van het betamelijke gebleven. Geen strijd met gedragsregels 8 of 25 lid 1.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:154 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-360/DH/RO
- Datum publicatie: 01-08-2025
- Datum uitspraak: 30-07-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:154
Voorzittersbeslissing. Klacht niet-ontvankelijk wegens overschrijding driejaarstermijn uit artikel 46g lid 1 Advocatenwet.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:148 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-352/DH/DH
- Datum publicatie: 01-08-2025
- Datum uitspraak: 23-07-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:148
Voorzittersbeslissing. Klacht over de eigen advocaat in een letselschadekwestie. Verweerster mocht zijn bijstand aan klager beëindigen en heeft dat zorgvuldig en uitvoerig gemotiveerd gedaan. Dat verweerders inhoudelijke bijstand onvoldoende is geweest, kan niet worden vastgesteld.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2025:135 Raad van Discipline Amsterdam 25-402/A/A
- Datum publicatie: 01-08-2025
- Datum uitspraak: 28-07-2025
- ECLI:NL:TADRAMS:2025:135
Voorzittersbeslissing; kennelijk ongegronde klacht over de advocaat van een wederpartij in een VvE-kwestie. Klager meent dat verweerder hem in een kansloze procedure heeft betrokken, waardoor hij onnodig kosten heeft gemaakt. Het stond verweerder echter vrij namens zijn cliënte een bepaald juridisch standpunt in te nemen in de procedure. Dat het standpunt achteraf gezien niet juist blijkt, maakt niet dat verweerder daarmee klachtwaardig heeft gehandeld jegens klager.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2025:129 Raad van Discipline Amsterdam 25-074/A/NH
- Datum publicatie: 01-08-2025
- Datum uitspraak: 28-07-2025
- ECLI:NL:TADRAMS:2025:129
Raadsbeslissing. Klacht van advocaat over een advocaat van de wederpartij. De raad ziet geen tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen van verweerder in de wijze waarop hij zich namens zijn cliënt tegen het verzochte uitstel heeft verzet. Verweerder is, zoals hij heeft toegelicht, opgekomen voor de belangen van zijn cliënt die ermee gediend was dat de zaak niet nog meer vertraging zou oplopen en niet valt in te zien dat hij daarbij de belangen van de wederpartij onnodig heeft geschaad. Klager leest in de woorden van verweerder allerlei – in zijn optiek – kwalijke suggesties, maar daarin wordt klager niet gevolgd. De klacht wordt daarom ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:155 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-362/DH/RO
- Datum publicatie: 01-08-2025
- Datum uitspraak: 30-07-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:155
Voorzittersbeslissing. Klacht deels niet-ontvankelijk omdat klager dat verwijt al eerder aan de raad heeft voorgelegd. Klacht voor het overige kennelijk ongegrond. Misbruik van recht-bepaling.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:149 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-019/DH/RO
- Datum publicatie: 01-08-2025
- Datum uitspraak: 28-07-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:149
Raadsbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in een civiele procedure in alle onderdelen ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2025:136 Raad van Discipline Amsterdam 25-373/A/A
- Datum publicatie: 01-08-2025
- Datum uitspraak: 28-07-2025
- ECLI:NL:TADRAMS:2025:136
Voorzittersbeslissing; kennelijk ongegronde klacht over de kwaliteit van dienstverlening. Klager heeft tot tweemaal toe laten weten geen hoger beroep te willen instellen. Gelet hierop was er geen aanleiding voor verweerster om uitgebreider te adviseren over het instellen van hoger beroep. Voor het overige heeft klager zijn klacht onvoldoende feitelijk onderbouwd.
-
ECLI:NL:TAHVD:2025:142 Hof van Discipline 's Gravenhage 250248
- Datum publicatie: 31-07-2025
- Datum uitspraak: 31-07-2025
- ECLI:NL:TAHVD:2025:142
Afwijzende verwijzing. Een klacht tegen een deken is geen middel om de inhoud of een onderdeel van een dekenvisie over de klacht tegen een andere advocaat ter discussie te stellen.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2025:110 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-401/DB/LI
- Datum publicatie: 31-07-2025
- Datum uitspraak: 31-07-2025
- ECLI:NL:TADRSHE:2025:110
Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in een familiezaak. Verweerder heeft gebruik gemaakt van het feitenmateriaal dat zijn cliënte hem had verschaft, waaronder de schriftelijke stukken van de GI waarin van dreigende uitlatingen van klager wordt gesproken. Niet gebleken is dat het hier ging om informatie waarvan verweerder wist of had moeten weten dat deze onjuist was. Kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2025:111 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-377/DB/ZWB
- Datum publicatie: 31-07-2025
- Datum uitspraak: 31-07-2025
- ECLI:NL:TADRSHE:2025:111
Voorzittersbeslissing. Klacht over eigen advocaat over de kwaliteit van de dienstverlening. Verweerder heeft voor klaagster gedaan wat blijkens de opdrachtbevestiging is afgesproken. Niet gebleken dat verweerder in zijn advisering steken heeft laten vallen. Kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2025:186 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-161/AL/MN
- Datum publicatie: 30-07-2025
- Datum uitspraak: 28-07-2025
- ECLI:NL:TADRARL:2025:186
Raadsbeslissing. Klacht over eigen advocaat. Hoedanigheid en kwaliteit dienstverlening. Verweerder heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door zijn hoedanigheid vooraf onvoldoende kenbaar te maken, door niet te voldoen aan de zware zorgplicht die op hem als gezamenlijke advocaat rustte en door als informant van de (advocaat van de) ex partner van klaagster aanwezig te zijn in het gerechtsgebouw op de dag van de mondelinge behandeling tussen partijen. De aard en ernst van deze tuchtrechtelijke verwijten rechtvaardigen de oplegging van een maatregel. Bij de bepaling van de maatregel weegt de raad mee dat verweerder door zijn klachtwaardig handelen het (financiële) belang van klaagster in de waagschaal heeft gelegd en dat verweerder tijdens de zitting heeft erkend dat hij klaagster achteraf gezien nooit had moeten bijstaan. Berisping.
-
ECLI:NL:TADRARL:2025:181 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 24-707/AL/MN
- Datum publicatie: 29-07-2025
- Datum uitspraak: 28-07-2025
- ECLI:NL:TADRARL:2025:181
Verzetbeslissing. De raad verklaart het verzet van klaagster ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2025:182 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 24-899/AL/MN
- Datum publicatie: 29-07-2025
- Datum uitspraak: 28-07-2025
- ECLI:NL:TADRARL:2025:182
Verzetbeslissing. De raad verklaart het verzet van klager ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2025:183 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-130/AL/GLD
- Datum publicatie: 29-07-2025
- Datum uitspraak: 28-07-2025
- ECLI:NL:TADRARL:2025:183
De raad is van oordeel dat er - gelet op de uitleg van verweerder - niet is gebleken dat verweerder opzettelijk en op een tuchtrechtelijk verwijtbare wijze een onjuiste factuur in de procedure heeft gebracht. De raad is ten aanzien van de andere door klager genoemde informatie - een overgelegde jaaropgave en andere informatie over (kort gezegd) het inkomen en het ontslag van zijn cliënte - van oordeel dat verweerder mocht uitgaan van de juistheid van die van zijn cliënte ontvangen informatie. Verweerder was niet gehouden om de juistheid van die informatie te controleren. Het voorgaande betekent dat dit onderdeel van de klacht ongegrond is.
-
ECLI:NL:TADRARL:2025:184 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-153/AL/MN
- Datum publicatie: 29-07-2025
- Datum uitspraak: 28-07-2025
- ECLI:NL:TADRARL:2025:184
De raad heeft geoordeeld dat verweerder in strijd met gedragsregel 27 over de inhoud van schikkingsonderhandelingen in zijn conclusie van antwoord heeft geschreven. Dat is tuchtrechtelijk verwijtbaar. De raad acht daarbij echter van belang dat niet is gebleken dat verweerder willens en wetens informatie uit een vertrouwelijke bijeenkomst in de procedure heeft gebracht, maar veeleer het (vertrouwelijke) karakter van deze bijeenkomst heeft miskend. Ook houdt de raad er rekening mee dat verweerder niet eerder onherroepelijk door de tuchtrechter is veroordeeld. Rekening houdend met alle omstandigheden zal de raad volstaan de oplegging van een waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRARL:2025:185 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-154/AL/MN
- Datum publicatie: 29-07-2025
- Datum uitspraak: 28-07-2025
- ECLI:NL:TADRARL:2025:185
De raad is van oordeel dat hoewel verweerder niet in lijn heeft gehandeld met de bepaling van gedragsregel 15 en hij – ter voorkoming van enig misverstand – deze procedure beter niet zelf had kunnen voeren, klaagster door het handelen van verweerder niet in enig belang is geschaad. Van tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen is naar het oordeel van de raad geen sprake. Dat betekent dat dit klachtonderdeel ongegrond wordt verklaard.
-
ECLI:NL:TAHVD:2025:140 Hof van Discipline 's Gravenhage 230317
- Datum publicatie: 29-07-2025
- Datum uitspraak: 28-07-2025
- ECLI:NL:TAHVD:2025:140
Klacht tegen de eigen advocaat. Klager klaagt over de rechtsbijstand door zijn advocaat tijdens zijn asielaanvraag. De raad heeft alle klachten van klager ongegrond verklaard. Het hof sluit zich aan bij dit oordeel van de raad.
-
ECLI:NL:TAHVD:2025:141 Hof van Discipline 's Gravenhage 240229
- Datum publicatie: 29-07-2025
- Datum uitspraak: 28-07-2025
- ECLI:NL:TAHVD:2025:141
Klacht over eigen advocaat. Klager verwijt verweerder dat hij ernstige steken heeft laten vallen in de kortgedingprocedure die hij namens klager heeft gevoerd. Verweerder heeft dat uitgebreid weersproken. De raad heeft alle klachtonderdelen ongegrond verklaard. In hoger beroep handhaaft klager met name zijn verwijt dat verweerder heeft verzuimd voor klager essentiële bewijsstukken vooruitlopend op het kort geding te verstrekken aan de wederpartij en de kantonrechter zodat deze daarmee al bekend zouden zijn geweest. Volgens verweerder heeft hij daarom het kort-geding verloren. Het hof is het – voor zover dit nog ter beslissing voorligt – eens met het oordeel van de raad en sluit zich daarbij aan.
-
ECLI:NL:TADRARL:2025:179 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-175/AL/NN/D
- Datum publicatie: 28-07-2025
- Datum uitspraak: 28-07-2025
- ECLI:NL:TADRARL:2025:179
Het dekenbezwaar is in alle onderdelen gegrond. De raad is van oordeel dat het verweten handelen zodanig ernstig is dat aan verweerder de maatregel van schrapping van het tableau moet worden opgelegd. Verweerder heeft de kernwaarden deskundigheid en vertrouwelijkheid geschonden en ook artikelen 4.1. lid 2, 6.2 en 6.3 Voda en Gedragsregels 14 lid 3 en 16 lid 1 en 16 lid 2. Het dekenbezwaar staat niet op zichzelf. In de klachtzaak, waarin de behandeling op dezelfde datum heeft plaatsgevonden en waarvan de uitspraak op dezelfde datum is en die gebaseerd is op hetzelfde feitencomplex, heeft de raad geoordeeld dat verweerder de kernwaarden deskundigheid, onafhankelijkheid, partijdigheid en integriteit heeft geschonden. Gelet op het ne bis in idem beginsel heeft de raad in de klachtzaak geen maatregel opgelegd. Verweerder is al eerder meerdere malen tuchtrechtelijk veroordeeld. Dit dekenbezwaar is het vierde ingediende dekenbezwaar tegen verweerder. Uit de klachtzaak, het dekenbezwaar en de eerdere uitspraken komt een beeld naar voren van een advocaat die blijk geeft zich onvoldoende bewust te zijn van voor de advocatuur elementaire beginselen en regelgeving en zich onvoldoende rekenschap geeft van de belangen die daarmee worden gediend. Uit het handelen van verweerder blijkt dat hij onvoldoende besef heeft van de bijzondere positie die hij als advocaat in het maatschappelijk verkeer vervult en de onafhankelijke integere oordeelsvorming die daarbij van hem wordt verwacht.
-
ECLI:NL:TADRARL:2025:180 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-138/AL/NN
- Datum publicatie: 28-07-2025
- Datum uitspraak: 28-07-2025
- ECLI:NL:TADRARL:2025:180
Klacht over eigen advocaat. Met zijn gedragingen heeft verweerder het vertrouwen in zijn eigen beroepsuitoefening en in de advocatuur in het algemeen ernstig geschaad. Hoewel de klacht in alle onderdelen gegrond wordt verklaard en verweerder de kernwaarden deskundigheid, onafhankelijkheid, partijdigheid en integriteit meermaals heeft geschonden, zal de raad in deze klachtzaak aan verweerder geen maatregel opleggen. Het ne bis in idem-beginsel staat daaraan in de weg omdat de raad in het meeromvattende dekenbezwaar tegen verweerder, dat op hetzelfde feitencomplex ziet, een maatregel zal opleggen.
-
ECLI:NL:TAHVD:2025:136 Hof van Discipline 's Gravenhage 240337
- Datum publicatie: 22-07-2025
- Datum uitspraak: 21-07-2025
- ECLI:NL:TAHVD:2025:136
Klacht tegen advocaat wederpartij. Verweerder heeft de wederpartij van klager bijgestaan in een tussen hen lopend huurgeschil. Klager verwijt verweerder dat hij in strijd met artikel 15 van de Gedragsregels zijn wederpartij heeft bijgestaan, terwijl klager in het verleden door meerdere, (deels) thans huidige collega’s van verweerder is bijgestaan. De raad heeft geoordeeld dat de klacht van klager over belangenverstrengeling niet slaagt. Het hof is van oordeel dat er – gelet op de langdurige advocaat/cliënt-relatie van klager met een kantoorgenoot van verweerder, die bovendien ook kantoorgenoot van verweerder was gedurende een deel van de periode dat deze langdurige advocaat/cliënt - relatie bestond – sprake is van redelijke bezwaren aan de zijde van klager, zodat niet is voldaan aan de in gedragsregel 15 lid 3 opgesomde cumulatieve voorwaarden. Het hof verwijt verweerder dat hij klager niet in de gelegenheid heeft gesteld voorafgaand aan zijn optreden voor de wederpartij van klager aan te geven of hij redelijke bezwaren tegen dit optreden had. Het hof legt alsnog de maatregel van waarschuwing op.
-
ECLI:NL:TAHVD:2025:137 Hof van Discipline 's Gravenhage 240336
- Datum publicatie: 22-07-2025
- Datum uitspraak: 21-07-2025
- ECLI:NL:TAHVD:2025:137
Klacht tegen advocaat wederpartij. De gebeurtenissen waarop de klacht ziet en ten aanzien waarvan klager verweerder een verwijt maakt hebben plaatsgevonden vóór 2016. Klager heeft destijds een klacht ingediend, die na verzet door de raad ongegrond is verklaard. Het hof heeft het hoger beroep tegen deze beslissing verworpen. Klager dient in 2024 wederom een klacht in tegen verweerder op grond van dezelfde verwijten en wenst een herbeoordeling van de klacht (omdat bij fraude geen sprake kan zijn verjaring). De raad heeft geoordeeld dat al onherroepelijk op de klacht is beslist en dat deze op grond van het bepaalde in artikel 47b Advocaten niet opnieuw kan worden ingediend; van nieuwe feiten en omstandigheden is niet gebleken. De raad heeft de klacht niet-ontvankelijk verklaard. Het hof komt tot hetzelfde oordeel en bekrachtigt het oordeel van de raad.
-
ECLI:NL:TAHVD:2025:138 Hof van Discipline 's Gravenhage 250216
- Datum publicatie: 22-07-2025
- Datum uitspraak: 17-07-2025
- ECLI:NL:TAHVD:2025:138
Afwijzende verwijzing. Een klacht tegen een deken is geen middel om de inhoud van een andere zaak, waarin een rechtsmiddel openstaat, ter discussie te stellen. Klager kan het onderzoek naar en de afwijzende beslissing op zijn verzoek aan verweerder om een advocaat aan te wijzen ter discussie stellen binnen de kaders van een beklagprocedure op grond van artikel 13 Advw. Klager heeft het beschikbare rechtsmiddel ook ingesteld.
-
ECLI:NL:TAHVD:2025:139 Hof van Discipline 's Gravenhage 240331
- Datum publicatie: 22-07-2025
- Datum uitspraak: 21-07-2025
- ECLI:NL:TAHVD:2025:139
Klacht tegen advocaat wederpartij. Klagers verwijten verweerder dat hij niet integer heeft gehandeld door in een procedure bij het CBb willens en wetens onwaarheden als beroepsgrond aan te voeren om daarmee de rechters van het CBb op het verkeerde spoor te zetten. Volgens klagers heeft verweerder hierdoor de belangen van klagers en het vertrouwen in de advocatuur geschaad. De raad heeft geoordeeld dat het als partijdige belangenbehartiger de taak is van verweerder om de belangen van zijn cliënt zo goed mogelijk te behartigen op een wijze als hem, in overleg met zijn cliënt, goeddunkt. Naar het oordeel van de raad kan niet worden gezegd dat verweerder feiten heeft geponeerd die in strijd met de waarheid zijn. Verweerder heeft in zijn beroepschrift slechts tot uiting willen brengen dat de forensisch accountant de zitting anders heeft beleefd. Het hof is van oordeel dat ook in dit geval, waarin verweerder bij de uitlatingen van zijn cliënt ter zitting van de Accountantskamer aanwezig was, dat gegeven onverlet laat dat hij als advocaat de perceptie van zijn cliënt mag en moet kunnen verwoorden. Het hof is het verder eens met de beslissing van de raad. Bekrachtiging.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:143 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-276/DH/RO
- Datum publicatie: 21-07-2025
- Datum uitspraak: 16-07-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:143
Voorzittersbeslissing. Klacht over de eigen advocaat. Kwaliteit dienstverlening. De voorzitter kan op grond van de overgelegde stukken niet vaststellen dat verweerster in de hoger beroepsprocedure op enigerlei wijze klachtwaardig heeft gehandeld. Klacht in alle onderdelen kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:138 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-895/DH/DH
- Datum publicatie: 21-07-2025
- Datum uitspraak: 14-07-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:138
Raadsbeslissing. In een hoogoplopend conflict tussen klager en zijn ex-partner over de door de ex-partner ingetrokken toestemming om met de dochter naar Kaapverdië te reizen, heeft verweerster onvoldoende distantie betracht. De ex-partner gebruikte de intrekking van de reeds gegeven toestemming als drukmiddel om klager te bewegen ook zijn toestemming te verlenen voor door haar geplande reizen. Verweerster heeft de gevolgen van dit -oneigenlijke - gebruik van haar recht om haar toestemming in te trekken door de ex-partner benadrukt en daarbij geschreven dat klager zich schuldig zou maken aan kinderontvoering als hij toch met de dochter zou vertrekken. Dit alles terwijl verweerster wist dat de ex-partner de marechaussee wilde inlichten en kon voorzien dat haar e-mail daarvoor zou kunnen worden gebruikt. Verweerster heeft onvoldoende distantie betracht in dit conflict, waarin ook een minderjarig kind betrokken was. Zij heeft, met de door haar gebruikte bewoordingen, bijgedragen aan de escalatie van de situatie. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:139 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-005/DH/DH
- Datum publicatie: 21-07-2025
- Datum uitspraak: 14-07-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:139
Raadsbeslissing. Verweerder heeft klaagster in de cassatieprocedure onjuist geadviseerd over de gevolgen van vernietiging van de bestreden beschikking voor de mogelijkheid voor klaagster om de maandelijkse alimentatiebetalingen te blijven innen. Na het gewonnen cassatieberoep, met verwijzing naar een ander gerechtshof, bleek dat klaagster de alimentatie niet langer (direct) kon innen. Verweerder heeft hier bij zijn advisering onvoldoende rekening mee gehouden en daarmee gehandeld in strijd met de kernwaarde deskundigheid. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRARL:2025:178 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-220/AL/GLD
- Datum publicatie: 21-07-2025
- Datum uitspraak: 21-07-2025
- ECLI:NL:TADRARL:2025:178
Raadsbeslissing. Klacht over eigen advocaat. Kwaliteit dienstverlening. Uit de gang van zaken kan niet worden afgeleid dat verweerder stil heeft gezeten en geen enkele progressie voor klager heeft geboekt. Van onzorgvuldige behandeling en onvoldoende voortvarendheid is geen sprake. Niet komen vast te staan dat verweerder onvoldoende met klager heeft gecommuniceerd. Klacht in beide onderdelen ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:140 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-006/DH/DH
- Datum publicatie: 21-07-2025
- Datum uitspraak: 14-07-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:140
Raadsbeslissing. Verweerder heeft in februari 2022 de opdracht van klaagster aangenomen. Zij heeft hem ruim € 7.000,- betaald. Verweerder heeft niets schriftelijk vastgelegd. Hij heeft meerdere toezeggingen gedaan, maar is die steeds niet nagekomen. In april 2024 heeft klaagster de opdracht daarom beëindigd. Verweerder heeft de zaak vervolgens niet voortvarend financieel afgerekend en niet blijkt dat hij klaagster het dossier heeft toegestuurd. Verweerder is aanzienlijk tekortgeschoten in de behartiging van klaagsters belangen. Twee weken schorsing onvoorwaardelijk. De raad verklaart de deken – die meeklaagt in deze zaak – niet-ontvankelijk, omdat de deken een dekenbezwaar heeft ingediend tegen verweerder, waarin deze klachtzaak integraal is meegenomen. De deken heeft in deze zaak daarom geen belang.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:141 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-021/DH/DH
- Datum publicatie: 21-07-2025
- Datum uitspraak: 14-07-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:141
Raadsbeslissing. Verweerder heeft namens klaagster bij deurwaardersexploot een brief aan klaagsters huurders gestuurd, met daarin een opzegging van de huurovereenkomst. Verweerder heeft dit gedaan zonder daartoe van klaagster opdracht te hebben gekregen. Dat is onzorgvuldig en tuchtrechtelijk laakbaar. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:142 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-045/DH/DH/D
- Datum publicatie: 21-07-2025
- Datum uitspraak: 14-07-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:142
Beslissing op dekenbezwaar. Verweerder handelt onzorgvuldig door opdrachten van en afspraken met cliënten niet schriftelijk vast te leggen. Zijn informatievoorziening aan cliënten is stelselmatig onder de maat. Ook handelt hij in strijd met de bewaarplicht door dossiers aan de cliënt te retourneren, zonder zelf een kopie van dit dossier te bewaren. Verder heeft verweerder onvoldoende gevolg gegeven aan de toezichthoudende instructies van de deken. Tuchtrechtelijk verleden. Van belang is nu dat verweerder een verbetering laat zien in zijn manier van dossierbeheer, informatievoorziening aan cliënten en het opvolgen van de instructies van de deken. De raad acht het daarom noodzakelijk dat verweerder zich op korte termijn laat bijstaan door een coach op het gebied van advocatuurlijke administratie en kantooradministratie. Voorwaardelijke schorsing van 8 weken met als bijzondere voorwaarden een coach.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2025:124 Raad van Discipline Amsterdam 24-853/A/NH
- Datum publicatie: 18-07-2025
- Datum uitspraak: 14-07-2025
- ECLI:NL:TADRAMS:2025:124
Raadsbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij is gegrond. Verweerder heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door klaagster rauwelijks te dagvaarden en een bericht van klaagster in de dagvaarding onvermeld te laten. De raad ziet echter af van het opleggen van een maatregel. Verweerder heeft ter zitting erkend dat hij niet goed heeft opgelet, dat hij het bericht van klaagster heeft gemist en dat het beter was geweest als hij hierop wel had gereageerd en dit bericht ook in de dagvaarding had vermeld. Verder heeft de raad niet kunnen vaststellen dat er als gevolg van het handelen van verweerder nodeloos een procedure moest worden gevoerd of dat het handelen van verweerder op enige andere wijze gevolgen voor klaagster heeft gehad.