Zoekresultaten 22521-22530 van de 22579 resultaten
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:18 Hof van Discipline 's Gravenhage 250100
- Datum publicatie: 23-01-2026
- Datum uitspraak: 23-01-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:18
Klacht over de kwaliteit van dienstverlening van eigen advocaat is door de raad van discipline gedeeltelijk gegrond verklaard zonder oplegging van een maatregel. Klaagster verwijt verweerder in hoger beroep nog dat hij in de beroepsprocedure tegen de aan klaagster opgelegde zorgmachtiging heeft nagelaten te laten onderzoeken of het gedrag van klaagster als gevolg van haar psychische stoornis tot ernstig nadeel heeft geleid. Het Hof van Discipline is van oordeel dat het beroep geen doel treft.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:19 Hof van Discipline 's Gravenhage 250098
- Datum publicatie: 23-01-2026
- Datum uitspraak: 23-01-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:19
Klacht over de eigen advocaat over de kwaliteit van de dienstverlening. De klacht is dat verweerder klagers belangen niet naar behoren heeft behartigd en hem niet dan wel onvoldoende heeft geïnformeerd. De raad van discipline heeft deze klacht ongegrond verklaard. Voor zover de klacht ziet op een periode langer dan drie jaar geleden is klager niet-ontvankelijk verklaard. Het Hof van Discipline bekrachtigt de beslissing van de raad.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:2 Hof van Discipline 's Gravenhage 250128
- Datum publicatie: 02-01-2026
- Datum uitspraak: 02-01-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:2
Artikel 13 beklag ongegrond. Ook als de vordering die klager wil instellen niet is verjaard, heeft deze onvoldoende kans van slagen. Bovendien kan klager daarmee niet bereiken wat hij eigenlijk wil.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:20 Hof van Discipline 's Gravenhage 250061
- Datum publicatie: 23-01-2026
- Datum uitspraak: 23-01-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:20
Klagers zijn jarenlang bijgestaan door hun advocaat. Anderhalf jaar nadat de opdracht was beëindigd hebben zij tegen hem diverse klachten ingediend. De raad van discipline heeft klagers niet-ontvankelijk verklaard in twee klachtonderdelen, verschillende klachtonderdelen ongegrond verklaard en drie klachtonderdelen gegrond verklaard en aan verweerder een berisping opgelegd voor het onvoldoende informeren van klagers, het op een onduidelijke wijze declareren en het in een procedure tegen klagers inbrengen van informatie over schikkingsonderhandelingen. Klagers komen in beroep tegen de beslissing aangaande de niet gegrond verklaarde onderdelen. Het Hof van Discipline verklaart alsnog twee klachtonderdelen gegrond, te weten het niet hanteren van een redelijk honorarium en het schenden van de geheimhoudingsplicht, maar ziet geen aanleiding om de maatregel van een berisping te verzwaren.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:21 Hof van Discipline 's Gravenhage 250140
- Datum publicatie: 28-01-2026
- Datum uitspraak: 26-01-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:21
Bekrachtiging beslissing raad. Berisping. Verweerder heeft in hoger beroep zijn stelling gehandhaafd dat hij klaagster in een huurgeschil als vriendendienst van advies heeft voorzien. Het hof is, met de raad, van oordeel dat klaagster ervan mocht uitgaan dat verweerder haar als advocaat bijstond. Van verweerder mag als advocaat worden verwacht dat hij vanaf het begin af aan duidelijk is over zijn rol en daarover duidelijk communiceert en correspondeert, zodat daarover geen misverstand kan ontstaan. Dat betekent dat verweerder op het moment dat klaagster zich tot hem wendde ofwel duidelijk had moeten aangeven en bevestigen dat hij als advocaat in de huurkwestie voor haar zou optreden, waarna hij de huurkwestie dan ook met de nodige voortvarendheid had moeten oppakken, ofwel duidelijk had moeten aangegeven dat hij daarvoor niet over de vereiste expertise beschikte, waarna hij klaagster uitdrukkelijk had moeten adviseren een advocaat in te schaken die wel over die expertise beschikte. Niet is gebleken dat verweerder daaraan heeft voldaan. Het hof sluit zich voorts aan bij de overwegingen en conclusies van de raad over de communicatie van verweerder met klaagster en de zorgvuldigheid en voortvarendheid die van verweerder verwacht mochten worden en neemt die over. Verweerder heeft gehandeld in strijd met hetgeen een behoorlijk advocaat betaamt, wat hem tuchtrechtelijk te verwijten is.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:22 Hof van Discipline 's Gravenhage 250130
- Datum publicatie: 28-01-2026
- Datum uitspraak: 26-01-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:22
Verweerder trad in zijn hoedanigheid van advocaat op als contactpersoon voor een gemeente. De Raad van Discipline heeft geoordeeld dat niet is gebleken dat verweerder bij de invulling van zijn rol als contactpersoon verder is gegaan dan het zijn van (slechts) aanspreekpunt. Verweerder heeft over de invulling van zijn beide rollen helder gecommuniceerd. De raad ziet geen reden waarom verweerder als advocaat, naast het zijn van contactpersoon voor de gemeente, in dit geval niet ook als procesadvocaat van de gemeente tegen klager had mogen optreden. Naar het oordeel van de raad conflicteren deze twee hoedanigheden in dit geval niet met elkaar en is van belangenverstrengeling geen sprake. Het hof bekrachtigt de beslissing van de raad.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:23 Hof van Discipline 's Gravenhage 240373
- Datum publicatie: 28-01-2026
- Datum uitspraak: 26-01-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:23
Het betreft een klacht tegen de eigen advocaat. Verweerder heeft klagers bijgestaan in fiscaal-strafrechtelijke procedures. De raad heeft geoordeeld dat verweerder niet met de zorgvuldigheid heeft gehandeld die van een redelijk bekwame en redelijk handelend advocaat in de gegeven omstandigheden mag worden verwacht. Voor ogenschijnlijk beperkte inspanningen, waarbij de inhoudelijke werkzaamheden vooral door een collega-advocaat lijken te zijn verricht, heeft verweerder forse declaraties aan klagers gestuurd. Ook heeft verweerder onvoldoende laten zien over de (strafrechtelijke) vakkundige kennis te beschikken die noodzakelijk was voor een goede behandeling van de zaken. Verder is niet gebleken dat verweerder klagers op enig moment heeft geadviseerd over hun positie in de betreffende procedures of over hun procedurele kansen en risico’s. Tot slot heeft verweerder niet transparant gedeclareerd. De raad heeft de klacht gedeeltelijk niet-ontvankelijk en gedeeltelijk gegrond verklaard en heeft als maatregel een voorwaardelijke schorsing van vier weken, met kostenveroordeling, passend geacht. Het hof verklaart het hoger beroep tegen het door de raad ongegrond verklaarde klachtonderdeel c) -inhoudende dat verweerder op de zitting van 20 oktober 2022 een ongeïnteresseerde en niet-actieve houding heeft getoond- gegrond en legt als maatregel een onvoorwaardelijke schorsing voor de duur van zes weken op.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:24 Hof van Discipline 's Gravenhage 240370
- Datum publicatie: 28-01-2026
- Datum uitspraak: 26-01-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:24
Beklag artikel 13 Advocatenwet ongegrond. De mogelijkheid de deken te verzoeken een advocaat aan te wijzen, is een aanvullende voorziening voor het geval de rechtzoekende niet op eigen initiatief een advocaat weet te vinden die bereid is hem of haar bijstand te verlenen. Deze aanvulling op de in beginsel vrije advocaatkeuze maakt dat de deken een ruime beleidsvrijheid toekomt bij het aanwijzen van een advocaat en daarom in het algemeen niet gehouden is een advocaat aan te wijzen. Die ruime beleidsvrijheid brengt ook mee dat de deken niet gehouden is de advocaat te verplichten iedere door een klager gewenste procedure te voeren. De aan te wijzen advocaat heeft hierin een eigen afweging te maken. Daarnaast is het uitgangspunt dat in beginsel slechts één keer een advocaat wordt aangewezen. De omstandigheid dat klager het niet eens is met het procesadvies van de hem toegewezen advocaat brengt niet zonder meer mee dat een andere advocaat moet worden aangewezen. Van bijzondere omstandigheden die daartoe is deze zaak wel aanleiding zouden moeten geven, is naar het oordeel van het hof geen sprake.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:25 Hof van Discipline 's Gravenhage 260006
- Datum publicatie: 29-01-2026
- Datum uitspraak: 29-01-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:25
Het hof verwijst de klacht niet. Een tuchtklacht tegen een deken is geen middel om de inhoud van een dekenvisie over de klacht tegen een andere advocaat ter discussie te stellen of een manier voor klager om te ageren tegen een proceshandeling van de deken. Een tuchtklacht is daarvoor niet bedoeld en daarmee wordt er dan ook misbruik van gemaakt.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:26 Hof van Discipline 's Gravenhage 260012
- Datum publicatie: 29-01-2026
- Datum uitspraak: 29-01-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:26
Klacht tegen de deken wordt niet verwezen. Een (tucht)klacht tegen een deken is geen middel om zich te verzetten tegen de werkwijze van de deken in het onderzoek naar de klacht tegen een andere advocaat. Het tuchtrecht is daarvoor niet bedoeld. Voor de kwestie waarover wordt geklaagd is een andere klachtenprocedure met voldoende waarborgen omkleed.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 2252
- Pagina: 2253
- Pagina: 2254
- ...
- Pagina: 2258
- Volgende pagina zoekresultaten