Zoekresultaten 21-30 van de 145 resultaten

  • ECLI:NL:TACAKN:2025:66 Accountantskamer Zwolle 25/1086 Wtra AK

    Ongegrond is de klacht dat betrokkene niets heeft gedaan met een bepaald verzoek van klager. Betrokkene valt daarvan geen persoonlijk tuchtrechtelijk verwijt te maken, omdat hij ten tijde van het verzoek langdurig in het ziekenhuis was opgenomen en zijn praktijk werd waargenomen. De klacht over het voeren van de accountantstitel is niet-ontvankelijk, omdat het gaat om een (beweerd) handelen nadat betrokkene was uitgeschreven als accountant.

  • ECLI:NL:TACAKN:2025:65 Accountantskamer Zwolle 25/1520 Wtra AK 25/1521 Wtra AK

    voorzittersbeslissing, de klacht tegen twee accountants is onvoldoende concreet en niet feitelijke onderbouwd. Daarom verklaart de voorzitter de klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TACAKN:2025:64 Accountantskamer Zwolle 25/1778 Wtra AK

    Voorzittersbeslissing, de klacht is kennelijk ongegrond. De voorzitter is van oordeel dat sprake is van een klacht over nagenoeg dezelfde feiten als waarover de Accountantskamer al eerder heeft geoordeeld, dat de tuchtklacht niet los kan worden gezien van het verdiepte geschil tussen klager en een derde en dat de argumenten die klager brengen tot zijn standpunt dat sprake is van nieuwe feiten en omstandigheden te licht zijn om gewicht in de schaal te leggen. De betrokken accountant handelt niet verwijtbaar met zijn beroep om de klacht vereenvoudigd af te doen met een voorzittersbeslissing.

  • ECLI:NL:TACAKN:2025:62 Accountantskamer Zwolle 25/2135 Wtra AK

    Klacht is kennelijk niet-ontvankelijk, omdat betrokkene ten tijde van de verweten gedragingen niet als registeraccountant of accountant-administratieconsulent in het NBA-register stond ingeschreven.

  • ECLI:NL:TACAKN:2025:63 Accountantskamer Zwolle 25/2325 Wtra AK

    Klacht is kennelijk niet-ontvankelijk, omdat de klachtonderdelen in de onderhavige procedure zien op klachtonderdelen die reeds onderwerp van geschil zijn geweest in de eerdere procedure bij de Accountantskamer of zodanig onderling zijn verweven met de klachten en feiten die in die eerdere procedure aan de Accountantskamer zijn voorgelegd dat deze klachten, gelet op het ne bis in idem beginsel, niet nogmaals het voorwerp van berechting kunnen vormen.

  • ECLI:NL:TACAKN:2025:61 Accountantskamer Zwolle 24/2784 Wtra AK 24/3919 Wtra AK

    Ongegronde klacht. Klaagster verhuurde aan een ondernemer 10 visstekken aan een recreatieplas. De ondernemer stelt dat klaagster haar verplichtingen uit de huurovereenkomst niet is nagekomen waardoor hij schade heeft geleden. In opdracht van de ondernemer heeft betrokkene de schade begroot. Volgens klaagster heeft betrokkene daarbij niet zorgvuldig gehandeld, onder meer omdat hij geen hoor en wederhoor heeft toegepast. De Accountantskamer oordeelt dat klaagster gelet op het gevoerde verweer en de overgelegde rapporten niet aannemelijk heeft gemaakt dat betrokkene bij het opstellen van zijn schaderapporten steken heeft laten vallen of anderszins tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.

  • ECLI:NL:TACAKN:2025:60 Accountantskamer Zwolle 24/4266 Wtra AK 25/1501 Wtra AK

    Klacht over het handelen van betrokkene in zijn nevenfunctie als lid c.q. voorzitter van een toezichthoudend orgaan van een stichting. Klager meent dat betrokkene in die rol niet in het algemeen belang heeft gehandeld noch in het belang van de stichting en daarmee als accountant is tekortgeschoten in de uitoefening van deze functie. De Accountantskamer verklaart de klacht deels niet-ontvankelijk omdat de gedragingen waarover wordt geklaagd meer dan tien jaar voor de datum waarop de klacht is ingediend hebben plaatsgevonden. De klacht is voor het overige ongegrond. Niet gebleken is dat betrokkene heeft gehandeld in strijd met enig fundamenteel beginsel.

  • ECLI:NL:TACAKN:2025:59 Accountantskamer Zwolle 25/587 Wtra AK

    Gegronde klacht. Betrokkene krijgt maatregel van de tijdelijke doorhaling voor de duur van één jaar opgelegd. Kantoortoetsing. Betrokkene heeft een accountantskantoor. Klaagster heeft, na een reguliere kantoortoetsing, een hertoetsing uitgevoerd. De vier getoetste dossiers zijn onvoldoende bevonden. Daaruit blijkt volgens klaagster dat het interne stelsel van kwaliteitsbeheersing in opzet en werking niet voldoet aan de daaraan te stellen eisen. Ook meent klaagster dat de verplichte jaarlijkse evaluatie van de kwaliteitsambitie en de wijze waarop gewaarborgd is dat accountantsopdrachten conform wet- en regelgeving worden uitgevoerd, niet voldoet. De Accountantskamer is van oordeel dat de klacht grotendeels gegrond is. In de vier dossiers zijn tekortkomingen geconstateerd nadat (de derde versie van) het verbeterplan van betrokkene onder voorwaarden was goedgekeurd.

  • ECLI:NL:TACAKN:2025:58 Accountantskamer Zwolle 25/166 Wtra AK

    Kantoortoetsing. Klaagster heeft, na twee reguliere toetsingen, een hertoetsing van het accountantskantoor van betrokkene uitgevoerd. Klaagster stelt dat diverse tekortkomingen zijn geconstateerd in de opzet en werking van het kwaliteitssysteem, op zowel stelsel- als dossierniveau. Betrokkene erkent dit maar wijst erop dat hij inmiddels actie heeft ondernomen teneinde “het stelsel in opzet te verbeteren, de kwaliteit van de werking daarvan te verhogen en daarmee de goede beroepsuitoefening te borgen”. De klacht is gegrond, omdat betrokkene als kwaliteitsbepaler er niet voor heeft gezorgd dat het kwaliteitssysteem een redelijke mate van zekerheid geeft dat NVKS-opdrachten worden uitgevoerd conform de geldende wet- en regelgeving. Betrokkene krijgt de maatregel van tijdelijke doorhaling voor de duur van zes maanden opgelegd. De Accountantskamer heeft bij het bepalen van de maatregel meegewogen dat zij het vertrouwen heeft dat betrokkene zijn best doet om te (blijven) voldoen aan de van toepassing zijnde wet- en regelgeving. Dit vertrouwen wordt versterkt door het gegeven dat het accountantskantoor inmiddels vier tekeningsbevoegde accountants heeft en dat betrokkene geen vrijwillige controles meer zal verrichten.

  • ECLI:NL:TACAKN:2025:57 Accountantskamer Zwolle 24/4273 Wtra AK 24/4274 Wtra AK

    Gedeeltelijk gegronde klacht. Betrokkenen krijgen de maatregel van tijdelijke doorhaling voor de duur van zes maanden opgelegd. Betrokkenen hebben in opdracht van zeven gemeenten een zorgfraudeonderzoek ingesteld en daarover gerapporteerd. Dat rapport, door hen een rapport van feitelijke bevindingen genoemd, heeft geleid tot beslaglegging en een civielrechtelijke procedure. De zorgverleenster, die in deze klacht als klaagster optreedt en tegen wie het onderzoek zich richtte, stelt onder meer dat het rapport geen rapport van feitelijke bevindingen is maar een persoonsgericht onderzoek, dat betrokkenen niet de juiste deskundigen hebben ingeschakeld om een onderzoek te verrichten en onvoldoende hoor en wederhoor hebben toegepast en dat het rapport een deugdelijke grondslag mist. De Accountantskamer verklaart de klacht grotendeels gegrond. Betrokkenen hebben in ernstige mate de fundamentele beginselen geschonden en hebben geen maatregelen genomen toen zij eenmaal wisten of behoorden te weten dat hun onderzoek en rapport niet voldeden.