Zoekresultaten 3651-3660 van de 3861 resultaten
-
ECLI:NL:TADRSHE:2026:85 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 26-179/DB/ZWB
- Datum publicatie: 16-07-2026
- Datum uitspraak: 13-07-2026
- ECLI:NL:TADRSHE:2026:85
Raadsbeslissing. Verweerder heeft namens het kantoor gecorrespondeerd nadat hij FM, de advocaat van klaagster op non-actief had gesteld. Klaagster verwijt verweerder dat hij haar met zijn e-mail van 4 augustus 2025 heeft geïntimideerd, doordat hij heeft gedreigd om de zaak via de media openbaar te maken en doordat hij heeft gedreigd met juridische stappen als klaagster contact zouden onderhouden met FM. De door verweerder geschetste context van het arbeidsconflict met FM en zijn vermoeden dat FM voornemens was om (op de achtergrond) bij klaagsters zaak betrokken te blijven en dat FM samenspande met cliënten, waaronder klaagster, vormen wellicht een verklaring voor verweerders opstelling, maar zijn daarvoor geen rechtvaardiging. Ook uit verweerders houding ter zitting van de raad blijkt dat verweerder zich te veel heeft laten meevoeren door het hoog opgelopen arbeidsconflict met FM en dat hij onvoldoende oog heeft gehad voor de advocaat-cliënt relatie tussen FM en klaagster. Zeker in een gevoelige zaak als die waarin klaagster door FM werd bijgestaan had verweerder zich moeten onthouden van het onder dreiging met juridische stappen verbieden van klaagster om contact te hebben met de advocaat die de zaak tot voor kort in behandeling had. Het enkele feit dat dat juridisch mogelijk is maakt nog niet dat het daarom ook een wegis die onder de gegeven omstandigheden passend is. Daarbij komt dat verweerder zijn vermeende belangen voldoende kon beschermen door zijn werkneemster FM rechtstreeks aan te spreken. De raad is van oordeel dat verweerder met de inhoud en toonzetting van zijn e-mail van 4 augustus 2025 tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. In zoverre is de klacht gegrond. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:177 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8701
- Datum publicatie: 17-07-2026
- Datum uitspraak: 17-07-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:177
Ongegronde klacht tegen een verpleegkundig specialist. Klaagster verwijt de verpleegkundig specialist onder meer dat zij geweigerd heeft om haar te verwijzen voor nader onderzoek naar autisme. Het college acht het gezien de bevindingen verdedigbaar dat verweerster de nadruk legde op de behandeling van trauma. Uit de e-mails van klaagster leek ook te volgen dat zij dit begreep. Wel was het beter geweest als verweerster nog de tijd had genomen om de verwijzing duidelijk door te spreken met klaagster, maar dit is onvoldoende voor een tuchtrechtelijk verwijt. Ook de andere klachtonderdelen zijn ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:178 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2026/9633
- Datum publicatie: 17-07-2026
- Datum uitspraak: 17-07-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:178
Deels gegronde klacht tegen een verpleegkundige. De IGJ verwijt de verpleegkundige in strijd te hebben gehandeld met de door haar te verlenen zorg door zonder collegiaal overleg en zonder dat dit was voorgeschreven een van huis meegebrachte keelspray (die over de datum was) te geven aan een cliënt. Ook verwijt de IGJ de verpleegkundige zonder overleg met een arts en in afwijking van het medicatiebeleid een hogere dosering medicatie aan een cliënt toe te dienen en dit op onjuiste wijze af te tekenen. De klacht is deels gegrond. Het college is van oordeel dat de verpleegkundige door zonder overleg met een arts of collega’s haar eigen koers te varen, niet in het belang van de aan haar zorg toevertrouwde cliënten heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:179 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2026/9606
- Datum publicatie: 17-07-2026
- Datum uitspraak: 17-07-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:179
Kennelijk ongegronde klacht tegen een verpleegkundig specialist. Klaagster was na ontslag uit het ziekenhuis na een wortelblokkade voor rug- en beenklachten nog voor nazorg opgenomen. Daar verergerden de klachten aan haar been. Het verwijt aan de verpleegkundig specialist is dat zij geen adequate zorg heeft verleend toen klaagster ook last kreeg van uitvalsverschijnselen. Het college oordeelt dat gebleken is dat de verpleegkundig specialist niet op de hoogte was van de verslechterde gezondheidssituatie van klaagster, maar dat dit niet aan de verpleegkundig specialist te wijten is. Kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TACAKN:2026:67 Accountantskamer Zwolle 25/3427 Wtra AK
- Datum publicatie: 20-07-2026
- Datum uitspraak: 20-07-2026
- ECLI:NL:TACAKN:2026:67
Gedeeltelijk gegronde klacht. Betrokkene krijgt de maatregel van berisping opgelegd. Klaagster verwijt betrokkene dat hij zonder haar toestemming haar aangifte inkomstenbelasting 2024 bij de belastingdienst heeft ingediend en haar daarvan niet op de hoogte heeft gesteld. Volgens klaagster is de aangifte ook onjuist en heeft betrokkene opzettelijk informatie voor klaagster achtergehouden. Voorts verwijt klaagster betrokkene dat hij in een gesprek haar zorgen over de gang van zaken heeft genegeerd. De Accountantskamer is van oordeel dat betrokkene op meerdere momenten het fundamentele beginstel van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid heeft geschonden. Hij heeft de aangifte inkomstenbelasting van klaagster zonder haar toestemming ingediend en klaagster daarvan niet op de hoogte gesteld. Betrokkene heeft ook niet adequaat gereageerd op klaagsters zorgen over de verwerking van de afspraken uit het echtscheidingsconvenant.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:228 Hof van Discipline 's Gravenhage 260022
- Datum publicatie: 20-07-2026
- Datum uitspraak: 17-07-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:228
Het betreft een klacht over de eigen advocaat over de kwaliteit van de dienstverlening. Verweerder wordt verweten zijn zorgplicht jegens klager te hebben geschonden door met klager gemaakte afspraken niet na te komen. De raad heeft de klachten ongegrond verklaard, omdat kort gezegd de door klager gestelde afspraken niet zijn komen vast te staan. Het hof bekrachtigt de uitspraak van de raad.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:229 Hof van Discipline 's Gravenhage 260060H
- Datum publicatie: 20-07-2026
- Datum uitspraak: 20-07-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:229
Afwijzing van een verzoek om herziening van een beslissing van het hof van discipline. De gestelde grond van een motiveringsgebrek kan niet tot herziening van de beslissing leiden omdat die stelling niet een feit of omstandigheid is die heeft plaatsgevonden vóór de beslissing. De herziening is niet bedoeld om het, met het door een onherroepelijke beslissing van het hof, afgesloten debat te heropenen. Er is ook geen sprake van een nieuw feit in de klachtzaak dat niet voor de zitting van 18 april 2026 redelijkerwijs bij verzoeker bekend kon zijn. Het door verzoeker gestelde feit betreft ook geen feit dat verzoeker niet eerder redelijkerwijs naar voren had kunnen brengen. De uitspraak waar verzoeker op doelt is van 18 maart 2026 en op 26 maart 2026 gepubliceerd, dus van voor de zitting van 20 april 2026.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:114 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/9315
- Datum publicatie: 21-07-2026
- Datum uitspraak: 17-07-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:114
Klacht van patiënt tegen radioloog kennelijk ongegrond. Verwijt dat de radioloog een MRI-scan van de prostaat van klager in 2017 niet zorgvuldig heeft beoordeeld. De radioloog heeft aangevoerd dat hij de beelden zorgvuldig heeft beoordeeld waarbij de kans op klinische prostaatkanker onwaarschijnlijk was, aan de hand van PI-RADS versie 2 (uit 2015).
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:180 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9292
- Datum publicatie: 21-07-2026
- Datum uitspraak: 21-07-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:180
Ongegronde klacht tegen een anesthesioloog. De anesthesioloog was betrokken bij de anesthesie tijdens de totale heup prothese operatie van klaagster. Klaagster kreeg een ruggenrpik en aansluitend sedatie met propofol. Het is niet gebleken dat vooraf is gesproken over een minimale of lagere dosering, zoals klaagster stelt. Er zijn geen aanknopingspunten voor het verwijt dat klaagster een te hoge dosering sedatie is toegediend of anderszins onzorgvuldig handelen. Klacht ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2026:88 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 240355W3
- Datum publicatie: 21-07-2026
- Datum uitspraak: 21-07-2026
- ECLI:NL:TADRSHE:2026:88
Verzoek tot wraking kennelijk niet-ontvankelijk verklaard omdat de door verzoeker gestelde voorwaarde niet is vervuld.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 365
- Pagina: 366
- Pagina: 367
- ...
- Pagina: 387
- Volgende pagina zoekresultaten