Zoekresultaten 1-20 van de 4250 resultaten
-
ECLI:NL:TSCTS:2026:3 Tuchtcollege voor de Scheepvaart Amsterdam 2026-03 (2025.V8-WR123 ANNA JOHANNA)
- Datum publicatie: 21-05-2026
- Datum uitspraak: 21-05-2026
- ECLI:NL:TSCTS:2026:3
De zaak gaat over een aanvaring tussen twee vissersschepen op 14 oktober 2024 om 03:19 uur op de Noordzee ten westen van Ouddorp/Stellendam. De stomende garnalenkotter ZK147 De Kim (De Kim) is daar toen met haar voorzijde tegen de achterzijde van het vissende visserschip WR123 Anna Johanna (Anna Johanna) gevaren. Beide schepen raakten beschadigd; persoonlijke ongevallen hebben zich niet voorgedaan. De inspecteur maakt de schippers van beide schepen een verwijt. Het verwijt aan de schipper van de Anna Johanna – waar deze zaak over gaat – is dat hij geen goede uitkijk heeft gehouden, terwijl dat wel nodig was vanwege het gevaar van een aanvaring door, in dit geval, De Kim. Daarnaast verwijt de inspecteur hem dat hij is uitgevaren ondanks dat de geneeskundige verklaring van de plaatsvervangend schipper al anderhalve maand verlopen was, terwijl kort daarvoor nog een waarschuwing was gegeven door inspecteurs van de ILT. Zonder geldige medische keuring is het vaarbevoegdheidsbewijs niet geldig en voldeed de bemanning dus niet aan de eisen van het ‘certificaat minimale bemanningssterkte (visserij)’. Het Tuchtcollege acht de verwijten gegrond en legt de schipper van de Anna Johanna de maatregel op van een voorwaardelijke schorsing van de vaarbevoegdheid voor de duur van drie (3) weken en een geldboete van € 1.500,-.
-
ECLI:NL:TSCTS:2026:2 Tuchtcollege voor de Scheepvaart Amsterdam 2026-02 (2025.V7-ZK147 DE KIM)
- Datum publicatie: 21-05-2026
- Datum uitspraak: 21-05-2026
- ECLI:NL:TSCTS:2026:2
De zaak gaat over een aanvaring tussen twee vissersschepen op 14 oktober 2024 om 03:19 uur op de Noordzee ten westen van Ouddorp/Stellendam. De stomende garnalenkotter ZK147 De Kim (De Kim) is daar toen met haar voorzijde tegen de achterzijde van het vissende visserschip WR123 Anna Johanna (Anna Johanna) gevaren. Beide schepen raakten beschadigd; persoonlijke ongevallen hebben zich niet voorgedaan.De inspecteur maakt de schippers van beide schepen een verwijt. Het verwijt aan de schipper van De Kim – waar deze zaak over gaat – is dat hij geen (correcte) inschatting van het aanvaringsgevaar met de Anna Johanna heeft gemaakt voordat hij de brug verliet en dat hij de brug vervolgens onbemand heeft achtergelaten. Daarnaast verwijt de inspecteur hem dat hij is uitgevaren terwijl zijn geneeskundige verklaring al één jaar en acht maanden niet meer geldig was; daardoor was zijn vaarbevoegdheidsbewijs evenmin geldig en voldeed de bemanning dus ook niet aan de eisen van het ‘certificaat minimale bemanningssterkte (visserij)’. Het Tuchtcollege acht de verwijten gegrond en legt betrokkene de maatregel op van een schorsing van de vaarbevoegdheid voor de duur van acht weken, waarvan vier weken voorwaardelijk, alsmede een geldboete van € 2.000,-.
-
ECLI:NL:TSCTS:2026:1 Tuchtcollege voor de Scheepvaart Amsterdam 2026-01 (2025.V6-AMADEUS GOLD)
- Datum publicatie: 27-03-2026
- Datum uitspraak: 27-03-2026
- ECLI:NL:TSCTS:2026:1
Deze zaak gaat over de gronding die eind 2024 heeft plaatsgevonden met het schip, de Amadeus Gold. Volgens de inspecteur is sprake van slecht zeemanschap. De inspecteur verwijt betrokkene dat hij er niet voor heeft gezorgd dat de bemanning en hijzelf voldoende gefamiliariseerd waren, dat niet alle benodigde detailkaarten aan boord waren, dat hij alleen heeft genavigeerd op een kustkaart, dat hij de koers alleen heeft bepaald op de lichtenlijnen en geen loods heeft besteld. Het tuchtcollege oordeelt op basis van de bewezen elementen van het bezwaar, dat de klacht van de inspecteur gegrond is. Het tuchtcollege legt betrokkene de maatregel op van een gedeeltelijk voorwaardelijke schorsing van de vaarbevoegdheid.
-
ECLI:NL:TSCTS:2025:6 Tuchtcollege voor de Scheepvaart Amsterdam 2025-06 (2025.V5-CONFIDENCE)
- Datum publicatie: 21-11-2025
- Datum uitspraak: 21-11-2025
- ECLI:NL:TSCTS:2025:6
Op 17 mei 2025 voer het schip bij daglicht vanaf de Noordzee door het zeegat van Terschelling het zeehavengebied Den Helder–Harlingen–Terschelling binnen. De wind kwam uit het noorden en was kracht 4 tot 5 Bft. Met een maximale diepgang van drie meter en een sterk opkomend tij was het schip op weg naar Harlingen. Betrokkene stond alleen op de brug. Er was geen loods aan boord. Vanaf de Vliestroom draaide betrokkene bakboord uit de Blauwe Slenk in. Door de sterke stroming in combinatie met de noordenwind is het schip over de scheidingston BS 3/IN 2 heengevaren en vervolgens een stukje verderop aan de grond gelopen. Betrokkene is voor het schip in bezit van een “Tijdelijke PEC Kleine zeeschepen” (Pilotage Exemption Certificate) voor genoemd zeehavengebied.
-
ECLI:NL:TSCTS:2025:5 Tuchtcollege voor de Scheepvaart Amsterdam 2025-05 (2025.V4-VB SEAL)
- Datum publicatie: 22-08-2025
- Datum uitspraak: 22-08-2025
- ECLI:NL:TSCTS:2025:5
Op zondagnacht, 23 februari 2025, voer de havensleepboot VB Seal vanuit het Beerkanaal langs de “groene” kant richting de “Maas 5” boei. Het was mistig en de snelheid van de VB Seal was ongeveer 5,5 knopen over de grond. Het plan was om bij de “Maas 5” boei te wachten. Nabij de “Maas 5” boei is een gebruikelijke plaats voor havenslepers om te wachten op binnenkomende schepen. De VB Seal zou samen met een andere sleepboot (VB Schelde) het binnenkomende containerschip Maersk Iowa assisteren. Voor de Maersk Iowa uit voer de olietanker Gulholmen in ballast, zij was bestemd voor de 7e Petroleumhaven.Nabij de “Maas 5” boei haalde de betrokkene de vaart van de VB Seal eraf. De vaart over de grond nam af tot ongeveer 1,5 knoop terwijl de VB Seal wat bakboord uit kwam. Vervolgens kwam deVB Seal achteruit de noord in met een toenemende snelheid tot 2,9 knopen over de grond. Om 01.49 uur lokale tijd werd de VB Seal aan stuurboord voor geraakt door de Gulholmen. Al snel was duidelijk dat de VB Seal water maakte. De betrokkene heeft haar toen aan de oostzijde van de Ertskade op het stenen talud gezet, om zinken te voorkomen. Andere sleep- en havendienstboten schoten te hulp en brachten bergingspompen aan boord van de VB Seal. Door de dieseldampen van de eigen pomp, die binnen stond te draaien, werden bemanningsleden onwel.
-
ECLI:NL:TSCTS:2025:4 Tuchtcollege voor de Scheepvaart Amsterdam 2025-04 (2025.V3-EEMS WARRIOR)
- Datum publicatie: 18-06-2025
- Datum uitspraak: 18-06-2025
- ECLI:NL:TSCTS:2025:4
Op 18 december 2024 was de sleepboot Eems Warrior als losse boot op weg van Eemshaven naar ’s-Gravendeel. Daar zou zij een ponton ophalen. De kapitein kwam vóór het passeren van de pieren bij Hoek van Holland in de stuurhut en nam de wacht over van de chief officer, die in de stuurhut bleef. De vaart was 9 knopen. Er was geen loods aan boord, het was als losse boot en vanwege de lengte van de Eems Warrior niet verplicht om een loods aan boord te hebben. Voordat de Eems Warrior uit VTS-sector Maassluis voer, tussen Maassluis en de Botlek, verliet de kapitein de stuurhut om naar het toilet te gaan. De chief officer had nu de wacht en hij draaide een paar minuten later van het Scheur de Oude Maas op. Al snel passeerde hij daar de gesloten Botlekbrug waarbij de mast van de Eems Warrior de onderkant van die brug raakte. Een paar minuten later gebeurde hetzelfde, nu bij de gesloten Spijkenisserbrug, terwijl de kapitein intussen weer in de stuurhut was. De betrokkene heeft voor deze reis het voyage plan opgesteld.
-
ECLI:NL:TSCTS:2025:3 Tuchtcollege voor de Scheepvaart Amsterdam 2025-03 (2025.V2-EEMS WARRIOR)
- Datum publicatie: 18-06-2025
- Datum uitspraak: 18-06-2025
- ECLI:NL:TSCTS:2025:3
Op 18 december 2024 was de sleepboot Eems Warrior als losse boot op weg van Eemshaven naar ’s-Gravendeel. Daar zou zij een ponton ophalen. De betrokkene had de zeewacht tijdens het aanlopen van de Maasmond. De kapitein kwam vóór het passeren van de pieren bij Hoek van Holland in de stuurhut en nam de wacht over van de betrokkene, die in de stuurhut bleef. De vaart was 9 knopen. Er was geen loods aan boord, het was als losse boot en vanwege de lengte van de Eems Warrior niet verplicht om een loods aan boord te hebben. Voordat de Eems Warrior uit VTS-sector Maassluis voer, tussen Maassluis en de Botlek, verliet de kapitein de stuurhut om naar het toilet te gaan. De betrokkene had nu de wacht en hij draaide een paar minuten later van het Scheur de Oude Maas op. Al snel passeerde hij daar de gesloten Botlekbrug waarbij de mast van de Eems Warrior de onderkant van die brug raakte. Een paar minuten later gebeurde hetzelfde, nu bij de gesloten Spijkenisserbrug, terwijl de kapitein intussen weer in de stuurhut was.
-
ECLI:NL:TSCTS:2025:2 Tuchtcollege voor de Scheepvaart Amsterdam 2025-02 (2025.V1-EEMS WARRIOR)
- Datum publicatie: 18-06-2025
- Datum uitspraak: 18-06-2025
- ECLI:NL:TSCTS:2025:2
Op 18 december 2024 was de sleepboot Eems Warrior als losse boot op weg van Eemshaven naar ’s-Gravendeel. Daar zou zij een ponton ophalen. De betrokkene kwam vóór het passeren van de pieren bij Hoek van Holland in de stuurhut en nam de wacht over van de chief officer, die in de stuurhut bleef. De vaart was 9 knopen. Er was geen loods aan boord, het was als losse boot en vanwege de lengte van de Eems Warrior niet verplicht om een loods aan boord te hebben. Voordat de Eems Warrior uit VTS-sector Maassluis voer, tussen Maasluis en de Botlek, verliet betrokkene de stuurhut om naar het toilet te gaan. De chief officer had nu de wacht en hij draaide een paar minuten later van het Scheur de Oude Maas op. Al snel passeerde hij daar de gesloten Botlekbrug waarbij de mast van de Eems Warrior de onderkant van die brug raakte. Een paar minuten later gebeurde hetzelfde, nu bij de gesloten Spijkenisserbrug, terwijl de betrokkene intussen weer in de stuurhut was.
-
ECLI:NL:TSCTS:2025:1 Tuchtcollege voor de Scheepvaart Amsterdam 2025-01 (2024.V6-COS MASTER)
- Datum publicatie: 11-04-2025
- Datum uitspraak: 11-04-2025
- ECLI:NL:TSCTS:2025:1
Op 6 augustus 2024 was de crewtender COS Master – met betrokkene als kapitein - onderweg van Oostende naar offshore windpark Borssele. Er waren 3 bemanningsleden en 13 passagiers aan boord. Het schip is in Belgische wateren over een boei (WP1) gevaren en is daarbij lek geraakt. Nadat de schade was geïnventariseerd is het schip omgekeerd en teruggevaren naar Oostende.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:9 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/38
- Datum publicatie: 03-04-2026
- Datum uitspraak: 30-03-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:9
De notaris heeft op 18 september 2018 een akte van levering gepasseerd. Bij die akte heeft de vader van de klager zijn woning aan zijn echtgenote overgedragen. De vader is in 2024 overleden en heeft de klager als zijn enige erfgenaam achtergelaten. De klager verwijt de notaris dat hij bij de totstandkoming van de akte van levering onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de onafhankelijke wilsvorming van de vader en de rechtmatigheid van de transactie. De notaris zou de belangen van de vader en de klager (als toekomstig erfgenaam van de vader) onvoldoende hebben behartigd (klachtonderdeel 1). De klager heeft de notaris daarom verzocht om inzage te verlenen in alle relevante stukken van het dossier. De notaris heeft dat met een beroep op zijn geheimhoudingsplicht geweigerd. Volgens de klager is het beroep op de geheimhoudingplicht onterecht (klachtonderdeel 2).De kamer oordeelt dat klachtonderdeel 1 te laat is ingediend en dus niet-ontvankelijk is. Klachtonderdeel 2 is ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:8 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/47
- Datum publicatie: 10-04-2026
- Datum uitspraak: 30-03-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:8
Klagers gingen ervan uit dat zij een hypotheekrecht hadden ter verzekering van het verhaal van hun vordering uit hoofde van een geldlening. Veel later blijkt dat de (concept)hypotheekakte die zij hadden ontvangen, niet is gepasseerd. Klacht gedeeltelijk niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de klachttermijn en verder ongegrond. Kamer doet voor het eerst een aanbeveling (voor de praktijk): “Als een (toegevoegd of kandidaat-) notaris de opdracht krijgt een akte op te stellen, verdient het in zijn algemeenheid aanbeveling om de betrokken partijen te informeren als hij/zij aan die opdracht verder geen vervolg geeft. Daarbij is het raadzaam om deze partijen ook te informeren over de reden van het sluiten van het dossier, bijvoorbeeld omdat een partij niet heeft gereageerd op het concept van de akte of omdat een partij niet alle benodigde informatie of documenten voor de akte heeft aangeleverd. Dan weten de betrokken partijen waar zij aan toe zijn.”
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:7 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/52
- Datum publicatie: 07-04-2026
- Datum uitspraak: 30-03-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:7
Klacht niet-ontvankelijk. Hoewel het begrip “enig redelijk belang” ruim wordt uitgelegd, is de kamer van oordeel dat deze uitleg niet zo ver gaat dat ook een besloten vennootschap, die door besloten vennootschappen van (voormalige) cliënten van de notaris wordt opgericht, zich zou moeten kunnen beklagen over schending van de geheimhoudingsplicht en de zorgvuldigheidsplicht die de notaris ten opzichte van de (middellijke) bestuurders van die vennootschap in acht moest nemen. Het feit dat de besloten vennootschap die de klacht heeft ingediend de rechten en verplichtingen die voor de cliënten van de notaris uit de koopovereenkomst voortvloeiden, heeft overgenomen nadat de notaris haar werkzaamheden had beëindigd maakt dat niet anders.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:6 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2026/01
- Datum publicatie: 09-03-2026
- Datum uitspraak: 25-02-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:6
De klager heeft meerdere klachten ingediend over het handelen van de notaris als privépersoon. Daarbij heeft de klager zich grievend en respectloos uitgelaten over de notaris. Voorzittersbeslissing: klacht kennelijk niet-ontvankelijk wegens misbruik van klachtrecht. Van de notaris kan in redelijkheid niet langer worden gevraagd dat hij zich blijft verweren tegen dit soort “processtukken”. Mogelijke volgende klachten die voortvloeien uit of samenhangen met de bestaande privégeschillen en processtukken waarin de klager zich grievend en respectloos uitlaat over de notaris zal de kamer niet meer in behandeling nemen.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:5 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2026/02 en SHE/2026/07
- Datum publicatie: 04-03-2026
- Datum uitspraak: 13-02-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:5
De voorzitter heeft de klacht van de klaagster buiten behandeling gesteld (SHE/2026/2). Van de voorzitter en de kamer kan in redelijkheid niet worden verlangd dat zij met de in totaal meer dan zestig losse e-mails en een veelvoud aan bijlagen van de klaagster gaan achterhalen wat klaagster met de indiening van deze stukken heeft bedoeld. Ook van de notarissen kan dit niet worden gevraagd. De chaotische wijze waarop de klaagster haar klacht heeft ingediend, maakt het voor de notarissen onmogelijk om deugdelijk verweer te voeren. Daarom heeft de voorzitter het niet nodig gevonden de notarissen in de gelegenheid te stellen om te reageren op de stukken van de klaagster.De klaagster heeft verzet ingesteld tegen de voorzittersbeslissing. De kamer heeft dat verzet ongegrond verklaard (SHE/2026/7).
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:4 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE-2025-18
- Datum publicatie: 13-02-2026
- Datum uitspraak: 26-01-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:4
Gecompliceerde levering van onroerende zaken, die waren belast met hypotheken en executoriale beslagen. Vormerkung. Klaagster (koper) stelde uit hoofde van een vordering op de verkoper en een in verband daarmee gevestigd pandrecht ook gerechtigd te zijn tot een deel van de verkoopopbrengst van deze onroerende zaken. Wegens risico van benadeling van schuldeisers stelt de notaris nadere eisen aan taxatierapporten, waarna de eerder overeengekomen koopprijs van een pand wordt verhoogd. Nadat in kort geding vervolgens afspraken waren gemaakt over de verdeling van de verkoopopbrengst, heeft de notaris de akten van levering gepasseerd en de verkoopopbrengst (na aflossing van de hypotheken) tussen de twee beslagleggers verdeeld naar rato van hun vorderingen. Klacht m.b.t. vervallen van Vormerkung en negeren van gestelde pandrecht niet-ontvankelijk bij gebrek aan redelijk belang. Klacht verder ongegrond. I.v.m. het grote verschil in getaxeerde waarden heeft de notaris juist zorgvuldig gehandeld door aanvullende vragen te stellen over de reële waarde van het pand. Niet gebleken dat na het kort geding andere afspraken zijn gemaakt dan in het proces-verbaal van die zitting zijn vastgelegd: de notaris heeft deze op de juiste wijze uitgevoerd. Wijze van declareren is gezien omvang en complexiteit van de werkzaamheden niet buitensporig en/of onbehoorlijk. Van een notaris kan niet worden verlangd dat deze tijdens de looptijd van een dossier regelmatig onderzoek doet in de openbare registers als daarvoor geen aanleiding is.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:3 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE-2025-41
- Datum publicatie: 13-02-2026
- Datum uitspraak: 26-01-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:3
Gecompliceerde levering van onroerende zaken, die waren belast met hypotheken en executoriale beslagen. Klaagster (koper) stelde uit hoofde van een vordering op de verkoper en een in verband daarmee gevestigd pandrecht ook gerechtigd te zijn tot een deel van de verkoopopbrengst van deze onroerende zaken. Nadat in kort geding afspraken waren gemaakt over de verdeling van de verkoopopbrengst, heeft de notaris de akten van levering gepasseerd en de verkoopopbrengst (na aflossing van de hypotheken) tussen de twee beslagleggers verdeeld naar rato van hun vorderingen. Klacht m.b.t. negeren van gestelde pandrecht niet-ontvankelijk bij gebrek aan redelijk belang. Klacht m.b.t. onjuiste verdeling van de verkoopopbrengst ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:22 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2026/05
- Datum publicatie: 30-07-2026
- Datum uitspraak: 22-07-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:22
Optreden als boedelnotaris bij verstoorde familieverhoudingen, terwijl de executeur een medewerker van het notariskantoor is. Om schijn van belangenverstrengeling/partijdigheid te voorkomen, doet een notaris er goed aan erop bedacht te zijn dat het vragen kan oproepen als hij/zij als boedelnotaris optreedt in een zaak waar hij/zij nauwer bij betrokken is dan gebruikelijk: dat kan ten koste gaan van het vertrouwen dat rechtzoekenden in het notariaat moeten kunnen stellen en daarom kan het aanbeveling verdienen om zo’n opdracht door te verwijzen naar een notaris van een ander kantoor. Ministerieplicht. Rol boedelnotaris in het algemeen. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:21 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2026/03
- Datum publicatie: 22-07-2026
- Datum uitspraak: 17-07-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:21
Spoedtestament. De notaris bezoekt een testateur met spoed thuis en spreekt af dat zij de volgende ochtend zal terugkomen voor de wijziging van het testament. ’s-Nachts overlijdt de testateur. Omdat hij zijn testament kort daarvoor ook al twee keer had gewijzigd, het om een ingrijpende wijziging ging en degene die daardoor begunstigd zou worden het initiatief tot dienstverlening had genomen, was de notaris alert op de mogelijkheid van beïnvloeding en heeft zij bewust enige bedenktijd ingebouwd. In de gegeven omstandigheden vindt de kamer dat niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Wel had de communicatie met de klaagster over het moment waarop de notaris zou terugkomen beter gekund, maar dat is onvoldoende voor een tuchtrechtelijk verwijt. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:20 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/65
- Datum publicatie: 10-07-2026
- Datum uitspraak: 06-07-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:20
De ouders van de klaagster hebben hun (levens)testamenten gewijzigd. De kandidaat-notaris heeft deze (levens)testamenten gepasseerd. De klaagster verwijt de kandidaat-notaris dat hij:1) onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de wilsbekwaamheid en onafhankelijke wilsvorming van de ouders;2) haar niet wil uitleggen op welke manier hij de wilsbekwaamheid van de ouders heeft beoordeeld. Volgens de klaagster beroept de kandidaat-notaris zich daarbij ten onrechte op zijn geheimhoudingsplicht.De kamer heeft klachtonderdeel 1 ongegrond verklaard en klachtonderdeel 2 gegrond. De kandidaat-notaris heeft de vragen van de klaagster over de gang van zaken rondom de totstandkoming van de (levens)testamenten van de ouders en over de wijze waarop hij zich een oordeel heeft gevormd over de wilsbekwaamheid van de ouders, niet beantwoord. Daarmee heeft de kandidaat-notaris de klaagster, die een redelijk belang heeft bij de beantwoording van die vragen, gedwongen deze klacht in te dienen om hem tot spreken te bewegen. Aan de kandidaat-notaris wordt een waarschuwing opgelegd.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:2 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE-2025-32
- Datum publicatie: 10-02-2026
- Datum uitspraak: 26-01-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:2
Klagers hebben een geschil met hun buren over de inhoud en omvang van een erfdienstbaarheid van weg. Klagers verwijten de notaris dat hij een situatietekening heeft opgemaakt, waarop hij heeft aangegeven wat de omvang van de erfdienstbaarheid volgens de buren zou moeten zijn. Volgens klagers heeft die situatietekening de uitstraling van een notarieel document dat de juiste inhoud van de bestaande erfdienstbaarheid van weg weergeeft, terwijl die weergave onjuist is.De klacht is gegrond verklaard. Door de situatietekening - die niet overeenkomt met de juridische werkelijkheid - van een onduidelijke verklaring, zijn handtekening en ambtsstempel te voorzien, heeft de notaris de tekening een zekere schijn van legitimiteit gegeven. Gelet op de waarde die aan documenten van een notaris wordt gehecht, mag van een notaris worden verwacht dat hij bedacht is op een mogelijk ongeoorloofd gebruik dat daarvan zou kunnen worden gemaakt. De notaris had moeten voorzien dat de buren van de situatietekening misbruik zouden kunnen maken. Dat risico heeft zich ook verwezenlijkt. Aan de notaris wordt een waarschuwing opgelegd.
- Pagina: 1
- Pagina: 2
- ...
- Pagina: 213
- Volgende pagina zoekresultaten