Zoekresultaten 4261-4270 van de 4514 resultaten

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2025:266 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8289

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een internist-oncoloog. Klaagster is gediagnosticeerd met darmkanker. Zij verwijt de internist-oncoloog gebrekkige communicatie en het weigeren van verdere behandeling. Het college kan niet vaststellen dat de communicatie onvoldoende was. Voor wat betreft de behandeling heeft de internist-oncoloog inzichtelijk gemaakt dat de beslissing om niet te opereren gebaseerd was op de kwetsbare conditie van klaagster en omdat sprake was van een langzaam groeiende tumor. Bovendien was in goed overleg besproken dat geen (invasief) aanvullend onderzoek zou worden gedaan vanwege de risico’s bij de conditie van klaagster. Alle klachtonderdelen zijn kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2025:229 Hof van Discipline 's Gravenhage 250363

    Afwijzing verzoek verwijzing klacht over deken. Het indienen van een klacht is niet het ge-eigende middel om de aanpak of de wijze van onderzoek door verweerster (in haar hoedanigheid van deken) ter discussie te stellen.

  • ECLI:NL:TNORARL:2025:33 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/449794 / KL RK 25-51

    Klagers verwijten de notaris dat hij de op zijn derdengeldenrekening gestorte waarborgsom onrechtmatig onder zich houdt. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2025:267 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8191

    Gedeeltelijk gegronde klacht tegen een internist. Klaagster is ruim een jaar bij de internist in behandeling geweest vanwege een afwijkend bloedbeeld. Zij heeft in het begin medicatie toegediend gekregen waarbij de internist een voorschrijffout heeft gemaakt. Deze fout is erkend door de internist. Klaagster vindt dat de internist gedurende de behandeling op een groot aantal punten onzorgvuldig heeft gehandeld. De klacht over de voorschrijffout is gegrond, de rest is ongegrond. Geen maatregel opgelegd omdat de internist haar verantwoordelijkheid heeft genomen en maatregelen heeft genomen om herhaling te voorkomen.

  • ECLI:NL:TAHVD:2025:230 Hof van Discipline 's Gravenhage 250377

    Klacht over deken wordt niet verwezen. De klacht is prematuur omdat er nog geen beslissing op het aanwijzingsverzoek op grond van artikel 13 Advocatenwet is genomen. Er is door de deken om nadere informatie en stukken verzocht om het verzoek te kunnen beoordelen. Daarnaast staat bij uiteindelijke afwijzing van het verzoek de beklagprocedure open.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2025:268 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2024/7768

    Gegronde klacht van een zorgverzekeraar tegen een verpleegkundige. De verpleegkundige is (indirect) bestuurder en aandeelhouder van een zorgaanbieder die zowel wijkverpleging als geestelijke gezondheidszorg levert. De zorgverzekeraar concludeert op basis van fraudeonderzoeken dat er opzettelijk en op grote schaal onjuiste declaraties zijn ingediend. Het college overweegt dat uit het onderzoek meerdere onregelmatigheden en ernstige gebreken naar voren komen waarvoor de verpleegkundige geen passende verklaringen heeft gegeven. Het college stelt daarnaast vast dat de verpleegkundige onvoldoende heeft meegewerkt aan de fraudeonderzoeken. Doorhaling inschrijving in BIG-register en directe schorsing. Publicatie.

  • ECLI:NL:TAHVD:2025:231 Hof van Discipline 's Gravenhage 250296

    Beklag artikel 13 Advocatenwet ongegrond. Klager heeft aan de deken te kennen gegeven die eigen bijdrage niet te willen betalen, dus de deken heeft het verzoek op goede gronden afgewezen. Het hof overweegt in dit verband dat het in artikel 6, eerste lid, van het EVRM neergelegde recht op toegang tot een rechter niet absoluut is, maar aan verschillende beperkingen, waaronder financiële, mag worden onderworpen. Dergelijke beperkingen mogen het recht op toegang tot de rechter niet in essentie aantasten, maar moeten een gerechtvaardigd doel dienen en moeten proportioneel zijn aan dat doel. Het Nederlandse wettelijk systeem, waaronder het betalen van een eigen bijdrage, is daarmee niet in strijd (vgl. ABRvS 11 mei 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1243 en HvD, 20 maart 2017, ECLI:NL:TAHVD:2017:52). Dit systeem levert ook geen schending van enige andere verdragsbepaling op (zie HvD 8 mei 2018 ECLI:NL:TAHVD:2018:79).

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:209 Raad van Discipline Amsterdam 25-530/A/A

    Klacht over de advocaat van de wederpartij is deels kennelijk niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van een rechtstreeks belang voor klager. Naar het oordeel van de voorzitter kan niet worden vastgesteld of klager gemachtigd is om mede namens P de klacht in te dienen. Het overige klachtonderdeel is kennelijk ongegrond, nu niet is gebleken dat verweerster klager ten onrechte zou hebben beschuldigd van het vervalsen van een brief, noch dat zij op enige andere wijze de grenzen van de aan haar als advocaat van de wederpartij toekomende vrijheid zou hebben overschreden.

  • ECLI:NL:TACAKN:2025:71 Accountantskamer Zwolle 25/207 Wtra AK

    Ongegrond klacht over een partijdeskundigenbericht in een civiele procedure. De verkoper heeft betrokkene de opdracht gegeven in een partijdeskundigenbericht de EBITDA te berekenen. Betrokkene heeft een eerste versie van het partijdeskundigenbericht uitgebracht. Klaagster is van mening dat betrokkene bij het opstellen van het partijdeskundigenbericht in strijd heeft gehandeld met alle fundamentele beginselen. Betrokkene zou zich hebben gebaseerd op discutabele aannames en een misleidende voorstelling van zaken hebben gegeven. Ook wekt betrokkene volgens klaagster met haar bericht ten onrechte de schijn van assurance. Klaagster gaat in haar klacht er echter aan voorbij dat het partijdeskundigenbericht slechts een concept betreft en dat betrokkene klaagster in de gelegenheid heeft gesteld – in het kader van hoor/wederhoor – erop te reageren. Betrokkene heeft zich deels moeten baseren op onvolledige informatie omdat niet alle documentatie beschikbaar was gesteld en heeft in verband daarmee voorbehouden geformuleerd en zich bediend van onderbouwde aannames. De hoor/wederhoor-fase diende er juist toe om klaagster de gelegenheid te geven om de juistheid van de aannames te bevestigen dan wel ter discussie te stellen.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2025:156 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-309/DB/LI

    Raadbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij. Niet gebleken dat verweerder in strijd heeft gehandeld met gedragsregel 15. Ongegrond.