Zoekresultaten 3831-3840 van de 4974 resultaten
-
ECLI:NL:TADRAMS:2025:147 Raad van Discipline Amsterdam 25-403/A/A
- Datum publicatie: 05-09-2025
- Datum uitspraak: 25-08-2025
- ECLI:NL:TADRAMS:2025:147
Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij is deels kennelijk ongegrond en deels kennelijk niet-ontvankelijk. Tegen de achtergrond van de onderliggende procedure kwalificeren de door verweerder gebezigde bewoordingen en uitdrukkingen naar het oordeel van de voorzitter niet als onnodig grievend jegens klager (en daarmee geen schending van gedragsregel 7). Dat verweerder de rechter feiten heeft voorgehouden, waarvan hij de onwaarheid kende of kon kennen, is de voorzitter niet gebleken. Van een schending van gedragsregel 8 is daarom evenmin sprake. De voorzitter is verder van oordeel dat klager niet rechtstreeks in zijn belang wordt geraakt door de vraag of verweerder het belang van de heer J boven dat van zijn eigen cliënt heeft gezet. Deze kwestie speelt uitsluitend tussen verweerder en zijn cliënt. Klager als wederpartij staat daar buiten. Gelet daarop is dit onderdeel van de klacht in zoverre kennelijk niet-ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2025:141 Raad van Discipline Amsterdam 25-418/A/A
- Datum publicatie: 05-09-2025
- Datum uitspraak: 25-08-2025
- ECLI:NL:TADRAMS:2025:141
Voorzittersbeslissing; kennelijk ongegronde klacht over de advocaat wederpartij; verweerster heeft de belangen van haar cliënten behartigd aan de hand van het feitenmateriaal dat haar cliënten haar hebben verstrekt en er was geen aanleiding te twijfelen aan de juistheid van de door haar cliënten verstrekte informatie. Van schending van gedragsregel 8 is geen sprake. Verweerster is binnen de grenzen van het betamelijke gebleven.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2025:148 Raad van Discipline Amsterdam 25-143/A/A
- Datum publicatie: 05-09-2025
- Datum uitspraak: 01-09-2025
- ECLI:NL:TADRAMS:2025:148
Raadsbeslissing. Verweerder heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door tijdens een mondelinge behandeling in strijd met de waarheid te zeggen dat hij het citaat uit het advies van de bedrijfsarts niet had, terwijl hij dit citaat voorafgaand aan de mondelinge behandeling zowel via e-mail als via post had ontvangen. Daarmee heeft verweerder de kantonrechter onjuist geïnformeerd. De aard en ernst van deze tuchtrechtelijke verwijten rechtvaardigen de oplegging van een maatregel. Bij de bepaling van de maatregel weegt de raad mee dat aan verweerder niet eerder een tuchtrechtelijke maatregel is opgelegd. Klacht voor een deel gegrond. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2025:142 Raad van Discipline Amsterdam 25-472/A/A
- Datum publicatie: 05-09-2025
- Datum uitspraak: 25-08-2025
- ECLI:NL:TADRAMS:2025:142
Voorzittersbeslissing; kennelijk ongegronde klacht over de dienstverlening van de eigen advocaat in een massa-aangifte zaak; de voorzitter kan de juistheid van klagers verwijten niet vaststellen. Onduidelijk is wanneer klager aan verweerster een opdracht heeft gegeven om een procedure voor hem te starten en of verweerster daar onvoldoende voortvarend vervolg aan heeft gegeven. Evenmin is duidelijk geworden of verweerster klager beter had moeten informeren over het verdere verloop van de procedure.
-
ECLI:NL:TAHVD:2025:170 Hof van Discipline 's Gravenhage 250012
- Datum publicatie: 08-09-2025
- Datum uitspraak: 05-09-2025
- ECLI:NL:TAHVD:2025:170
Het gaat om een klacht over de eigen advocaat. De klacht houdt in dat verweerder (juridisch) ondermaats heeft gepresteerd, de zaak van klaagster niet zorgvuldig heeft behandeld en foutief heeft gedeclareerd. De raad heeft de klacht ongegrond verklaard. Het hof bekrachtigt de beslissing van de raad.
-
ECLI:NL:TAHVD:2025:171 Hof van Discipline 's Gravenhage 240340
- Datum publicatie: 08-09-2025
- Datum uitspraak: 05-09-2025
- ECLI:NL:TAHVD:2025:171
Deze zaak betreft een klacht over het handelen van de advocaat van de wederpartij. In hoger beroep is nog aan de orde de klacht die ziet op het indienen van stukken bij de rechtbank zonder dat deze gelijktijdig aan klager zijn verstuurd en het doorsturen van een aangifte. Deze klachtonderdelen zijn door de Raad van Discipline Amsterdam (hierna: de raad) gegrond verklaard en aan verweerster is de maatregel van een waarschuwing opgelegd. Anders dan de raad acht het hof het klachtonderdeel dat ziet op het doorsturen van de aangifte ongegrond. Het andere klachtonderdeel blijft gegrond. De maatregel van waarschuwing blijft in stand.
-
ECLI:NL:TAHVD:2025:172 Hof van Discipline 's Gravenhage 250032
- Datum publicatie: 08-09-2025
- Datum uitspraak: 05-09-2025
- ECLI:NL:TAHVD:2025:172
Het betreft een klacht tegen de eigen advocaat. Verweerder heeft volgens klaagster de toevoegingsaanvraag niet en vervolgens niet correct ingediend, verweerder is niet voortvarend te werk gegaan en heeft niet gereageerd op klaagsters e-mailbericht van 18 oktober 2023. Vervolgens heeft verweerder ten onrechte de toevoeging niet ingetrokken toen klaagster had laten weten dat zij de samenwerking wilde beëindigen. De raad heeft de klacht gegrond verklaard en aan verweerder de maatregel van berisping opgelegd. Het hof bekrachtigt de beslissing van de raad.
-
ECLI:NL:TAHVD:2025:173 Hof van Discipline 's Gravenhage 250028
- Datum publicatie: 08-09-2025
- Datum uitspraak: 05-09-2025
- ECLI:NL:TAHVD:2025:173
Klacht over advocaat van de wederpartij in een familiekwestie. In een kortgedingprocedure die klager was gestart tegen zijn ex-partner om voor de kerstdagen omgang te krijgen met zijn minderjarige zoon, heeft verweerder dickpics overgelegd die klager naar een derde had gestuurd en heeft verweerder gesuggereerd dat klager door seksueel misbruik in zijn jeugd een verhoogd zedenrisico vormt. De raad heeft geoordeeld dat het overleggen van dickpics aan een derde ongepast en onnodig was. Daarnaast werd geoordeeld dat verweerder met de suggestie dat klager door het misbruik in zijn jeugd een zedenrisico vormt klager onrecht heeft aangedaan en bewust in een kwaad daglicht heeft gezet. Dit laakbare handelen van verweerder raakt de voor advocaten belangrijke kernwaarde integriteit, aldus de raad. De raad heeft de klacht gegrond verklaard en aan verweerder een berisping opgelegd. Het hof bekrachtigt de beslissing van de raad.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2025:127 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-502/DB/OB 25-503/DB/OB
- Datum publicatie: 09-09-2025
- Datum uitspraak: 09-09-2025
- ECLI:NL:TADRSHE:2025:127
Voorzittersbeslissing. Klacht over de eigen advocaten in een familierechtelijk geschil. Verweerders hebben klager voldoende geïnformeerd over de risico’s van problemen binnen de familie op de benoeming van een bewindvoerder en mentor uit familiale kring en hebben het standpunt van klager op adequate wijzen aar voren gebracht. Dat de rechter hen daarin niet is gevolgd, is iets wat verweerders niet kan worden aangerekend. Niet gebleken dat verweerders zich onvoldoende voor klagers belangen heeft ingezet. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2025:200 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-464/AL/MN
- Datum publicatie: 09-09-2025
- Datum uitspraak: 08-09-2025
- ECLI:NL:TADRARL:2025:200
Voorzittersbeslissing. Klaagster/ Stichting is kennelijk niet-ontvankelijk vanwege het ontbreken van een eigen belang bij de klacht. Klager heeft gesteld dat hij als natuurlijk persoon over verweerder klaagt, niet in enige hoedanigheid, maar dat hij door verweerder als bestuurslid/voorzitter van het bestuur van klaagster op negatieve wijze in de schijnwerpers is gezet door uitlatingen van verweerder in een artikel. Naar het oordeel van de voorzitter heeft klager een evident eigen belang bij de klacht over verweerder zodat hij daarin wordt ontvangen. Naar het verdere oordeel van de voorzitter kunnen de door verweerder over klager gedane uitlatingen in het FD artikel objectief bezien niet als onnodig grievend worden gekwalificeerd. Klager is in het artikel aangesproken op zijn hoedanigheid van advocaat in het dagelijks leven, maar heeft uitdrukkelijk niet als advocaat over verweerder geklaagd. Na plaatsing van het artikel heeft de gemachtigde van klagers de feitelijke gang van zaken uitgelegd en verweerder verzocht om tot rectificatie over te gaan. Verweerder heeft hierop gereageerd en uitgelegd dat en waarom de krant en hijzelf niet bereid zijn om aan een rectificatie mee te werken. Verweerder heeft de gemachtigde voorgesteld om zelf een interview aan de krant te geven. Dat klager dit heeft gedaan, is uit de stukken niet gebleken. Evenmin is gebleken dat verweerder met zijn optreden de belangen van klager onnodig of onevenredig zonder doel heeft geschaad. Verweerder heeft als partijdige advocaat de belangen van zijn cliënt voorop gesteld maar heeft daarbij voldoende oog gehad voor de gerechtvaardigde belangen van klager. Klacht van klager kennelijk ongegrond.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 383
- Pagina: 384
- Pagina: 385
- ...
- Pagina: 498
- Volgende pagina zoekresultaten