We werken hard aan het herstel van de stabiliteit van tuchtrecht.overheid.nl. Excuus voor het ongemak.

Zoekresultaten 45501-45510 van de 47908 resultaten

  • ECLI:NL:TNOKZUT:2007:YC0532 Kamer van toezicht Zutphen 4/2006

    a.) Het niet opnemen van drie nalatenschappen waarover de notaris krachtens volmacht kon beschikken in de jaarrekening. Al in 2004 met betrekking tot de jaarrekening 2004 door BFT aangegeven dat de drie boedels in de jaarrekening en financiele administratie diende te worden opgenomen. Eerst na het indienen van een klacht door het BFt zijn de gegevens in de jaarrekening 2005 opgenomen. Gegrond b.) De notaris beroept zich op overmacht gelet op de vanaf november 2005 ontstane onderbezetting op kantoor waardoor andere prioriteiten gesteld zijn gesteld dan het voldoen aan de verplichtingen die voortvloeien uit de Administratieverordening. Een tijdelijke onderbezetting kan niet gelden als een rechtvaardiging voor het nalaten van de notaris. Een beroep op overmacht komt de notaris niet toe. Met het opbergen van de dagafschriften in ordners kan niet worden volstaan. Gegrond.

  • ECLI:NL:TNOKZUT:2007:YC0545 Kamer van toezicht Zutphen 01/2007

    a.) klager is op het verkeerde been gezet door de notaris. Klager ging er vanuit dat de successierechten door de notaris waren betaald. De vraag die ter beoordeling aan de Kamer voorligt, is niet of de notaris nu het successierecht aan de Belastingdienst moet betalen – dit is ter beoordeling van de civiele rechter, maar of hij door zijn handelen bij klager een verkeerde verwachting heeft gewekt ten aanzien van het al dan niet voldaan zijn van de successierechten. De Kamer is van oordeel dat deze vraag bevestigend dient te worden beantwoord. De notaris heeft in de eindafrekening het successierecht op het erfdeel van klager ingehouden. Hierbij is niet de kanttekening gemaakt dat het om een voorstel ging. Voorts is haar netto erfdeel daadwerkelijk uitgekeerd. Deze opeenvolgende handelingen wekken zonder een nadere toelichting de indruk dat de notaris voor de afdracht van de successierechten zou zorgdragen. Dit klachtonderdeel is dan ook terecht voorgesteld. b.) Successierechten verrekenen met onverschuldigd uitgekeerde rente. Kamer is van oordeel dat de notaris niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Een notaris dient een zekere mate van vrijheid te hebben in de keuze van zijn reactie als hij met een civielrechtelijke vordering dan wel een klacht van een cliënt wordt geconfronteerd. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TNOKZUT:2007:YC0546 Kamer van toezicht Zutphen 04/2007

    a.) het afgeven van een schriftelijke verklaring aan de koper. De Kamer is van oordeel dat het de notaris vrij stond om voor één van de partijen in een schriftelijke verklaring de gemaakte afspraken te herhalen Geheimhoudingsplicht staat hier niet aan in de weg, aangezien tussen partijen overeenstemming was bereikt. Evenmin kan in dat geval sprake zijn van partijdigheid. Dat klager meent dat iets anders is overeengekomen, doet hier niet aan af. Tevens niet onjuist dat aan klager geen afschrift van de verklaring is gezonden, nu aan notaris kenbaar is gemaakt dat de verklaring voor intern gebruik was. ongegrond. b.) de rol van de notaris bij de totstandkoming van de garantiebepaling. Nu de garantiebepaling namens klager is aangeleverd en buiten de aanwezigheid van de notaris is ondertekend, kan de notaris niet verantwoordelijk worden gehouden voor de redactie daarvan. De notaris heeft bij de voorbespreking en bij het passeren van de akte de garantiebepaling ter sprake gebracht en partijen gewezen op het belang van nauwkeurige formulering van een dergelijke bepaling. Daarnaast heeft notaris nog bedenktijd ingelast voordat akte werd gepasseerd. Kamer is van oordeel van informatieplicht van notaris hiermee is vervuld. ongegrond

  • ECLI:NL:TNOKZUT:2008:YC0534 Kamer van toezicht Zutphen 10/2007

    a.) testamenten passeren ondanks onderbewindstelling van testateur. De Kamer komt tot de conclusie dat de notaris zorgvuldig de geestesgesteldheid van erflater heeft onderzocht en terecht zijn medewerking heeft verleend aan het opstellen van de testamenten. b.) weigeren kopieën van testamenten aan klaagster te verstrekken. De Kamer is van oordeel dat de notaris, gelet op de afspraak die de executeur met de notaris had gemaakt, niet onjuist heeft gehandeld door op het moment dat klaagster vroeg om een kopie van de testamenten te verwijzen naar de executeur. Daarnaast is niet verwijtbaar dat anders is gehandeld toen de zuster van klaagster om een kopie vroeg. De notaris heeft dit gedaan op basis van een uitdrukkelijk schriftelijk verzoek van de zuster van klaagster in een veel later stadium waardoor hij de indruk kon krijgen dat zij destijd per abuis de testamenten van de executeur niet had ontvangen.

  • ECLI:NL:TNOKZUT:2008:YC0538 Kamer van toezicht Zutphen 14/2007

    a.) onvoldoende voortvarend nalatenschap afgewikkeld. Niet gebleken dat notaris onvoldoende voortvarend nalatenschap heeft afgewikkeld. b.) partijdigheid. Niet gebleken van partijdigheid. Bovendien niet met concrete feiten onderbouwd. Ongegrond c.) akte is gepasseerd zonder dat het benodigde geld op de rekening stond. De gelden die nodig waren voor de toedeling van de woning aan zus waren tijdig bij de notaris aanwezig. Bedrag aan woongenot dat door zuster aan klager diende te worden betaald, zou worden verrekend met een bankrekening. Deze bankrekening zou worden opgeheven en tijdens de passeerafspraak is dit opheffingsverzoek ondertekend door klager en de zus. Notaris is voldoende voortvarend geweest met het insturen van het opheffingsverzoek. Klacht treft geen doel. d.) onjuiste declaratie. Niet is gebleken dat er een afspraak is gemaakt dat klager een minder groot aandeel in de boedelkosten zou hoeven te betalen. Ook is niet gebleken dat onevenredig meer tijd door de notaris is besteed aan de zus dan aan klager. Notaris heeft wel meer contacten gehad met de zus, maar dit hield verband met het feit dat zij in het bezit was van de financiële administratie. Voorstelbaar dat bij klager hierdoor een onjuiste indruk is ontstaan. Klacht tevergeefs voorgesteld. e.) onterecht gelden ingehouden. Geen sprake van tuchtrechtelijk verwijtbaar gedrag. Adequate reactie van de notaris nadat hij zijn fout had ontdekt. Fout kon hersteld worden zonder dat dit nadelig is geweest voor klager.

  • ECLI:NL:TNOKZUT:2008:YC0543 Kamer van toezicht Zutphen 09/2007

    Klachtonderdeel 1.) lang aanhouden depot. De Kamer is van oordeel dat de notaris onvoldoende actie heeft ondernomen om tot afwikkeling van het depot te komen, nadat hem was gebleken dat er geen noodzaak meer bestond tot het aanhouden daarvan. Notaris had de regie zelf in handen moeten houden. 2.)betalingen via de derdengeldenrekening. De betalingen dan wel verrekeningen die via de derdengeldenrekening van de notaris hebben plaatsgevonden, stonden in geen enkele relatie met het doel waarvoor het depot werd aangehouden. Al had de notaris naar het oordeel van de Kamer niet de bedoeling om zijn cliënt gelegenheid te bieden, hij had als notaris geen enkel risico mogen nemen dat hij gebruikt zou kunnen worden voor belastingfraude of nadere malafide praktijken. Gegrond 3.)geen vergoeding van wettelijke rente. De Kamer is van oordeel dat het maken van een afspraak om de kosten van het administreren te verrekenen met de te ontvangen wettelijke rente niet onzorgvuldig is, maar dat de afspraak de notaris niet ontslaat van de plicht om de uit de verrekening voortvloeiende financiële rechten en plichten te administreren in verband met af te dragen belastingen. Door dit achterweg te laten, heeft in strijd gehandeld met artikel 24 van de Wna, in samenhang met artikel 4 van de Administratieverordening. Gegrond. 4.)boeking van gelden onder een onjuiste zaaknaam. Nu de depotgelden jarenlang onder een andere naam zijn geboekt, is de Kamer van oordeel dat de zakenadministratie op dit punt onvoldoende inzichtelijk is geweest. Notaris heeft hiermee niet voldaan aan de in artikel 24 Wna in samenhang met artikel 3 Administratieverordening neergelegde verplichtingen. Gegrond 5.)ongebruikelijke transactie niet gemeld. Notaris erkent een contante betaling te hebben gedaan boven de € 15.000 en erkent dit niet tijdig te hebben gemeld. Gegrond.

  • ECLI:NL:TNOKZUT:2008:YC0544 Kamer van toezicht Zutphen 05/2007

    a.) het nalaten van de notaris om verkoper te wijzen op zijn verplichtingen die voortvloeien uit de verkoop en levering van de onroerende zaken. De verplichting om conform een verrekenbeding af te rekenen met klager houdt zodanig nauw verband met de levering dat op de notaris de verplichting rustte zich ervan te vergewissen dat verkoper zich het bestaan van die verplichting realiseerde. Gegrond. b.) Het na laten om klager in te lichten omtrent voorgenomen verkoop en levering van de onroerende zaken. De notaris had volgens de Kamer een inlichtingenplicht jegens partijen bij de akte. Nu klager geen partij is bij de akte en hij zijn stelling onvoldoende heeft onderbouwd, is niet gebleken dat de notaris een verwijt valt te maken van zijn nalaten klager in te lichten.Ongegrond. c.) Notaris heeft onzorgvuldig gehandeld door na te laten een onderzoek in te stellen naar de hoedanigheid van de onroerende zaken. Hij had uit een eerdere akte kunnen opmaken dat zich meerdere panden op het perceel gevonden en dat het derhalve geen gangbare prijs was. De notaris had ten aanzien van de prijs dan ook een waarschuwingsplicht jegens verkoper. Dit klemt te meer nu koper een professionele partij is en verkoper niet. Er is gebleken dat de notaris hiermee verwijtbaar onzorgvuldig heeft gehandeld. Gegrond.

  • ECLI:NL:TNOKZUT:2008:YC0952 Kamer van toezicht Zutphen 17/2007

    Geen adequate reactie van de notaris na plotselinge vestiging van een erfdienstbaarheid. Het niet verifiëren van gegevens bij klagers. Hierdoor hebben klagers idee gekregen dat notaris partijdig was. Naar het oordeel van de Kamer is het handelen van de notaris niet tuchtrechtelijk verwijtbaar, al had het de voorkeur verdiend als in de aanbiedingsbrief bij de gewijzigde conceptakte was vermeld dat de notaris van de makelaar van de verkopers had begrepen dat klagers op de hoogte waren van de vestiging van de erfdienstbaarheid en dat hij voor eventuele vragen telefonisch bereikbaar was. Van enige partijdigheid is niet gebleken. Klachtonderdeel ongegrond. Onvoldoende beantwoording van brief van klager. Klagers zijn per brief uitdrukkelijk uitgenodigd voor een gesprek. In dit gesprek had een nadere toelichting gegeven kunnen worden. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TNOKZUT:2008:YC0953 Kamer van toezicht Zutphen 02/2008

    a.) bij het opstellen van het testament is geen rekening gehouden met huwelijkse voorwaarden. Klager is niet-ontvankelijk. Klacht is te laat ingediend. b.) ondanks toezeggingen kosten niet vergoeden. De Kamer is van oordeel dat de notaris onvoldoende stappen heeft ondernomen om de kosten aan klager te vergoeden. Onderdeel terecht voorgesteld. c.) ten onrechte in rekening brengen van notariskosten. Het staat betrokkenen vrij om in onderling overleg af te wijken van een bepaling in het testament. In het onderhavige geval hebben betrokkenen langdurig overlegd, waarna de gemaakte afspraken door de notaris zijn neergelegd in de akte afgifte legaat. Bij de onderhandelingen is klager bijgestaan door advocaat. Notariskosten zijn expliciet aan de orde gesteld. ongegrond d.) verrekenen notariskosten. Kamer is van oordeel dat notaris in dit geval zonder overleg met klager de notariskosten mocht inhouden op het uit de boedel uit te keren bedrag, gelet op het feit dat zij door haar ondertekening van de akte afgifte legaat al had ingestemd met haar aandeel in de betaling van de notariskosten.

  • ECLI:NL:TNOKZUT:2009:YC0531 Kamer van toezicht Zutphen 10/2008

    Klachtonderdeel 1: Het ontbreken van toestemming van de echtgenote bij een schenking van vader aan zoon. Het had op de weg van de notaris gelegen om de belangen van de echtgenote van [vader] - als zwakste partij - te beschermen en zijn medewerking aan het passeren van de schenkingsakte te weigeren. Op hem rust in dat opzicht immers een eigen verantwoordelijkheid. Nu hij zulks heeft nagelaten, heeft hij gehandeld in strijd met het bepaalde in artikel 17, eerste lid, van de Wet op het notarisambt (Wna). Dit onderdeel van de klacht is dan ook gegrond. Klachtonderdeel 2: Bij het opstellen van een akte van geldlening is in die akte een negatieve / positieve hypotheekverklaring opgenomen, zonder onherroepelijke volmacht en zonder een sanctie op niet-naleving van die hypotheekverklaring. Het verbinden van een onherroepelijke volmacht en een sanctie aan een dergelijke negatieve/positieve hypotheekverklaring zijn geen wettelijke vereisten maar slechts opties. Wel ligt het op de weg van de notaris om de schuldeiser op die opties te wijzen. Wil van vader was om te voorkomen dat zijn andere kinderen direct tot executie zouden overgaan. Het niet opnemen van hiervoor genoemde opties is in deze niet als verwijtbaar aan te merken. Dit onderdeel van de klacht is dan ook ongegrond. Klachtonderdeel 3: Bij het vestigen van een hypotheekrecht ten behoeve van een derde, is niet getoetst aan de voornoemde hypotheekverklaringen. Tussen partijen staat onweersproken vast, dat de notaris wist van de hiervoor bedoelde hypotheekverklaring. Het had volgens de Kamer dan ook op de weg van een behoorlijk en zorgvuldig handelend notaris gelegen om aan de geldgever te vragen of hij instemde met het ten gunste van de ABN Amro Bank vestigen van een hypotheek op het onderhavige pand en eveneens of de door [vader] verstrekte geldlening met de daaruit door [zoon] verkregen gelden werd afgelost dan wel dat [vader] instemde met de niet-aflossing. Nu de notaris zulks heeft nagelaten, is dit onderdeel van de klacht gegrond. Klachtonderdeel 4: De notaris heeft verzuimd in de akte wijziging huwelijkse voorwaarden de verplichting van de heer [zoon] in verband met voornoemde hypotheekverklaringen op een juridisch zorgvuldige wijze op de echtgenote van de heer [zoon] over te dragen. Tussen partijen staat onweersproken vast, dat [zoon] een onherroepelijke volmacht heeft verkregen van zijn echtgenote om zijn verplichtingen uit hoofde van de akte van geldlening na te komen. [zoon] is derhalve volgens de Kamer in staat zelfstandig een hypotheekrecht ten gunste van [vader] te vestigen. Dit onderdeel van de klacht is daarom ongegrond. Klachtonderdeel 5: De belangen van alle betrokken partijen niet in gelijke mate behartigen. Het aan de notaris gemaakte verwijt dat de belangen van alle betrokken partijen niet in gelijke mate behartigd zijn, valt geheel samen met de andere klachten, zodat deze klacht geen afzonderlijke bespreking behoeft. De Kamer is van oordeel dat de twee geconstateerde tekortkomingen (klachtonderdelen 1 en 3) dusdanig ernstig zijn dat ter zake daarvan de maatregel van waarschuwing dient te worden opgelegd.