Zoekresultaten 1-50 van de 4738 resultaten
-
ECLI:NL:TSCTS:2026:3 Tuchtcollege voor de Scheepvaart Amsterdam 2026-03 (2025.V8-WR123 ANNA JOHANNA)
- Datum publicatie: 21-05-2026
- Datum uitspraak: 21-05-2026
- ECLI:NL:TSCTS:2026:3
De zaak gaat over een aanvaring tussen twee vissersschepen op 14 oktober 2024 om 03:19 uur op de Noordzee ten westen van Ouddorp/Stellendam. De stomende garnalenkotter ZK147 De Kim (De Kim) is daar toen met haar voorzijde tegen de achterzijde van het vissende visserschip WR123 Anna Johanna (Anna Johanna) gevaren. Beide schepen raakten beschadigd; persoonlijke ongevallen hebben zich niet voorgedaan. De inspecteur maakt de schippers van beide schepen een verwijt. Het verwijt aan de schipper van de Anna Johanna – waar deze zaak over gaat – is dat hij geen goede uitkijk heeft gehouden, terwijl dat wel nodig was vanwege het gevaar van een aanvaring door, in dit geval, De Kim. Daarnaast verwijt de inspecteur hem dat hij is uitgevaren ondanks dat de geneeskundige verklaring van de plaatsvervangend schipper al anderhalve maand verlopen was, terwijl kort daarvoor nog een waarschuwing was gegeven door inspecteurs van de ILT. Zonder geldige medische keuring is het vaarbevoegdheidsbewijs niet geldig en voldeed de bemanning dus niet aan de eisen van het ‘certificaat minimale bemanningssterkte (visserij)’. Het Tuchtcollege acht de verwijten gegrond en legt de schipper van de Anna Johanna de maatregel op van een voorwaardelijke schorsing van de vaarbevoegdheid voor de duur van drie (3) weken en een geldboete van € 1.500,-.
-
ECLI:NL:TSCTS:2026:2 Tuchtcollege voor de Scheepvaart Amsterdam 2026-02 (2025.V7-ZK147 DE KIM)
- Datum publicatie: 21-05-2026
- Datum uitspraak: 21-05-2026
- ECLI:NL:TSCTS:2026:2
De zaak gaat over een aanvaring tussen twee vissersschepen op 14 oktober 2024 om 03:19 uur op de Noordzee ten westen van Ouddorp/Stellendam. De stomende garnalenkotter ZK147 De Kim (De Kim) is daar toen met haar voorzijde tegen de achterzijde van het vissende visserschip WR123 Anna Johanna (Anna Johanna) gevaren. Beide schepen raakten beschadigd; persoonlijke ongevallen hebben zich niet voorgedaan.De inspecteur maakt de schippers van beide schepen een verwijt. Het verwijt aan de schipper van De Kim – waar deze zaak over gaat – is dat hij geen (correcte) inschatting van het aanvaringsgevaar met de Anna Johanna heeft gemaakt voordat hij de brug verliet en dat hij de brug vervolgens onbemand heeft achtergelaten. Daarnaast verwijt de inspecteur hem dat hij is uitgevaren terwijl zijn geneeskundige verklaring al één jaar en acht maanden niet meer geldig was; daardoor was zijn vaarbevoegdheidsbewijs evenmin geldig en voldeed de bemanning dus ook niet aan de eisen van het ‘certificaat minimale bemanningssterkte (visserij)’. Het Tuchtcollege acht de verwijten gegrond en legt betrokkene de maatregel op van een schorsing van de vaarbevoegdheid voor de duur van acht weken, waarvan vier weken voorwaardelijk, alsmede een geldboete van € 2.000,-.
-
ECLI:NL:TSCTS:2026:1 Tuchtcollege voor de Scheepvaart Amsterdam 2026-01 (2025.V6-AMADEUS GOLD)
- Datum publicatie: 27-03-2026
- Datum uitspraak: 27-03-2026
- ECLI:NL:TSCTS:2026:1
Deze zaak gaat over de gronding die eind 2024 heeft plaatsgevonden met het schip, de Amadeus Gold. Volgens de inspecteur is sprake van slecht zeemanschap. De inspecteur verwijt betrokkene dat hij er niet voor heeft gezorgd dat de bemanning en hijzelf voldoende gefamiliariseerd waren, dat niet alle benodigde detailkaarten aan boord waren, dat hij alleen heeft genavigeerd op een kustkaart, dat hij de koers alleen heeft bepaald op de lichtenlijnen en geen loods heeft besteld. Het tuchtcollege oordeelt op basis van de bewezen elementen van het bezwaar, dat de klacht van de inspecteur gegrond is. Het tuchtcollege legt betrokkene de maatregel op van een gedeeltelijk voorwaardelijke schorsing van de vaarbevoegdheid.
-
ECLI:NL:TSCTS:2025:6 Tuchtcollege voor de Scheepvaart Amsterdam 2025-06 (2025.V5-CONFIDENCE)
- Datum publicatie: 21-11-2025
- Datum uitspraak: 21-11-2025
- ECLI:NL:TSCTS:2025:6
Op 17 mei 2025 voer het schip bij daglicht vanaf de Noordzee door het zeegat van Terschelling het zeehavengebied Den Helder–Harlingen–Terschelling binnen. De wind kwam uit het noorden en was kracht 4 tot 5 Bft. Met een maximale diepgang van drie meter en een sterk opkomend tij was het schip op weg naar Harlingen. Betrokkene stond alleen op de brug. Er was geen loods aan boord. Vanaf de Vliestroom draaide betrokkene bakboord uit de Blauwe Slenk in. Door de sterke stroming in combinatie met de noordenwind is het schip over de scheidingston BS 3/IN 2 heengevaren en vervolgens een stukje verderop aan de grond gelopen. Betrokkene is voor het schip in bezit van een “Tijdelijke PEC Kleine zeeschepen” (Pilotage Exemption Certificate) voor genoemd zeehavengebied.
-
ECLI:NL:TSCTS:2025:5 Tuchtcollege voor de Scheepvaart Amsterdam 2025-05 (2025.V4-VB SEAL)
- Datum publicatie: 22-08-2025
- Datum uitspraak: 22-08-2025
- ECLI:NL:TSCTS:2025:5
Op zondagnacht, 23 februari 2025, voer de havensleepboot VB Seal vanuit het Beerkanaal langs de “groene” kant richting de “Maas 5” boei. Het was mistig en de snelheid van de VB Seal was ongeveer 5,5 knopen over de grond. Het plan was om bij de “Maas 5” boei te wachten. Nabij de “Maas 5” boei is een gebruikelijke plaats voor havenslepers om te wachten op binnenkomende schepen. De VB Seal zou samen met een andere sleepboot (VB Schelde) het binnenkomende containerschip Maersk Iowa assisteren. Voor de Maersk Iowa uit voer de olietanker Gulholmen in ballast, zij was bestemd voor de 7e Petroleumhaven.Nabij de “Maas 5” boei haalde de betrokkene de vaart van de VB Seal eraf. De vaart over de grond nam af tot ongeveer 1,5 knoop terwijl de VB Seal wat bakboord uit kwam. Vervolgens kwam deVB Seal achteruit de noord in met een toenemende snelheid tot 2,9 knopen over de grond. Om 01.49 uur lokale tijd werd de VB Seal aan stuurboord voor geraakt door de Gulholmen. Al snel was duidelijk dat de VB Seal water maakte. De betrokkene heeft haar toen aan de oostzijde van de Ertskade op het stenen talud gezet, om zinken te voorkomen. Andere sleep- en havendienstboten schoten te hulp en brachten bergingspompen aan boord van de VB Seal. Door de dieseldampen van de eigen pomp, die binnen stond te draaien, werden bemanningsleden onwel.
-
ECLI:NL:TSCTS:2025:4 Tuchtcollege voor de Scheepvaart Amsterdam 2025-04 (2025.V3-EEMS WARRIOR)
- Datum publicatie: 18-06-2025
- Datum uitspraak: 18-06-2025
- ECLI:NL:TSCTS:2025:4
Op 18 december 2024 was de sleepboot Eems Warrior als losse boot op weg van Eemshaven naar ’s-Gravendeel. Daar zou zij een ponton ophalen. De kapitein kwam vóór het passeren van de pieren bij Hoek van Holland in de stuurhut en nam de wacht over van de chief officer, die in de stuurhut bleef. De vaart was 9 knopen. Er was geen loods aan boord, het was als losse boot en vanwege de lengte van de Eems Warrior niet verplicht om een loods aan boord te hebben. Voordat de Eems Warrior uit VTS-sector Maassluis voer, tussen Maassluis en de Botlek, verliet de kapitein de stuurhut om naar het toilet te gaan. De chief officer had nu de wacht en hij draaide een paar minuten later van het Scheur de Oude Maas op. Al snel passeerde hij daar de gesloten Botlekbrug waarbij de mast van de Eems Warrior de onderkant van die brug raakte. Een paar minuten later gebeurde hetzelfde, nu bij de gesloten Spijkenisserbrug, terwijl de kapitein intussen weer in de stuurhut was. De betrokkene heeft voor deze reis het voyage plan opgesteld.
-
ECLI:NL:TSCTS:2025:3 Tuchtcollege voor de Scheepvaart Amsterdam 2025-03 (2025.V2-EEMS WARRIOR)
- Datum publicatie: 18-06-2025
- Datum uitspraak: 18-06-2025
- ECLI:NL:TSCTS:2025:3
Op 18 december 2024 was de sleepboot Eems Warrior als losse boot op weg van Eemshaven naar ’s-Gravendeel. Daar zou zij een ponton ophalen. De betrokkene had de zeewacht tijdens het aanlopen van de Maasmond. De kapitein kwam vóór het passeren van de pieren bij Hoek van Holland in de stuurhut en nam de wacht over van de betrokkene, die in de stuurhut bleef. De vaart was 9 knopen. Er was geen loods aan boord, het was als losse boot en vanwege de lengte van de Eems Warrior niet verplicht om een loods aan boord te hebben. Voordat de Eems Warrior uit VTS-sector Maassluis voer, tussen Maassluis en de Botlek, verliet de kapitein de stuurhut om naar het toilet te gaan. De betrokkene had nu de wacht en hij draaide een paar minuten later van het Scheur de Oude Maas op. Al snel passeerde hij daar de gesloten Botlekbrug waarbij de mast van de Eems Warrior de onderkant van die brug raakte. Een paar minuten later gebeurde hetzelfde, nu bij de gesloten Spijkenisserbrug, terwijl de kapitein intussen weer in de stuurhut was.
-
ECLI:NL:TSCTS:2025:2 Tuchtcollege voor de Scheepvaart Amsterdam 2025-02 (2025.V1-EEMS WARRIOR)
- Datum publicatie: 18-06-2025
- Datum uitspraak: 18-06-2025
- ECLI:NL:TSCTS:2025:2
Op 18 december 2024 was de sleepboot Eems Warrior als losse boot op weg van Eemshaven naar ’s-Gravendeel. Daar zou zij een ponton ophalen. De betrokkene kwam vóór het passeren van de pieren bij Hoek van Holland in de stuurhut en nam de wacht over van de chief officer, die in de stuurhut bleef. De vaart was 9 knopen. Er was geen loods aan boord, het was als losse boot en vanwege de lengte van de Eems Warrior niet verplicht om een loods aan boord te hebben. Voordat de Eems Warrior uit VTS-sector Maassluis voer, tussen Maasluis en de Botlek, verliet betrokkene de stuurhut om naar het toilet te gaan. De chief officer had nu de wacht en hij draaide een paar minuten later van het Scheur de Oude Maas op. Al snel passeerde hij daar de gesloten Botlekbrug waarbij de mast van de Eems Warrior de onderkant van die brug raakte. Een paar minuten later gebeurde hetzelfde, nu bij de gesloten Spijkenisserbrug, terwijl de betrokkene intussen weer in de stuurhut was.
-
ECLI:NL:TSCTS:2025:1 Tuchtcollege voor de Scheepvaart Amsterdam 2025-01 (2024.V6-COS MASTER)
- Datum publicatie: 11-04-2025
- Datum uitspraak: 11-04-2025
- ECLI:NL:TSCTS:2025:1
Op 6 augustus 2024 was de crewtender COS Master – met betrokkene als kapitein - onderweg van Oostende naar offshore windpark Borssele. Er waren 3 bemanningsleden en 13 passagiers aan boord. Het schip is in Belgische wateren over een boei (WP1) gevaren en is daarbij lek geraakt. Nadat de schade was geïnventariseerd is het schip omgekeerd en teruggevaren naar Oostende.
-
ECLI:NL:TSCTS:2024:12 Tuchtcollege voor de Scheepvaart Amsterdam 2024-12 (2024.V4-STAVFJORD)
- Datum publicatie: 20-12-2024
- Datum uitspraak: 20-12-2024
- ECLI:NL:TSCTS:2024:12
Op 18 februari 2024 was de Stavfjord onderweg van Hekkelstrand nabij Narvik naar Holmestrand in de buurt van Oslo. Het schip voer in de Noorse fjorden met een diepgang van Tgem. 6,18 meter. De route leidde halverwege de middag langs de luchthaven Bergen Flesland. Daar was om 13:55 uur de nieuwe eerste stuurman (betrokkene) geland, na een vliegreis vanuit Manilla van in totaal bijna 26 uur, inclusief twee overstappen. Om ongeveer 15:30 uur is betrokkene met een MOB aan boord gebracht van de gaande gehouden Stavfjord. Eenmaal aan boord had betrokkene na een korte overdracht al snel de zeewacht. Tussen 17:15 en 17:25 uur is hij afgelost om te eten. Om ongeveer 18:58 uur vond een gronding plaats op de positie 59 53 50.4N, long 005 31 43.2E (Noorwegen), waarbij de Stavfjord met een koers van 143 graden en een snelheid van rond de 10,5 knoop met de boeg tegen een rots bij de oever voer. Betrokkene sliep toen; hij was in slaap gevallen, naar zijn inschatting mogelijk circa 20 minuten voor de gronding. Hij was alleen op de brug en het wachtalarm stond uit. Na de gronding met het voorschip kwam het schip achteruit, waarbij het achterschip de rotsen raakte. Door de aanvaring liep de voorpiek ballastwatertank van de Stavfjord vol water. Ook was er schade aan de stuurinrichting en de schroef. Dezelfde avond werd de Stavfjord naar het nabijgelegen Eldoyane (Stort) gesleept.
-
ECLI:NL:TSCTS:2024:11 Tuchtcollege voor de Scheepvaart Amsterdam 2024-11 (2024.V3-STAVFJORD)
- Datum publicatie: 20-12-2024
- Datum uitspraak: 20-12-2024
- ECLI:NL:TSCTS:2024:11
Op 18 februari 2024 was de Stavfjord – met betrokkene als kapitein - onderweg van Hekkelstrand nabij Narvik naar Holmestrand in de buurt van Oslo. Het schip voer in de Noorse fjorden met een diepgang van Tgem. 6,18 meter. De route leidde halverwege de middag langs de luchthaven Bergen Flesland. Daar was om 13:55 uur de (nieuwe) eerste stuurman geland, na een vliegreis vanuit Manilla van in totaal bijna 26 uur, inclusief twee overstappen. Om ongeveer 15:30 uur is deze eerste stuurman met een MOB aan boord van de gaande gehouden Stavfjord gebracht. Eenmaal aan boord had hij na een korte overdracht al snel de zeewacht. Tussen 17:15 en 17:25 uur is hij afgelost om te eten. Om ongeveer 18:58 uur vond een gronding plaats op de positie 59 53 50.4N, long 005 31 43.2E (Noorwegen), waarbij de Stavfjord met een koers van 143 graden en een snelheid van rond de 10,5 knoop met de boeg tegen een rots bij de oever voer. De eerste stuurman sliep op dat moment; naar zijn inschatting was hij mogelijk circa 20 minuten voor de gronding in slaap gevallen. Hij was alleen op de brug en het wachtalarm stond uit. Na de gronding met het voorschip kwam het schip achteruit, waarbij het achterschip de rotsen raakte. Door de aanvaring liep de voorpiek ballastwatertank van de Stavfjord vol water. Ook was er schade aan de stuurinrichting en de schroef. Dezelfde avond werd de Stavfjord naar het nabijgelegen Eldoyane (Stord) gesleept.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:9 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/38
- Datum publicatie: 03-04-2026
- Datum uitspraak: 30-03-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:9
De notaris heeft op 18 september 2018 een akte van levering gepasseerd. Bij die akte heeft de vader van de klager zijn woning aan zijn echtgenote overgedragen. De vader is in 2024 overleden en heeft de klager als zijn enige erfgenaam achtergelaten. De klager verwijt de notaris dat hij bij de totstandkoming van de akte van levering onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de onafhankelijke wilsvorming van de vader en de rechtmatigheid van de transactie. De notaris zou de belangen van de vader en de klager (als toekomstig erfgenaam van de vader) onvoldoende hebben behartigd (klachtonderdeel 1). De klager heeft de notaris daarom verzocht om inzage te verlenen in alle relevante stukken van het dossier. De notaris heeft dat met een beroep op zijn geheimhoudingsplicht geweigerd. Volgens de klager is het beroep op de geheimhoudingplicht onterecht (klachtonderdeel 2).De kamer oordeelt dat klachtonderdeel 1 te laat is ingediend en dus niet-ontvankelijk is. Klachtonderdeel 2 is ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:8 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/47
- Datum publicatie: 10-04-2026
- Datum uitspraak: 30-03-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:8
Klagers gingen ervan uit dat zij een hypotheekrecht hadden ter verzekering van het verhaal van hun vordering uit hoofde van een geldlening. Veel later blijkt dat de (concept)hypotheekakte die zij hadden ontvangen, niet is gepasseerd. Klacht gedeeltelijk niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de klachttermijn en verder ongegrond. Kamer doet voor het eerst een aanbeveling (voor de praktijk): “Als een (toegevoegd of kandidaat-) notaris de opdracht krijgt een akte op te stellen, verdient het in zijn algemeenheid aanbeveling om de betrokken partijen te informeren als hij/zij aan die opdracht verder geen vervolg geeft. Daarbij is het raadzaam om deze partijen ook te informeren over de reden van het sluiten van het dossier, bijvoorbeeld omdat een partij niet heeft gereageerd op het concept van de akte of omdat een partij niet alle benodigde informatie of documenten voor de akte heeft aangeleverd. Dan weten de betrokken partijen waar zij aan toe zijn.”
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:7 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/52
- Datum publicatie: 07-04-2026
- Datum uitspraak: 30-03-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:7
Klacht niet-ontvankelijk. Hoewel het begrip “enig redelijk belang” ruim wordt uitgelegd, is de kamer van oordeel dat deze uitleg niet zo ver gaat dat ook een besloten vennootschap, die door besloten vennootschappen van (voormalige) cliënten van de notaris wordt opgericht, zich zou moeten kunnen beklagen over schending van de geheimhoudingsplicht en de zorgvuldigheidsplicht die de notaris ten opzichte van de (middellijke) bestuurders van die vennootschap in acht moest nemen. Het feit dat de besloten vennootschap die de klacht heeft ingediend de rechten en verplichtingen die voor de cliënten van de notaris uit de koopovereenkomst voortvloeiden, heeft overgenomen nadat de notaris haar werkzaamheden had beëindigd maakt dat niet anders.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:6 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2026/01
- Datum publicatie: 09-03-2026
- Datum uitspraak: 25-02-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:6
De klager heeft meerdere klachten ingediend over het handelen van de notaris als privépersoon. Daarbij heeft de klager zich grievend en respectloos uitgelaten over de notaris. Voorzittersbeslissing: klacht kennelijk niet-ontvankelijk wegens misbruik van klachtrecht. Van de notaris kan in redelijkheid niet langer worden gevraagd dat hij zich blijft verweren tegen dit soort “processtukken”. Mogelijke volgende klachten die voortvloeien uit of samenhangen met de bestaande privégeschillen en processtukken waarin de klager zich grievend en respectloos uitlaat over de notaris zal de kamer niet meer in behandeling nemen.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:5 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2026/02 en SHE/2026/07
- Datum publicatie: 04-03-2026
- Datum uitspraak: 13-02-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:5
De voorzitter heeft de klacht van de klaagster buiten behandeling gesteld (SHE/2026/2). Van de voorzitter en de kamer kan in redelijkheid niet worden verlangd dat zij met de in totaal meer dan zestig losse e-mails en een veelvoud aan bijlagen van de klaagster gaan achterhalen wat klaagster met de indiening van deze stukken heeft bedoeld. Ook van de notarissen kan dit niet worden gevraagd. De chaotische wijze waarop de klaagster haar klacht heeft ingediend, maakt het voor de notarissen onmogelijk om deugdelijk verweer te voeren. Daarom heeft de voorzitter het niet nodig gevonden de notarissen in de gelegenheid te stellen om te reageren op de stukken van de klaagster.De klaagster heeft verzet ingesteld tegen de voorzittersbeslissing. De kamer heeft dat verzet ongegrond verklaard (SHE/2026/7).
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:4 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE-2025-18
- Datum publicatie: 13-02-2026
- Datum uitspraak: 26-01-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:4
Gecompliceerde levering van onroerende zaken, die waren belast met hypotheken en executoriale beslagen. Vormerkung. Klaagster (koper) stelde uit hoofde van een vordering op de verkoper en een in verband daarmee gevestigd pandrecht ook gerechtigd te zijn tot een deel van de verkoopopbrengst van deze onroerende zaken. Wegens risico van benadeling van schuldeisers stelt de notaris nadere eisen aan taxatierapporten, waarna de eerder overeengekomen koopprijs van een pand wordt verhoogd. Nadat in kort geding vervolgens afspraken waren gemaakt over de verdeling van de verkoopopbrengst, heeft de notaris de akten van levering gepasseerd en de verkoopopbrengst (na aflossing van de hypotheken) tussen de twee beslagleggers verdeeld naar rato van hun vorderingen. Klacht m.b.t. vervallen van Vormerkung en negeren van gestelde pandrecht niet-ontvankelijk bij gebrek aan redelijk belang. Klacht verder ongegrond. I.v.m. het grote verschil in getaxeerde waarden heeft de notaris juist zorgvuldig gehandeld door aanvullende vragen te stellen over de reële waarde van het pand. Niet gebleken dat na het kort geding andere afspraken zijn gemaakt dan in het proces-verbaal van die zitting zijn vastgelegd: de notaris heeft deze op de juiste wijze uitgevoerd. Wijze van declareren is gezien omvang en complexiteit van de werkzaamheden niet buitensporig en/of onbehoorlijk. Van een notaris kan niet worden verlangd dat deze tijdens de looptijd van een dossier regelmatig onderzoek doet in de openbare registers als daarvoor geen aanleiding is.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:3 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE-2025-41
- Datum publicatie: 13-02-2026
- Datum uitspraak: 26-01-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:3
Gecompliceerde levering van onroerende zaken, die waren belast met hypotheken en executoriale beslagen. Klaagster (koper) stelde uit hoofde van een vordering op de verkoper en een in verband daarmee gevestigd pandrecht ook gerechtigd te zijn tot een deel van de verkoopopbrengst van deze onroerende zaken. Nadat in kort geding afspraken waren gemaakt over de verdeling van de verkoopopbrengst, heeft de notaris de akten van levering gepasseerd en de verkoopopbrengst (na aflossing van de hypotheken) tussen de twee beslagleggers verdeeld naar rato van hun vorderingen. Klacht m.b.t. negeren van gestelde pandrecht niet-ontvankelijk bij gebrek aan redelijk belang. Klacht m.b.t. onjuiste verdeling van de verkoopopbrengst ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:22 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2026/05
- Datum publicatie: 30-07-2026
- Datum uitspraak: 22-07-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:22
Optreden als boedelnotaris bij verstoorde familieverhoudingen, terwijl de executeur een medewerker van het notariskantoor is. Om schijn van belangenverstrengeling/partijdigheid te voorkomen, doet een notaris er goed aan erop bedacht te zijn dat het vragen kan oproepen als hij/zij als boedelnotaris optreedt in een zaak waar hij/zij nauwer bij betrokken is dan gebruikelijk: dat kan ten koste gaan van het vertrouwen dat rechtzoekenden in het notariaat moeten kunnen stellen en daarom kan het aanbeveling verdienen om zo’n opdracht door te verwijzen naar een notaris van een ander kantoor. Ministerieplicht. Rol boedelnotaris in het algemeen. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:21 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2026/03
- Datum publicatie: 22-07-2026
- Datum uitspraak: 17-07-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:21
Spoedtestament. De notaris bezoekt een testateur met spoed thuis en spreekt af dat zij de volgende ochtend zal terugkomen voor de wijziging van het testament. ’s-Nachts overlijdt de testateur. Omdat hij zijn testament kort daarvoor ook al twee keer had gewijzigd, het om een ingrijpende wijziging ging en degene die daardoor begunstigd zou worden het initiatief tot dienstverlening had genomen, was de notaris alert op de mogelijkheid van beïnvloeding en heeft zij bewust enige bedenktijd ingebouwd. In de gegeven omstandigheden vindt de kamer dat niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Wel had de communicatie met de klaagster over het moment waarop de notaris zou terugkomen beter gekund, maar dat is onvoldoende voor een tuchtrechtelijk verwijt. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:20 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/65
- Datum publicatie: 10-07-2026
- Datum uitspraak: 06-07-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:20
De ouders van de klaagster hebben hun (levens)testamenten gewijzigd. De kandidaat-notaris heeft deze (levens)testamenten gepasseerd. De klaagster verwijt de kandidaat-notaris dat hij:1) onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de wilsbekwaamheid en onafhankelijke wilsvorming van de ouders;2) haar niet wil uitleggen op welke manier hij de wilsbekwaamheid van de ouders heeft beoordeeld. Volgens de klaagster beroept de kandidaat-notaris zich daarbij ten onrechte op zijn geheimhoudingsplicht.De kamer heeft klachtonderdeel 1 ongegrond verklaard en klachtonderdeel 2 gegrond. De kandidaat-notaris heeft de vragen van de klaagster over de gang van zaken rondom de totstandkoming van de (levens)testamenten van de ouders en over de wijze waarop hij zich een oordeel heeft gevormd over de wilsbekwaamheid van de ouders, niet beantwoord. Daarmee heeft de kandidaat-notaris de klaagster, die een redelijk belang heeft bij de beantwoording van die vragen, gedwongen deze klacht in te dienen om hem tot spreken te bewegen. Aan de kandidaat-notaris wordt een waarschuwing opgelegd.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:2 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE-2025-32
- Datum publicatie: 10-02-2026
- Datum uitspraak: 26-01-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:2
Klagers hebben een geschil met hun buren over de inhoud en omvang van een erfdienstbaarheid van weg. Klagers verwijten de notaris dat hij een situatietekening heeft opgemaakt, waarop hij heeft aangegeven wat de omvang van de erfdienstbaarheid volgens de buren zou moeten zijn. Volgens klagers heeft die situatietekening de uitstraling van een notarieel document dat de juiste inhoud van de bestaande erfdienstbaarheid van weg weergeeft, terwijl die weergave onjuist is.De klacht is gegrond verklaard. Door de situatietekening - die niet overeenkomt met de juridische werkelijkheid - van een onduidelijke verklaring, zijn handtekening en ambtsstempel te voorzien, heeft de notaris de tekening een zekere schijn van legitimiteit gegeven. Gelet op de waarde die aan documenten van een notaris wordt gehecht, mag van een notaris worden verwacht dat hij bedacht is op een mogelijk ongeoorloofd gebruik dat daarvan zou kunnen worden gemaakt. De notaris had moeten voorzien dat de buren van de situatietekening misbruik zouden kunnen maken. Dat risico heeft zich ook verwezenlijkt. Aan de notaris wordt een waarschuwing opgelegd.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:19 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/33
- Datum publicatie: 10-07-2026
- Datum uitspraak: 06-07-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:19
Klacht van fiscalist/executeur over de afwikkeling van de beëindiging van haar samenwerking met de notaris, waarover zij een geschil hebben. De civiele rechter heeft de notaris veroordeeld om mee te werken aan het accountantsonderzoek dat in hun samenwerkingsovereenkomst is vastgelegd, maar de notaris weigert (volledige) medewerking met een beroep op zijn geheimhoudingsplicht. Het ontvankelijkheidsverweer dat de klacht geen (voldoende) verband houdt met de notariële hoedanigheid wordt verworpen omdat de geheimhoudingsplicht per definitie verband houdt met de hoedanigheid van notaris. In verband met de afgeleide geheimhoudingsplicht van een accountant oordeelt de kamer dat de notaris zich ten onrechte op zijn geheimhoudingsplicht heeft beroepen. Van een notaris mag worden verwacht dat hij zich bewust is van de omvang van zijn geheimhoudingsplicht. De kamer rekent het de notaris aan dat hij voorafgaand aan de samenwerking met de klaagster een afspraak heeft gemaakt over de accountantscontrole en dat hij zich na de verbreking van de samenwerking bij nader inzien alsnog jarenlang op zijn geheimhoudingsplicht heeft beroepen zonder vervolgens (aantoonbaar) te verifiëren of dit terecht was en/of zich voldoende in te spannen om naar mogelijkheden te zoeken om op een andere wijze invulling te geven aan de gemaakte afspraak. Door de in de beslissing omschreven gang van zaken en met name het herhaaldelijk niet nakomen van gedane toezeggingen, heeft de notaris het vertrouwen geschaad dat de klaagster in hem als notaris had. Waarschuwing en proceskostenveroordeling.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:18 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/50
- Datum publicatie: 29-06-2026
- Datum uitspraak: 08-06-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:18
Afwikkeling nalatenschap. De klager is executeur-afwikkelingsbewindvoerder en bevoegd om de verdeling van de nalatenschap zelfstandig tot stand te brengen. Zijn broer en zus – die allebei in het buitenland wonen – waren het ermee eens dat de nagelaten woning aan de klager werd toegedeeld. De kandidaat-notaris wilde eerst controleren of de broer en de zus bevoegd waren om de nalatenschap te aanvaarden, voordat zij de akte van verdeling wilde passeren. Daarom heeft zij een volmacht aan de broer en de zus gestuurd, maar volgens de klager was dat niet nodig. Klacht gedeeltelijk gegrond (zonder oplegging van een maatregel) omdat de kandidaat-notaris duidelijker met de klager had moeten communiceren. Overige klachtonderdelen ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:17 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/61
- Datum publicatie: 09-06-2026
- Datum uitspraak: 01-06-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:17
Vestiging van hypotheekrechten op registergoederen die door een Groninger akte waren geleverd, terwijl de ontbindende voorwaarde nog niet was vervallen. De kamer oordeelt dat de notaris in de gegeven omstandigheden onvoldoende reden had om erop te mogen vertrouwen dat de klaagster (een crowdfundingplatform) zich bewust was van het ongebruikelijke en specifieke risico dat haar investeerders 2,5 miljoen euro aan de koper leenden zonder dat daar een (onvoorwaardelijk) zekerheidsrecht tegenover stond. Onvoldoende invulling van informatie- en waarschuwingsplicht. In de hypotheekakten is ook niet vermeld dat de registergoederen onder een ontbindende voorwaarde waren geleverd, terwijl dit voor de rechtstoestand van de registergoederen van belang was. Klacht over uitbetaling van deel van geleende gelden aan de hypotheekgever in plaats van aan de verkoper, zonder te verifiëren of de klaagster daarmee instemde, ongegrond. Berisping en proceskostenveroordeling.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:16 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/56 SHE/2025/49
- Datum publicatie: 09-06-2026
- Datum uitspraak: 30-03-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:16
De voorzitter heeft de klacht van klager afgewezen (SHE/2025/49). Klachtonderdeel 1 is namelijk van onvoldoende gewicht en klachtonderdeel 2 is kennelijk niet-ontvankelijk. Dit laatste klachtonderdeel borduurt voort op de klacht in een eerdere klachtprocedure en ziet op hetzelfde feitencomplex. Klager heeft geen nieuwe feiten of omstandigheden naar voren gebracht. Na behandeling van een klacht door de tuchtrechter kan een latere klacht over “hetzelfde feit” niet nog eens worden behandeld (het ne-bis-in-idem-beginsel).Klager heeft verzet ingesteld tegen de voorzittersbeslissing. De kamer heeft dat verzet ongegrond verklaard (SHE/2025/56).
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:15 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/69
- Datum publicatie: 09-06-2026
- Datum uitspraak: 01-06-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:15
De oom van de klager heeft zijn testament gewijzigd. De klager verwijt de notaris in de kern dat hij heeft meegewerkt aan de wijziging van het testament van de oom, zonder dat hij voldoende heeft onderzocht of de oom destijds wilsbekwaam was om deze rechtshandeling te verrichten. Ook verwijt de klager de notaris dat hij onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar plaatsvervulling en daarmee de rechtspositie van de klager. De klacht wordt ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:14 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/53
- Datum publicatie: 09-06-2026
- Datum uitspraak: 01-06-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:14
De klager heeft zijn ex-partner geholpen met het overnemen van een woning door samen met haar een hypotheeklening aan te gaan. Het was de bedoeling dat de ex-partner de onverdeelde helft van haar woning vervolgens aan de klager zou leveren. Zo ver is het echter niet gekomen, omdat zij geen overeenstemming hebben bereikt over de voorwaarden waaronder de verkoop en levering moesten plaatsvinden. De klager verwijt de oud-notaris in de kern dat hij de leveringsakte niet heeft gepasseerd. Dat klachtonderdeel is te laat ingediend en daarom niet-ontvankelijk.De klacht is gegrond voor zover de oud-notaris in de periode na 31 oktober 2022 tot medio augustus 2023 niet heeft gerappelleerd en niet actief bij de klager is nagegaan of hij en de ex-partner al overeenstemming hadden bereikt over de voorwaarden waaronder de levering gerealiseerd moest worden. Ondanks dat de eerste verantwoordelijkheid bij de klager lag om contact met de oud-notaris op te nemen, zijn er wel bijzondere omstandigheden waardoor de oud-notaris had moeten rappelleren. De klager liep immers een risico, omdat hij hoofdelijk aansprakelijk was voor de aan de woning verbonden hypotheekschuld, terwijl daar voor hem geen eigendomsrecht tegenover stond. Aan de oud-notaris wordt een waarschuwing opgelegd.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:13 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2026/26, 27 en 28
- Datum publicatie: 22-05-2026
- Datum uitspraak: 18-05-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:13
De kamer voor het notariaat Den Haag heeft een tegen haar wrakingskamer gericht wrakingsverzoek op grond van artikel 2 lid 2 van het Wrakingsprotocol kamers voor het notariaat ter behandeling doorgeleid naar de kamer voor het notariaat ’s-Hertogenbosch.De wrakingskamer van de kamer voor het notariaat ’s-Hertogenbosch heeft het vervolgens tegen haar gerichte wrakingsverzoek buiten behandeling gesteld, omdat de verzoeker evident misbruik maakt van het wrakingsinstrument, met het kennelijke doel de voortgang van de procedure te frustreren. Om die reden heeft de wrakingskamer ’s-Hertogenbosch ook bepaald dat een volgend verzoek tot wraking van haar tuchtrechters niet meer in behandeling zal worden genomen.Het tegen de wrakingskamer Den Haag gerichte wrakingsverzoek is deels niet-ontvankelijk verklaard en voor het overige afgewezen. Verder heeft de wrakingskamer ’s-Hertogenbosch bepaald dat ook een volgend wrakingsverzoek tegen de leden van de wrakingskamer Den Haag niet meer in behandeling zal worden genomen wegens misbruik van dit middel.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:12 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2026/21, 22 en 23
- Datum publicatie: 22-05-2026
- Datum uitspraak: 18-05-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:12
De kamer voor het notariaat Den Haag heeft een tegen haar wrakingskamer gericht wrakingsverzoek op grond van artikel 2 lid 2 van het Wrakingsprotocol kamers voor het notariaat ter behandeling doorgeleid naar de kamer voor het notariaat ’s-Hertogenbosch.De wrakingskamer van de kamer voor het notariaat ’s-Hertogenbosch heeft het vervolgens tegen haar gerichte wrakingsverzoek buiten behandeling gesteld, omdat de verzoeker evident misbruik maakt van het wrakingsinstrument, met het kennelijke doel de voortgang van de procedure te frustreren. Om die reden heeft de wrakingskamer ’s-Hertogenbosch ook bepaald dat een volgend verzoek tot wraking van haar tuchtrechters niet meer in behandeling zal worden genomen.Het tegen de wrakingskamer Den Haag gerichte wrakingsverzoek is deels niet-ontvankelijk verklaard en voor het overige afgewezen. Verder heeft de wrakingskamer ’s-Hertogenbosch bepaald dat ook een volgend wrakingsverzoek tegen de leden van de wrakingskamer Den Haag niet meer in behandeling zal worden genomen wegens misbruik van dit middel.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:11 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/48
- Datum publicatie: 15-05-2026
- Datum uitspraak: 04-05-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:11
De klager verwijt de kandidaat-notaris dat hij op verzoek van een hypotheekhouder een valse verklaring heeft opgesteld over de totstandkoming van een hypotheekakte die hij heeft gepasseerd. De hypotheekhouder beroept zich op deze verklaring in een civiele procedure tegen de klager over de vraag wie recht heeft op de opbrengst van de veiling van de verhypothekeerde woning. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:10 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/37
- Datum publicatie: 21-04-2026
- Datum uitspraak: 13-04-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:10
Levering woning aan klager in kader van AB-BC-transactie, die in “omgekeerde volgorde” is gepasseerd. Kandidaat-notaris heeft niet met vereiste zorgvuldigheid gehandeld door in akte van levering op te nemen dat de kosten voor rekening van koper komen, terwijl in koopovereenkomst was bepaald dat deze voor rekening van verkoper zouden komen. Ook niet naar behoren voldaan aan voorlichtingsplicht, die tot de essentie van het notariële ambt behoort en als een integraal onderdeel van het passeren van de akte moet worden beschouwd en eens te meer geldt als het gaat om een transactie die afwijkt van wat gebruikelijk is. Nu eerst de akte B-C en daarna de akte A-B is gepasseerd, hingen beide leveringen nauw met elkaar samen; als bij één van die transacties een kink in de kabel zou komen, zou dit gevolgen (kunnen) hebben voor de andere transactie. Klager hoefde daar niet op bedacht te zijn en de kandidaat-notaris wist dat B de koopsom die klager naar zijn derdengeldenrekening had overgemaakt, nodig had om op haar beurt de koopsom aan A te kunnen voldoen. Daarom is de kamer van oordeel dat het in de gegeven omstandigheden op de weg van de kandidaat-notaris had gelegen om klager er voor het passeren van de akte B-C over te informeren dat die transactie onderdeel uitmaakte van een AB-BC-transactie waarbij de akten in omgekeerde volgorde werden gepasseerd. De kandidaat-notaris had de beoogde gang van zaken daarbij kunnen toelichten en klager kunnen informeren over de daaraan verbonden risico’s en de mogelijkheden om deze te ondervangen. Zulke informatie valt naar het oordeel van de kamer niet onder de geheimhoudingsplicht. Daarnaast is het de taak van de notaris om vóór de ontvangst van derdengelden zo helder mogelijk met de betrokken partijen af te spreken onder welke voorwaarden welk bedrag aan welke partij zal worden uitbetaald. Op de notaris rust een zwaarwegende zorgplicht met betrekking tot het beheer en de uitbetaling van derdengelden. Door het ontbreken van deze afspraken liepen de bij deze transactie betrokken partijen het risico dat bij een gebrek in de transactie A-B of B-C onduidelijkheid zou ontstaan over welke partij recht zou hebben op uitbetaling. Waarschuwing en proceskostenveroordeling.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:1 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE-2025-19
- Datum publicatie: 10-02-2026
- Datum uitspraak: 26-01-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:1
Klaagster en haar ex-echtgenoot zijn gescheiden. Tot de ontbonden huwelijksgoederengemeenschap behoorde onder andere de voormalige echtelijke woning. In hoger beroep heeft het gerechtshof ’s-Hertogenbosch geoordeeld dat de woning aan de ex-echtgenoot moet worden geleverd. De notaris heeft de akte van verdeling gepasseerd, waarbij de woning is geleverd aan de ex-echtgenoot. Klaagster verwijt de notaris in de kern dat hij onzorgvuldig en partijdig heeft gehandeld rondom de totstandkoming van die akte. Dat klachtonderdeel is ongegrond verklaard. Bij het tweede klachtonderdeel (over een fout in de hypotheekakte van de ex-echtgenoot) heeft klaagster geen redelijk belang. Dat klachtonderdeel is daarom niet-ontvankelijk verklaard.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2025:9 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2024/33
- Datum publicatie: 22-05-2025
- Datum uitspraak: 19-05-2025
- ECLI:NL:TNORSHE:2025:9
De klacht gaat over een op het laatste moment aangebrachte verandering in de door de kandidaat-notaris voorbereide akte van levering. De klacht is niet-ontvankelijk verklaard, voor zover deze een verzoek inhoudt om de kandidaat-notaris ertoe te zetten om de akte van levering aan te passen. Aangezien de kandidaat-notaris, alle omstandigheden van dit geval in aanmerking genomen, voldoende alert is geweest op haar informatieverplichting naar klager toe, is de klacht voor het overige ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2025:8 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2024/30
- Datum publicatie: 17-04-2025
- Datum uitspraak: 14-04-2025
- ECLI:NL:TNORSHE:2025:8
Klaagster, die handelt voor zich in privé en als bestuurder van de VvE hoofdsplitsing, verwijt de notaris dat hij partijdig handelt door met een beroep op zijn geheimhoudingsplicht te weigeren om inzage te verlenen in de verklaring van de VvE ondersplitsing die is gehecht aan de akte van levering ten aanzien van een (onder)appartementsrecht. Voor zover klaagster voor zich in privé handelt, ontbreekt een redelijk belang en is de klacht niet-ontvankelijk. De klacht is ongegrond voor zover klaagster handelt in haar hoedanigheid van bestuurder van de VvE hoofdsplitsing. De kamer stelt voorop dat de verklaring van de VvE ondersplitsing enkel de partijen bij de akte van levering en de VvE ondersplitsing bindt en geen werking heeft tegenover derden zoals de VvE hoofdsplitsing. Wie namens het bestuur van de VvE ondersplitsing de verklaring heeft afgelegd en hoe deze tot stand is gekomen, is vertrouwelijke informatie die onder de geheimhoudingsplicht van de notaris valt. De notaris beroept zich jegens klaagster q.q. dus terecht op zijn geheimhoudingsplicht.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2025:7 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2024/27
- Datum publicatie: 17-04-2025
- Datum uitspraak: 14-04-2025
- ECLI:NL:TNORSHE:2025:7
Wijziging huwelijkse voorwaarden: klacht ingediend nadat door echtscheiding vragen waren gerezen over de wijziging. De gevolgen van de akte waren redelijkerwijs bekend vanaf het moment van passeren daarvan. Klacht niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de klachttermijn.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2025:6 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2024/21
- Datum publicatie: 20-03-2025
- Datum uitspraak: 17-03-2025
- ECLI:NL:TNORSHE:2025:6
De notaris heeft onvoldoende zorgvuldig gehandeld door bij de totstandkoming van erflaters testament en de daarbij behorende beoordeling van de wilsbekwaamheid van erflater op verschillende vlakken onvoldoende regie te voeren. Zonder erflater te hebben gesproken heeft de notaris het onderzoek naar de wilsbekwaamheid van erflater aan (de echtgenoot van) klagers zus overgelaten die een eigen belang had bij de onterving van klager. Vervolgens heeft de notaris verzuimd de valse start te herstellen door alsnog deugdelijk onderzoek te doen naar de aan de arts gegeven opdracht en de aspecten die de arts daarbij in zijn advies heeft kunnen betrekken. Ook heeft de notaris zich afhankelijk gemaakt van het moment dat (de echtgenoot van) klagers zus de benodigde verklaring van de arts aan haar verstrekte. Een zorgvuldige afhandeling van een verzoek van erflater tot wijziging van zijn testament is hierdoor onder tijdsdruk komen te staan, waarbij het nog maar de vraag is of die tijdsdruk er in objectieve zin ook was. De klacht wordt in zoverre gegrond verklaard. Aan de notaris wordt de maatregel van berisping opgelegd.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2025:5 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2024/25
- Datum publicatie: 20-03-2025
- Datum uitspraak: 17-03-2025
- ECLI:NL:TNORSHE:2025:5
De klacht gaat over de verkoop en levering van een bedrijfswoning door de moeder van klaagster aan de jongste zus van klaagster, waarbij de oud-notaris betrokken was. De kamer is van oordeel dat de oud-notaris voldoende onderzoek heeft gedaan naar de koopprijs in de onderhavige familiaire transactie door uit te gaan van een actueel taxatierapport en de getaxeerde waarde te vergelijken met de op dat moment geldende WOZ-waarde. Van een (door het opstellen/passeren van de koopakte en de akte van levering) meewerken aan een constructie waarbij de zus werd bevoordeeld en moeder (en daarmee klaagster als toekomstig erfgename van moeder) werd benadeeld is niet gebleken. De klacht wordt daarom ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2025:4 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2024/28
- Datum publicatie: 20-03-2025
- Datum uitspraak: 17-03-2025
- ECLI:NL:TNORSHE:2025:4
Klacht over beoordeling wilsbekwaamheid van twee (hoog)bejaarde testatrices. Ontvankelijkheid (redelijk belang). Beroep op geheimhoudingsplicht. Notaris is met instemming van klagers buiten hun aanwezigheid gehoord en heeft daarbij stukken ter inzage gegeven aan de kamer. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2025:3 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2024/23
- Datum publicatie: 17-03-2025
- Datum uitspraak: 17-03-2025
- ECLI:NL:TNORSHE:2025:3
De notaris heeft, in zijn hoedanigheid van executeur, een vrij overzichtelijke nalatenschap bijna tien jaar op zijn beloop gelaten. Hij heeft de twee goede doelen, die erflater tot zijn enige erfgenamen had benoemd, nooit geïnformeerd over het openvallen van de nalatenschap en in al die jaren nauwelijks iets gedaan om uitvoering te geven aan de laatste wil van erflater. Zo heeft de notaris diens inboedel, auto en woning laten verloederen en zelfs geen actie ondernomen toen hij er jaren geleden mee bekend werd dat de woning was gekraakt. De kamer heeft de notaris voorgehouden dat de indruk bestaat dat hij in deze zaak telkens als een struisvogel de kop in het zand heeft gestoken om zijn nalaten niet onder ogen te hoeven zien. Door zijn jarenlange nalaten en door ook niet (tijdig) te reageren op brieven van het ministerie, van de gemeente, van het BFT en van de kamer heeft de notaris er telkens blijk van gegeven voor zijn verantwoordelijkheid weg te lopen. Een eerder aan de notaris opgelegde tuchtmaatregel heeft niet geleid tot de daarmee beoogde gedragsverandering. Bij de kamer ontbreekt ieder vertrouwen dat de notaris in de toekomst niet op vergelijkbare wijze zal “weglopen” voor zijn verantwoordelijkheid. De kamer komt tot de slotsom dat het ter bescherming van het maatschappelijke vertrouwen in de zorgvuldige vervulling van het notarisambt noodzakelijk is om aan de notaris de tuchtmaatregel van ontzetting uit het ambt op te leggen.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2025:23 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/39 en SHE/2025/55
- Datum publicatie: 17-02-2026
- Datum uitspraak: 17-12-2025
- ECLI:NL:TNORSHE:2025:23
Verzet tegen voorzittersbeslissing niet-ontvankelijk. Kamer oordeelt dat verzet één dag te laat is ingesteld en dat termijnoverschrijding niet verschoonbaar is.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2025:22 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/14
- Datum publicatie: 06-01-2026
- Datum uitspraak: 17-12-2025
- ECLI:NL:TNORSHE:2025:22
De notaris heeft van een beslaglegger opdracht gekregen om het pand van klager te executeren (veilen). Op de dag dat het pand in eigendom is overgegaan naar de veilingkoper heeft dezelfde beslaglegger executoriaal derdenbeslag gelegd onder (het kantoor van) de notaris op de aan klager toekomende veilingopbrengst van het pand. Klager maakt de notaris in deze tuchtprocedure drie verwijten, namelijk 1. het tegen klagers wil uitbetalen van de veilingopbrengst aan de deurwaarder, 2. de niet adequate en/of niet tijdige informatieverstrekking en het traineren van de afwikkeling van het derdenbeslag en 3. de onheuse wijze waarop hij klager op 19 maart 2025 heeft behandeld. De kamer heeft de klacht ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2025:21 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/66
- Datum publicatie: 05-01-2026
- Datum uitspraak: 19-12-2025
- ECLI:NL:TNORSHE:2025:21
De kamer heeft de uitoefening door de kandidaat-notaris van haar drie nevenbetrekkingen, die allemaal samenhangen met haar belegging in de 13 bedrijfspanden, ongewenst verklaard (artikel 11 lid 2 Wna).
-
ECLI:NL:TNORSHE:2025:20 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/16
- Datum publicatie: 03-12-2025
- Datum uitspraak: 24-11-2025
- ECLI:NL:TNORSHE:2025:20
Vanuit Nederland naar België geëmigreerde klagers vragen advies over wijziging van hun testamenten. Notaris adviseert hen daarover (ook) contact op te nemen met een notaris in België. Klacht over ontbreken van vereiste kennis en kunde en declaratie wordt ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2025:2 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2024/22
- Datum publicatie: 27-01-2025
- Datum uitspraak: 20-01-2025
- ECLI:NL:TNORSHE:2025:2
Ontvankelijkheid: klachttermijn en redelijk belang. Klacht over schending informatieplicht bij akte van geldlening. Deze was verstrekt door een B.V. die door de vader van klager en diens tweede echtgenote was opgericht met het oog op het verstrekken van die lening. Na het overlijden van vader heeft klager de klacht ingediend in verschillende hoedanigheden. Als opvolgend bestuurder van de B.V. oordeelt de kamer dat de klachttermijn is verstreken, ook als ervan uit wordt gegaan dat vader ten tijde van het passeren van de akte niet wilsbekwaam was en – als potentiële klager – niet in staat was een klacht in te dienen. Voor zover klager de klacht heeft ingediend als zoon en als executeur/afwikkelingsbewindvoerder van de nalatenschap van vader en van klagers nadien overleden broer (die erfgenaam is in de nalatenschap van vader) oordeelt de kamer dat klager niet als belanghebbende kan worden aangemerkt. Klacht niet-ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2025:19 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/28
- Datum publicatie: 03-12-2025
- Datum uitspraak: 24-11-2025
- ECLI:NL:TNORSHE:2025:19
De klagers (dochter en zoon van erflater en tweede echtgenote van erflater) verlenen volmacht aan de notaris voor lichte vereffening van positieve nalatenschap en afwikkeling van beperkte gemeenschap van goederen. Niet gebleken dat zaak ingewikkeld was of dat sprake was van (langdurige) onenigheid of gevoeligheid. De notaris is tuchtrechtelijk verantwoordelijk voor de werkzaamheden die zijn medewerkers in dit dossier hebben verricht. Klacht (gedeeltelijk) gegrond: - onvoldoende zorgvuldig gehandeld bij (beoogde) terugbetaling van onverschuldigd betaalde overlijdensuitkering aan de werkgever van erflater en onvoldoende communicatie daarover met de klagers; - excessief declareren door een aanzienlijk aantal werkzaamheden dubbel (en soms driedubbel) in rekening te brengen; - schending zorgplicht door klagers een betalingstermijn van slechts zeven dagen te geven om de (buiten hun schuld en medeweten) ontstane betalingsachterstand te voldoen, waarbij is gedreigd met het nemen van stappen om openstaande facturen te incasseren; - moeizame overdracht van het dossier nadat de klagers hun volmachten hadden ingetrokken. Berisping en besluit tot openbaarheid van de maatregel met proceskostenveroordeling.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2025:18 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/24
- Datum publicatie: 01-12-2025
- Datum uitspraak: 24-11-2025
- ECLI:NL:TNORSHE:2025:18
De moeder van klager heeft in haar testament de kandidaat-notaris met de meeste werkjaren binnen het kantoor van de notaris benoemd tot executeur/afwikkelingsbewindvoerder in haar nalatenschap. Na moeders overlijden heeft deze kandidaat-notaris de benoeming aanvaard en meteen daarna een andere executeur/afwikkelingsbewindvoerder in haar plaats gesteld. Klager verwijt (het kantoor van) de notaris betrokken te zijn bij deze onrechtmatige en onredelijke indeplaatsstelling.De kamer heeft de klacht tegen het notariskantoor niet-ontvankelijk verklaard. De klacht tegen de notaris is gegrond verklaard voor zover het gaat om de schending van haar zorgplicht tegenover klager en het onvoldoende bewaken van haar onafhankelijke positie. Aan de notaris wordt een berisping opgelegd.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2025:17 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2024/32 en SHE/2025/08
- Datum publicatie: 24-10-2025
- Datum uitspraak: 19-05-2025
- ECLI:NL:TNORSHE:2025:17
De klacht gaat over de verkoop en economische levering van het appartement van klagers moeder in 2016 en het in 2017 gepasseerde levenstestament van klagers moeder. De voorzitter van de kamer heeft geoordeeld dat de klacht te laat is ingediend en heeft de klacht daarom wegens niet-ontvankelijkheid terstond afgewezen (SHE/2024/32). Klager heeft verzet ingesteld tegen de voorzittersbeslissing. De kamer heeft dit verzet ongegrond verklaard (SHE/2025/8).
-
ECLI:NL:TNORSHE:2025:16 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/05 en 06
- Datum publicatie: 07-10-2025
- Datum uitspraak: 29-09-2025
- ECLI:NL:TNORSHE:2025:16
Klager is bij arrest veroordeeld om mee te werken aan de doorhaling van het/de ten behoeve van klaagster gevestigde hypotheekrecht(en). De toegevoegd notaris en de notaris hebben werkzaamheden verricht ten behoeve van de doorhaling. Klagers verwijten de notarissen dat zij daarbij hebben gehandeld in strijd met diverse op hen rustende plichten. De klachten worden ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2025:15 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/12
- Datum publicatie: 07-10-2025
- Datum uitspraak: 29-09-2025
- ECLI:NL:TNORSHE:2025:15
Klagers 1 en 2 verwijten de notaris dat hij tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld omdat hij:1. een kwalitatieve verplichting in een splitsingsakte heeft opgenomen die in strijd is met artikel 6:252 lid 1 BW;2. deze verplichting vervolgens niet heeft opgenomen in de door hem verleden leveringsaktes. Klager 2 wordt niet ontvankelijk verklaard in de klacht, omdat hij deze niet tijdig heeft ingediend. De klacht van klager 1 wordt ongegrond verklaard.
- Pagina: 1
- Pagina: 2
- ...
- Pagina: 95
- Volgende pagina zoekresultaten